Aeg IAE7442SFB, 949 597 913 User Manual [nl]

Page 1
USER MANUAL
IAE7442SFB
NL Gebruiksaanwijzing
Kookplaat
Page 2
VOOR PERFECTE RESULTATEN
Bedankt dat je voor dit AEG-product hebt gekozen. We hebben het gecreëerd om jarenlang onberispelijke prestaties te leveren, met innovatieve technologieën die het leven eenvoudiger maken – functies die je wellicht niet op gewone apparaten aantreft. Besteed een paar minuten aan het lezen, om er het beste uit te halen.
Ga naar onze website voor:
Advies over gebruik, brochures, het oplossen van problemen, service- en reparatie­informatie:
www.aeg.com/support
Registreer je product voor een betere service:
www.registeraeg.com
Koop accessoires, verbruiksartikelen en originele reserveonderdelen voor je apparaat:
www.aeg.com/shop
KLANTENSERVICE EN SERVICE
Gebruik altijd originele onderdelen. Als u contact opneemt met onze erkende servicedienst, zorg er dan voor dat u de volgende gegevens tot uw beschikking hebt: Model, PNC, serienummer. De informatie vindt u op het typeplaatje.
Waarschuwingen en veiligheidsinformatie Algemene informatie en tips Milieu-informatie
Wijzigingen voorbehouden.

INHOUDSOPGAVE

1. VEILIGHEIDSINFORMATIE............................................................................2
2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN...................................................................5
3. INSTALLATIE..................................................................................................7
4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT.......................................................... 9
5. DAGELIJKS GEBRUIK................................................................................. 11
6. AANWIJZINGEN EN TIPS............................................................................ 16
7. ONDERHOUD EN REINIGING..................................................................... 18
8. PROBLEEMOPLOSSING............................................................................. 19
9. TECHNISCHE GEGEVENS..........................................................................21
10. ENERGIEZUINIGHEID............................................................................... 22
11. MILIEUBESCHERMING..............................................................................22

1. VEILIGHEIDSINFORMATIE

Lees zorgvuldig de meegeleverde instructies voor installatie en gebruik van het apparaat. De fabrikant is niet verantwoordelijk voor verwondingen of schade die voortvloeit uit de onjuiste installatie of het onjuiste gebruik. Bewaar de
2 NEDERLANDS
Page 3
instructies altijd op een veilige, toegankelijke plek voor toekomstig gebruik.

1.1 Veiligheid van kinderen en kwetsbare personen

• Dit apparaat kan worden gebruikt door kinderen van 8 jaar en ouder en door mensen met een beperkt lichamelijk, zintuiglijk of verstandelijk vermogen of een gebrek aan ervaring en kennis, indien zij onder toezicht staan of instructies hebben gekregen over het veilig gebruiken van het apparaat en indien zij de gevaren begrijpen. Kinderen jonger dan 8 jaar en personen met zware en complexe beperkingen dienen altijd uit de buurt van het apparaat te worden gehouden, tenzij ze voortdurend onder toezicht staan.
• Houd toezicht op kinderen, om te voorkomen dat zij gaan spelen met het apparaat.
• Houd alle verpakking uit de buurt van kinderen en gooi het op passende wijze weg.
• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. Houd kinderen en huisdieren uit de buurt van het apparaat tijdens het gebruik en bij het afkoelen.
• Als het apparaat is voorzien van een kinderslot, dient dit te worden geactiveerd.
• Kinderen mogen zonder toezicht geen reinigings- en onderhoudswerkzaamheden aan het apparaat uitvoeren.

1.2 Algemene veiligheid

• Dit apparaat is uitsluitend bestemd om mee te koken.
• Dit apparaat is bedoeld voor binnenshuis huishoudelijk gebruik.
• Dit apparaat kan worden gebruikt in kantoren, hotelkamers, bed & breakfast-kamers, boerderijgasthuizen en andere soortgelijke accommodaties waar dergelijk gebruik de (gemiddelde) huishoudelijke gebruiksniveaus niet overschrijdt.
NEDERLANDS 3
Page 4
• WAARSCHUWING: Het apparaat en de toegankelijke onderdelen ervan worden heet tijdens het gebruik. U dient te voorkomen de verwarmingselementen aan te raken.
• WAARSCHUWING: Onbewaakt koken op een kookplaat met vet of olie kan gevaarlijk zijn en tot brand leiden.
• Rook is een indicatie van oververhitting. Gebruik nooit water om het kookvuur te blussen. Schakel het apparaat uit en bedek de vlammen met bijv. een branddeken of deksel.
• WAARSCHUWING: Het apparaat mag niet van stroom worden voorzien door een extern schakelapparaat, zoals een tijdklok, of aangesloten worden op een circuit dat door het elektriciteitsbedrijf regelmatig aan en uit wordt geschakeld.
• OPGELET: Tijdens het kookproces moet u in de buurt blijven (zelfs bij de automatische kookfuncties). Een kort kookproces moet voortdurend bewaakt worden.
• WAARSCHUWING: Brandgevaar: Bewaar geen voorwerpen op de kookoppervlakken.
• Metalen voorwerpen, zoals messen, vorken, lepels en deksels mogen niet op het oppervlak van de kookplaat worden geplaatst, aangezien ze heet kunnen worden.
• Gebruik het apparaat niet voordat u het in de ingebouwde constructie installeert.
• Gebruik geen stoomreiniger om het apparaat schoon te maken.
• Schakel het kookplaatelement na elk gebruik uit met de bedieningstoetsen. Vertrouw niet op de pandetector.
• Als de glaskeramische / glazen oppervlakte gebarsten is, schakel het apparaat dan uit en trek de stekker uit het stopcontact. In het geval het apparaat rechtstreeks op de stroom is aangesloten met een aansluitdoos, verwijdert u de zekering om het apparaat van de stroom te halen. Neem altijd contact op met de erkende servicedienst.
• Indien het netsnoer beschadigd is, moet het worden vervangen door de fabrikant, een erkende service of
4 NEDERLANDS
Page 5
vergelijkbaar gekwalificeerde personen om gevaar te voorkomen.
• WAARSCHUWING: Gebruik alleen kookplaatbeschermers die door de fabrikant van het kookapparaat zijn ontworpen of door de fabrikant van het apparaat in de gebruiksinstructies als geschikt zijn aangegeven of kookplaatbeschermers die in het apparaat zijn geïntegreerd. Het gebruik van ongeschikte kookplaatbeschermers kan ongelukken veroorzaken.

