3. Schoonmak en onderhoud _______________________________ 28
4. Oplossingen voor storingen in de werking ___________________ 32
Wij wensen u van harte te bedanken voor uw keuze voor dit product van
ons.
Wij bevelen aan om alle instructies in deze gebruiksaanwijzing
aandachtig door te lezen om op de hoogte te zijn van de meest
geschikte voorwaarden voor een correct en veilig gebruik van uw
vaatwasser.
De volgorde van de afzonderlijke paragrafen is erop gebaseerd dat u
stap voor stap alle functies van het apparaat leert kennen, de teksten
zijn gemakkelijk te begrijpen en worden geïllustreerd met gedetailleerde
afbeeldingen.
U zult hier tevens praktische aanbevelingen vinden voor het gebruik van
korven, sproeiarmen, bakjes, filters, wasprogramma's en de juiste
instelling van de bedieningsorganen.
De hier verstrekte reinigingsadviezen stellen u in staat om de prestaties
van uw vaatwasser altijd optimaal te houden.
In deze eenvoudig te raadplegen gebruiksaanwijzing zult u de
antwoorden kunnen vinden op al uw vragen met betrekking tot het
gebruik van de vaatwasser.
INSTRUCTIES VOOR DE GEBRUIKER: deze instructies omvatten de
gebruiksinstructies, de beschrijving van de bedieningsorganen en de
juiste schoonmaak- en onderhoudshandelingen van het apparaat.
1
Page 4
Instructies Voor de Gebruiker
1. Beschrijving van het bedieningspaneel
1.1 Het bedieningspaneel
Alle bedieningsorganen en controle-instrumenten van de vaatwasser zijn
aanwezig op het bedieningspaneel aan de bovenzijde. De handelingen voor
het inschakelen, programmeren, uitschakelen enz. kunnen uitsluitend bij een
geopende deur plaatsvinden.
Het afgebeelde paneel dient slechts ter indicatie; afhankelijk van het model
zullen de vorm, controlelampjes en drukknoppen kunnen afwijken.
AAN/UIT TOETS
Met het indrukken van deze toets schakelt u de wasmachine in of
1
uit.
CONTROLELAMPJE GESELECTEERD PROGRAMMA
Het verlichte controlelampje verwijst naar het geselecteerde
2
programma en eventuele storingen (oplossingen voor de storingen).
DRUKKNOP PROGRAMMAKEUZE
+ REGELING VAN DE ONTHARDER
3
Dient voor de keuze van het gewenste wasprogramma en de
regeling van de waterontharder.
INDICATOR REGELING HARDHEID WATER GEACTIVEERD
Het knipperende controlelampje wijst erop dat de machine in de
“regeling hardheid water” modus staat.
CONTROLELAMPJE ZOUT BIJVULLEN
4
(afhankelijk van de modellen)
Bij aanwezigheid van het symbool zal het brandende
controlelampje wijzen op het ontbreken van regeneratiezout.
CONTROLELAMPJE GLANSSPOELMIDDEL BIJVULLEN
(afhankelijk van de modellen)
5
Het brandende controlelampje wijst op het ontbreken van
glansspoelmiddel in het daarvoor bestemde reservoir.
OPTIES (alleen op bepaalde modellen)
6
2
Page 5
Instructies Voor de Gebruiker
<< OPTIES (6)>>
In deze zone vindt u, afhankelijk van het model, één of meer van de
volgende opties, herkenbaar aan de bijbehorende symbolen en verderop
verklaard in de respectievelijke paragrafen.U kunt geen opties kiezen
tijdens het weken programma. Alle opties, uitgezonderd de “Flexi
Tabs” wordt op het eind van de wascyclus gedesactiveerd. Om optie
“Flexi Tabs” te desactiveren moet u het bijbehorende drukknopje
indrukken (het controlelampje gaat uit).
Flexi Tabs
Optie geschikt voor gebruik van gecombineerde
afwasmiddelen in tabletvorm.
HYCLEAN
Voegt op het eind een extra antibacteriële spoelbeurt toe aan
het geselecteerde programma.
WASSEN MET HALVE BELADING verspreid
Maakt het wassen mogelijk van weinig vaat verspreid over
beide korven.
UITSTEL PROGRAMMA
U kunt het begin van het wasprogramma instellen met een
uitstel 3, 6, 9 uur.
3
Page 6
PROGRAMMATABEL
INSTELLING VAN HET
WASPROGRAMMA EN INSCHAKELEN VAN
LOPEND PROGRAMMA INDICATOR
Instructies Voor de Gebruiker
De handleiding bevat de programmatabel van meerdere modellen. Om de
tabel voor uw vaatwasser te identificeren moet u de programmasymbolen
boven de tabel vergelijken met die van uw bedieningspaneel.
DE MACHINE
Na aan de hand van de programmatabel het meest geschikte
programma te hebben geselecteerd moet u:
•de toets AAN/UIT (1) indrukken en wachten tot het
PROGRAMMACONTROLELAMPJE (2) gaat branden;
•de PROGRAMMAKEUZE (3) drukknop meerdere malen indrukken
tot het controlelampje van het gewenste programma gaat branden;
•de gewenste optie selecteren (facultatief, bij aanwezigheid van de
opties);
•de deur sluiten; na ongeveer 2" zal het programma starten, tijdens
het verloop ervan zal het betreffende CONTROLELAMPJE
knipperen (signalering programma in uitvoering).
(afhankelijk van de modellen)
Tijdens het verloop van het programma zal op de vloer onder de
rechterhoek van de deur een knipperend licht worden geprojecteerd. Op
het eind van het programma gaat het lampje uit om het verbruik tijdens
de stand-by te verminderen.
4
Page 7
Instructies Voor de Gebruiker
PROGRAMMATABEL
2
4
PROGRAMMA
NUMMER EN
SYMBOOL
1 WEKEN
LADEN VAN VAAT EN
BESTEK
Pannen en vaatwerk in
afwatching van de
PROGRAMMA’S
Koud voorwassen
DUUR
MINUTEN
(1)
15 3,5 0,02
VERBRUIK
WATER
LITER
ENERGIE
KWh (1)
voltooiing van de belading
KRISTAL
WERK
3 ECO (*)
EN 50242
BELADING
HALVE
5 SUPER
****
Weing vies kristalwerk,
porselein en gemengde
vaat.
