Lees in elk geval de gebruiksaanwijzing voor u het toestel opstelt,
installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf
en u vermijdt schade aan het toestel.
Deur van het vriesvak (afhankelijk van het model) ........................31
Beschrijving van het toestel
a Vriesvak *
b Sluitindicator voor de deur van het
vriesvak *
(donker: de deur is open
licht:de deur is dicht)
c Temperatuurregelaar,
binnenverlichting en winterschakeling *
d Legplaten
e Gootje en opening voor het
dooiwater
f Fruit-, groentebakken
g Botervak
h Eiervakje
i Lichtcontactschakelaar
j Rek/flessenrek
* naargelang het model
4
Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu
Recycleerbare verpakking
De verpakking behoedt het toestel voor
transportschade. Er werd materiaal ge
kozen dat door het milieu wordt verdra
gen en opnieuw kan worden benut.
Door de verpakking weer in kringloop
te brengen, wordt er grondstof ge
spaard en verkleint de afvalberg. Geef
deze stoffen dus niet met het gewone
vuilnis mee. Breng ze liever naar het
dichtstbijzijnde gemeentelijk container
park. Waar u dat vindt, komt u zeker bij
uw gemeentebestuur aan de weet.
-
Berging van uw oud toestel
Bij de aankoop van uw nieuw toestel
heeft u een bijdrage betaald. Die wordt
volledig gebruikt voor de toekomstige
recyclage van dat toestel. Dat bevat
trouwens nog waardevol materiaal.
Door te recycleren wordt er dan ook
minder verspild en vervuild.
Als u vragen heeft omtrent het af
danken van uw oud toestel, neem dan
contact op met
-
de handelaar bij wie u het kocht
–
of
– de firma Recupel,
telefoon 02 706 86 10,
website: www.recupel.be
of
– uw gemeentebestuur als u uw toestel
naar een containerpark brengt.
Zorg ervoor dat de buisleidingen van
de compressor geen schade oplopen
voordat het toestel terdege wordt
geborgen. Zo vermijdt u dat er koelmid
del uit het koelcircuit of olie uit de com
pressor in het milieu terechtkomt.
-
-
-
Zorg er ook voor dat het toestel kinder
veilig wordt bewaard voor u het laat
wegbrengen.
-
5
Opmerkingen omtrent uw veiligheid, waarschuwingen
Let op kinderen die in de buurt van
Dit toestel voldoet aan de voorge
schreven veiligheidsvoorschriften.
Bij ondeskundig gebruik kan de ge
bruiker gevaar lopen en het toestel
beschadigd worden.
Lees aandachtig uw gebruiksaanwij
zing voor u het toestel in gebruik
neemt. U vindt er belangrijke opmer
kingen omtrent het inbouwen, de
veiligheid, het gebruik en het onder
houd van het toestel. Zo beschermt
u zichzelf en vermijdt u schade aan
het apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing
zorgvuldig. Geef ze door aan wie
het toestel achteraf gebruikt.
-
Het toestel juist gebruiken
Gebruik dit toestel uitsluitend in het
~
huishouden. Het dient enkel om diepvriesproducten te bewaren, verse levensmiddelen in te vriezen en consumptie-ijs te bereiden. Alle andere
toepassingen zijn ongeoorloofd en mis
schien ook wel gevaarlijk.
De fabrikant kan niet aansprakelijk zijn
voor schade die werd veroorzaakt
doordat het toestel niet correct gebruikt
of verkeerd bediend werd.
Kinderen in het huishouden
Kinderen mogen het toestel alleen
~
maar gebruiken wanneer hen de bedie
ning ervan zo uitgelegd is dat ze het
veilig kunnen bedienen. Kinderen moe
ten de eventuele risico’s van een foutie
ve bediening kunnen beseffen.
~
het toestel komen. Laat kinderen niet
met het toestel spelen.
-
Technisch veilig
Dit toestel bevat het koelmiddel iso
~
butaan R600a. Dat is een natuurlijk gas
dat heel weinig milieubelastend is. Het
is evenwel brandbaar. Het brengt ech
ter geen schade toe aan de ozonlaag.
Het vergroot evenmin het broeikasef
fect.
Door dit milieuvriendelijk koelmiddel toe
te passen maakt het toestel wel iets
meer lawaai. Naast het geluid dat de
compressor maakt, kan er in heel het
koelcircuit lawaai optreden. Deze gevolgen zijn jamm er genoeg niet te vermijden. Ze beïnvloeden echter niet het
vermogen van het toestel.
Bij het transport en opstellen van het
toestel dient u ervoor te zorgen dat er
geen onderdelen van het koelmiddelcircuit worden beschadigd. Wegspattend
koelmiddel kan oogletsels veroorzaken!
Is er toch schade opgetreden,
-
- vermijd dan open vuur of vonken,
- trek de stekker uit het stopcontact,
- laat het vertrek waar het toestel staat,
enkele minuten doorluchten
- en verwittig de Technische Dienst.
Hoe meer koelmiddel het toestel be
~
vat, hoe groter het vertrek moet zijn,
waar het opgesteld wordt. Treedt er
eventueel een lek op, dan kan er in te
-
kleine vertrekken een brandbaar
gas-luchtmengsel worden gevormd.
-
Per 8 g koelmiddel dient het vertrek
-
minstens 1 m
koelmiddel het toestel bevat, vindt u op
het typeplaatje aan de binnenzijde.
3
ruim te zijn. Hoeveel
-
-
-
-
6
Opmerkingen omtrent uw veiligheid, waarschuwingen
Vergelijk voor het aansluiten van het
~
toestel beslist de aansluitgegevens op
het typeplaatje met de gegevens van
uw huisinstallatie. Het gaat hier over de
spanning en de frequentie. Deze gege
vens moeten absoluut overeenstemmen
om schade aan uw toestel te vermijden.
Vraag bij twijfel inlichtingen aan uw in
stallateur.
De elektrische veiligheid van dit toe
~
stel wordt enkel gewaarborgd indien
het op een aardsysteem is aangeslo
ten, dat volgens de voorschriften werd
geïnstalleerd. Het is heel belangrijk dat
deze fundamentele veiligheidsvoorziening voorhanden is. Laat uw installatie
bij twijfel door een vakman nakijken.
