vrijstaande koelkasten
met dynamische koeling
K 3416 SD
K 3514 SD
K 3516 SD
Lees absoluut uw gebruiksaanwijzing voor
u het toestel installeert en in gebruik neemt.
Daardoor zorgt u voor uw eigen veiligheid
en vermijdt u schade aan het apparaat.
a Knop aan/uit en temperatuurregeling
b Toets voor dynamische koeling
d Ventilator voor dynamische koeling
e Boter- en kaasvak
f Eierrekje
g Binnenverlichting
h Legplaat
i Flessenrek (volgens het model)
j Deurrek
k Gootje en afvoeropening voor het
dooiwater
l Fruit- en groentebakken
m Flessenhouder (volgens het model)
c Controlelampje dynamische koeling
3
Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu
Recycleerbare verpakking
De verpakking behoedt het toestel voor
transportschade. Er werd materiaal ge
kozen, dat door het milieu wordt verdra
gen en opnieuw kan worden benut.
Door de verpakking weer in kringloop
te brengen, wordt er grondstof ge
spaard en verkleint de afvalberg. Geef
deze stoffen dus niet met het gewone
vuilnis mee. Breng ze liever naar het
dichtstbijzijnde gemeentelijk container
park. Waar u dat vindt, komt u zeker bij
uw gemeentebestuur aan de weet.
-
Berging van uw oud toestel
Bij de aankoop van uw nieuw toestel
heeft u een bijdrage betaald. Die wordt
volledig gebruikt voor de toekomstige
recyclage van dat toestel. Dat bevat
trouwens nog waardevol materiaal.
Door te recycleren wordt er dan ook
minder verspild en vervuild.
Als u vragen heeft omtrent het afdan
ken van uw oud toestel, neem dan con
tact op met
de handelaar bij wie u het kocht
–
of
– de firma Recupel,
telefoon 02 706 86 10,
website: www.recupel.be
of
– uw gemeentebestuur als u uw toestel
naar een containerpark brengt.
Zorg er ook voor dat het toestel intussen kinderveilig wordt bewaard voor u
het laat wegbrengen. Hou dus rekening
met de gelijknamige rubriek in de "Op
merkingen omtrent uw veiligheid".
-
-
-
4
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
Dit toestel voldoet aan de voorge
schreven veiligheidsvoorschriften.
Bij ondeskundig gebruik kan de ge
bruiker gevaar lopen en het toestel
beschadigd worden.
Lees aandachtig uw gebruiksaanwij
zing voor u het toestel in gebruik
neemt. U vindt er belangrijke opmer
kingen omtrent het inbouwen, de
veiligheid, het gebruik en het onder
houd van het toestel. Zo beschermt
u zichzelf en vermijdt u schade aan
het apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing
zorgvuldig. Geef ze door aan wie
het toestel achteraf gebruikt.
Het toestel juist gebruiken
Gebruik dit toestel uitsluitend in het
huishouden om levensmiddelen te
koelen en te bewaren.
Alle andere toepassingen zijn ongeoorloofd en misschien ook wel gevaarlijk.
De fabrikant kan niet aansprakelijk zijn
voor schade die werd veroorzaakt door
dat het toestel niet correct gebruikt of
verkeerd bediend werd.
Technische veiligheid
Dit toestel bevat het koelmiddel
isobutaan R600a. Dat is een na
tuurlijk gas dat heel weinig milieubelas
tend is. Het is evenwel brandbaar. Het
brengt echter geen schade toe aan de
ozonlaag. Het vergroot evenmin het
broeikaseffect.
-
-
-
-
Door dit milieuvriendelijk koelmiddel toe
te passen maakt het toestel wel iets
meer lawaai. Naast het geluid dat de
compressor maakt, kan er in heel het
koelcircuit lawaai optreden. Deze ge
volgen zijn jammer genoeg niet te ver
mijden. Ze beïnvloeden echter niet het
vermogen van het toestel.
Bij het transport en opstellen van het
toestel dient u ervoor te zorgen dat er
geen onderdelen van het koelmiddelcir
cuit worden beschadigd. Wegspattend
koelmiddel kan oogletsels veroorzaken!
