TOSHIBA L10-serie Draagbare personal computer Gebruikershandleiding
Eerste druk december 2004
Eigendom en auteursrecht van muziek, video, computerprogramma's,
databases en dergelijke worden beschermd door de auteurswetten. Deze
auteursrechtelijk beschermde materialen mogen uitsluitend worden
gekopieerd voor persoonlijk gebruik thuis. Als u deze materialen, afgezien
van de bovenstaande beperking, toch kopieert (ook om
gegevensindelingen om te zetten) of wijzigt, overdraagt of verspreidt via
internet zonder toestemming van de houders van het auteursrecht, kunt u
gerechtelijk worden vervolgd voor schadevergoeding en/of gerechtelijke
straffen ondergaan vanwege inbreuk op het auteursrecht of persoonlijke
rechten. Houd u daarom aan de auteurswetten wanneer u dit product
gebruikt om auteursrechtelijk beschermde werken te kopiëren of andere
bewerkingen uit te voeren.
Houd er rekening mee dat u de auteursrechtelijk beschermde rechten van
de eigenaar kunt schenden als u de functies voor het schakelen tussen
beeldschermmodi (zoals breedbeeld of zoomen) van dit product gebruikt
om beelden/video vergroot weer te geven in een café of hotel met als doel
winst te maken of deze beelden aan het publiek aan te bieden.
TOSHIBA L10-serie
Dit product gebruikt een technologie voor copyrightbeveiliging die wordt
beschermd door octrooien in de V.S. en andere intellectuele
eigendomsrechten. Gebruik van deze technologie is alleen toegestaan met
toestemming van Macrovision en is uitsluitend bedoeld voor privé-gebruik
en weergave voor een beperkt publiek, tenzij Macrovision toestemming
heeft verleend voor andere gebruiksmogelijkheden. Reverse engineering
of deassembleren is verboden.
Afwijzing van aansprakelijkheid
Deze handleiding is zorgvuldig gevalideerd en nagekeken. De
aanwijzingen en beschrijvingen waren correct voor draagbare personal
computers uit de TOSHIBA L10-serie op het tijdstip waarop deze
handleiding ter perse ging. Navolgende computers en handleidingen
kunnen echter zonder kennisgeving worden gewijzigd. TOSHIBA
aanvaardt dientengevolge geen aansprakelijkheid voor schade die direct of
indirect voortvloeit uit fouten of omissies in de handleiding, of uit
discrepanties tussen computer en handleiding.
Gebruikershandleidingii
Page 3
Handelsmerken
Intel, Intel SpeedStep, Pentium en Celeron zijn handelsmerken of
gedeponeerde handelsmerken van Intel Corporation.
Windows® en Microsoft zijn gedeponeerde handelsmerken van Microsoft
Corporation.
Photo CD is een handelsmerk van Eastman Kodak.
TruSurround XT, WOW XT, SRS en het symbool zijn handelsmerken
van SRS Labs, Inc.
De technologieën TruSurround XT, WOW XT, TruBass, SRS 3D en FOCUS
worden gebruikt onder licentie van SRS Labs, Inc.
In deze handleiding wordt mogelijk verwezen naar andere handelsmerken
en gedeponeerde handelsmerken die hierboven niet zijn genoemd.
EU-verklaring van overeenstemming
Dit product is voorzien van het CE-keurmerk in overeenstemming met de
relevante Europese richtlijnen, met name de Electromagnetic Compatibility
Directive 89/336/EEC voor notebooks en elektronische accessoires, zoals
de meegeleverde netadapter, de Radio Equipment and
Telecommunications Terminal Equipment Directive 99/5/EEC in het geval
van geïmplementeerde accessoires voor telecommunicatie en de Low
Voltage Directive 73/23/EEC voor de meegeleverde netadapter.
De verantwoording voor de toewijzing van CE-keurmerken ligt bij TOSHIBA
EUROPE GmbH, Hammfelddamm 8, 41460 Neuss, Duitsland, telefoon
+49-(0)-2131-158-01.
Bezoek de volgende website voor een exemplaar van de CE-verklaring van
overeenstemming: http://epps.toshiba-teg.com
TOSHIBA L10-serie
Gebruikershandleidingiii
Page 4
Modemwaarschuwing
Verklaring van overeenstemming
De apparatuur is goedgekeurd (conform Commissiebesluit “CTR21”) voor
aansluiting van één toestel op het PSTN (Public Switched Telephone
Network: openbaar geschakeld telefoonnetwerk) in alle Europese landen.