De fabrikant kan niet aansprakelijk zijn
voor schade die werd veroorzaakt
doordat de aardleiding onderbroken
was of gewoon ontbrak. Er zijn dan ook
elektrische schokken mogelijk.
Het toestel kan enkel veilig werken
~
indien u het volgens de gebruiksaanwijzing monteert en aansluit.
-
-
Installatiewerk en herstellingen mag
~
u enkel door erkende vakmensen laten
uitvoeren. Door ondeskundige installa
ties of reparaties kunnen er niet te on
derschatten risico’s opduiken voor wie
het toestel gebruikt. Daarvoor is de fa
brikant niet aansprakelijk.
Het toestel is pas stroomloos indien
~
aan een van de volgende voorwaarden
is voldaan:
-
u hebt de stekker van het toestel uit
–
het stopcontact getrokken.
Trek niet aan het snoer, wel aan de
stekker om het toestel stroomloos te
maken.
– u hebt de smeltveiligheden van de
huisinstallatie uitgeschakeld.
Gebruik om het toestel op het
~
stroomnet aan te sluiten, geen verlengsnoeren. Die waarborgen niet de nodige veiligheid. Er is risico op oververhitting.
-
-
-
Indien u dit toestel niet op een vaste
~
plaats inbouwt en monteert, bv. op een
schip, laat dit karwei dan enkel uitvoe
ren door vakmensen. Die moeten er
voor zorgen dat u het toestel veilig kan
gebruiken.
-
-
7
Opmerkingen omtrent uw veiligheid, waarschuwingen
Gebruik
Raak de diepvrieswaar niet met nat
~
te handen aan. Uw handen kunnen er
aan vastvriezen. U kan kwetsuren oplo
pen!
Steek ijsblokjes en frisco’s, vooral
~
ijslolly’s, nooit meteen in de mond na
dat u die uit de vrieszone hebt geno
men. Door de zeer lage temperatuur
kunnen uw lippen of uw tong vastvrie
zen. U kan letsels oplopen!
Vries gedeeltelijk of volledig ont
~
dooide levensmiddelen niet terug in.
Verbruik die zo vlug mogelijk.
De levensmiddelen boeten immers aan
voedingswaarde in en bederven. Zo u
ze kookt of braadt, kan u die levensmiddelen opnieuw invriezen.
Bewaar in uw toestel geen explosie-
~
ve stoffen. Zodra de thermostaat wordt
ingeschakeld, kunnen er dan vonken
ontstaan. Die kunnen bepaalde vonkgevoelige mengelingen doen ontploffen.
Alcohol met hoog gehalte mag u en
~
kel goed afgesloten en rechtop in de
koelzone bewaren. Er is anders explo
siegevaar!
Bewaar in het vriesvakje beter geen
~
blikjes of flessen met koolzuurhouden
de drank of met vloeistof die kan be
vriezen. De blikjes of flessen kunnen
stukspringen. U kan letsels oplopen en
er is risico op schade!
-
-
-
-
-
Neem flessen die u in het vriesvak
~
legt om snel te koelen, uiterlijk na een
uur weer uit. De flessen kunnen
stukspringen. Er is risico van lichamelijk
letsel en schade!
Zo u te lang bewaarde levensmid
~
delen eet, loopt u het risico van voed
selvergiftiging.
De bewaarduur hangt van heel wat fac
toren af. Onder meer van de mate
waarin de levensmiddelen vers en de
gelijk zijn, maar ook van de bewaartem
peratuur. Hou de bewaartips en de op
gegeven bewaarduur van de voedsel
fabrikanten in acht!
Gebruik geen spitse noch scherpe
~
voorwerpen om
– rijm- en ijslagen te verwijderen,
– aangevroren ijsblokjesschalen en
diepvrieswaar los te maken.
Zo beschadigt u de vriesplaten en raakt
het toestel volledig defect.
Zet nooit elektrische verwarmings
~
apparaten noch kaarsen in het toestel
om het te ontdooien. Anders loopt de
kunststof schade op.
Gebruik nooit ontdooisprays of
~
ijsverwijderende middelen. Die kunnen
explosieve gassen vormen, die oplos
-
middel of drijfgas bevatten of uw ge
zondheid kunnen schaden.
Behandel de deurdichting niet met
~
olie of vet. Anders wordt die op de duur
poreus.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
8
Opmerkingen omtrent uw veiligheid, waarschuwingen
Dek de ventilatieroosters van het
~
toestel niet af. Anders is er geen onbe
rispelijke luchttoevoer meer gewaar
borgd. Het stroomverbruik stijgt en er
kan schade optreden aan bepaalde on
derdelen.
Dit toestel is geschikt voor een be
~
paalde klimaatklasse of categorie van
omgevingstemperatuur. Die tempera
tuur dient binnen zekere grenzen te blij
ven. De klimaatklasse vindt u terug op
het typeplaatje binnen in het toestel.
Door te lage kamertemperaturen blijft
de compressor te lang stilstaan. Daar
door kan het toestel de noodzakelijke
temperatuur niet bieden.
Gebruik om uw toestel te ontdooien
~
en schoon te maken in geen geval een
hogedrukreiniger.
De vloeistof kan onderdelen aanraken,
die onder spanning staan. Zo kan er
kortsluiting optreden.
-
-
-
Uw oud toestel afdanken
-
-
-
-
Verniel het slot van uw oude koel
~
kast of diepvriezer wanneer u die bui
ten gebruik stelt. Zo vermijdt u dat
spelende kinderen zich in het toestel
opsluiten en in levensgevaar komen.
Zorg dat u geen onderdelen van het
~
koelcircuit beschadigt, bv. door:
de koelmiddelkanaaltjes van de ver
–
damper open te steken,
de buisleidingen af te knikken of
–
oppervlakbekledingen af te krabben.
–
Wegspuitend koelmiddel kan oogletsels
tot gevolg hebben.
De fabrikant is niet aansprakelijk
voor schade die werd veroorzaakt
doordat deze veiligheidsbepalingen
niet in acht werden genomen.