Is er toch schade opgetreden,
– vermijd dan open vuur of vonken,
– trek de stekker uit het stopcontact,
– laat het vertrek waar het toestel staat,
enkele minuten doorluchten
– en verwittig de Technische Dienst.
Hoe meer koelmiddel het toestel
bevat, hoe groter het vertrek moet
zijn, waar het opgesteld wordt. Treedt
er eventueel een lek op, dan kan er in
te kleine vertrekken een brandbaar
gas-luchtmengsel worden gevormd.
Per 8 g koelmiddel dient het vertrek
minstens 1 m
koelmiddel het toestel bevat, vindt u op
het typeplaatje aan de binnenzijde.
Vergelijk voor het aansluiten van
het toestel beslist de aansluitgege
vens op het typeplaatje met de gege
vens van uw huisinstallatie. Het gaat
hier over de spanning en de frequentie.
Deze gegevens moeten absoluut over
eenstemmen om schade aan uw toestel
te vermijden. Vraag bij twijfel inlichtin
gen aan uw installateur.
3
ruim te zijn. Hoeveel
-
-
-
-
-
-
-
5
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
De elektrische veiligheid van dit
toestel wordt enkel gewaarborgd
indien het op een aardsysteem is aan
gesloten, dat volgens de voorschriften
werd geïnstalleerd. Het is heel belang
rijk dat deze fundamentele veiligheids
voorziening voorhanden is. Laat uw in
stallatie bij twijfel door een vakman
nakijken.
De fabrikant kan niet aansprakelijk zijn
voor schade die werd veroorzaakt door
dat de aardleiding onderbroken was of
gewoon ontbrak. Er zijn dan ook elektri
sche schokken mogelijk.
Het toestel kan enkel veilig werken
indien u het volgens de gebruiksaanwijzing monteert en aansluit.
Indien u dit toestel niet op een vas-
te plaats inbouwt en monteert, bv.
op een schip, laat dit karwei dan enkel
uitvoeren door vakmensen. Die moeten
ervoor zorgen dat u het toestel veilig
kan gebruiken.
Installatiewerk en herstellingen
mag u enkel door erkende vak
mensen laten uitvoeren. Door ondes
kundige installaties of reparaties kun
nen er niet te onderschatten risico’s op
duiken voor wie het toestel gebruikt.
Daarvoor is de fabrikant niet aanspra
kelijk.
Het toestel is pas stroomloos
indien aan een van de volgende
voorwaarden is voldaan:
–
u hebt de stekker van het toestel uit
het stopcontact getrokken.
Trek niet aan het snoer, wel aan de
stekker om het toestel stroomloos te
maken.
-
-
-
-
u hebt de smeltveiligheden van de
–
huisinstallatie uitgeschakeld.
-
-
-
-
Gebruik om het toestel op het
stroomnet aan te sluiten, geen ver
lengsnoeren. Die waarborgen niet de
nodige veiligheid. Er is risico op over
verhitting.
Gebruik
-
-
-
Bewaar in uw toestel geen explo
sieve stoffen. Zodra de thermostaat
inschakelt, kunnen er dan vonken ont
staan. Die kunnen bepaalde vonkge
voelige mengelingen doen ontploffen.
Alcohol met hoog gehalte mag u
enkel goed afgesloten en rechtop
in het koelzone bewaren. Er is anders
explosiegevaar!
Zo u te lang bewaarde levensmid-
delen eet, loopt u het risico van
voedselvergiftiging.
De bewaarduur hangt van veel factoren
af. Onder meer van de mate waarin de
levensmiddelen vers en degelijk zijn,
maar ook van de bewaartemperatuur.
Hou de bewaartips en de opgegeven
bewaarduur van de voedselfabrikanten
in acht!
Gebruik geen spitse noch scherpe
voorwerpen om
–
rijm- en ijslagen te verwijderen,
–
aangevroren ijsblokjesschalen en
diepvrieswaar los te maken.
Zo beschadigt u de vriesplaten en raakt
het toestel volledig defect.
-
-
-
-
-
6
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
Zet nooit elektrische verwarmings
apparaten noch kaarsen in het toe
stel. Anders gaat de kunststof stuk.