Als gevolg van variaties tussen de individuele PSTN’s in verschillende
landen biedt deze goedkeuring niet per se een garantie voor storingsvrije
werking op elke telefoonaansluiting.
Wend u in het geval van problemen in eerste instantie tot uw leverancier.
Netwerkcompatibiliteit
Dit product is ontworpen voor gebruik met de volgende netwerken en is
compatibel met deze netwerken. Het is getest en voldoet aan de
aanvullende voorschriften in EG 201 121.
DuitslandATAAB AN005,AN006,AN007,AN009,AN010 en
GriekenlandATAAB AN005, AN006 en GR01, 02, 03, 04
PortugalATAAB AN001,005,006,007,011 en P03,04,08,10
SpanjeATAAB AN005, 007, 012 en ES01
ZwitserlandATAAB AN002
Alle overige landen/
regio's
Voor elk netwerk zijn specifieke switchinstellingen of een specifieke
softwareconfiguratie vereist; raadpleeg de relevante gedeelten van de
gebruikershandleiding voor nadere informatie.
De hookflash-functie is onderhevig aan afzonderlijke nationale
goedkeuring. Deze functie is niet getest op conformiteit met nationale
voorschriften, en correcte werking van deze functie op nationale netwerken
kan niet worden gegarandeerd.
TOSHIBA L10-serie
DE03,04,05,08,09,12,14,17
ATAAB AN003, 004
Gebruikershandleidingiv
Page 5
TOSHIBA L10-serie
Veiligheidsinstructies voor optische schijfstations
Vergeet niet de internationale voorzorgsmaatregelen aan het einde van
deze paragraaf te lezen.
Panasonic
DVD Super Multi UJ-830
■ Het DVD Super Multi-station gebruikt een lasersysteem. Om te zorgen
dat dit product correct wordt gebruikt, dient u deze handleiding
zorgvuldig te lezen en ter referentie bij de hand te houden. Als het
apparaat ooit moet worden gerepareerd, neemt u contact op met een
Authorized Toshiba Service Center.
■ Het gebruik van regelaars, instellingen of procedures die hier niet zijn
vermeld, kan resulteren in blootstelling aan gevaarlijke straling.
■ Probeer niet de kast te openen. Doet u dit wel, dan loopt u het risico
van directe blootstelling aan de laserstraal.
Gebruikershandleidingv
Page 6
TOSHIBA L10-serie
TOSHIBA SAMSUNG OPSLAGTECHNOLOGIE
DVD-ROM en CD-R/RW TS-L462A
■ Het DVD-ROM- & CD-R/RW-station gebruikt een lasersysteem. Om te
zorgen dat dit product correct wordt gebruikt, dient u deze handleiding
zorgvuldig te lezen en ter referentie bij de hand te houden. Als het
apparaat ooit moet worden gerepareerd, neemt u contact op met een
Authorized Toshiba Service Center.
■ Het gebruik van regelaars, instellingen of procedures die hier niet zijn
vermeld, kan resulteren in blootstelling aan gevaarlijke straling.
■ Probeer niet de kast te openen. Doet u dit wel, dan loopt u het risico
van directe blootstelling aan de laserstraal.
Gebruikershandleidingvi
Page 7
Panasonic
DVD-ROM en CD-R/RW UJ-DA760
■ Het DVD-ROM- & CD-R/RW-station gebruikt een lasersysteem. Om te
zorgen dat dit product correct wordt gebruikt, dient u deze handleiding
zorgvuldig te lezen en ter referentie bij de hand te houden. Als het
apparaat ooit moet worden gerepareerd, neemt u contact op met een
Authorized Toshiba Service Center.
■ Het gebruik van regelaars, instellingen of procedures die hier niet zijn
vermeld, kan resulteren in blootstelling aan gevaarlijke straling.
■ Probeer niet de kast te openen. Doet u dit wel, dan loopt u het risico
van directe blootstelling aan de laserstraal.
TOSHIBA L10-serie
Gebruikershandleidingvii
Page 8
Internationale voorzorgsmaatregelen
LET OP:Dit apparaat bevat een
lasersysteem en is geclassificeerd als een
laserproduct van klasse 1. Om te zorgen
dat u dit product correct gebruikt, dient u
de gebruiksaanwijzingen zorgvuldig te
lezen en ter referentie bij de hand te
houden. Wend u in geval van problemen
met dit model tot het dichtstbijzijnde
Authorized Toshiba Service Center.
Probeer niet de kast te openen. Doet u dit
wel, dan loopt u het risico van directe
blootstelling aan de laserstraal.
