U moet deze veiligheidsvoorschriften volgen om te voorkomen dat u risico loopt en het apparaat beschadigd raakt.
Lees de instructies zorgvuldig en gebruik het product op de juiste manier.
Waarschuwing / Voorzichtig
Het niet opvolgen van de aanwijzingen die dit symbool aanduidt kan
resulteren in persoonlijk letsel of schade aan de apparatuur.
Opmerking
Stroom
Verboden
Niet demonteren
Niet aanraken
Als uw computer gedurende langere tijd niet gebruikt wordt, stel hem dan
in op DPM.
Als u een schermbeveiliging gebruikt, stelt u deze in op de actieve
schermmodus.
De afbeeldingen zijn alleen ter referentie, en mogelijk niet in alle gevallen
(of landen) van toepassing.
Snelkoppeling naar instructies ter voorkoming van scherminbranding
Gebruik geen beschadigde voedingskabel of stekker, of een
beschadigd of loszittend stopcontact.
Op ieder moment belangrijk
om te lezen en begrijpen
Haal de stekker uit het stopcontact
Geaard om een elektrische
schok te voorkomen
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Raak de stekker bij het aansluiten of verwijderen niet met natte
handen aan.
•Dit zou een elektrische schok kunnen veroorzaken.
Sluit de stekker aan op een geaard stopcontact.
•Anders zou u een elektrische schok of persoonlijk letsel kunnen veroorzaken.
1
Page 3
Veiligheidsinstructies
Controleer of de stekker goed en stevig in het stopcontact zit.
•Dit kan brand veroorzaken.
Buig de voedingskabel niet, trek er niet aan en plaats er geen
zware spullen op.
•Dit kan brand veroorzaken.
Sluit niet meerdere apparaten aan op hetzelfde stopcontact.
•Hierdoor kan, door oververhitting, brand ontstaan.
Verwijder het netsnoer niet tijdens het gebruik van het product.
•Dit kan een elektrische schok veroorzaken waardoor het product beschadigd kan raken.
De stekker moet uit het stopcontact worden gehaald om het
apparaat te ontkoppelen. De stekker moet daarom goed bereikbaar zijn.
Installatie
•Anders kan dit een elektrische schok of brand veroorzaken.
Gebruik alleen het door ons bedrijf geleverde netsnoer. Gebruik
geen netsnoeren die bij een ander product horen.
•Dit zou brand of een elektrische schok kunnen veroorzaken.
Neem contact op met een geautoriseerd Servicecentrum als u de monitor
installeert in een omgeving waar veel stof, hoge of lage temperaturen of
hoge vochtigheid voorkomt, op een plaats waar gewerkt wordt met chemische oplossingen of waar de monitor 24 uur per dag in werking is, zoals
een vliegveld of treinstation.
Als u dit niet doet, kan er schade aan het apparaat ontstaan.
Zorg dat u het apparaat met minimaal twee personen optilt en
verplaatst.
•Het apparaat zou kunnen vallen, wat zou kunnen leiden tot
persoonlijk letsel en/of beschadiging van het product.
Als u het product in een kast of op een rek plaatst, moet u ervoor
zorgen dat de voorzijde van de onderkant van het product niet
uitsteekt.
•Anders kan het product vallen of persoonlijk letsel veroorzak-
en.
•Zorg dat de kast of het rek groot genoeg is voor het product.
2
Page 4
Veiligheidsinstructies
PLAATS GEEN KAARSEN, INSECTENWERENDE MIDDELEN, SIGARETTEN OF VERWARMINGSAPPARATUUR IN DE
BUURT VAN HET PRODUCT.
•Dit kan brand veroorzaken.
Houd verwarmingsapparatuur zo veel mogelijk uit de buurt van
de voedingskabel en het product.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Plaats het apparaat niet op een slecht geventileerde plaats,
zoals in een boekenkast.
•Dit zou kunnen resulteren in brand door oververhitting.
Wees voorzichtig bij het neerzetten van het product.
•Dit kan schade aan het beeldscherm veroorzaken.
Plaats de voorzijde van het product niet op de vloer.
•Dit kan schade aan het beeldscherm veroorzaken.
De muurbevestiging moet worden gemonteerd door een geautoriseerd installatiebedrijf.
•Anders kan het product vallen en persoonlijk letsel veroorzak-
en.
•Gebruik de aangegeven muurbevestiging.
Installeer het product op een goed geventileerde plaats. Er moet
minimaal 10 cm ruimte tussen het product en de muur zijn.
•Anders zou er brand kunnen ontstaan als gevolg van overver-
hitting.
Houd het verpakkingsmateriaal buiten bereik van kinderen.
•Kinderen kunnen letsel oplopen (stikken) als ze hiermee spe-
len.
Steun niet op de standaard en plaats geen voorwerpen op de
standaard wanneer u de hoogte van de monitor verstelt.
•Dit kan schade aan het product of persoonlijk letsel veroor-
zaken.
Schoonmaken
U kunt de monitor en het oppervlak van de TFT-LCD afnemen met een
zachte, iets vochtige doek.
3
Page 5
Veiligheidsinstructies
Spuit geen reinigingsmiddelen rechtstreeks op het oppervlak
van het product.
•Dit kan verkleuringen en vervaging van de structuur veroor-
zaken. Ook kan het oppervlak van het scherm losraken.
Gebruik voor het reinigen van de stekkers en het stopcontact
een droge doek.
•Anders kan er brand ontstaan.
Haal voor het reinigen van het product de stekker uit het stopcontact.
•Anders kan er een elektrische schok of brand ontstaan.
Haal voor het reinigen van het product eerst de stekker uit het
stopcontact en reinig het product met een zachte, droge doek.
•(Gebruik geen chemische middelen zoals was, benzeen, al-
cohol, verdunningsmiddelen, insectenwerende middelen,
smeermiddelen of reinigingsmiddelen.) Hierdoor kan het uiterlijk van het oppervlak worden aangetast en kunnen de indicatielabels op het product losraken.
De behuizing van het product is gevoelig voor krassen. Gebruik
daarom alleen het soort doek dat wordt voorgeschreven.
Overig
Spuit bij het reinigen van het product geen water rechtstreeks
op de behuizing.
•Zorg ervoor dat er geen water in het product loopt en dat het
product niet nat wordt.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Dit product werkt op hoge spanning. Demonteer, repareer of
bewerk het product niet zelf.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Neem contact op met een servicecentrum als het product gerepareerd moet worden.
Als er een vreemde geur, een vreemd geluid of rook uit het
product komt, moet u direct de stekker uit het stopcontact halen
en contact opnemen met een Servicecentrum.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Stel het product niet bloot aan vocht, stof, rook of water en installeer het niet in een auto.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
4
Page 6
Veiligheidsinstructies
Als u het product laat vallen of als de behuizing kapot gaat, moet
u het product uitschakelen en de stekker uit het stopcontact halen.
Neem contact op met een Servicecentrum.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Raak bij onweer het netsnoer en de antennekabel niet aan.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Probeer het beeldscherm niet te verplaatsen door enkel aan het
snoer of de signaalkabel te trekken.
•Anders kan het product vallen, wat schade aan de kabel kan
veroorzaken waardoor een elektrische schok, schade aan het
product of brand kan ontstaan.
U kunt het product niet optillen of verplaatsen door alleen het
netsnoer of de signaalkabels vast te houden.
•Anders kan het product vallen, wat schade aan de kabel kan
veroorzaken waardoor een elektrische schok, schade aan het
product of brand kan ontstaan.
Voorkom dat de ventilatieopening wordt geblokkeerd door een
tafel of gordijn.
•Anders zou er brand kunnen ontstaan als gevolg van overver-
hitting.
Plaats geen voorwerpen die water bevatten, vazen, bloempotten, geneesmiddelen of metalen voorwerpen op het product.
•Als er water of vreemde voorwerpen in het product terechtko-
men, moet u de stekker uit het stopcontact halen en contact
opnemen met een Servicecentrum.
•Dit kan een defect, elektrische schok of brand veroorzaken.
Gebruik of bewaar geen brandbare sprays of licht ontvlambare
materialen in de buurt van het product.
•Dit zou een explosie of brand kunnen veroorzaken.
Steek geen metalen voorwerpen, zoals pennen, munten, naalden en draad, of licht ontvlambare voorwerpen als lucifers of
papier in het product (bijvoorbeeld via de ventilatieopeningen, ingangen en uitgangen).
•Als er water of vreemde voorwerpen in het product terechtko-
men, moet u de stekker uit het stopcontact halen en contact
opnemen met een Servicecentrum.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Als een stilstaand beeld lang wordt weergegeven, kan een nabeeld of vlek ontstaan.
•Zet het product in de slaapstand of gebruik een bewegende
schermbeveiliging als u het product langere tijd niet gebruikt.
5
Page 7
Veiligheidsinstructies
Stel een resolutie en frequentie in die geschikt zijn voor het
product.
•Anders kan schade aan uw ogen ontstaan.
Zet bij het gebruik van een koptelefoon het volume niet te hard.
•Dit kan uw gehoor beschadigen.
Ga niet te dicht bij het product zitten om vermoeide ogen te
voorkomen.
Neem minimaal vijf (5) minuten pauze nadat u de monitor één
(1) uur hebt gebruikt.
Hiermee voorkomt u dat uw ogen vermoeid raken.
Installeer het product niet op een instabiele plaats als een instabiel rek of een onregelmatig oppervlak of op een plaats die
blootstaat aan trillingen.
•Het apparaat zou kunnen vallen, wat zou kunnen leiden tot
persoonlijk letsel en/of beschadiging van het product.
•Als u het product gebruikt op een plaats die blootstaat aan tril-
lingen, kan het product beschadigd raken, wat brand tot gevolg
kan hebben.
Schakel het product voordat u het gaat verplaatsen uit en haal
de stekker uit het stopcontact. Ontkoppel ook de antennekabel en
alle andere kabels die op het product zijn aangesloten.
•Anders kan er een elektrische schok of brand ontstaan.
Voorkom dat kinderen aan het product gaan hangen of erop
klimmen.
•Het product kan namelijk vallen, wat persoonlijk letsel of zelfs
de dood tot gevolg kan hebben.
Haal de stekker uit het stopcontact als u het product gedurende
langere tijd niet gebruikt.
•Anders kan het product oververhit raken of ontbranden als ge-
volg van stofophoping. Ook kan als gevolg van een elektrische
schok of lekkage brand ontstaan.
Plaats geen zware voorwerpen, speelgoed of lekkernijen (bijvoorbeeld koekjes) op het product die de aandacht van kinderen
kunnen trekken.
•Uw kinderen kunnen aan het product gaan hangen waardoor
het kan vallen, wat persoonlijk letsel of zelfs de dood tot gevolg
kan hebben.
6
Page 8
Veiligheidsinstructies
Voorkom dat kinderen de batterij in hun mond stoppen als deze
uit de afstandsbediening wordt gehaald. Houd de batterij buiten
bereik van kinderen.
•Neem direct contact op met uw arts als een kind een batterij in
zijn mond heeft gestopt.
Let bij het vervangen van de batterij op de juiste polariteit (+, -).
•Anders kan de batterij beschadigd raken of brand, persoonlijk
letsel of schade veroorzaken als gevolg van lekkage van batterijvloeistof.
Gebruik alleen de aangegeven standaardbatterijen en gebruik
nooit tegelijkertijd een nieuwe en een gebruikte batterij.
•Anders kunnen de batterijen beschadigd raken of brand, per-
soonlijk letsel of schade veroorzaken als gevolg van lekkage
van batterijvloeistof.
Batterijen (oplaadbaar en niet oplaadbaar) zijn geen standaard
afval en dienen ter recycling te worden aangeboden. Als verbruiker is de klant verantwoordelijk voor het op de juiste manier retourneren van gebruikte of oplaadbare batterijen.
•De klant kan gebruikte of oplaadbare batterijen afgeven bij het
dichtstbijzijnde gemeentelijke afvaldepot of bij een winkel die
eenzelfde type batterijen verkoopt.
Plaats het product niet in direct zonlicht of in de buurt van
warmtebronnen zoals open vuur of een kachel.
•Dit kan de levensduur van het product verkorten en brand tot
gevolg hebben.
Laat geen voorwerpen op het product vallen en oefen geen druk
uit op het product.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Gebruik geen luchtbevochtiger in de buurt van het product.
•Dit zou een elektrische schok of brand kunnen veroorzaken.
Raak in geval van een gaslek het product en de stekker niet aan
maar zorg direct voor ventilatie.
•Een vonk kan een explosie of brand veroorzaken.
Als het product gedurende lange tijd ingeschakeld is, wordt het
beeldscherm heet. Raak het niet aan.
Houd de kleine accessoires buiten bereik van kinderen.
7
Page 9
Veiligheidsinstructies
Wees voorzichtig bij het instellen van de hoek van het product
of de hoogte van de voet.
•Uw hand of vingers kunnen klem raken.
•Als u het product te ver kantelt, kan het vallen en persoonlijk
letsel veroorzaken.
Plaats het product niet op een plaats waar kinderen er gemakkelijk bij kunnen.
•Anders kan het product vallen en persoonlijk letsel veroorzak-
en.
•Het voorste deel ven het product is zwaar. Plaats het product
daarom op een vlakke en stabiele ondergrond.
Plaats geen zware voorwerpen op het product.
•Dit kan persoonlijk letsel en/of schade aan het product veroor-
zaken.
Instructies voor installatie van de stroomvoorziening
•Lees deze instructies zorgvuldig en nauwkeurig door. Het nalaten
hiervan kan resulteren in brand, persoonlijk letsel en kan zelfs fatale
gevolgen hebben.
Instructies voor installatie van de stroomvoorziening
•Controleer voordat u het product installeert de voedingsvereisten voor de
plaats van installatie.
Als u het product wilt installeren in een omgeving (voedingskabel, stopcontact, zekering, enzovoort) waarvan de stroom-/vermogenscapaciteit
lager is dan de stroom-/vermogensopname van het product, moet u een
aparte transformator installeren in overeenstemming met de tabel 'Opgegeven capaciteit'.