2. VEILIGHEIDSVOORSCHRIFTEN

2.1 Installeren

WAARSCHUWING!
Alleen een erkende installatietechnicus mag dit apparaat installeren.
WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of schade aan het apparaat.
• Verwijder alle verpakkingsmaterialen.
• Installeer en gebruik geen beschadigd apparaat.
• Volg de installatie-instructies die zijn meegeleverd met het apparaat.
• Houd de minimumafstand naar andere apparaten en units in acht.
• Pas altijd op bij verplaatsing van het apparaat, want het is zwaar. Gebruik altijd veiligheidshandschoenen en gesloten schoeisel.
• Dicht de oppervlakken af met kit om te voorkomen dat ze gaan opzetten door vocht.
• Bescherm de bodem van het apparaat tegen stoom en vocht.
• Installeer het apparaat niet naast een deur of onder een raam. Dit voorkomt dat heet kookgerei van het apparaat valt als de deur of het raam wordt geopend.

2.2 Elektrische aansluiting

WAARSCHUWING!
Gevaar voor brand en elektrische schokken.
• Alle elektrische aansluitingen moeten worden uitgevoerd door een gekwalificeerde elektricien.
• , moet het apparaat geaard worden.
• Verzeker jezelf ervan dat de stekker uit het stopcontact is getrokken, voordat je welke werkzaamheden dan ook uitvoert.
• Zorg ervoor dat de parameters op het vermogensplaatje overeenkomen met elektrische vermogen van de netstroom.
• Controleer of het apparaat correct geïnstalleerd is. Losse en onjuiste stroomkabels of stekkers (indien van toepassing) kunnen ertoe leiden dat de contactklem te heet wordt.
• Gebruik het juiste netsnoer.
• Zorg dat de stroomkabel niet verstrikt raakt.
• Controleer of er een aardlekschakelaar is geïnstalleerd.
• Gebruik de trekontlastingsklem op de kabel.
• Zorg ervoor dat de stroomkabel of stekker (indien van toepassing) het hete apparaat of heet kookgerei niet aanraakt als je het apparaat op een nabijgelegen contactdoos aansluit.
• Gebruik geen adapters met meerdere stekkers en verlengkabels.
NEDERLANDS 5
Page 6
• Zorg ervoor dat je de stekker (indien van toepassing) of het netsnoer niet beschadigt. Neem contact op met ons erkende servicecentrum of een elektricien om een beschadigde stroomkabel te vervangen.
• De schokbescherming van delen onder stroom en geïsoleerde delen moet op zo'n manier worden bevestigd dat het niet zonder gereedschap kan worden verplaatst.
• Steek de stekker pas in het stopcontact als de installatie is voltooid. Zorg ervoor dat het netsnoer na installatie bereikbaar is.
• Als het stopcontact los zit, mag u de stekker niet in het stopcontact steken.
• Trek niet aan het netsnoer om het apparaat los te koppelen. Trek altijd aan de stekker.
• Gebruik enkel correcte isolatievoorzieningen: stroomonderbrekers, zekeringen (schroefzekeringen moeten uit de houder worden verwijderd), aardlekschakelaars en contactgevers.
• De elektrische installatie moet een isolatieapparaat bevatten waardoor het apparaat volledig van het lichtnet afgesloten kan worden. Het isolatieapparaat moet een contactopening hebben met een minimale breedte van 3 mm.
• Als de E3-code op het scherm verschijnt, koppelt u de kookplaat onmiddellijk los en controleert u of de elektrische aansluiting en de netspanning correct zijn.

2.3 Gebruik

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel, brandwonden of elektrische schokken.
• De specificatie van dit apparaat niet wijzigen.
• Verwijder voor het eerste gebruik alle verpakkingsmaterialen, etiketten en beschermfolie (indien van toepassing).
• Zorg ervoor dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
• Laat het apparaat tijdens de werking niet onbeheerd achter.
• Zet de kookzone op "uit" na ieder gebruik.
• Plaats geen bestek of deksels van steelpannen op de kookzones. Ze kunnen heet worden.
• Gebruik het apparaat niet met natte handen of als het contact maakt met water.
• Gebruik het apparaat niet als werkblad of als opslagoppervlak.
• Als het oppervlak van het apparaat gebarsten is, koppel het apparaat dan onmiddellijk los van de stroomtoevoer. Dit dient om een elektrische schok te voorkomen.
• Gebruikers met een pacemaker moeten een afstand van minimaal 30 cm aanhouden tot de inductiekookzones als het apparaat in werking is.
• Als u voedsel in hete olie plaatst, kan het spatten.
• Gebruik geen aluminiumfolie of andere materialen tussen het kookoppervlak en het kookgerei, tenzij anders aangegeven door de fabrikant van dit apparaat.
• Gebruik alleen accessoires die door de fabrikant voor dit apparaat worden aanbevolen.
WAARSCHUWING!
Risico op brand en explosie.
• Wanneer ze verwarmd worden, kunnen vetten en oliën ontvlambare dampen afgeven. Houd open vuur of verwarmde voorwerpen uit de buurt van vetten en oliën wanneer u ermee kookt.
• De dampen die boven erg hete olie ontstaan kunnen spontaan ontbranden.
• Gebruikte olie, die voedselresten kan bevatten, kan ontbranden bij een lagere temperatuur dan olie die voor de eerste keer wordt gebruikt.
• Plaats geen ontvlambare producten of artikelen die vochtig zijn met ontvlambare producten in, bij of op het apparaat.
WAARSCHUWING!
Risico op schade aan het apparaat.
• Laat geen heet kookgerei op het bedieningspaneel staan.
• Leg geen hete deksel op het glazen oppervlak van de kookplaat.
• Laat kookgerei niet droogkoken.
6 NEDERLANDS
Page 7
• Zorg ervoor dat je geen voorwerpen of kookgerei op het apparaat laat vallen. Het oppervlak kan beschadigd raken.
• Schakel de kookzones niet terwijl er leeg kookgerei of geen kookgerei op geplaatst is.
• Kookgerei gemaakt van gietijzer of met een beschadigde bodem kan krassen op het glas/glaskeramiek veroorzaken. Til deze voorwerpen altijd op als je ze op de kookplaat moet verplaatsen.