VORSICHT: Dieses Gerät enthält ein
Laser- System und ist als
"LASERSCHUTZKLASSE 1 PRODUKT"
klassifiziert. Für den richtigen Gebrauch
dieses Modells lesen Sie bitte die
Bedienungsanleitung sorgfältig durch und
bewahren diese bitte als Referenz auf.
Falls Probleme mit diesem Modell
auftreten, benachrichtigen Sie bitte die
nächste "autorisierte Service-Vertretung".
Um einen direkten Kontakt mit dem
Laserstrahl zu vermeiden darf das Gerät
nicht geöffnet werden.
ADVARSEL: Denne mærking er anbragt
udvendigt på apparatet og indikerer, at
apparatet arbejder med laserstråler af
klasse 1, hviket betyder, at der anvendes
laserstrlier af svageste klasse, og at man
ikke på apparatets yderside kan bilve
udsat for utilladellg kraftig stråling.
APPARATET BOR KUN ÅBNES AF
FAGFOLK MED SÆRLIGT KENDSKAB
TIL APPARATER MED LASERSTRÅLER!
Indvendigt i apparatet er anbragt den her
gengivne advarselsmækning, som advarer
imod at foretage sådanne indgreb i
apparatet, at man kan komme til at udsatte
sig for laserstråling.
TOSHIBA L10-serie
Gebruikershandleidingviii
Page 9
TOSHIBA L10-serie
OBS!Apparaten innehåller
laserkomponent som avger laserstråining
överstigande gränsen för laserklass 1.
VAROITUS. Suojakoteloa si saa avata.
Laite sisältää laserdiodin, joka lähetää
näkymätöntä silmilie vaarallista
lasersäteilyä.
LET OP:HET GEBRUIK VAN
REGELAARS, INSTELLINGEN OF
PROCEDURES DIE NIET IN DE
GEBRUIKERSHANDLEIDING ZIJN
VERMELD, KAN RESULTEREN IN
BLOOTSTELLING AAN GEVAARLIJKE
STRALING.
VORSICHT: DIE VERWENDUNG VON
ANDEREN STEURUNGEN ODER
EINSTELLUNGEN ODER DAS
DURCHFÜHREN VON ANDEREN
VORGÄNGEN ALS IN DER
BEDIENUNGSANLEITUNG
BESCHRIEBEN KÖNNEN
GEFÄHRLICHE
STRAHLENEXPOSITIONEN ZUR
FOLGE HABEN.
Gebruikershandleidingix
Page 10
TOSHIBA L10-serie
Algemene voorzorgsmaatregelen
TOSHIBA-computers bieden optimale veiligheid en optimaal
gebruikerscomfort; bovendien zijn ze robuust, een belangrijke eigenschap
voor draagbare computers. U moet echter bepaalde voorzorgsmaatregelen
nemen om het risico van lichamelijk letsel of beschadiging van de computer
verder te beperken.
Lees de onderstaande algemene aanwijzigen en let op de waarschuwingen
die in de handleiding worden gegeven. Raadpleeg ook de Instructiegids
voor veiligheid en comfort.
Blessures door overbelasting
Lees zorgvuldig de Instructiegids voor veiligheid en comfort. Hierin wordt
toegelicht hoe u hand- en polsblessures als gevolg van langdurig
toetsenbordgebruik kunt voorkomen. Hoofdstuk 3, Voor u begint, bevat
eveneens informatie over het inrichten van de werkplek, de
lichaamshouding en de verlichting, met behulp waarvan u lichamelijke
overbelasting kunt reduceren.
Verhitting van computeroppervlakken
■ Vermijd langdurig lichamelijk contact met de computer. Indien de
computer gedurende een langere periode is gebruikt, kan het oppervlak
zeer heet worden. Zelfs als de computer niet heet aanvoelt, kan
langdurig lichamelijk contact (bijvoorbeeld wanneer u de computer op
uw schoot of uw handen op de polssteun laat rusten) resulteren in rode
plekken op de huid.
■ De metalen plaat die de I/O-poorten ondersteunt, kan heet worden.
Vermijd daarom rechtstreeks contact met deze plaat na langdurig
computergebruik. Vermijd daarom rechtstreeks contact met deze plaat
na langdurig computergebruik.
■ Het oppervlak van de netadapter kan heet worden wanneer deze wordt
gebruikt. Dit is normaal. Als u de netadapter wilt vervoeren, koppelt u
deze los en laat u deze eerst afkoelen.
■ Plaats de netadapter niet op materiaal dat hittegevoelig is. Het
materiaal kan beschadigd raken.
