voor België, Denemarken, Duitsland, Finland, Frankrijk, Luxemburg, Nederland,
Noorwegen, Oostenrijk, Portugal, Spanje, Verenigd Koninkrijk, Zweden, Zwitserland.
* Sommige (mobiele) telefoon services/providers geven geen toegang of hebben een extra
voorvoegsel voor +800 nummers nodig.
Voor alle Europese landen die niet vermeld werden en als u ons niet kunt bereiken
op de hierboven vermelde nummers, a.u.b. gebruik maken van de volgende
BETAALDE NUMMERS:
+49 180 5 – 67 10 83
of
+49 40 – 237 73 48 99.
Onze technische klantendienst is van maandag tot en met vrijdag bereikbaar tussen 09.00 uur
en 18.00 uur (MET).
Dank u voor uw aankoop van een Olympus digitale camera. Voordat u uw nieuwe camera in gebruik
gaat nemen, leest u eerst deze instructies grondig door om optimaal van uw camera te kunnen
genieten en een lange levensduur te verzekeren. Bewaar deze handleiding op een veilige plaats,
zodat u later nog iets kunt opzoeken.
z
Voordat u belangrijke opnamen gaat maken, doet u er goed aan eerst enkele proefopnamen te maken
teneinde u met uw camera vertrouwd te maken.
z
De afbeeldingen van het scherm en de camera zijn tijdens de ontwikkeling van het toestel vervaardigd
en kunnen op kleine punten afwijken van het toestel dat u in handen hebt.
z
De inhoud van deze handleiding is gebaseerd op firmwareversie 1.0 voor deze camera. Als er
aanvullingen op en/of wijzigingen van functies hebben plaatsgevonden vanwege een firmware-update
voor de camera, kan de inhoud afwijken. Kijk voor de meest actuele informatie op de Olympus-website.
Registreer uw product op
www.olympus-consumer.com/register
BasisgidsBlz. 2
Bestudeer de namen van de
cameraonderdelen, de basisstappen
voor fotograferen en weergeven en
de basisfuncties.
Aantal stilstaande
beelden dat kan worden
opgeslagen
gblz. 144
Meervoudige belichting
gblz. 51
Namen van onderdelen en functies
5
NL
Superbedieningspaneel
Op het onderstaande scherm, het superbedieningspaneel, kunt u de fotografeerinstellingen
niet alleen bekijken, maar ook aanpassen. Druk op de
het superbedieningspaneel op te roepen.
g
“Instellen terwijl u op het superbediening spa neel kijkt“ (blz. 21)
Aantal stilstaande
beelden dat kan worden
opgeslagen gblz. 144
Scherpte N gblz. 70
Contrast J gblz. 70
Kleurintensiteit T gblz. 70
Gradatie z gblz. 70
Z&W-filter x gblz. 70
Fototint y gblz. 70
Beeldeffect
gblz. 70
Beeldstabilisator
gblz. 62
6
NL
LCD-monitor (Live view)
250
F5.6
+2.0
ISO
400
F
IS
+2.0
1023
0
S-AF
j
45:30
HD
Op de LCD-monitor kunt u naast de instellingen ook het zoekerbeeld bekijken (Live view).
Druk op de knop u om Live view te activeren. g“Live view gebruiken“ (blz. 35)
Kaartjegblz. 136
Super FP-flitsstand s gblz. 79
RC-flitsstand q gblz. 80
Auto bracketing t gblz. 49, 51, 69, 77
Meervoudige belichting
igblz. 51
Home-positie p gblz. 58
Gezichtsherkenning g gblz. 38
MOVIE R gblz. 84
Beeldstabilisator vws gblz. 62
Flitser gblz. 76
(knippert: bezig met oplade n,
blijft continu zichtbaar: laden is klaar)
BKT
FPCF
RC
HP
j
S-AF
Stand Fotograferen
gblz. 41 – 45
AE-lock u gblz. 48
MYSET
gblz. 100
Flitssterkteregelaar
gblz. 76
ISO-gevoeligheid
gblz. 50
Autofocusstand (AF) gblz. 53
ISO
400
AEL
P
+2.0
250
250
F5.6
Belichtingscorrectiewaarde
gblz. 47
Diafragmawaarde
gblz. 41 – 45
Sluitertijd
gblz. 41 – 45
+2.0
Histogram
gblz. 39
0
0
4:34:3
S
F
HD
45:30
1023
1023
Stand films opnemen
gblz. 84
Beschikbare opnametijd
gblz. 144
Aantal stilstaande
beelden
dat kan worden
opgeslagen gblz. 144
Belichtingscorrectieindicatie
Flitssterkte-indicatie
gblz. 76
Beeldkwaliteit
gblz. 64
gblz. 47
Basisgids
Namen van onderdelen en functies
7
NL
LCD-monitor (weergave)
[
4032x3024,1/8
]
x
10
2010.09.01
21:56
100-0015
15
N
±
1.0
x
10
F5.6
100
±
0.0
ISO
250
NATURAL
N
+
2.0
45
mm
WBAUTO
G±0
A±0
U kunt het monitorbeeld omschakelen met de knop INFO.