Normaal vieze vaat, ook
met opgedroogde resten.
Beperkte belading van
normaal vieze vaat,
onmiddellijk na het
gebruik gewassen.
Zeer vieze pannen en
vaat, ook met
opgedroogde resten.
Wassen op 45°C
Koud spoelen
Spoelen op 70°C
Drogen
Wassen op 45°C
Koud spoelen
Spoelen op 65°C
Drogen
Wassen op 65°C
Koud spoelen
Spoelen op 70°C
Drogen
BELANGRIJK: lees de tabel “OPMERKINGEN EN VERWIJZINGEN” op de volgende
pagina’s.
Wanneer de deur van de vaatwasser geopend, of niet op correcte wijze
gesloten is, zal de wascyclus niet starten.
7
Page 10
OPMERKINGEN EN VERWIJZINGEN
I
weken
EN 50242
IEC/DIN.
20g
doseerbakje
Instructies Voor de Gebruiker
Gebruik het
De opties kunnen niet met het weken programma worden gebruikt.
Standaard wasprogramma volgens de
*
uitsluitend bij een gedeeltelijke belading.
norm.
** Zie bijgevoegd blad
Referentieprogramma
***
Referentieprogramma voor de laboratoria. Wasmiddel:
****
in het
+
10g op de deur of als tablet. Indeling: zie de foto in de paragraaf “gebruik van de
manden”.
(1) Het verbruik en de duur van het programma zijn gemeten overeenkomstig de
voorschriften van EN 50242. De waarden kunnen afwijken afhankelijk van de
temperatuur van het vulwater en de omgeving en van het type en de
hoeveelheid vaat.
(2) 1 of 2 koude spoelbeurten, afhankelijk van het model.
VERWIJZINGEN naar de ENERGY LABEL die met de vaatwasser wordt
geleverd:
- Het jaarlijkse energieverbruik is gebaseerd op 280 cycli van het standaard wasprogramma met koud water en verbruik van de laag-energieverbruik
modi. Het werkelijke verbruik is afhankelijk van de wijze waarop het apparaat
wordt gebruikt.
- Het waterverbruik is gebaseerd op 280 cycli van het standaard wasprogramma. Het werkelijke verbruik is afhankelijk van de wijzen waarop
het apparaat wordt gebruikt.
- De informatie verwijst naar het EN 50242 STANDAARDPROGRAMMA
(aangegeven in de programmatabel); het meest doeltreffende programma
voor wat betreft het gecombineerde energie- en waterverbruik. Het
programma is geschikt voor normaal vieze vaat.
- .Efficiëntieklasse van het drogen uitgedrukt op een schaal vanaf “G”
(minimale efficiëntie) tot “A” (maximale efficiëntie)
8
Page 11
Instructies Voor de Gebruiker
Alvorens een wasprogramma te starten moet u
OPTIES SELECTEREN
1.2 Wasprogramma’s
controleren of:
• de waterkraan geopend is;
• er regeneratiezout in het reservoir aanwezig is;
• er voldoende afwasmiddel in het bakje is gedaan;
• de korven op de juiste wijze zijn beladen;
• de sproeiarmen vrij, onbelemmerd kunnen draaien;
• de deur van de vaatwasser goed is gesloten.
De opties kunnen worden geselecteerd met de betreffende drukknop
vlakbij het symbool van de gewenste optie; de activering wordt bevestigd
door het gaan branden van het controlelampje.
• U kunt geen opties kiezen tijdens het weken programma.
• Alle opties, uitgezonderd de “Flexi Tabs” worden op het eind
van de wascyclus gedesactiveerd. Om optie “Flexi Tabs” te
desactiveren moet u het bijbehorende drukknopje indrukken
(het controlelampje gaat uit).
•Alle opties, inclusief de “Flexi Tabs” worden gedesactiveerd
wanneer een gestart programma wordt GEANNULEERD.
EXTRA OPTIES
Sommige modellen zijn uitgerust met extra opties die worden
geactiveerd door het gelijktijdig indrukken van twee drukknoppen. In
zo’n geval zal in de grafische weergave het symbool van de extra optie
met een streepje worden verbonden met de twee drukknoppen welke
tegelijkertijd moeten worden ingedrukt voor de activering ervan. (bijv.
“Flexi Tabs” in de afbeelding)
9
Page 12
Flexi Tabs
zijn niet geschikt
te “hard”
ULTRA CLEAN
Instructies Voor de Gebruiker
Specificatie voor het wassen met gecombineerde vaatwasmiddelen in
tabletvorm die ook zout en glansmiddel (3in1) of andere agenten,
zoals glasbeschermer, glansmiddel voor staal enz. bevatten. (4in1,
5in1…). Bij selectie van de optie zullen het eventueel reeds in hun
bakjes aanwezige zout en glansmiddel niet worden gebruikt. Wanneer
de bakjes leeg zijn blijven de controlelampjes branden.
Wanneer uw vaatwasser niet met deze optie is uitgerust raden wij het
gebruik aan van traditionele producten (afwasmiddel, zout en
glansmiddel gescheiden), omdat de gecombineerde producten
problemen zouden kunnen veroorzaken met de traditionele wascycli,
zoals de aanslag van een witte patina, slechte droogresultaten, resten
op de vaat.
Voor meer informatie verwijzen wij naar de informatie op de verpakking
van het vaatwasmiddel.
BELANGRIJK:
wanneer de optie niet meer is vereist moet u hem desactiveren door het
bijbehorende drukknopje in te drukken (het controlelampje gaat uit).
Deze producten
voor gebruik met water dat
is. Bij een ingestelde hardheid van hoger dan H3 zal, bij activatie van de
optie, ter indicatie van een niet-correct gebruik - dat de werking niet zal schaden, maar dat tot niet-optimale wasresultaten zou kunnen leiden het bijbehorende controlelampje gaan knipperen.
10
Het "ULTRA CLEAN" programma verlengt de laatste spoelbeurt om een
verdere vermindering van het aantal bacteriën te garanderen. Indien
tijdens die fase van het wasprogramma de temperatuur niet constant
wordt gehouden (vanwege bijvoorbeeld het openen van de deur of een
stroomuitval), zullen het controlelampje van de optie en die van de
programma's knipperen (2) om aan te geven dat deze extra fase van het
wasprogramma niet naar wens is afgerond. Dit zal de resultaten van het
wassen niet beïnvloeden.