-
-
-
9
Hoe kunt u energie besparen?
normaal energieverbruikverhoogd energieverbruik
OpstellenIn een verluchtbare ruimte.In een gesloten, niet te verluchten
Beschermd tegen directe
zonnestraling.
Niet naast een warmtebron (verwar
mingselement, fornuis).
Bij een ideale kamertemperatuur van
20 °C.
Temperatuurinstelling
Thermostaat
"niveaugetallen"
(regeling in niveaus)
Laat warme gerechten en dranken
eerst buiten het toestel afkoelen.
Levensmiddelen goed verpakt of
goed afgedekt inladen.
Leg ingevroren producten in de
koelzone om ze te ontdooien.
Doe de vakken niet te vol zodat de
lucht kan circuleren.
van 0,5 cm.
ruimte
Bij directe zonnestraling.
Naast een warmtebron (verwar
mingselement, fornuis).
Bij een hogere omgevingstempera
tuur.
Bij een hoge instelling: Hoe lager de
temperatuur in het vriesvak, hoe ho
ger het energieverbruik!
Bij toestellen met een winterschake
ling moet u erop letten dat die scha
kelaar bij temperaturen boven 16
resp. 18 °C uitgeschakeld is.
De deur vaak en langdurig openen =
koudeverlies
Wanneer alles door elkaar ligt, moet
u lang zoeken en blijft de deur lang
openstaan.
Warme gerechten in het toestel doen
de compressor langdurig werken
(het toestel probeert harder te
koelen).
Wanneer vloeistoffen in de koelzone
verdampen en condenseren, leidt
dat tot verlies van het koelvermogen.
Een ijslaag vermindert de overdracht
van de koude aan de in te vriezen le
vensmiddelen en doet het stroom
verbruik stijgen.
-
-
-
-
-
-
-
10
Toestel in- en uitschakelen
Voor het eerste gebruik
Verwijder de transportbeveiligingen
^
van het toestel en doe ze weg.
Reinig het inwendige van de kast en
^
het toebehoren. Gebruik daartoe
lauwwarm water, daarna alles met
een doek drogen.
Laat het toestel na het transport ca.
1/2 tot 1 uur staan voor u het aansluit. Dit is zeer belangrijk voor de
latere werking!
Het toestel inschakelen
Toestel uitschakelen
Draai de temperatuurregelaar uit
^
stand "1" naar stand "0". Daarbij moet
een kleine weerstand worden over
brugd.
De koeling en de binnenverlichting zijn
uitgeschakeld.
-
Bij langdurige afwezigheid
Als u het toestel gedurende lange tijd
niet gebruikt:
schakel het toestel uit,
^
^ trek de stekker uit het stopcontact,
^ ontdooi het vriesvak (indien voor-
handen),
^ maak het toestel schoon en
^ laat de toesteldeur op een kier staan
om geurvorming te vermijden.
Als het toestel bij langdurige afwezigheid wordt uitgeschakeld maar
niet gereinigd, bestaat er gevaar
voor schimmelvorming als de deur
gesloten blijft.
^
Draai de temperatuurregelaar uit de
stand "0".
Het toestel begint te koelen en de bin
nenverlichting schakelt in als de deur
wordt geopend.
Hoe hoger de instelling, des te lager de
temperatuur in het toestel.
-
11
De juiste temperatuur
De juiste temperatuurinstelling is zeer
belangrijk voor het bewaren van levens
middelen. Levensmiddelen bederven
snel ten gevolge van micro-organis
men, wat door de juiste bewaartempe
ratuur kan worden verhinderd of ver
traagd. De temperatuur beïnvloedt de
groeisnelheid van de micro-organis
men. Hoe lager de temperatuur, hoe
langzamer dit proces verloopt.
De temperatuur in het toestel stijgt
als u vaak en gedurende lange tijd
–
de toesteldeur opent,
– hoe meer levensmiddelen er worden
bewaard,
– hoe warmer de verse levensmid-
delen zijn,
– hoe hoger de omgevingstemperatuur
van het toestel is.
Het toestel is geconstrueerd voor
een bepaalde klimaatklasse. Een klimaatklasse is een kamertemperatuurbereik, waarbinnen de temperatuur zich moet bewegen en waar
deze niet boven of onder mag lig
gen.
-
-
-
-
-
...indekoelzone
We adviseren een koeltemperatuur in
het midden van het toestel van 4 °C.
Als u de koeltemperatuur wenst te con
troleren:
Let echter op het volgende:
klassieke bad- of huisthermometers
–
meten vaak zeer onnauwkeurig. Ge
bruik bij voorkeur een elektronische
temperatuurmeter.
Meet niet de luchttemperatuur in het
–
toestel, want dit geeft geen informa
tie over de temperatuur van de le
vensmiddelen.
Gedurende de meetperiode dient u de
deur van de koelkast zo weinig mogelijk
te openen, want er stroomt telkens war
me lucht in het toestel.
...inhetvriesvak
(afhankelijk van het model)
Om verse levensmiddelen in te vriezen
en ze langdurig te bewaren, is een temperatuur van -18 °C vereist. Bij deze
temperatuur komt de groei van micro-
-organismen in hoge mate tot stilstand.
Zodra de temperatuur boven -10 °C
stijgt, begint de ontbinding door de micro-organismen; de levensmiddelen
kunnen minder lang worden bewaard.
Daarom mogen geheel of gedeeltelijk
ontdooide levensmiddelen pas opnieuw
worden ingevroren nadat ze werden
verwerkt (koken of braden). Door de
hoge temperaturen worden de meeste
micro-organismen gedood.
-
-
-
-
-
^
zet een glas water met een thermo
meter in het midden van het toestel.
Na ca. 24 uur kunt u de koeltempera
tuur in uw toestel bij benadering afle
zen.
12
-
-
-
De juiste temperatuur
Temperatuur instellen
U kunt de temperatuur instellen met de
temperatuurregelaar.
Draai de temperatuurregelaar naar
^
rechts op een gemiddelde instelling.
Hoe hoger de instelling, hoe lager de
temperatuur in het toestel.
Bij normaal gebruik van het toestel en
als levensmiddelen gedurende kortetijd in het vriesvak worden bewaard,
volstaat een lage instelling tussen mar
kering 1. en 2..