De klant dient de kosten hiervan te dragen.
•Sluit het product aan op een vast stopcontact en niet op een verlengsnoer
met een verdeeldoos.
Als het gebruik van een verlengsnoer met verdeeldoos noodzakelijk is,
raadpleegt u de tabel 'Opgegeven capaciteit' voor de stroomopname en
gebruikt u een verdeeldoos met een toegestane stroomcapaciteit die hoger
is dan de totale stroomopname van de producten die erop worden aangesloten.
•Als u een verlengsnoer gebruikt, dient u een stroomkabel met hoge capaciteit te gebruiken.
Gebruik een stroomkabel met een toegestane stroomcapaciteit van 12,5 A
of meer.
Opgegeven stroomcapaciteit van de stekker/kabel/koppeling
•Gebruik een stroomkabel met een capaciteit van 12,5 A of meer.
8
Page 10
Veiligheidsinstructies
Opmerking
•Raadpleeg de specificaties voor kabelveiligheid.
•UL-specificatie - Gebruik een kabel van 14 AWG of meer
•KS-specificatie - Gebruik een kabel van 20.SQ of meer
•IEC-specificatie - Gebruik een kabel van 2,5 SQ of meer
9
Page 11
Inleiding
Inhoud van de verpakking
Opmerking
Controleer of de volgende onderdelen bij het LCD-scherm zijn geleverd.
Neem contact op met uw verkoper als er onderdelen ontbreken.
Neem contact op met een plaatselijke dealer voor de aanschaf van accessoires.
De inhoud van de doos controleren
Uitpakken
Verwijder het slot van de doos zoals wordt weergegeven in de bovenstaande afbeelding.
Til de doos op en houd
deze vast aan de openin-
gen aan weerszijden van
de doos.
Opmerking
•Nadat de doos is uitgepakt, dient u de inhoud te controleren.
•Bewaar de doos om in de toekomst het product te kunnen vervoeren.
Controleer de inhoud van
de doos.
Verwijder het piepschuim
en de beschermingslaag.
10
Page 12
Handleidingen
Inleiding
LCD-scherm
Handleiding voor snelle in-
stallatie
MagicInfo -software, Mag-
icInfo -handleiding
Kabels
NetsnoerD-Sub-kabel
Overig
Garantiekaart
(Niet op alle locaties verk-
rijgbaar)
Gebruikershandleiding
Afstandsbediening
(BP59-00138A)
Apart verkrijgbaar
RGB-naar-BNC-kabelDVI-kabelLAN-kabel
Wandmontageset
Batterijen (AAA x 2)
(Niet op alle locaties verk-
rijgbaar)
11
Page 13
Uw LCD-scherm
Voorkant
Inleiding
MENU-knop [MENU]
Het schermmenu openen en sluiten. U kunt hiermee ook het schermmenu
afsluiten of terugkeren naar het vorige menu.
Navigatieknoppen (omhoog/omlaag)
Sprint van de ene menuoptie naar de andere in verticale richting of wijzigt
de geselecteerde menuwaarden.
Sprint van de ene menuoptie naar de andere in horizontale richting of wijzigt de geselecteerde menuwaarden. Wanneer het schermmenu niet wordt
weergegeven, drukt u op de knop om het volume aan te passen.
ENTER-knop [ENTER]
Activeert een gemarkeerd menu-item.
SOURCE-knop [SOURCE]
Hiermee schakelt u tussen de PC- en Videomodus. Hiermee wordt de invoerbron geselecteerd waarop een extern apparaat is aangesloten.
Druk op de toets PIP om het PIP-scherm in of uit te schakelen.
•PC: DVI / AV / HDMI
•DVI / AV : PC
•Component : PC
•HDMI : PC
Aan/uit-knop []
12
Page 14
Inleiding
Gebruik deze knop om het LCD-scherm in en uit te schakelen.
Brightness Sensor (Optioneel)
Hiermee wordt automatisch de helderheid in de omgeving gedetecteerd.
Opmerking
Deze functie is alleen actief op de modellen die zijn uitgerust met een automatische helderheidssensor.
Controlelampje stroom
Wanneer deze groen knippert, is de modus PowerSaver ingeschakeld.
Opmerking
Zie het gedeelte PowerSaver in de handleiding voor meer informatie over
energiebesparingsfuncties. Om energie te besparen, kunt u het beste het
LCD-scherm uitschakelen wanneer u dit gedurende langere tijd niet gebruikt.
Sensor van afstandsbediening
Richt de afstandsbediening op deze plek op het LCD-scherm.
Achterkant
Voor meer informatie over kabelverbindingen raadpleegt u Kabels aansluiten onder Instellingen. De configuratie van het LCD-scherm aan de achterkant kan verschillen, afhankelijk
van het model van het LCD-scherm.
Opmerking
POWER
U sluit het netsnoer aan op het LCD-scherm
en het stopcontact.
POWER S/W ON [ │ ] / OFF [O]
Hiermee schakelt u LCD-scherm in of uit.
13
Page 15
Inleiding
RS232C OUT/IN (RS232C seriële poort)
MDC (Multiple Display Control)-programmapoort
RGB/COMPONENT IN (PC-aansluiting
(ingang))
•Gebruik een D-Sub-kabel (15-pins DSub) - PC-modus (Analoge PC)
•Verbind de RGB/COMPONENT IN-poort
van het beeldscherm via de D-SUB-naarCOMPONENT-kabel met de COMPONENT-poort van het externe apparaat.
•Verbind de RGB/COMPONENT IN-poort
van het beeldscherm via de D-SUB-naarBNC-kabel met de BNC-poort van de pc.
DVI IN (Videoaansluiting voor PC)
Gebruik een DVI-kabel (DVI-D naar DVI-D) DVI-modus (Digitale PC)
DVI / RGB / HDMI AUDIO IN (PC/DVI
Aansluitingen voor geluidsverbindingen (ingang))
AV/COMPONENT AUDIO IN [R - AU-
DIO- L]
Sluit de poort van de dvd-speler, videorecorder (dvd/DTV Set-Top Box) aan op de poort
[ R - AUDIO - L ] van het LCD-scherm.
DVI OUT
•Een monitor aansluiten op een andere
monitor met een DVI-kabel.
•Verbind de DVI OUT-poort van het beeldscherm via de DVI-naar-HDMI-kabel met
de HDMI IN-poort van het andere beeldscherm.
•DVI-, HDMI- en netwerksignalen die via
de DVI OUT-poort zijn verzonden, worden op het tweede scherm weergegeven.
Dit is het scherm met de DVI IN-poort.
14
Page 16
Inleiding
Opmerking
Er kunnen maximaal 6 Full HD of 10 HDbeeldschermen worden aangesloten (kan afwijken afhankelijk van het product).
AV IN [VIDEO]
Verbind de aansluiting [ VIDEO ] van uw
monitor door middel van een VIDEO-kabel
met de video-uitgang van het externe apparaat.
AUDIO OUT
Aansluitpunt hoofdtelefoon.
HDMI IN
Sluit de HDMI-aansluiting op de achterkant
van uw LCD-scherm aan op de HDMI-aansluiting op het digitale uitvoerapparaat door
middel van een HDMI-kabel.
Er kan maximaal 1 HDMI-kabel worden ondersteund.
INTERNAL / EXTERNAL
Hiermee selecteert u de aanraakschermmodus. Draai de knop naar links om de aanraakscherm-functie te gebruiken in de
modus MagicInfo. Draai de knop naar rechts
om de aanraakscherm-functie te gebruiken
in de modus PC.
Opmerking
Als u de de aanraakscherm-functie wilt gebruiken in de modus PC, moet het de aanraakscherm-programma op uw pc zijn geïnstalleerd en moet het product via USB zijn
aangesloten op de pc.
Schakelaar
Wanneer het apparaat is uitgeschakeld, kunt
u de richting van de schakelaar waarmee u
het aanraakscherm beheert, wijzigen.
Aansluiting voor USB
15
Page 17
Inleiding
Verbind het product via USB met uw pc om
de de aanraakscherm-functie te gebruiken in
PC-modus.
RGB OUT
LAN (Aansluiting voor LAN)
USB1,USB2 (Aansluiting voor USB)
Compatibel met toetsenbord/muis, opslagapparatuur met grote capaciteit
Opmerking
Zie Kabels aansluiten voor meer informatie over kabelverbindingen.
Afstandsbediening
Opmerking
De prestaties van de afstandsbediening worden mogelijk beïnvloed door een tv of ander
elektronisch apparaat dat actief is in de buurt van het LCD-scherm. Hierdoor kan de frequentie van de afstandsbediening worden gestoord.
POWER
OFF
Cijfertoetsen
DEL / GUIDE-knop
+ VOL -
SOURCE
D.MENU
TOOLS
Toetsen omhoog-omlaag, naar links-naar
rechts
INFO
KLEURTOETSEN
TTX/MIX
MTS/DUAL
ENTER/PRE-CH
MUTE
CH/P
TV
16
Page 18
Inleiding
MENU
MagicInfo
RETURN
EXIT
1. POWER
2. OFF
3. CijfertoetsenDruk hierop om het kanaal te wijzigen.
4. DEL
5. + VOL -Past het geluidsniveau aan.
SOURCE
6.
D.MENUDTV-menu weergeven
7.
8. TOOLSHiermee kunt u snel veelgebruikte functies selecteren.
/ GUIDE-knop
Hiermee schakelt u het product in.
Hiermee schakelt u het product uit.
De knop "-" dient als selectieknop voor digitale kanalen.
Elektronische programmagids (EPG) weergeven
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
Druk op de knop om de bron van het ingangssignaal
SOURCE te veranderen.
U mag SOURCE alleen veranderen voor externe apparaten
die op dat moment op het LCD-scherm zijn aangesloten.
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
9. Toetsen omhoog-omlaag,
naar links-naar rechts
10.
11. KLEURTOETSENDruk hierop om kanalen toe te voegen en te verwijderen en
12.
13. MTS/DUAL- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
INFO
TTX/MIX
Springt van het ene item naar het andere in horizontale
richting, in verticale richting, of wijzigt de waarde van de geselecteerde menuoptie.
Informatie over het huidige beeld wordt linksboven op het
scherm weergegeven.
om kanalen op te slaan in de lijst met voorkeurkanalen in de
kanalenlijst.
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
Tv-kanalen bieden schriftelijke informatiediensten via teletekst.
- Teletekstknoppen
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
MTS-
17
Page 19
Inleiding
U kunt de modus MTS (Multichannel Television Stereo) selecteren.
Type geluidMTS/S_ModeStandaard
FM StereoMonoMonoHandmatig
StereoMono ↔ Stereo
SAPMono ↔ SAPMono
wijzigen
DUAL-
STEREO/MONO, DUAL l/DUAL ll en MONO/NICAM
MONO/NICAM STEREO kunnen worden gebruikt tijdens
het tv-kijken, afhankelijk van het uitzendtype, door de knop
DUAL te gebruiken op de afstandsbediening.
14. ENTER/PRE-CH
15. MUTE
16. CH/P Hiermee kunt u tv-kanalen selecteren in de modus TV.
17. TVHiermee selecteert u rechtstreeks de tv-modus.
18. MENUHet schermmenu openen en sluiten, of het menu voor het
19. RETURN
20. EXIT
21. MagicInfoMagicInfo -snelstartknop
Met deze knop keert u terug naar het laatst gebruikte kanaal.
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
Pauzeert (dempt) het geluid tijdelijk. Dit wordt weergegeven
linksonder in het scherm. De audio wordt hervat wanneer u
in de modus Mute (Dempen) op MUTE of - VOL + drukt.
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
- Deze functie werkt niet voor dit LCD-scherm.
afstellen van het scherm sluiten.
Hiermee keert u terug naar het vorige menu.
Hiermee verlaat u het menuscherm.
Mechanische indeling (700TSn-2)
Mechanische indeling
18
Page 20
Inleiding
Bovenzijde LCD-scherm
Installatie VESA-beugel
•Let er bij het installeren van VESA op, dat u voldoet aan de internationale VESA-normen.
•Informatie over en aankoop en installatie van de VESA-steun: Neem contact op met uw
dichtstbijzijnde SAMSUNG-distributeur om een bestelling te plaatsen. Nadat de bestelling
is geplaatst, zal een professioneel team de steun bij u komen installeren.
•Er zijn ten minste twee personen nodig om het LCD-scherm te verplaatsen.
19
Page 21
•SAMSUNG is niet verantwoordelijk voor schade aan het product of verwondingen die
Afmetingen
Inleiding
tijdens het installeren door onvoorzichtigheid van de klant zijn veroorzaakt.
Opmerking
Gebruik voor het bevestigen van de beugel aan de muur alleen kolomschroeven met een
diameter van 6 mm en een lengte van 8 tot 12 millimeter.
Installatie van de wandsteun
•Neem contact op met een technicus alvorens de wandsteun te bevestigen.
•SAMSUNG Electronics is niet verantwoordelijk voor enige schade aan het product of letsel
bij de klant wanneer de installatie wordt uitgevoerd door de klant.
•Dit product is geschikt voor installatie aan cementen muren. Als het product aan een
gipsen of houten wand wordt geplaatst, blijft het mogelijk niet goed hangen.
Onderdelen
Gebruik alleen de componenten en accessoires die u bijgevoegd bij dit product vindt.
Wandsteun (1)Scharnier (links 1,
rechts 1)
20
Kunststof
drager
(4)
Schroef
(A)(11)
Schroef
(B)(4)
Plug
(11)
Page 22
Montage van de wandsteun
Opmerking
Er zijn twee scharnieren (links en rechts). Gebruik een correcte ondergrond.
1.Plaats de bevestigingsschroef en draai hem vast in de richting van de pijl.
Bevestig de muurbeugel daarna aan de wand.
Inleiding
Er zijn twee scharnieren (links en rechts). Gebruik een correcte ondergrond.
A -Bevestigingsschroef
B -Wandsteun
C -Scharnier (Links)
D -Scharnier (Rechts)
2.Controleer voordat u in de wand gaat boren of de lengte tussen de twee schroefgaten
aan de achterkant van het product juist is.