g“Informatiedisplay“ (blz. 89)
Flitssterkteregelaar gblz. 76
Batterijcontrole
gblz. 13
Aantal pixels,
compressiefactor gblz. 64
Beeldkwaliteit
gblz. 64
Brandpuntsafstand gblz. 138
(De brandpuntsafstand wordt in eenheden
van 1 mm weergegeven.)
Diafragmawaarde
gblz. 41 – 45
8
NL
Vereenvoudigde
weergave
Beveiligen
gblz. 97
Printreservering
Aantal prints
gblz. 121
Beeldrand
gblz. 65
2010.09.01
21:56
Breedte-hoogteverhouding
gblz. 65, 115
Datum en tijd gblz. 14
Kaartjegblz. 136
Beeldnummer
Bestandsnummer
Autofocusveld gblz. 56
Histogram gblz. 89
x
10
[
4032x3024,1/8
100-0015
Sluitertijd
gblz. 41 – 45
Belichtingscorrectie
gblz. 47
Stand Fotograferen
gblz. 41 – 45
x
10
F5.6
250
+
2.0
45
1.0
ISO
A±0
NATURAL
100-0015
Lichtmeting
stand
gblz. 46
mm
±
0.0
100
G±0
L
N
15
±
]
L
N
WBAUTO
15
Volledige
weergave
AF-aanpassing
gblz. 118
Witbalans
gblz. 66
Kleurruimte
gblz. 114
Beeldeffect gblz. 70
Witbalanscorrectie
gblz. 68
ISO-gevoeligheid gblz. 50
Het uitpakken van de doos
V
Bij de camera worden de volgende onderdelen meegeleverd.
o
Als er een onderdeel ontbreekt of beschadigd is, neemt u contact op met de dealer waarbij
u de camera hebt gekocht.
or
be
re
idi
n
ge
n
vo
or
he
t
fo
CameraBeschermkap
van de camera
CamerariemBLM-5 lithium-
ionbatterij
Basisgids
BCM-5 lithiumionlaadapparaat
• OLYMPUS Setup CD-ROM
• Handleiding
• Garantiekaart
Camerariem bevestigen
1
Breng de camerariem
aan zoals aangegeven
door de pijlen (1, 2).
USB-kabeltjeAV-kabel (mono)
2
Trek de camerariem
tenslotte strak om er zeker
van te zijn dat deze goed
vastzit (3).
3
Maak het andere
uiteinde van de
camerariem op dezelfde
manier vast aan het
andere bevestigingsoog.
Voorbereidingen voor het fotograferen
9
NL
De batterij gereedmaken voor
gebruik
1 Batterij opladen
Verwijder de beschermkap
van de batterij.
Amber lichtje: bezig met opladen
OFF: opladen voltooid
(Laadtijd: ca. 3,5 uur)
Amberkleurig knipperen : oplaadfout
X
BCM-5 lithiumionlaadapparaat
BLM-5 lithium-ionbatterij
Lichtnetkabeltje
2 Batterij inzetten
Batterijcontacten
2
3
Sluit het klepje van het batterijcompartiment en schuif de
vergrendelknop van het batterijcompartiment in de richting van
Klepje van het
batterijcompartiment
Vergrendelknop
van het
batterijcompartiment
1
3
Stopcontact
E
10
Batterij
uitnemen
Druk op de
batterijvergrendeling om
de batterij te ontgrendelen.
Draai de camera om om
de batterij te verwijderen.
