Sony HT-NT3 Users guide [it, nl]

Sound Bar
Istruzioni per l’uso IT
Instrukcja obsługi PL
HT-NT3
WAARSCHUWING
Plaats het apparaat niet in een gesloten ruimte, zoals een boekenkast of inbouwkast. Dek de ventilatieopening van het apparaat niet af met bijvoorbeeld kranten, tafelkleden en gordijnen enz. Zo kunt u het risico op brand verkleinen. Stel het apparaat niet bloot aan open vuur (bijvoorbeeld brandende kaarsen). Stel het apparaat niet bloot aan waterdruppels of spatten en plaats geen met vloeistof gevulde voorwerpen, zoals een vaas, op dit apparaat. Zo kunt u het risico op brand of elektrische schokken verkleinen. Stel de batterijen of apparatuur met geïnstalleerde batterijen niet bloot aan extreem hoge temperaturen, zoals zonlicht en vuur. Om lichamelijk letsel te voorkomen moet dit apparaat overeenkomstig de installatievoorschriften veilig op de behuizing worden geplaatst of correct aan de vloer of muur worden bevestigd. Alleen voor gebruik binnenshuis.
Stroombronnen
Het apparaat blijft onder spanning
staan zolang de stekker in het stopcontact zit, zelfs als het apparaat zelf is uitgeschakeld.
Aangezien de stekker wordt gebruikt
om het apparaat los te koppelen van de netvoeding, moet u het apparaat aansluiten op een gemakkelijk toegankelijk stopcontact. Als er een probleem optreedt met het apparaat, moet u de stekker van het apparaat onmiddellijk uit het stopcontact halen.
Aanbevolen kabels
Goed afgeschermde en geaarde kabels en aansluitingen moeten gebruikt worden voor de aansluiting op thuiscomputers en/of randapparatuur.
Voor klanten in Europa
Verwijdering van oude batterijen, elektrische en elektronische apparaten (van toepassing in de Europese Unie en andere Europese landen met afzonderlijke inzamelingssystemen)
Dit symbool op het product, de batterij of op de verpakking wijst erop dat het product en de batterij, niet als huishoudelijk afval behandeld mag worden. Op sommige batterijen kan dit symbool gebruikt worden in combinatie met een chemisch symbool. Het chemisch symbool voor kwik (Hg) of lood (Pb) wordt toegevoegd wanneer de batterij meer dan 0,0005 % kwik of 0,004 % lood bevat. Door deze producten en batterijen op juiste wijze af te voeren, vermijdt u mogelijke negatieve gevolgen voor mens en milieu die zouden kunnen veroorzaakt worden in geval van verkeerde afvalbehandeling. Het recycleren van materialen draagt bij tot het behoud van natuurlijke bronnen. In het geval dat de producten om redenen van veiligheid, prestaties dan wel in verband met data-integriteit een permanente verbinding met een ingebouwde batterij vereisen, mag deze batterij enkel door gekwalificeerd servicepersoneel vervangen worden. Om ervoor te zorgen dat de batterij, het elektrisch en het elektronische apparaat op een juiste wijze zal worden behandeld, dienen deze producten aan het eind van zijn levenscyclus overhandigd te worden aan het desbetreffende inzamelingspunt voor de recyclage van elektrisch en elektronisch materiaal.
NL
2
Voor alle andere batterijen verwijzen we u naar het hoofdstuk over hoe de batterij veilig uit het product te verwijderen. Overhandig de batterij aan het desbetreffende inzamelingspunt voor de recyclage van batterijen. Voor meer details in verband met het recycleren van dit product of batterij, kan u contact opnemen met de gemeentelijke instanties, de organisatie belast met de verwijdering van huishoudelijk afval of de winkel waar u het product of batterij hebt gekocht.
Kennisgeving voor klanten: de volgende informatie geldt alleen voor apparatuur die wordt verkocht in landen waar EU-richtlijnen van toepassing zijn.
Dit product werd geproduceerd door of in opdracht van Sony Corporation, 1-7-1 Konan Minato-ku Tokyo, 108-0075 Japan. Vragen met betrekking tot product conformiteit gebaseerd op EU­wetgeving kunnen worden gericht aan de gemachtigde vertegenwoordiger, Sony Belgium, bijkantoor van Sony Europe Limited, Da Vincilaan 7-D1, 1935 Zaventem, België. Voor service- of garantiezaken verwijzen wij u door naar de adressen in de afzonderlijke service of garantie documenten.
Sony Corp. verklaart hierbij dat deze apparatuur in overeenstemming is met de essentiële vereisten en andere relevante bepalingen van Richtlijn 1999/5/EC. Ga voor meer informatie naar de volgende website: http://www.compliance.sony.de/
Dit product is bedoeld voor gebruik in de volgende landen. AT, BE, BG, HR, CY, CZ, DK, EE, FI, FR, DE, GR, HU, IS, IE, IT, LV, LI, LT, LU, MT, NL, NO, PL, PT, RO, SK, SI, ES, SE, CH, GB, AL, BA, MK, MD, RS, ME, Kosovo
5,15 GHz – 5,35 GHz band is beperkt tot alleen handelingen binnenshuis.
Deze Sound Bar is bedoeld voor het afspelen van beeld of geluid van aangesloten apparaten, het streamen van muziek van een NFC-compatibele smartphone of een BLUETOOTH­apparaat. Dit systeem ondersteunt ook netwerkstreaming en schermreproductie.
Dit apparaat is getest en voldoet in combinatie met een aansluitkabel korter dan 3 meter aan de voorschriften die gesteld zijn in de EMC-richtlijn.
Auteursrechten en handelsmerken
Dit systeem is uitgerust met Dolby*
Digital en DTS** Digital Surround System. * Geproduceerd onder licentie van
Dolby Laboratories. Dolby en het dubbele-D-symbool zijn handelsmerken van Dolby Laboratories.
** Voor DTS-patenten, zie
http://patents.dts.com. Geproduceerd onder licentie van DTS Licensing Limited. DTS, DTS-HD, het symbool en DTS en het symbool tezamen zijn geregistreerde handelsmerken van DTS, Inc. © DTS, Inc. Alle rechten voorbehouden.
Dit systeem is uitgerust met High-
Definition Multimedia Interface (HDMI™)-technologie. De termen HDMI en HDMI High­Definition Multimedia Interface, en het HDMI-logo zijn handelsmerken of geregistreerde handelsmerken van HDMI Licensing LLC in de VS en andere landen.
"BRAVIA" is een handelsmerk van Sony
Corporation.
"PlayStation" is een geregistreerd
handelsmerk van Sony Computer Entertainment Inc.
NL
3
Wi-Fi®, Wi-Fi Protected Access®, Wi-Fi
Alliance® en Wi-Fi CERTIFIED Miracast® zijn geregistreerde handelsmerken van Wi-Fi Alliance®.
Wi-Fi CERTIFIED™, WPA™, WPA2™,
Wi-Fi Protected Setup™ en Miracast™ zijn handelsmerken van Wi-Fi Alliance®.
De N Mark is een handelsmerk of
geregistreerd handelsmerk van NFC Forum, Inc. in de VS en in andere landen.
Android™ is een handelsmerk van
Google Inc.
Google Play™ is een handelsmerk van
Google Inc.
Google Cast™ is een handelsmerk van
Google Inc.
"Xperia" is een handelsmerk van Sony
Mobile Communications AB.
Het merk en logo BLUETOOTH® zijn
geregistreerde handelsmerken van Bluetooth SIG, Inc. en het gebruik van dergelijke merken door Sony Corporation is onder licentie. Andere handelsmerken en handelsnamen zijn van de respectievelijke eigenaren.
LDAC™ en het LDAC-logo zijn
handelsmerken van Sony Corporation.
"DSEE HX" is een handelsmerk van
Sony Corporation.
MPEG Layer-3
audiocoderingstechnologie en patenten gelicenseerd door Fraunhofer IIS en Thomson.
Windows Media is een geregistreerd
handelsmerk of handelsmerk van Microsoft Corporation in de VS en/of andere landen. Dit product is beschermd door bepaalde intellectuele eigendomsrechten van de Microsoft Corporation. Gebruik of distributie van een dergelijke technologie buiten dit product om is verboden zonder een licentie van Microsoft of een geautoriseerde vertegenwoordiger van Microsoft.
Opera® Devices SDK van Opera
Software ASA. Copyright 1995-2013 Opera Software ASA. Alle rechten voorbehouden.
"ClearAudio+" is een handelsmerk van
Sony Corporation.
"x.v.Colour" en "x.v.Colour"-logo zijn
handelsmerken van Sony Corporation.
Apple, het Apple-logo, iPhone, iPod,
iPod touch en Retina zijn gedeponeerde handelsmerken van Apple Inc. in de V.S. en andere landen. App Store is een servicemerk van Apple Inc.