2.4 Onderhoud en reiniging

• Reinig het apparaat regelmatig om te voorkomen dat het materiaal van het oppervlak achteruitgaat.
• Schakel het apparaat uit en laat het afkoelen voordat u het schoonmaakt.
• Gebruik geen waterstralen en stoom om het apparaat te reinigen.
• Reinig het apparaat met een vochtige zachte doek. Gebruik alleen neutrale schoonmaakmiddelen. Gebruik geen schurende producten, schuursponsjes, oplosmiddelen of metalen voorwerpen, tenzij anders aangegeven.

2.5 Service

• Neem contact op met de erkende servicedienst voor reparatie van het
apparaat. Gebruik alleen originele reserveonderdelen.
• Met betrekking tot de lamp(en) in dit product en reservelampen die afzonderlijk worden verkocht: Deze lampen zijn bedoeld om bestand te zijn tegen extreme fysieke omstandigheden in huishoudelijke apparaten, zoals temperatuur, trillingen, vochtigheid, of zijn bedoeld om informatie te geven over de operationele status van het apparaat. Ze zijn niet bedoeld voor gebruik in andere toepassingen en zijn niet geschikt voor verlichting in huishoudelijke ruimten.

2.6 Verwijdering

WAARSCHUWING!
Gevaar voor letsel of verstikking.
• Neem contact op met uw plaatselijke overheid voor informatie over het afvoeren van het apparaat.
• Haal de stekker uit het stopcontact.
• Snijd het netsnoer vlak bij het apparaat af en gooi het weg.

3. INSTALLATIE

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

3.1 Voor montage

Voordat u de kookplaat installeert, dient u de onderstaande informatie van het typeplaatje te noteren. Het typeplaatje bevindt zich onderop de kookplaat.
Serienummer ...........................

3.2 Ingebouwde kookplaten

Inbouwkookplaten mogen alleen worden gebruikt nadat zij ingebouwd zijn in geschikte inbouwunits of werkbladen die aan de normen voldoen.

3.3 Aansluitsnoer

• De kookplaat wordt geleverd met een aansluitkabel.
• Gebruik als vervanging van het beschadigde netsnoer het volgende snoertype: H05V2V2-F dat bestand is tegen een temperatuur van 90 °C of hoger. Neem contact op met een erkend servicecentrum. Het aansluitsnoer mag alleen worden vervangen door een gekwalificeerde elektricien.

3.4 Montage

Als je de kookplaat onder een kap installeert, raadpleeg je de installatie-instructies van de afzuigkap voor de minimumafstand tussen de apparaten.
NEDERLANDS 7
Page 8
min. 50mm
min. 500mm
Als het apparaat boven een lade wordt
min. 12min.
60
min. 28
44
23
min. 55
710
550
520
490
+1
680
+1
max R5
280
60
www.youtube.com/electrolux www.youtube.com/aeg
How to install your AEG
Induction Hob - Worktop installation
geïnstalleerd, kan de ventilatie van de kookplaat de artikelen die zich in de lade bevinden tijdens het bereidingsproces opwarmen.
Zoek de videotutorial "Hoe installeert u uw AEG inductiekookplaat - installatie op het aanrecht" door de volledige naam die in de onderstaande afbeelding staat in te typen.
8 NEDERLANDS
Page 9

4. BESCHRIJVING VAN HET PRODUCT

1 1 1
2
1
7 852 43
9
1
12 1011
6

4.1 Indeling kookoppervlak

Inductiekookzone
1
Bedieningspaneel
2
Raadpleeg ‘Technische gegevens’ voor gedetailleerde informatie over de maten van de kookzones.

4.2 Bedieningspaneel lay-out

Gebruik de tiptoetsen om het apparaat te bedienen. De displays, indicatielampjes en geluiden tonen welke functies worden gebruikt.
1
2
3
4
5
6
7
Tip‐ toets
- Kookstanddisplay De kookstand weergeven.
- Timerindicatie voor de kookzones Geeft aan voor welke zone u de tijd instelt.
- Timerdisplay De tijd in minuten weergeven.
Functie Opmerking
AAN / UIT De kookplaat in- en uitschakelen.
Blokkering / Kinderbeveiligingsin‐ richting
SenseBoil® De functie in- en uitschakelen.
Bridge De functie in- en uitschakelen.
Het bedieningspaneel vergrendelen/ontgrendelen.
De indicatoren boven het symbool geven de voortgang van de functie aan.
NEDERLANDS 9
Page 10
Tip‐ toets
8
9
10
11
- Bedieningsstrip Het instellen van de kookstand.
12
Functie Opmerking
Hob²Hood De handmatige modus van functie in- en uitschakelen.
- Om de kookzone te selecteren.
- De tijd verlengen of verkorten.
/
PowerBoost Het inschakelen van de functie.

4.3 Kookstanddisplays

Scherm Beschrijving
De kookzone is uitgeschakeld.
-
+ cijfer
/ /
De kookzone wordt gebruikt.
SenseBoil® is in werking.
Automatisch opwarmen is in werking.
PowerBoost is in werking.
Er is een storing.
OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator): doorgaan met koken / warmhoud‐ stand / restwarmte.
Blokkering / Kinderbeveiligingsinrichting werkt.
Het kookgerei is niet geschikt of te klein, of er is geen kookgerei op de kookzone ge‐ plaatst.
Automatische uitschakeling is in werking.

4.4 OptiHeat Control (3-staps restwarmte-indicator)

WAARSCHUWING!
/ / Zolang het indicatielampje aanstaat, bestaat er een risico op brandwonden door restwarmte.
De inductiekookzones creëren de voor het kookproces benodigde warmte rechtstreeks in de bodem van het kookgerei. Het glaskeramiek wordt verwarmd door de warmte van het kookgerei.
De indicatielampjes / / verschijnen als een kookzone heet is. De aanduidingen tonen het niveau van de restwarmte voor de kookzones die je momenteel gebruikt.
Het indicatielampje kan ook verschijnen:
• voor de aangrenzende kookzones, zelfs als je ze niet gebruikt,
• als er heet kookgerei op de koude kookzone wordt geplaatst,
• als de kookplaat is uitgeschakeld, maar de kookzone nog heet is.
Het indicatielampje verdwijnt als de kookzone is afgekoeld.
10 NEDERLANDS
Page 11

5. DAGELIJKS GEBRUIK

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

5.1 In- of uitschakelen

Raak 1 seconde aan om de kookplaat in– of uit te schakelen.