Gebruikershandleidingx
Page 11
Algemene voorzorgsmaatregelen
Schade door druk of stoten
Zorg dat de computer niet wordt blootgesteld aan zware druk of harde
stoten. Door extreme druk of stoten kunnen computeronderdelen
beschadigd raken of kunnen er storingen ontstaan.
Oververhitting van PC-kaarten
Sommige PC-kaarten kunnen bij langdurig gebruik heet worden.
Oververhitting van een PC-kaart kan resulteren in fouten of onstabiele
werking van de PC-kaart. Ga ook voorzichtig te werk bij het verwijderen
van een PC-kaart die langdurig is gebruikt.
Mobiele telefoons
Het gebruik van mobiele telefoons kan storing veroorzaken in het
audiosysteem. Hoewel de werking van de computer hierdoor niet wordt
beïnvloed, verdient het aanbeveling om tijdens telefoongesprekken een
afstand van minimaal 30 cm te handhaven tussen de computer en de
mobiele telefoon.
Afwijzing van aansprakelijkheid voor CPU-prestaties
De prestaties van de CPU (Central Processing Unit ofwel Centrale
Verwerkingseenheid) in uw computer kunnen afwijken van de specificaties,
onder invloed van de volgende factoren:
■ gebruik van bepaalde randapparaten;
■ gebruik van accuvoeding in plaats van netvoeding;
■ gebruik van bepaalde multimediaspelletjes of video's met speciale
effecten;
■ gebruik van standaardtelefoonlijnen of langzame netwerkverbindingen;
■ gebruik van complexe ontwerpsoftware, bijvoorbeeld geavanceerde
CAD-toepassingen;
■ gebruik van de computer in gebieden met lage luchtdruk (grote hoogte
>1000 meter boven zeeniveau);
■ gebruik van de computer bij temperaturen onder 5°C of boven 35°C, of
boven 25°C op grote hoogte (deze temperatuurlimieten zijn
benaderingen dienen uitsluitend als richtsnoer).
De CPU-prestaties kunnen bovendien afwijken van de specificaties als
gevolg van de ontwerpconfiguratie.
In bepaalde omstandigheden kan het gebeuren dat de computer wordt
uitgeschakeld. Dit is een normale beschermende maatregel ter voorkoming
van gegevensverlies of beschadiging van het product bij gebruik buiten de
aanbevolen omstandigheden. Vermijd het risico van gegevensverlies door
altijd back-ups van gegevens te maken. Dit doet u door de gegevens van
tijd tot tijd op een extern opslagmedium op te slaan. Gebruik de computer
alleen in de aanbevolen omstandigheden ter waarborging van optimale
prestaties. Raadpleeg “Werkomgeving” in bijlage A, Specificaties, .
Neem voor nadere informatie contact op met de TOSHIBA-afdeling voor
service en ondersteuning.
Gebruikershandleidingxi
Page 12
Algemene voorzorgsmaatregelen
Overeenstemming met CE-richtlijnen
Dit product en de oorspronkelijke opties zijn ontworpen conform de
relevante EMC- (Elektromagnetische compatibiliteit) en veiligheidsnormen.
TOSHIBA garandeert echter niet dat dit product nog steeds aan deze
EMC-normen voldoet indien kabels of opties van andere leveranciers zijn
aangesloten of geïmplementeerd. In dat geval moeten de personen die
deze opties/kabels hebben geïmplementeerd/aangesloten, ervoor zorgen
dat het systeem (pc plus opties/kabels) nog steeds aan de vereiste normen
voldoet. Ter voorkoming van EMC-problemen moeten in het algemeen de
volgende richtlijnen in acht worden genomen:
■ Alleen opties met het CE-keurmerk mogen worden aangesloten/
geïmplementeerd.
■ Alleen hoogwaardige afgeschermde kabels mogen worden
aangesloten.
Werkomgeving
Dit product is ontworpen conform de EMC-voorschriften
(elektromagnetische compatibiliteit) voor zogeheten “commerciële, lichtindustriële en woonomgevingen”.
TOSHIBA keurt het gebruik van dit product in andere werkomgevingen dan
de bovengenoemde “commerciële, licht-industriële en woonomgevingen” af.
De volgende omgevingen zijn bijvoorbeeld niet veroorloofd:
■ industriële omgevingen (omgevingen met een netspanning >230V~)
■ omgevingen met medische apparatuur
■ auto’s
■ vliegtuigen
Raadpleeg de paragraaf “Aansluiting op een netwerk” als dit product met
een netwerkpoort is geleverd.
