SINGER F 2263 User Manual [nl]

Page 1
2263 HANDLEIDING
Page 2
BELANGRIJKE VEILIGHEIDSINSTRUCTIES
Bij gebruik van een elektrisch apparaat, dienen altijd de standaard veiligheidsmaatregelen in acht genomen te worden, waaronder de volgende: Lees alle voorschriften goed door deze naaimachine in gebruik neemt.
GEVAAR
2. Verwijder de stekker uit het stopcontact na gebruik of alvorens de machine schoon te maken.
3. Haal de uit het stopcontact het lampje vervangt. Vervang het lampje altijd door een lampje van 15 Watt van hetzelfde type (regio 220-240V).
- Om de kans op elektrische schok te minimaliseren:
altijd
altijd
stekker u
WAARSCHUWING
vuur, elektrische schok of persoonlijke letsels te minimaliseren:
1. Sta niet toe dat de machine gebruikt wordt als een stuk speelgoed. Extra oplettendheid is geboden wanneer deze naaimachine gebruikt wordt door of in de nabijheid van kinderen.
2. Gebruik deze naaimachine enkel zoals voorgeschreven in deze handleiding. Gebruik enkel de door de fabrikant aanbevolen accessoires vermeld in deze handleiding.
3. Gebruik de naaimachine nooit als de stekker of de stroomkabel beschadigd is, als deze niet werkt zoals het hoort, als deze op de grond of in het water gevallen is of als deze beschadigd is. Breng de machine het dichtstbijzijnde erkende verdeelpunt of service center voor , , elektrische of mechanische afstelling.
4. Gebruik de machine nooit als één van de ventilatieopeningen geblokkeerd is. Houd de ventilatieopeningen van de naaimachine en de voetweerstand vrij van opeenhopingen van stof, pluisjes, losse stukjes stof en draad.
5. Houd uw vingers verwijderd van de bewegende delen. Uiterste voorzichtigheid is geboden in de buurt van de .
6. Gebruik steeds de juiste naaldplaat. kan de naald doen breken.
naar
revisie reparatie
voordat
- Om de kans op brandwonden,
u
voordat
naaimachinenaald
De verkeerde naaldplaat
7. Gebruik geen kromme naalden.
8. Trek niet aan de stof of duw de stof niet terwijl naait. Hierdoor kan de naald buigen en dus breken.
9. Schakel de machine altijd uit (schakelaar op stand "O") als aanpassingen uitvoert in de buurt van de naald zoals het inrijgen van de naald, het wisselen van naald, het plaatsen van de spoel of het wisselen van persvoetje, enz.
10. Haal de stekker uit het stopcontact voor het verwijderen van afdekplaten, het oliën van de machine of voor het uitvoeren van om het even welk ander onderhoudswerk beschreven in deze handleiding.
11. Laat niets vallen of steek niets in de openingen van de machine.
12. Gebruik de machine niet buitenshuis.
13. Gebruik de machine niet in ruimtes waar spuitbussen gebruikt worden of waar zuurstof wordt toegediend.
14. Om de machine uit te schakelen, zet u op de "uit"­stand ("O") en haalt u vervolgens de stekker uit het stopcontact.
15. Verwijder de stekker niet uit het stopcontact door aan de stroomkabel te trekken maar grijp de stekker zelf vast en trek hieraan.
16. Het geluidsniveau bedraagt onder normale omstandigheden 75dB(A).
17. Zet de machine uit of haal de stekker uit het stopcontact wanneer de machine niet goed werkt.
18. Zet niets op het voetpedaal.
19. Als het snoer aan het voetpedaal is beschadigd, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende reparateur of een persoon met vergelijkbare kennis en ervaring om gevaar te voorkomen.
20. Dit toestel is niet bedoeld voor gebruik door personen (ook kinderen) met verminderde lichamelijke, zintuiglijke of mentale functies, of met onvoldoende ervaring en kennis, tenzij ze onder toezicht staan of geïnstrueerd worden over het gebruik van het toestel door een persoon die verantwoordelijk is voor hun veiligheid.
21. Kinderen moeten onder toezicht staan, zodat ze niet met het toestel kunnen spelen.
altijd
alle schakelaars
u
BEWAAR DEZE HANDLEIDING
Deze naaimachine is enkel bestemd voor huishoudelijk gebruik.
u
Page 3
GEFELICITEERD
Als eigenaar van deze nieuwe Singer naaimachine, staat u aan de start van een opwindend, creatief
avontuur. U zult onmiddellijk merken dat u op een van de eenvoudigst te bedienen naaimachines
werkt die ooit is gemaakt.