Gebruik nooit ontdooisprays of
ijsverwijderende middelen. Die
kunnen explosieve gassen vormen, die
oplosmiddel of drijfgas bevatten of uw
gezondheid kunnen schaden.
Behandel de deurdichting niet met
olie of vet. Anders wordt die op de
duur poreus.
Dek de ventilatieroosters van het
toestel niet af. Anders is er geen
onberispelijke luchttoevoer meer ge
waarborgd. Het stroomverbruik stijgt en
er kan schade optreden aan bepaalde
onderdelen.
Dit toestel is geschikt voor een be-
paalde klimaatklasse of categorie
van omgevingstemperatuur. Die temperatuur dient binnen zekere grenzen te
blijven. De klimaatklasse vindt u terug
op het typeplaatje binnen in het toestel.
Door te lage kamertemperaturen blijft
de compressor te lang stilstaan. Daar
door kan het toestel de noodzakelijke
temperatuur niet bieden.
-
-
Uw oud toestel afdanken
-
Verniel het slot van uw oude koel
kast of diepvriezer wanneer u die
buiten gebruik stelt. Zo vermijdt u dat
spelende kinderen zich in het toestel
opsluiten en in levensgevaar komen.
Maak oude toestellen onbruikbaar.
Trek de stekker uit het stopcontact
en knip het aansluitsnoer door.
Zorg dat u geen onderdelen van
het koelcircuit beschadigt, b.v.
door:
de koelmiddelkanaaltjes van de ver
–
damper open te steken,
– de buisleidingen af te knikken of
– oppervlakbekledingen af te krabben.
Wegspuitend koelmiddel kan oogletsels
tot gevolg hebben.
De fabrikant is niet aansprakelijk
voor schade die werd veroorzaakt
doordat de veiligheidsbepalingen en
waarschuwingen niet in acht werden
genomen.
-
-
Gebruik om uw toestel te ontdooien
en schoon te maken in geen geval
een toestel met stoom onder druk.
De stoom kan onderdelen aanraken,
die onder spanning staan. Zo kan er
kortsluiting optreden.
7
Het toestel in- en uitschakelen
Voor het eerste gebruik
Maak de binnenruimte en het toebe
^
horen schoon. Gebruik daar lauw wa
ter voor en wrijf daarna alles met een
doek droog.
-
Het toestel inschakelen
^ Draai de knop aan/uit met een geld-
stuk naar rechts van de stand ‘0’
weg.
Draai deze knop enkel tot aan de
aanslag. Draai vandaar weer terug.
Anders maakt u hem stuk.
Het toestel begint te koelen en het licht
in de koelruimte gaat aan telkens als de
toesteldeur opengaat.
Bij langdurige afwezigheid
Zo u het toestel lange tijd niet gebruikt:
schakel het toestel uit,
^
trek de stekker uit het stopcontact,
^
maak het toestel schoon,
^
laat de toesteldeur op een kier om
^
reukhinder tegen te gaan.
Werd het toestel bij langdurige afwe
zigheid uitgeschakeld, maar niet
schoongemaakt? In zo’n geval is er
risico op schimmelvorming zo de
toesteldeur gesloten blijft.
-
Het toestel uitschakelen
^
Draai de knop aan/uit met een geld
stuk naar links in de stand ‘0’.
De koeling en de verlichting worden uit
geschakeld.
8
-
-
De juiste temperatuur
Voor het bewaren van levensmiddelen
is het van groot belang de juiste tempe
ratuur in te stellen. Door micro-organis
men bederft eetwaar namelijk gauw.
Door een juiste bewaartemperatuur kan
dat proces evenwel worden vermeden
of vertraagd. De temperatuur heeft in
vloed op de snelheid waarmee de mi
cro-organismen aangroeien. Hoe lager
de temperatuur, hoe trager dat proces.
Daarom bevelen wij een koeltempera
tuur van 5 °C in het midden van het
toestel aan.
De temperatuur in het toestel loopt op
naarmate
– u de toesteldeur vaker opent en
langer laat openstaan,
– u meer eetwaar in het toestel be-
waart,
– de vers geplaatste eetwaar warm is,
– de omgevingstemperatuur rond het
toestel hoger ligt.