De aanduidingen "Made for iPod" en "Made for iPhone" betekenen dat een elektronisch accessoire specifiek ontworpen is voor aansluiting op een iPod of iPhone en volgens de certificering van de ontwikkelaar voldoet aan de prestatienormen van Apple. Apple is niet verantwoordelijk voor het functioneren van dit apparaat of de naleving van veiligheidsnormen en wettelijke voorschriften. Houd er rekening mee dat het gebruik van dit accessoire met een iPod of iPhone invloed kan hebben op draadloze prestaties.
NL
4
Compatibel iPod/iPhone­modellen
De compatibele modellen van iPod/ iPhone zijn als volgt. Update uw iPod/ iPhone met de nieuwste software, voordat u de iPod/iPhone met het systeem gebruikt. BLUETOOTH-technologie werkt met: iPhone
iPhone 6 Plus/iPhone 6/iPhone 5s/ iPhone 5c/iPhone 5/iPhone 4s/ iPhone 4/iPhone 3GS
iPod touch
iPod touch (5e generatie)/iPod touch (4e generatie)
Alle andere handelsmerken zijn
handelsmerken van de respectievelijke eigenaren.
Andere systeem- en productnamen
zijn algemene handelsmerken of geregistreerde handelsmerken van de fabrikanten. ™ en merken zijn niet in dit document opgenomen.
Opmerking over GNU GPL/LGPL toegepaste software en andere Open Source-software
Dit product bevat software die onder de GNU General Public License ("GPL") of GNU Lesser General Public License ("LGPL") valt. Daardoor krijgen de klanten het recht de broncode van de genoemde software overeenkomstig de voorwaarden van de GPL of de LGPL te verwerven, aan te passen en te distribueren.
Voor details over de GPL, LGPL en andere softwarelicenties raadpleeg: [Informatie over softwarelicentie] in [Systeeminstellingen] van het [Instellen]-menu op het product.
De broncode voor de software die in dit product is gebruikt, valt onder de GPL en LGPL en is verkrijgbaar op het web. Ga naar de volgende link om te downloaden: URL: http://oss.sony.net/Products/Linux
Houd er rekening mee dat Sony niet kan antwoorden of reageren op eventuele vragen over de content van deze broncode.
Over deze gebruiksaanwijzing
De aanwijzingen in de
gebruiksaanwijzing beschrijven de bedieningsknoppen op de afstandsbediening. U kunt ook de bedieningsknoppen op de Bar Speaker gebruiken, met dezelfde of soortgelijke namen als die op de afstandsbediening.
Sommige afbeeldingen worden
aangeduid als conceptuele tekeningen en kunnen afwijken van de actuele producten.
De items die op het televisiescherm
worden weergegeven, kunnen afhankelijk van het gebied variëren.
De standaardinstelling is onderstreept.De tekst tussen de haakjes ([--])
verschijnt op het televisiescherm en de tekst tussen de aanhalingstekens ("--") verschijnt op het voorpaneeldisplay.
NL
5
Inhoudsopgave
Aansluiting Beknopte gids (afzonderlijk document)
Over deze
gebruiksaanwijzing ..............5
Luisteren/Bekijken
Van het beeld en het geluid
genieten van de
aangesloten apparaten .......8
Muziek/foto's afspelen van een
USB-apparaat .......................8
Naar muziek luisteren via een
BLUETOOTH-apparaat .........9
Via de netwerkfunctie muziek/
foto's afspelen van andere
apparaten .............................9
Geluidsaanpassing
Genieten van geluidseffecten ...9 De DSEE HX-functie gebruiken
(audio-codec-bestanden weergeven met natuurlijke
geluidskwaliteit) .................10
BLUETOOTH-functie
Naar muziek luisteren via een
BLUETOOTH-apparaat ........ 11
Naar geluid luisteren door naar
een compatibele BLUETOOTH-receiver te
zenden ................................ 14
Netwerkfunctie
Verbinden met een bedraad
netwerk .............................. 16
Verbinden met een draadloos
netwerk ...............................17
Bestanden op een
thuisnetwerk afspelen ....... 18
Genieten van diverse
onlinediensten ................... 19
Schermreproductie
gebruiken ...........................20
Auteursrechtelijk beschermde 4K-content bekijken
Een 4K-televisie aansluiten ...... 21
4K-apparaten aansluiten ......... 22
Instellingen en aanpassingen
Het insteldisplay gebruiken ..... 22
Het optiemenu gebruiken ....... 31
NL
6
Overige functies
Het systeem bedienen met een
smartphone of tablet
(SongPal) .............................33
De Controle voor HDMI-functie
voor "BRAVIA" Sync
gebruiken ........................... 34
Genieten van het geluid van
een multiplex uitzending
(Dual Mono) ........................37
De toetsen op de Bar Speaker
deactiveren (kinderslot) .....37
De helderheid veranderen .......37
Energie besparen in de stand-
bymodus ............................ 38
De functie IR-repeater
inschakelen (als u de
televisie niet kunt
bedienen) .......................... 38
Overige instellingen voor het
draadloze systeem ............ 39
De hoek van de Bar Speaker
aanpassen ......................... 40
De Bar Speaker op de muur
bevestigen .......................... 41
Aanvullende informatie
Voorzorgsmaatregelen ........... 42
Problemen oplossen ............... 44
Handleiding over onderdelen
en bedieningselementen ...53 Afspeelbare type bestanden ...57 Ondersteunde
audioformaten ................... 58
Specificaties ............................. 58
BLUETOOTH-communicatie ..... 61
Index ........................................ 63
LICENTIEOVEREENKOMST
VOOR EINDGEBRUIKERS .... 65
NL
7
Luisteren/Bekijken
Van het beeld en het geluid genieten van de aangesloten apparaten
Druk op INPUT +/–.
U kunt ook op HOME en vervolgens herhaaldelijk op /// en drukken, om de gewenste ingang te selecteren.
[TV]
Apparaat (televisie, enz.) dat aangesloten is op de TV (DIGITAL IN)-aansluiting of een televisie die compatibel is met de audio­retourkanaalfunctie die aangesloten is op de HDMI OUT (ARC)-aansluiting
[HDMI1]/[HDMI2]/[HDMI3]
Apparaat dat aangesloten is op de HDMI IN 1/ 2/3-aansluiting
[Bluetooth Audio] "BT"
BLUETOOTH-apparaat dat A2DP ondersteunt
[Analog] "ANALOG"
Apparaat (digitale mediaspeler, enz.) dat aangesloten is op de ANALOG IN-aansluiting
[USB]
USB-apparaat dat aangesloten is op de
(USB)-poort
[Schermreproductie] "SCR M"
Compatibel apparaat schermreproductie (pagina 20)
[Home Network] "H.NET"
Content opgeslagen op een server (pagina 18)
[Music Services] "M.SERV"
Content van muziekdiensten aangeboden op het internet (pagina 19)
Tip
U kunt op de afstandsbediening ook op PAIRING en MIRRORING drukken om respectievelijk de ingang [Bluetooth Audio]
en [Schermreproductie] te selecteren.
Muziek/foto's afspelen van een USB-apparaat
U kunt muziek-/fotobestanden afspelen op een aangesloten USB-apparaat. Voor afspeelbare bestandstypen, zie "Afspeelbare type bestanden" (pagina 57).
1 Sluit het USB-apparaat op de
(USB)-poort aansluiten.
Raadpleeg, voor het aansluiten, de gebruiksaanwijzing van het USB­apparaat.
2 Druk op HOME.
Het homescherm verschijnt op het televisiescherm.
3 Druk op /// om [USB] te
selecteren en druk dan op .
4 Druk op / om [Muziek] of
[Foto] te selecteren en druk
dan op .
NL
8
Luisteren/Bekijken / Geluidsaanpassing
5 Druk op / om de gewenste
content te selecteren en druk dan op .
De geselecteerde content start met afspelen.
Opmerking
Verwijder tijdens het bedrijf niet het USB­apparaat. Schakel het systeem uit alvorens u het USB-apparaat verwijdert, om gegevensverlies of schade aan het USB­apparaat te voorkomen.
Naar muziek luisteren via een BLUETOOTH­apparaat
Zie "BLUETOOTH-functie" (pagina 11).
Geluidsaanpassing
Genieten van geluidseffecten
U kunt gemakkelijk genieten van vooraf geprogrammeerde geluidseffecten die op maat zijn gemaakt voor verschillende soorten geluidsbronnen. De effecten brengen stimulerende en krachtige geluiden bij uw thuis.
Opmerking
U kunt geen geluidseffecten selecteren als het systeem in de zendmodus op een BLUETOOTH-receiver is aangesloten.