Wij raden u aan, alvorens u begint te naaien, om even de tijd te nemen om de vele mogelijkheden en het bedieningsgemak van deze machine zelf te ontdekken door deze handleiding stap voor stap door
te nemen terwijl u voor de machine zit.
Om er voor te zorgen dat u steeds over de meest moderne naaimogelijkheden beschikt, behoudt
de fabrikant zich het recht voor, indien nodig, het design, het concept of de accessoires van deze
machine aan te passen.
SINGER is een geregistreerd handelsmerk van The Singer Company Limited of partners.
©2008 The Singer Company Limited of partners. Alle rechten voorbehouden.
Page 4
Inhoudsopgave
Basisinformatie over de machine
Belangrijkste delen van de machine
De machine aansluiten............................................................................................................................................................4
De persvoethevel (2 standen) ................................................................................................................................................5
Accessoires .............................................................................................................................................................................6
De machine inrijgen
Een spoel vol winden ..............................................................................................................................................................7
Een spoel inzetten
De draadspanning instellen.....................................................................................................................................................9
De bovendraad inrijgen .........................................................................................................................................................10
De onderdraad ophalen.........................................................................................................................................................11
Naaien
Uw steek kiezen ....................................................................................................................................................................12
Steekbreedteknop en steeklengteknop .................................................................................................................................13
Rechte steken naaien............................................................................................................................................................14
Achteruit naaien/Het naaiwerk verwijderen/De draad afsnijden............................................................................................15
Elastische steken kiezen .......................................................................................................................................................16
Blinde zoom...........................................................................................................................................................................17
Knoopsgaten .........................................................................................................................................................................18
Knopen aanzetten .................................................................................................................................................................19
Algemene informatie
De aanschuiftafel installeren .................................................................................................................................................20
De naaivoethouder bevestigen..............................................................................................................................................21
Tabel voor naald, garen en stof.............................................................................................................................................22
Stopplaat
Onderhoud en probleemoplossing
Een naald inzetten en vervangen
Het lampje vervangen ...........................................................................................................................................................25
Probleem oplossingen
...............................................................................................................................................................................23
...................................................................................................................................................................8
...........................................................................................................................................................26
...................................................................................................................................2/3
..........................................................................................................................................24
Page 5
Belangrijkste delen van de machine
Draadspanningsknop
1.
Draadhevel
2.
Draadafsnijder
3.
Persvoet
4.
5. Naaldplaat
6. Verwijderbare aanschuiftafel (opbergruimte accessoires)
7. Achteruitnaaiknop
Spoelwinderstop
8.
Steekbreedteknop
9.
Steeklengteknop
10.
Steekkeuzeknop
11.
7
1
2
3
4
5
6
8
9
10
11
2
Page 6
Belangrijkste delen van de machine
Horizontale garenpen
12.
Spoelwinderas
13.
Gat voor extra garenpen
14.
15. Handwiel
16. Stroom-/lichtschakelaar
Stekkerhuis
17.
Draadgeleider
18.
Bovendraadgeleider
19.
Voorkapje
20.
Handvat
21.
Persvoethevel
22.
Voetpedaal
23.
Voedingskabel
24.
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
3
Page 7
De machine aansluiten
Sluit de machine aan zoals hiernaast getoond wordt. (1) De stroomkabel van de machine is voorzien van een gepolariseerde combinatie met een stopcontact. (2)
Let op:
Haal de stekker uit het stopcontact als de machine niet gebruikt wordt.
Voetpedaal
Met het voetpedaal regelt u de naaisnelheid van de machine. (3)
Let op:
Raadpleeg een gediplomeerd elektricien als u twijfelt over de aansluiting. de stekker uit het stopcontact als u de machine niet gebruikt. U mag enkel volgend type voetpedaal gebruiken: KD-1902 (regio 110-120V) / KD-2902 (regio 220-240V) vervaardigd door ZHEJIANG FOUNDER MOTOR CORPORATION LTD. (China)
Verlichting
Zet de hoofdschakelaar (A) op"I":hetlampje gaat aan en de machine is klaar voor gebruik.