Wij raden u aan een reservebatterij bij de hand te houden voor als u langer door wilt gaan
met fotograferen en de gebruikte batterij leeg raakt.
NL
Batterijvergrendeling
Een lens op de camera
bevestigen
1 Verwijder de beschermkap van de
camera en de achterkap van de lens.
Achterkap
van de lens
Basisgids
1
2 Een lens op de camera
bevestigen
• Houd de rode koppelingsmarkering op
de lens tegenover de rode markering
op de camera en steek de lens in het
camerahuis (1).
• Draai de lens in de richting van de pijl
tot u een klik hoort (2).
• Controleer of de
cameraschakelaar op OFF staat.
•
Druk de lensontgrendelknop niet in.
3 Verwijder het lenskapje
3, 4)
(
De lens uit de camera
verwijderen
Terwijl u de lensontgrendelknop (1)
ingedrukt houdt, draait u de lens in
de richting van de pijl (2).
1
Koppelingsmarkering
(rood)
4
2
3
2
Beschermkap van de camera
2
Lenskapje
3
2
Markering voor
lenskoppeling (rood)
1
1
Voorbereidingen voor het fotograferen
• Controleer of de
cameraschakelaar op OFF staat.
Lensontgrendelknop
11
NL
Het kaartje plaatsen
Compact Flash
Open het klepje van het kaartje (1, 2).
Plaats het CF-kaartje (hierna het “kaartje“
genoemd) zo ver mogelijk in de sleuf (
Klepje van
het kaartje
3
).
Connector
1
2
Indicatie-LED Dataverkeer
CF-kaartsleuf
3
Geheugenkaartje verwijderen
Compact Flash
• Druk de uitwerpknop helemaal in om het
eruit te laten springen.
• Neem de kaart eruit.
Indicatie-LED
Dataverkeer
SD-kaartje
Open het klepje van het kaartje (1, 2).
Plaats het SD/SDHC/SDXC-kaartje (hierna het
“
kaartje“ genoemd) tot het vergrendelt (
1
2
Voorzijde
Sleuf SD-kaartje
Open het klepje van het kaartje nooit als
de indicatie-LED Dataverkeer knippert.
SD-kaartje
• Druk zachtjes op het geplaatste kaartje
en het springt eruit.
• Neem de kaart eruit.
3
).
3
Uitwerpknop
• Schakel de camera uit voor u het kaartje plaatst of verwijdert.
• De camera wordt uitgeschakeld als u het kaartje plaatst of verwijdert terwijl de camera
ingeschakeld is.
12
NL
Camera inschakelen
1 Zet de cameraschakelaar op ON.
• Om de camera uit te schakelen, zet u de cameraschakelaar op OFF.
Basisgids
LIGHT-knop
Schakelt de verlichting van het
bedieningspaneel aan en uit.
Automatische stofreductie
Zodra u de camera inschakelt, wordt automatisch de functie stofreductie geactiveerd. Hierbij
wordt met behulp van ultrasone trillingen stof en vuil verwijderd van het filtero ppervlak van het
beeldopneemelement.
Dioptrie van de zoeker
Bedieningspaneel
Aan (klaar voor gebruik)
Aan (batterij bijna leeg)
Knippert (opladen nodig)
ON
OFF
Cameraschakelaar
Zodra u de camera
inschakelt, verschijnt
de batterijcontrole op
het bedieningspaneel.
Zoeker
instellen
Stel de dioptrie van de zoeker in volgens
uw wensen.
Terwijl u door de zoeker kijkt, verdraait
u langzaam de dioptrieregelaar.
Zodra u het autofocusveld goed
en scherp kunt zien, bent u klaar.
Dioptrieregelaar
Autofocusveld
Voorbereidingen voor het fotograferen
13
NL
Datum en tijd instellen
Inf
tijd
ormatie over datum en
opgeslagen op het kaartje. De bestandsnaam is ook inbegrepen
bij de informatie over datum en tijd. Zorg ervoor dat u de juiste
datum en tijd instelt voor u de camera gebruikt.
1 Druk op de knop MENU.
• Het menuscherm verschijnt op de
LCD-monitor.
CARD SETUP
RESET/MYSET
PICTURE MODE
D
IMAGE ASPECT
worden samen met de beelden
4:3
MENU-knop
Pendelknop
acbd
5 Herhaal deze procedure tot
u datum en tijd volledig heeft
ingesteld.