Bij normaal gebruik en als de levensmiddelen gedurende lange tijd in het vriesvak worden bewaard, is een gemiddelde
instelling tussen markering 2. en 3. aan
te bevelen.
Om verse levensmiddelen in te vrie-zen, is het aan te bevelen gedurende
korte tijd een instelling tussen markering
4. en 5. te kiezen, zodat de levensmiddelen zo snel mogelijk worden ingevroren.
Deze instelling dient ook te worden ge
bruikt als de deur van het toestel zeer
vaak wordt geopend, als grote hoeveel
heden levensmiddelen in de koelzone
worden geplaatst of als de omgevings
temperatuur hoog is.
-
-
-
-
Winterschakeling
(omgevingstemperatuur
onder 18 °C) bij toestellen met
vriesvak
Als de omgevingstemperatuur onder
18 °C daalt, slaat de generator minder
vaak aan. Daardoor kan het in het
vriesvak te warm worden en kunnen in
het ergste geval de levensmiddelen in
het vriesvak gedeeltelijk of zelfs volle
dig ontdooien.
In dit geval
^ drukt u op de tuimelschakelaar on-
der de temperatuurregelaar, zodat
de "0" op de tuimelschakelaar niet
meer te zien is.
De binnenverlichting werkt ook bij ge
sloten deur met minder energie en
verwarmt de koelzone. Door deze op
warming schakelt de generator vaker
in en wordt het vriesvak voldoende ge
koeld. De binnenverlichting blijft aan
tot de tuimelschakelaar wordt inge
drukt, zodat de "0" weer te zien is.
-
-
-
-
-
Het vriesvak wordt op die manier tot
een omgevingstemperatuur van 10 °C
voldoende gekoeld. Bij een omge
vingstemperatuur onder 10 °C is de
functie van het toestel niet meer ge
waarborgd!
-
-
13
Koelzone goed gebruiken
Verschillende koelgedeelten
Door de natuurlijke luchtcirculatie is de
temperatuur in de koelzone niet overal
gelijk. De koude, zware lucht daalt naar
het onderste gedeelte van het toestel.
Gebruik de verschillende koelgedeelten
als u levensmiddelen in het toestel
plaatst!
Koudste gedeelte van de koelzone
Het koudste gedeelte van de koelzone
bevindt zich direct boven de
groenteschalen.
Gebruik dit gedeelte voor alle gevoelige en snel bederfbare levensmiddelen, zoals:
– vis, vlees, gevogelte,
– worst, kant-en-klaar gerechten,
– gebak en gerechten met eieren of
slagroom
– vers deeg, taart-, pizza- quichedeeg,
–
kaas en andere producten op basis
van verse melk,
De zone voor gevoelige levensmid
delen is afhankelijk van het model
- volledig onderaan tussen de zijdelings
aangebrachte pijl en de legplaat er
onder of
- tussen twee pijlen
aangegeven.
Warmste gedeelte van de koelzone
Het warmste gedeelte van de koelzone
bevindt zich bovenaan aan de deur.
Gebruik dit gedeelte bijv. om boter te
bewaren, zodat ze gemakkelijk smeerbaar blijft, en voor kaas, zodat hij zijn
aroma niet verliest.
Plaats geen explosieve stoffen en
geen producten met brandbare drijfgassen (bijv. spuitbussen) in het
toestel. Gevaar voor ontploffingen!
-
-
–
in folie verpakte, bereide groenten en
algemeen alle verse levensmiddelen
waarvan de minimale houdbaar
heidsdatum gebaseerd is op een be
waartemperatuur van minstens 4 °C.
14
Alcohol van hoog percentage enkel
-
rechtop en perfect dicht afgesloten
in het toestel plaatsen.
-
Als u in de koelzone vet- of
oliehoudende levensmiddelen be
waart, dient u ervoor te zorgen dat
eventueel uitlopend vet of olie niet in
contact komt met kunststof onderde
len. Plaats geen spijsolie in de deur
van de koelkast.
Er kunnen spanningsbarsten ont
staan in de kunststof van de deur.
-
-
-
De levensmiddelen mogen niet te
gen de achterwand komen. Ze kun
nen anders aan de achterwand vast
vriezen.
-
-
Levensmiddelen die niet
geschikt zijn om te koelen
Niet alle levensmiddelen zijn geschikt
om in de koelzone te worden bewaard.
Daartoe behoren onder andere:
Voor koude gevoelig fruit en
–
groenten
– Fruit dat nog verder moet rijpen
– Aardappelen
Koelzone goed gebruiken
Fruit en groenten
Fruit en groenten kunt u echter onver
pakt in de groenteschalen bewaren. U
dient er wel op te letten dat sommige
soorten groenten een natuurlijk gas af
scheiden, dat verouderingsprocessen
versnelt. Sommige groente- en fruit
soorten reageren zeer gevoelig op dit
natuurlijk gas. Daarom mogen niet alle
soorten groenten en fruit samen in één
schaal worden bewaard.
Voorbeelden van vruchten die veel
natuurlijk gas afscheiden:
appelen, abrikozen, peren, nectarines,
perziken, pruimen, avocado’s en vijgen.
-
-
-
– Harde kazen (parmezaan)
Levensmiddelen juist bewaren
Bewaar de levensmiddelen enkel in de
verpakking of goed afgedekt. Zo vermijdt u dat de levensmiddelen vreemde
geuren opnemen, gaan uitdrogen en
eventuele bacteriën overdragen. Bij
een correcte instelling van de tempera
tuur en een aangepaste hygiëne wordt
de vermenigvuldiging van bacteriën zo
als salmonella vertraagd.
Voorbeelden van fruit en groenten
die zeer gevoelig reageren op het natuurlijk gas van andere soorten fruit
en groenten:
U kunt de legplaten verplaatsen over
eenkomstig de hoogte van de te koelen
levensmiddelen.
Trek de legplaat naar voor en zwenk
^
ze omlaag om ze uit te nemen.
Plaats de legplaat met de achterrand
^
omhoog op de gewenste plaats.
De achterrand moet omhoog staan,
anders kunnen de levensmiddelen
tegen de achterwand komen en be
vriezen.
-
-
Gesplitste legplaat
(naar gelang van het model)
Om hoge stukken te kunnen plaatsen,
is een gesplitste legplaat voorzien.