Page 13
Instructies Voor de Gebruiker
VERSPREIDE HALVE BELAD
ING
UITSTEL VAN HET PROGRAMMA
ANNULERING VAN HET LOPENDE PROGRAMMA
WIJZIGING VAN HET PROGRAMMA
Geschikt indien u slechts weinig vaat hoeft te wassen. Maakt een
bezuinig op het elektriciteitsverbruik mogelijk en beperkt de duur van het
programma. De vaat moet over beide korven verspreid worden geplaatst
en u moet minder afwasmiddel in het in het wasmiddelbakje doen dan
voor een volle belading.
U kunt de start van het programma met 3, 6 of 9 uur uitstellen.
Op deze wijze kunt u de vaatwasser op het voor u meest geschikte
tijdstip laten draaien. Druk, na het gewenste programma te hebben ingesteld, op de drukknop voor de selectie van het gewenste uitstel, het
bijbehorende controlelampje gaat branden. De vaatwasser zal een
voorwas uitvoeren, op het eind waarvan de eerder ingestelde
"programma-uitstel" in werking treedt.
Indien u de procedure wenst af te sluiten zonder de uitgestelde start in te
stellen, moet u drukknop blijven indrukken tot alle drie controlelampjes
uit zijn.
N.B.: U kunt de geprogrammeerde start niet selecteren indien het
programma reeds is gestart.
•Om het lopende programma te annuleren moet u, na de deur te
hebben geopend, de drukknop PROGRAMMAKEUZE(3) een paar
seconden lang ingedrukt houden tot de controlelampjes van de
programma's 4 en 5 gelijktijdig gaan branden (gekenmerkt met
"end").
• De deur vervolgens weer sluiten.
• Na ongeveer 1 minuut zal de vaatwasser naar de einde cyclus stand
gaan.
Om een programma waar de machine mee bezig is, te wijzigen, hoeft u
alleen maar de deur te openen en het nieuwe programma te selecteren.
Als u de deur weer sluit zal de vaatwasser automatisch het nieuwe
programma uitvoeren.
11
Page 14
12
Instructies Voor de Gebruiker
OM ENERGIE TE BESPAREN! … EN VOOR HET BEHOUD VAN HET
MILIEU
• Gebruik de vaatwasser altijd met een volledige belading.
• Probeer om de vaatwasser altijd volledig gevuld te gebruiken.
• Was de vaat niet onder stromend water.
• Gebruik het voor de aard van de vaat meest geschikte programma.
• Spoel niet vooraf eerst af.
• Sluit, indien mogelijk, de vaatwasser aan op een warmwaterleiding
tot 60°C.
OM HET AFWASMIDDELVERBRUIK TE BEPERKEN! … EN VOOR
HET BEHOUD VAN HET MILIEU
De in de afwasmiddelen voor vaatwassers aanwezige fosfaten vormen
een probleem voor het milieu. Om een overmatig afwasmiddel- en
stroomverbruik te voorkomen, raden wij aan om:
•de delicate vaat te scheiden van vaat die beter bestand is tegen
agressieve afwasmiddelen en hoge temperaturen;
• het afwasmiddel niet rechtstreeks op de vaat te gieten.
Wanneer het nodig mocht blijken om tijdens het wassen de deur te
openen zal het programma worden onderbroken, zal het betreffende
controlelampje blijven knipperen en zal een geluidssignaal erop wijzen
dat de cyclus nog niet is voltooid. U zult circa 1 minuut moeten wachten
voordat u de deur kunt sluiten om het programma weer te hervatten. Bij
het sluiten van de deur zal het programma weer worden hervat vanaf het
punt waarop het werd onderbroken. Het verdient aanbeveling om deze
handeling uitsluitend indien noodzakelijk uit te voeren, omdat het
onregelmatigheden in de afwerking van het programma zou kunnen
veroorzaken.
Page 15
Instructies Voor de Gebruiker
BEËINDIGING
ENERGIEBEHEER
VERWIJDEREN VAN DE VAAT
Op het eind van het programma zendt de
vaatwasser een kort geluidssignaal uit en
zullen de controlelampjes van de
programma’s 4 en 5 (gekenmerkt met "end")
knipperen.
Om de machine uit te schakelen moet de deur worden geopend en de
drukknop AAN/UIT (1) worden ingedrukt.
Na 5 minuten van inactiviteit (wassen cyclus beëindigd, onderbroken,
of ingesteld maar niet gestart), komt de vaatwasser in de stand-by
modus te staan om het energieverbruik te verminderen.
In deze status zal de weergave van de vaatwasser (controlelampjes of
displays, afhankelijk van de modellen) vertraagd plaatsvinden (1 ontsteking om de 5 seconden).
Na beëindiging van het wasprogramma moet u tenminste 20 minuten
wachten alvorens de vaat er uit te halen, om hem te laten afkoelen. Om
te voorkomen dat eventuele in de bovenste korf achtergebleven
waterdruppels op de nog in de onderste korf achtergebleven vaat vallen,
wordt het aangeraden om eerst de onderste korf en daarna pas de
bovenste korf leeg te halen.
13
Page 16
20
•
14
Instructies Voor de Gebruiker
2. Gebruiksinstructies
Na de vaatwasser op correcte wijze te hebben geïnstalleerd zijn de
volgende handelingen noodzakelijk om hem te kunnen gebruiken:
• Regeling van de ontharder;
• Vullen met het regeneratiezout;
• Vullen met glansspoelmiddel en afwasmiddel.
2.1 Gebruik van de waterontharder
De hoeveelheid kalk in het water
(hardheidsgraad van het water) is
verantwoordelijk voor de witte vlekken op
de opgedroogde vaat, die, na verloop van
tijd mat zullen worden. De vaatwasser is
uitgerust met een automatische ontharder
die met gebruikmaking van hiervoor
specifiek bestemd regeneratiezout, de
hardheids-elementen uit het water onttrekt.
De vaatwasser is in de fabriek afgesteld op
een hardheidsgraad van 3 (gemiddelde
hardheid 41-60°dF – 24-31°dH ).