Gevolgen van het gebruik van dit product in niet-geoorloofde
werkomgevingen vallen niet onder de verantwoordelijkheid van TOSHIBA
Europe GmbH.
Mogelijke gevolgen van het gebruik van dit product in niet-geoorloofde
werkomgevingen zijn onder andere:
■ storing van de werking van andere apparaten of machines in de
nabijheid;
■ storing van de werking van dit product, mogelijk resulterend in
gegevensverlies, als gevolg van storingen die worden gegenereerd
door andere apparaten of machines in de nabijheid.
TOSHIBA beveelt gebruikers dan ook met klem aan de elektromagnetische
compatibiliteit van dit product vóór gebruik naar behoren te testen in alle
niet-geoorloofde omgevingen. In het geval van auto’s of vliegtuigen mag dit
product uitsluitend worden gebruikt nadat de fabrikant of
luchtvaartmaatschappij hiervoor toestemming heeft verleend.
Verder is het in verband met algemene veiligheidsoverwegingen verboden
dit product te gebruiken in omgevingen met ontploffingsgevaar.
Gebruikershandleidingxii
Page 13
Algemene voorzorgsmaatregelen
Aansluiting op een netwerk (waarschuwing Klasse A)
Als dit product netwerkcapaciteit heeft en op een netwerk wordt
aangesloten, dienen stralingslimieten voor klasse A in acht te worden
genomen (in overeenkomst met technische conventies). Dit betekent dat
als u het product in een huishoudelijke omgeving gebruikt, storing op
andere apparaten in de nabije omgeving kan optreden. Gebruik dit product
daarom niet in dergelijke omgevingen (bijvoorbeeld in een huiskamer); doet
u dit wel, dan kunt u verantwoordelijk worden gehouden voor hieruit
voortvloeiende storing.
Informatie over het veilig beschrijven van optische media
Zelfs als de software geen problemen meldt, dient u altijd te controleren of
de gegevens correct zijn opgeslagen op beschrijfbare optische media (CDR, CD-RW en dergelijke).
Draadloos LAN en uw gezondheid
Net als andere radioapparaten stralen draadloze LAN-producten
hoogfrequente (HF) elektromagnetische energie uit. Het intensiteitsniveau
van de EMF-energie die door draadloze LAN-apparaten wordt uitgestraald,
is echter aanzienlijk lager dan dat van andere draadloze apparaten zoals
mobiele telefoons.
Aangezien draadloze LAN-producten voldoen aan de richtlijnen zoals
gedefinieerd in HF-veiligheidsnormen en -aanbevelingen, is TOSHIBA van
mening dat draadloos LAN veilig is voor gebruik door klanten. Deze
normen en aanbevelingen vertegenwoordigen de consensus van de
wetenschappelijke wereld en zijn geformuleerd door panels en commissies
van wetenschappers op basis van alle actuele onderzoeksliteratuur.
In sommige situaties of omgevingen kan het gebruik van draadloze LANproducten worden beperkt door de eigenaar van het gebouw of door de
verantwoordelijke medewerkers van de organisatie. Dit kan bijvoorbeeld
van toepassing zijn in de volgende situaties:
■ aan boord van vliegtuigen, of
■ in andere omgevingen waar het risico van storing voor andere
apparaten of diensten als schadelijk wordt aangemerkt.
Als u niet zeker weet welk beleid in een bepaalde organisatie of omgeving
(bijvoorbeeld een luchthaven) van toepassing is op het gebruik van
draadloze apparaten, dient u om toestemming te vragen voordat u het
Wireless LAN-apparaat inschakelt.
Gebruikershandleidingxiii
Page 14
Algemene voorzorgsmaatregelen
Veiligheidsinstructies voor draadloze producten
Als uw computer een draadloze functie heeft, dient u alle
veiligheidsinstructies zorgvuldig te lezen en te begrijpen voordat u probeert
deze functie te gebruiken.
Deze handleiding bevat de veiligheidsinstructies die moeten worden
opgevolgd ter vermijding van potentiële gevaren die kunnen resulteren in
lichamelijk letsel of beschadiging van de draadloze producten.
Beperking van aansprakelijkheid
TOSHIBA is niet aansprakelijk voor schade ten gevolge van een
aardbeving of bliksem, onopzettelijk ontstane brand, acties van derden,
andere ongevallen, opzettelijke of onopzettelijke fouten van de gebruiker,
misbruik of gebruik onder abnormale omstandigheden.
TOSHIBA is niet aansprakelijk voor incidentele schade (winstderving,
bedrijfsonderbreking, enzovoort) ten gevolge van het gebruik of
disfunctioneren van het product.