5.2 Automatische uitschakeling

De functie schakelt de kookplaat automatisch uit als:
• alle kookzones zijn uitgeschakeld,
• u de kookstand niet instelt nadat u de kookplaat hebt ingeschakeld,
• u iets hebt gemorst of iets langer dan 10 seconden op het bedieningspaneel hebt gelegd (een pan, doek, etc.). Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Verwijder het voorwerp of reinig het bedieningspaneel.
• De kookplaat te heet wordt (bijvoorbeeld als een steelpan droog kookt). De kookzone moet afgekoeld zijn voordat u de kookplaat weer kunt gebruiken.
• u ongeschikte pannen gebruikt. Het
symbool gaat branden en na 2 minuten schakelt de kookzone automatisch uit.
• u een kookzone niet uitschakelt of de
kookstand verandert. Na een tijdje gaat aan en schakelt de kookplaat uit.
De verhouding tussen kookstand en de tijd waarna de kookplaat uitschakelt:
Warmte-instelling De kookplaat wordt
uitgeschakeld na
1 - 3 6 uur
4 - 7 5 uur
8 - 9 4 uur
10 - 14 1,5 uur

5.3 De kookstand

Voor het instellen of wijzigen van de kookstand:
Raak de bedieningsstrip aan bij de juiste kookstand of beweeg uw vinger langs de bedieningsstrip totdat u de jusite kookstand heeft bereikt.

5.4 SenseBoil®

De functie past de temperatuur van het water automatisch aan zodat de pan niet overkookt zodra het kookpunt is bereikt.
Wanneer er nog restwarmte ( / /
) op de kookzone die u wilt gebruiken aanwezig is, wordt een akoestisch signaal uitgezonden en zal de functie niet starten.
1. Tik op om de kookplaat te activeren.
2. Tik op om de functie in te schakelen.
Er verschijnt een knipperend ­pictogram voor kookzones waarop u de functie momenteel kunt gebruiken.
3. Raak de bedieningsbalk van een
beschikbare kookzone aan waarvoor u de functie wilt starten (tussen de kookstand
1-14).
De functie start. Als u niet binnen 5 seconden een kookzone kiest, wordt de functie niet geactiveerd.
Zodra de functie start, gaan de
indicatoren boven het symbool één voor één aan totdat het water het kookpunt bereikt.
Wanneer de functie het kookpunt detecteert, geeft de kookplaat een akoestisch signaal en verandert het verwarmingsniveau automatisch in 8.
NEDERLANDS 11
Page 12
Wanneer alle kookzones al in gebruik zijn of er zich restwarmte op alle kookzones bevindt, laat de kookplaat een pieptoon horen, knipperen de indicatoren boven
en start de functie niet.
Voor het uitschakelen van de functie raakt u
aan. De functie wordt gedeactiveerd en de warmte-instelling daalt tot 0, of raak de bedieningsbalk aan en pas de kookstand handmatig aan.

5.5 Het gebruik van de kookzones

Plaats het kookgerei in het midden van de gekozen kookzone. Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmeting van het kookgerei aan.
U kunt met groot kookgerei op twee kookzones tegelijkertijd koken. Het kookgerei dient het midden van beide zones te bedekken maar niet voorbij de gebiedsmarkering komen. Als het kookgerei tussen beide middenzones wordt geplaatst, wordt de functie Bridge niet geactiveerd.

5.6 Bridge

De functie werkt als de pan de middelpunten van beide zones bedekt. Het werkt niet met de SenseBoil®­functie.
Deze functie verbindt twee kookzones aan de linkerkant en ze werken als één kookzone.
Stel eerst de kookstand in voor één van de kookzones aan de linkerkant.
Om de functie te activeren: raak aan. Raak een van de regelsensoren aan om de warmte-instelling in te stellen of te wijzigen.
Om de functie uit te schakelen: raak aan. De kookzones werken onafhankelijk van elkaar.

5.7 Automatisch opwarmen

Activeer deze functie om in een kortere tijd een gewenste kookstand te krijgen. Als het aan staat, werkt de zone in het begin op de hoogste kookstand en gaat daarna verder met koken op de gewenste kookstand.
Om de functie in werking te stellen moet de kookzone koud zijn.
Om de functie voor een kookzone in te schakelen: raak aan ( gaat aan). Raak
meteen de gewenste kookstand aan. Na 3
seconden gaat branden. De functie uitschakelen: wijzig de
kookstand.
12 NEDERLANDS

5.8 PowerBoost

Deze functie maakt meer vermogen beschikbaar voor de inductiekookzones. De functie kan voor een beperkte tijdsduur voor uitsluitend de inductiekookzone worden geactiveerd. Daarna wordt de inductiekookzone automatisch teruggeschakeld naar de hoogste kookstand.
Zie het hoofdstuk 'Technische gegevens'.
Page 13
Om de functie voor een kookzone in te schakelen: raak aan. gaat aan. De functie uitschakelen: wijzig de
kookstand.

5.9 Timer

• Timer met aftelfunctie U kunt deze functie gebruiken om de lengte van één kooksessie in te stellen.
Stel eerst de warmtestand voor de kookzone in en dan de functie.
Om de kookzone in te stellen: tik
herhaaldelijk op kookzone verschijnt.
Om de functie te activeren: tik op van de timer om de tijd in te stellen (00 - 99 minuten). Als het lampje van de kookzone gaat knipperen, wordt de tijd afgeteld.
Om de resterende tijd te zien: tik op de kookzone in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. Op het display wordt de resterende tijd weergegeven.
totdat het lampje van een
om
kookzone gaat knipperen, wordt de tijd
opgeteld. Het display schakelt tussen en de getelde tijd (in minuten).
Om in de gaten te houden hoelang de kookzone werkt: tik op om de kookzone
in te stellen. Het indicatielampje van de kookzone begint te knipperen. De display geeft aan hoe lang de zone werkt.
Om de functie te deactiveren: tik op
tik vervolgens op of . Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt.
• Kookwekker U kunt deze functie gebruiken wanneer de kookplaat is ingeschakeld maar de kookzones niet werken. De warmtestand op
het display toont .
Om de functie te activeren: tik op
vervolgens op of van de timer om de tijd in te stellen. Als de tijd verstreken is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00.
Om de functie te stoppen: tik op .
en
en tik
Om de tijd te wijzigen: tik op om de
kookzone in te stellen. Tik op of .
Om de functie te deactiveren: tik op om de kookzone in te stellen en tik vervolgens op
. De resterende tijd telt terug tot 00. Het indicatielampje van de kookzone verdwijnt.
Als de aftelling beëindigd is, klinkt er een geluidssignaal en knippert 00. De kookzone wordt uitgeschakeld.
Om de functie te stoppen: tik op .
• CountUp Timer Gebruik deze functie om in de gaten te houden hoe lang de kookzone werkt.
Om de kookzone in te stellen: tik
herhaaldelijk op kookzone verschijnt.
Om de functie te activeren: tik op van de
timer. verschijnt. Als het lampje van de
totdat het lampje van een
De functie heeft geen invloed op de werking van de kookzones.