Afhankelijk van het model kunt u
– de voorste helft van de legplaat on-
der de achterste helft schuiven of
– de voorste helft uitnemen en in de
rail eronder naar achter schuiven.
Legplaten/flessenrekken
verplaatsen
Schuif de legplaten / flessenrekken
^
omhoog en neem ze langs voor uit.
Plaats de legplaten / flessenrekken
^
op een willekeurige plaats in het toe
stel. Let erop dat ze juist en stevig op
de verhogingen zitten.
-
Daardoor kunt u op de onderste
legplaat hoog materiaal plaatsen.
16
Invriezen en bewaren (toestellen met vriesvak)
Het vriesvak gebruiken
Gebruik het vriesvak om
diepgevroren voedsel te bewaren,
–
ijsblokjes en consumptie-ijs te ma
–
ken,
kleine hoeveelheden levensmiddelen
–
in te vriezen.
-
Diepgevroren voedsel bewaren
Als u diepgevroren voedsel wenst te
bewaren, controleert u tijdens de aan
koop in de winkel
– de verpakking op beschadiging,
– de houdbaarheidsdatum en
– de koelruimtetemperatuur van de
winkeldiepvries. Als de
koelruimtetemperatuur warmer is dan
-18 °C, wordt de houdbaarheid van
het diepgevroren voedsel korter.
^ Koop diepgevroren voedsel pas op
het einde van het winkelen, en trans
porteer het in krantenpapier of in een
koelzak.
^
Plaats het diepgevroren voedsel on
middellijk in het vriesvak.
Gedeeltelijk of volledig ontdooid
voedsel niet opnieuw invriezen. Pas
nadat u de levensmiddelen heeft
verwerkt (koken of braden), kunt u
ze opnieuw invriezen.
-
-
Zelf levensmiddelen invriezen
Gebruik om in te vriezen enkel verse le
vensmiddelen die in perfecte staat
verkeren!
Hou hiermee rekening voor het
invriezen
Volgende levensmiddelen zijn ge
–
schikt om in te vriezen:
vers vlees, gevogelte, wild, vis,
groenten, kruiden, onbewerkt fruit,
zuivelproducten, bakkerijproducten,
voedselresten, eigeel, eiwit en talrijke
kant-en-klaar gerechten.
– Volgende zaken zijn niet geschikt
om in te vriezen:
wijndruiven, bladsalade, radijsjes,
ramenas, zure room, mayonaise, volledige eieren in de schaal, uien, volledige onbewerkte appelen en peren.
– Om de kleur, de smaak, het aroma
-
en de vitamine C te behouden, moeten groenten en fruit voor het invrie
zen worden geblancheerd. Doe de
groenten in porties gedurende2-3
minuten in kokend water. Daarna de
groenten uitnemen en snel in koud
water afkoelen. De groeten laten uit
druppen.
–
Mager vlees is beter geschikt om in
te vriezen dan vet vlees en kan veel
langer worden bewaard.
–
Plaats telkens een folie uit kunststof
tussen koteletten, steaks, schnitzels
enz. Zo vermijdt u dat ze tot één blok
samen vriezen.
-
-
-
-
17
Invriezen en bewaren (toestellen met vriesvak)
Noteer de inhoud en de invriesdatum
-
-
-
-
-
^
op de verpakking.
Plaatsen
Plaats de levensmiddelen naast el
^
kaar op de bodem van het vriesvak,
zodat ze zo snel mogelijk tot in de
-
kern worden ingevroren.
Leg de pakken droog in het toestel
^
om te vermijden dat ze aan elkaar of
aan het toestel vastvriezen.
Onbewerkte levensmiddelen en ge
–
blancheerde groenten voor het in
vriezen niet kruiden en zouten, scho
tels slechts lichtjes kruiden en
zouten. Sommige kruiden verande
ren hun smaakintensiteit tijdens het
invriezen.
Warme schotels of dranken eerst bui
–
ten het toestel laten afkoelen, om te
voorkomen dat reeds bevroren le
vensmiddelen gedeeltelijk ontdooien
en dat het stroomverbruik stijgt.
-
Verpakken
^ Vries per portie in.
Geschikte verpakking
- Kunststoffolie
- Buisfolie uit polyethyleen
- Aluminiumfolie
- Diepvriesdozen
Ongeschikte verpakking
- Pakpapier
- Perkamentpapier
- Cellofaan
- Vuilniszakjes
- Gebruikte winkelzakjes
^
Druk de lucht goed uit de verpak
king.
^
Sluit de verpakking dicht af met
- elastiekjes
- kunststofclips
- touw of
- koudebestendige kleefband.
In te vriezen levensmiddelen mogen
niet in aanraking komen met reeds
ingevroren levensmiddelen, zodat
deze niet ontdooien.
^ U kunt binnen 24 uur tot 2 kg verse
levensmiddelen invriezen. Als u de
maximale hoeveelheid in het toestel
plaatst, draait u de temperatuurregelaar enkele uren voordien naar een
hoge instelling.
Ingevroren voedsel ontdooien
Ingevroren voedsel kunt u op verschil
lende manieren ontdooien
–
-
in de microgolfoven,
–
in de gewone oven met de werkwijze
"hete lucht" of "ontdooien",
–
bij kamertemperatuur,
–
in de koelkast,
–
in de stoomoven.
-
Zakjes en buisfolie uit polyethyleen
kunt u met een folielasapparaat
dichtlassen.
18
Platte stukken vlees en vis kunnen
ontdooid in een hete pan worden ge
legd.
-
Invriezen en bewaren (toestellen met vriesvak)
Fruit kan bij kamertemperatuur in de
verpakking of in een afgedekte schotel
worden ontdooid.
Groenten kunnen algemeen in bevro
ren toestand in het kokende water wor
den gedaan of in heet vet worden ge
stoofd. De bereidingstijd is iets korter
dan bij verse groenten.
Gedeeltelijk of volledig ontdooid
voedsel niet opnieuw invriezen. Pas
nadat u de levensmiddelen heeft
verwerkt (koken of braden), kunt u
ze opnieuw invriezen.