stekker die enkel geschikt is voor gebruik in
gepolariseerd
Haal
A
1
BELANGRIJKE OPMERKING
Voor apparaten met (de ene contactpen is breder dan de andere). Om het gevaar voor elektrische schokken te beperken, past deze stekker op slechts één manier in een gepolariseerd stopcontact. Draai de stekekr om als deze niet helemaal in het stopcontact past. Als de stekker dan nog steeds niet past, neem dan contact op met een erkend elektricien om een juist stopcontact te laten installeren. Breng geen enkele verandering aan aan de stekker.
een 2-polige stekker
Gepolariseerde stekker
Geleider die geaard moet zijn
2
4
3
Page 8
A
De persvoethevel (2 standen)
Bij verwerking van meerdere lagen stof of dikke stoffen kan de persvoet in een hogere stand (A) gezet worden om het plaatsen van de stof te vergemakkelijken.
5
Page 9
Accessoires
Standaardaccessoires (1)
a. Standaardpersvoet b.
Ritsvoet
c.
Knoopsgatenvoet
d.
Knoopaanzetvoet
e.
Haakse schroevendraaier f. Tornmesje/stofkwastje g. Flesje olie h.
Set naalden i.
Spoelen (3x) j. Kant-/quiltgeleider k.
Stopplaat l. Garenkloshouder
Optionele accessoires (2)
(Deze 8 accessoires worden niet bij de machine geleverd maar zijn afzonderlijk verkrijgbaar bij uw SINGER -
handelaar.) m. Quiltvoet n. Overlockvoet o. Rolzoomvoet p. Blindzoomvoet q. Cordonvoet r. Stop/borduurvoet s. Extra garenpen t. Klosviltje
Standaardaccessoires
1
a
006806008 006905008
e
i
2
®
Optionele accessoires
b
f
j
c
006909008
k
d
006914008
g
h
l
mn o p
006916008
q
006804008
006803008
r
006016008
006800008
s
006812008
t
6
Page 10
Een spoel vol winden
- Plaats het garen en de bijbehorende garenkloshouder op de
garenpen. (1/2)
- Klik de draad in draadgeleider. (3)
- Draai de draad linksom rond de spanninghouders van de
spoelwinderas. (4)
- Breng de draad door het gaatje van de spoel en plaats de
spoel op de spoelwinderas. (5)
- Duw nu de spoelwinderas naar rechts. (6)
- Houd het gareneinde vast. (7)
- Duw het voetpedaal in. (8)
- Knip de draad af. (9)
- Duw nu de spoelwinderas terug naar links en haal de spoel
er af. (10)
Let op:
Als de spoelwinderas naar rechts staat (spoelwindstand), zal de machine niet naaien en zal het handwiel niet draaien. Om te kunnen naaien, duwt u de spoelwinderas naar links (naaistand).
1
2
4
7
7
8
3
5
9
6
10
Page 11
Een spoeltje inzetten
Als u een spoelhuis gaat inzetten of verwijderen, moet de naald altijd in de hoogste stand staan.
- Open de voorklep van de vrije arm. (1)
- Pak het lipje (a) en trek het spoelhuis naar u toe om het te
verwijderen. (2)
a
- Houd het spoelhuis in uw hand en plaats het spoeltje in het
spoelhuis. Als u aan de draad trekt, moet de spoel rechtsom draaien (zie pijl). (3)
- Trek de draad door de gleuf en trek hem onder de
spanningsveer. (4) Laat ongeveer 15 cm draad uitsteken.
- Houd het spoelhuis vast aan het lipje. (5)
-
Plaats het spoelhuis in de grijperbaan. (6)
Let op:
Schakel de stroom uit (schakelaar op "O") alvorens u een spoel gaat inzetten of verwijderen.
12
3
4
5
6
8
Page 12
De draadspanning instellen
Bovendraadspanning
Standaardafstelling voor de spanning van de bovendraad: "4". Draai de knop naar een hoger cijfer om de spanning te verhogen. Draai de knop naar een lager cijfer om de spanning te verlagen.
A. Normale spanning voor rechte steek. B. Spanning te laag voor rechte steek, draai de knop naar een hoger
cijfer.
C. Spanning te hoog voor rechte steek, draai de knop naar een lager
cijfer.
D. Normale spanning voor de ,
(normaal is wanneer de bovendraad een beetje zichtbaar is aan de onderzijde van de stof).
Spoeldraadspanning
Om de spanning van de spoeldraad te testen, houdt u het spoelhuis omhoog aan de draad en laat u het een omhoog springen. Als de spanning te hoog is, rolt de draad helemaal niet af. Als de spanning te laag is, rolt de draad te veel af. U kunt de spanning afstellen met het schroefje op de zijkant van het spoelhuis.