Toshiba is niet aansprakelijk voor schade ten gevolge van het niet in acht
nemen van de inhoud van de instructiehandleiding.
TOSHIBA is niet aansprakelijk voor schade ten gevolge van foutieve
bediening of vastlopen ten gevolge van het gebruik in combinatie met
producten die niet aan ons bedrijf zijn gerelateerd.
Beperkingen van gebruik
Gebruik de draadloze producten niet voor het besturen van de volgende
apparatuur:
■ Apparatuur die rechtstreeks verband houdt met de instandhouding van
levensfuncties, waaronder:
■ Medische apparatuur zoals ademhalingssystemen, uitrusting voor
de operatiekamer, enzovoort.
■ Uitlaatsystemen voor gassen, bijvoorbeeld gifgassen, en
uitlaatsystemen voor rook.
■ Apparatuur die dient te worden geïnstalleerd in overeenstemming
met verschillende wettelijke voorschriften, zoals
brandveiligheidsvoorschriften of bouwvoorschriften, enzovoort.
■ Apparatuur die in relatie staat tot de bovengenoemde functies.
■ Apparatuur die verband houdt met de veiligheid van mensen of die van
grote invloed zijn op het veilig onderhouden van openbare functies,
enzovoort. De apparatuur is niet ontworpen noch vervaardigd voor deze
doeleinden.
■ Apparatuur voor controle van luchtverkeer, treinverkeer,
wegverkeer, scheepvaartverkeer, enzovoort.
■ Apparatuur voor gebruik in kerncentrales, enzovoort.
■ Apparatuur die in relatie staat tot de bovengenoemde functies.
Gebruikershandleidingxiv
Page 15
Algemene voorzorgsmaatregelen
WAARSCHUWING
Schakel draadloze producten UIT als u zich in een drukke omgeving,
bijvoorbeeld een volle forenzentrein, bevindt.
Houd dit product op ten minste 22 cm afstand van een pacemaker.
Radiogolven kunnen de werking van een pacemaker beïnvloeden en
daarmee leiden tot ademhalingsproblemen.
Schakel draadloze producten UIT als u zich in een medische faciliteit of in
de nabijheid van medische elektrische apparatuur bevindt. Breng
medische elektrische apparatuur niet in de nabijheid van het product.
Radiogolven kunnen de werking van medische elektrische apparatuur
beïnvloeden en daarmee leiden tot ongevallen ten gevolge van
disfunctioneren.
Schakel draadloze producten UIT als u zich in de nabijheid van een
automatische deur, een brandalarminstallatie of andere apparatuur voor
automatische controle bevindt.
Radiogolven kunnen de werking van apparatuur voor automatisch beheer
beïnvloeden en daarmee leiden tot ongevallen ten gevolge van
disfunctioneren.
Schakel draadloze producten NIET in als u zich in een vliegtuig bevindt of
op plaatsen waar radiostoring wordt gegenereerd of kan worden
gegenereerd.
Radiogolven kunnen op deze plaatsen invloed hebben en leiden tot
ongevallen ten gevolge van disfunctioneren.
Let op mogelijke radiostoring of andere problemen met andere apparatuur
terwijl het product wordt gebruikt. Schakel het draadloze product UIT als
enige invloed merkbaar is.
Radiogolven kunnen de werking van andere apparatuur beïnvloeden en
daarmee leiden tot ongevallen ten gevolge van disfunctioneren.
Als u het product in de auto gebruikt, dient u bij de leverancier van de auto
te informeren of de auto voorzien is van voldoende elektromagnetische
compatibiliteit (EMC).
Radiogolven veroorzaakt door het product kunnen de rijveiligheid
beïnvloeden.
Afhankelijk van het model auto kan het product in zeldzame gevallen
invloed hebben op de elektronische apparatuur in de auto, indien
aanwezig.
Gebruikershandleidingxv
Page 16
Algemene voorzorgsmaatregelen
OPMERKING
Gebruik dit product niet in de volgende omgevingen:
In de nabijheid van een magnetronoven of andere apparatuur die een
magnetisch veld genereert.
In de nabijheid van plaatsen of apparaten die statische elektriciteit of
radiostoring genereren.
Op plaatsen waar het product onbereikbaar is voor radiogolven
Gefeliciteerd met uw nieuwe computer uit de TOSHIBA L10-serie. Deze
krachtige, hoogpresterende notebook staat garant voor jarenlang
betrouwbaar computergebruik en biedt uitstekende
uitbreidingsmogelijkheden, bijvoorbeeld voor multimedia-apparaten.