-
-
Ijsblokjes bereiden
(naar gelang van het model)
Vul de ijsblokjesschaal voor drie
vierden met water en plaats ze op de
bodem van het vriesvak.
Gebruik een stomp voorwerp, bijv. een
lepelsteel, om een vastgevroren ijsblokjesschaal los te maken.
Dranken snel koelen
Als u flessen drank in het vriesvak
plaatst om ze snel te koelen, dient u de
flessen uiterlijk na 1 uur weer uit het
vriesvak te nemen, anders zullen de
flessen ontploffen!
De ijsblokjes komen gemakkelijk los uit
de schaal als u ze kort onder stromend
water houdt.
19
Ontdooien
Koelzone
De koelzone ontdooit automatisch.
Terwijl de compressor draait, kunnen er
rijp en waterpareltjes worden gevormd
op de achterzijde van de koelzone. Die
hoeft u niet te verwijderen omdat ze au
tomatisch verdampen door de warmte
van de compressor.
Het dooiwater loopt via een gootje en
een afvoerbuis naar een
verdampsysteem aan de achterzijde
van het toestel.
Zorg ervoor dat het dooiwater altijd
ongehinderd kan weglopen. Hou
met het oog daarop het gootje en de
afvoeropening schoon.
Vriesvak
(volgens het model)
Het vriesvak kan niet automatisch ont
dooien.
Door de normale werking worden er na
verloop van tijd rijp en ijs op het
koeloppervlak gevormd. Daardoor ver
mindert de koudeafgifte en stijgt het
stroomverbruik.
Schraap de rijp- of ijslagen niet weg
omdat het koeloppervlak anders be
schadigd kan worden.
Het toestel functioneert dan niet
meer.
Ontdooi het vriesvak geregeld, maar uiterlijk als er zich een ijslaag van ca. 0,5
cm dik heeft gevormd. Doe dat bij voorkeur als het toestel weinig of geen bevroren goederen bevat.
Voor het ontdooien
-
-
-
20
^
Neem de levensmiddelen uit het
vriesvak en wikkel ze in verschillende
lagen krantenpapier of in een deken.
^
Bewaar de ingevroren levensmid
delen op een koele plaats tot het
vriesvak weer gebruiksklaar is.
-
Ontdooien
Het ontdooien zelf
Ontdooien moet snel gebeuren. Hoe
langer u de ingevroren levensmid
delen bij kamertemperatuur be
waart, des te korter wordt de houd
baarheid van de ingevroren levens
middelen.
Schakel het toestel uit en trek de
^
stekker uit het stopcontact.
Laat de deur van het vriesvak open.
^
Zuig het dooiwater op met een
^
spons.
U kunt het ontdooien versnellen door
op een onderlegger een pot met heet
(niet kokend) water in het vriesvak te
plaatsen. In dat geval laat u de deur
tijdens het ontdooien gesloten, zodat
de warmte niet kan ontsnappen.
Plaats nooit elektrische verwarmingstoestellen of kaarsen in het
toestel om het te ontdooien. De
kunststof zou beschadigd raken.
-
-
Na het ontdooien
Reinig het toestel en droog het.
^
Er mag geen reinigingswater in de af
voeropening voor het dooiwater lo
-
-
pen.
Sluit het toestel weer aan en schakel
^
het in.
Leg de ingevroren levensmiddelen
^
weer in het vriesvak.
-
-
Gebruik geen ontdooisprays of pro
ducten om ijs te verwijderen. Die
kunnen immers explosieve gassen
vormen, oplos- of drijfmiddelen be
vatten, of de gezondheid schaden.
-
-
21
Reinigen
Gebruik nooit zand-, schuurmiddel-,
soda-, of zuurhoudende reinigings
middelen of chemische oplosmid
delen.
Ook ongeschikt zijn zogenaamde
schuurmiddelen die "vrij zijn van
schuurmiddelen", want die veroorza
ken matte vlekken.
Zorg ervoor dat er geen water in de
temperatuurregelaar, de verlichting
of de ventilatieroosters terechtkomt.
Er mag geen reinigingswater door
de afvoeropening voor het dooiwater
lopen.
Gebruik geen stoomreiniger. Stoom
kan terechtkomen op onderdelen
van het toestel die onder spanning
staan en zo kortsluiting veroorzaken.
Het typeplaatje in het toestel mag
niet worden verwijderd. De informatie op dit plaatje is belangrijk in ge
val van storing.
Vóór het reinigen
^
Schakel het toestel uit door de tem
peratuurregelaar naar "0" te draaien,
en trek de stekker uit het stopcontact
of draai de zekering uit.
Neem alle onderdelen die kunnen
^
worden uitgenomen uit het toestel om
-
-
het gemakkelijker te kunnen reinigen.
De buitenwanden, de
binnenruimte en het
toebehoren
Reinig de koelzone minstens één
^
keer per maand en het vriesvak na
elke ontdooiing.
Was alle onderdelen met de hand af.
^
Reinig het gootje en de afvoerope
^
ning voor het dooiwater regelmatig
met een staafje of iets dergelijks, zodat het dooiwater altijd ongehinderd
kan weglopen.
^ Veeg de buitenwanden, de binnen-
ruimte en het toebehoren na de reiniging af met schoon water en wrijf alles droog met een doek. Laat de
deuren van het toestel korte tijd
openstaan.
-
Luchttoevoer- en
-
afvoeropeningen
^
Reinig alle luchttoevoer- en -afvoer
-
openingen regelmatig met een
penseel of stofzuiger. Wanneer er
zich stof ophoopt, neemt het energie
verbruik toe.
-
-
^
Haal de gekoelde waren uit het toe
stel en bewaar ze op een koele
plaats.
^
Laat het vriesvak (indien aanwezig)
ontdooien.
22
-
Reinigen
Achterzijde - metalen rooster
Minstens één keer per jaar moet het
stof van het metalen rooster aan de
achterzijde van het toestel (warmtewis
selaar) worden verwijderd. Wanneer er
zich stof ophoopt, neemt het energie
verbruik toe.
Let er bij het reinigen van het metalen
^
rooster op dat u geen kabels of an
dere componenten aftrekt, knikt of
beschadigt.
-
-
Deurdichting
Behandel de deurdichting niet met
olie of vet. Anders wordt ze na verloop van tijd poreus.