BACKSET
Y
2 Selecteer met ac de optie
[d] en druk daarna op d
’--.--.
X
s
REC VIEW
c MENU DISPLA Y
FIRMWARE
--
:
--
--
ENG.
SEC
5
ON
SETBACK
M D TIME
2010 09 01 14 00
• De tijd verschijnt in 24-uurs formaat.
Y/M/D
SETCANCEL
6 Selecteer met ac
het datumformaat
3 Selecteer met ac de optie
Y
[X] en druk daarna op d
Y
MD TIME
Y/M/D
M D TIME
2010 09 01 14 00
Y/M/D
SETCANCEL
7 Druk op knop i
CANCEL
4 Selecteer met ac de optie
[Y] en druk daarna op d
Y
M D TIME
2010
Y/M/D
X
s
REC VIEW
c MENU DISPLA Y
FIRM
SETBACK
’10.09.01
14:01
ENG.
SEC
5
ON
8 Druk op de knop MENU
CANCEL
14
NL
om het menu te verlaten.
Stand
1 Kijk door de zoeker en
richt het autofocusveld
op het onderwerp.
Zoeker
Basisgids
Ontspanknop
2 Stel scherp
Druk de ontspanknop
half in.
Zoeker
Autofocusveld
Diafragmawaarde
AF-teken
• De scherpstelling is vastgezet als u een pieptoon hoort. Het AF-teken en en het
autofocusveld verschijnen in de zoeker.
• De door de camera automatisch gekozen combinatie van sluitertijd en diafragmawaarde
verschijnt.
• Het superbedieningspaneel verdwijnt wanneer u de ontspanknop indrukt.
Sluitertijd
Bedieningspaneel
Indicatie-LED
Dataverkeer
3 Maak de foto door de sluiter te ontspannen
Druk de ontspanknop
helemaal in (tot aan
de aanslag).
• Het sluitergeluid klinkt en de foto wordt gemaakt.
• De indicatie-LED Dataverkeer knippert en de camera begint de foto op te nemen.
Voorbereidingen voor het fotograferen
Zolang de dataverkeer-LED knippert, mag u de batterij of het kaartje beslist niet
verwijderen. Doet u dat toch, dan kunnen daardoor de opgeslagen beelden verloren
gaan of kan dat verhinderen dat de zojuist door u gemaakte foto's worden opgeslagen.
15
NL
250
F5.6
IS O- A
20 0
N
Vasthouden van de camera
Zorg er ook voor dat
u niet uw vingers en
de camerariem voor
de lens, de flitser en de
witbalanssensor houdt.
Een foto maken
terwijl u op de LCDmonitor kijkt
1 Druk op de knop u
(live bekijken) om over
te schakelen naar live
bekijken.
• Het onderwerp wordt
weergegeven op de monitor.
ISO-A
200
P
250
250
F5.6
Horizontale stand
Het is mogelijk om de LCD-monitor als zoeker te
gebruiken en de compositie van het onderwerp
te controleren, of om te fotograferen terwijl u een
vergrote weergave op de LCD-monitor bekijkt.
g“Live view gebruiken“ (blz. 35)
u-knop
Verticale
stand
2 Maak de opname door de
L
N
383838
ontspanknop in te drukken.
• De foto wordt gemaakt met scherpstelling.
Ontspanknop
16
NL
Een film opnemen
1 Druk op de knop u
(live bekijken) om over
te schakelen naar live
bekijken.
• Het onderwerp wordt
weergegeven op de monitor.
Tijdens fotograferen met live bekijken kunt u een
film opnemen.
Ontspanknop
u-knop
n-knop
2 Stel scherp
• Druk de ontspanknop half in.
3 Druk op de n-knop om de opname te starten
• Druk nogmaals op de n-knop om de opname te beëindigen.
• Terwijl u een film opneemt, drukt u op de ontspanknop om een stilstaand beeld
vast te leggen.