Bij gebruik van gemiddeld hard water zal het zout na ongeveer
wasbeurten moeten worden bijgevuld. Het reservoir van de ontharder
heeft een capaciteit van ongeveer 1,7 Kg grof zout. Sommige modellen
zijn uitgerust met een venster voor het ontbreken van het zout. In deze
modellen bevat de dop van het zoutreservoir een groene drijver die bij
het verminderen van de zoutconcentratie in het water zal gaan zakken.
Wanneer de groene drijver niet meer zichtbaar is door de doorzichtige
dop moet het regeneratiezout worden bijgevuld. Het reservoir bevindt
zich onderin de vaatwasser. Na de onderste korf te hebben verwijderd
moet u de dop van het reservoir linksom losdraaien en het zout met
behulp van de met de vaatwasser geleverde trechter toevoegen.
Alvorens de dop weer vast te draaien moet u eventuele zoutresten bij de
opening verwijderen.
Bij de eerste inwerkingstelling van de vaatwasser dient u, afgezien
van het zout, tevens een liter water in het reservoir te gieten.
•Controleer altijd na het vullen van het reservoir of de dop goed is
afgesloten. Het mengsel van water en afwasmiddel mag het
reservoir niet binnendringen daar dit werking van het
regeneratiesysteem zal beïnvloeden. In dat geval is de garantie niet
meer geldig.
Gebruik uitsluitend regeneratiezout voor vaatwassers voor
huishoudelijk gebruik. Vul, bij gebruik van zouttabletten, het reservoir niet volledig af.
ZOUT
Page 17
Instructies Voor de Gebruiker
REGELING VAN DE
ONTHARDER
•Gebruik geen keukenzout, omdat dit niet-oplosbare substanties
bevat die na verloop van tijd het onthardingssysteem kunnen
beschadigen.
•Vul, indien noodzakelijk, het zout bij vóór u het wasprogramma
start; op deze wijze zal de overtollige zoutoplossing onmiddellijk
door het water worden verwijderd; een langdurige aanwezigheid van
zout water in de waskuipkan tot corrosievorming leiden.
Let ervoor op dat u het zout niet met het afwasmiddel verwisselt: de
aanwezigheid van afwasmiddel in het zoutreservoir zal de ontharder
beschadigen.
De vaatwasser is uitgerust met een inrichting waarmee de
waterontharder ingesteld kan worden afhankelijk van de hardheid van
het water. De hardheid van het water wordt geselecteerd met de
DRUKKNOP PROGRAMMAKEUZE (3).
Voor de regeling moet u de drukknop langer dan 15 seconden ingedrukt
houden; de INDICATOR REGELING HARDHEID WATER (4) zal
knipperen terwijl de CONTROLELAMPJES GESELECTEERD PROGRAMMA (2) aangeven dat de regeling is ingesteld. Afzonderlijke
drukken op de knop zal de keuze wijzigen volgens de opeenvolging van
de onderstaande tabel:
>
15
Page 18
HARDHEID VAN HET
(geen zout)
aan
aan
aan
Instructies Voor de Gebruiker
TABELLA DUREZZA DELL'ACQUA
WATER
(°dH) Duitse
graden
(°dH) Franse
graden
0 - 6 0 - 11
7 - 10 12 - 18
11 - 15 19 - 27
16 - 21 28 - 37
22 - 28 38 - 50
29 - 35 51 - 62
36 - 50 63 - 90
Alle controlelampjes uit
Één controlelampje aan
Twee controlelampjes
Drie controlelampjes
Vier controlelampjes
Vijf controlelampjes aan
Twee controlelampjes
aan
REGELING
Vraag het waterleidingbedrijf om de informatie betreffende de
hardheidsgraad van het water.
Na de regeling of weergave van de ingestelde waarde volstaat het de
knop slechts een paar seconden onberoerd te laten waarna de
vaatwasser automatisch de regelmodus zal verlaten om terug te keren in
de standaardstand.
2.2 Gebruik van de doseerbakjes voor het glansspoelmiddel
en het afwasmiddel
De doseerbakjes voor het
afwasmiddel en het glansspoelmiddel
bevinden zich aan de binnenkant van
de deur: links dat van het
afwasmiddel en rechts dat van het
glansspoelmiddel.
16
Uitgezonderd het WEEK programma, moet het afwasmiddelbakje vóór
iedere wasbeurt met een geschikte dosis afwasmiddel worden gevuld.
Het glansspoelmiddel hoeft alleen maar worden bijgevuld indien nodig.
Page 19
Instructies Voor de Gebruiker
TOEVOEGING VAN HET GLANSSPOELMIDDEL
REGELING VAN DE DOSERING VAN HET GLANSSPOELMIDDEL
Het glansspoelmiddel zal het opdrogen van de
vaat versnellen en de vorming van vlekken en
kalkafzettingen voorkomen; het wordt
automatisch tijdens de laatste spoelbeurt aan het
water toegevoegd vanuit het doseerbakje aan de
binnenkant van de deur.
Om het glansspoelmiddel toe te voegen:
• Open de deur.
• Draai de dop van het reservoir ¼ slag linksom en verwijder hem.
• Vul het glansspoelmiddel bij tot het bakje vol is (circa 140 c.c.). Het
venstertje naast de dop moet helemaal donker worden. Vul weer
glansspoelmiddel bij als het venster lichter wordt of het
controlelampje voor het ontbreken van het glansspoelmiddel gaat
branden.
• Plaats de dop weer terug en draai hem rechtsom.
• Veeg het gemorste glansspoelmiddel met een doek af omdat dit tot
schuimvorming kan leiden.
De vaatwasser wordt in de fabriek op een gemiddelde waarde afgesteld.
De dosering kan echter worden geregeld met behulp van de regelknop
op de doseerder, de dosis zal proportioneel zijn aan de stand van de
regelknop.
•Voor de regeling van de dosering moet de dop van het reservoir ¼
slag linksom worden gedraaid en verwijderd.
•Draai vervolgens met een schroevendraaier de regelaar van de
dosering in de gewenste stand.
• Plaats de dop weer terug en draai hem rechtsom vast.
• De hoeveelheid glansspoelmiddel moet worden verhoogd als de
gewassen vaat mat is of ronde vlekken vertoont.
