te integreren inbouwkoelkast
met PerfectFresh-zone
K 850 i
K 850 i-1
Lees absoluut uw gebruiksaanwijzing voor
u het toestel installeert en in gebruik neemt.
Zo zorgt u voor uw eigen veiligheid
en vermijdt u schade aan uw toestel.
a Temperatuurdisplay koelzone
b Toetsen om de temperatuur in de
koelzone in te stellen
(boven: warmer; onder: kouder)
e Lichtcontactschakelaar
f Boter- en kaasvak
g Diepvriesvak
h Eierrekje
i Legplaten
j Binnenverlichting
k Bakken voor fruit en groente die
gevoelig zijn aan koude
l Flessenhouder
m Flessenrek
n Gootje en afvoeropening voor het
dooiwater
c Toets voor Super koelen met
controlelampje
d Toets aan/uit
o Droog vak van de PerfectFresh-zone
p Schuifknop om de luchtvochtigheid
in het vochtig vak in te stellen
q Vochtig vak van de PerfectFresh-zo
ne
4
-
Uw bijdrage tot bescherming van ons milieu
Recycleerbare verpakking
De verpakking behoedt het toestel voor
transportschade. Er werd materiaal ge
kozen dat door het milieu wordt verdra
gen en opnieuw kan worden benut.
Door de verpakking weer in kringloop
te brengen, wordt er grondstof ge
spaard en verkleint de afvalberg. Geef
deze stoffen dus niet met het gewone
vuilnis mee. Breng ze liever naar het
dichtstbijzijnde gemeentelijk container
park. Waar u dat vindt, komt u zeker bij
uw gemeentebestuur aan de weet.
-
Berging van uw oud toestel
Bij de aankoop van uw nieuw toestel
heeft u een bijdrage betaald. Die wordt
volledig gebruikt voor de toekomstige
recyclage van dat toestel. Dat bevat
trouwens nog waardevol materiaal.
Door te recycleren wordt er dan ook
minder verspild en vervuild.
Als u vragen heeft omtrent het af
danken van uw oud toestel, neem dan
contact op met
-
de handelaar bij wie u het kocht
–
of
– de firma Recupel,
telefoon 02 706 86 10,
website: www.recupel.be
of
– uw gemeentebestuur als u uw toestel
naar een containerpark brengt.
Zorg ervoor dat de buisleidingen van
de compressor geen schade oplopen
voordat het toestel terdege wordt
geborgen. Zo vermijdt u dat er koelmid
del uit het koelcircuit of olie uit de com
pressor in het milieu terechtkomt.
-
-
-
Zorg er ook voor dat het toestel kinder
veilig wordt bewaard voor u het laat
wegbrengen.
Hou bij het afdanken van uw oud toe
stel ook rekening met de gelijknamige
rubriek in de "Opmerkingen omtrent uw
veiligheid".
-
-
5
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
Technische veiligheid
Dit toestel voldoet aan de voorge
schreven veiligheidsvoorschriften.
Bij ondeskundig gebruik kan de ge
bruiker gevaar lopen en het toestel
beschadigd worden.
Lees aandachtig uw gebruiksaanwij
zing voor u het toestel in gebruik
neemt. U vindt er belangrijke opmer
kingen omtrent het inbouwen, de
veiligheid, het gebruik en het onder
houd van het toestel. Zo beschermt
u zichzelf en vermijdt u schade aan
het apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing
zorgvuldig. Geef ze door aan wie
het toestel achteraf gebruikt.
Het toestel juist gebruiken
Gebruik dit toestel uitsluitend in het
huishouden. Het dient enerzijds om
levensmiddelen te koelen en te bewaren, anderszijds om diepvrieswaar te
bewaren, verse levensmiddelen in te
vriezen en consumptie-ijs te bereiden.
Alle andere toepassingen zijn ongeoor
loofd en misschien ook wel gevaarlijk.
De fabrikant kan niet aansprakelijk zijn
voor schade die werd veroorzaakt door
dat het toestel niet correct gebruikt of
verkeerd bediend werd.
-
-
-
-
-
-
-
Dit toestel bevat het koelmiddel
isobutaan R600a. Dat is een na
tuurlijk gas dat heel weinig milieubelas
tend is. Het is evenwel brandbaar. Het
brengt echter geen schade toe aan de
ozonlaag. Het vergroot evenmin het
broeikaseffect. Door dit milieuvriendelijk
koelmiddel toe te passen maakt het
toestel wel iets meer lawaai. Naast het
geluid dat de compressor maakt, kan
er in heel het koelcircuit lawaai optre
den. Deze gevolgen zijn jammer ge
noeg niet te vermijden. Ze beïnvloeden
echter niet het vermogen van het toestel.
Bij het transport en opstellen van het
toestel dient u ervoor te zorgen dat er
geen onderdelen van het koelmiddelcircuit worden beschadigd. Wegspattend
koelmiddel kan oogletsels veroorzaken!
Is er toch schade opgetreden,
- vermijd dan open vuur of vonken,
- trek de stekker uit het stopcontact,
- laat het vertrek waar het toestel staat,
enkele minuten doorluchten en
- verwittig de Technische Dienst.
Hoe meer koelmiddel het toestel
bevat, hoe groter het vertrek moet
zijn, waar het opgesteld wordt. Treedt
er eventueel een lek op, dan kan er in
te kleine vertrekken een brandbaar
gas-luchtmengsel worden gevormd.
Per 8 g koelmiddel dient het vertrek
minstens 1 m
koelmiddel het toestel bevat, vindt u op
het typeplaatje aan de binnenzijde.
3
ruim te zijn. Hoeveel
-
-
-
-
6
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
Vergelijk voor het aansluiten van
het toestel beslist de aansluitgege
vens op het typeplaatje met de gege
vens van uw huisinstallatie. Het gaat
hier over de spanning en de frequentie.
Deze gegevens moeten absoluut over
eenstemmen om schade aan uw toestel
te vermijden. Vraag bij twijfel inlich
tingen aan uw installateur.
De elektrische veiligheid van dit
toestel wordt enkel gewaarborgd
indien het op een aardsysteem is aan
gesloten, dat volgens de voorschriften
werd geïnstalleerd. Het is heel belang
rijk dat deze fundamentele veiligheidsvoorziening voorhanden is. Laat uw installatie bij twijfel door een vakman
nakijken.
De fabrikant kan niet aansprakelijk zijn
voor schade die werd veroorzaakt doordat de aardleiding onderbroken was of
gewoon ontbrak. Er zijn dan ook elektrische schokken mogelijk.
Het toestel kan enkel veilig werken
indien u het volgens de gebruiks
aanwijzing monteert en aansluit.
Indien u dit toestel niet op een vas
te plaats inbouwt en monteert, bv.
op een schip, laat dit karwei dan enkel
uitvoeren door vakmensen. Die moeten
ervoor zorgen dat u het toestel veilig
kan gebruiken.
Installatiewerk en herstellingen
mag u enkel door erkende vak
mensen laten uitvoeren. Door ondes
kundige installaties of reparaties kun
nen er niet te onderschatten risico’s op
duiken voor wie het toestel gebruikt.
Daarvoor is de fabrikant niet aanspra
kelijk.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Het toestel is pas stroomloos in
-
dien aan een van de volgende
voorwaarden is voldaan:
u hebt de stekker van het toestel uit
–
het stopcontact getrokken.
Trek niet aan het snoer, wel aan de
stekker om het toestel stroomloos te
maken.
u hebt de smeltveiligheden van de
–
huisinstallatie uitgeschakeld.
Gebruik om het toestel op het
stroomnet aan te sluiten, geen ver
lengsnoeren. Die waarborgen niet de
nodige veiligheid. Er is risico van oververhitting.