Belangrijk:
- Een correcte afstelling van de draadspanning is belangrijk voor
- Er bestaat geen vaste afstelling die geldt voor alle steekfuncties,
- Een evenwichtige spanning (identieke steken aan beide zijden van
- 90% van al het naaiwerk vereist een spanning tussen "3" en "5".
- Voor zigzag en andere decoratieve stiksels zal de draadspanning
- Bij decoratieve stiksels krijgt u een mooiere steek en minder
Als de spanning juist is, rolt de draad ongeveer 5 cm af.
een mooi naairesultaat.
gebruikte garens of stoffen.
de stof) is normaal alleen wenselijk bij het gebruik van een rechte steek.
over het algemeen altijd lager zijn dan bij de rechte steek.
plooien wanneer u zorgt dat de bovendraad lichtjes zichtbaar is aan de onderkant van de stof.
zigzagsteek en voor decoratief naaien
of twee maal
altijd
12
BA
C
9
D
Page 13
De bovendraad inrijgen
Dit is een eenvoudige opdracht die correct moet worden uitgevoerd omdat anders bij het naaien kunnen optreden.
- Plaats om te beginnen de naald in de hoogste stand (1) en blijf
het handwiel naar links draaien totdat de naald iets begint te dalen. Breng de persvoet omhoog om de spanningsplaatjes open te zetten.
Opmerking:
uit te schakelen alvorens u de machine inrijgt.
- Hef de garenpen omhoog. Plaats een klos garen op de garenpen
zoals getoond. Voor kleine kant van de garenkloshouder tegen de klos. (2)
- Trek de draad door de bovenste draadgeleider (3) en door de
voorspanning zoals getoond wordt. (4)
- Hierbij is het handig de draad vast te houden tussen de klos
en de draadgeleider. (5) Rijg de spanningsmodule in door de draad naar beneden te leiden via de rechtergleuf en weer naar boven via de linkergleuf.
- Haal de draad bovenaan deze beweging van rechts naar links
door het oog van de draadhevel en leid de draad weer naar beneden. (6)
- Breng de draad nu achter de geleider op de naaldklem (7) en
vervolgens van voor naar achter door het oog van de naald.
om veiligheidsredenen raden wij u aan de stroom
verschillende problemen
6
4
3
2
1
8
7
1
5
2
3
4
- Trek ongeveer 15-20 cm garen naar achter het oog van de
naald. Snijd de draad af met de ingebouwde draadafsnijder. (8)
10
5
6
7
8
Page 14
De onderdraad ophalen
Houd de bovendraad met de linkerhand vast. Draai het handwiel (1) naar u toe (linksom) om de naald te
laten zakken en weer omhoog te brengen.
Let op:
Als het moeilijk is de onderdraad omhoog te brengen, controleer dan of de draad niet wordt beklemd door het deksel met scharnieren of de afneembare uitschuiftafel.
Trek nu zachtjes aan de bovendraad om de onderdraad via het gat in de naaldplaat naar boven te halen. (2)
Leg nu beide draden onder de persvoet door naar achter. (3)
1
11
2
3
Page 15
Uw steek kiezen
Het schema op deze pagina geeft de steken weer die op de machine beschikbaar zijn.
De steken in de bovenste rij van het schema zijn op de steekkeuzeknop in het zwart aangegeven. Om de met zwart aangegeven steken te selecteren, draait u aan de steekkeuzeknop. (d) Gebruik de steeklengteknop (c) om de steeklengte naar uw wens aan te passen voor het project. Gebruik de steekbreedteknop (b) om de breedte van de steek naar wens aan te passen.
De steken in de onderste rij van het schema zijn op de steekkeuzeknop in het blauw aangegeven. Blauw geeft aan dat de steek elastisch; informatie over het naaien van deze elastische steken staat op pagina 16.
De steekkeuzeknop kan in beide richtingen worden gedraaid.
a. Achteruitnaaiknop b. Steekbreedteknop c. Steeklengteknop d. Steekkeuzeknop
a
S1
b
c
d
12
Page 16
Steekbreedteknop en steeklengteknop
Functie van de steekbreedteknop
De maximale zigzagsteekbreedte voor zigzagsteken is 5 mm; de breedte kan naar wens worden verminderd. De breedte wordt groter als u de zigzagknop van "0" - "5" draait. (1)
Met de steekbreedteknop stelt u ook de naaldpositie voor de rechte steek in. "0" is helemaal links, "5" is helemaal rechts en tussen "2" en "3" staat de naald in het midden.