Het geluidsveld selecteren
Druk, tijdens het afspelen, herhaaldelijk op SOUND FIELD.
Via de netwerkfunctie muziek/foto's afspelen van andere apparaten
Zie "Netwerkfunctie" (pagina 16).
[ClearAudio+]
U kunt genieten van het geluid met het door Sony aanbevolen geluidsveld. Het geluidsveld wordt automatisch geoptimaliseerd overeenkomstig de afgespeelde content en functie.
[Movie]
Het systeem levert hét geoptimaliseerde geluid voor het kijken naar films.
[Music]
Het systeem levert hét geoptimaliseerde geluid voor het luisteren naar muziek.
[Sports]
Dit systeem geeft het gevoel van een sportuitzending. Het commentaar is duidelijk, aanmoedigingen worden gehoord als surround sound en de geluiden zijn realistisch.
[Game Studio]
Het systeem levert hét geoptimaliseerde geluid voor het afspelen van de videospellen.
[Standard]
Het systeem levert hét geluid dat met iedere bron correspondeert.
9
NL
Tip
U kunt ook op CLEARAUDIO+ drukken om
[ClearAudio+] te selecteren.
U kunt [Sound Field] ook via het
optiemenu selecteren (pagina 31).
De nachtmodusfunctie gebruiken
Deze functie is handig als u 's nachts films gaat kijken. U bent in staat om de dialoog duidelijk te volgen, zelfs bij een laag volumeniveau.
Druk op NIGHT.
De nachtmodusfunctie is ingeschakeld. Druk hier nogmaals op om de functie te annuleren.
Tip
U kunt [Night] ook via het optiemenu selecteren (pagina 31).
De functie Heldere Stem gebruiken
Deze functie maakt dialogen helderder.
Druk herhaaldelijk op VOICE.
[Voice : 1]: Standaard[Voice : 2]: Dialoogbereik is verbeterd.[Voice : 3]: Het dialoogbereik is
verbeterd en de delen van het bereik die door ouderen moeilijk onderscheiden kunnen worden, worden versterkt.
Tip
In het optiemenu (pagina 31) kunt u in [Voice] ook [Type 1], [Type 2] of [Type 3] selecteren.
De DSEE HX-functie gebruiken (audio-codec­bestanden weergeven met natuurlijke geluidskwaliteit)
DSEE HX waardeert bestaande geluidsbronnen op tot nagenoeg top geluidskwaliteit en geeft u het gevoel werkelijk aanwezig te zijn bij de opnamestudio of het concert. Deze functie werkt alleen als [Music] als geluidsveld geselecteerd is.
1 Druk op HOME.
Het homescherm verschijnt op het televisiescherm.
2 Druk, in de rechter bovenhoek, op
om [Instellen] te selecteren en druk dan op .
3 Druk op / om [Audio-
instellingen] te selecteren en druk dan op .
4 Druk op / om [DSEE HX] te
selecteren en druk dan op .
5 Druk op / om [Aan] te
selecteren en druk dan op .
Opmerking
Alleen de herstelfunctie voor verfijnd
geluid van de DSEE HX-functie wordt toegepast op PCM-audiobronnen, zonder compressieverlies. De DSEE HX-functie werkt niet voor bestandsformaten DSD (DSDIFF, DSF). Het bestand wordt uitgebreid tot maximaal 96 kHz/24 bit of vergelijkbaar.
Deze functie werkt met 2-kanaals digitale
ingangssignalen van 44,1 kHz of 48 kHz.
Deze functie werkt niet als [Analog]-
ingang geselecteerd is.
Deze functie werkt niet als de optie
[Bluetooth-stand] is ingesteld op [Zender] (pagina 26).
10
NL
BLUETOOTH-functie
BLUETOOTH-functie
Naar muziek luisteren via een BLUETOOTH­apparaat
Dit systeem koppelen aan een BLUETOOTH-apparaat
Koppelen is een handeling waarbij BLUETOOTH-apparaten vooraf bij elkaar geregistreerd worden. Zodra een koppelingshandeling is uitgevoerd, hoeft deze niet nogmaals te worden uitgevoerd. Voordat u het apparaat met dit systeem koppelt, dient u [Bluetooth-stand] in te stellen op [Ontvanger] (pagina 26).
1 Plaats het BLUETOOTH-apparaat
binnen 1 meter van de Bar Speaker.
2 Druk op PAIRING .
Het blauwe LED-aanduiding knippert en het BLUETOOTH­koppelingsscherm wordt op het televisiescherm weergegeven.
Tip
U kunt [Bluetooth Audio] ook via het homescherm selecteren.
3 Zet het BLUETOOTH-apparaat in
de koppelingsmodus.
Voor meer informatie over het instellen van het BLUETOOTH­apparaat in de koppelingsmodus, zie de gebruiksaanwijzing die bij het apparaat is geleverd.
4 Selecteer "HT-NT3" op het display
van het apparaat.
Voer deze stap binnen 5 minuten uit, anders wordt de koppelingsmodus geannuleerd. Als de BLUETOOTH-verbinding tot stand is gekomen, wordt de naam van het apparaat op het televisiescherm weergegeven en gaat het blauwe LED-lampje branden.
Opmerking
Als een wachtwoord vereist is op het BLUETOOTH-apparaat, voer dan "0000". Het wachtwoord kan ook "Passcode", "PIN code", "PIN number" of "Password" worden genoemd.
Tip
U kunt de naam van het systeem, die op het apparaat wordt weergegeven, wijzigen met [Naam van apparaat] in [Systeeminstellingen] (pagina 29).
5 Start het afspelen op het
BLUETOOTH-apparaat.
6 Met deze toets kunt u het volume
aanpassen.
Stel eerst het volume van het BLUETOOTH-apparaat in, als het volume te laag is. Stel het volume op de Bar Speaker in.
Opmerking
U kunt maximaal 9 BLUETOOTH-apparaten koppelen. Als het 10e BLUETOOTH­apparaat wordt gekoppeld, wordt het minst recent gekoppelde apparaat vervangen door het nieuwe apparaat.
Een koppelingsprocedure annuleren
Druk op HOME of INPUT +/–.
NL
11
Op dit systeem een BLUETOOTH-apparaat aansluiten
U kunt vanaf dit systeem geen verbinding maken met het gekoppelde BLUETOOTH-apparaat. Controleer de volgende zaken voordat u muziek gaat afspelen: De BLUETOOTH-functie van het
BLUETOOTH-apparaat is ingeschakeld.
De koppeling is voltooid (pagina 11).De [Bluetooth-stand] is ingesteld op
[Ontvanger] (pagina 26).
1 Druk op PAIRING .
Opmerking
Druk op om verbinding te maken
met het meest recente BLUETOOTH-
apparaat. Ga dan verder met stap 5.
2 Druk op OPTIONS. 3 Selecteer [Apparatenlijst] en druk
dan op .
Een lijst met gekoppelde
BLUETOOTH-apparaten wordt
weergegeven.
4 Druk herhaaldelijk op / om het
gewenste apparaat te selecteren
en druk dan op .
5 Druk op  om het afspelen te
starten.
6 Met deze toets kunt u het volume
aanpassen.
Stel eerst het volume van het
BLUETOOTH-apparaat in, als het
volume te laag is. Stel het volume
op de Bar Speaker in.
Opmerking
Zodra het systeem en het BLUETOOTH-
apparaat zijn verbonden, kunt u het afspelen bedienen door op , , ,
/ en / te drukken.
U kunt verbinding met het systeem
maken via een gekoppeld BLUETOOTH­apparaat, zelfs als het systeem in de stand-bymodus staat, als u de [Bluetooth-stand-by] op [Aan] (pagina 26) instelt.
Het afspelen van audio op dit systeem
kan vertraagd zijn t.o.v. het BLUETOOTH­apparaat, door de karakteristieken van de draadloze BLUETOOTH-technologie.
Tip
U kunt de codec AAC of LDAC van het BLUETOOTH-apparaat in- of uitschakelen (pagina 26).
Verbinding met het BLUETOOTH­apparaat verbreken
Voer alle volgende handelingen uit.
Druk nogmaals op PAIRING .Schakel de BLUETOOTH-functie op het
BLUETOOTH-apparaat uit.
Druk, als het afspeelscherm wordt
weergegeven, op OPTIONS en selecteer [Loskoppelen].
Schakel het systeem of het
BLUETOOTH-apparaat uit.
Een gekoppeld BLUETOOTH­apparaat uit de apparatenlijst verwijderen
1 Volg de bovenste stappen 1 t/m 3. 2 Druk herhaaldelijk op / om het
apparaat te selecteren en druk dan op OPTIONS.
3 Druk herhaaldelijk op / om
[Verwijderen] te selecteren en druk dan op .
4 Druk herhaaldelijk op / om [OK] te
selecteren en druk dan op .