Gebruik
Raak de diepvrieswaar niet met
natte handen aan. Uw handen kunnen eraan vastvriezen. U kan kwetsuren
oplopen!
Gebruik geen elektrische appara-
ten in het toestel (bijvoorbeeld een
ijsmachine).
Er kunnen vonken optreden.
-
Explosiegevaar !
Steek ijsblokjes en frisco’s, vooral
ijslolly’s, nooit meteen in de mond
nadat u die uit de vrieszone hebt geno
men. Door de zeer lage temperatuur
kunnen uw lippen of uw tong vastvrie
zen. U kan letsels oplopen!
Vries gedeeltelijk of volledig ont
dooide levensmiddelen niet terug
in. Verbruik die zo vlug mogelijk.
De levensmiddelen boeten immers aan
voedingswaarde in en bederven. Zo u
ze kookt of braadt, kan u die levens
middelen opnieuw invriezen.
-
-
-
-
-
-
7
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
Bewaar in uw toestel geen explo
sieve stoffen. Zodra de thermostaat
wordt ingeschakeld, kunnen er dan
vonken ontstaan. Die kunnen bepaalde
vonkgevoelige mengelingen doen ont
ploffen.
Alcohol met hoog gehalte mag u
enkel goed afgesloten en rechtop
in de koelzone bewaren. Er is anders
explosiegevaar!
Bewaar in de vrieszone beter geen
blikjes of flessen met koolzuurhou
dende drank of met vloeistof die kan
bevriezen. De blikjes of flessen kunnen
stukspringen. U kan letsels oplopen en
er is risico op schade!
Neem flessen die u in de vrieszone
legt om snel te koelen, uiterlijk na
een uur weer uit. De flessen kunnen
stukspringen. Er is risico van lichamelijk
letsel en schade!
Zo u te lang bewaarde levensmid-
delen eet, loopt u het risico van
voedselvergiftiging.
De bewaarduur hangt van heel wat fac
toren af. Onder meer van de mate
waarin de levensmiddelen vers en de
gelijk zijn, maar ook van de bewaartem
peratuur. Hou de bewaartips en de op
gegeven bewaarduur van de voedsel
fabrikanten in acht!
Gebruik geen spitse noch scherpe
voorwerpen om
–
rijm- en ijslagen te verwijderen,
–
aangevroren ijsblokjesschalen en
diepvrieswaar los te maken.
-
-
-
-
Zet nooit elektrische verwarmings
apparaten noch kaarsen in het toe
stel om het te ontdooien. Anders loopt
de kunststof schade op.
Gebruik nooit ontdooisprays of
ijsverwijderende middelen. Die
kunnen explosieve gassen vormen, die
oplosmiddel of drijfgas bevatten of uw
gezondheid kunnen schaden.
Behandel de deurdichting niet met
olie of vet. Anders wordt die op de
duur poreus.
Dek de luchttoevoer in de sokkel
en de luchtafvoer in de ommante-
lingskast niet af. Anders is er geen onberispelijke luchttoevoer meer gewaarborgd. Het stroomverbruik stijgt en er
kan schade optreden aan bepaalde onderdelen.
Dit toestel is geschikt voor een bepaalde klimaatklasse of categorie
van omgevingstemperatuur. Die temperatuur dient binnen zekere grenzen te
blijven. De klimaatklasse vindt u terug
-
op het typeplaatje binnen in het toestel.
Door te lage kamertemperaturen blijft
de compressor te lang stilstaan. Daar
-
door kan het toestel de noodzakelijke
-
temperatuur niet bieden.
Gebruik om uw toestel te ontdooien
en schoon te maken in geen geval
een hogedrukreiniger. De vloeistof kan
onderdelen aanraken, die onder span
ning staan. Zo kan er kortsluiting optre
den.
-
-
-
-
-
Zo beschadigt u de vriesplaten en raakt
het toestel volledig defect.
8
Opmerkingen omtrent uw veiligheid
Uw oud toestel afdanken
Verniel het slot van uw oude koel
kast of diepvriezer wanneer u die
buiten gebruik stelt. Zo vermijdt u dat
spelende kinderen zich in het toestel
opsluiten en in levensgevaar komen.
Maak oude toestellen onbruikbaar.
Trek de stekker uit het stopcontact
en knip het aansluitsnoer door.
Zorg dat u geen onderdelen van
het koelcircuit beschadigt, b.v.
door:
de koelmiddelkanaaltjes van de ver
–
damper open te steken,
– de buisleidingen af te knikken of
– oppervlakbekledingen af te krabben.
Wegspuitend koelmiddel kan oogletsels
tot gevolg hebben.
De fabrikant is niet aansprakelijk
voor schade die werd veroorzaakt
doordat de veiligheidsbepalingen en
waarschuwingen niet in acht werden
genomen.
-
-
9
Hoe spaart u stroom?
normaal stroomverbruikhoger stroomverbruik
Opstellenin een geventileerd vertrekin een gesloten, niet geventileerd
niet rechtstreeks door de zon
beschenen
niet naast een warmtebron (radia
tor, fornuis)
bij een ideale omgevingstempera
tuur van ca. 20 °C
Temperatuurinstelling
thermostaat met getallen
(regeling in stappen)
Temperatuurinstelling
thermostaat "tot op de
graad nauwkeurig"
(digitale aanduiding)
Gebruikdoe de toesteldeur enkel even
Ontdooienlaat het vriesvak ontdooien als de
bij een gemiddelde stand van de
knop van 2 tot 3.
keldervak van 8 tot 12 °C
koelvak van 4 tot 5 °C
PerfectFresh-zone om en bij de 0
°C
vriesvak -18 °C
open als dat nodig is
de levensmiddelen goed sorteren
voor u ze in het toestel plaatst
warme spijs en drank eerst buiten
het toestel laten afkoelen
zet de levensmiddelen degelijk
verpakt of goed afgedekt in het
toestel
leg diepvrieswaar om te ontdooien
in de koelruimte
leg of zet niet te veel levensmid
delen in de zones of vakken; zo
kan de lucht circuleren
ijslaag een paar centimeter dik is
geworden
vertrek
wel rechtstreeks door de zon
beschenen
wel naast een warmtebron (radia
tor, fornuis)
bij een hoge omgevingstempera
tuur
bij een hoge stand van de knop:
hoe lager de temperatuur in het
toestel, hoe hoger het stroomver
bruik!
Let op! Bij toestellen met winter
schakeling zet u de schakelaar bij
omgevingstemperaturen hoger
dan 16 °C uit!
als u de toesteldeur vaak en lang
openzet = koudeverlies
wanorde = lang zoeken zodat de
toesteldeur lang open blijft
warme spijzen in het toestel doen
de compressor langer draaien om
de temperatuur te doen zakken
als vloeistof in de koelruimte ver
dampt en condenseert, veroor
zaakt dat koudeverlies
-
door een ijslaag wordt de koude
slechter aan de levensmiddelen
afgegeven en stijgt het stroomver
bruik
-
-
-
-
-
-
-
10
Het toestel in- en uitschakelen
Voor het eerste gebruik
Maak de binnenruimte en het toebe
^
horen schoon. Gebruik daar lauw wa
ter voor en wrijf daarna alles met een
doek droog.
Laat het toestel na het transport
zowat een (half) uur staan voor u het
aansluit. Dat is van groot belang
voor de goede werking achteraf!
-
Het toestel inschakelen
^ Druk op de toets aan/uit.
In het temperatuurdisplay wordt een
streep verlicht. Het toestel begint te
koelen en het licht in de koelruimte gaat
aan telkens als u de toesteldeur opent.