Als de camera stopt te werken
Als de camera gedurende ongeveer 8 seconden niet bediend wordt terwijl de
camera aan staat, wordt de achtergrondverlichting van de monitor donkerder om
de batterijen te sparen. (als het superbedienin gspaneel verlicht wordt). Als daarn a
ongeveer een minuut lang geen bediening plaatsvindt, schakelt de camera naar
de sluimerstand (stand-by) en stopt te werken. De camera wordt weer g eactiveerd
zodra u een van de knoppen indrukt (ontspanknop, q-knop, enz.).
g“BACKLIT LCD (timer displayverlichting)“ (blz. 109), “SLEEP“ (blz. 108)
Voorbereidingen voor het fotograferenBasisgids
17
NL
Weergeven/Wissen
Beelden
weergeven
Close-up
weergeven
Beelden wissen
Als u op knop q drukt, verschijnt de laatst
gemaakte foto.
q-knop
Geeft het
vorige beeld
weer
Pendelknop
Telkens als u de hoofdregelaar naar U draait,
wordt het beeld vergroot in stappen van 2× tot 14×.
Hoofdregelaar
Geef het beeld weer dat u wilt wissen en druk
op knop D.
Selecteer met ac de optie [YES] en druk
op knop i om het wissen te starten.
Gebruik k om de beelden vooruit
te doorlopen.
Geeft het
volgende
beeld weer
18
ERASE
YES
NO
D-knop
NL
BACKSET
Basisfuncties
B
U kunt deze camera op drie manieren bedienen.
as
isf
Het gebruik van de directe knoppen bij het
u
bedienen van de camera gblz. 20
nc
U kunt functies instellen terwijl de hoofdregelaar
tie
of de subregelaar en de directe knoppen aan een
s
functie zijn toegewezen. Terwijl u een functie
instelt, wordt de instelinformatie weergegeven
in de zoeker en op het bedieningspaneel en het
superbedieningspaneel. Dit is handig als u de
camera bedient terwijl u het onderwerp in de
zoeker kadreert en om de camera snel te
bedienen terwijl u de instellingen op het
bedieningspaneel controleert.
Instellen terwijl u op het
superbedieningspaneel kijkt gblz. 21
U kunt de functies instellen terwijl de LCDmonitor het superbedieningspaneel weergeeft.
Op het superbedieningspaneel kunt u de huidige
instellingen bekijken en onmiddellijk aanpassen.
Tijdens live bekijken kunt u functie-instellingen
uitvoeren met live control (gblz. 37) terwijl u
het beeld controleert dat effectief zal worden
opgenomen.
Instellen in het menu gblz. 22
In het menu kunt u de fotografeer- en weergaveinstellingen kiezen en de camerafuncties naar
wens aanpassen.
Basisgids
Subregelaar
k
Hoofdregelaar
j
Basisfuncties
19
NL
Het gebruik van de directe knoppen
bij het bedienen van de camera
U kunt de directe knoppen op twee manieren gebruiken.
Subregelaar
4
k
5
Hoofdregelaar
6
Blz. 59 – 60
j
7
1 Terwijl u een directe knop
ingedrukt houdt, draait u aan de
hoofdregelaar of de subregelaar
• Laat de knop los om de functie in te
stellen.
321
Als u één of twee knoppen
tegelijk heeft ingedrukt, draait
u aan de hoofdregelaar of aan
de subregelaar
• De functie blijft gedurende ongeveer
8 seconden geselecteerd. Gedurende
die tijd kunt u de regelaar verdraaien
en de functie instellen. Als u geen
bewerkingen gedurende die tijd uitvoert,
wordt de instelling voor die functie
vervolgens ingesteld. g“BUTTON
TIMER“ (blz. 107)
Lijst met directe knoppen
nee.
1+2
2+4
3+5
4+5
5+6
Directe
knoppen
1
2
3
4
5
6
7
AF
d
MODE
< / Y / j
AF+MODE
#jStelt de flitserfunctie inBlz. 73
wkRegelen van de flitssterkteBlz. 76
WBj/k Stelt de witbalans inBlz. 66
MODE + WBj/k WB-bracketingBlz. 69
Fj/k BelichtingscorrectieBlz. 47
w+Fj/k Regelen van de flitssterkteBlz. 76
WB + Fj/k WitbalanscorrectieBlz. 68
ISOj/k Stelt de ISO-gevoeligheid inBlz. 50
F + ISOj/k RESET/MYSETBlz. 101
Pj/k Autofocusveld selecterenBlz. 56
RegelaarFunctieZie blz.