12
NL
BLUETOOTH-functie
Een extern apparaat verbinden met de one­touch-luisterfunctie (NFC)
NFC (Near Field Communication) is een technologie die draadloze communicatie in een klein bereik mogelijk maakt tussen diverse apparaten. Door een NFC-compatibel extern apparaat in de buurt van de N-markering van de Bar Speaker te houden, gaat het systeem en het extern apparaat automatisch verder met het voltooien van de koppeling en de BLUETOOTH-verbinding.
Compatibele externe apparaten
Externe apparaten met een ingebouwde NFC-functie (OS: Android 2.3.3 of later, exclusief Android 3.x) Deze functie werkt niet met compatibele NFC-receivers (zoals koptelefoons).
Opmerking
Het systeem kan alleen één NFC-
compatibel apparaat tegelijkertijd detecteren en verbinden.
Afhankelijk van uw externe apparaat,
dient u vooraf de volgende handelingen op uw externe apparaat uit te voeren. Schakel de NFC-functie in. Voor meer
informatie zie de gebruiksaanwijzing van het externe apparaat.
Als uw externe apparaat een oudere
OS-versie heeft dan Android 4.1.x, dient u de applicatie "NFC Easy Connect" te downloaden en te starten. "NFC Easy Connect" is een gratis applicatie voor externe apparaten met Android die verkrijgbaar is bij Google Play. (De applicatie is voor sommige landen/ regio's niet beschikbaar.)
1 Houd het externe apparaat in de
buurt van de N-markering op de Bar Speaker totdat het externe apparaat trilt.
Volg de instructies op het beeldscherm die op het externe apparaat worden weergegeven en voltooi de procedure voor de BLUETOOTH-verbinding. Als de BLUETOOTH-verbinding tot stand is gekomen, gaat het blauwe LED-lampje op het voorpaneel branden.
2 Start het afspelen op een
audiobron op het externe apparaat.
Voor meer informatie over afspeelfuncties zie de gebruiksaanwijzing van uw externe apparaat.
Tip
Als het koppelen en de BLUETOOTH-
verbinding mislukt, voer dan de volgende handelingen uit. Houd nogmaals het externe apparaat in
de buurt van de N-markering op de Bar Speaker.
Verwijder de behuizing van het externe
apparaat, als u gebruikmaakt van een in de handel verkrijgbare behuizing van het externe apparaat.
Start de applicatie "NFC Easy Connect"
opnieuw.
13
NL
Stel [Snelstart/ntwrk-stand-by] in op
[Aan] als u een BLUETOOTH-apparaat wilt verbinden, als het systeem in de stand-bymodus staat.
Als het volumeniveau te laag is, stel dan
eerst het volume op het externe apparaat in. Als het volume te laag is, stel dan het volume op de Bar Speaker in.
Als u het externe apparaat in de buurt van
de N-markering houdt, als het systeem in de zendmodus staat, verandert de [Bluetooth-stand] automatisch in [Ontvanger]. Deze functie werkt niet met een NFC-compatibele receiver.
Afspelen stoppen
Het afspelen stopt als u een van de volgende handelingen uitvoert. Houd nogmaals het externe apparaat
in de buurt van de N-markering op de Bar Speaker.
Stop de muziekspeler van het externe
apparaat.
Schakel het systeem of het externe
apparaat uit.
Wijzig de ingang.Schakel de BLUETOOTH-functie op het
externe apparaat uit.
Druk op de afstandsbediening op ,
HOME of PAIRING .
Naar geluid luisteren door naar een compatibele BLUETOOTH-receiver te zenden
U kunt met de compatibele BLUETOOTH-receiver (zoals koptelefoons) naar geluid luisteren van de bron die via dit systeem afspeelt.
1 Schakel de BLUETOOTH-functie op
de BLUETOOTH-receiver in.
2 Stel de [Bluetooth-stand] in op
[Zender] in [Bluetooth­instellingen] (pagina 26).
3 Druk op / om [OK] te
selecteren.
4 Druk op / om de naam van de
BLUETOOTH-receiver te selecteren in [Apparatenlijst] in [Bluetooth­instellingen] (pagina 26) en druk dan op .
Als de BLUETOOTH-verbinding tot stand is gekomen, gaat het blauwe LED-lampje branden.
Opmerking
Als u de naam van uw BLUETOOTH­receiver niet in de lijst ziet staan, selecteert u [Scannen].
5 Keer terug naar het homescherm
en selecteer de gewenste ingang.
"BT TX" verschijnt op het voorpaneeldisplay en het geluid komt uit de BLUETOOTH-receiver. Er komt geen geluid uit de luidsprekers van het systeem.
6 Met deze toets kunt u het volume
aanpassen.
Pas het volume van de BLUETOOTH­receiver aan. Indien verbonden met een BLUETOOTH-receiver, kan het volumeniveau van de Bar Speaker niet worden geregeld. De volumetoetsen op de Bar Speaker en de afstandsbediening werken alleen voor de BLUETOOTH­receiver.
Opmerking
Afhankelijk van de BLUETOOTH-receiver
kan het zijn dat u het volumeniveau niet kunt instellen.
14
NL
BLUETOOTH-functie
[Schermreproductie]-ingang, [Bluetooth
Audio]-ingang en de thuisbioscoopregelfunctie zijn uitgeschakeld als het systeem in de zendmodus staat.
Als u de ingang [Bluetooth Audio] of
[Schermreproductie] hebt geselecteerd, kunt u de [Bluetooth-stand] niet op [Zender] instellen. U kunt het ook niet
bedienen met de RX/TX op de afstandsbediening.
U kunt maximaal 9 BLUETOOTH-receivers
registreren. Als de 10e BLUETOOTH­receiver geregistreerd wordt, wordt de minst recent verbonden BLUETOOTH­receiver vervangen door het nieuwe apparaat.
Het systeem kan maximaal
15 gedetecteerde BLUETOOTH-receivers in de [Apparatenlijst] weergeven.
U kunt de geluidseffecten of de
instellingen in het optiemenu niet wijzigen tijdens het uitsturen van het geluid.
Sommige contents kunnen niet worden
uitgevoerd doordat de content beveiligd is.
De audio-uitvoer van de BLUETOOTH-
receiver kan vertraagd zijn t.o.v. het systeem, door de karakteristieken van de draadloze BLUETOOTH-technologie.
Er komt geen geluid uit de luidsprekers
van het systeem en de HDMI OUT (ARC)­aansluiting, als de BLUETOOTH-receiver succesvol met het systeem is verbonden.
Tip
Zodra het systeem en de BLUETOOTH-
receiver verbonden zijn, kunt u het afspelen regelen met behulp van de afspeelknoppen op de BLUETOOTH­receiver.
U kunt dit systeem aansluiten op de
meest recent aangesloten BLUETOOTH­receiver, door herhaaldelijk op
RX/TX te drukken om [Zender] te selecteren. Begin dan, via dit systeem,
met het afspelen van de bron.
Verbinding met de BLUETOOTH­receiver verbreken
Voer alle volgende handelingen uit. Schakel de BLUETOOTH-functie op de
BLUETOOTH-receiver uit.
Stel de [Bluetooth-stand] in op
[Ontvanger] of [Uit] (pagina 26).
Schakel het systeem of de
BLUETOOTH-receiver.
Voer de one-touch-functie (NFC).
Een geregistreerde BLUETOOTH­receiver verwijderen
1 Selecteer [Apparatenlijst] in
[Bluetooth-instellingen] (pagina 26). Een lijst met gekoppelde en
gedetecteerde BLUETOOTH-receivers wordt weergegeven.
2 Druk op / om het apparaat te
selecteren en druk dan op OPTIONS.
3 Druk op / om [Verwijderen] te
selecteren en druk dan op .
4 Druk op / om [OK] te selecteren en
druk dan op .
15
NL
Netwerkfunctie
LAN-kabel (niet bijgeleverd)
Server
Breedband­router
ADSL-modem/ kabelmodem
LAN-kabel (niet bijgeleverd)
Internet
Een bedrade LAN­verbinding installeren
Verbinden met een bedraad netwerk
Het systeem met een LAN­kabel verbinden met het netwerk
De volgende afbeelding is een voorbeeld configuratie van een thuisnetwerk met het systeem en een server.
U hoeft niet de volgende instelling uit te voeren als u de [Snelle netwerkinstelling] hebt ingesteld.
1 Druk op HOME.
Het homescherm verschijnt op het televisiescherm.
2 Druk, in de rechter bovenhoek, op
om [Instellen] te selecteren en druk dan op .
3 Druk op / om
[Netwerkinstellingen] te selecteren en druk dan op .
4 Druk op / om
[Internetinstellingen] te selecteren en druk dan op .
5 Druk op / om [Bedraad
instellen] te selecteren en druk dan op .