Bij langdurige afwezigheid
Zo u het toestel lange tijd niet gebruikt:
schakel het toestel uit,
^
trek de stekker uit het stopcontact,
^
laat het diepvriesvak ontdooien,
^
maak het toestel schoon,
^
laat de toesteldeuren op een kier om
^
reukhinder tegen te gaan.
Werd het toestel bij langdurige afwe
zigheid uitgeschakeld, maar niet
schoongemaakt? In zo’n geval is er
risico op schimmelvorming zo de
toesteldeur gesloten blijft.
-
Het toestel uitschakelen
^
Druk op de toets aan/uit.
Het temperatuurdisplay en de koeling
worden uitgeschakeld.
11
De juiste temperatuur
Voor het bewaren van levensmiddelen
is het van groot belang de juiste tempe
ratuur in te stellen. Door micro-organis
men bederft eetwaar namelijk gauw.
Door een juiste bewaartemperatuur kan
dat proces evenwel worden vermeden
of vertraagd. De temperatuur heeft in
vloed op de snelheid waarmee de mi
cro-organismen aangroeien. Hoe lager
de temperatuur, hoe trager dat proces.
De temperatuur in het toestel loopt op
naarmate
u de toesteldeur vaker opent en
–
langer laat openstaan,
– u meer eetwaar in het toestel be-
waart,
– de vers geplaatste eetwaar warm is,
– de omgevingstemperatuur rond het
toestel hoger ligt.
Dit toestel is geschikt voor een be-
paalde klimaatklasse of categorie
van omgevingstemperatuur. Die tem-
peratuur dient binnen zekere gren-
zen te blijven.
-
-
. . . in koel- en
PerfectFresh-zone
In de koelzone bevelen wij een
koeltemperatuur aan van 5 °C.
In de PerfectFresh-zone wordt de tem
peratuur automatisch geregeld. Die ligt
rond de 0 °C.
-
. . . in het diepvriesvak
Om verse levensmiddelen in te vriezen
en eetwaar lange tijd te bewaren, is er
een temperatuur van -18 °C nodig. Bij
deze temperatuur wordt de aangroei
van micro-organismen verregaand
stopgezet. Zodra de temperatuur bo
ven de -10 °C stijgt, wordt de diepvries
waar door de micro-organismen aange
tast en kan die niet meer zo lang wor
den bewaard. Daarom mag u gedeelte
lijk of volledig ontdooide spijzen pas
weer invriezen nadat u ze gekookt of
gebraden hebt. Door de hoge tempera
tuur worden de meeste micro-organis
men immers vernietigd.
De temperatuur in de koelzone
instellen
De temperatuur in de koelzone stelt u in
met beide toetsen rechts naast het temperatuurdisplay.
Drukt u op de
bovenste toets: de temperatuur stijgt,
onderste toets: de temperatuur daalt.
Tijdens het instellen wordt de tempera
tuur knipperend aangeduid.
De volgende veranderingen kan u in
het temperatuurdisplay opmerken ter
wijl u op de toetsen drukt:
–
Drukt u een keer: de laatst gekozentemperatuur wordt knipperend aan
geduid.
–
Elke keer dat u daarna drukt: de tem
peratuur verandert in stappen van
1 °C.
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
12
Houdt u de toets ingedrukt: de tem
–
peratuur verandert voortdurend.
Ongeveer 5 seconden nadat u de
laatste keer op de toets drukte, toont
het display automatisch de echte tem
peratuur die op dit ogenblik in de koel
zone heerst.
Indien u de temperatuur anders instelt,
controleer het display dan na ca. 6 uur
bij een weinig gevuld toestel en na
ca. 24 uur bij een vol toestel.
Pas dan is de echte temperatuur in het
toestel bereikt. Ligt de temperatuur na
deze tijd nog te laag of te hoog, stel
hem dan opnieuw in.
Mogelijke temperatuurregelingen
– In de koelzone: van 4 tot 9 °C.
– In het diepvriesvak wordt de tempe-
ratuur automatisch op zowat -18 °C
gehouden.
De juiste temperatuur
-
-
-
Druk tegelijk op beide toetsen rechts
^
naast het temperatuurdisplay. Hou
die ingedrukt en
druk ook nog op de toets aan/uit.
^
In het temperatuurdisplay verschijnt
een "
b
" afgewisseld met een getal. Dat
getal kan u instellen van 0 tot 9. In de
fabriek werd voor 5 gekozen. Stelt u
van 1 tot 4 in, dan worden eventueel
temperatuur onder het vriespunt bereikt. Dan kan de eetwaar lichtjes bevriezen!
De temperatuur in de
PerfectFresh-zone instellen
In de PerfectFresh-zone wordt de tem
peratuur automatisch op ca. 0 °C ge
houden. Wenst u die warmer of kouder,
omdat u bv. vis wil bewaren, dan kan u
de temperatuur wijzigen.
^
Schakel het toestel uit door op de
toets aan/uit te drukken.
Het temperatuurdisplay gaat uit en de
koeling wordt uitgeschakeld.
-
Met beide toetsen rechts naast het temperatuurdisplay kan u nu de temperatuur wijzigen.
-
Drukt u op de
bovenste toets:de temperatuur stijgt,
onderste toets:de temperatuur daalt.
^
Zodra u het toestel uitschakelt door
op de toets aan/uit te drukken, wordt
de nieuwe temperatuur overgeno
men.
Blijft het toestel ca. 2 minuten in de
instelstand zonder dat u op een toet
s drukt, dan wordt het uitgescha
keld.
-
-
-
13
De juiste temperatuur
Temperatuurdisplay
Op het display wordt bij normale wer
king de temperatuur in het midden van
de koelzone aangeduid.
Ligt de temperatuur in het toestel niet
binnen de waarden die kunnen worden
aangeduid - dat gaat van 0 tot 9 °C -,
dan wordt in het display enkel een
streepje verlicht.
Het temperatuurdisplay knippert als u
een andere temperatuur instelt.
-
14
Super koelen
Met deze functie wordt de koelzone
heel gauw tot de koudste stand ge
koeld. Deze waarde hangt af van de
kamertemperatuur.
Super koelen inschakelen
Dit is vooral aan te bevelen wanneer u
heel wat verse levensmiddelen of drank
snel wenst te koelen.
^ Druk op de toets SUPER zodat het
controlelampje SUPER aangaat.
De temperatuur in het toestel daalt daar
het toestel met zijn grootste koelvermogen werkt.
-
Super koelen uitschakelen
De functie Super koelen wordt automa
tisch uitgeschakeld na ca. 6 uur wer
king. Het controlelampje gaat uit. Het
toestel koelt nu weer met zijn normale
vermogen.
Om stroom te sparen, kan u deze func
tie ook zelf uitzetten zodra de eetwaar
of drank koel genoeg is.
Druk op de toets SUPER zodat het
^
controlelampje SUPER uitgaat.
Het toestel koelt nu weer met zijn nor
male vermogen.
-
-
-
-
15
De koelruimte goed benutten
Verschillende koudezones
Wegens de natuurlijke luchtcirculatie
komen er in de koelruimte verschillende
temperaturen aan bod. Koude, zware
lucht zakt naar onder in het toestel. Be
nut deze temperatuurverschillen bij het
schikken van levensmiddelen!
De warmste zone in de koelruimte
De warmste zone vindt u helemaal bo
ven aan de deur. Gebruik deze zone
om boter te bewaren, die smeerbaar
moet blijven. U kan daar ook kaas leg
gen zodat het aroma wordt bewaard.
De koudste zone in de koelruimte
De koudste zone in de koelruimte bevindt zich direct boven de groentebakken. In dit toestel ligt de koudste zone
echter in de vakjes van de PerfectFresh-zone.