Als de afstand te klein of te groot is, maakt u alle of enkele van de vier schroeven van
de wandsteun los om de afstand aan te passen.
21
Page 23
Inleiding
A -Afstand tussen de twee schroefgaten
3.Controleer het installatiediagram en markeer de boorpunten op de wand. Gebruik een
bit van 5,0 mm om gaten dieper dan 35 mm te boren. Plaats de pluggen in de betreffende
gaten. Plaats de gaten van de beugels en scharnieren voor de bijbehorende pluggaten,
plaats de 11 schroeven A in de gaten en draai deze vast.
Het product op de wandsteun bevestigen
De vorm van het product kan afhankelijk van het model variëren. (de montage van de kunststof drager en de schroeven zijn hetzelfde)
1.Verwijder de 4 schroeven aan de achterkant van het product.
2.Plaats de schroef B in de kunststof drager.
Opmerking
•Monteer het product op de wandsteun en controleer dat het goed is bevestigd aan
de linker en rechter kunststof dragers.
•Wees voorzichtig bij het installeren van het product op de steun. Vingers kunnen vast
komen te zitten in de gaten.
22
Page 24
Inleiding
•Controleer dat de wandsteun stevig is bevestigd aan de wand, anders blijft het product misschien niet goed zitten na installatie.
3.Draai de vier schroeven uit stap 2 vast (kunststof drager + schroef B) in de gaten op de
achterkant van het product.
4.Verwijder de veiligheidspin (3) en plaats de vier producthouders in de bijbehorende beugelgaten (1). Plaats het product (2) zo dat het stevig is bevestigd aan de beugel. Plaats
de veiligheidspin (3) opnieuw en draai deze stevig vast om het product veilig op de beugel
te monteren.
A -LCD-scherm
B -Wandsteun
C -Muur
Aanpassing van de stand van de wandsteun
Zet de stand van de beugel op -2 ˚ voordat u deze aan de muur installeert.
1.Bevestig het product aan de wandsteun.
23
Page 25
Inleiding
2.Houd het product bovenop in het midden vast en trek het naar voren (in de richting van
de pijl) om de stand aan te passen.
Opmerking
U kunt de stand van de beugel aanpassen tussen -2 ˚ en 15 ˚.
Zorg ervoor dat u het midden van het product gebruikt om de stand aan te passen, en niet
de linker- of rechterkant.
Mechanische indeling (820TSn-2)
Mechanische indeling
Bovenzijde LCD-scherm
24
Page 26
Inleiding
Installatie VESA-beugel
•Let er bij het installeren van VESA op, dat u voldoet aan de internationale VESA-normen.
•Informatie over en aankoop en installatie van de VESA-steun: Neem contact op met uw
dichtstbijzijnde SAMSUNG-distributeur om een bestelling te plaatsen. Nadat de bestelling
is geplaatst, zal een professioneel team de steun bij u komen installeren.
•Er zijn ten minste twee personen nodig om het LCD-scherm te verplaatsen.
•SAMSUNG is niet verantwoordelijk voor schade aan het product of verwondingen die
tijdens het installeren door onvoorzichtigheid van de klant zijn veroorzaakt.
Afmetingen
25
Page 27
Opmerking
Gebruik voor het bevestigen van de beugel aan de muur alleen kolomschroeven met een
diameter van 6 mm en een lengte van 8 tot 12 millimeter.
Installatie van de wandsteun
•Neem contact op met een technicus alvorens de wandsteun te bevestigen.
•SAMSUNG Electronics is niet verantwoordelijk voor enige schade aan het product of letsel
bij de klant wanneer de installatie wordt uitgevoerd door de klant.
•Dit product is geschikt voor installatie aan cementen muren. Als het product aan een
gipsen of houten wand wordt geplaatst, blijft het mogelijk niet goed hangen.
Onderdelen
Gebruik alleen de componenten en accessoires die u bijgevoegd bij dit product vindt.
Inleiding
Wandsteun (1)Scharnier (links 1,
Montage van de wandsteun
Opmerking
Er zijn twee scharnieren (links en rechts). Gebruik een correcte ondergrond.
1.Plaats de bevestigingsschroef en draai hem vast in de richting van de pijl.
Bevestig de muurbeugel daarna aan de wand.
rechts 1)
Kunststof
drager
(4)
Schroef
(A)(11)
Schroef
(B)(4)
Plug
(11)
26
Page 28
Inleiding
Er zijn twee scharnieren (links en rechts). Gebruik een correcte ondergrond.
A -Bevestigingsschroef
B -Wandsteun
C -Scharnier (Links)
D -Scharnier (Rechts)
2.Controleer voordat u in de wand gaat boren of de lengte tussen de twee schroefgaten
aan de achterkant van het product juist is.
Als de afstand te klein of te groot is, maakt u alle of enkele van de vier schroeven van
de wandsteun los om de afstand aan te passen.
A -Afstand tussen de twee schroefgaten
3.Controleer het installatiediagram en markeer de boorpunten op de wand. Gebruik een
bit van 5,0 mm om gaten dieper dan 35 mm te boren. Plaats de pluggen in de betreffende
gaten. Plaats de gaten van de beugels en scharnieren voor de bijbehorende pluggaten,
plaats de 11 schroeven A in de gaten en draai deze vast.
Het product op de wandsteun bevestigen
De vorm van het product kan afhankelijk van het model variëren. (de montage van de kunststof drager en de schroeven zijn hetzelfde)
27
Page 29
Inleiding
1.Verwijder de 4 schroeven aan de achterkant van het product.
2.Plaats de schroef B in de kunststof drager.
Opmerking
•Monteer het product op de wandsteun en controleer dat het goed is bevestigd aan
de linker en rechter kunststof dragers.
•Wees voorzichtig bij het installeren van het product op de steun. Vingers kunnen vast
komen te zitten in de gaten.
•Controleer dat de wandsteun stevig is bevestigd aan de wand, anders blijft het prod-
uct misschien niet goed zitten na installatie.
3.Draai de vier schroeven uit stap 2 vast (kunststof drager + schroef B) in de gaten op de
achterkant van het product.
4.Verwijder de veiligheidspin (3) en plaats de vier producthouders in de bijbehorende beugelgaten (1). Plaats het product (2) zo dat het stevig is bevestigd aan de beugel. Plaats
de veiligheidspin (3) opnieuw en draai deze stevig vast om het product veilig op de beugel
te monteren.
28
Page 30
Inleiding
A -LCD-scherm
B -Wandsteun
C -Muur
Aanpassing van de stand van de wandsteun
Zet de stand van de beugel op -2 ˚ voordat u deze aan de muur installeert.
1.Bevestig het product aan de wandsteun.
2.Houd het product bovenop in het midden vast en trek het naar voren (in de richting van
de pijl) om de stand aan te passen.
Opmerking
U kunt de stand van de beugel aanpassen tussen -2 ˚ en 15 ˚.
Zorg ervoor dat u het midden van het product gebruikt om de stand aan te passen, en niet
de linker- of rechterkant.
29
Page 31
Aansluitingen
Aansluiten op een computer
Er zijn verschillende manieren om de computer aan te sluiten op het
beeldscherm. Kies uit een van de volgende opties.
De D-sub-connector (analoog) op de videokaart gebruiken.
•Sluit de D-sub aan op de 15-pins RGB/COMPONENT IN -poort op de
achterkant van het LCD-scherm en de 15-pins D-sub-poort op de computer.
De DVI-connector (Digitaal) op de videokaart gebruiken.
•Sluit de DVI-kabel aan op de DVI IN-poort op de achterkant van het
LCD-scherm en de DVI-poort op de computer.
30
Page 32
Aansluitingen
Via de HDMI-ingang (digitaal) op de grafische kaart.
•Verbind de HDMI IN-poort van het beeldscherm via de HDMI-kabel met
de HDMI-poort van de pc.
Opmerking
Controleer bij gebruik van de HDMI-kabel naar de pc dat u HDMI hebt
geselecteerd in zowel Source List als Edit Name voordat u PC of DVI kiest
als apparaat zodat normaal beeld en geluid kan worden uitgevoerd op het
pc-scherm. Opmerking: geluid is alleen beschikbaar bij gebruik van de
aansluiting in optie
Sluit de audiokabel van het LCD-scherm aan op de audiopoort op de achterkant van uw computer.
Sluit het netsnoer van het LCD-scherm aan op de stroomaansluiting op de
achterkant van het LCD-scherm. Schakel de voeding in.
Opmerking
•Schakel zowel de computer als het LCD-scherm in.
•Neem contact op met een plaatselijk SAMSUNG Electronics Servicecentrum voor de
aanschaf van accessoires.
Aansluiten op andere apparatuur
•AV-invoerapparaten zoals dvd-spelers, videorecorders of camcorders, maar ook computers kunnen op het LCD-scherm worden aangesloten. Zie Het LCD-scherm aanpassen
voor meer informatie over het aansluiten van AV-invoerapparaten.
die volgt.
31
Page 33
•De configuratie van het LCD-scherm aan de achterkant kan verschillen, afhankelijk van
het model van het LCD-scherm.
AV-apparaten aansluiten
1.Sluit de poorten Video en [R-AUDIO-L] van de dvd-speler, videorecorder of DTV Set-
Top Box aan op de poort Video en [R-AUDIO-L] van het LCD-scherm.
Aansluitingen
2.Laat de dvd-speler, videorecorder of camcorder afspelen met een dvd of band erin.
3.Selecteer AV met de knop SOURCE .
Aansluiten op een camcorder
1.Zoek de AV-uitgangen op de camcorder. Deze bevinden zich doorgaans op de zijkant
of achterkant van de camcorder. Sluit audiokabels aan op de AUDIO-uitgangen op de
camcorder en de op de AV/COMPONENT AUDIO IN [R-AUDIO-L] op het LCD-scherm.
2.Sluit een videokabel aan op de VIDEO-uitgang op de camcorder en op de AV IN [VIDEO]
op het LCD-scherm.
3.Selecteer AV voor de camcorderaansluiting met de knop Source op de voorkant van het
LCD-scherm of op de afstandsbediening.
4.Plaats een band in de camcorder en schakel deze in.
32
Page 34
Opmerking
De audio-videokabels die hier worden weergegeven, worden doorgaans bij een camcorder
geleverd. (Indien dit niet het geval is, raadpleegt u een plaatselijke elektronicawinkel.) Als uw
camcorder stereo is, moet u twee kabels aansluiten.
Aansluiten via een DVI-kabel
Aansluitingen
1.Verbind de DVI OUT-poort op de LCD-monitor met de ingangspoort van een andere
monitor met behulp van een DVI-kabel.
2.Verbind de AUDIO OUT-poort op de LCD-monitor met de ingangspoort van een andere
monitor met behulp van een stereokabel.
3.Selecteer DVI met behulp van de toets SOURCE aan de voorzijde van het LCD-scherm
of op de afstandsbediening.
Opmerking
DVI OUT biedt geen ondersteuning voor HDCP.
Aansluiten via een HDMI-kabel
1.Sluit invoerapparaten zoals een Blu-Ray/dvd-speler aan op de HDMI IN-aansluiting van
het LCD-scherm met behulp van een HDMI-kabel.
33
Page 35
Aansluitingen
2.Selecteer HDMI met behulp van de toets SOURCE aan de voorzijde van het LCD-
scherm of op de afstandsbediening.
Opmerking
In de modus HDMI wordt alleen audio in PCM-indeling ondersteund.
Aansluiten met gebruik van een DVI naar HDMI-kabel
1.Sluit de DVI-uitgang van een digitaal uitvoerapparaat aan op de HDMI IN-aansluiting van
het LCD-scherm met een DVI-naar-HDMI-kabel.
2.Sluit de rode en witte aansluitpunten van een RCA-naar-stereo-kabel (voor pc) aan op
de bijbehorende audiouitgangen van het digitale uitvoerapparaat en sluit de andere
aansluiting aan op de DVI / RGB / HDMI AUDIO IN-aansluiting van het LCD-scherm.
3.Selecteer HDMI met behulp van de toets SOURCE aan de voorzijde van het LCD-
scherm of op de afstandsbediening.
Aansluiten op een audiosysteem
1.Sluit een set audiokabels aan op de poorten AUX L, R van het AUDIOSYSTEEM en de
poorten AUDIO OUT op het LCD-scherm.
34
Page 36
Aansluitingen
De USB-hub van het aanraakscherm verbinden
Opmerking
Als u de aanraakscherm-functie wilt gebruiken in de modus MagicInfo, draait u de schakelknop naar links.
Als u de aanraakscherm-functie wilt gebruiken in de modus PC, verbind u de USB-poort van
uw pc via een USB-kabel met het product en draait u de schakelknop naar rechts.
Een LAN-kabel aansluiten
Sluit de LAN-kabel aan.
Een USB-apparaat aansluiten
35
Page 37
Aansluitingen
U kunt USB-apparaten zoals een muis of een toetsenbord aansluiten.
36
Page 38
Software gebruiken
Stuurprogramma voor de monitor
Opmerking
Als het besturingssysteem vraagt om het stuurprogramma voor de monitor,
plaatst u de CD-ROM die bij deze monitor is meegeleverd. De installatie van
het stuurprogramma kan per besturingssysteem ietwat verschillen. Volg de
instructies voor uw besturingssysteem.
Zorg voor een lege schijf en download het stuurprogramma van de hier weergegeven website op internet.
Internet-site:
http://www.samsung.com/
Het stuurprogramma voor de monitor installeren (automatisch)
1.Plaats de cd in het CD-ROM-station.
2.Klik op 'Windows'.
3.Selecteer uw monitor in de lijst van modellen en klik op 'OK''.
4.Als u het volgende scherm ziet, klikt u op de knop 'Continue Anyway' (Toch doorgaan).
Klik vervolgens op 'OK' (Microsoft® Windows® XP/2000 besturingssysteem).
37
Page 39
Software gebruiken
Opmerking
Dit monitorstuurprogramma is gecertificeerd door Microsoft. De installatie veroorzaakt
geen beschadigingen in uw systeem.