5.10 Blokkering

U kunt het bedieningspaneel vergrendelen terwijl de kookzones in werking zijn. Hiermee wordt voorkomen dat de kookstand per ongeluk wordt veranderd.
Stel eerst de kookstand in.
De functie inschakelen: raak
gaat gedurende 4 seconden aan. De timer blijft aan.
De functie uitschakelen: Raak aan. De vorige kookstand gaat aan.
Als u de kookplaat uitzet, stopt u deze functie ook.
aan.
NEDERLANDS 13
Page 14

5.11 Kinderbeveiligingsinrichting

Deze functie voorkomt dat de kookplaat onbedoeld wordt gebruikt.
Om de functie te activeren: activeer de
kookplaat met . Stel geen warmteinstelling
in. Raak 4 seconden aan. gaat aan.
Schakel de kookplaat uit met . Om de functie te deactiveren: activeer de
kookplaat met
in. Raak 4 seconden aan. gaat aan.
Schakel de kookplaat uit met .
Om de functie voor slechts één kooksessie te onderdrukken: activeer de
kookplaat met . gaat aan. Raak 4 seconden aan. Stel de kookstand in binnen 10 seconden. U kunt de kookplaat bedienen.
Als u de kookplaat uitschakelt met , treedt de functie weer in werking.
. Stel geen warmteinstelling

5.12 OffSound Control (De geluiden in- en uitschakelen)

Schakel de kookplaat uit. Raak 3 seconden aan. Het display gaat aan en uit.
Raak
branden. Raak van de timer aan om één van het volgende te kiezen:
• - de signalen zijn uit
• - de signalen zijn aan Om uw keuze te bevestigen moet u wachten tot de kookplaat automatisch uitschakelt.
3 seconden aan. of gaat
• Kookzones zijn gegroepeerd volgens de locatie en het aantal fasen van de kookplaat. Elke fase heeft een maximale elektriciteitslading van 3700 W. Als de kookplaat de limiet van het maximaal beschikbare vermogen bereikt binnen een fase, wordt het vermogen van de kookzones automatisch verlaagd.
• De warmte-instelling van de gekozen kookzone heeft altijd prioriteit. Het resterende vermogen zal tussen de eerder geactiveerde kookzones worden verdeeld, in omgekeerde volgorde van selectie.
• De weergave van de warmte-instelling van de verlaagde zones wisselt tussen de aanvankelijk gekozen warmte-instelling en de verlaagde warmte-instelling.
• Wacht totdat het display stopt met knipperen of verlaag de kookstand van de laatst geselecteerde kookzone. De kookzones blijven werken met de verlaagde warmte-instelling. Wijzig indien nodig handmatig de warmte-instellingen van de kookzones.
Zie de afbeelding voor mogelijke combinaties waarin vermogen over de kookzones kan worden verdeeld.
Als de functie op staat, kunt u de geluiden alleen horen als:
• u aanraakt
• Kookwekker naar beneden komt
• Timer met aftelfunctie naar beneden komt
• u iets op het bedieningspaneel plaatst.

5.13 Stroommanagement

Als er meerdere zones actief zijn en het verbruikte vermogen de limiet van de stroomtoevoer overschrijdt, verdeelt deze functie het beschikbare vermogen tussen alle kookzones. De kookplaat regelt de warmte­instellingen om de zekeringen van de installatie in het huis te beschermen.
14 NEDERLANDS

5.14 Hob²Hood

Het is een geavanceerde automatische functie die de kookplaat op een speciale afzuigkap aansluit. Zowel de kookplaat als de afzuigkap heeft een infraroodontvanger. De snelheid van de ventilator wordt automatisch bepaald op basis van de modusinstelling en de temperatuur van de heetste pan op de kookplaat. U kunt de ventilator van de kookplaat handmatig bedienen.
Page 15
Voor de meeste afzuigkappen wordt het afstandsbedieningssysteem uitgeschakeld. Inschakelen voordat u de functie gebruikt. Zie voor meer informatie de gebruikershandleiding van de afzuigkap.
De functie automatisch bedienen
Stel de automatische modus in op H1 – H6 om de functie automatisch te bedienen. De kookplaat wordt oorspronkelijk ingesteld op H5.De afzuigkap reageert als u de kookplaat in gebruik neemt. De kookplaat herkent de temperatuur van de pannen automatisch en stelt de snelheid van de ventilator erop af.
Automatische modi
Automati‐
Modus H0 Uit Uit Uit
Modus H1 Aan Uit Uit
Modus
3)
H2
Modus H3 Aan Uit Ventilator‐
Modus H4 Aan Ventilator‐
Modus H5 Aan Ventilator‐
Modus H6 Aan Ventilator‐
1)
De kookplaat detecteert het kookproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
2)
De kookplaat detecteert het bakproces en activeert de ventilatorsnelheid overeenkomstig de automatische modus.
3)
Deze modus activeert de ventilator en de verlichting en reageert niet op de temperatuur.
sche ver‐ lichting
Aan Ventilator‐
Koken1)Bakken
snelheid 1
snelheid 1
snelheid 1
snelheid 2
2)
Ventilator‐ snelheid 1
snelheid 1
Ventilator‐ snelheid 1
Ventilator‐ snelheid 2
Ventilator‐ snelheid 3
De automatische modus veranderen
1. Schakel het apparaat uit.
2. Raak
3 seconden aan. Het display
gaat aan en uit.
3. Raak 3 seconden aan.
4. Raak een paar keer aan tot aan
gaat.
5. Raak van de timer aan om een
automatische modus te selecteren.
Schakel de automatische modus van de functie uit om de kookplaat direct te bedienen op het kookplaatpaneel.
Als u stopt met koken en de kookplaat uitschakelt, kan de ventilator nog even blijven werken. Daarna schakelt het systeem de ventilator automatisch uit en wordt voorkomen dat u de ventilator per ongeluk de komende 30 seconden activeert.
De ventilatorsnelheid handmatig bedienen
U kunt de functie ook handmatig bedienen. Raak daartoe
aan als de kookplaat actief is. Dit schakelt de automatische bediening van de functie uit zodat u de ventilatorsnelheid handmatig kunt
veranderen. Als u op
drukt, wordt de
ventilatorsnelheid met één verhoogd. Als u een intensief niveau bereikt en weer op
drukt, stelt u de ventilatorsnelheid in op 0 waardoor de afzuigkapventilator uitschakelt. Om de ventilator weer te starten met
ventilatorsnelheid 1, raakt u aan.
Schakel de kookplaat uit en weer aan om de automatische bediening van de functie te activeren.
De verlichting activeren
U kunt de kookplaat instellen om de verlichting automatisch te activeren als u de kookplaat aan zet. Zet daarvoor de automatische modus op H1 – H6.
De verlichting van de afzuigkap gaat uit 2 minuten nadat u de kookplaat heeft uitgeschakeld.
NEDERLANDS 15
Page 16