Benut de koudste zones in de koelzone
en in de PerfectFresh-zone voor al uw
delicate en gauw aan bederf onderhe
vige levensmiddelen. Enkele voor
beelden:
–
vis, vlees en gevogelte,
–
worst en kant-en-klaargerechten,
–
eier- of roomgerechten en dito ge
bak,
–
vers deeg, taart-, pizza- en quiche
deeg,
–
kaas en andere producten van rauwe
melk,
-
-
-
-
-
-
-
in folie verpakte kant-en-klare groen
–
ten en alle verse levensmiddelen
waarvan de minimumbewaarduur
een bewaartemperatuur van min
stens 4 °C vergt.
Bewaar in uw toestel geen explosie
ve stoffen noch producten met
brandbaar drijfgas (bv. spraybus
sen). Explosiegevaar!
Alcohol met hoog gehalte mag u en
kel goed afgesloten en rechtop in
het toestel bewaren.
Bewaar tafelolie liever niet in de
deur van de koelkast. Eventueel gemorste olie kan op de duur scheurtjes veroorzaken in de kunststof.
Laat de eetwaar de rugwand van het
toestel niet raken. Anders kan die eraan vriezen.
-
-
-
-
De PerfectFresh-zone
gebruiken
Bij een temperatuur van 0 tot 3 °C in
combinatie met een hoge luchtvochtig
heid kan verse eetwaar heel goed wor
den bewaard. U kan de levensmid
delen hier merkelijk langer bewaren
zonder dat ze aan versheid inboeten.
De belangrijkste voorwaarde voor een
lange bewaarduur is dat de eetwaar
vers is als u ze in het toestel plaatst. Let
daar ook op tijdens de aanschaf.
-
-
-
-
16
De koelruimte goed benutten
In de PerfectFresh-zone wordt de tem
peratuur automatisch rond de 0 °C ge
houden.
De PerfectFresh-zone is in 2 vakken
verdeeld:
Het droge vak heeft een relatieve
–
luchtvochtigheid van ca. 45 %.
Het vochtige vak heeft een schuif
–
knop waarmee u traploos een relatie
ve luchtvochtigheid tussen 45 % en
90 % kan instellen.
Hou er rekening mee dat de luchtvoch
tigheid afhangt van het vochtgehalte
van de bewaarde eetwaar en van het
aantal keren dat u dat vak opent.
Vak met een lage relatieve
luchtvochtigheid ,
^ Schuif de knop van het vochtige vak
helemaal naar links ,.
Er wordt een relatieve luchtvochtigheid ingesteld van ca. 45 %.
Dit vak is vooral geschikt om er heel
delicate eetwaar als verse vis, schaal
dieren, gevogelte, worst, zuivel en fijne
slaatjes in te bewaren.
Bewaar deze levensmiddelen enkel
afgedekt of verpakt.
-
Vak met een hoge relatieve
-
-
luchtvochtigheid -
Schuif de knop van het vochtige vak
^
helemaal naar rechts -.
Er wordt een relatieve luchtvochtig
heid ingesteld van ca. 90 %.
Dit vak is geschikt om er plukverse eet
waar als groente, sla, kruiden, padde
stoelen, kool en inheems fruit in te be
waren.
Deze levensmiddelen plaatst u on
verpakt in het vak.
-
Levensmiddelen die niet
geschikt zijn om te koelen
Niet alle levensmiddelen zijn geschikt
om in de koelkast te worden bewaard.
Dat is onder meer het geval voor:
Bewaar de levensmiddelen enkel ver
pakt en goed gesloten. Daarmee ver
mijdt u dat ze geur van de eetwaar er
naast opnemen, dat ze uitdrogen en
eventueel aanwezige bacteriën over
dragen. Als u de temperatuur juist in
stelt en hygiënisch te werk gaat, wordt
de toename van bacteriën, als bv. sal
monella, vertraagd.
Groente en fruit
Groente en fruit kan u onverpakt in de
groentebakken bewaren. Denk erom
dat sommige groentesoorten een natuurlijk gas afgeven, dat verouderingsprocessen versnelt. Sommige fruit- en
groentesoorten reageren op dit natuurlijk gas heel gevoelig. Daarom mag u
niet om het even welke fruit- en groentesoort samen in dezelfde bak bewaren.
Voorbeelden voor fruit dat veel na
tuurlijk gas afgeeft:
appels, aprikozen, peren, nectarines,
perziken, pruimen, avocado’s en vijgen.
Voorbeelden van groente en fruit dat
erg gevoelig reageert op natuurlijk
gas afkomstig van andere groente en
fruit:
Onverpakte dierlijke en plantaardige
levensmiddelen
Deze eetwaar dient u te scheiden. Zo u
ze toch samen plaatst, kan u ze het
best verpakken. Zo vermijdt u dat er mi
crobiologische veranderingen optre
den.
Eiwitrijke levensmiddelen
Hou er rekening mee dat eiwitrijkere
eetwaar vlugger aan bederf onderhevig
is. Dat betekent dat schaaldieren en
kreeftachtigen sneller bederven dan vis
en dat vis sneller bederft dan vlees.
Vlees
Bewaar vlees onverpakt in het vak met
een lage luchtvochtigheid. Maak folies
en recipiënten open. Dat het vleesoppervlak wat uitdroogt, remt de kiemvorming af, wat dus de houdbaarheid bevordert. Verschillende vleessoorten mogen elkaar niet rechtstreeks raken. Die
dient u door een verpakking van elkaar
te scheiden. Zo vermijdt u dat het door
kiemoverdracht te vroeg bederft.
Neem de levensmiddelen ca. 30 à
60 minuten voor u ze consumeert uit
de PerfectFresh-zone. Aroma en
smaak komen immers pas tot hun
recht op kamertemperatuur.
-
-
18
Orde in de binnenruimte
De legplaten verplaatsen
De legplaten kan u volgens de hoogte
van de recipiënten verplaatsen.
Trek de plaat tot aan de aanslag naar
^
voren en til ze vooraan op om ze uit
te nemen.
Zet de legplaat er met de achterste
^
opstaande rand naar boven toe op
de gewenste plaats weer in.
Die opstaande rand dient naar boven
te wijzen opdat de eetwaar de rug
wand niet aanraakt noch eraan vast
vriest.
-
Legplaat in 2 delen
(naar gelang van het model)
Om hoge recipiënten te plaatsen, is er
een legplaat in 2 delen. Daarvan kan u
het voorste deel uitnemen. Zo kan u op
de legplaat eronder hogere recipiënten
plaatsen.
^ Hef de voorste helft lichtjes op en
schuif die voorzichtig onder de ach
terste helft.
Deur- en flessenrekken
verplaatsen
Schuif de deur- of flessenrekken naar
^
boven en neem ze naar voren toe uit.
Zet de rekken om het even waar te
^
rug. Druk ze juist en stevig op de
nokken.
De flessenhouder verschuiven
(volgens het model)
De flessenhouder kan u naar links of
rechts verschuiven. Daardoor hebben
de flessen bij het openen en sluiten van
de toesteldeur meer houvast.
De laden van de
PerfectFresh-zone
^ Om de lade uit te nemen, trekt u ze
volledig uit, tilt u ze achteraan wat
omhoog en trekt u ze naar boven uit.
-
-
^
Om de lade weer in te zetten, plaatst
u ze op de volledig uitgeschoven
rails a. De rails dienen vooraan ge
lijk te komen met de voorzijde van
de lade b! Schuif de lade naar bin
nen c.
-
-
19
Diepvries bewaren en levensmiddelen invriezen
Het vriesvak gebruiken
Gebruik het vriesvak om
diepvrieswaar te bewaren,
–
ijsblokjes en roomijs te maken en
–
kleine hoeveelheden levensmiddelen
–
in te vriezen.