Het scherm voor het selecteren van het IP-adres verschijnt op het televisiescherm.
6 Druk op / om [Automatisch] te
selecteren en druk dan op .
7 Druk op / om door de
informatie te bladderen en druk dan op .
8 Druk op / om [Opslaan en
verb.] te selecteren en druk dan op .
Het systeem begint met het verbinden met het netwerk. Voor meer informatie zie de meldingen die op het televisiescherm worden weergegeven.
16
NL
Netwerkfunctie
Een vast IP-adres gebruiken
Selecteer [Aangepast] in stap 6, en volg de instructies op het scherm om [Geef het IP-adres op.] te selecteren. Het invoerscherm van het IP-adres wordt weergegeven op het televisiescherm. Volg de instructies op het beeldscherm om de waarde voor [IP-adres] in te voeren en druk op om de waarden te bevestigen. Voer de waarden voor [Subnetmasker], [Standaardgateway], [Primaire DNS] en [Secundaire DNS] in en druk dan op .
Verbinden met een draadloos netwerk
Een draadloze LAN­verbinding installeren
Vóór het uitvoeren van netwerkinstellingen
Als u draadloze LAN-router (access point) een compatibel Wi-Fi Protected Setup (WPS) is, kunt u de netwerkinstellingen gemakkelijk instellen met de WPS-knop. Indien dit niet het geval is, wordt u verzocht de volgende informatie te selecteren of in te voeren. Controleer vooraf de volgende informatie.
De naam van het netwerk (SSID)* van
de draadloze LAN-router/access point
Het wachtwoord (password)** voor
het netwerk
* SSID (Service Set Identifier) is een naam
dat een specifiek access point identificeert.
** Deze informatie staat meestal op de
sticker van uw draadloze LAN-router/ access point, in de gebruiksaanwijzing, is beschikbaar bij de persoon die uw draadloze netwerk instelt of wordt door uw internetserviceprovider verstrekt.
1 Volg stap 1 t/m 4 van "Een
bedrade LAN-verbinding installeren" (pagina 16).
2 Druk op / om [Draadloos
instellen (ingebouwd)] te selecteren en druk dan op .
Een lijst met beschikbare SSID's (access points) wordt op het televisiescherm weergegeven.
3 Druk op / om de gewenste
naam van het netwerk (SSID) te selecteren en druk dan op .
Het instelscherm voor de veiligheid wordt op het televisiescherm weergegeven.
4 Voer de veiligheidssleutel
(WEP key, WPA/WPA2 key) in met het softwaretoetsenbord. Gebruik /// en om de tekens/ cijfers te selecteren en druk dan [Enter] om de veiligheidssleutel te bevestigen.
Het systeem begint met het verbinden met het netwerk. Voor meer informatie zie de meldingen die op het televisiescherm worden weergegeven.
Een vast IP-adres gebruiken
Selecteer [Nieuweaansluitingregistratie] in stap 3, selecteer [Handm. registratie], en volg dan de instructies op het scherm om [Geef het IP-adres op.] te selecteren. Het invoerscherm van het IP-adres wordt weergegeven op het televisiescherm.
NL
17
Volg de instructies op het beeldscherm
Speler (Dit systeem)
Server
Controller
Renderer (Dit systeem)
Server
om de waarde voor [IP-adres] in te voeren en druk op om de waarden te bevestigen. Voer de waarden voor [Subnetmasker], [Standaardgateway], [Primaire DNS] en [Secundaire DNS] in en druk dan op .
Opmerking
Het instelscherm voor de veiligheid, in stap 4, verschijnt niet als uw netwerk niet beveiligd is door een versleuteling (met een veiligheidssleutel).
Opgeslagen bestanden op een server via het systeem (speler) afspelen
Selecteer in het homescherm [Home Network] en dan de server. Selecteer het bestand dat u wilt afspelen van
[Muziek] of [Foto].
Bestanden op een thuisnetwerk afspelen
U kunt muziek-/fotobestanden op andere compatibele thuisnetwerkapparaten afspelen, door ze te verbinden met uw thuisnetwerk.
Dit systeem kan gebruikt worden als speler en renderer.
Server: Slaat digitale mediacontent op
of deelt de content
Speler: Zoekt digitale mediacontent
op de server en speelt deze af
Renderer: Ontvangt bestanden van de
server en speelt deze af, en kan bediend worden door een ander apparaat (controller)
Controller: Bedient het renderer-
apparaat
Voorbereiding om de thuisnetwerkfunctie te gebruiken.
Verbind het systeem met een netwerk
(pagina 16).
Bereid een ander compatibel
thuisnetwerkapparaat voor. Voor meer informatie zie de gebruiksaanwijzing van het apparaat.
Externe bestanden afspelen door het systeem (renderer) te bedienen via de controller van het thuisnetwerk
U kunt het systeem bedienen met een compatibel thuisnetwerk controller apparaat (een mobiele telefoon, enz.), als u bestanden wilt afspelen die op de server zijn opgeslagen.
Voor meer informatie over de bediening, zie de gebruiksaanwijzing van het compatibel thuisnetwerk controller apparaat.
Opmerking
Bedien het systeem niet tegelijkertijd met de meegeleverde afstandsbediening en een controller.
18
NL
Netwerkfunctie
Tip
Internet
Router Dit systeem
Het systeem is compatibel met de "Play To"-functie van Windows Media® Player 12, die standaard bij Windows 7 wordt geleverd.
Genieten van diverse onlinediensten
U kunt met dit systeem naar muziekdiensten luisteren die op het internet worden aangeboden. Om gebruik te kunnen maken van deze functie moet het systeem met het internet verbonden zijn. De onderstaande handeling geeft een gids weer om u uit te nodigen voor muziekdiensten. Volg de gids en geniet van de muziekdiensten.
1 Druk op HOME.
Het homescherm verschijnt op het televisiescherm.
2 Druk op / om [Music Services]
te selecteren en druk dan op .
De lijst met serviceproviders wordt weergegeven op het televisiescherm.
Opmerking
Afhankelijk van de verbindingsstatus van de internetcontent, kan het soms even duren voordat de serviceproviderlijst op het televisiescherm wordt weergegeven.
Tip
U kunt de serviceproviderlijst updaten door op OPTIONS te drukken en dan [Lijst bijwerken] te selecteren.
3 Druk op / om de gewenste
muziekdienst te selecteren en druk dan op .
Druk op BACK om naar de vorige map te gaan.
Gebruikmaken van Google Cast™
Google Cast biedt u de mogelijkheid om muziek te selecteren via de app Google Cast™ en de muziek af te spelen op het systeem. Google Cast vereist de eerste instellingen met behulp van SongPal.
1 Download de app SongPal gratis
op een mobiel apparaat, zoals een smartphone.
2 Verbind het apparaat m.b.v. Wi-Fi
met hetzelfde netwerk als dat van het systeem (pagina 16).
3 Start SongPal, selecteer "HT-NT3"
en druk vervolgens op "Settings" – "Google Cast" – "Learn how to Cast".
4 Controleer de werking en de app
Google Cast en download de app.
5 Start de app Google Cast, druk op
de toets Cast en selecteer "HT-NT3".
19
NL
6 Selecteer op de app Google Cast
muziek en speel deze af.
De muziek wordt op het systeem
afgespeeld.
Opmerking
U kunt Google Cast niet gebruiken als "GOOGLE CAST UPDATING" op het voorpaneeldisplay wordt weergegeven. Wacht totdat de update is voltooid en probeer het opnieuw.
Schermreproductie gebruiken
"Schermreproductie" is een functie om met behulp van Miracast-technologie het scherm van een mobiel apparaat weer te geven op de televisie. Het systeem kan rechtstreeks verbonden worden met een compatibel apparaat met schermreproductie (bijv. smartphone, tablet). U kunt dan genieten van het displayscherm van het apparaat op uw grote televisiescherm. Er is geen draadloze router (of access point) vereist om van deze functie gebruik te kunnen maken.
1 Druk op MIRRORING. 2 Volg de instructies op het scherm.
Activeer de
schermreproductiesfunctie van uw
apparaat.
Voor meer informatie over hoe u de
functie kunt activeren, zie de
meegeleverde gebruiksaanwijzing
van uw apparaat.
Verbinding maken met een Xperia smartphone met de one­touchspiegelingsfunctie (NFC)
Druk op MIRRORING en houd de Xperia smartphone in de buurt van de N-markering op de Bar Speaker.
Spiegeling afsluiten
Druk op HOME of INPUT +/–.
Opmerking
Als u gebruikmaakt van
schermreproductie kan de kwaliteit van de afbeelding en het geluid soms vervormen door de interferentie van andere netwerken.
Sommige netwerkfuncties zijn niet
beschikbaar tijdens schermreproductie.