Het gecertificeerde stuurprogramma wordt op de startpagina van Samsung Monitor geplaatst.
http://www.samsung.com/
Het stuurprogramma voor de monitor installeren (handmatig)
Microsoft® Windows Vista™ besturingssysteem
1.Plaats de cd met de gebruikershandleiding in uw CD-ROM-station.
2.
Klik op (Start) en op 'Control Panel (Configuratiescherm)'. Dubbelklik vervolgens op
'Appearance and Personalization' (Vormgeving aan persoonlijke voorkeur aanpassen)'.
3.Klik op 'Personalization' (Persoonlijke instellingen) en vervolgens op 'Display Set-
tings' (Beeldscherminstellingen).
4.Klik op 'Advanced Settings...' (Geavanceerde instellingen...).
38
Page 40
Software gebruiken
5.Klik op 'Properties' (Eigenschappen) op het tabblad 'Monitor'. Als de knop 'Proper-
ties' (Eigenschappen) niet beschikbaar is, is de configuratie van uw monitor voltooid. De
monitor kan zo gebruikt worden.
Als het bericht 'Windows needs...' (Uw toestemming is nodig...) wordt weergegeven (zie
onderstaande afbeelding), klikt u op 'Continue' (Doorgaan).
Opmerking
Dit monitor driver is gecertificeerd onder het MS-logo. De installatie veroorzaakt geen
beschadigingen in uw systeem.
Het gecertificeerde stuurprogramma wordt op de startpagina van Samsung Monitor geplaatst.
6.Klik op 'Update Driver...' (Stuurprogramma bijwerken...) op het tabblad 'Driver' (Stuur-
programma).
7.Selecteer het vakje 'Browse my computer for driver software' (Op mijn computer naar
stuurprogramma's zoeken) en klik op 'Let me pick from a list of device drivers on my
computer' (Ik wil kiezen uit een lijst met apparaatstuurprogramma's op mijn computer).
39
Page 41
Software gebruiken
8.Klik op 'Have Disk...' (Bladeren…) en selecteer de map (bijvoorbeeld D:\Drive) waar het
installatiebestand van het stuurprogramma staat. Klik op 'OK'.
9.Selecteer uit de lijst met monitoren het model dat overeenkomt met uw monitor en klik
op 'Next' (Volgende).
10. Klik in de volgende schermen achtereenvolgens op 'Close' (Sluiten) → 'Close' (Sluiten)
→ 'OK' → 'OK'.
40
Page 42
Software gebruiken
Microsoft® Windows® XP besturingssysteem
1.Plaats de cd in het CD-ROM-station.
2.Klik op 'Start' → 'Control Panel' (Configuratiescherm) en klik vervolgens op het pictogram
'Appearance and Themes' (Vormgeving en thema's).
3.Klik op het pictogram 'Display' (Beeldscherm), selecteer de tab 'Settings' (Instellingen)
en klik op 'Advanced...' (Geavanceerd...).
4.Klik op de knop 'Properties' (Eigenschappen) op het tabblad 'Monitor' (Beeldscherm) en
selecteer de tab 'Driver' (Stuurprogramma).
41
Page 43
Software gebruiken
5.Klik op 'Update Driver...' (Stuurprogramma bijwerken), selecteer 'Install from a list
or...' (Installeren uit een lijst of...) en klik op de knop 'Next' (Volgende).
6.Selecteer'Don't search, I will...' (Niet zoeken, ik wil...), klik op 'Next' (Volgende) en ver-
volgens op 'Have disk' (Bladeren).
7.Klik op de knop 'Browse' (Bladeren), selecteer A:(D:\Driver) en selecteer het model van
uw monitor in de lijst. Klik vervolgens op de knop 'Next' (Volgende).
8.Als u het volgende scherm ziet, klikt u op de knop 'Continue Anyway' (Toch doorgaan).
Klik vervolgens op 'OK'.
42
Page 44
Software gebruiken
Opmerking
Dit monitor driver is gecertificeerd onder het MS-logo. De installatie veroorzaakt geen
beschadigingen in uw systeem.
Het gecertificeerde stuurprogramma wordt op de startpagina van Samsung Monitor geplaatst.
http://www.samsung.com/
9.Klik op de knop 'Close' (Sluiten) en vervolgens op 'OK'.
10. De installatie van het stuurprogramma voor de monitor is nu voltooid.
Microsoft® Windows® 2000 besturingssysteem
Als het bericht 'Digital Signature Not Found (Digitale handtekening niet gevonden)' op het
scherm wordt weergegeven, volgt u de onderstaande instructies.
1.Klik op de knop 'OK' in het scherm 'Insert disk' (Schijf plaatsen).
2.Klik op de knop 'Browse' (Bladeren) in het scherm 'File Needed' (Bestand nodig).
3.Selecteer A:(D:\Driver), klik op 'Open' (Openen) en klik vervolgens op 'OK'.
Installeren
1.Klik op 'Start', 'Setting' (Instelling), 'Control Panel' (Configuratiescherm).
43
Page 45
Software gebruiken
2.Dubbelklik op het pictogram 'Display' (Beeldscherm).
3.Selecteer het tabblad 'Settings' (Instellingen) en klik op de knop 'Advanced Proper-
ties' (Geavanceerd).
4.Selecteer 'Monitor'.
Scenario 1: Als de knop 'Properties' (Eigenschappen) niet actief is, is uw monitor correct
geconfigureerd. Beëindig de installatie.
Scenario 2: Als de knop 'Properties' (Eigenschappen) actief is, klik u op de knop 'Properties' (Eigenschappen)' en volgt u de onderstaande instructies.
5.Klik op 'Driver' (Stuurprogramma) en vervolgens op 'Update Driver...' (Stuurprogramma
bijwerken) en op 'Next' (Volgende).
6.Selecteer 'Display a list of the known drivers for this device so that I can choose a specific
driver' (Een lijst van bekende stuurprogramma's voor dit apparaat weergeven waaruit ik
kan kiezen) en klik vervolgens op 'Next' (Volgende) en 'Have disk' (Bladeren).
7.Klik op de knop 'Browse' (Bladeren) en selecteer A:(D:\Driver).
8.Klik op de knop 'Open' (Openen) en vervolgens op 'OK'.
9.Selecteer het model van uw monitor en klik op 'Next' (Volgende) en nogmaals op
'Next' (Volgende).
10. Klik op 'Finish' (Voltooien) en vervolgens op 'Close' (Sluiten).
Als het bericht 'Digital Signature Not Found' (Digitale handtekening niet gevonden) wordt
weergegeven, klikt u op 'Yes' (Ja). Klik op 'Finish' (Voltooien) en vervolgens op 'Close' (Sluiten).
Microsoft® Windows® Millennium besturingssysteem
1.Klik op 'Start', 'Setting' (Instelling), 'Control Panel' (Configuratiescherm).
2.Dubbelklik op het pictogram 'Display' (Beeldscherm).
3.Selecteer het tabblad 'Settings' (Instellingen) en klik op de knop 'Advanced Proper-
ties' (Geavanceerd).
4.Select het tabblad 'Monitor' (Beeldscherm).
5.Klik op de knop 'Change' (Wijzigen) in het gedeelte 'Monitor Type' (Type monitor).
6.Kies 'Specify the location of the driver' (Geef de locatie van het stuurprogramma op).
7.Kies 'Display a list of all the drivers in a specific location...' (Een lijst weergeven van alle
stuurprogramma’s op een bepaalde locatie) en klik op 'Next' (Volgende).
8.Klik op 'Have Disk' (Bladeren).
9.Typ A:\(D:\driver) en klik op 'OK'.
10. Selecteer 'Show all devices' (Alle apparaten tonen), selecteer de monitor die u hebt
aangesloten op uw computer en klik op 'OK'.
11. Ga verder door op 'Close' (Sluiten) en 'OK' te klikken tot het dialoogvenster Display
Properties (Beeldschermeigenschappen) wordt gesloten.
Microsoft® Windows® NT besturingssysteem
44
Page 46
Software gebruiken
1.Klik op 'Start', 'Settings' (Instellingen), 'Control Panel' (Configuratiescherm) en dubbelklik
op het pictogram 'Display' (Beeldscherm).
2.Klik in het scherm Display Registration Information (Registratiegegevens beeldscherm)
op de tab Settings (Instellingen) en klik vervolgens op'All Display Modes' (Alle weergavemodi).
3.Selecteer de gewenste modus (Resolution (Resolutie), Number of colors (Aantal kleu-
ren) en Vertical frequency (Verticale frequentie)) en klik op 'OK''.
4.Klik op 'Apply' (Toepassen) als het scherm normaal werkt nadat u op 'Test' geklikt hebt.
Als het scherm geen normaal beeld vertoont, kiest u een andere modus (geringere resolutie, kleuren of frequentie).
Opmerking
Als er onder All Display Modes (Alle weergavemodi) geen modus wordt weergegeven, selecteert u de resolutie en de verticale frequentie door het gedeelte Voorinstelbare timingmodi
in de gebruikershandleiding te raadplegen.
Linux besturingssysteem
Voor het uitvoeren van X-Window moet u een X86Config-bestand maken, een bepaald systeeminstellingenbestand.
IRTOUCH
1.Druk op 'Enter' in het eerste en tweede scherm nadat u het X86Config-bestand hebt
uitgevoerd.
2.Het derde scherm is voor de muis.
3.Hier stelt u een muis in voor uw computer.
4.Het volgende scherm is voor het toetsenbord.
5.Hier stelt u een toetsenbord in voor uw computer.
6.Het volgende scherm is voor de monitor.
7.Stel eerst een horizontale frequentie in voor de monitor (deze kunt u rechtstreeks in-
voeren).
8.Vervolgens stelt u een verticale frequentie voor de monitor in (deze kunt u rechtstreeks
invoeren).
9.Voer de modelnaam van uw monitor in. Deze gegevens hebben geen invloed op de
uitvoering van X-Window.
10. U bent nu klaar met het instellen van de monitor. Voer X-Window uit nadat u de andere
benodigde hardware hebt geïnstalleerd.
IRTouch Screen Control Panel
Dubbelklik op het teken op het bureaublad (zoals hieronder wordt weergegeven) of ga naar
"Start" -> "Alle programma's" -> "IRTouchSystems", klik vervolgens op "IR TouchScreen
Control Panel" en ga als volgt naar het configuratiescherm van het aanraakscherm:
45
Page 47
Software gebruiken
Menu voor algemeen configuratiescherm
1.Het configuratiescherm biedt de functie van USB-/seriële IP-aanraakschermen die over-
eenkomen met de bijbehorende monitors. Deze functie ondersteunt de compatibiliteit
van meerdere aanraakschermen op één enkele pc. In dit venster wordt basisinformatie
over het aanraakscherm en kalibratie gegeven. Wanneer er meerdere aanraakschermen
op de pc zijn gemonteerd en de status is ingesteld op “Multi-screens display” gebruikt u
het menu [Selecteer monitor] om de monitor te kiezen die vóór kalibratie is gerelateerd
aan alle aanraakschermen. Wanneer u dit niet doet, werkt het aanraakscherm niet.
Stappen voor het instellen van meerdere aanraakschermen op één scherm: het teken
voor de knop wordt in het midden van elk monitorscherm weergegeven (bij een masterslavesysteem dat door het programma wordt gebruikt) nadat u op “Selecteer monitor”
klikt. Wanneer dit het geval is, klikt u op het midden van het teken voor de knop om het
gemonteerde aanraakscherm te accepteren. Wanneer er geen informatie over het aanraakscherm op de monitor wordt weergegeven, drukt u op "ESC" op het toetsenbord of
wacht u 15 seconden. Het programma slaat de huidige monitor over en selecteert automatisch de volgende monitor. Door op een van de aanraakschermen in de lijst te
dubbelklikken, kunt u de monitor selecteren die is gerelateerd aan het geselecteerde IRaanraakscherm in het selectiedialoogvenster. Klik op de knop "OK" om op te slaan en
af te sluiten. Na het beëindigen van de bovenstaande handelingen wordt door het programma het nummer van de monitoren met betrekking tot alle aanraakschermen weergegeven in de lijst “Monitor”.
46
Page 48
Software gebruiken
2.Selecteer in de lijst het door u gewenste aanraakscherm en klik op [Calibrate]. Na kali-
bratie wordt door het item "Calibrated" "Yes" weergegeven.
De kalibratiemethode bestaat uit de volgende stappen: selecteer een aanraakscherm in de
informatielijst en klik vervolgens op de knop “Calibrate” wanneer het kalibratievenster wordt
weergegeven. Er worden nu vier afbeeldingen weergegeven van een bull's eye met een kruis
in het midden. De kalibratie wordt voltooid door achtereenvolgens met een aanwijzer of een
vinger op de kruizen te klikken (met de klok mee). Wanneer de kalibratie wordt uitgevoerd in
de modus "Click on Release" kunt u constant naar het kruis gaan, erop klikken en het vervolgens loslaten, zelfs wanneer u aanvankelijk niet op het kruis kunt klikken. Druk op de knop
”Esc” om de kalibratie af te sluiten. Na de kalibratie worden de knoppen “Recalibrate”, “OK”
47
Page 49
en “Cancel” weergegeven. “ReCalibrate” betekent opnieuw kalibreren; “OK” betekent opslaan en afsluiten; “Cancel” betekent afsluiten zonder op te slaan.
Modusinstellingen
Software gebruiken
1.Click on touch
Wanneer de vinger contact maakt met het aanraakscherm vindt er automatisch een enkele muisklik plaats. De modus is alleen van toepassing op aanraken, niet op slepen. In
deze modus reageert het aanraakscherm het snelst. Deze modus wordt doorgaans gebruikt om op een groot object in toepassingen te klikken (bijvoorbeeld de knop OK in het
snelmenu).
2.Click on Release
Een muisklikgebeurtenis vindt plaats op het moment dat de vinger het aanraakscherm
verlaat. Deze modus wordt nauwkeurig gestuurd en is daarom geschikt voor het klikken
op kleine knoppen (bijvoorbeeld de knop voor minimaliseren in het snelmenu) of voor
het klikken op een hyperlink naar webpagina's zoals POS- en WEB-toepassingen.