•Als de vaat daarentegen plakkerig aanvoelt of witte strepen vertoont
moet de hoeveelheid glansspoelmiddel worden verminderd.
17
Page 20
VULLEN MET AFWASMIDDEL
Instructies Voor de Gebruiker
Om het deksel van het bakje te openen moet u
drukknop P een weinig indrukken. Voeg het
afwasmiddel toe en sluit het deksel zorgvuldig af. Tijdens
het wassen zal het bakje automatisch worden geopend.
•Wanneer u een programma met warme voorwas kiest (zie de
programmatabel), moet u een extra hoeveelheid afwasmiddel in de
holte G/H (afhankelijk van de modellen) doen.
•Gebruik uitsluitend specifieke afwasmiddelen voor vaatwassers.
Het gebruik van afwasmiddelen van goede kwaliteit is van groot
belang voor optimale wasresultaten.
•Bewaar het afwasmiddel in een gesloten verpakking op een droge
plek om de vorming van klonten die de wasresultaten nadelig zullen
beïnvloeden, te voorkomen. Eenmaal geopend zullen de
afwasmiddelen niet al te lang bewaard kunnen blijven omdat het
afwasmiddel aan efficiëntie zal inboeten.
•Gebruik geen afwasmiddel voor de handafwas omdat de hoge
schuimproductie ervan de werking van de vaatwasser nadelig kan
beïnvloeden.
•Zorg voor een goede dosering van het afwasmiddel. Te weinig
afwasmiddel zal leiden tot een onvolledige verwijdering van het vuil,
terwijl een teveel ervan de efficiëntie niet zal verhogen, maar slechts
verspilling is.
•Er zijn vloeibare en afwasmiddelen in poedervorm in de handel, die
onderling verschillen voor wat betreft hun chemische samenstelling
en die fosfaten kunnen bevatten of niet, die in dat geval zijn
vervangen door natuurlijke enzymen.
- Fosfaathoudende afwasmiddelen zijn voornamelijk actief tegen
vetten en amide bij temperaturen van meer dan 60°C .
- De enzymen bevattende afwasmiddelen zijn ook al bij lagere
temperaturen actief (vanaf 40 tot 55°C ) en zijn biologisch beter
afbreekbaar. Met dit type afwasmiddel kunnen bij lagere
temperaturen dezelfde wasresultaten worden bereikt die anders
pas bij programma's van 65°C mogelijk zouden zijn.
Voor het behoud van het milieu bevelen wij het gebruik aan van
afwasmiddelen zonder fosfaten of chloor.
18
Page 21
Instructies Voor de Gebruiker
De aanwezigheid van, ook vloeibaar afwasmiddel, in het
glansspoelmiddelreservoir zal de vaatwasser beschadigen.
2.3 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen
Vóór de eerste ingebruikneming van de vaatwasser verdient het
aanbeveling om eerst de onderstaande aanbevelingen met betrekking tot
de aard van de te wassen vaat en de plaatsing ervan te lezen.
Over het algemeen bestaan er geen beperkingen voor het wassen van
de huishoudelijke vaat, maar in sommige gevallen moet met hun
eigenschappen rekening worden gehouden.
Alvorens de vaat in de korven te plaatsen moet u:
•de grootste etensresten, zoals bijvoorbeeld botjes, graten enz. die de
filter zouden kunnen verstoppen en de waspomp beschadigen,
verwijderen;
•de pannen of koekenpannen met op de bodem verbrande
etensresten laten weken om het vuil beter te laten loskomen; om ze
vervolgens in de ONDERSTE KORF te zetten.
Om niet onnodig water te verspillen moet u de vaat vooraf niet onder
stromend water wassen voordat u hem in de korven laadt.
Een correcte plaatsing van de vaat is een garantie voor goede
wasresultaten.
19
Page 22
20
Instructies Voor de Gebruiker
LET OP!
•Controleer of de couverts goed stevig staan en niet kunnen omvallen
en de draaiing van de sproeiarmen tijdens de werking niet
belemmeren;
•plaats geen hele kleine voorwerpen in de korven die bij het vallen de
sproeiarmen of de waspomp zouden kunnen blokkeren;
•vaat zoals bijv. kopjes, schotels, glazen, bekers en pannen moeten
altijd met de opening naar beneden en met eventuele holle kanten
schuin worden gezet om het weglopen van het water te bevorderen;
•de verschillende delen van de vaat niet in elkaar zetten omdat ze
elkaar anders zouden afdekken;
•plaats glazen niet te dicht op elkaar omdat ze met elkaar in
aanraking zouden kunnen komen en breken. Ook kunnen zich
vlekken vormen.
CONTROLEER of de vaat met de vaatwasser kan worden gewassen.
Ongeschikte vaat voor het wassen in een vaatwasser:
•Houten pannen en couverts: kunnen beschadigd raken als
gevolg van de hoge wastemperaturen;
•handwerkproducten: zijn slechts zelden geschikt om te worden
gewassen in een vaatwasser. De relatief hoge watertemperaturen
en het afwasmiddel kunnen ze beschadigen;
•plastic couverts: eventueel hittebestendige plastic couverts
moeten in de bovenste korf worden gewassen;
• couverts en voorwerpen van koper, tin, zink en messing:
hebben de neiging om vlekken te vormen;
•aluminium vaat: vaat van geanodiseerdaluminium kan
verkleuren;
•glas en kristal: over het algemeen kunnen glazen en kristallen
voorwerpen in de vaatwasser worden gewassen. Er bestaan echter
glas- en kristalsoorten die na vele wasbeurten mat kunnen worden
en hun transparantie verliezen; voor dit soort materiaal raden wij
altijd aan om het minst agressieve programma van de
programmatabel te kiezen;
•vaat met decoraties: de in de handel verkrijgbare gedecoreerde
voorwerpen zijn over het algemeen goed tegen het wassen in de
vaatwasser bestand ook al is het mogelijk dat de kleuren na
frequente wasbeurten vervagen, Bij twijfel over de bestendigheid
van de kleuren verdient het aanbeveling om ongeveer een maand
lang een paar elementen per keer te wassen.
Page 23
Instructies Voor de Gebruiker
DE ONDERSTE KORF
ACCESSOIRES ONDERSTE KORF
2.4 Gebruik van de korven
De vaatwasser heeft een capaciteit van 13 couverts inclusief het
opdienservies.