Functies van de steeklengteknop tijdens het zigzaggen
Zet de steekkeuzeknop op zigzag. De dichtheid van zigzagsteken wordt groter als de instelling
van de steeklengteknop naar "0" gaat. Gewoonlijk krijgt u bij "2,5" of lager mooie zigzagsteken. (2) Dichte zigzagsteken worden cordonsteken genoemd. (2)
De functie van de steeklengteknop bij rechte steken
Voor het naaien met rechte steken draait u de steekkeuzeknop naar de instelling voor rechte steken. (3) Als u aan de steeklengteknop draait, vermindert de lengte van de afzonderlijke steken naarmate de knop dichter bij de "0" komt. De lengte van de afzonderlijke steken wordt groter naarmate de knop dichter bij "4" komt. (4) In het algemeen gebruikt u een langere steeklengte bij het naaien van dikkere stoffen of wanneer u een dikkere naald of dikker garen gebruikt. Gebruik een kortere steeklengte bij het naaien van dunnere stoffen of wanneer u een dunnere naald of dunner draad gebruikt.
0.5
1
3
2
4
12
0.5
3
21
4
34
13
Page 17
Rechte steken naaien
Stel de machine in voor een rechte steek om te beginnen met naaien. (1)
Leg de stof onder de naaivoet met de stofrand op de gewenste naadgeleiderlijn op de naaldplaat. (2)
Breng de persvoetlichter omlaag en duw dan het voetpedaal in om te beginnen met naaien. (3)
1
14
2
3
Page 18
Achteruit naaien
Om het begin en einde van een naad te verstevigen en te hechten, drukt u de achteruitnaaiknop (A) naar beneden en naait u een paar steken achteruit.
Laat de knop vervolgens los en de machine naait weer vooruit. (1)
Het naaiwerk verwijderen
Draai het handwiel naar u toe (linksom) tot de naald in de hoogste stand staat.
Zet de persvoet omhoog en verwijder het werk dat zich achter de persvoet en de naald bevindt. (2)
De draad afsnijden
A
1
B
2
Trek de draden omlaag en achter de persvoet. Breng de draden naar de zijkant van het voorkapje in de draadafsnijder (B).
Trek de draden omlaag en snijd ze af. (3)
3
15
Page 19
Elastische steken kiezen
De elastische steken zijn met blauw aangegeven op de steekkeuzeknop. Om deze steken te selecteren, draait u de steekkeuzeknop op de gewenste steek. Draai de steekkeuzeknop vervolgens naar de indicator met "S1". Er zijn diverse elastische steken; dit zijn twee voorbeelden:
Rechte elastische steek
Zet de steekkeuzeknop op " ". Gebruikt om drievoudige versterking te geven aan elastische
en slijtgevoelige naden. De machine naait twee steken vooruit en een steek achteruit.
Zigzag-siersteek
Zet de steekkeuzeknop op " ". Stel de steekbreedteknop af tussen "3" en "5". De zigzag-siersteek is geschikt voor stevige stoffen zoals
denim, corduray, popeline, ongekeperd linnen, enz.
1
2
16
Page 20
Blinde zoom
Voor zomen in gordijnen, broeken, rokken, enz.
Blinde zoom voor elastische stoffen.
Blinde zoom voor stevige stoffen.
Zet de steeklengteknop in het bereik dat op het schema rechts staat aangegeven. Blinde zomen worden gewoonlijk genaaid met een langere steeklengte. Zet de steekbreedteknop op een geschikte instelling voor het gewicht/type stof dat wordt genaaid, binnen het bereik dat op het schema rechts op de pagina staat aangegeven. In het algemeen wordt een smallere steek gebruikt voor dunnere stoffen en een bredere steek voor dikkere stoffen. Naai eerst een proeflapje zodat u zeker weet dat de machine­instellingen geschikt zijn voor de stof.
Blinde zoom: Vouw de zoom omhoog op de gewenste breedte en pers. Vouw terug (zoals te zien is in fig. 1) tegen de goede kant van de stof en laat de bovenrand van de zoom ongeveer 7 mm (1/4") uitsteken naar de goede kant van de gevouwen stof.