3.Mouse Emulation
De modus “Mouse Emulation” is de standaardmodus waarin de muisbediening volledig
wordt nagebootst (zoals met de linkermuisknop klikken, verplaatsen, optillen en slepen).
De modus is het meest geschikt voor schrijven, tekenen en slepen.
U kunt de cursor verbergen door in Options (Opties) op "Hide cursor" te klikken wanneer
bij sommige toepassingen de muiscursor niet wordt gebruikt.
48
Page 50
Software gebruiken
6.Send Right Click
U kunt de functie voor rechtsklikken inschakelen (standaard). Klik en druk gedurende
twee seconden op een plek op het scherm. Het snelmenu (klikken met de rechtermuisknop) wordt weergegeven. Rechtsklikken is uitsluitend beschikbaar in de modus Mouse
Emulation. U kunt de waarde voor “Delay” wijzigen in “Right Click Settings”. Opmerking:
hoe hoger de waarde voor “Delay”, des te langer de tijd voor het snelmenu (klikken met
de rechtermuisknop). "Delay" wordt weergegeven in "milliseconden". “Area” wordt gebruikt voor het aanpassen van het jitterbereik van het aanraakvlak binnen de foutlimiet
(eenheid: pixel). Hoe hoger de waarde voor "Area", hoe groter het jitterbereik. Het menu
Rechtsklikken wordt weergegeven wanneer de vinger binnen het vooraf ingestelde tijdsen jitterbereik enige tijd contact maakt met het scherm.
7.Enable Double Click
Dit is gelijk aan de muisfunctie voor dubbelklikken. U krijgt de beste prestatie met betrekking tot Dubbelklikken door de eigenschappen voor "Double Click Settings" in te
stellen. "Speed" wordt weergegeven in "milliseconden". Hoe hoger de waarde voor de
snelheid, hoe langer de effectieve tijd tussen de twee klikken bij het dubbelklikken. “Area”
wordt gebruikt voor het vergroten of verkleinen van het gebied voor Dubbelklikken. De
functie Dubbelklikken is beschikbaar in de modi "Click on touch," "Click on Release" en
"Mouse Emulation".
8.Enable Delay Touch
Nadat deze functie is ingeschakeld, heeft hard aanraken of krassen op het scherm geen
effect. Deze functie is zeer effectief om een bepaalde plek een bepaalde tijd stevig aangeraakt te houden.Deze functie kan worden gebruikt bij beheertoepassingen voor banken en het bedrijfsleven, zoals ATM en bij switches van industriële apparatuur. De functie
is beschikbaar in de modus Click on touch en Click on Release. De eigenschappen voor
“Delay Touch Setting” kunnen selectief worden ingesteld. Hoe hoger de waarde (eenheid:milliseconde), hoe langer de vertragingstijd voor het aanraken. De waarde “Area”
wordt gebruikt om het effectieve aanraakgedeelte (waarop de vinger zich bevindt) van
het aanraakpaneel te regelen. Hoe hoger de waarde (eenheid: pixel), hoe groter het
effectieve gebied.
9.Drag Delay
Met deze functie kan een sleepgebeurtenis alleen plaatsvinden nadat een bepaalde
vooraf gedefinieerde vertragingstijd voor het slepen is verstreken. Wanneer het object
niet precies kan worden geselecteerd of wanneer de cursor beweegt, kunt u de waarde
voor "Drag" wijzigen om het slepen te vertragen. Deze wordt weergegeven in milliseconden.
Opmerking
Overeenkomstig de hardwarestatussen en externe factoren kunt u de betreffende parameters flexibel instellen om de beste prestatie te krijgen. Raadpleeg de bijlage verderop in deze
handleiding.
Instellingen voor de seriële poort
1.Na het installeren van het stuurprogramma voor de seriële poort kiest u “Start”——“Alle
programma's”——“IRTOUCHSYSTEMS”——“Serial Port Settings”. De naam van het
geïnstalleerde IR-aanraakapparaat en het aantal seriële poorten worden in de lijst weergegeven.Kies [Install] wanneer enkele seriële poorten beschikbaar zijn of kies [Remove]
om de installatie van het stuurprogramma ongedaan te maken wanneer u het aanraakscherm niet wilt gebruiken.
49
Page 51
Software gebruiken
2.Klik op [Change Port] om de instellingen van de geselecteerde seriële poort te wijzigen.
Bijlage
Algemene instellingen voor het aanraakscherm
Selecteer de modus "Mouse Emulation" om de beschikbare opties in Options (Opties) te
zoeken: "Enable Touch," "Send Right Click" en "Enable Double Click". Wanneer u de optie
"Enable Delay Touch" selecteert, neemt de aanrakingsgevoeligheid af en wordt het slepen
na een snelle klik beschouwd als een uitgeschakelde functie. Slepen en snel klikken worden
als uitgeschakelde functies beschouwd.
50
Page 52
Software gebruiken
Instructies voor de instellingen:
1.Send Right Click : u kunt de functie voor rechtsklikken inschakelen (standaard). Klik en
druk gedurende twee seconden op een plek op het scherm. Het menu voor rechtsklikken
wordt weergegeven. Rechtsklikken is uitsluitend beschikbaar in de modus Mouse Emulation.Over het algemeen wordt de waarde voor “Delay” ingesteld op 1000 (1 seconde)
en de waarde voor “Area” op 32 px, om de beste prestatie voor de functie voor rechtsklikken te krijgen.
2.Enable Double Click : hetzelfde als de muisfunctie voor dubbelklikken. Als u op een
object dubbelklikt overeenkomstig de instellingen voor Speed (Snelheid) en Area (Gebied), wordt dit object geopend. De parameterinstellingen voor de beste werking zijn een
waarde voor “Speed” tussen 500 en 550 en een waarde voor “Area” van 32 px.
3.Drag Delay: met deze functie wordt de tijd weergegeven (in milliseconden) voor het
wachten voordat "Drag” wordt uitgevoerd nadat hierop is geklikt. Wanneer het object niet
precies kan worden geselecteerd of wanneer de cursor beweegt wanneer u het scherm
wilt aanraken, kunt u Drag Delay op de juiste waarde instellen door de schuifbalk te
slepen.Deze wordt weergegeven in milliseconden.
De instellingen voor het aanraakscherm bij fel licht, regen en sneeuw.
Een sneeuwvlok of een regendruppel kunnen een ongewenste schermaanraking veroorzaken. Met de functie Enable Delay" wordt een dergelijke onjuiste schermaanraking voorkomen.
51
Page 53
Software gebruiken
Specificaties
1.Definieer elke waarde in “Delay Touch Settings” na het selecteren om “Enable Delay
Touch” te activeren. Het wordt aanbevolen dat "Delay" wordt ingesteld tussen 40 en 50
en "Area" op 2.
Opmerking
De aanrakingsreactie kan worden verkregen na het activeren van de functie "False touch
rejection".
MDC (Multi-Display Channel)
Installatie
1.Plaats de installatie-cd in het CD-ROM-station.
2.Klik op het installatiebestand van MDC.
52
Page 54
Software gebruiken
Opmerking
Als het popupvenster voor het installeren van de software voor het hoofdscherm niet
verschijnt, kunt u de installatie uitvoeren met het uitvoerbare bestand van MDC op de
cd.
3.Als het Installation Shield Wizard-scherm wordt weergegeven, klikt u op 'Next' (Vol-
gende).
4.Selecteer 'I agree to the terms of the license agreement' (Ik accepteer de voorwaarden
van de licentieovereenkomst) om de gebruiksvoorwaarden te accepteren.
5.Klik op 'Install' (Installeren).
6.Het venster 'Installation Status' (Status installatie) wordt weergegeven.
7.Klik op 'Finish' (Voltooien).
8.Als de installatie voltooid is, wordt het pictogram MDC op uw bureaublad weergegeven.
Dubbelklik op het pictogram om het programma te starten.
Het pictogram MDC wordt mogelijk niet weergegeven, afhankelijk van de specificaties van het computersysteem of de monitor. Druk in dit geval op de toets F5.
Problemen bij de installatie
De installatie van MDC kan worden beïnvloed door bijvoorbeeld de videokaart, het moederbord en de netwerkomgeving.
Verwijderen
U kunt het programma MDC alleen verwijderen met behulp van de optie 'Add or Remove
Programs" (Software) in het Windows® configuratiescherm.
Ga als volgt te werk om MDC te verwijderen.
Selecteer 'Setting/Control Pane' (Instellingen/Configuratiescherm) in het menu 'Start' en dubbelklik op 'Add/Delete a program' (Programma toevoegen/verwijderen)'.
Selecteer MDC in de lijst en klik op de knop 'Add/Delete' (Toevoegen/Verwijderen).
MDC gebruiken
53
Page 55
g
Inleiding
Multiple Display Control (MDC) is een toepassing waarmee verschillende beeldschermen gemakkelijk en tegelijk op
een pc kunnen worden gebruikt. RS-232C, een standaard voor seriële communicatie, wordt gebruikt voor de
communicatie tussen een computer en een beeldscherm. Daarom moet er een seriële kabel verbonden worden
met de seriële poort van uw computer en de seriële poort van het beeldscherm.
Begin - Hoofdscherm
Klik op Start > Program > Samsung > MDC System, om het programma te starten.
Selecteer een apparaat, om het volume van het
eselecteerde apparaat in de schuifbalk te kunnen zien.
1. Gebruik de hoofdpictogrammen om over te schakelen naar ieder beeldscherm.
2. Met deze optie kunt u de signaalontvangst van de afstandsbediening van de betreffende beeldschermeenheid in- en
uitschakelen.
3. Stelt de slotfunctie in.
Wanneer u de slotfunctie instelt, kunt u de knoppen power <aan/uit> en lock <slot> alleen op de
afstandsbediening en op de set gebruiken.
4. U kunt de instelling voor de seriële poort van de pc wijzigen. De oorspronkelijke waarde is COM1.
5. Klik op Alles selecteren of Wissen, om alle beeldschermen te wissen of te selecteren.
6. In het overzicht vindt u beknopte informatie over het geselecteerde beeldscherm.
7. Selecteer in Display Selection (Weergaveselectie) een weergave.
8. Maak gebruik van de bedieningsgereedschappen om de beeldschermen te bedienen.
<Opmerking> De in- en uitschakelfunctie van de afstandsbediening werkt onafhankelijk van het feit of het
apparaat wel of niet aanstaat. Dit is van toepassing op alle aangesloten beeldschermen die
aangesloten zijn op schermen die wederom aangesloten zijn op de MDC. Echter ongeacht de
status op het moment dat de MDC uitgezet wordt, zal de signaalontvangstfunctie van de
afstandsbediening van alle beeldschermen geactiveerd worden als de MDC wordt afgesloten.
Page 57
Port Selection
1. De Meervoudige Display Control wordt oorspronkelijk ingesteld op COM1.
2. Als u een andere poort dan COM1 gebruikt, kunt u COM1 tot en met COM4 selecteren in het menu Port selection.
3. Als de exacte poortnaam die op de monitor met een seriële kabel is aangesloten, niet is geselecteerd, is
communicatie niet mogelijk.
4. De geselecteerde poort is in het programma opgeslagen en wordt ook voor het volgende programma gebruikt.
Power Control
1. Klik in de hoofdpictogrammen op de optie Power Control. Naar aanleiding hiervan verschijnt het venster Power
Control.
Page 58
In het overzicht treft u basisinformatie aan die noodzakelijk is voor Power Control.
1) (Power Status (resterend vermogen))
2) Input
3) Image Size
4) On Timer
5) Off Timer
2. Gebruik de knop Alles selecteren of het aankruisvakje, om een beeldscherm te selecteren dat u wilt bedienen.
Page 59
Met de optie Power Control kunt u sommige functies bedienen van het geselecteerde beeldscherm.
g
1) Power On/Off
- Schakelt het
2) Volume
- Controleert het volumeniveau van het geselecteerde scherm.
Het ontvangt de volumewaarde van het geselecteerde beeldscherm en geeft dit weer in de schuifbalk.
(Als u een selectie annuleert of de optie Alles selectere n selecteert, zal de waarde de standaardwaarde 10
aannemen)
3)
Mute On/Off (Mute Aan/Uit)
- Schakelt de Mute van het geselecteerde beeldscherm Aan/Uit.
Als het geselecteerde apparaat al is ingesteld op MUTE en u één voor één een apparaat selecteert, moet u het
scherm MUTE markeren.
(Als u de selecties ongedaan maakt of de optie Alles selecteren selecteert, zullen de standaardinstellingen
aangenomen worden.)
De Power Control is van toepassing op alle beeldschermen.
De Volume- en Mute-functies zijn alleen beschikbaar voor schermen die AANSTAAN.
eselecteerde beeldscherm Aan/Uit.
Input Source
1. Als u in de hoofdpictogrammen op de optie (Input Source)Ingangsbron klikt, verschijnt het scherm waarin u de
ingangsbron kunt instellen.
Klik op de optie Alles selecteren of maak gebruik van het aankruisvakje, om een beeldscherm te selecteren dat u wilt
bedienen.
Page 60
• TV Mode
• PC Mode
Page 61
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor de Input Source Control.
gang
gang
gang
gang
1)PC
- Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in PC.
2)BNC
- Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in BNC.
3)DVI
- Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in DVI.
4)TV
- Verandert de in
sbron van het geselecteerde display in TV.
5)DTV
- Verandert de in
sbron van het geselecteerde display in DTV.
6)AV
- Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in AV.
7)S-Video
- Verandert de ingangsbron van het geselecteerde display in S-Video.
8)Component
- Verandert de in
sbron van het geselecteerde display in Component.
9)MagicInfo
- Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
10) HDMI
- Verandert de in
sbron van het geselecteerde display in HDMI.
11) Channel
- De pijl voor het kanaal verschijnt wanneer de tv als Input Source (invoerbron) is ingesteld.