Diepvrieswaar bewaren
Zo u kant-en-klare diepvrieswaar in het
toestel legt, controleer dan reeds bij de
aanschaf
– of de verpakking niet beschadigd is,
– tot wanneer het product houdbaar is
– en hoe laag de koeltemperatuur in
de winkeltoog is. Ligt die hoger dan
-18 °C, dan is de diepvrieswaar niet
zo lang houdbaar.
^ Koop uw diepvrieswaar op het einde
van uw boodschappen. Bewaar hem
in krantenpapier of een koeltas.
^
Leg de gekochte diepvrieswaar met
een in het vriesvak.
Vries gedeeltelijk of volledig ont
dooide levensmiddelen niet terug in.
Zo u ze kookt of braadt, kan u die le
vensmiddelen opnieuw invriezen.
-
Zelf levensmiddelen invriezen
Gebruik enkel verse en onberispelijke
levensmiddelen om in te vriezen!
Hou hiermee rekening bij het
invriezen:
Zijn geschikt om in te vriezen:
–
vers vlees, gevogelte, wild, vis,
groente, kruiden, rauw fruit, zuivel,
gebak, spijsresten, eigeel, eiwit en
heel wat kant- en klaargerechten.
Niet geschikt om in te vriezen:
–
druiven, kropsla, radijsjes, ramme
nas, zure room, mayonaise, eieren in
hun schaal, uien, ongeschilde rauwe
appelen en peren.
– Om kleur, smaak, aroma en vitami-
nen C te bewaren, dient u fruit en
groente voor het invriezen te blancheren. Doe de groente per portie 2
à 3 minuten in kokend water. Daarna
uitnemen en vlug in koud water afkoelen. Laat de groente uitdruppen.
-
–
Mager vlees is beter geschikt om in
te vriezen dan vet. Het kan trouwens
veel langer worden bewaard.
–
Leg tussen koteletten, biefstuk,
-
vleeslapjes e.d. telkens plastic folie.
Zo vermijdt u dat porties aaneenvrie
zen.
-
-
20
–
Rauwe levensmiddelen en geblan
cheerde groente mag u voor het in
vriezen niet kruiden of zouten. Klaar
gemaakte spijzen kruidt of zout u
maar lichtjes. Sommige kruiden ver
anderen immers van smaakintensiteit
bij het invriezen.
-
-
-
-
Diepvries bewaren en levensmiddelen invriezen
Laat warme spijs en drank eerst bui
–
ten het toestel afkoelen. Anders
wordt reeds ingevroren eetwaar even
ontdooid. Dit leidt bovendien tot een
hoger stroomverbruik.
Verpakken
Vries de levensmiddelen per portie
^
in.
Geschikte verpakking
- kunststoffolie
- zakjes van polyethyleen
- aluminiumfolie
- diepvriesdozen
Ongeschikte verpakking
- inpakpapier
- perkamentpapier
- cellofaan
- vuilniszakken
- gebruikte boodschapzakjes
^ Druk de lucht uit de verpakking.
^ Sluit de verpakking af met
- elastiekjes,
- kunststofklemmen,
- touwtjes of
- koudebestendige plakband.
Polyethyleen zakjes kan u ook met
een lastoestel dichtmaken.
^
Plak op de verpakking een etiket met
inhoud en invriesdatum erop.
Diepvrieswaar schikken
Leg de levensmiddelen op hun brede
^
zijde op de bodem van het vriesvak,
opdat ze zo vlug mogelijk tot in de
kern bevroren geraken.
Leg de pakjes er droog in. Anders
^
vriezen ze aan elkaar.
Levensmiddelen die u er pas inlegt,
mogen niet in aanraking komen met
reeds ingevroren eetwaar. Anders
gaat die lichtjes ontdooien.
Diepvries ontdooien
Diepvries kan u ontdooien
– in uw microgolfoven,
– in uw oven met de verwarmingssoort
‘Hete lucht’ of ‘Ontdooien’,
– op kamertemperatuur,
– in uw koelkast.
Platte stukken vlees en vis kan u in
een hete pan doen zodra ze lichtjes
ontdooid zijn.
Fruit kan u op kamertemperatuur zowel
in de verpakking als in een schotel met
deksel ontdooien.
Ingevroren groente kan u in kokend
water doen of in heet vet stoven. De
kooktijd valt dan wat korter uit dan bij
verse groente.
Vries gedeeltelijk of volledig ont
dooide levensmiddelen niet terug in.
Zo u ze kookt of braadt, kan dat wel.
-
21
Diepvries bewaren en levensmiddelen invriezen
IJsblokjes maken
(voor type toestellen met sluiting)
Druk de sluitbout naar onder en vul
^
de ijsblokjesschaal met water. Het
overtollige water loopt via de afvoero
pening over.
Druk de sluitbout nu naar boven om
^
het schaaltje af te sluiten. Zet het
schaaltje op de bodem van de vrieszone.
^ Gebruik om de vastgevroren ijs-
schaal los te maken een stomp voorwerp, b.v. een lepelsteel.
^ De ijsblokjes komen vlotter los uit de
schaal als u die even onder stromend
water houdt.
Drank snel koelen
Schakel de functie Super koelen in om
drank snel te koelen. Leg de drank in
de koelruimte.
Als u flessen in het diepvriesvak legt,
haal die er dan uiterlijk na 1 uur weer
uit. Anders springen ze stuk!
-
22
Ontdooien
Koel- en PerfectFresh-zone
Terwijl de compressor draait, kunnen er
zich tegen de rugwand van deze zones
rijm en waterdruppels vormen. Die
hoeft u niet te verwijderen. De koel- en
PerfectFresh-zone ontdooien immers
automatisch.
Het dooiwater loopt via een geultje en
een afvoerbuisje naar de verdamper
aan de achterzijde van het toestel.
Zorg ervoor dat het dooiwater altijd
ongehinderd kan wegvloeien. Hou
het afvoergeultje en -buisje proper.
Vriesvak
Het vriesvak ontdooit niet automatisch.
De ingevroren levensmiddelen mogen
immers niet ontdooien.
Door het normale gebruik ontstaat er op
de duur rijm en ijs in het vriesvak. Daar
door verslecht de koude-afgifte en ver
hoogt het stroomverbruik.
Krab de rijm- of ijslaag niet weg. U
kan anders de verdamper bescha
digen. Dan werkt uw toestel niet
meer.
Ontdooi het toestel zo nu en dan. Zo er
reeds een ca. 5 mm dikke ijslaag werd
gevormd, dient u dat zeker te doen.
Kies een tijdstip waarop er weinig of
geen diepvrieswaar in het toestel ligt.
Voor u het toestel ontdooit
^ Neem de diepvrieswaar uit en wikkel
die in verschillende lagen krantenpapier of dekens.
-
-
-
^
Bewaar de diepvrieswaar op een
koele plaats tot het toestel weer klaar
is voor gebruik.
23
Ontdooien
Om te ontdooien
Ga bij het ontdooien vlug te werk.
Hoe langer de diepvrieswaar op ka
mertemperatuur blijft liggen, hoe
korter de bewaarduur ervan wordt.
Zet het toestel uit, trek de stekker uit
^
het stopcontact of schakel de smelt
stoppen uit.
Laat de deur van het vriesvak open.
^
Neem het dooiwater met een spons
^
af.
Om het ontdooien te versnellen: zet een
kommetje heet (geen kokend) water op
een onderzetter in het vriesvak. Laat de
deur dicht om de warmte binnen te
houden.
Zet nooit elektrische verwarmingsapparaten noch kaarsen in het toestel. Anders wordt de kunststof beschadigd.