Dit toestel is geschikt voor een be-
paalde klimaatklasse of categorie
van omgevingstemperatuur. Die tem
peratuur dient binnen zekere gren
zen te blijven.
-
-
-
De temperatuur instellen
De temperatuur kan u met de tempera
tuurregelknop instellen.
Draai de temperatuurregelknop met
^
-
een geldstuk naar rechts in een be
paalde stand.
Draai deze knop enkel tot aan de
aanslag. Draai vandaar weer terug.
Anders maakt u hem stuk.
Hoe hoger de stand, hoe lager de temperatuur in het toestel.
Aanbevolen wordt een stand ergens in
het midden.
-
-
-
9
Dynamische koeling
Dynamische koeling m
Dankzij de dynamische koeling wordt
de temperatuur over alle legplaten vrij
gelijkmatig verdeeld. Al de eetwaar in
de koelruimte is zowat even koud. U
kan de temperatuur ook nog steeds
regelen met de temperatuurregelknop.
Het verdient aanbeveling de dynami
sche koeling in te schakelen bij
hoge omgevingstemperatuur (vanaf
–
ca. 30 °C) en
hoge luchtvochtigheid.
–
De dynamische koeling inschakelen
^ Druk op de toets voor dynamische
koeling m zodat het controlelampje
aangaat.
De dynamische koeling uitschakelen
Is de dynamische koeling ingeschakeld, dan ligt het stroomverbruik wat
hoger. Schakel ze dus uit zodra de omgevingstemperatuur onder de 30 °C
zakt en de luchtvochtigheid weer nor
maal is.
^
Druk op de toets voor dynamische
koeling m zodat het controlelampje
uitgaat.
-
-
10
De levensmiddelen zinvol schikken
Wegens de natuurlijke luchtcirculatie
komen er in de koelzone verschillende
temperaturen aan bod. Koude, zware
lucht zakt naar onderen in het toestel.
Benut deze temperatuurverschillen
bij het schikken van levensmid
delen!
De koudste zones bevinden zich aan
achterwand en boven de groentebak
ken. Benut deze laatste zone voor eet
waar die makkelijk bederft. Bv. vlees,
worst en vis.
De warmste zone vindt u helemaal boven aan de deur. Gebruik deze zone
om boter te bewaren, die smeerbaar
moet blijven. U kan daar ook kaas leggen zodat het aroma wordt bewaard.
-
-
Aanbevolen schikking
Plaats op de legroosters / legplaten
^
van boven naar onder:
gebak, kant-en-klaargerechten, zui
vel, vlees, vis en worst.
In de groentebakken schikt u sla,
^
groente en fruit.
Sommige fruit- en groentesoorten
bewaart u beter niet samen in de
-
zelfde bak. Door uitwasemingen van
natuurlijk gas wordt de houdbaar
heid van andere levensmiddelen im
mers beïnvloed. Voorbeelden daar
van vindt u onder ‘Koelen en
bewaren’.
^ In de toesteldeur legt u van boven
naar onder:
boter, kaas, blikjes, flesjes, tubes,
grote flessen, kartonnetjes fruitsap en
melk.
Bewaar tafelolie liever niet in de
deur van de koelkast. Eventueel ge
morste olie kan op den duur scheur
tjes veroorzaken in de kunststof.
-
-
-
-
-
-
-
11
De binnenruimte aanpassen
De legplaten verplaatsen
De legplaten kan u volgens de hoogte
van de recipiënten verplaatsen.
Trek de plaat tot aan de aanslag naar
^
voren en til ze vooraan op om ze uit
te nemen.
Zet de legplaat er met de achterste
^
opstaande rand naar boven toe op
de gewenste plaats weer in.
Die opstaande rand dient naar boven
te wijzen opdat de eetwaar de rug
wand niet aanraakt noch eraan vast
vriest.
Legplaat in 2 delen
Om hoge recipiënten en flessen te
plaatsen, is er een legplaat in 2 delen.
^ Til het voorste halve deel vooraan
lichtjes op. Schuif het voorzichtig onder het achterste halve deel.
Deur- en flessenrekken ver
plaatsen
Schuif het rek naar boven toe en
^
neem het er naar voren uit.