Begin langzaam op de vouw te naaien; zorg ervoor dat de naald de gevouwen bovenkant net raakt en één of twee stofdraadjes pakt. (2)
1
Vouw de stof uit wanneer de zoom klaar is en pers.
Opmerking:
Om het naaien van blinde zomen nog eenvoudiger te maken, kunt u een blindzoomvoet gebruiken, verkrijgbaar bij uw
SINGER -handelaar. (Op pagina 6 vindt u het onderdeelnummer)
®
2
17
Page 21
Knoopsgaten
Voorbereiden
1. Verwijder de universele voet en bevestig de knoopsgatvoet.
2. Meet de diameter en de dikte van de knoop en voeg 0,3 cm
(1/8") toe voor de trenzen; markeer de grootte van het knoopsgat op de stof.
3. Leg de stof onder de naaivoet, zodat de markering op de
knoopsgatvoet overeenkomt met de startmarkering op de stof. Breng de naaivoet omlaag, zodat de middenlijn van het knoopsgat die op de stof is aangegeven overeenkomt met het midden van de knoopsgatvoet.
Pas de steeklengteknop in de " " aan om de steekdichtheid in te stellen. Stel de steekbreedte in op "5". Het kan echter nodig zijn de breedte aan te passen; naai eerst een proeflapje om dit te bepalen.
Opmerking:
De dichtheid verschilt afhankelijk van de stof. Naai altijd eerst een proefknoopsgat op de stof die u gaat gebruiken.
Volg de 4-stapsreeks door met de steekkeuzeknop van de ene stap naar de andere te gaan. Wanneer u van stap naar stap gaat bij het maken van het knoopsgat, moet u controleren of de naald omhoog staat voordat u de steekkeuzeknop naar de volgende stap draait. Let erop dat u niet te veel steken naait in stap 2 en 4. Snijd het knoopsgat met een tornmesje open vanaf beide uiteinden naar het midden toe.
Tips:
- Het resultaat wordt mooier als u de bovendraadspanning iets
vermindert.
- Gebruik een versteviging voor dunne of elastische stoffen.
- Het verdient aanbeveling dik garen of koord te gebruiken voor
elastische of gebreide stoffen. De zigzag moet over het dikke garen of het koord heen naaien. (A)
A
4
1
3
2
18
Page 22
Knopen aanzetten
Installeer de stopplaat. (1) Vervang de universele naaivoet door de knopenaanzetvoet. (2) Stel de steeklengte in op "0".
Naai enkele aanhechtsteken door de machine op een rechte steek te zetten met de steekbreedte op "0".
Breng de naald omhoog uit de stof. Stel de machine in voor een zigzagsteek en stel de breedte in op "3" - "5". Draai aan het handwiel om te controleren of de naald goed in het linker en het rechter gat van de knoop gaat. Pas indien nodig de steekbreedte aan, afhankelijk van de afstand tussen de gaten van de knoop. Naai de knoop langzaam vast met ongeveer 10 steken.
Breng de naald omhoog uit de stof. Stel de machine weer in voor een rechte steek, met de breedte op "0" en naai enkele afhechtsteken.
Als er een "steeltje" nodig is, legt u een stopnaald op de knoop en naait u de knoop vast. Voor knopen met 4 gaten naait u eerst door de voorste twee gaten, dan duwt u het werk naar voren en vervolgens naait u door de achterste twee gaten.
1 2
19
3
4
Page 23
De aanschuiftafel installeren
Houd de aanschuiftafel horizontaal en schuif in de richting van de pijl. (1)
De binnenzijde van de aanschuiftafel kan als opbergruimte voor accessoires.
U opent de aanschuiftafel door het klepje te bewegen in de richting van de pijl. (2)
de tafel
worden gebruikt
1
20
2
Page 24
De naaivoethouder bevestigen
Breng de naaldstang (a) omhoog met de persvoetlichter. Bevestig de naaivoethouder (b) zoals afgebeeld. (1)
De naaivoet bevestigen
Breng de naaivoethouder (b) omlaag met de persvoetlichter, totdat de uitsparing (c) recht boven de pen (d) is. (2) De naaivoet (f) klikt automatisch vast.
De naaivoet verwijderen
Breng de naaivoet omhoog met de persvoetlichter. (3) Breng de hendel (e) omhoog; de naaivoet komt los.