De tv kan alleen als bron worden geselecteerd bij producten met een tv en het besturen van kanalen is
alleen toegestaan wanneer de invoerbron de tv is.
Page 62
De Input Source Control is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
Image Size
PC, BNC, DVI
1. Als u in de hoofdpictogrammen op de optie Beeldformaat klikt, verschijnt het scherm waarin u het beeldformaat kunt
instellen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het beeldformaat.
1)
(Power Status (resterend vermogen))
- Geeft aan of het huidige beeldscherm in of uitgeschakeld is.
2) Image Size
- Geeft aan of het huidige Image Size in of uitgeschakeld is.
3) Input
- Het overzicht geeft alleen de beeldschermen weer, waarvan de ingangsbron PC, BNC, DVI is.
4) PC Source
- PC Source (pc-bron) is het eerste tabblad aan de linkerzijde wanneer u op het tabblad Image Source (beeldbron)
klikt.
- De knop Beeldformaat instellen, regelt het beeldformaat dat beschikbaar is voor PC, BNC, DVI.
5) Video Source
- Klik op het tabblad Video Source (videobron) om de beeldgrootte voor de respectieve invoerbron te beheren.
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
Page 63
De optie Beeldformaat instellen is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
Image Size
TV, AV, S-Video, Component, DVI(HDCP), HDMI, DTV.
1. Als u in de hoofdpictogrammen op de optie Beeldformaat klikt, verschijnt het scherm waarin u het beeldformaat kunt
instellen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het beeldformaat.
1) Klik op het tabblad Video Source (videobron) om de beeldgrootte aan te passen voor TV, AV, S-Video, Component,
HDMI, DTV.
Klik op de optie Alles selecteren of maak gebruik van het aankruisvakje, om een beeldscherm te selecteren dat u wilt
bedienen.
2) Het overzicht geeft alleen het beeldscherm weer waarvan Vide o TV, AV, S-VIDEO, Component, HDMI en DTV de
ingangsbron is.
3) Met deze optie schakelt u willekeurig het beeldformaat van het geselecteerde beeldscherm in.
Opmerking: Auto Wide, Zoom1 en Zoom2 kunnen niet worden geselecteerd wanneer het
ingangssignaaltype voor Component en DVI (HDCP) 720p of 1080i is.
4) De schermmodi kunnen alleen worden gewijzigd wanneer een TV (alleen PAL) is aangesloten en de Image Size
(afbeeldingsgrootte) is ingesteld als Auto Wide (automatisch breed).
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
De optie Beeldformaat instellen is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
Page 64
g
g
Time
1. Klik in de hoofdpictogrammen op de optie Time Control (Tijdcontrole). Naar aanleiding hiervan verschijnt het venster
Tijdcontrole.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Tijdcontrole.
1) Current Time
- Stel de huidige tijd in voor het geselecteerde beeldscherm (PC-tijd)
- U moet eerst de PC-tijd veranderen, voordat u de huidige tijd kunt veranderen.
2) On Time Setup
- Stelt de uren, minuten, AM/PM en het volume van het
3) Off Time Setup
- Stelt de uren, minuten en AM/PM in op de
4) Geeft de instellingen van On Timer (Timer Aan) weer.
5) Geeft de instellingen van Off Timer (Timer Uit) weer.
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
De Tijdcontrole is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
Bij de On Time Setup (instellingen voor inschakelingsduur), werkt TV Source (tv-bron) alleen voor een
tv-model.
Bij de On Time Setup (instellingen voor inschakelingsduur), werkt MagicInfo Source (MagicInfo-bron)
alleen voor een MagicInfo-model.
ewenste eindtijd van het geselecteerde beeldscherm.
eselecteerde beeldscherm in op de gewenste starttijd.
Page 65
PIP
PIP Size
1. Klik in de hoofdpictogrammen op PIP en vervolgens zal het scherm PIP instellen op uw beeldscherm verschijnen.
Klik op de optie Alles selecteren of maak gebruik van het aankruisvakje, om een beeldscherm te selecteren dat u wilt
bedienen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het PIP-formaat.
1) PIP Size
- Geeft het huidige PIP-formaat aan van het beeldsherm dat u momenteel gebruikt.
2) OFF
- Schakelt de PIP uit van het geselecteerde display.
3) Large
- Schakelt de PIP in van het geselecteerde display en verandert het formaat in Large.
4) Small
- Schakelt de PIP in van het geselecteerde display en verandert het formaat in Small.
5) Double1
- Schakelt de PIP in van het geselecteerde display en verandert het formaat in Double 1.
6) Double 2
- Schakelt de PIP in van het geselecteerde display en verandert het formaat in Double 2.
7) Double 3 (Dub bel 3) (beeld per beeld)
– Schakelt de functie PBP (picture by picture) van de geselecteerde weergave in en wijzigt het formaat naar Dubbel
3.
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
Page 66
U kunt het PIP-formaat instellen, zodra u de monitor heeft ingeschakeld.
PIP
PIP Source
1. Klik in de hoofdpictogrammen op PIP en vervolgens zal het scherm PIP instellen op uw beeldscherm verschijnen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor het instellen van het PIP-bron.
1) PIP Source
- U kunt de PIP-bron instellen, zodra u de monitor heeft ingeschakeld.
2) PC
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in PC.
3) BNC
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in BNC.
4) DVI
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in DVI.
5) AV
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in AV.
6) S-Video
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in S-Video.
7) Component
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in Component.
8) HDMI
- Verandert de PIP-bron van het geselecteerde display in HDMI.
Opmerking: Sommige PIP-bronnen kunnen wellicht niet worden geselecteerd.
Page 67
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
g
g
g
Dit is afhankelijk van het ingangsbrontype van het hoofdscherm.
Settings
Picture
1. Klik in de hoofdpictogrammen op Instellingen en vervolgens zal het scherm Settings Control op uw beeldsc herm
verschijnen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control.
Als iedere functie geselecteerd is, wordt de ingestelde waarde van de geselecteerde functie weergeven op de
schuifbalk. Als u de optie Alles selecteren geselecteerd heeft, verandert de waarde weer in de standaardwaarde 50.
Wanneer u een waarde op dit scherm wijzigt, wordt de modus automatisch gewijzigd in "CUSTOM".
1) Picture
- Alleen beschikbaar voor TV, AV, S-Video, Component, HDMI, DTV.
2) Contrast
- Met deze optie kunt het Contrast instellen van het
3) Brightness
- Met deze optie kunt de Helderheid instellen van het geselecteerde scherm.
4) Sharpness
- Met deze optie kunt de Scherpte instellen van het
5) Color
- Met deze optie kunt de Kleur instellen van het
6)
Tint
eselecteerde scherm.
eselecteerde beeldscherm.
eselecteerde beeldscherm.
Page 68
- Met deze optie kunt de Kleur instellen van het geselecteerde beeldscherm.
jzig
g
g
g
7) Color Tone
t de kleurtoon voor de geselecteerde display.
-Wi
8) Color Temp
- Pas de Color Temp aan voor de
9) Brightness Sensor
-Pas de Bri
10) Dynamic Contrast
- Pas de Dynamic Contrast aan voor de
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Deze functie wordt alleen ingeschakeld als Color Tone is ingesteld op Off.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
Deze optie is alleen beschikbaar voor de weergaven met stroomstatus AAN, en indien er geen selectie
is gemaakt, wordt de fabrieksinstelling weergegeven.
htness Sensor aan voor de geselecteerde weergave.
eselecteerde weergave.
eselecteerde weergave.
Settings
Picture PC
1. Klik in de hoofdpictogrammen op Instellingen en vervolgens zal het scherm Settings Control op uw beeldsche r m
verschijnen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control. Nadat elke functie is geselecteerd,
wordt de ingestelde waarde voor de geselecteerde functie weergegeven in de schuifbalk. Wanneer de selectie is
gemaakt, zal elke functie de waarde van de instelling ophalen en weergeven in de schuifbalk. Als u de optie Alles
Page 69
selecteren geselecteerd heeft, verandert de waarde weer in de standaardwaarde 50. Wanneer u een waarde op dit
g
g
g
g
g
j
g
g
g
scherm wijzigt, wordt de modus automatisch gewijzigd in "CUSTOM".
1) Picture PC
- Alleen beschikbaar voor PC, BNC, DVI.
2) Contrast
- Met deze optie kunt het Contrast instellen van het
3) Brightness
- Met deze optie kunt de Helderheid instellen van het
4) Red
- De kleurtemperatuur van het
5) Green
- De kleurtemperatuur van het
6) Blue
- De kleurtemperatuur van het
7) Color Tone
usts the Color Tone for the selected display.
-Ad
8) Color Temp
- Pas de Color Temp aan voor de
9) Brightness Sensor
-Pas de Bri
10) Dynamic Contrast
- Pas de Dynamic Contrast aan voor de
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
Deze functie wordt alleen ingeschakeld als Color Tone is ingesteld op Off.
Deze optie is alleen beschikbaar voor de weergaven met stroomstatus AAN, en indien er geen selectie
is gemaakt, wordt de fabrieksinstelling weergegeven.
htness Sensor aan voor de geselecteerde weergave.
eselecteerde beeldscherm instellen.(Red)
eselecteerde beeldscherm instellen.(Green)
eselecteerde beeldscherm instellen.(Blue)
eselecteerde weergave.
eselecteerde weergave.
eselecteerde scherm.
eselecteerde scherm.
Settings
Audio
1. Klik in de hoofdpictogrammen op Instellingen en vervolgens zal het scherm Settings Control op uw beeldsc herm
verschijnen.
Page 70
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control. Nadat elke functie is geselecteerd,
j
g
g
wordt de ingestelde waarde voor de geselecteerde functie weergegeven in de schuifbalk. Wanneer de selectie is
gemaakt, zal elke functie de waarde van de instelling ophalen en weergeven in de schuifbalk. Als u de optie Alles
selecteren geselecteerd heeft, verandert de waarde weer in de standaardwaarde 50. Wanneer u een waarde op dit
scherm wijzigt, wordt de modus automatisch gewijzigd in "CUSTOM".
1) Audio
- Bediening van de audio-instellingen van alle ingangsbronnen.
2) Bass
-Ad
usts Bass of the selected display.
3) Treble
- Met deze optie kunt u de Treble instellen van het
4) Balance
- Met deze optie kunt u de Balance instellen van het
5) SRS TSXT
- SRS TSXT Sound On/Off.
6) Sound Select
- Als de PIP-functie geactiveerd is, kunt u alleen kiezen tussen hoofd- of subscherm (main of sub).
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
Deze optie is alleen beschikbaar voor de weergaven met stroomstatus AAN, en indien er geen selectie
is gemaakt, wordt de fabrieksinstelling weergegeven.
eselecteerde scherm.
eselecteerde scherm.
Settings
Page 71
g
Image Lock
1. Klik in de hoofdpictogrammen op Instellingen en vervolgens zal het scherm Settings Control op uw beeldsc herm
verschijnen.
Het overzicht toont u basisinformatie die noodzakelijk is voor Settings Control.
1) Image Lock
- Alleen beschikbaar voor PC, BNC.
2) Coarse
- Met deze optie kunt u de Coarse instellen van het geselecteerde beeldscherm.
3) Fine
- Met deze optie kunt u de Fine instellen van het geselecteerde beeldscherm.
4) Position
- Met deze optie kunt u de positie instellen van het
5) Auto Adjustment
- Als u zelf het binnenkomende signaal wilt aanpassen.
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
Indstillinger er kun tilgængelige for skærme, der er slået til (ON).
eselecteerde beeldscherm.
Maintenance
Lamp Control
Page 72
1. Klik op het pictogram "Maintenance" in de kolom Main Icon om het scherm Maintenance weer te geven.
g
g
Op het informatieraster ziet u een aantal basisgegevens verschijnen.
1) Maintenance
- Hiermee is de functie Maintenance Control mo
2) Auto Lamp Control
- Regelt automatisch de achtergrondverlichting van de geselecteerde display op een specifieke tijd.
De Manual Lamp Control (handmatige lampbediening) wordt automatisch uitgeschakeld als u overschakelt naar de
Auto Lamp Control (automatische lampbediening).
3) Manual Lamp Control
- Hiermee kunt u de achtergrondverlicht van de geselecteerde display regelen, ongeacht het tijdstip.
De functie Auto Lamp Control wordt automatisch uit
De functie Maintenance Control is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
elijk voor alle ingangsbronnen.
eschakeld als u de functie Manual Lamp Control regelt.
Maintenance
Scroll
1. Klik op het pictogram "Maintenance" in de kolom Main Icon om het scherm Maintenance weer te geven.
Page 73
1) Scroll
g
- Met deze functie kunt u ingebrande beelden verwijderen die voorkomen wanneer een stilstaand beeld lange tijd
op het geselecteerde scherm wordt weergegeven.
2) Pixe l Shift
- Hiermee kan het scherm precies worden verplaatst op de opgegeven tijdsinterval.
3) Safety Screen
- De functie Safety Screen (Veiligheidsscherm) wordt gebruikt om ingebrande beelden te voorkomen bij het
langdurig weergeven van een stilstaande afbeelding. Interval (interval) wordt gebruikt om de herhalingscyclus
in uren in te stellen. Time (tijd) wordt gebruikt om het tijdstip in te stellen wanneer de functie Safety Screen
(veiligheidsscherm) moet worden uitgevoerd.
U kunt Type (type) instellen als Scroll (verschuiven), Pixel (pixel), Bar (balk), Eraser (wisser), All White (alles
wit) of Pattern (patroon).
4) Safety Screen2
- Deze functie word gebruikt om ingebrande beelden te voorkomen. Er zijn vijf (5) types die u met deze functie kunt
selecteren en beheren.
By het type Scroll (verschuiven) kunt u Time (tijd) instellen als 1, 2, 3, 4 of 5. De tijd kan bij Bar (balk)
en Eraser (wisser) worden in
(patroon) kan de tijd worden ingesteld als 20 of 30.