Zet het rek er naar believen weer er
^
gens in. Druk het juist en stevig op
de nokken.
De flessenhouder verschuiven
De flessenhouder kan u naar links of
rechts verschuiven. Daardoor hebben
de flessen bij het openen en sluiten van
de toesteldeur meer houvast.
-
-
12
Levensmiddelen koelen en bewaren
Belangrijke tips
Benut steeds de temperatuurver
schillen bij het bewaren van eetwaar.
Hou de aanbevelingen omtrent de
schikking in acht!
De eetwaar mag de rugwand niet
–
aanraken. Die kan eraan vastvriezen.
Bewaar geen explosieve stoffen
–
noch producten met brandbaar drijf
gas (bv. slagroom- en spraybussen)
in de koelkast. Ontploffingsgevaar!
Alcohol met een hoog gehalte mag u
–
enkel rechtop en goed dicht in het
toestel plaatsen.
– Laat warme spijs en drank eerst af-
koelen voor u ze in het toestel zet.
– Bewaar eetwaar enkel verpakt of met
een deksel erover. Zo vermijdt u
reukoverdracht en uitdroging.
Groente en fruit kan u wel onverpakt
bewaren in de groentebakken.
–
Leg de eetwaar niet te dicht bijeen.
Dan kan er lucht rond circuleren
–
Doe de deur steeds maar eventjes
open. Dan dringt er geen warmte
naar binnen en spaart u stroom!
-
Levensmiddelen die niet geschikt
zijn om te koelen
Niet alle levensmiddelen zijn geschikt
om in de koelkast te worden bewaard.
Dat is onder meer het geval voor:
Sommige vruchten wasemen een natuurlijk gas uit, dat het verouderingsproces versnelt. Sommige fruit- en groentesoorten zijn daar erg gevoelig aan.
Daarom zou u sommige fruit- en groentesoorten beter niet samen in de groentebak bewaren.
Voorbeelden van fruit dat heel wat
natuurlijke gassen verspreidt:
Terwijl de compressor draait, kunnen er
zich tegen de rugwand van de koelzo
ne rijm en waterdruppels vormen. Die
hoeft u niet te verwijderen. De koelzone
ontdooit immers automatisch.
Het dooiwater loopt via een geultje en
een afvoerbuisje naar de verdamper
aan de achterzijde van het toestel.
Zorg ervoor dat het dooiwater altijd
ongehinderd kan wegvloeien. Hou
het afvoergeultje en -buisje proper.
-
14
Gebruik nooit reinigingsmiddel met
zand, schurend middel, soda of
zuur, noch chemisch oplosmiddel.
Ongeschikt zijn ook zogenaamde
‘schuurmiddelvrije’ schuurmiddelen.
Die doen matte plekken opduiken.
Let erop dat er geen water terecht
komt in de elektronische bediening
noch in de verlichting.
Door het afvoergaatje voor het dooi
water mag u geen sop laten lopen.
Gebruik nooit stoomreinigers. De
stoom kan toestelonderdelen aanraken, die onder spanning staan. Er
kan dan kortsluiting optreden.
Het typeplaatje binnen in het toestel
mag u niet verwijderen. Bij een
eventuele storing heeft de Technische Dienst dat nodig!
Voor het schoonmaken
^
Schakel het toestel uit door de knop
aan/uit op ‘0’ te draaien.
^
Neem de eetwaar uit het toestel en
bewaar die op een koele plaats.
^
Neem alle onderdelen die u kan uit
nemen, uit om ze schoon te maken.
Schoonmaken
Buitenwanden, binnenruimte,
toebehoren
Om die schoon te maken gebruikt u het
best lauw water met wat afwasmiddel.
Was alle onderdelen met de hand af,
niet in de vaatwasser. Het botervlootje
kan u wel in de afwasautomaat zetten.
-
-
-
Maak de koelzone minstens eens per
^
maand schoon.
Maak het geultje voor het dooiwater
^
alsook het afvoerbuisje vaker schoon
met een staafje. Zo kan het dooiwater
steeds ongehinderd weglopen.
^ Spoel de buitenwanden, binnenruim-
ten en het toebehoren daarna met
helder water af. Wrijf alles met een
doek droog. Laat de toesteldeur even
openstaan.