-
-
Na het ontdooien
Maak het toestel schoon en droog. Er
^
mag geen water van de schoonmaak
in het afvoerbuisje voor het dooiwater
terechtkomen.
Sluit de toesteldeur en schakel het
^
toestel in.
Leg de diepvrieswaar weer in het
^
vriesvak.
Gebruik geen ontdooisprays noch
ijsverwijderende middelen. Die kun
nen explosieve gassen vormen,
maar ook oplosmiddel of drijfgas be
vatten, dat de kunststof aantast of
schadelijk is voor de gezondheid.
24
-
-
Gebruik nooit reinigingsmiddel met
zand, schurend middel, soda of
zuur, noch chemisch oplosmiddel.
Ongeschikt zijn ook zogenaamde
"schuurmiddelvrije" schuurmiddelen.
Die doen matte plekken opduiken.
Let erop dat er geen water terecht
komt in de elektronische bediening
noch in de verlichting.
Door het afvoergaatje voor het dooi
water mag u geen sop laten lopen.
-
Schoonmaken
Binnenruimte, toebehoren
Maak de koel- en PerfectFresh-zone
^
minstens eens per maand schoon,
het vriesvak elke keer na het ontdooi
en.
Was alle onderdelen met de hand af,
^
niet in de vaatwasser. Het botervloot
je kan u wel in de afwasautomaat zet
ten.
Maak het geultje voor het dooiwater
^
-
alsook het afvoerbuisje vaker schoon
met een staafje. Zo kan het dooiwater
steeds ongehinderd weglopen.
-
-
-
Gebruik nooit hogedrukreinigers. De
vloeistof kan toestelonderdelen aanraken, die onder spanning staan. Er
kan dan kortsluiting optreden.
Het typeplaatje binnen in het toestel
mag u niet verwijderen. Bij een
eventuele storing heeft de Technische Dienst dat nodig!
Voor het schoonmaken
^
Zet het toestel uit, trek de stekker uit
het stopcontact of schakel de smelt
stoppen uit.
^
Neem de eetwaar uit het toestel en
bewaar die op een koele plaats.
^
Laat het vriesvak ontdooien.
^
Neem alle onderdelen die u kan uit
nemen, uit om ze schoon te maken.
^ Spoel de binnenruimte en het toebe-
horen daarna met helder water af.
Wrijf alles met een doek droog. Laat
de toesteldeur even openstaan.
Luchttoevoer- en
luchtafvoeropeningen
^ Maak die openingen geregeld met
een kwast of stofzuiger schoon. Hoe
meer stof erop ligt, hoe meer stroom
het toestel verbruikt.
-
Deurdichting
Behandel de deurdichting nooit met
olie of vet. Die wordt anders na ver
loop van tijd poreus.
^
-
Maak de deurdichting geregeld met
helder water schoon. Wrijf ze nadien
met een doek goed droog.
-
25
Schoonmaken
Na het schoonmaken
Plaats alle onderdelen en levensmid
^
delen weer in het toestel.
Sluit de toesteldeur.
^
Sluit het toestel weer aan en schakel
^
het in.
Zet het Super koelen voor enige tijd
^
aan. Zo wordt het toestel vlot koel.
-
26
Wat gedaan als ...?
Herstellingen aan elektrische toe
stellen mogen enkel en alleen door
een vakman worden uitgevoerd.
Door ondeskundige reparaties kun
nen er ernstige risico’s opduiken
voor wie het toestel gebruikt.
Volgende storingen kan u echter zelf
verhelpen:
Wat gedaan als . . .
. . . het toestel niet koelt?
^ Zie na of het toestel wel ingeschakeld
is. Het temperatuurdisplay moet verlicht zijn.
^ Zit de stekker van het toestel wel ste-
vig in het stopcontact?
^ Zijn de smeltstoppen van uw huisin-
stallatie niet uitgevallen? Zo dat het
geval is, doe dan een beroep op de
Technische Dienst van Miele.
-
-
. . . de compressor vaker en langer in
geschakeld wordt?
Zijn de ventilatie-openingen onder
^
aan in de sokkel en bovenaan in de
ommantelingskast niet geblokkeerd
of zitten ze niet onder het stof?
De toesteldeur en het deurtjes van
^
het diepvriesvak werden vaak geo
pend of er werd heel wat eetwaar in
het toestel gelegd.
Kunnen de toesteldeuren wel goed
^
dicht?
Vertoont het diepvriesvak geen te
^
dikke rijmlaag? Laat het vak dan ontdooien.
. . . er waterdruppels onder de glazen
platen opduiken als u bv. vochtige sla
in de groentebakken bewaart?
Dit is geen storing. De waterdruppels
ontstaan door de hoge luchtvochtigheid.
-
-
-
. . . de temperatuur in de koelzone te
koud is?
^
Stel een hogere temperatuur in.
^
Misschien is het Super koelen nog in
geschakeld.
^
Is het deurtje van het diepvriesvak
wel goed dicht?
^
Misschien hebt u een grote hoeveel
heid levensmiddelen ineens laten in
vriezen? Daar de compressor dan
zeer lang draait, zakt de temperatuur
in de koelruimte ook automatisch.
Laat dus liever niet meer dan 2 kg le
vensmiddelen ineens invriezen.
. . . het temperatuurdisplay knippert?
^
De temperatuur van de koelzone
werd anders ingesteld.
-
. . . er in het temperatuurdisplay een
melding van "F0" tot "F5" verschijnt?
Het gaat om een storing. Doe een be
roep op de Technische Dienst.
-
-
-
-
27
Wat gedaan als ...?
. . . de diepvrieswaar vastgevoren is?
Maak de diepvrieswaar met een
^
stomp voorwerp, bv. een lepelsteel,
los.
. . . het diepvriesvak een dikke ijslaag
vertoont?
Kan het deurtje van het vak wel goed
^
dicht?
Laat het vak ontdooien en maak het
^
schoon.
Door een dikke ijslaag verzwakt het
koelvermogen en stijgt het stroomver
bruik.
. . . de binnenverlichting in de koelzone niet meer werkt?
^ Bleef de deur van de koelzone lang
openstaan? Het lampje gaat na
zowat 15 minuten automatisch uit
zelfs als de deur openstaat.
Gaat de verlichting niet aan, dan is het
lampje defect:
-
Draai het lampje uit en vervang het.
^
Gegevens:
220 - 240 V, max. 25 W, fitting E 14.
Draai de nieuwe lamp in. Zorg ervoor
^
dat de dichting goed zit.
^ Haak het lampdeksel achteraan en
opzij weer in.
. . . de bodem van de koelzone of van
de PerfectFresh-zone nat is?
Het afvoergaatje voor het dooiwater is
verstopt.
^ Maak het afvoergeultje en -buisje
voor het dooiwater schoon.
^
Trek de stekker uit het stopcontact of
schakel de overeenkomstige smelt
stoppen uit.
^
Druk het lampdeksel samen zodat
het los raakt. Haak het achteraan uit.
28
-
Kan u de storing aan de hand van
deze aanwijzingen niet ongedaan
maken? Doe dan een beroep op de
Technische Dienst van Miele.
Maak de toesteldeuren bij voorkeur
niet open tot de storing werd verhol
pen. Zo beperkt u koudeverlies.
-
Waar bepaalde geluiden vandaan komen
Heel normale geluidenWaar komen ze vandaan?
Brrrrr...Gebrom komt van de motor (compressor). Dat kan even wat har
Blubb, blubb....Geborrel, geklots of gezoem komt van het koelmiddel dat door
Klik....U hoort een klik telkens als de thermostaat de motor in- of uit
Sssrrrrr....Bij toestellen met verschillende zones of bij No-Frostmodellen
Bedenk echter dat motor- en stromingsgeluiden in de koelingskringloop niet te
vermijden zijn!
der worden terwijl de motor ingeschakeld wordt.
de buisjes vloeit.