De onderste korf ontvangt de maximale intensiteit van de werking van de
onderste sproeiarm en is daarom bestemd voor de "moeilijkste" en
vuilste vaat.
Alle mogelijke beladingscombinaties zijn
toegestaan, op voorwaarde dat er bij de
plaatsing van het servies, de pannen en de
koekenpannen voor wordt gezorgd dat alle
vuile oppervlakken worden blootgesteld aan
de van onderen afkomstige waterstralen.
Om bij het laden van vaat van grote
afmetingen de ruimte in de korf zo goed
mogelijk te benutten zijn sommige modellen
in 2 of 4 sectoren uitgerust met wegklapbare
bordensupports.
Met vaste supports
Sommige modellen hebben praktische accessoires voor de onderste
korf die een betere droging van de borden verzekeren. U vindt deze
accessoires in het daarvoor bestemde zakje; om ze te gebruiken hoeft u
ze alleen maar in de speciale openingen te steken zoals afgebeeld in de
tekening.
Met wegklapbare supports
21
Page 24
BELADING VAN DE ONDERSTE KORF
Laadvoorbeelden:
BOVENSTE KORF
BELADING VAN DE BOVENSTE KORF
Laadvoorbeelden:
Instructies Voor de Gebruiker
Plaats de platte, diepe, dessert- en dienborden zorgvuldig rechtop. De
pannen, koekenpannen en bijbehorende deksels moet ondersteboven
worden geplaatst. Zorg er bij het plaatsen van de diepe en
dessertborden altijd voor dat er vrije ruimte tussen blijft.
Het wordt aangeraden om de bovenste korf te vullen met klein of
middelgroot serviesgoed, zoals bijvoorbeeld glazen, kleine borden,
koffie- en theekopjes, platte schotels en lichte, hittebestendige plastic
voorwerpen. Bij gebruik van de bovenste korf in de laagste stand kunnen
er ook dienborden in worden geplaatst, mits slechts licht bevuild.
Laad de borden met de holle zijde naar voren; kopjes en holle
recipiënten moeten altijd met de opening naar beneden worden gezet.
Aan de linkerkant van de mand kunt u op twee niveaus kopjes en glazen
laden. In het midden kunt u borden en bordjes rechtop in de speciale
supporten zetten.
22
Page 25
Instructies Voor de Gebruiker
BESTEKCONTAINER
iedere plek
De container is uitgerust met verwijderbare bestekelementen waarin de
verschillende delen van het bestek onderling op voldoende afstand
blijven voor een optimale passage van het water. U vindt de elementen
en het centrale dekseltje in het zakje met accessoires. Het centrale dekseltje dient uitsluitend als afdekking.
De bestekelementen kunnen worden verwijderd en los worden gebruikt.
Het bestek moet gelijkmatig over de container worden verdeeld, met het
handvat naar beneden gericht waarbij u goed moet opletten dat u zich
niet bezeert aan de lemmetten van de messen. De container is bestemd
voor alle soorten bestek, uitgezonderd bestek waarvan de lengte de
bovenste sproeiarm hindert. Spanen, houten lepels en keukenmessen
kunnen in de bovenste korf worden gelegd, waarbij u ervoor moet opletten dat de mespunten niet buiten de korf uitsteken.
De container kan overdwars worden verplaatst en kan op
worden geplaatst voor een optimale benutting van de ruimte in de
onderste korf.
23
Page 26
FLEXIDUO LADE BOVENIN
(afhankelijk van de modellen)
Instructies Voor de Gebruiker
Deze lade bestaat uit twee onafhankelijke verschuifbare en
verwijderbare korven, om het laden en verwijderen van het bestek te
vereenvoudigen. Meer beladingswijzen en configuraties zijn mogelijk. In
de in de lage stand gezette rechterkorf kunt u bijvoorbeeld theekopjes
zetten, terwijl u, door het verwijderen van alleen de linkerkorf of van
beide korven, de bovenste korf kunt laden met vaat van grote afmetingen.
24
Page 27
Instructies Voor de Gebruiker
Voorbeelden van intensieve belasting vuil:
25
Page 28
Voorbeelden van intensieve belasting vuil:
Instructies Voor de Gebruiker
26
FLEXIDUO LADE BOVENIN (afhankelijk van de modellen)
Page 29
Instructies Voor de Gebruiker
Afhankelijk van de modellen kan de mand met sommige of met alle
accessoires zijn uitgerust:
- Supporten voor kopjes of lange voorwerpen (soeplepels,
lepels…), links, kunnen rechtop worden gezet indien niet
gebruikt.
- Support voor glazen met lange steel (glass holder), links; om
hem te gebruiken hoeft u hem slechts rechtop te zetten en in de
speciale bevestigingen vast te haken.
- Bestekrekken, rechts, zijn bestemd voor messen en lepeltjes;
voor die laatste moet u de verschuifbare support uittrekken. De
rekken kunnen ook rechtop worden gezet indien niet gebruikt.
- Vaste of losse centrale supporten. De losse supporten kunnen
rechtop geblokkeerd worden en, indien niet gebruikt, tegen de
achterkant van de mand worden gezet, of in een
tussenliggende stand, afhankelijk van de behoefte.
27
Page 30
REGELING VAN DE BOVENSTE KORF
Versie A:
extractie
twee
standen
Versie B:
drie standen
Instructies Voor de Gebruiker
De hoogte van de bovenste korf kan worden geregeld om in de onderste
korf ruimte te creëren voor borden of vaat van grote afmetingen.
De regeling kan van het type A of B zijn, afhankelijk van het
aangeschafte model vaatwasser.
met
, regelbaar in
.
• Trek beide korfgeleiders eruit.
• Maak de blokkeringen los zoals afgebeeld in de tekening en
verwijder ze.
• Verwijder de korf.
• Inserire nella guida la coppia di ruote superiore o inferiore, secondo
la regolazione desiderata.
•Plaats de blokkeringen weer in de oorspronkelijke stand terug.
De linker- en rechterzijden van de korf moeten altijd op dezelfde hoogte worden gezet.
De zijkanten van de korf moeten altijd op dezelfde hoogte worden gezet.