In deze handleiding wordt uitgelegd hoe u uw computer uit de TOSHIBA
L10-serie gebruiksklaar maakt en ermee aan de slag gaat. Verder wordt
gedetailleerde informatie gegeven over het configureren van de computer,
elementaire bewerkingen en onderhoud, het gebruik van optionele
apparaten en probleemoplossing.
Als u nog nooit een computer hebt gebruikt of nog nooit met een portable
hebt gewerkt, leest u eerst de hoofdstukken Inleiding en Rondleiding om
uzelf vertrouwd te maken met de voorzieningen, onderdelen en
accessoires van de computer. Vervolgens leest u Voor u begint voor
stapsgewijze instructies voor het gebruiksklaar maken van de computer.
Bent u een ervaren computergebruiker, dan leest u dit voorwoord verder
door om inzicht te krijgen in de indeling van deze handleiding, waarna u de
handleiding kunt doorbladeren om ermee vertrouwd te raken. Besteed met
name aandacht aan de paragraaf Specificaties in de Inleiding om kennis te
maken met de voorzieningen die bijzonder of uniek zijn voor de computers.
Als u PC-kaarten gaat installeren of externe apparaten zoals een monitor
gaat aansluiten, dient u hoofdstuk 7, Optionele apparaten, te lezen.
handleiding
Deze handleiding bestaat uit de volgende negen hoofdstukken, zeven
bijlagen, een woordenlijst en een index.
Hoofdstuk 1, Inleiding, biedt een overzicht van de voorzieningen,
mogelijkheden en opties van de computer.
In hoofdstuk 2, Rondleiding, worden de onderdelen van de computer
geïdentificeerd en kort toegelicht.
In hoofdstuk 3, Voor u begint, wordt beknopt uitgelegd hoe u met de
computer aan de slag gaat en worden tips gegeven over veiligheid en het
inrichten van uw werkplek.
Gebruikershandleidingxxiii
Page 24
Hoofdstuk 4, Grondbeginselen, bevat aanwijzingen voor het gebruik van de
volgende apparaten en functies: touchpad, optioneel USB-diskettestation,
audio-/videobedieningsknoppen, geluidssysteem, optische stations,
modem, draadloze communicatie en LAN. U krijgt ook tips voor het
onderhoud van de computer en het omgaan met diskettes en CD's/DVD's.
In hoofdstuk 5, Het toetsenbord, worden speciale toetsenbordfuncties
beschreven, zoals de geïntegreerde numerieke toetsen en de sneltoetsen.
Hoofdstuk 6, Stroomvoorziening en spaarstanden, biedt informatie over de
voedingsbronnen en energiebesparingsmodi van de computer.
In hoofdstuk 7, Optionele apparaten, wordt beschreven welke optionele
hardware beschikbaar is.
Hoofdstuk 8, Probleemoplossing, biedt nuttige informatie over het uitvoeren
van diagnostische tests en suggesties voor de beste handelwijze als de
computer niet correct lijkt te werken.
De bijlagen verschaffen technische informatie over de computer.
De Woordenlijst bevat definities van algemene computertermen en
acroniemen die in de tekst worden gebruikt.
Met behulp van de Index kunt u snel informatie in deze handleiding
opzoeken.
Conventies
In deze handleiding worden de volgende notatieconventies gebruikt voor
het beschrijven, identificeren en markeren van termen en
bedieningsprocedures.
Voorwoord
Afkortingen
Wanneer een afkorting voor het eerst wordt gebruikt, wordt deze gevolgd
door een verklaring (al dan niet tussen haakjes). Bijvoorbeeld: ROM (Read
Only Memory). Acroniemen worden tevens gedefinieerd in de woordenlijst.
Pictogrammen
Pictogrammen identificeren poorten, regelaars en andere delen van de
computer. Het paneel met systeemlampjes gebruikt tevens pictogrammen
ter aanduiding van de onderdelen waarover het informatie verschaft.
Toetsen
De toetsenbordtoetsen worden in de tekst gebruikt ter beschrijving van een
aantal computerbewerkingen. De toetsopschriften die op het toetsenbord te
zien zijn, worden in een ander lettertype gedrukt. Enter duidt bijvoorbeeld
de Enter-toets aan.
Gebruikershandleidingxxiv
Page 25
Gebruik van toetsen
Voor sommige bewerkingen moet u tegelijkertijd twee of meer toetsen
indrukken. Dergelijke bewerkingen worden aangeduid door een plusteken
(+) tussen de toetsopschriften. Zo betekent Ctrl + C dat u op C moet
drukken terwijl u Ctrl ingedrukt houdt. Als er drie toetsen worden gebruikt,
houdt u de eerste twee ingedrukt en drukt u tegelijkertijd op de derde.