-
schakelt.
kan u een zacht geruis horen van de luchtstroming in de binnen
ruimte van het toestel.
-
-
Geluid waaraan u vlot kan
verhelpen
Geklepper, gerammel, gerinkelHet toestel staat niet waterpas: Stel het toestel waterpas.
Waar komt het vandaan en wat kan u ertegen
doen?
Schroef de voetjes in of uit het toestel of leg iets onder het toestel.
Het toestel raakt andere toestellen of meubels aan: Schuif het
toestel van de meubels of andere toestellen weg.
Laden, korven of legplaten trillen of knellen: Controleer de uit
neembare onderdelen en zet ze eventueel opnieuw op hun
plaats.
Flessen of recipiënten raken elkaar: Schuif de flessen of reci
piënten wat uit elkaar.
De snoerhouder hangt nog tegen de achterzijde van het toe
stel: Neem de snoerhouder weg.
-
-
-
29
Technische dienst
Neem in geval van storingen die u zelf
niet kan verhelpen, contact op met
uw Miele-handelaar
^
of
de Technische Dienst van Miele.
^
Het adres en de telefoonnummers van
onze Technische Dienst vindt u op de
rugzijde van deze gebruiksaanwijzing.
Wanneer u daar een beroep op doet,
geef dan a.u.b. altijd het type- en het
machinenummer van uw toestel op.
Deze gegevens vindt u op het type
plaatje binnen in het toestel.
-
30
Dit toestel wordt aansluitklaar geleverd,
is dus voorzien van snoer en stekker.
Het apparaat is geschikt om te worden
aangesloten op eenfasige stroom
220 - 240 V, 50 Hz. Dit toestel mag en
kel op een degelijk geaard stopcontact
worden aangesloten.
Om de veiligheid te verhogen, verdient
het aanbeveling een verliesstroomscha
kelaar met een uitschakelstroom van
30 mA voor het toestel te schakelen.
U dient smeltveiligheden van 10 A te
voorzien.
Plaats het stopcontact naast of vlakbij
het toestel. Dat dient vlot toegankelijk te
zijn.
Gebruik geen verlengsnoeren om het
toestel op het stroomnet aan te sluiten.
Die waarborgen niet de nodige veiligheid. Er is risico van oververhitting.
-
Elektrische aansluiting
-
Sluit uw toestel niet aan op stroomomzetters die bij apart werkende stroomvoorziening worden gebruikt, bv. bij
zonne-energie. Bij het inschakelen van
uw toestel kunnen er anders span
ningspieken optreden waardoor het
voor uw veiligheid wordt uitgeschakeld.
Daardoor kan de elektronische bestu
ring echter schade oplopen!
Gebruik uw toestel ook niet met zoge
heten stroomsparende stekkers.
Daardoor wordt de stroomtoevoer naar
het toestel immers beperkt zodat het
toestel te warm wordt.
Dient het aansluitsnoer te worden
vervangen, dan mag dat enkel worden
uitgevoerd door een erkend elektricien.
-
-
-
31
Opmerkingen omtrent de montage
Ventilatie
Zolang het toestel niet ingebouwd is,
kan het nog kantelen!
Plaats van opstelling
Kies geen plaats vlak naast een fornuis,
een radiator of bij een venster vlak in
de zon. Hoe hoger de kamertempera
tuur oploopt, hoe langer de compressor
draait en hoe meer stroom er wordt ver
bruikt. Geschikt is een droog, degelijk
geventileerd vertrek.
Klimaatklasse
Dit toestel is geschikt voor een bepaalde klimaatklasse of categorie van
omgevingstemperatuur. Die temperatuur dient binnen zekere grenzen te blijven. De klimaatklasse vindt u terug op
het typeplaatje binnen in het toestel.
KlimaatklasseKamertemperatuur
SN
N
ST
T
Lagere kamertemperaturen doen de
compressor langer stilstaan. Dat kan de
temperatuur in het toestel doen stijgen.
Zo kan diepvrieswaar zelfs eventueel
lichtjes gaan ontdooien.
+10 °C tot +32 °C
+16 °C tot +32 °C
+18 °C tot +38 °C
+18 °C tot +43 °C
Tegen de rugzijde van het toestel wordt
de lucht verwarmd. Daarom moet de in
bouwkast een degelijke luchttoevoer en
-afvoer mogelijk maken. Dan is een on
berispelijke ventilatie gewaarborgd. Bij
Miele-keukenmeubelen is dat reeds
voorzien.
Voor de luchtcirculatie dient u aan de
-
achterzijde van het toestel een kanaal
van minstens 50 mm diep te voorzien.
De lucht wordt via de sokkel van de
keukenkast toegevoerd. De doorsnede
van dat luchtcirculatiekanaal moet minstens 200 cm
lucht ongehinderd circuleren. Anders
gaat de compressor meer draaien, wat
het stroomverbruik opvoert.
Dek de luchttoevoer- en luchtafvoeropeningen niet af. Maak die ook geregeld stofvrij.
Voor u het toestel inbouwt
^
Verwijder eerst, de afdichtingsband
en het overige toebehoren uit het toe
stel en van de achterzijde.
^
Verwijder de snoerhouder van de
achterzijde van het toestel.
^
Zie na of alle onderdelen aan de ach
terzijde van het toestel vrij kunnen
bewegen. Buig ze eventueel voor
zichtig van mekaar weg.
2
groot zijn. Dan kan de
-
-
-
-
-
32
Opmerkingen omtrent de montage
Inbouw in een scheidingswand
In dit geval dient u de achterzijde van
de inbouwnis aan het toestel met een
paneel te bekleden.
Had het oude toestel andere
scharnieren?
Was uw oud toestel met andere schar
nieren uitgerust, dan kan u de meubel
deur toch nog steeds gebruiken:
Demonteer de oude scharnieren van
^
de ommantelingskast. Die hebt u niet
meer nodig.
De meubeldeur wordt nu immers op
de toesteldeur gemonteerd. Al de
vereiste onderdelen zijn bijgeleverd
of zijn in de Technische Dienst van
Miele verkrijgbaar.
^ Is de meubeldeur voorzien van gaten
voor potscharnieren, sluit die dan af
met de bijgeleverde zelfklevende folie. Deze gaten dienen nergens meer
toe.
-
-
33
Inbouwafmetingen
Toestelhoogte [mm]
a
K 850 i (-1)1393 mm1397 – 1413 mm
34
Nishoogte [mm]
b
De deurscharnieren verwisselen
Voor u uw toestel inbouwt, bepaalt u
langs waar de toesteldeuren moeten
opengaan. Moeten ze naar links open
gaan, verplaats dan het scharnier.
Toesteldeur
Zet de toesteldeur open.
^
-
^ Draai de schroeven a uit.
Klap de scharnieren niet dicht. U
kan zich daaraan kwetsen!
^ Verwissel de scharnieren diagonaal
van plaats b.
^
Trek de afdekplaatjes a met de hand
en b met een sleufschroevendraaier
uit.
^
Zet de bevestigingsschroeven c los.
^
Schuif de toesteldeur naar buiten toe
en til ze eruit d.
^
Draai de bevestigingsschroeven c
helemaal uit. Schroef ze losjes aan
de andere kant e.
^ Dicht de vrije gaatjes met de bijgele-
verde dopjes c.
Verwissel eerst de scharnieren van
het deurtje van het vriesvak. Ver
plaats ook de laden in de Perfect
Fresh-zone. Dat gaat vlotter als de
toesteldeur nog niet gemonteerd is.