Ventilatieroosters
^ Maak de ventilatieroosters geregeld
met een kwast of stofzuiger schoon.
Hoe meer stof erop ligt, hoe meer
stroom het toestel verbruikt.
Deurdichting
Behandel de deurdichting nooit met
olie of vet. Die wordt anders na ver
loop van tijd poreus.
^
Maak de deurdichting geregeld met
helder water schoon. Wrijf ze nadien
met een doek goed droog.
-
15
Schoonmaken
Achterzijde - metalen rooster
Stof het metalen rooster op de rugzij
^
de van het toestel (warmtewisselaar)
minstens eens per jaar af. Hoe meer
stof, hoe hoger het stroomverbruik!
Zorg er bij het schoonmaken van het
metalen rooster voor dat u geen
snoeren of andere onderdelen af
trekt, knikt of beschadigt.
Na het schoonmaken
Plaats alle onderdelen weer in het
^
toestel.
^ Schakel het toestel in met de knop
aan/uit.
^ Leg de levensmiddelen weer in het
toestel en sluit de toesteldeur.
-
-
16
Herstellingen aan elektrische toe
stellen mogen enkel en alleen door
een vakman worden uitgevoerd.
Door ondeskundige reparaties kun
nen er ernstige risico’s opduiken
voor wie het toestel gebruikt.
Volgende storingen kunt u echter zelf
verhelpen:
-
Wat gedaan als ...?
. . . het toestel niet koelt?
Zie na of de temperatuurregelknop
^
op een andere stand staat als ‘0’.
-
Zit de stekker van het toestel wel ste
^
vig in het stopcontact?
Zijn de smeltstoppen van uw huisin
^
stallatie niet uitgevallen? Zo dat het
geval is, doe dan een beroep op de
Technische Dienst van Miele.
-
-
Wat gedaan als . . .
. . . er na het inschakelen van het toe
stel, vooral na het eerste gebruik, on
gewone geluiden waar te nemen
zijn?
Schakel het toestel eerst uit om na te
gaan wat volgt:
^ Staat het toestel stevig en waterpas ?
^ Gaan de meubels naast het toestel
niet trillen als de compressor draait?
^ Kunnen alle onderdelen aan de ach-
terzijde van het toestel vrij bewegen?
^
Hebt u de snoerhouder van de rugzij
de verwijderd? Die kan anders trilge
luiden teweegbrengen.
^
Zitten de uitneembare onderdelen
juist in het toestel?
^
Kunnen flessen of recipiënten elkaar
niet raken?
Bedenk wel dat motor- en stromingsla
waai in het koudecircuit niet te ver
mijden valt.
-
. . . de temperatuur in de koelzone te
koud is?
-
-
Zet de temperatuurregelknop op een
^
kleiner getal.
. . . de compressor vaker en langer ingeschakeld wordt?
^ Zijn de ventilatieroosters niet geblok-
keerd of zitten ze niet onder het stof?
^ Zit het metalen rooster (warmtewisse-
laar) op de rugzijde van het toestel
niet onder het stof?
^
De toesteldeur werd vaak geopend.
-
^
Kan de toesteldeur wel goed dicht?
-
-
17
Wat gedaan als ...?
. . . de binnenverlichting in de koelzo
ne niet meer werkt?
Staat de temperatuurregelknop op
^
een andere stand dan ‘0’?
Zo ja, dan is het lampje defect.
Trek de stekker uit het stopcontact of
^
schakel de overeenkomstige smelt
stoppen uit.
^ Druk het lampdeksel samen zodat
het los raakt. Haak het achteraan uit.
^ Draai het lampje uit en vervang het.
-
Kan u de storing aan de hand van
deze aanwijzingen niet ongedaan
maken? Doe dan een beroep op de
Technische Dienst van Miele.
Maak de toesteldeur bij voorkeur
-
niet open tot de storing werd verhol
pen. Zo beperkt u koudeverlies.
-
Gegevens:
220 – 240 V, max. 25 W, fitting E 14
^
Draai de nieuwe lamp in. Zorg ervoor
dat de dichting goed zit.
^
Haak het lampdeksel achteraan en
opzij weer in.