Reinig de deurdichting regelmatig uitsluitend met schoon water en droog ze
daarna grondig met een doek.
Na het reinigen
Plaats alle onderdelen in het toestel.
^
Sluit het toestel weer aan en schakel
^
het in met de temperatuurregelaar.
Plaats de levensmiddelen in het toe
^
stel en sluit de toesteldeur.
-
23
Wat gedaan als...?
Herstellingen aan elektrische toe
stellen mag u enkel en alleen door
een erkend vakman laten uitvoeren.
Door ondeskundige reparaties kun
nen er niet te onderschatten risico’s
ontstaan voor de gebruiker.
Volgende storingen kunt u echter zelf
verhelpen:
Wat gedaan als...
. . . het toestel niet koelt?
^ Ga na of de temperatuurregelaar op
een andere instelling dan "0" staat.
^ Ga na of de stekker van het toestel
goed in het stopcontact zit.
-
-
...deinschakelfrequentie en
inschakelduur van de compressor
toenemen?
Ga na of de ventilatieopening onder
^
aan in de kastsokkel of de luchttoe
voeropening bovenaan het toestel
niet afgedekt zijn of onder het stof zit
ten.
De toesteldeur en de deur van het
^
vriesvak werden vaker geopend of er
werden grote hoeveelheden verse le
vensmiddelen ingevroren.
Ga na of de toesteldeur goed sluit.
^
^ Ga na of er zich een dikke rijplaag in
het vriesvak heeft gevormd. Als dit
het geval is, dient u het vriesvak te
ontdooien.
-
-
-
-
^ Ga na of de zekering van de huisin-
stallatie niet uitgeschakeld is. Als dit
het geval is, verwittigt u de klantendienst.
...detemperatuur in de koelzone te
koud is?
^
Zet de temperatuurregelaar op een
kleinere stand.
^
Ga na of de deur van het vriesvak
correct gesloten is.
^
Werd een grote hoeveelheid levens
middelen in één keer ingevroren?
Omdat de compressor daardoor zeer
lang werkt, daalt de temperatuur in
de koelzone automatisch. Daarom
mag u nooit meer dan 2 kg levens
middelen tegelijk invriezen.
24
-
. . . het ingevroren voedsel ontdooit
omdat het te warm is in het vriesvak?
^ Ligt de kamertemperatuur lager dan
de kamertemperatuur waarvoor uw
toestel ontworpen is?
Verhoog de kamertemperatuur.
De compressor schakelt minder vaak in
als de kamertemperatuur te laag ligt.
Daardoor kan het te warm worden in
het vriesvak.
-
^
Bij toestellen met winterschakeling
schakelt u de winterschakeling in
(zie "Winterschakeling").
...delevensmiddelen vastgevroren
zijn?
Maak de levensmiddelen los met een
stomp voorwerp, bijv. een lepelsteel.
Wat gedaan als...?
. . . het vriesvak een dikke ijslaag ver
toont?
Ga na of de deur van het vriesvak
^
goed sluit.
Ontdooi het vriesvak en maak het
^
schoon.
Een dikke ijslaag vermindert het koel
vermogen, waardoor het stroomver
bruik stijgt.
...debinnenverlichting in de koelzo
ne niet meer werkt?
Zit de lichtcontactschakelaar vastge
^
klemd?
Als dit niet het geval is, is de gloeilamp
defect:
^ Trek de stekker uit of schakel de
zekering van de huisinstallatie uit.
-
-
...debodem van de koelzone nat
is?
Het afvoergat voor het dauwwater zit
verstopt.
Reinig de dauwwatergoot en het
^
dauwwaterafvoergat.
Als u de storing niet kunt verhelpen
aan de hand van deze gegevens,
dient u een beroep te doen op de
-
klantendienst.
Open de deuren niet zolang de sto
ring niet verholpen is, om het koude-
verlies zo beperkt mogelijk te houden.
-
^
Neem de lampafdekking vast en trek
ze naar achteren weg.
^
Draai de gloeilamp uit en vervang ze
door een nieuwe gloeilamp.
Aansluitgegevens van de gloeilamp:
220 - 240 V, max. 15 W, fitting E 14
^
Draai de nieuwe gloeilamp in en zet
de afdekking weer vast.
25
Waar bepaalde geluiden vandaan komen
Heel normale geluidenWaar komen ze vandaan?
Brrrrr...Gebrom komt van de motor (compressor). Dat kan even wat har
der worden terwijl de motor ingeschakeld wordt.
Blubb, blubb....Geborrel, geklots of gezoem komt van het koelmiddel dat door
de buisjes vloeit.
Klik....U hoort een klik telkens als de thermostaat de motor in- of uit
schakelt.
Sssrrrrr....Bij toestellen met verschillende zones of bij No-Frostmodellen
kan u een zacht geruis horen van de luchtstroming in de binnen
ruimte van het toestel.
Bedenk echter dat motor- en stromingsgeluiden in de koelingskringloop niet te
vermijden zijn!
-
-
-
Geluid waaraan u vlot kan
verhelpen
Geklepper, gerammel, gerinkelHet toestel staat niet waterpas: Stel het toestel waterpas.
Waar komt het vandaan en wat kan u ertegen
doen?
Schroef de voetjes in of uit het toestel of leg iets onder het toestel.
Het toestel raakt andere toestellen of meubels aan: Schuif het
toestel van de meubels of andere toestellen weg.
Laden, korven of legplaten trillen of knellen: Controleer de uit
neembare onderdelen en zet ze eventueel opnieuw op hun
plaats.
Flessen of recipiënten raken elkaar: Schuif de flessen of reci
piënten wat uit elkaar.
De snoerhouder hangt nog tegen de achterzijde van het toe
stel: Neem de snoerhouder weg.
-
-
-
26
Neem in geval van storingen die u zelf
niet kan verhelpen, contact op met
uw Miele-handelaar
^
of
de Technische Dienst van Miele.
^
Het adres en de telefoonnummers van
onze Technische Dienst vindt u op de
rugzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Wanneer u daar een beroep op doet,
geef dan a.u.b. altijd het type- en het
machinenummer van uw toestel op.