jStelt de AF-stand inBlz. 53
kStelt de lichtmeetmethode inBlz. 46
jStand Fotograferen (P/A/S/M, enz.)Blz. 41
Afstandsbediening/Zelfontspanner/
k
Repeterende opnamen
j/k AE bracketing (belichting variëren)Blz. 49
20
NL
Instellen terwijl u op het
SINGLE
superbedieningspaneel kijkt
1 Druk op de knop INFO om het
superbedieningspaneel weer
te geven
•
Om het superbedieningspaneel uit te schakelen,
drukt u nogmaals op de
• Tijdens live bekijken wordt live control
weergegeven.
g“Het gebruik van live control bij het
bedienen van de camera“ (blz. 37)
g“K CONTROL SETTINGS“ (blz. 109)
INFO
-knop.
INFO-knop
Subregelaar
k
Basisgids
Hoofdregelaar
j
2010. 09.01
arge
Normal
2 Druk op knop i
AF
1
OFF
ISIS
3
Met p verplaatst u de cursor
p Pendelknop
naar de functie die u wilt
instellen, waarna u de instelling
wijzigt met de regelaar.
RECOMMENDED ISO
j /< /Y
1
OFF
ISIS
Toont de geselecteerde
functienaam
arge
Normal
OFF
ISIS
Cursor is aan
arge
Normal
Directmenu
P
SINGLE
SINGLE
SINGLE
Meer details over de functies die u met het superbedieningspaneel kunt instellen, vindt
u onder “Superbedieningspaneel“ (gblz. 6).
Om het directmenu op te roepen dat op de plaats van de
cursor staat, drukt u op knop
in het directmenu wijzigen. Na het wijzigen van de instelling
drukt u op knop
seconden lang geen knop bedient, wordt de actuele instelling
bevestigd en verschijnt het superbedieningspaneel.
i
om de instelling te bevestigen. Als u enkele
i
. U kunt de instelling ook
i-knop
Basisfuncties
1
21
NL
Instellen in het menu
1 Druk op de knop MENU om
de instelling weer te geven
CARD SETUP
RESET/MYSET
PICTURE MODE
D
Bedieningsa
anwijzingen
Druk op de knop MENU om
één scherm terug te keren
IMAGE ASPECT
BACKSET
4:3
Druk op de knop i
om uw instelling te
bevestigen
MENU-knop
Subregelaar
2 Selecteer een tabblad met ac en druk daarna op d
W Fotografeermenu 1
X Fotografeermenu 2
q Weergavemenu
c Custom menu: Fotografeerfuncties aanpassen.
Dit menu bestaat uit 10 tabbladen, A t/m J.
dSetup-menu: Basisfuncties van de camera
instellen.
Functie
3
Selecteer een functie
ac
met
en ga met d
naar het instelmenu
IMAGE STABILIZER
BRACKETING
MULTIPLE EXPOSURE
RC MODE
Tabblad
De huidige instelling verschijnt
op het scherm
IS.1
OFF
d
OFF
SETBACK
4 Druk op de knop i om uw instelling te bevestigen
• Druk meerdere keren op de knop MENU om het menu te verlaten.
k
Hoofdregelaar
p Pendelknop
IMAGE STABILIZER
BRACKETING
MULTIPLE EXPOSURE
# RC MODE
IMAGE STABILIZER
IMAGE STABILIZER
BRACKETINGג
MULTIPLE EXPOSURE
RC MODE
FOCAL LENGTH
j
i-knop
SETBACK
I.S. 1
50 mm
SETBACK
IS.1
OFF
OFF
IS.1
OFF
OFF
OFF
OFF
22
De regelaars gebruiken om een menu in te stellen
CARD SETUP
RESET/MYSET
PICTURE MODE
D
IMAGE ASPECT
j
Voor meer informatie over de functies die u met het menu kunt instellen,
zie “Menulijst“ (gblz. 146).
NL
4:3
SETBACKSETBACK
(ac)
k
(bd)
CARD SETUP
RESET/MYSET
PICTURE MODE
D
IMAGE ASPECT
j
• Als u een functie selecteert
en aan de hoofdregelaar draait,
4:3
wordt automatisch van tabblad
gewisseld en kunt u een functie
op het volgende tabblad
selecteren.