. . . de bodem van de koelzone nat is?
Het afvoergaatje voor het dooiwater is
verstopt.
^
Maak het afvoergeultje en -buisje
voor het dooiwater schoon.
18
Neem in geval van storingen die u zelf
niet kan verhelpen, contact op met
uw Miele-handelaar
^
of
de Technische Dienst van Miele.
^
Het adres en de telefoonnummers van
onze Technische Dienst vindt u op de
rugzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Wanneer u daar een beroep op doet,
geef dan a.u.b. altijd het type- en het
machinenummer van uw toestel op.
Deze gegevens vindt u op het type
plaatje binnen in het toestel.
-
Technische dienst
19
Elektrische aansluiting
Dit toestel wordt aansluitklaar geleverd,
is dus voorzien van snoer en stekker.
Het apparaat is geschikt om te worden
aangesloten op eenfasige stroom
220 - 240 V, 50 Hz. Dit toestel mag en
kel op een degelijk geaard stopcontact
worden aangesloten.
Om de veiligheid te verhogen, verdient
het aanbeveling een verliesstroomscha
kelaar met een uitschakelstroom van
30 mA voor het toestel te schakelen.
U dient smeltveiligheden van 10 A te
voorzien.
Plaats het stopcontact naast of vlakbij
het toestel. Dat dient vlot toegankelijk te
zijn.
Gebruik geen verlengsnoeren om het
toestel op het stroomnet aan te sluiten.
Die waarborgen niet de nodige veiligheid. Er is risico van oververhitting.
-
-
Dient het aansluitsnoer te worden
vervangen, dan mag dat enkel worden
uitgevoerd door een erkend elektricien.
20
Zet boven op het toestel geen appa
raten die warmte afgeven, bv.
broodroosters of microgolfovens. Er
wordt dan meer stroom verbruikt!
Plaats van opstelling
Kies geen plaats vlak naast een fornuis,
een radiator of bij een venster vlak in
de zon. Hoe hoger de kamertempera
tuur oploopt, hoe langer de compressor
draait en hoe meer stroom er wordt ver
bruikt. Geschikt is een droog, degelijk
geventileerd vertrek.
Klimaatklasse
Dit toestel is geschikt voor een bepaalde klimaatklasse of categorie van
omgevingstemperatuur. Die temperatuur dient binnen zekere grenzen te blijven. De klimaatklasse vindt u terug op
het typeplaatje binnen in het toestel.
KlimaatklasseKamertemperatuur
SN
N
ST
T
+10 °C tot +32 °C
+16 °C tot +32 °C
+18 °C tot +38 °C
+18 °C tot +43 °C
Lagere kamertemperaturen doen de
compressor langer stilstaan. Dat kan de
temperatuur in het toestel doen stijgen.
Zo kan diepvrieswaar zelfs eventueel
lichtjes gaan ontdooien.
-
Opstellen
Ventilatie
Tegen de rugzijde van het toestel wordt
de lucht verwarmd. Daarom mag u de
ventilatieroosters niet afdekken. Dan
blijft een onberispelijke ventilatie ge
waarborgd.
Stof de ventilatieroosters ook geregeld
af.
Transportbeveiliging van het
deurhandvat
Als u de toesteldeur voor het eerst
opent, hoort u een knak. Dat betekent
dat de handgreep van de transport- in
de gebruiksstand valt. Nu staat het
handvat wat verder van het toestel weg
als tevoren.
Het toestel opstellen
^ Verwijder eerst de snoerhouder van
de achterzijde van het toestel.
^ Zie na of alle onderdelen aan de ach-
terzijde van het toestel vrij kunnen
bewegen. Buig ze eventueel voor
zichtig van mekaar weg.
^
Schuif het toestel voorzichtig op de
daartoe voorziene plaats.
-
-
21
Opstellen
Het toestel waterpas zetten
Zet het toestel aan de verstelbare
^
voetjes stevig waterpas. Gebruik
daartoe de bijgeleverde dopsleutel.
22
De deurscharnieren verwisselen
Uw toestel wordt geleverd met schar
nieren aan de rechterkant. Moet de
deur naar links opengaan, dan kan u
de scharnieren van kant verwisselen.