Indgangskilden for MagicInfo fungerer kun på MagicInfo-modellen.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
De functie Maintenance Control is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
esteld als 10, 20, 30, 40 of 50. Bij de types All White (alles wit) en Pattern
Maintenance
Page 74
Video Wall
g
g
1. Klik op het pictogram "Maintenance" in de kolom Main Icon om het scherm Maintenance weer te geven.
1) Video Wall
- Een videomuur is een aantal videoschermen die met elkaar zijn verbonden, zodat op ieder scherm een gedeelte
van het geheel wordt weergegeven of zodat op ieder scherm het beeld wordt herhaald.
2) Video Wall (Screen divider)
- De videomuur kan op verschillende manieren worden ingedeeld.
U kunt gebruikmaken van verschillende schermen en deze op verschillende manieren indelen.
z Selecteer een modus in Screen divider (Schermindeling).
z Selecteer in Display Selection (Weergaveselectie) een weergave.
z U kunt de plaats selecteren door in de geselecteerde modus op een nummer te drukken.
z Het MDC-programma dat Samsung levert ondersteunt maximaal 5x5 LCD-schermen.
3) On / Off
- U kunt de plaats selecteren door in de
4)
Format
-De indelin
z Full
z Natural
kan worden geselecteerd om het scherm te splitsen.
eselecteerde modus op een nummer te drukken.
Page 75
U mag deze functie niet gebruiken in MagicInfo.
Indgangskilden for TV fungerer kun på TV-modellen.
De functie Maintenance Control is alleen beschikbaar voor beeldschermen die AANSTAAN.
Problemen oplossen
1. Het beeldscherm dat u wilt bedienen, verschijnt niet in het overzicht
- Controleer de verbinding van RS232C. (Controleer of deze goed aangesloten is op de Com1 poort)
- Controleer of andere aangesloten schermen dezelfde ID hebben. Als meer beeldschermen dezelfde ID hebben,
worden deze schermen niet goed waargenomen door het programma. De oorzaak hiervan is een gegevensconflict.
- Controleer of de ID van het beeldscherm tussen een waarde van 0 en 25 ligt. (Instellen via het beeldschermmenu)
Opmerking: Het ID van het beeldscherm moet een waarde hebben tussen de 0 en de 25.
Als deze waarde buiten dit bereik ligt, kan het MDC-systeem het beeldscherm niet bedienen.
2. Het beeldscherm dat u wilt bedienen, verschijnt niet in de andere bedieningsoverzichten.
- Controleer of het scherm AANSTAAT. (Dit kunt u controleren in het overzicht van Power Control)
- Controleer of u de ingangsbron van het beeldscherm kunt veranderen.
3. Het dialoogvenster verschijnt regelmatig.
- Controleer of het beeldscher m dat u wilt bedienen geselecteerd is.
4. Zowel de On Timer als Off Timer is ingesteld, maar er wordt een andere tijd aangegeven.
- Gebruik de huidige tijd om de klok van het beeldscherm te synchroniseren.
5. Het kan zijn dat de afstandsbediening niet goed functioneert, door het uitschakelen van de
afstandsbedieningsfunctie. Haal de RS-232C kabel eruit of sluit het programma af. Start het programma opnieuw op
en schakel de afstandsbedieningsfunctie opnieuw in om de normale functies herstellen.
<Opmerking> Het kan zijn dat dit programma niet werkt door communicatieproblemen of door interferentie van
elektronische apparaten die in de buurt staan.
Settings Value Display (Instellingen waardescherm) in de Multiple
Display (multi-schermmodus)
Page 76
Als u meer dan vier beeldschermen heeft aangesloten, worden waarden van de instellingen als volgt weergegeven.
1. Geen selectie: Geeft de standaard fabrieksinstellingen weer.
2. Eén beeldscherm geselecteerd: geeft de instellingen van de waarde aan van het geselecteerde beeldscherm.
3. Een beeldscherm is geselecteerd (ID1) en een andere beeldscherm (ID3) : Het programma gaf eerst de instellingen
van de waarde van ID1 weer en de waarde van ID3.
4. Alle apparaten selecteren via de optie Alles selecteren: alle waarden zullen worden ingesteld op de standaard
fabrieksinstellingen.
Page 77
Het LCD-scherm aanpassen
Input
Beschikbare modi
•
PC / DVI
•
AV
•
Component
•
HDMI
•
MagicInfo
Source List
MENU → ENTER → → ENTER →
PIP
→ , → ENTER
Hiermee kunt u PC, DVI of een andere externe ingangsbron die op het LCD-scherm is aangesloten, selecteren. Gebruiken voor het selecteren van het scherm van uw keuze.
1.PC
2.DVI
3.AV
4.Component
5.HDMI
6.MagicInfo
Opmerking
Beschikbare modi PIP ON
Als een extern AV-apparaat op het LCD-scherm is aangesloten, zoals een videorecorder of
DVD, maakt de functie PIP het mogelijk het beeld van deze apparaten te bekijken in een klein
venster dat bovenop het videosignaal van de PC wordt weergegeven. (Off/On)
MENU → ENTER →
→→ ENTER →
54
Page 78
PIP
Het LCD-scherm aanpassen
Opmerking
•
Als u , , kiest in Size, worden Position enTransparency niet geactiveerd.
MENU → ENTER → → → ENTER → → ENTER →
→ , → ENTER
Het PIP-scherm instellen op Off/On.
Source
•Off
•On
MENU → ENTER →
→ , → ENTER
Selecteert de ingangsbron voor de PIP-functie.
•PC: DVI / AV / HDMI
•DVI / AV : PC
•Component : PC
→→ENTER →→→ENTER →
Swap
•HDMI : PC
MENU → ENTER → → →ENTER → → → →ENTER →
55
Page 79
Size
Het LCD-scherm aanpassen
Hiermee wordt de inhoud van de PIP-afbeelding en de hoofdafbeelding gewisseld.
De afbeelding in het PIP-venster verschijnt nu in het hoofdvenster, en de hoofdvensterafbeelding verschijnt nu in het PIP-venster.
Position
MENU → ENTER →
→ , → ENTER
Wijzigt de grootte van het PIP-scherm.
MENU → ENTER →
→→ENTER →→→→→ ENTER →
→→ENTER →→→→→→ ENTER →
→ , → ENTER
Wijzigt de positie van het PIP-scherm.
Transparency
MENU → ENTER →
→→ ENTER →→→→→→→ ENTER →
56
Page 80
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Past de transparantie van het PIP-scherm aan.
•High
•Medium
•Low
•Opaque
•De functie PIP schakelt uit als het LCD-scherm naar een externe bron wordt overgezet.
•PC en DVI worden uitgeschakeld als de kabel wordt losgekoppeld.
Edit Name
MENU → ENTER → → ENTER → → →
→ , → ENTER
Geef het invoerapparaat dat op de ingangsaansluitingen is aangesloten een naam voor een
eenvoudige selectie van de ingangsbron.
VCR / DVD / Cable STB / HD STB / Satellite STB / AV Receiver / DVD Receiver / Game /
Camcorder / DVD Combo / DHR / PC / DVI Device
Opmerking
Opmerking
•De weergegeven apparaten variëren, afhankelijk van de externe invoermodus.
•Stel bij aansluiting van een PC op de HDMI- of DVI-ingang de optie Edit Name in op
PC. Stel in andere gevallen Edit Name in op AV. Aangezien echter 640x480, 720P
(1280x720) en 1080p (1920x1080) veelvoorkomende signalen voor AV en PC zijn, is het
verstandig om te controleren of de optie Edit Name met het invoersignaal overeenstemt.
•Het menu Picture kan verschillen, afhankelijk van het invoersignaal en van de optie Edit
Name.
57
Page 81
Het LCD-scherm aanpassen
Picture [modus PC/DVI/MagicInfo]
Beschikbare modi
•
PC / DVI
•
AV
•
Component
•
HDMI
•
MagicInfo
MagicBright
MENU → → ENTER → → ENTER →
→ , → ENTER
MagicBright is een functie voor een optimale kijkomgeving, afhankelijk van het materiaal dat
u bekijkt. Op dit moment zijn er vier verschillende modi beschikbaar: Entertain, Internet,
Text en Custom. Elke modus heeft zijn eigen vooraf ingestelde helderheidswaarde.
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
1.Entertain
Hoge helderheid
Voor het bekijken van bewegende beelden, bijvoorbeeld op een dvd-speler of videorecorder.
2.Internet
Gemiddelde helderheid
Voor combinaties van tekst en afbeeldingen.
3.Text
Normale helderheid
Voor documenten en werk met veel tekst.
4.Custom
De waarden zijn met zorg gekozen door onze technici, maar afhankelijk van uw voorkeuren is het mogelijk dat u de vooringestelde waarden niet prettig voor uw ogen vindt.
Pas in dat geval de helderheid en het contrast aan via het schermmenu.
58
Page 82
Custom
Contrast
Het LCD-scherm aanpassen
U kunt in de schermmenu's uw persoonlijke voorkeuren instellen voor het contrast en de
helderheid.
MENU → → ENTER → → → ENTER →
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
Opmerking
Als u het beeld instelt met de functie Custom, wordt de modus MagicBright gewijzigd in de
modus Custom.
MENU →
→ , → ENTER
Hiermee wordt het contrast aangepast.
Brightness
MENU →
→ , → ENTER
Hiermee wordt de helderheid aangepast.
Sharpness
MENU →
→ ENTER →→→ ENTER →→ ENTER→
→ ENTER →→→ ENTER →→→ ENTER →
→ ENTER →→→ ENTER →→→→ ENTER →
→ , → ENTER
Hiermee wordt de scherpte aangepast.
Color Tone
MENU → → ENTER → → → →ENTER →
59
Page 83
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
U kunt de kleurtinten aanpassen.
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
1.Off
2.Cool
3.Normal
4.Warm
5.Custom
Opmerking
Als u de Color Tone instelt op Cool, Normal, Warm of Custom, wordt de functie Color
Temp uitgeschakeld.
Als u de Color Tone instelt op Off, wordt de functie Color Control uitgeschakeld.
Color Control
Hiermee wordt de kleurbalans voor de kleuren rood, groen en blauw aangepast.
MENU → → ENTER → → → → → ENTER →
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
Opmerking
Als u het beeld aanpast met de functie Color Control, wordt de modus Color Tone gewisseld
naar de modus Custom.
Red
MENU → → ENTER → →→ → → ENTER → → ENTER →
→ , → ENTER
Green
MENU → → ENTER →→→→ → ENTER →→→ ENTER
→
Blue
→ , → ENTER
MENU → → ENTER → →→ → → ENTER → → → →
ENTER →
60
Page 84
→ , → ENTER
Color Temp.
MENU → → ENTER → → → → → → ENTER →
→ , → ENTER
Color Temp is een maatstaf voor de 'warmte' van de beeldkleuren.
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
Deze functie wordt alleen ingeschakeld als Color Tone is ingesteld op Off.
Image Lock
Image Lock (Beeldvergrendeling) om het beeld fijn af te stemmen en het beste beeld te
verkrijgen door het verwijderen van ruis dat onstabiele beelden met trillingen en flikkeringen
veroorzaakt. Als er geen bevredigende resultaten worden bereikt met de optie Fine (Fijn),
kunt u eerst de optie Coarse (Grof) gebruiken en vervolgens opnieuw de optie Fine.
Het LCD-scherm aanpassen
Opmerking
Coarse
Fine
(Alleen beschikbaar in de modus PC)
MENU → → ENTER → → → → → → → ENTER →
MENU → → ENTER →→→→→ → → ENTER →→
ENTER →
→ , → ENTER
Hiermee worden storende elementen zoals verticale strepen verwijderd. Grof bijstellen kan
het weergavegebied van het scherm verplaatsen. U kunt het weer in het midden plaatsen
met gebruik van het horizontale controlemenu.
MENU → → ENTER →→→→ → →→ ENTER →→→ ENTER →
Position
→ , → ENTER
Hiermee worden storende elementen zoals horizontale strepen verwijderd. Als er nog steeds
ruis is, zelfs na de fijnafstelling, probeert het nogmaals, maar dan nadat u de frequentie
(kloksnelheid) aangepast hebt.
MENU →
→ ENTER →
→ ENTER → →→ → → → → ENTER → → →
61
Page 85
→ , , , → ENTER
Hiermee kunt u de plaats van het scherm horizontaal en verticaal aanpassen.
Auto Adjustment
MENU → → ENTER →→→→→→ → → ENTER →
Het LCD-scherm aanpassen
De waarden voor Fine, Coarse en Position worden automatisch aangepast. Wanneer de
resolutie wordt gewijzigd via het configuratiescherm, wordt de automatische functie uitgevoerd.
(Alleen beschikbaar in de modus PC)
Signal Balance
Hiermee kunt u een zwak RGB-signaal dat wordt verzonden via een lange signaalkabel
compenseren.
MENU → → ENTER →→→→→→ → → → ENTER →
(Alleen beschikbaar in de modus PC)
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
Signal Balance
MENU →
→ ENTER → → → → → → → → → ENTER →
→ ENTER →
→ , → ENTER
U kunt On of Off selecteren met de signaalbesturing.
62
Page 86
Signal Control
MENU → → ENTER →→→→→→ → → → ENTER →
1.R-Gain
2.G-Gain
Het LCD-scherm aanpassen
→ ENTER →→
MENU → → ENTER →→→→→ → →→ → ENTER →
→ ENTER → → → ENTER →
→ , → ENTER
MENU → → ENTER →→→→→ → →→ → ENTER →
→ ENTER →→→→ ENTER→
→ , → ENTER
3.B-Gain
MENU → → ENTER →→→→→ → →→ → ENTER →
→ ENTER → → → → → ENTER→
→ , → ENTER
4.R-Offset
MENU → → ENTER →→→→→ → →→ → ENTER →
→ ENTER → → → → → → ENTER→
→ , → ENTER
5.G-Offset
MENU →
→ ENTER → → → → → → → → → ENTER →
→ ENTER → → → → → → → ENTER→
→ , → ENTER
6.B-Offset
MENU → → ENTER →→→→→ → →→ → ENTER →
→ ENTER → → → → → → → → ENTER →
63
Page 87
Size
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
MENU → → ENTER → → → → → → → → → → ENTER →
→ , → ENTER
De Size kan worden geschakeld.