Inhoudsopgave
Basisgids2
Lijst met de namen van de cameraonderdelen en de basisstappen voor fotograferen
en weergeven.
Namen van onderdelen en functies.......................................... ... ..................................2
Voorbereidingen voor het fotograferen..........................................................................9
Het gebruik van de directe knoppen bij het bedienen van de camera........20
Instellen terwijl u op het superbedieningspaneel kijkt.................................21
Instellen in het menu ...................................................................................22
1 Live view gebruiken35
Functies en bewerkingen die alleen beschikbaar zijn tijdens live bekijken worden
uitgelegd.
Live bekijken activeren................................................................................................35
Fotograferen met live bekijken ....................................................................................36
Het gebruik van live control bij het bedienen van de camera......................................37
De gezichtsherkenningsfunctie gebruiken...................................................................38
Fotograferen met handmatig scherpstellen.................................................................38
Het informatiedisplay omschakelen...................................... .......................................39
Een foto maken terwijl u het effect vergelijkt...............................................................40
Het werken met vergrote weergave.............................................................................40
Functies beschikbaar tijdens live bekijken..................................................35
23
NL
2 Belichting41
Hier worden de belichtingsfuncties beschreven die belangrijk zijn bij het fotograferen.
Deze functies dienen voor het bepalen van de diafragmawaarde, de sluitertijd en
andere instellingen aan de hand van het meten van de helderheid van het beeld.
Index .........................................................................................................................165
29
NL
Snelgids
Correcte scherpstelling
is
niet mogelijk.
Scherpstellen op
één
gebied
Foto's maken van
onderwerpen dichtbij
Foto's maken en het
resultaat controleren
Gebruiksduur van de
batterijen verlengen
Het aantal foto's dat
gemaakt kan worden,
verhogen
30
NL
Stand
Selecteer het AF-kader en maak de foto.Blz. 56
De minimale afstand is afhankelijk van de lens. Ga naar
de voor deze lens minimale afstand tot het onderwerp
en maak een foto.
De camera kan moeilijk automatisch scherpstellen
op het onderwerp. Gebruik MF om de afstand van
de
scherpstelling te vergrendelen.
Zelfs als er weinig licht is, kan het scherpstellen
gemakkelijker verlopen als de AF-lichtbron wordt gebruikt.
Selecteer het AF-kader en maak de foto met het
gewenste AF-kader.
Gebruik MF. Het scherpstellen kan vlotter verlopen als
u
live bekijken gebruikt met een vergroot beeld.
Stel [AF SENSITIVITY] in op [SMALL] en stel scherp
op een kleiner gebied.
Gebruik de macrolens voor close-up-foto's.Blz. 138
Tijdens live bekijken kunt u een foto maken terwijl u de
lichtbalans, de belichtingscorrectie, het beeldeffect en
andere instellingen controleert op de LCD-monitor.
U kunt een foto maken terwijl u live multi bekijken
gebruikt, om het effect van de witbalans of
belichtingscorrectie te vergelijken.
U kunt de preview-functie gebruiken om de scherptediepte
bij een bepaalde diafragmawaarde te controleren.
U kunt live bekijken gebruiken om de ingestelde
belichtingsinstellingen te controleren.
U kunt [TEST PICTURE] gebruiken om het beeld op de
LCD-monitor te controleren zonder het beeld op te slaan
op een kaartje.
Als u de ontspanknop half indrukt, beelden weergeeft en
de functie live bekijken gedurende lange tijd gebruikt,
wordt veel batterijvermogen verbruikt. Als u dit minder
vaak doet, zal de batterij langer meegaan.
Stel [SLEEP] zo in, dat de camera sneller naar
de
sluimerstand gaat.
Stel [BACKLIT LCD] zo in, dat de achterverlichting
sneller uitschakelt.
Verminder de instelling voor het aantal pixels
en de
compressiefactor.
U kunt twee soorten kaartjes gebruiken.
Blz. 138
Blz. 54,
Blz. 131
Blz. 103
Blz. 56
Blz. 38,
Blz. 40,
Blz. 54
Blz. 103
Blz. 35
Blz. 40
Blz. 46
Blz. 109
Blz. 106
k
Blz. 108
Blz. 109
Blz. 64,
Blz. 114
Blz. 12,
Blz. 136
Loading...
+ 141 hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.