6. AANWIJZINGEN EN TIPS

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

6.1 Pannen

Voor inductiekookzones creëert een sterk elektromagnetisch veld de hitte in de pannen zeer snel.
Gebruik de inductiekookzones met geschikte pannen.
• De bodem van de pannen moet zo dik en vlak mogelijk zijn.
• Zorg ervoor dat bodems schoon en droog zijn voordat de pannen op de kookplaat worden gezet.
• Schuif of wrijf de pan niet over het keramische glas, om krassen te voorkomen.
Panmaterialen
• goed: gietijzer, staal, geëmailleerd staal, roestvrij staal, meerlaagse bodem (aangemerkt als geschikt door de fabrikant).
• niet goed: aluminium, koper, messing, glas, keramiek, porselein.
Een pan is geschikt voor een inductiekookplaat als:
• water op de hoogste kookstand binnen korte tijd wordt verwarmd,
• een magneet op de onderkant van het kookgerei plakt.
Afmetingen van pannen
• Inductiekookzones passen zich tot op zekere hoogte automatisch aan de afmetingen van pannen aan.
• De efficiëntie van de kookzone hangt samen met de diameter van de pan. Pannen met een diameter kleiner dan het minimum ontvangen slechts een deel van het vermogen dat door de kookzone wordt gegenereerd.
• Gebruik zowel om veiligheidsredenen als voor optimale kookresultaten geen pannen groter dan aangegeven in de kookzonespecificaties. Zorg ervoor dat
pannen tijdens het koken niet dicht bij het bedieningspaneel blijven. Dit kan invloed hebben op de werking van het bedieningspaneel of onbedoeld de kookplaatfuncties activeren.
Raadpleeg de technische gegevens.

6.2 Lawaai tijdens gebruik

Als u dit hoort:
• kraakgeluid: de pan is gemaakt van verschillende materialen (een sandwich­constructie).
• fluitend geluid: bij gebruik van een kookzone met een hoge kookstand en als het kookgerei is gemaakt van verschillende materialen (een sandwich­constructie).
• zoemend geluid: als u hoge kookstanden gebruikt.
• klikken: er treedt elektrische schakeling op.
• sissend, brommend: de ventilator werkt.
Deze geluiden zijn normaal en hebben niets met een defect te maken.

6.3 Praktische tips voor SenseBoil®

De functie werkt het beste voor kokend water en het bereiden van aardappelen.
Het werkt niet met kookgerei van gietijzer of met anti-aanbaklaag, bijvoorbeeld met een keramische coating. Geëmailleerde stalen pannen worden aanbevolen voor het beste resultaat bij het koken van aardappelen.
Controleer of de pan geschikt is voor SenseBoil® door de eerste kooksessie te monitoren.
Voor efficiënt gebruik van SenseBoil® volgt u onderstaand advies:
• Vul de helft tot drie vierde van de pan met koud leidingwater, en laat 4 cm vanaf de rand van de pan leeg. Gebruik niet minder dan 1 en niet meer dan 5 liter water. Zorg
16 NEDERLANDS
Page 17
ervoor dat het totale volume van het water (of het water en de aardappelen) tussen 1-5 kg ligt.
• Als u aardappelen wilt koken, zorg dan dat ze volledig bedekt zijn met water, maar vergeet niet om minstens een kwart van de pan leeg te laten.
• Voor het beste resultaat kookt u hele, ongeschilde, middelgrote aardappelen.
• Zorg ervoor dat u de aardappelen niet te strak verpakt.
• Vermijd externe trillingen (bijvoorbeeld door een blender te gebruiken of een mobiele telefoon naast het apparaat te plaatsen) wanneer de functie actief is.
• Als u zout wilt gebruiken, voegt u het toe nadat het water het kookpunt heeft bereikt.
• De functie werkt mogelijk niet goed voor waterkokers en espressopotten.

6.4 Öko Timer (Eco-timer)

Om energie te besparen schakelt het verwarmingselement van de kookzone eerder
uit dan het signaal van de timer met aftelfunctie klinkt. Het verschil in werkingstijd hangt af van het niveau van de kookstand en de tijd dat u kookt.