Zorg ervoor dat het apparaat compatibel
is met Miracast. Connectiviteit met alle apparaten die compatibel zijn met Miracast is niet gegarandeerd.
Afhankelijk van de gebruiksomgeving,
kunnen de afbeelding en het geluid vervormen.
Tip
U kunt uw voorkeur geluidseffect tijdens
spiegeling selecteren. Druk op de geluidseffectknoppen (pagina 56).
Als de kwaliteit van het beeld en het
geluid vaak vervormen, kunt u de kwaliteit verbeteren door het instellen van de [RF-inst. Schermreproductie] (pagina 30).
20
NL
Auteursrechtelijk beschermde 4K-content bekijken
Auteursrechtelijk beschermde
High Speed HDMI‐kabel met ethernet**
Compatibele HDCP 2.2­HDMI­aansluiting
High Speed HDMI‐kabel met ethernet*
Optisch digitale kabel*
Compatibele
HDCP 2.2-HDMI-
aansluiting
4K-content bekijken
Een 4K-televisie aansluiten
Sluit het systeem en de televisie aan via een compatibele HDCP 2.2-HDMI­aansluiting, om auteursrechtelijk beschermde 4K-content te bekijken. Voor meer informatie of de televisie wel of niet is uitgerust met een HDCP
2.2-compatibele HDMI-aansluiting, zie de meegeleverde gebruiksaanwijzing van de televisie.
Als de HDMI-aansluiting van de televisie met ARC* wordt aangeduid en compatibel is met HDCP 2.2
Als de HDMI-aansluiting van de televisie met ARC wordt aangeduid en niet compatibel is met HDCP 2.2
Als de HDMI-aansluiting van de televisie met ARC wordt aangeduid en niet compatibel is met HDCP 2.2, dient u het systeem met een HDMI-kabel op de HDMI-aansluiting van de televisie aan te sluiten, die wel compatibel is met HDCP
2.2. Sluit vervolgens een optisch digitale kabel op de optische uitgang van de televisie aan, om naar digitaal geluid te luisteren.
* De ARC (audio-retourkanaal)-functie
stuurt digitaal geluid van een televisie naar dit systeem, met slechts een HDMI­kabel.
** Wordt alleen geleverd aan bepaalde
landen.
* Afhankelijk van het land wordt een High
Speed HDMI-kabel of optisch digitale kabel meegeleverd.
21
NL
4K-apparaten aansluiten
OUTPUT
High Speed HDMI‐kabel met ethernet (niet bijgeleverd)
Blu-ray Disc™-speler, kabelbox of satellietbox, enz.
Compatibele HDCP 2.2­HDMI­aansluiting
Sluit een 4K-apparaat op de HDMI IN 1­aansluiting van het systeem aan. Voor meer informatie over het feit of het apparaat wel of niet HDCP 2.2­compatibel is, zie de gebruiksaanwijzing die bij het apparaat is geleverd.
Instellingen en aanpassingen
Het insteldisplay gebruiken
U kunt verschillende aanpassingen uitvoeren op items, zoals het beeld en het geluid. De standaardinstellingen zijn onderstreept.
1 Druk op HOME.
Het homescherm verschijnt op het televisiescherm.
2 Druk, in de rechter bovenhoek, op
om [Instellen] te selecteren en druk dan op .
3 Druk op / om het pictogram
van de instelcategorie te selecteren en druk dan op .
Pictogram Beschrijving
[Software-update] (pagina 23)
Updatet de software van het systeem.
[Scherminstellingen] (pagina 24)
Voert de scherminstellingen uit overeenkomstig het type televisie.
[Audio-instellingen] (pagina 25)
Voert de audioinstellingen uit overeenkomstig het type verbindingsaansluitingen.
[Bluetooth-instellingen] (pagina 26)
Voert de gedetailleerde instellingen voor de BLUETOOTH-functie uit.
22
NL
Instellingen en aanpassingen
Pictogram Beschrijving
[Systeeminstellingen] (pagina 27)
Voert de systeemgerelateerde instellingen uit.
[Netwerkinstellingen] (pagina 29)
Voert gedetailleerde instellingen voor het internet en het netwerk uit.
[Inst. inv. oversl.] (pagina 30)
Stelt de ingangsinstelling voor iedere ingang in.
[Snelinstelling] (pagina 30)
Start de [Snelinstelling] om de basisinstellingen uit te voeren.
[Snelle netwerkinstelling] (pagina 31)
Start de [Snelle netwerkinstelling] om de basisnetwerkinstellingen uit te voeren.
[Terugstellen] (pagina 31)
Zet het systeem terug op de fabrieksinstellingen.
[Software-update]
Door uw software te updaten naar de laatste versie, kunt u van de nieuwste functies gebruikmaken.
Tijdens een software-update wordt "UPDT" op het voorpaneeldisplay weergegeven. Na het voltooien van de update, start het systeem automatisch opnieuw op. Tijdens het updateproces dient u het systeem niet in of uit te schakelen of het systeem of de televisie te bedienen. Wacht tot de software-update is voltooid.
Opmerking
Voor informatie over de updatefuncties,
zie de volgende website:
Voor klanten in Europa en Rusland: www.sony.eu/support
Voor klanten in andere landen/regio's: http://www.sony-asia.com/section/ support
Als de status van uw netwerk zwak is, ga
dan naar de bovenstaande website om de laatste softwareversie te downloaden en update deze software dan via het USB­geheugen.
Stel [Automatisch updaten] in op [Aan] als
u software-updates automatisch wilt uitvoeren (pagina 29). Afhankelijk van de content van de updates, kunnen de software-update zelfs worden uitgevoerd als u [Automatisch updaten] op [Uit] instelt.
[Update via internet]
Updatet de systeemsoftware met behulp van het beschikbare netwerk. Zorg ervoor dat het netwerk met het internet is verbonden. Voor meer informatie, zie "Netwerkfunctie" (pagina 16).
[Update via USB-geheugen]
Updatet software met het USB­geheugen. Zorg ervoor dat de map voor de software-update de naam "UPDATE" heeft. Het systeem kan max. 500 bestanden/ mappen in één laag detecteren, inclusief de updatebestanden/
-mappen.
23
NL
[Scherminstellingen]
[Type televisie]
[16:9]: Selecteer deze optie als u verbinding maakt met een breedbeeldtelevisie of een televisie met een breedbeeldfunctie. [4:3]: Selecteer deze optie als u verbinding maakt met een televisie met een 4:3 beeldformaat, zonder breedbeeldfunctie.
[Video-uitvoerresolutie]
[Automatisch]: Voert het videosignaal uit overeenkomstig de resolutie van de televisie of het aangesloten apparaat. [480i/576i]*, [480p/576p]*, [720p], [1080i], [1080p]: Voert het videosignaal uit overeenkomstig de geselecteerde resolutie-instelling.
* Als het kleursysteem van de afgespeelde
content NTSC is, kan de resolutie van de videosignalen alleen geconverteerd worden naar [480i] en [480p].
[4K-uitvoer]
[Auto1]: Voert 2K (1920 × 1080) videosignalen uit tijdens het afspelen van een video (schermreproductie) en 4K-videosignalen tijdens het afspelen van foto's, indien aangesloten op een compatibel 4K-apparaat van Sony. Stuurt 4K-videosignalen uit tijdens het afspelen van 24p-videocontent of het weergeven van foto's, indien aangesloten op een niet compatibel 4K-apparaat van Sony. [Auto2]: Voert automatisch 4K/ 24p-videosignalen uit als u een compatibel 4K/24p-apparaat aansluit en voer de geschikte instelling voor [Netwerkinhoud 24p-uitvoer] in [24p-uitvoer] uit en voert ook 4K/ 24p-fotobeelden uit als u 2D-fotobestanden afspeelt. [Uit]: Schakelt de functie uit.
Opmerking
Als uw Sony-apparaat niet wordt gedetecteerd als [Auto1] is geselecteerd, heeft de instelling hetzelfde effect als de [Auto2] instelling.
[24p-uitvoer]
[Netwerkinhoud 24p-uitvoer] Deze functie stelt de signaaluitgang in van de HDMI OUT (ARC)-aansluiting op het systeem, als u de schermreproductiesfunctie gebruikt. [Auto]: Voert alleen 24p videosignalen uit als u een compatibele 1080/24p­televisie via een HDMI-verbinding aansluit en de [Video-uitvoerresolutie] op [Automatisch] of [1080p] instelt. [Uit]: Selecteer deze optie als u televisie niet compatibel is met 1080/24p­videosignalen.
NL
24
[YCbCr/RGB (HDMI)]
[Auto]: Detecteert automatisch het externe type apparaat en schakelt naar de passende kleurinstelling over. [YCbCr (4:2:2)]: Voert YCbCr 4:2:2 videosignalen uit. [YCbCr (4:4:4)]: Voert YCbCr 4:4:4 videosignalen uit. [RGB]: Selecteer deze optie als u verbinding maakt met een apparaat met een HDCP compliant DVI­aansluiting.