Deze gegevens vindt u op het type
plaatje binnen in het toestel.
-
Technische dienst
27
Elektrische aansluiting
Dit toestel wordt aansluitklaar geleverd,
is dus voorzien van snoer en stekker.
Het apparaat is geschikt om te worden
aangesloten op eenfasige stroom
220 - 240 V, 50 Hz. Dit toestel mag en
kel op een degelijk geaard stopcontact
worden aangesloten.
Om de veiligheid te verhogen, verdient
het aanbeveling een verliesstroomscha
kelaar met een uitschakelstroom van
30 mA voor het toestel te schakelen.
U dient smeltveiligheden van 10 A te
voorzien.
Plaats het stopcontact naast of vlakbij
het toestel. Dat dient vlot toegankelijk te
zijn.
Gebruik geen verlengsnoeren om het
toestel op het stroomnet aan te sluiten.
Die waarborgen niet de nodige veiligheid. Er is risico van oververhitting.
-
-
Dient het aansluitsnoer te worden vervangen, dan mag dat enkel worden uitgevoerd door een erkend elektricien.
28
Plaats geen warmteproducerende
toestellen, zoals een broodrooster of
microgolfoven, op het toestel. Hier
-
door stijgt het energieverbruik!
Opstelinstructies
Een lage kamertemperatuur heeft tot
gevolg dat de compressor gedurende
lange tijd niet werkt. Dit kan tot hogere
temperaturen in het toestel leiden.
Luchttoevoer en -afvoer
Als het toestel naast een ander
koel-/vriestoestel moet worden op
gesteld, moet een afstand van min
-
stens 2 cm worden aangehouden,
anders kan er condens optreden.
Gevaar voor beschadiging!
Opstelplaats
Kies geen plaats direct naast een fornuis, een verwarming of in de omgeving van een venster met directe inval
van zonnestralen. Hoe hoger de omgevingstemperatuur, hoe te langer de
compressor moet werken, waardoor er
meer stroom wordt verbruikt.
Een droge, ventileerbare ruimte is geschikt.
Klimaatklasse
Het toestel is voorzien voor een be
paalde klimaatklasse (kamertempera
tuurbereik), waarvan de grenswaarden
moeten worden nageleefd. De klimaat
klasse is vermeld op het typeplaatje
aan de binnenzijde van het toestel.
-
-
De lucht aan de achterwand van het
toestel wordt opgewarmd. De ven
tilatieroosters mogen daarom niet wor
den afgedekt, zodat een goede lucht
toevoer en -afvoer verzekerd is.
Bovendien moet het stof regelmatig van
de ventilatieroosters worden verwijderd.
Toestel opstellen
^ Verwijder eerst de kabelhouder aan
de achterzijde van het toestel.
^ Ga na of alle onderdelen aan de ach-
terwand van het toestel vrij zijn. Buig
eventueel vastzittende onderdelen
voorzichtig weg.
^ Schuif het toestel voorzichtig op de
daartoe voorziene plaats.
Toestel nivelleren
-
-
-
-
KlimaatklasseKamertemperatuur
SN
N
ST
T
+10 °C bis +32 °C
+16 °C bis +32 °C
+18 °C bis +38 °C
+18 °C bis +43 °C
^
Nivelleer het toestel met de twee
voorste schroefvoetjes stevig en wa
terpas.
-
29
Deurscharnier verplaatsen
Het toestel wordt geleverd met het
scharnier aan de rechterzijde. Als het
scharnier links moet staan, moet het
deurscharnier worden verplaatst.
Toesteldeur
Leg het toestel voorzichtig op de rug
^
zijde.
-
^ Til de toesteldeur op (b) en plaats
de schroef op de tegenoverliggende
zijde (c).
^ Draai de schroef a uit het deurlager
aan de onderzijde van het toestel uit.
30
^
Schuif de toesteldeur ietwat naar on
deren (d).
^
Draai de bovenste lagertap uit en
schroef die vast op de tegenoverlig
gende zijde (e).
^
Plaats de toesteldeur nu op de
verplaatste lagertap.
-
-
^ Trek het deurlager uit de toesteldeur
en plaats het op de tegenoverliggende zijde (f).
^ Zorg ervoor dat het deurlager aan de
onderzijde van het toestel in de houder zit (g) en schroef het vast (h).
Deurscharnier verplaatsen
Trek de bovenste lagertap d,deon
^
derste lagerbout e en het deurlager
f uit de deur van het vriesvak.
Plaats alles op de tegenoverliggende
^
zijde. Ga hierbij in omgekeerde volg
orde te werk.
-
-
Deur van het vriesvak
(afhankelijk van het model)
^
Schroef de sluithaak a en het onder
ste deurlager b af, en zwenk de
deur van het vriesvak uit het onderste
lager c.
^
"Boor" het schroefgat "voor" op mar
kering "A" met behulp van de schroef
van het onderste deurlager.
^
Schroef de sluithaak op de andere
zijde vast.
^ Draai de deur van het vriesvak om en
plaats ze met het lagertap in het toestel g.
^
Schroef het deurlager vast h.
^
Maak het gat dicht met de meegele
verde stop i.
-
-
-
31
Deurscharnier verplaatsen
Deurgreep verplaatsen
Maak de afdekkappen a en b aan
^
de deurzijden los.
Plaats een geschikt voorwerp (bij
^
voorkeur uit hout of kunststof) in een
van de inkepingen c in de middelste
afdekplaat d en neem de afdekplaat
voorzichtig af.
Let erop dat u niet met het voorwerp
wegglijdt en het toesteloppervlak
beschadigt.
Plaats de greep op de tegenoverlig
^
gende zijde en schroef hem eerst zij
delings en dan in het midden vast h.
Steek de schroeven op de tegen
^
overliggende zijde i in.
Plaats de afdekkappen a en b aan
^
de deurzijden.
^ Zet de middelste afdekplaat d weer
vast.
-
-
-
^
Draai de schroeven e aan de
greepzijde en in het midden los en
neem de greep f af.
^
Draai de schroeven g aan de tegen
overliggende zijde los.
323334
-
35
Wijzigingen voorbehouden / 4907
K 1121 S, K 1221 S
M.-Nr. 07 244 950 / 00
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.