1.16:9
2.4:3
HDMI Black Level
MENU → → ENTER →→→→→ → → → ENTER →
→ , → ENTER
Wanneer u kijkt vanaf een dvd-speler of settopbox die verbonden is via HDMI,DVI, kan de
beeldkwaliteit verslechteren (zwartniveau, minder contrast, lichtere kleuren, etc.), afhankelijk
van het aangesloten externe apparaat.
1.Normal
2.Low
•Bij timing die kan worden gebruikt voor zowel pc als DTV in de modus DVI, HDMI, wordt
PIP Picture
MENU → → ENTER →→→→→ → →→→→ → ENTER →
Opmerking
HDMI Black Level geactiveerd.
64
Page 88
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Stelt de instellingen van het PIP-scherm bij.
Opmerking
•Beschikbare modi PIP ON
1.Contrast
MENU → → ENTER → → → → → → → → → → → ENTER →
→ ENTER→
→ , → ENTER
Past het contrast van het PIP-venster op uw scherm aan.
2.Brightness
MENU →
→ , → ENTER
Past de helderheid van het PIP-venster op uw scherm aan.
3.Sharpness
MENU →
→ , → ENTER
Past de kleur van het PIP-venster op uw scherm aan.
4.Color
MENU →
→ ENTER →→→→→ → →→→→→ ENTER →
→→ ENTER →
→ ENTER →→→→→ → →→→→→ ENTER →
→→→ ENTER →
→ ENTER →→→→→ → →→→→→ ENTER →
→→→→ ENTER →
→ , → ENTER
Past de kleur van het PIP-venster op uw scherm aan.
Opmerking
Alleen beschikbaar wanneer de PIP-invoer is geselecteerd in de modus AV, HDMI,
Component.
5.Tint
MENU →
→ ENTER →→→→→ → →→→→→ ENTER →
→→→→→ ENTER →
65
Page 89
→ , → ENTER
Voegt een natuurlijke tint toe aan het PIP-venster.
Opmerking
Alleen beschikbaar wanneer de PIP-invoer is geselecteerd in de modus AV, HDMI,
Component. Werkt alleen als het videosignaal NTSC is.
Dynamic Contrast
MENU → → ENTER → → → → → → → → → → → → ENTER →
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Met Dynamic Contrast wordt de spreiding van het visuele signaal automatisch gedetecteerd
en aangepast om een optimale contrastinstelling te verkrijgen.
1.Off
2.On
Lamp Control
MENU → → ENTER → →→→ → → → → → → → → → ENTER
→
→ , → ENTER
Hiermee wordt het achtergrondlicht aangepast om energie te besparen.
Opmerking
Deze functie werkt niet wanneer Dynamic Contrast is ingesteld op On in de modus PC,
DVI, AV, HDMI, Component, MagicInfo.
Brightness Sensor
MENU → → ENTER →→→→→ → →→→→→→→ →
ENTER →
66
Page 90
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Met Brightness Sensor wordt het ingevoerde videosignaal automatisch gedetecteerd en
aangepast voor optimale helderheid.
1.Off
2.On
Picture [modus AV / HDMI / Component]
Beschikbare modi
•
PC / DVI
•
AV
•
Component
•
HDMI
•
MagicInfo
Mode
MENU → → ENTER → → ENTER →
→ , → ENTER
Het LCD-scherm beschikt over vier automatische beeldinstellingen ('Dynamic', 'Standard',
'Movie' en 'Custom') die zijn vooringesteld.
Dynamic, Standard, Movie of Custom kunnen worden geactiveerd.
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
1.Dynamic
2.Standard
Custom
3.Movie
4.Custom
U kunt in de schermmenu's uw persoonlijke voorkeuren instellen voor het contrast en de
helderheid.
MENU → → ENTER → → → ENTER →
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
67
Page 91
Contrast
MENU → → ENTER → → → ENTER → → ENTER→
→ , → ENTER
Hiermee wordt het contrast aangepast.
Brightness
MENU → → ENTER →→→ ENTER →→→ ENTER →
→ , → ENTER
Hiermee wordt de helderheid aangepast.
Het LCD-scherm aanpassen
Sharpness
MENU → → ENTER →→→ ENTER →→→→ ENTER →
→ , → ENTER
De scherpte van het beeld aanpassen.
Color
MENU → → ENTER → → → ENTER → → → → → ENTER →
→ , → ENTER
De kleur van het beeld aanpassen.
Tint
MENU → → ENTER → → → ENTER → →→→ → → ENTER
→
→ , → ENTER
Voegt een natuurlijke tint toe aan het PIP-scherm.
Color Tone
MENU → → ENTER → → → → ENTER →
68
Page 92
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
U kunt de kleurtinten aanpassen. De afzonderlijke kleurcomponenten kunnen eveneens door
de gebruiker worden aangepast.
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
1.Off
2.Cool2
3.Cool1
4.Normal
5.Warm1
6.Warm2
Als u de Color Tone instelt op Cool2, Cool1, Normal, Warm1 of Warm2, wordt de functie
Color Temp uitgeschakeld.
Color Temp.
MENU → → ENTER → → → → → ENTER →
→ , → ENTER
Color Temp is een maatstaf voor de 'warmte' van de beeldkleuren.
Niet beschikbaar als Dynamic Contrast is ingesteld op On.
Deze functie wordt alleen ingeschakeld als Color Tone is ingesteld op Off.
Opmerking
Opmerking
Size
MENU → → ENTER → → → → → → ENTER →
69
Page 93
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
De Size kan worden geschakeld.
1.16:9 - Stelt het beeld in op de beeldverhouding 16:9.
2.Zoom 1: Hiermee vergroot u het beeld op het scherm.
3.Zoom 2: Hiermee vergroot u het formaat van het beeld verder dan "Zoom 1”.
4.4 : 3 - Hiermee stelt u het beeld in op de normale 4:3-modus.
5.Screen Fit: Geeft de ingevoerde beelden weer zonder deze bij te snijden, bij invoer van
een HDMI 720p, 1080i of 1080p signaal.
Opmerking
•Bepaalde externe apparaten voeren mogelijk een signaal naar het scherm dat buiten de
specificaties walt, waardoor een gedeelte van het beeld wegvalt. ze;fs wanneer de functie
Screen Fit wordt gebruikt.
•Zoom 1, Zoom 2 zijn niet beschikbaar in de modus HDMI.
•De functies Position en Reset zijn beschikbaar wanneer Zoom1 of Zoom2 wordt gedraaid,
Digital NR (Digital Noise Reduction)
MENU → → ENTER → → → → → → → ENTER →
→ , → ENTER
Schakelt de functie voor digitale ruisonderdrukking Off/On. Met de functie voor digitale ruisonderdrukking kunt u altijd genieten van heldere en scherpe beelden.
1.Off
2.On
Opmerking
De functie Digital NR is niet beschikbaar in elke resolutie.
HDMI Black Level
MENU → → ENTER →→→→→ → → → ENTER →
70
Page 94
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Wanneer een dvd-speler of set-top box op uw tv is aangesloten via HDMI, kan dit de beeldkwaliteit verslechteren. Afhankelijk van het externe apparaat kan het zwartniveau worden
vergroot, het contrast verlaagd, de kleuren vervagen enz. Pas in dit geval de beeldkwaliteit
van uw tv aan door het HDMI black level te configureren.
1.Normal
2.Low
Opmerking
Bij timing die kan worden gebruikt voor zowel pc als DTV in de modus DVI, HDMI, wordt
HDMI Black Level geactiveerd.
Film Mode
MENU → → ENTER →→→→→→→→→ ENTER →
→ , → ENTER
De functie Film Mode biedt u een kijkbeleving van theaterkwaliteit.
In de modus HDMI is deze functie beschikbaar wanneer het invoersignaal interlaced scan is.
Wanneer het invoersignaal progressieve scan is, is deze functie niet beschikbaar.
1.Off
2.On
PIP Picture
MENU → → ENTER →→→→→→→→→→ ENTER →
→ , → ENTER
Stelt de instellingen van het PIP-scherm bij.
71
Page 95
Het LCD-scherm aanpassen
Opmerking
•Beschikbare modi PIP ON
1.Contrast
MENU → → ENTER → → → → → → → → → → ENTER →
→ ENTER→
→ , → ENTER
Past het contrast van het PIP-venster op uw scherm aan.
2.Brightness
MENU →
→ , → ENTER
Past de helderheid van het PIP-venster op uw scherm aan.
3.Sharpness
MENU →
→ , → ENTER
Past de kleur van het PIP-venster op uw scherm aan.
4.Color
MENU →
→ ENTER → → → → → → → → → → ENTER →
→ → ENTER→
→ ENTER → → → → → → → → → → ENTER →
→ → → ENTER→
→ ENTER → → → → → → → → → → ENTER →
→ → → → ENTER→
→ , → ENTER
Past de kleur van het PIP-venster op uw scherm aan.
Opmerking
Alleen beschikbaar wanneer de PIP-invoer is geselecteerd in de modus AV, HDMI,
Component.
5.Tint
MENU →
→ ENTER → → → → → → → → → → ENTER →
→ → → → → ENTER→
72
Page 96
→ , → ENTER
Voegt een natuurlijke tint toe aan het PIP-venster.
Opmerking
Alleen beschikbaar wanneer de PIP-invoer is geselecteerd in de modus AV, HDMI,
Component. Werkt alleen als het videosignaal NTSC is.
Dynamic Contrast
MENU → → ENTER →→→→→→ → → →→ → ENTER →
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Met Dynamic Contrast wordt de spreiding van het visuele signaal automatisch gedetecteerd
en aangepast om een optimale contrastinstelling te verkrijgen.
1.Off
2.On
Lamp Control
MENU → → ENTER → →→→ → → → → → →→ → ENTER
→
→ , → ENTER
Hiermee wordt het achtergrondlicht aangepast om energie te besparen.
Opmerking
Deze functie werkt niet wanneer Dynamic Contrast is ingesteld op On in de modus PC,
DVI, AV, HDMI, Component, MagicInfo.
Brightness Sensor
MENU → → ENTER →→→→→ → → → → → →→→ ENTER
→
→ , → ENTER
73
Page 97
Sound
Het LCD-scherm aanpassen
Met Brightness Sensor wordt het ingevoerde videosignaal automatisch gedetecteerd en
aangepast voor optimale helderheid.
1.Off
2.On
Beschikbare modi
•
PC / DVI
•
AV
•
Component
•
HDMI
•
MagicInfo
Mode
MENU → → → ENTER → → ENTER →
→ , → ENTER
Het LCD-scherm is voorzien van een ingebouwde hifi-stereoluidspreker.
1.Standard
Selecteert Standard voor de standaard fabrieksinstellingen.
2.Music
Selecteert Music als u muziekvideo’s of concerten weergeeft.
3.Movie
Selecteert Movie als u films bekijkt.
4.Speech
Selecteert Speech als u een programma bekijkt waarin voornamelijk wordt gesproken
(bijvoorbeeld het nieuws).
5.Custom
Selecteert Custom als u de instellingen wilt aanpassen volgens uw persoonlijke voorkeuren.
74
Page 98
Custom
Bass
Het LCD-scherm aanpassen
U kunt de geluidsinstellingen aanpassen aan uw persoonlijke voorkeuren.
MENU → → → ENTER → → → ENTER →
Opmerking
•U kunt het geluid zelfs horen als de geluidswaarde is ingesteld op 0.
•Als u het geluid aanpast met de functie Custom, wordt de modus Mode gewijzigd in de
modus Custom.
MENU → → → ENTER → → → ENTER → →ENTER→
→ , → ENTER
Hiermee worden tonen met een lage frequentie benadrukt.
Treble
MENU → → → ENTER →→ → ENTER → →→ ENTER →
→ , → ENTER
Hiermee worden tonen met een hoge frequentie benadrukt.
Balance
MENU →
→ , → ENTER
Hiermee kunt u de balans tussen de linker- en rechterluidsprekers instellen.
Auto Volume
MENU → → → ENTER → → → → ENTER →
→ → ENTER → → → ENTER → → → → ENTER →
→ , → ENTER
75
Page 99
Hiermee worden de volumeverschillen tussen uitzendingen verminderd.
1.Off
2.On
SRS TS XT
MENU → → → ENTER → → → → → ENTER →
→
SRS TS XT is een gepatenteerde SRS-technologie die er voor zorgt dat het afspelen van
5,1-inhoud van meerdere kanalen via twee speakers verloopt. TruSurround XT biedt een
fascinerend virtueel surroundgeluid via een weergavesysteem met twee luidsprekers, waaronder ook ingebouwde televisieluidsprekers. Het is volledig compatibel met alle vormen van
multichannel.
Het LCD-scherm aanpassen
, → ENTER
1.Off
2.On
Sound Select
MENU → → → ENTER → → → → → → ENTER →
→ , → ENTER
Selecteert Main of Sub wanneer PIP op On staat.
Opmerking
Beschikbare modi PIP ON
1.Main
2.Sub
Speaker Select
MENU → →→ ENTER →→→ →→→→ ENTER →
76
Page 100
Het LCD-scherm aanpassen
→ , → ENTER
Wanneer u het product gebruikt terwijl het op een thuisbioscoop is aangesloten, schakelt u
de interne luidsprekers uit zodat u het geluid uit de (externe) luidsprekers van de thuisbioscoop kunt horen.
1.Internal
Geluid wordt uitgevoerd via zowel de interne luidspreker (Internal) als de externe luidspreker (External), maar de volumeregeling is alleen beschikbaar vanaf de interne
luidspreker (Internal).
2.External
Setup
Beschikbare modi
•
•
•
•
•
Language
MENU → → → → ENTER → → ENTER →
Als alleen geluid wordt uitgevoerd via de externe luidsprekers (External), is de volumeregeling ook alleen beschikbaar via de externe luidsprekers (External).
PC / DVI
AV
Component
HDMI
MagicInfo
→ , → ENTER
U kunt kiezen tussen 13 talen.
77
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.