[HDMI-uitvoer met diepe kleuren]
[Auto]: Selecteer normaal deze instelling.
Instellingen en aanpassingen
[12 bit], [10 bit]: Voert 12bit/10bit videosignalen uit, als de aangesloten televisie compatibel is met diepe kleuren. [Uit]: Selecteer deze optie als het beeld niet stabiel is of de kleuren onnatuurlijk overkomen.
[Directe video]
U kunt de "On-Screen Display" (OSD) van het systeem uitschakelen als de [HDMI1]-, [HDMI2]- of [HDMI3]-ingang is geselecteerd. Deze functie is handig bij het afspelen van een spel, u kunt dan volledig genieten van het scherm.
[Aan]: Schakelt de OSD uit. De informatie wordt niet op het scherm weergegeven en de knoppen OPTIONS en DISPLAY zijn gedeactiveerd. [Uit]: Geeft informatie op het scherm weer als u instellingen wijzigt, zoals het selecteren van het geluidsveld.
[SBM] (Super Bit Mapping)
[Aan]: Laat de overgang van de uitgevoerde videosignalen van de HDMI OUT (ARC)-aansluiting vloeiender verlopen. [Uit]: Selecteer deze optie als vervormde videosignalen of onnatuurlijke kleuren worden weergegeven.
[Audio-instellingen]
[DSEE HX]
Deze functie werkt alleen als [Music] als geluidsveld geselecteerd is.
[Aan]
: Waardeert het audiobestand op naar een audiobestand met een hoge resolutie en produceert het heldere hoge bereik dat vaak verloren gaat (pagina 10). [Uit]: Uit.
[Audio DRC]
U kunt het dynamisch bereik van de soundtrack comprimeren.
[Auto]: Comprimeert automatisch het geluid dat in Dolby TrueHD gecodeerd is. [Aan]: Het systeem produceert de soundtrack met het dynamisch bereik dat de geluidsspecialist bedoeld heeft. [Uit]: Geen compressie van het dynamisch bereik.
[Dempinstellingen - Analog]
Vervorming kan optreden als u naar een apparaat luistert dat op de ANALOG IN­aansluiting is aangesloten. U kunt vervorming voorkomen door het ingangsniveau van het systeem te dempen.
[Aan]: Demp het ingangsniveau. Bij deze instelling wordt het uitgangsniveau verlaagd. [Uit]: Normaal ingangsniveau. Selecteer deze optie als u verbinding wilt maken met een mobiel apparaat (zoals een digitale mediaspeler).
[Audio-uitvoer]
U kunt de uitgangsmethode selecteren waar het audiosignaal wordt uitgestuurd.
[Luidspreker]: Geeft alleen het geluid weer van de systeemluidsprekers. [Luidspreker+HDMI]: Geeft het geluid weer van de systeemluidsprekers en 2-kanaals lineaire PCM-signalen van de HDMI OUT (ARC)-aansluiting. [HDMI]: Geeft alleen het geluid weer van de HDMI OUT (ARC)-aansluiting. Het geluidsformaat is afhankelijk van het aangesloten apparaat.
25
NL
Opmerking
Als [Controle voor HDMI] is ingesteld op
[Aan] (pagina 28), wordt de [Audio­uitvoer] automatisch ingesteld op [Luidspreker+HDMI] en deze instelling kan niet worden gewijzigd.
Er worden geen audiosignalen
weergegeven door de HDMI OUT (ARC)­aansluiting, als de [Audio-uitvoer] is ingesteld op [Luidspreker+HDMI] en de [HDMI1-audio-ingangsfunctie] (pagina
28) is ingesteld op [TV]. (Alleen modellen Europa)
[Bluetooth-instellingen]
[Bluetooth-stand]
U kunt van de content van een extern apparaat genieten door gebruik te maken van dit systeem of naar het geluid van dit systeem te luisteren door gebruik te maken van andere apparaten, zoals koptelefoons.
[Ontvanger]: Dit systeem staat in de receivermodus, waardoor het systeem vanaf het externe apparaat audio kan ontvangen en kan weergeven. [Zender]: Dit systeem staat in de zendmodus, waardoor het systeem audiosignalen naar de BLUETOOTH­receiver (zoals koptelefoons) kan sturen. Als u naar de ingang van het systeem schakelt, wordt "BT TX" op het voorpaneeldisplay weergegeven. [Uit]: De BLUETOOTH-voeding is uitgeschakeld en kan niet de [Bluetooth Audio]-ingang selecteren.
Opmerking
Met de one-touch-luisterfunctie kunt u verbinding maken met het externe apparaat, zelfs als u de [Bluetooth-stand] hebt ingesteld op [Uit].
[Apparatenlijst]
Geeft een lijst weer met gekoppelde en gedetecteerde BLUETOOTH-receivers, als de [Bluetooth-stand] is ingesteld op [Zender] (pagina 26).
[Bluetooth-stand-by]
U kunt de [Bluetooth-stand-by] zo instellen dat het systeem door een BLUETOOTH-apparaat ingeschakeld kan worden, zelfs als het systeem in de stand-bymodus staat. Deze functie is alleen beschikbaar als u de [Bluetooth­stand] op [Ontvanger] of [Zender] instelt.
[Aan]: Het systeem wordt automatisch ingeschakeld als er een BLUETOOTH­verbinding tot stand is gekomen met een gekoppeld BLUETOOTH-apparaat. [Uit]: Uit.
Opmerking
Als u [Snelstart/ntwrk-stand-by] op [Uit] instelt en [Bluetooth-stand-by] op [Aan], kan het systeem door een BLUETOOTH­apparaat worden ingeschakeld, maar de BLUETOOTH-verbinding mislukt.
[Bluetooth Codec - AAC]
Deze functie is alleen beschikbaar als u de [Bluetooth-stand] op [Ontvanger] of [Zender] instelt.
[Aan]: AAC codec inschakelen. [Uit]: AAC codec uitschakelen.
Opmerking
U kunt genieten van hoge
geluidskwaliteit als AAC wordt ingeschakeld. In het geval dat u niet naar AAC-geluid op uw apparaat kunt luisteren, dient u [Uit] te selecteren.
Als u de [Bluetooth Codec - AAC]-
instelling wijzigt, wanneer een BLUETOOTH-apparaat is aangesloten, wordt de instelling van de codec pas actief na de volgende verbinding.
26
NL
Instellingen en aanpassingen
[Bluetooth Codec - LDAC]
Deze functie is alleen beschikbaar als u de [Bluetooth-stand] op [Ontvanger] of [Zender] instelt.
: LDAC codec inschakelen.
[Aan] [Uit]: LDAC codec uitschakelen.
Opmerking
Als u de [Bluetooth Codec - LDAC]­instelling wijzigt, wanneer een BLUETOOTH-apparaat is aangesloten, wordt de instelling van de codec pas actief na de volgende verbinding.
Tip
LDAC is een audiocoderingstechnologie ontwikkeld door Sony, waarmee de overdracht van High-Resolution (Hi-Res) Audio-inhoud tot stand kan worden gebracht, zelfs via een BLUETOOTH­verbinding. In tegenstelling tot andere BLUETOOTH-compatibele coderingstechnologieën zoals SBC, werkt deze technologie zonder down-conversie van de Hi-Res Audio-inhoud*, en kan ze ongeveer driemaal zoveel gegevens** overdragen over een draadloos BLUETOOTH-netwerk als de andere technologieën, en dit met een ongekende geluidskwaliteit, dankzij een efficiënte codering en een geoptimaliseerde verdeling in pakketten.
* Met uitzondering van inhoud in DSD-
formaat.
** In vergelijking met SBC (Subband-
codering), als een bitrate van 990 kbps (96/48 kHz) of 909 kbps (88,2/44,1 kHz) is geselecteerd.
[Auto]: De gegevenssnelheid wordt automatisch aangepast aan de omgeving. Gebruik een van de andere drie instellingen als het afspelen van audio niet stabiel is. [Geluidskwaliteit]: De hoogste gegevenssnelheid wordt gebruikt. Het geluid wordt in een hogere kwaliteit doorgegeven, maar het afspelen van audio kan soms onstabiel zijn als de kwaliteit van de link niet goed genoeg is. [Standrd.]: De gemiddelde gegevenssnelheid wordt gebruikt. Dit compenseert zowel de geluidskwaliteit als de afspeelstabiliteit. [Verbinding]: De stabiliteit heeft de voorkeur. De geluidskwaliteit kan redelijk zijn en de verbindingsstatus is hoogstwaarschijnlijk stabiel. Als de verbinding niet stabiel is, wordt deze instelling aanbevolen.