• Til de korf op bij de bovenste rand (1) tot aan de eerste of tweede
• Maak de korf vrij met de vrijgavehendel (2) en laat hem zakken.
De regeling is ook met een volle korf mogelijk, in dit geval moet u de korf
bij het zakken met de hand tegenhouden om de vaat te beschermen.
regelbaar in
klik, afhankelijk van de gewenste hoogte.
28
aan beide zijden.
Page 31
Instructies Voor de Gebruiker
ORBITAAL
3. Schoonmak en onderhoud
Voordat u onderhoud gaat uitvoeren op het apparaat moet u de
stekker uit het stopcontact verwijderen of de spanning onderbreken
met de meerpolige scheidingsinrichting.
3.1 Waarschuwingen en algemene aanbevelingen
Vermijd het gebruik van schurende of bijtende schoonmaakmiddelen.
De buitenoppervlakken en de contradeur van de vaatwasser moeten met
regelmatige tussenpozen met een zachte met een normaal schoonmaakmiddel
voor geverfde oppervlakken bevochtigde doek worden schoongemaakt. De
pakkingen van de deur moeten met een vochtige spons worden schoongemaakt.
Periodiek (één of twee keer per jaar) verdient het aanbeveling om al het vuil dat
zich op de kuip en de afdichtingen heeft gevormd met een zachte doek en wat
water te verwijderen.
SCHOONMAKEN VAN HET WATERTOEVOERFILTER
Het na de kraan geplaatste toevoerfilter voor het water A moet regelmatig
worden schoongemaakt. Sluit de waterkraan, draai het uiteinde van de
toevoerslang los, verwijder het filter A en maak hem voorzichtig onder een
straal water schoon. Plaats het filter A weer in diens houder terug en draai
de watertoevoerslang zorgvuldig vast.
SCHOONMAKEN VAN DE SPROEIARMEN
De sproeiarmen kunnen gemakkelijk worden verwijderd om de mondstukken
periodiek te reinigen en mogelijke verstoppingen te voorkomen. Was ze onder een
straal water en plaats ze weer zorgvuldig in hun houders terug en controleer of hun draaibeweging op geen enkele wijze wijze wordt belemmerd.
•
Om de bovenste sproeiarm te verwijderen moet de stelring R worden
losgedraaid.
•
U kunt de onderste sproeiarm gemakkelijk verwijderen door hem in het
midden vast te pakken en naar boven te trekken.
•
Om de orbitaalsproeiarm te verwijderen moet u de langste arm beetpakken
en de orbitaal arm naar boven trekken. Was de armen onder een straal water
en plaats ze weer zorgvuldig in hun oorspronkelijke behuizing terug.
Controleer vervolgens of de sproeiarmen vrj kunnen draaien. Als dit niet
het geval mocht zjin moet u controleren of u ze goed heeft gemonteerd.
29
Page 32
SCHOONMAKEN VAN DE FILTERGROEP
Instructies Voor de Gebruiker
•Het verdient aanbeveling om regelmatig de centrale filter C te
controleren en, indien noodzakelijk schoon te maken. Om de filter te
verwijderen moet u de lipjes vastpakken, ze linksom draaien en naar
boven trekken;
•druk van onderen tegen de centrale filter D om hem uit de microfilter
te verwijderen;
•haal de twee delen waaruit het plastic filter bestaat, uit elkaar door
op de door de pijl aangegeven plek op het filterlichaam te drukken;
•verwijder het centrale filter door hem naar boven te trekken.
30
WAARSCHUWINGEN EN AANBEVELINGEN VOOR EEN GOED
ONDERHOUD:
• De filters moeten met een harde borstel onder een waterstraal
worden schoongemaakt.
•Controleer bij het verwijderen van het filter of er geen
etensresten op zijn achtergebleven. Eventuele in het putje
gevallen resten zouden bepaalde hydraulische onderdelen kunnen
blokkeren of de mondstukken van de sproeiers kunnen verstoppen.
•Het is absoluut noodzakelijk dat de filters zorgvuldig worden
schoongemaakt overeenkomstig de bovenstaande aanwijzingen:
de vaatwasser kan niet functioneren als de filters verstopt zijn.
•Plaats de filters weer zorgvuldig terug in hun houders, om
schade aan de waspomp te voorkomen.
ALS DE VAATWASSER LANGDURIG BUITEN GEBRUIK BLIJFT:
• Voer twee keer achter elkaar het weekprogramma uit.
• Trek de steker uit het stopcontact.
• Laat de deur op een kier om te voorkomen dat er zich vieze
luchtjes in de waskuip vormen.
• Vul de doseerder met glansspoelmiddel.
• Sluit de waterkraan.
Page 33
Instructies Voor de Gebruiker
ALVORENS DE VAATWASSER NA EEN LANGDURIGE PERIODE
VAN STILSTAND IN GEBRUIK TE NEMEN:
•controleer of er zich geen bezinksel of roest in de slangen heeft
gevormd, laat in dat geval het water een paar minuten lang uit de
kraan stromen.
• Steek de steker weer in het stopcontact.
• Breng de aanvoerslang weer aan en open de kraan.
KLEINE STORINGEN OPLOSSEN
In sommige gevallen is het mogelijk om zelf eventuele kleine storingen
met behulp van de onderstaande instructies te verhelpen.
Controleer, als het programma niet start, of:
• de vaatwasser op het elekriciteitsnet is aangesloten;
• de levering van de elektrische stroom niet is onderbroken;
• de waterkraan is geopend;
• de deur van de vaatwasser op correcte wijze is gesloten;
Controleer, als er water in de vaatwasser achterblijft, of:
• er geen knik in de afvoerslang zit;
• de sifon van de afvoer niet verstopt is;
• de filters van de vaatwasser niet verstopt zijn.
Indien de vaat niet schoon mocht blijken, moet u controleren of:
• er (voldoende) afwasmiddel is ingevoerd;
• er regeneratiezout in het speciale reservoir zit;
• de vaat op de juiste wijze is geplaatst;
• het geselecteerde programma geschikt was voor het type en de
aard van vervuiling van de vaat;
•alle filters schoon zijn en op de juiste wijze in hun houders zijn
geplaatst;
• de wateropeningen van de sproeiarmen niet verstopt zijn;
• de draaiing van de sproeiarmen niet ergens door werd belemmerd.