6.5 Voorbeelden van kooktoepassingen

De correlatie tussen de kookstand en het stroomverbruik van de kookzone is niet lineair. Wanneer u de kookstand verhoogt, is dit niet proportioneel met de toename in stroomverbruik van de kookzone. Het betekent dat een kookzone op de medium kookstand minder dan de helft van het vermogen gebruikt.
De gegevens in de volgende tabel dienen slechts als richtlijn.
Warmte-instel‐ ling
1 Bereide gerechten warmhouden. zoals no‐
1 - 3 Hollandaisesaus, smelten: boter, cho‐
1 - 3 Stollen: luchtige omeletten, gebakken
3 - 5 Zachtjes aan de kook brengen van rijst
5 - 7 Stomen van groenten, vis en vlees. 20 - 45 Voeg een paar eetlepels vocht toe.
7 - 9 Aardappelen stomen. 20 - 60 Gebruik max. ¼ l water voor 750 g
7 - 9 Bereiden van grotere hoeveelheden
9 - 12 Lichtjes braden: kalfsoester, cordon
Gebruik om: Tijd
(min)
dig
colade, gelatine.
eieren.
en gerechten op melkbasis, reeds be‐ reide gerechten opwarmen.
voedsel, stoofschotels en soepen.
bleu van kalfsvlees, koteletten, risso‐ les, worstjes, lever, roux, eieren, pan‐ nenkoeken, donuts.
5 - 25 Van tijd tot tijd mengen.
10 - 40 Met deksel bereiden.
25 - 50 Voeg minimaal twee keer zo veel
60 - 150 Tot 3 l vloeistof plus ingrediënten.
zoals no‐ dig
Tips
Een deksel op het kookgerei doen.
vocht toe als rijst en roer gerechten op melkbasis halverwege de procedure door.
aardappelen.
Halverwege de bereidingstijd omdraai‐ en.
NEDERLANDS 17
Page 18
Warmte-instel‐ ling
12 - 13 Door-en-door gebraden, opgebakken
14 Aan de kook brengen van water, pasta koken, aanbraden van vlees (goulash, stoofvlees),
Gebruik om: Tijd
(min)
5 - 15 Halverwege de bereidingstijd omdraai‐ aardappelen, lendenbiefstukken, steaks.
frituren van friet.
Aan de kook brengen van grote hoeveelheden water. PowerBoost is geactiveerd.
Tips
en.

6.6 Praktische tips voor Hob²Hood

Wanneer je de kookplaat gebruikt met de functie:
• Bescherm het paneel van de afzuigkap tegen direct zonlicht.
• Plaats geen halogeenlicht op het paneel van de afzuigkap.
• Dek het bedieningspaneel van de afzuigkap niet af.
• Onderbreek het signaal tussen de kookplaat en de afzuigkap niet (bijvoorbeeld met een hand, een handgreep van een pan of een grote pan). Zie de afbeelding.
De afzuigkap in de afbeelding is slechts een voorbeeld.
Andere op afstand bediende apparaten kunnen het signaal hinderen. Gebruik dergelijke apparaten niet in de buurt van de kookplaat terwijl Hob²Hood ingeschakeld is.
Afzuigkappen met de Hob²Hood-functie
Voor het volledige assortiment afzuigkappen dat met deze functie werkt, raadpleeg je onze website van de consument. De AEG­afzuigkappen die met deze functie werken
moeten het symbool hebben .

7. ONDERHOUD EN REINIGING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.
18 NEDERLANDS

7.1 Algemene informatie

• Reinig de kookplaat na elk gebruik.
• Gebruik altijd kookgerei met een schone bodem.
Page 19
• Krassen of donkere vlekken op het oppervlak hebben geen invloed op de werking van de kookplaat.
• Gebruik een specifiek schoonmaakmiddel voor het oppervlak van de kookplaat.
• Gebruik een speciale schraper voor het glas.
en verwijder resten door het blad over het oppervlak te schuiven.
• Verwijder nadat de kookplaat voldoende is afgekoeld: kalk- en waterkringen, vetspatten en metaalachtig glanzende verkleuringen. Reinig de kookplaat met een vochtige doek en een beetje niet-schurend reinigingsmiddel.

7.2 De kookplaat schoonmaken

• Verwijder direct: gesmolten kunststof,
plastic folie, suiker en suikerhoudend voedsel, anders kan dit schade aan de kookplaat veroorzaken. Doe voorzichtig om brandwonden te voorkomen. Gebruik
Droog de kookplaat na reiniging af met een zachte doek.
• Verkleuring glanzende metalen verwijderen: reinig het glazen oppervlak met een doek en een oplossing van water met azijn.
de speciale schraper op de glazen plaat

8. PROBLEEMOPLOSSING

WAARSCHUWING!
Raadpleeg de hoofdstukken Veiligheid.

8.1 Wat moet je doen als ...

Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
Je kunt de kookplaat niet inscha‐ kelen of bedienen.
De zekering is doorgeslagen. Verzeker je ervan dat de zekering de
Stel gedurende 10 seconden geen
Je hebt 2 of meer sensorvelden te‐
Water of vetvlekken op het bedie‐
Er klinkt een geluidssignaal en de kookplaat wordt uitgeschakeld. Als de kookplaat wordt uitge‐ schakeld, klinkt er een geluids‐ signaal.
De kookplaat wordt uitgescha‐ keld.
De kookplaat is niet aangesloten op een stopcontact of niet goed geïn‐ stalleerd.
kookstand in.
gelijkertijd aangeraakt.
ningspaneel.
Je hebt iets op een of meer sensor‐ velden geplaatst.
Je hebt iets op het sensorveld geplaatst.
Controleer of de kookplaat goed aan‐ gesloten is op het lichtnet.
oorzaak van de storing is. Als de zeke‐ ringen keer op keer doorslaan, neem je contact op met een erkende installa‐ teur.
Schakel de kookplaat opnieuw in en stel de kookstand binnen 10 seconden in.
Raak slechts één sensorveld aan.
Reinig het bedieningspaneel.
Verwijder het voorwerp van de sensor‐ velden.
Verwijder het voorwerp van het sen‐ sorveld.
NEDERLANDS 19
Page 20
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
De restwarmte-indicator gaat niet aan.
Hob²Hood werkt niet. Je hebt het bedieningspaneel afge‐
Je maakt gebruik van een hele hoge
Automatisch opwarmen werkt niet.
De hoogste kookstand is ingesteld. De hoogste kookstand heeft hetzelfde
De kookstand schakelt tussen twee niveaus.
De sensorvelden worden heet. De pan is te groot of je plaatst deze
Er klinkt geen geluidsignaal wan‐ neer je de tiptoetsen van het be‐ dieningspaneel aanraakt.
gaat aan.
gaat aan.
De pan is niet geschikt. Gebruik geschikte pannen. Zie 'Aan‐
De diameter van de bodem van de
en verschijnen afwisse‐
lend.
en verschijnen afwisse‐
lend.
en verschijnen afwisse‐
lend.
Je hoort een piepgeluid. De indi‐
catoren boven knipperen en SenseBoil® start niet.
De zone is niet heet omdat deze slechts kortstondig is gebruikt, of de sensor is beschadigd.
dekt.
pan die het signaal blokkeert.
De zone is heet. Laat de zone voldoende afkoelen.
Stroommanagement is in werking. Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’.
te dicht bij de bedieningsknoppen.
De signalen zijn uit. Schakel de geluiden in. Raadpleeg
Kinderbeveiligingsinrichting of Blok‐ kering werkt.
Er staat geen pan op de zone. Plaats een pan op de zone.
pan is te klein voor de zone.
Het vermogen is te laag vanwege een ongeschikte of lege pan.
De pan is leeg of bevat andere vloei‐ stof dan water, bijvoorbeeld olie.
Er bevindt zich te veel of te weinig water in de pan. Je hebt ander voedsel gekookt dan water en aardappelen. Het kookpunt werd verplaatst in de tijd, en Sense‐ Boil® kon niet goed werken.
Geen van de kookzones is klaar voor gebruik met SenseBoil®. Er is wat restwarmte op de kookzones die je wilt kiezen of die nog in gebruik zijn.
Als de zone voldoende lang gebruikt is om heet te zijn, neem je contact op met een erkende servicedienst.
Verwijder het voorwerp van het bedie‐ ningspaneel.
Gebruik een kleinere pan, verander van kookzone of bedien de afzuigkap handmatig.
vermogen als de functie.
Plaats grotere pannen indien mogelijk op de achterste kookzones.
‘Dagelijks gebruik’.
Raadpleeg ‘Dagelijks gebruik’.
wijzingen en tips'.
Gebruik pannen met de juiste afmetin‐ gen. Raadpleeg de technische gege‐ vens.
Gebruik het geschikte type pannen. Zie 'Aanwijzingen en tips' en 'Techni‐ sche gegevens'. Activeer geen zones waarop een lege pan is geplaatst.
Vermijd gebruik van deze functie met andere vloeistoffen dan water.
Kook alleen water en aardappelen met behulp van SenseBoil®. Raadpleeg "Aanwijzingen en tips".
Rond je vorige kookactiviteiten af en kies een vrije kookzone zonder enige restwarmte.
20 NEDERLANDS
Page 21
Probleem Mogelijke oorzaak Oplossing
en een getal gaan branden.
Je kunt een constant piepgeluid horen.
Er is een fout opgetreden in de kookplaat.
De elektrische aansluiting is ver‐ keerd.
Schakel de kookplaat uit en schakel deze na 30 seconden weer in. Wan‐
neer weer verschijnt, trek je de stekker van de kookplaat uit het stop‐ contact. Steek de stekker van de kook‐ plaat er na 30 seconden weer in. Als het probleem zich blijft voordoen, neem je contact op met een erkende servicedienst.
Trek de stekker van de kookplaat uit het stopcontact. Laat de installatie controleren door een erkende elektri‐ cien.