[Systeeminstellingen]
[Taal van weergaveschermtekst]
U kunt de gewenste taal selecteren voor het on-screen-display van het systeem.
[Draadloos-geluid-verbinding]
U kunt overige instellingen voor het draadloze systeem uitvoeren. Voor meer informatie, zie "Overige instellingen voor het draadloze systeem" (pagina 39).
[Draadloze afspeelkwaliteit]
U kunt de gegevensoverdrachtsnelheid van het afspelen van LDAC instellen. Deze functie is alleen beschikbaar als u de [Bluetooth-stand] op [Zender] instelt en de [Bluetooth Codec - LDAC] op [Aan].
[IR-Repeater]
[Aan]: Stelt het systeem in staat het signaal van een afstandsbediening door te geven aan de televisie (pagina 38). [Uit]: Uit.
27
NL
[HDMI-instellingen]
[Controle voor HDMI] [Aan]: Schakelt de [Controle voor HDMI]­functie in. U kunt onderlinge apparaten bedienen die met een HDMI-kabel zijn verbonden. [Uit]: Uit.
[Audio Return Channel] Deze functie is beschikbaar als u het systeem op een HDMI IN-aansluiting van een televisie aansluit die compatibel is met de audio­retourkanaalfunctie en als [Controle voor HDMI] ingesteld is op [Aan]. [Auto]: Het systeem kan automatisch, via een HDMI-kabel, het digitale audiosignaal van de televisie ontvangen. [Uit]: Uit.
[Doorvoer in stand-by] U kunt HDMI-signalen naar de televisie uitsturen, zelfs als het systeem in de stand-bymodus staat. Deze functie is beschikbaar als u [Controle voor HDMI] op [Aan] instelt. Standaard instelling:
[Uit] (Alleen modellen Europa)[Auto] (Overige modellen)
[Auto]: Stuurt signalen van de HDMI OUT (ARC)-aansluiting uit, als de televisie is ingeschakeld en het systeem in de stand-bymodus staat. Deze instelling spaart energie in de stand­bystand ten opzichte van de [Aan]­instelling. [Aan]: Stuurt, als het systeem in de stand-bymodus staat, altijd signalen uit van de HDMI OUT (ARC)-aansluiting. Als u een andere televisie dan de "BRAVIA" aansluit, adviseren wij u deze instelling te selecteren. [Uit]: Er worden geen signalen uitgestuurd als het systeem in de stand­bymodus staat. Deze instelling spaart energie in de stand-bystand ten opzichte van de [Aan]-instelling.
[HDMI1-audio-ingangsfunctie] (Alleen modellen Europa) U kunt de audio-ingang van het apparaat selecteren die aangesloten is op de HDMI IN 1-aansluiting. [HDMI1]: Het geluid van het apparaat dat aangesloten is op de HDMI IN 1­aansluiting, komt binnen via de HDMI IN 1-aansluiting. [TV]: Het geluid van het apparaat dat aangesloten is op de HDMI IN 1­aansluiting, komt binnen via de TV (DIGITAL IN)-aansluiting.
[Snelstart/ntwrk-stand-by]
[Aan]: Verkort de starttijd van de stand­bymodus. Na het inschakelen van het systeem kunt het systeem snel bedienen. [Uit]: De standaardinstelling.
[Automatische standby]
[Aan]: Schakelt de [Automatische standby]-functie in. Als u het systeem ongeveer 20 minuten niet gebruikt, wordt het systeem automatisch in de stand-bymodus gezet. [Uit]: Uit.
[Automatische weergave]
[Aan]: Geeft automatisch informatie op het scherm weer als u de audiosignalen, beeldmodus, enz., wijzigt. [Uit]: Geeft alleen informatie weer als u op DISPLAY drukt.
[Bericht over software-update]
: Stelt het systeem in om u te
[Aan] informeren over de nieuwste softwareversie (pagina 23). [Uit]: Uit.
28
NL
Instellingen en aanpassingen
[Inst. voor autom. upd.]
[Automatisch updaten] [Aan]: De software-update wordt automatisch uitgevoerd tussen 2 en 5 uur 's nachts lokale tijd in de geselecteerde optie [Tijdzone], als dit systeem niet wordt gebruikt. Als u [Snelstart/ntwrk-stand-by] op [Uit] instelt, wordt de software-update uitgevoerd nadat u het systeem hebt uitgeschakeld. [Uit]: Uit.
[Tijdzone] Selecteer uw land/regio.
Opmerking
Afhankelijk van de content van de
updates, kunnen de software-update zelfs worden uitgevoerd als u [Automatisch updaten] op [Uit] instelt.
De software-update wordt automatisch
binnen 11 dagen van de nieuwe softwarerelease uitgevoerd.
[Naam van apparaat]
U kunt de naam van dit systeem overeenkomstig uw voorkeur veranderen, zodat deze beter herkenbaar is tijdens de BLUETOOTH- of schermreproductiesfunctie. De naam wordt ook gebruikt bij ander netwerkgebruik, zoals het thuisnetwerk. Volg de instructies op het scherm en gebruik een softwaretoetsenbord om de naam in te voeren.
[Systeeminformatie]
U kunt de informatie over de softwareversie van het systeem weergeven en het MAC-adres.
[Netwerkinstellingen]
[Internetinstellingen]
Verbind het systeem vooraf met het netwerk. Voor meer informatie, zie "Netwerkfunctie" (pagina 16).
[Bedraad instellen]: Selecteer deze optie als u het systeem met een LAN­kabel op een breedbandrouter aansluit. Als u deze instelling selecteert, word t de ingebouwde draadloze LAN automatisch uitgeschakeld. [Draadloos instellen (ingebouwd)]: Selecteer deze optie als u de ingebouwde draadloze LAN van het systeem gebruikt voor de verbinding met het draadloze netwerk.
Tip
Voor meer informatie zie de volgende website en raadpleeg de FAQ:
Voor klanten in Europa en Rusland: www.sony.eu/support
Voor klanten in andere landen/regio's: http://www.sony-asia.com/section/ support
[Netwerkverbindingstatus]
Geeft de huidige status van de netwerkverbinding weer.
[Diagnose van netwerkverbinding]
U kunt een diagnose van het netwerk uitvoeren, om te controleren of de netwerkverbinding correct werkt.
[Informatie over softwarelicentie]
U kunt de informatie over de softwarelicentie weergeven.
29
NL
[RF-inst. Schermreproductie]
Als u meerdere draadloze systemen gebruikt, zoals een draadloze LAN (Local Area Network), kunnen de draadloze signalen onstabiel zijn. In dit geval kan de afspeelstabiliteit worden verbeterd door het instellen van een voorkeur radiofrequentiekanaal voor de schermreproductie.
[Auto]: Selecteer normaal deze instelling. Het systeem selecteert dan automatisch het betere kanaal voor schermreproductie. [CH 1]/[CH 6]/[CH 11]: Het geselecteerde kanaal wordt dan opgeslagen als voorkeurkanaal voor een schermreproductiesverbinding.
[Instellingen voor serververbinding]
Stelt in of de verbonden server van het thuisnetwerk wel of niet moet worden weergegeven.
[Automatische toegang renderer]
[Aan]: Staat automatisch de toegang toe door een nieuw gedetecteerde thuisnetwerkcontroller. [Uit]: Uit.
[Opstarten op afstand]
[Aan]: Staat toe dat het systeem ingeschakeld kan worden door een apparaat dat via het netwerk gelinkt is, als het systeem in de stand-bystand staat. [Uit]: Het systeem kan niet door een apparaat dat via het netwerk gelinkt is, worden ingeschakeld.
[Inst. inv. oversl.]
De ingangsinstelling is een handige functie die het mogelijk maakt om niet gebruikte ingangen over te slaan, als u een ingang met behulp van INPUT +/– selecteert.
[Niet overslaan]: Het systeem slaat niet de geselecteerde ingang over. [Overslaan]: Het systeem slaat de geselecteerde ingang over.
Opmerking
Als u tijdens de weergave van het homescherm op INPUT +/– drukt, wordt het ingangssymbool gedimd weergegeven als deze op [Overslaan] is ingesteld.
[Toegangscontrole Renderer]
Geeft een lijst weer van de compatibele producten van de thuisnetwerkcontroller en stelt in of er wel of geen commando's van de controller in de lijst geaccepteerd worden.
[Externe bediening]
[Aan]: Staat de automatisering van de thuiscontroller toe dit systeem te regelen. [Uit]: Uit.
NL
30
[Snelinstelling]
Draait [Snelinstelling] om de initiële basisinstellingen uit te voeren en de instellingen van het basisnetwerk van het systeem. Volg de instructies op het scherm.
Loading...
+ 178 hidden pages