De rand-/quiltgeleider bevestigen
Bevestig de rand-/quiltgeleider (g) in de sleuf volgens de afbeelding. Stel de geleider zoals nodig af voor zomen, plooien, quilten, enz. (4)
Let op:
Zet de schakelaar op uit ("O") wanneer u de bovenstaande handelingen uitvoert!
a
a
e
b
d
b
12
e
c
f
g
21
3
4
Page 25
Tabel voor naald, garen en stof
SELECTIE VAN NAALD/STOF/GAREN
NAALD
9-11 (70-80)
Lichte stoffen: dunne katoensoorten, voile, serge, zijde, mousseline, interlock, gebreide katoensoorten, tricot, jersey, crêpe, geweven polyester, stoffen voor hemden en
STOFFEN
Dunne garensoorten in katoen, nylon, polyester of combinaties van katoen en polyester.
bloezen.
11-14 (80-90)
14 (90)
16 (100)
18 (110)
Middengewicht stoffen: katoen, satijn, ketelstof, canvas, dubbel gebreide stoffen, lichtgewicht wolgoed.
Middelzware stoffen: ongekeperd katoenlinnen, zwaarder wolgoed, dikkere jersey, badstof, .spijkerstof
Zware stoffen: zeildoek, zwaar wolgoed, tentstoffen, quiltstoffen, , materiaal voor stoffering (licht tot
spijkerstof
middengewicht). Zwaar wolgoed, overjasstoffen, stoffeerstoffen, sommige
soorten leer en vinyl.
De meeste garens die in de winkels verkocht worden, zijn van gemiddelde dikte en dus geschikt voor deze stoffen en naalddiktes. Voor een optimaal resultaat kunt u het beste polyester garen voor synthetische stoffen en katoenen garen voor natuurlijk geweven stoffen gebruiken. Gebruik boven en onder hetzelfde garen.altijd
Dik, stevig garen, tapijtgaren.
BELANGRIJK: Pas de naalddikte aan aan de dikte van het garen en van de stof.
SELECTIE VAN NAALD EN STOF
NAALD
SINGER 2020
SINGER 2045
®
®
Standaardnaald met scherpe punt Diktes van dun 9 (70) tot dik 18 (110)
Naald met punt Diktes van 9 (70) tot 18 (110)
UITLEG
halfronde
STOFSOORT
Natuurlijke geweven stoffen: wol, katoen, zijde etc. Niet te gebruiken voor dubbel gebreide stoffen.
Natuurlijke en synthetische geweven stoffen, combinaties met polyester. Gebreide polyesterstof, interlock, tricot, enkel en
dubbel gebreide stoffen. Lycra , badgoed, elastiek.
SINGER 2032
Opmerking:
1. Gebruik altijd echte SINGER naalden voor optimale naairesultaten.
2. Vervang de naalden regelmatig: bij elk nieuw kledingstuk en/of bij het breken van de naalddraad of het overslaan van steken.
®
Ledernaald 12 (80) tot 18 (110)
®
Leer, vinyl, stoffering. ( dan de standaard, dikke naald.)
22
Maakt een kleiner gat
GARENSOORT
®
Page 26
Stopplaat
Voor bepaalde soorten werk (bijv. stoppen of borduren uit de vrije hand) moet de stopplaat worden gebruikt.
Installeer de stopplaat volgens de afbeelding.
Verwijder de stopplaat voor normaal naaiwerk.
Voor naaien uit de vrije hand wordt aanbevolen een stop­/borduurvoet te gebruiken. Deze is als optioneel accessoire
verkrijgbaar bij SINGER -handelaars. (Op pagina 6 vindt u het onderdeelnummer van de stop-/borduurvoet)
®
23
Page 27
Een naald inzetten en vervangen
Vervang de naald regelmatig, vooral als
er sporen van
slijtage zijn en als de naald problemen veroorzaakt.
Wij raden u aan steeds originele SINGER naalden te
®
gebruiken want zo krijgt u de beste naairesultaten.
Plaats een nieuwe naald zoals aangegeven:
A. Draai de schroef van de naaldklem los en
draai de schroef
weer vast nadat u de nieuwe naald hebt ingebracht. (1) B.
De platte kant van de naald moet naar achteren wijzen. C/D. Duw de naald zo hoog mogelijk omhoog.
Let op:
Schakel de stroom steeds uit alvorens u een naald gaat inzetten of verwijderen.
De naalden moeten in perfecte staat zijn. (2)
Problemen ontstaan indien: A. De naald krom is. B. De naaldpunt bot is. C. De naald beschadigd is.