31
Page 34
Instructies Voor de Gebruiker
Controleer, als de vaat niet droog wordt of mat blijft, of:
• er glansspoelmiddel in het daarvoor bestemde reservoir zit;
• de dosering ervan goed is ingesteld;
• de kwaliteit van het gebruikte afwasmiddel goed is en de
eigenschappen er niet van verloren zijn gegaan (bijv. als gevolg van
een onjuiste opslag, met geopende verpakking).
Controleer, als de vaat strepen, vlekken … vertoont, of:
• de regeling van het glansspoelmiddel niet overmatig is.
Als er roestsporen zichtbaar zijn in de kuip:
•de kuip is van roestvrij staal en eventuele roestsporen moeten
daarom van buitenaf afkomstig zijn (stukjes roest afkomstig van de
waterleiding, pannen, bestek enz.). In de handel kunt u speciale
producten vinden om deze vlekken te verwijderen;
•controleer of u de juiste hoeveelheid afwasmiddel gebruikt.
Sommige afwasmiddelen kunnen agressiever zijn dan andere;
•controleer of u de dop van het zoutreservoir goed heeft afgesloten
en de waterontharder goed is ingesteld.
Als, nadat u de bovenstaande aanwijzingen heeft opgevolgd, de
storingen zich mochten blijven voordoen, zult u de dichtstbijzijnde
technische dienst moeten raadplegen.
LET OP: de door niet bevoegd personeel op het apparaat
uitgevoerde werkzaamheden vallen niet onder de garantie en zijn
voor rekening van de gebruiker.
32
Page 35
Instructies Voor de Gebruiker
4. Oplossingen voor storingen in de werking
E1
E2
E3
E4
E5
E6
De vaatwasser is in staat om een aantal storingen te melden door het
gelijktijdig oplichten van meerdere controlelampjes met de volgende
betekenis:
STORING BESCHRIJVING
Storing acquastop
De overstromingsbeveiliging is in werking getreden
(uitsluitend voor de hiermee uitgeruste modellen). Hij
treedt in werking bij waterlekkages. U moet zich wenden
tot de technische dienst van de klantenservice.
Veiligheidsniveau
Het systeem dat het waterpeil in de vaatwasser beperkt is
in werking getreden. Onderbreek het lopende programma
en schakel de vaatwasser uit. Schakel de vaatwasser
weer in, programmeer hem weer en start de wascyclus.
Wanneer het probleem aanhoudt moet u zich wenden tot
de technische dienst van de klantenservice.
Afwijking tijdens het opwarmen van het water
Het water wordt niet of op abnormale wijze opgewarmd.
Herhaal de wascyclus; wanneer het probleem aanhoudt
moet u zich wenden tot de technische dienst van de
klantenservice.
Afwijking tijdens het meten van de watertemperatuur
Onderbreek het lopende programma en schakel de
vaatwasser uit. Schakel de vaatwasser weer in,
programmeer hem opnieuw en start de wascyclus.
Wanneer het probleem aanhoudt moet u zich wenden tot
de technische dienst van de klantenservice.
Afwijking tijdens het vullen met water
De vaatwasser wordt niet of op abnormale wijze gevuld
met water. Controleer of de hydraulische aansluitingen op
correcte wijze zijn uitgevoerd, of de waterkraan geopend
is en of het filter niet verstopt is. Wanneer het probleem
aanhoudt moet u zich wenden tot de technische dienst
van de klantenservice.
Afwijking tijdens het wegpompen van het water
Het water wordt niet of op abnormale wijze weggepompt.
Controleer of de afvoerslang niet geknikt of afgeklemd is
en of de sifon of de filters niet verstopt zijn. Wanneer het
probleem aanhoudt moet u zich wenden tot de technische
dienst van de klantenservice.
33
Page 36
Controlelampje
Controlelampje
Instructies Voor de Gebruiker
STORING BESCHRIJVING
E7
E8
E9
Controlelampje uit
Als zich de alarmsituatie voordoet zal de machine het actieve
programma onderbreken en de afwijking signaleren.
• Bij de alarmen E1, E2, E3, E4, E8, E9 zullen de lopende
programma's onmiddellijk worden onderbroken.
•Den alarmen E5, E6 zullen het lopende programma onderbreken
en, wanneer de oorzaak eenmaal is verholpen, de uitvoering van
het programma hervatten.
•Het alarm E7 wordt afgebeeld op het eind van de cyclus die in ieder
geval wordt afgewerkt, omdat de werking van de vaatwasser er niet
door wordt geschaad.
Om een alarm te "annuleren" moet u:
•de deur openen en sluiten of de machine uit- en weer inschakelen.
Nu kunt u de vaatwasser weer opnieuw programmeren.
Wanneer het probleem niet mocht zijn opgelost moet u zich tot de
erkende Technische Servicedienst wenden.
Afwijking aan het schoepenwieltje (uitsluitend voor
de hiermee uitgeruste modellen)
De binnengestroomde hoeveelheid water wordt niet
precies gemeten. Onderbreek het lopende programma
en schakel de vaatwasser uit. Schakel de vaatwasser
weer in, programmeer hem opnieuw en start de
wascyclus. Wanneer het probleem aanhoudt moet u
zich wenden tot de technische dienst van de
klantenservice.
Afwijking aan het alternerende wassysteem
Onderbreek het lopende programma en schakel de
vaatwasser uit. Schakel de vaatwasser weer in,
programmeer hem opnieuw en start de wascyclus.
Wanneer het probleem aanhoudt moet u zich wenden
tot de technische dienst van de klantenservice.
Afwijking aan het watervulsysteem
U moet zich wenden tot de technische dienst van de
klantenservice.
brandt
knippert
34
Page 37
Instructies Voor de Gebruiker
TECHNISCHE GEGEVENS
Breedte
Diepte, gemeten vanaf de buitenzijde
van het bedieningspaneel
Hoogte
(afhankelijk van de modellen)
Capaciteit 13 Standaardcouverts
Druk van het toevoerwater min. 0,05 - max. 0,9 MPa (min. 0.5 – max. 9 bar)
Elektrische gegevens Zie het typeplaatje
597 ÷ 599 mm
550 mm
van 820 mm tot 890 mm
van 860 mm tot 930 mm
35
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.