-
-
35
De deurscharnieren verwisselen
De laden van de
PerfectFresh-zone
Trek de lade helemaal uit. Til ze ach
^
teraan wat op en til ze er naar boven
toe uit.
^ Trek het deksel van de lade naar vo-
ren uit a.
^ Schuif het deksel van de lade naar
de kant waar de deur achteraf opengaat b en duw het terug in de rails.
Let erop dat het deksel de lade ook
echt bedekt.
-
Vriesvakdeurtje
^ Schroef de scharniersteun a af.
Neem het vriesvakdeurtje b samen
met de scharniersteun af.
^ Plaats de scharniersteun op de bo-
venste stift c van het vriesvakdeurtje. Draai het deurtje zodat de scharniersteun zich onderaan bevindt.
^ Schuif het deksel in het toestel c tot
de tappen op hun plaats vallen.
^
Om de lade weer in te zetten, plaatst
u ze op de volledig uitgeschoven
rails a. De rails dienen vooraan ge
lijk te komen met de voorzijde van
de lade b! De lade valt nu op haar
plaats. Schuif de lade naar binnen
c.
36
^ Schroef de sluithaak d af.
^
Draai de sluithaak 180° en schroef
-
hem aan de andere kant e in.
^
Zet het vriesvakdeurtje met de bo
venste stift in de opening f. Schroef
de scharniersteun vast g.
^
Sluit de gaatjes met de dopjes h.
-
De deurscharnieren verwisselen
De toesteldeur monteren
^ Schuif de toesteldeur op de vooraf
gemonteerde schroeven a. Draai de
schroeven stevig aan.
^ Steek de afdekplaatjes b erop. U
hoort een klik.
37
Het inbouwen van het apparaat
Alle stappen bij de montage worden
gedemonstreerd met een apparaat
met een rechtsscharnierende deur.
Hebt u een apparaat met linksschar
nierende deur, houd daar dan bij de
montage rekening mee.
-
Het stellen van de inbouwkast
Stel de inbouwkast voordat u het appa
raat inbouwt heel precies met een wa
terpas. De hoeken van de kast moeten
allemaal 90° zijn, omdat de meubeldeur
anders niet precies tegen alle vier de
hoeken aanligt.
-
Voordat u het apparaat in
bouwt
^ Schuif het opvulpaneel a in de hou-
der en schroef het met borstbouten
b vast.
^ Alleen bij meubelwanden van
16 mm dik:
Verkort de afdichtingsband c tot
kasthoogte.
Plak de afdichtingsband aan die kant
-
van het apparaat waar de deur wordt
geopend.
Klik de afstandstukken d op de
scharnieren vast.
-
38
Het inbouwen van het apparaat
Het inbouwen van het apparaat
Schuif het apparaat in de inbouw
^
kast.
-
Druk het apparaat met de kant waar
^
de scharnieren zitten tegen de wand
van de inbouwkast.
Stel het apparaat via de stelvoeten
^
met de bijgevoegde gaffelsleutel f.
Schroef de kunststof haak c met de
^
schroeven d (M5 x 22) vast aan de
kant waar de deur wordt geopend.
Schuif het apparaat zo ver naar bin
^
nen dat de kunststof haak evenwijdig
loopt met de voorste rand van de bo
dem van de inbouwkast e.
-
-
Let er daarbij op dat de aansluitkabel
niet ergens tussen beklemd raakt.
–
Wanneer de wand 16 mm dik is,
schuif het apparaat dan zo ver naar
binnen totdat de afstandstukken te
gen de wand van de inbouwkast
aankomen a.
–
Wanneer de wand 19 mm dik is,
schuif het apparaat dan zo ver naar
binnen totdat de voorste rand van de
scharnieren evenwijdig lopen met de
zijwand van de inbouwkast b.
Het opvulpaneel mag niet tegen de
meubelrand aankomen en moet he
lemaal in de inbouwkast verdwijnen.
-
^
Verbind het apparaat boven en onder
met de inbouwkast en wel door het
volgende te doen.
–
Draai de lange spaanplaatschroeven
-
a (4 x 19 mm) losjes door de schar
nierlussen.
-
39
Het inbouwen van het apparaat
Draai twee lange spaanplaten
–
schroeven b (4 x 19 mm) losjes door
het midden van het sleufgat van de
kunststof haak en klap de kunststof
haak naar beneden.
Draai de schroeven c aan de bo
–
venkant door het opvulpaneel d.
Sluit de deur van het apparaat.
^
-
-
Het monteren van de meubel
deur
^
Stel de afstand tussen de deur van
het apparaat en de bevestigingstra
verse in op 8 mm a.
^
Schuif de montagehulpstukken d ter
hoogte van de meubeldeur. Daarbij
moet de onderkant van de haken X
van de montagehulpstukken zich op
gelijke hoogte bevinden als de bo
venrand - van de te monteren meu
beldeur.
-
^ Teken met een potlood een middellijn
op de binnenkant van de meubeldeur.
^ Hang de bevestigingstraverse met
de montagehulpstukken a op de
binnenkant van de meubeldeur. Stel
de bevestigingstraverse precies in
het midden.
^
Maak de bevestigingstraverse met
minstens 6 korte spaanplaatschroe
ven b (4 x 14 mm) vast. Gebruik bij
cassettedeuren slechts 4 schroeven
aan de rand.
-
^
Trek de montagehulpstukken naar
boven en trek ze eruit c.
^
Draai de montagehulpstukken en
steek ze helemaal in de middelste
gleuven van de bevestigingstraver
-
-
se d.
-
-
^
Schroef de moeren b eraf en haal de
bevestigingstraverse c er samen
met de montagehulpstukken af.
40
Het inbouwen van het apparaat
^ Hang de meubeldeur op de stel-
schroeven a.
^ Draai de moeren b losjes op de stel-
schroeven.
^ Sluit de deur en controleer de af-
stand van de deur tot de meubeldeuren daarnaast.
Draai de moeren a aan de deur van
^
het apparaat vast.
Houd daarbij de stelschroeven b
met een sleufschroevendraaier te
gen.
-
^ Stel de meubeldeur ten opzichte van
de meubeldeuren daarnaast.
Het stellen aan de zijkanten:
de juiste afstand X krijgt u door de
meubeldeur te verschuiven.
Het stellen in de hoogte:
de juiste afstand Y krijgt u door met
een sleufschroevendraaier aan de
stelschroeven a te draaien.
41
Het inbouwen van het apparaat
(Schroef bij een grote meubeldeur of
een meubeldeur die uit verschillende
delen bestaat een tweede paar bevesti
gingshaken a in het handvatgedeelte
van de deur. Gebruik daarvoor de voor
geboorde gaten van de deur van het
apparaat).
^ Schroef de deur van het apparaat
aan de meubeldeur vast en wel als
volgt.
– Schroef bevestigingshaak a met de
zeskantige schroef b op de voorgeboorde gaten in de deur van het apparaat.
– Let erop dat de beide metalen ran-
den c (symbool
II
) evenwijdig lopen.
^ Zet de afdekkingen erop.
-
-
–
Boor de bevestigingspunten d voor
en draai er de korte spaanplaten
schroeven e (4 x 14 mm) in.
–
Stel de meubeldeur in de diepte met
afstand Z:
Draai de schroeven f aan de bo
venkant van de deur van het appa
raat en draai de schroef g aan de
bevestigingshaak aan de onderkant
los.
Stel tussen meubeldeur en de
kastruimte aan de voorkant een
luchtspleet van 2 mm in door de
meubeldeur te verschuiven. Sluit
daartoe de deur. Oriënteer u aan de
meubeldeuren daarnaast.
42
-
-
-
43
Wijzigingen voorbehouden / 2205
K 850 i, K 850 i-1
M.-Nr. 05 995 472 / 01
nl/BE
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.