Maak de toesteldeur open.
^
^ Druk de sokkelplint a er met een
schroevendraaier uit en zwenk die
langs voren weg.
^
Druk het afdekplaatje b er met de
schroevendraaier uit. Doe de toestel
deur nu dicht.
^
Draai de schroef c uit.
-
^ Draai de bovenste scharniertap a
met de inbussleutel (deel van de bijgeleverde dopsleutel) uit. Draai de
tap aan de andere zijde van het toestel weer in.
^ Hef het afstandsstuk b met behulp
van een schroevendraaier uit. Zet alles terug aan de overkant.
-
^
Hef de dop c uit het gaatje voor de
scharniertap in de toesteldeur. Zet er
de dop aan de andere kant in.
^
Trek het scharnier d er met de
scharnierbout e langs onder uit,
zwenk het naar voren en neem het af.
^
Zet de toesteldeur open, kantel ze er
langs onderen uit en neem ze af.
^
Hang de toesteldeur in de scharnier
tap a, let intussen op het
afstandsringetje d en sluit de toe
steldeur.
-
-
23
De deurscharnieren verwisselen
Doe de toesteldeur open.
^
Laat de afdekplaatjes i vooraan
^
uitspringen en schuif ze opzij weg.
Schroef de handgreep van de deur
^
g af. Verwissel handgreep en dopjes
h van kant.
Schuif de afdekplaatjes i op. Druk
^
ze goed in hun uitsparing!
^ Draai het scharnier b 180°, trek de
scharniertap a eruit en zet de tap er
omgekeerd weer in.
^
Monteer beide delen in de scharnier
steun f. Daartoe schuift u de tap a
door de steun f in het scharnier b.
Zwenk het scharnier naar binnen toe,
schuif het omhoog en monteer het
voorlopig met schroef c.
^
Hang de deur nu keurig op één lijn
met de ommanteling van het toestel.
Gebruik daartoe het langwerpige
gaatje in de scharniersteun f. Draai
daarna schroef c aan.
^
Schuif de sokkelplint d op zijn plaats
en druk erop tot die vastzit.
^
Steek het afdekplaatje e bij open
deur vooraan in de sokkelplint en
druk het achteraan op zijn plaats.
24
-
Het toestel inbouwen
U kan het toestel in elke keuken inbouwen. Om het toestel aan de hoogte
van de rij kasten aan te passen, kan u
erboven een opzetkast a aanbrengen.
Ventilatie
Bij opstelling tussen standaardkeuken
kasten (diepte max. 580 mm) kan u het
toestel vlak naast de keukenkast
plaatsen. De toesteldeur springt dan
opzij 34 mm en in het midden 51 mm
naar voren in vergelijking met de voor
zijde van de keukenkast. Zo kan u de
toesteldeur onberispelijk openen en
sluiten.
Stelt u het toestel naast een wand c
op, dan is er aan de scharnierkant een
tussenafstand van ca. 36 mm vereist
om de toesteldeur - ter wille van het
handvat - volledig te kunnen openen.
Wenst u het toestel aan de keuken-
meubelen ernaast d te bevestigen of
afstandslijsten tussen toestel en wand
aan te brengen, let dan hierop:
^ Vergewis u ervan of de toesteldeur
na het bevestigen nog goed open
kan.
^ Bevestig het toestel met behulp van
plaatschroeven aan de keukenmeubelen. Draai de schroeven zeker nietdieper dan 10 mm in het toestel!
-
-
Daartoe voorziet u aan de achterzijde
van het toestel een minstens 50 mm
diep luchtkanaal.
Laat tussen kasten en plafond een
spleet van minstens 50 mm. Zo kan de
warme lucht ongehinderd wegtrekken.
Anders moet de compressor meer
draaien en verhoogt het stroomver
bruik.
Blokkeer nooit de ventilatieope
ningen. Maak ze geregeld stofvrij.
-
-
252627
Wijzigingen voorbehouden / 000 - 1502
K 3416 SD, K 3514 SD, K 3516 SD
Dit papier spaart het milieu doordat het uit 100 % chloorvrij gebleekte celstof bestaat.
M.-Nr. 05 436 501
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.