D
A
B
C
1
B
A
C
24
2
Page 28
Het lampje vervangen
Verwijder de stekker uit het stopcontact. Vervang het lampje door een lampje van watt
110-120 V of 220-240 V)
van hetzelfde type.
- Draai schroef (A) los zoals getoond. (1)
- Verwijder het voorkapje (B).
- Schroef het lampje los en plaats een nieuw lampje (C). (2)
- Plaats het voorkapje terug en schroef het vast.
10 of 15 (regio
A
B
Neem in geval van problemen contact op met uw plaatselijke
SINGER -handelaar.
®
1
C
2
25
Page 29
Probleem oplossingen
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Bovendraad breekt
Onderdraad breekt
Steken overslaan
Naald breekt
Losse steken
Naden trekken samen of
Ongelijke steken, Ongelijk transport
De machine maakt lawaai
De machine blokkeert
rimpelen
1. De machine is niet correct ingeregen.
2. De draadspanning is te hoog.
3. De draad is te dik voor de naald.
4. De naald is niet correct ingezet.
5. De draad zit rond de garenpen gedraaid.
6. De naald is beschadigd.
1. Het spoelhuis zit verkeerd.
2. Het spoelhuis is verkeerd ingeregen.
3. De onderspanning is te hoog.
1. De naald is niet correct ingezet.
2. De naald is beschadigd.
3. U gebruikt de verkeerde maat of het verkeerde type naald.
4. De persvoet is niet goed bevestigd.
1. De naald is beschadigd.
2. De naald is niet correct ingezet.
3. U gebruikt de verkeerde naalddikte.
4. U gebruikt de verkeerde persvoet.
1. De machine is niet correct ingeregen.
2. Het spoelhuis is verkeerd ingeregen.
3. Onjuiste combinatie van naald/garen/stof.
4. De draadspanning is verkeerd.
1. De naald is te dik voor de stof.
2. De steeklengte is niet goed ingesteld. De draadspanning is te hoog.
3.
1. Slechte kwaliteit garen gebruikt.
2. Het spoelhuis is verkeerd ingeregen.
3. Er werd aan de stof getrokken.
1. De machine moet gesmeerd worden.
2. Vuil of vet op de grijper of de
3. Slechte olie gebruikt.
4. De naald is beschadigd.
Draad zit vast in de grijperbaan.
naaldstang.
1. Rijg de machine opnieuw in.
2. Verlaag de spanning (lager cijfer).
3. Kies een dikkere naald.
4. Zet de naald opnieuw in (platte kant naar achter).
5. Verwijder het garen en wind het op de klos.
6. Vervang de naald.
Verwijder het spoelhuis, plaats het terug en trek aan de draad.
1. De draad moet gemakkelijk uit het spoelhuis worden getrokken.
2. Controleer de spoel en het spoelhuis.
3. Verlaag de onderspanning.
1. Verwijder de naald en zet opnieuw in.
2. Vervang de naald.
3. Kies de naald die bij de stof en het garen hoort. Controleer en bevestig de persvoet op de juiste manier.
4.
1. Vervang de naald. Zet de naald op de goede manier in (platte kant naar achter).
2.
3. Kies de naald die bij de stof en het garen hoort.
4. Kies de juiste persvoet.
1. Rijg de machine opnieuw in. Rijg het spoelhuis in zoals op de afbeelding te zien is.
2.
3. Kies de naald die bij de stof en het garen hoort.
4. Corrigeer de draadspanning.
Kies een dunnere naald.
1.
2. Corrigeer de steeklengte.
3. Verlaag de spanning.
1. Gebruik garen van een Verwijder het spoelhuis, rijg het in en plaats het op de goede
2. manier terug.
Trek niet aan de stof tijdens het naaien. Laat de machine de
3. stof transporteren.
1. Smeer de machine.
2. Reinig de grijper en het transport. Gebruik alleen een goede kwaliteit naaimachineolie.
3.
4. Vervang de naald.
Verwijder het spoelhuis en de bovendraad. Draai het handwiel voorwaarts en achterwaarts en verwijder de draadresten. Smeer de machine zoals aangegeven.
de naald
betere kwaliteit.
26
Page 30
Let op! Dit product moet op een veilige manier gerecycled worden volgens de geldende nationale wetgeving voor elektrische/elektronische producten. Raadpleeg bij twijfel uw leverancier voor advies.
021V5E1301( SINGER (85E0)
2263
) Mar/08
Loading...