8.2 Als je geen oplossing kunt vinden...

Als je niet zelf het probleem kunt verhelpen, neem dan contact op met je verkoper of een erkende serviceafdeling. Geef de gegevens op het typeplaatje. Geef ook de driecijferige code voor het glaskeramiek (bevindt zich in
foutmelding die gaat branden. Zorg ervoor dat je de kookplaat correct gebruikt. Als dit niet het geval is, is het onderhoud van een servicemonteur of dealer niet gratis, ook tijdens de garantieperiode. De informatie over garantieperiode en geautoriseerde servicecentra vind je in het garantieboekje.
de hoek van het glazen oppervlak) en een

9. TECHNISCHE GEGEVENS

9.1 Typeplaatje

Model IAE7442SFB PNC 949 597 913 00 Type 62 C4A 01 AA 220-240 V 50-60 Hz Inductie 7.35 kW Gemaakt in: Duitsland
Serienr. ................ 7.35 kW
AEG

9.2 Specificatie kookzones

Kookzone Nominaal vermo‐
gen (max warmte­instelling) [W]
Links voor 2300 3200 10 125 - 210
Links achter 2300 3200 10 125 - 210
Midden voor 1400 2500 4 125 - 145
Rechtsachter 2300 3600 10 205 - 240
PowerBoost [W] PowerBoost
maximale duur [min]
Diameter kook‐ gerei [mm]
Het vermogen van de kookzones kan binnen een bepaalde kleine marge verschillen van
NEDERLANDS 21
Page 22
de gegevens in de tabel. Dit kan veranderen afhankelijk van het materiaal en de afmetingen van het kookgerei.
Gebruik voor optimale kookresultaten alleen kookgerei met een diameter die niet groter is dan vermeld in de tabel.

10. ENERGIEZUINIGHEID

10.1 Productinformatie*

Modelnummer IAE7442SFB
Type kookplaat Inbouwkookplaat
Aantal kookzones 4
Verwarmingstechnologie Inductie
Diameter van ronde kookzones (Ø) Links voor
Energieverbruik per kookzone (EC electric cooking) Links voor
Energieverbruik van de kookplaat (EC electric hob) 177,9 Wh / kg
Links achter Midden voor
Rechtsachter
Links achter Midden voor
Rechtsachter
21,0 cm 21,0 cm 14,5 cm 24,0 cm
179,6 Wh / kg 177,0 Wh / kg 180,2 Wh / kg 174,6 Wh / kg
* Voor de Europese Unie overeenkomstig EU 66/2014. Voor Belarus volgens STB 2477-2017, Annex A. Voor Oekraïne volgens 742/2019.
EN 60350-2 - Huishoudelijke elektrische kookapparaten - Deel 2: Kookplaten ­Methoden voor het meten van prestaties.
De energiemetingen betreffende het kookgebied worden geïdentificeerd door de markeringen van de respectievelijke kookzones.

10.2 Energiebesparing

U kunt elke dag energie besparen tijdens het koken door de onderstaande tips te volgen.
11. MILIEUBESCHERMING
Recycleer de materialen met het symbool . Gooi de verpakking in een geschikte afvalcontainer om het te recycleren. Bescherm het milieu en de volksgezondheid en recycleer op een correcte manier het afval van elektrische en elektronische apparaten.
• Warm alleen de hoeveelheid water op die u nodig heeft.
• Doe indien mogelijk altijd een deksel op de pan.
• Zet uw kookgerei op de kookzone voordat u deze activeert.
• Zet kleiner kookgerei op kleinere kookzones.
• Plaats het kookgerei precies in het midden van de kookzone.
• Gebruik de restwarmte om het eten warm te houden of te smelten.
Gooi apparaten gemarkeerd met het symbool
niet weg met het huishoudelijk afval. Breng het product naar het milieustation bij u in de buurt of neem contact op met de gemeente.
22 NEDERLANDS
*
Page 23
Page 24
www.aeg.com/shop
867372328-B-422023
Loading...