Voorwoord
ABCAls in procedures een actie moet worden
uitgevoerd, zoals het klikken op een pictogram of
het invoeren van tekst, wordt de naam van het
pictogram of wordt de tekst die moet worden
ingevoerd, weergegeven in het lettertype dat hier
links is afgebeeld.
Beeldscherm
SABC
De namen van vensters en pictogrammen, en
door de computer gegenereerde tekst die op het
beeldscherm verschijnt, worden in het links
weergegeven lettertype gedrukt.
Mededelingen
Mededelingen worden in deze handleiding gebruikt om u attent te maken
op belangrijke informatie. Elk type mededeling wordt aangeduid zoals
hieronder wordt geïllustreerd.
Attentie! In dit soort mededelingen wordt u gewaarschuwd dat incorrect
gebruik van apparatuur of het negeren van instructies kan resulteren in
gegevensverlies of beschadiging van de apparatuur.
Opmerking. Een opmerking is een tip of aanwijzing die u helpt de
apparatuur optimaal te gebruiken.
Duidt op een potentieel gevaarlijke situatie die bij veronachtzaming van de
instructies kan leiden tot ernstig of dodelijk letsel.
Gebruikershandleidingxxv
Page 26
TOSHIBA L10-serie
Inleiding
Dit hoofdstuk bevat een controlelijst van de apparatuur en beschrijft de
voorzieningen, opties en accessoires van de computer.
Sommige voorzieningen die in deze handleiding worden toegelicht,
functioneren wellicht niet correct als u een besturingssysteem gebruikt dat
niet vooraf door TOSHIBA is geïnstalleerd.
Controlelijst van apparatuur
Verwijder de computer voorzichtig uit de verpakking. Berg de doos en het
verpakkingsmateriaal op voor toekomstig gebruik.
Hardware
Controleer of u de volgende items hebt:
■ TOSHIBA L10-serie Draagbare personal computer
■ universele netadapter en netsnoer
■ modemkabel (optioneel, afhankelijk van het gekochte model)
Hoofdstuk 1
U moet de accu installeren voordat u deze computer kunt gebruiken.
Raadpleeg de paragraaf De accu-eenheid installeren in hoofdstuk 3, Voor
u begint.
Gebruikershandleiding1-1
Page 27
Software
Windows® XP Home Edition of Professional
De volgende software is vooraf geïnstalleerd:
®
■ Microsoft
■ modemstuurprogramma
■ beeldschermstuurprogramma voor Windows®
■ TOSHIBA Hulpprogramma’s
■ stuurprogramma voor draadloos LAN (kan alleen worden gebruikt
voor modellen met draadloos LAN)
■ geluidsstuurprogramma voor Windows
■ DVD-videospeler
■ LAN-stuurprogramma
■ stuurprogramma voor het aanwijsapparaat
■ TOSHIBA Gebruikershandleiding
■ TOSHIBA Console
■ TOSHIBA ConfigFree
■ TOSHIBA Aanraken en starten
■ TOSHIBA-hulpprogramma Touchpad aan/uit
■ TOSHIBA PC-diagnoseprogramma
■ TOSHIBA-hulpprogramma Zoom
Er is mogelijk andere software vooraf geïnstalleerd, afhankelijk van het
gekochte model.
Windows® XP Home Edition of Professional
®
Inleiding
Documentatie
■ TOSHIBA L10-serie Gebruikershandleiding
■ TOSHIBA L10 Aan de slag *
■ Instructiegids voor veiligheid en comfort
■ Garantie-informatie
Backupmedia en extra software
■ Schijf Productherstel
■ CD-ROM Tools & hulpprogramma's *
■ CD met extra software *
* geeft een optioneel onderdeel aan dat afhangt van het gekochte model.
Als een of meer items ontbreken of beschadigd zijn, neemt u onmiddellijk
contact op met uw dealer.
Gebruikershandleiding1-2
Page 28
Voorzieningen
Dankzij de geavanceerde LSI- en CMOS-technologie (Large Scale
Integration- en Complementary Metal-Oxide Semiconductor-technologie)
van TOSHIBA is de computer compact, licht van gewicht, uiterst
betrouwbaar en energiezuinig. Deze computer biedt de volgende
voorzieningen en voordelen:
Processor
Inleiding
Ingebouwd
De computer is uitgerust met een Intel
processor.
Intel® Celeron® M-processor met ingebouwd
Level 2-cachegeheugen van 1 MB.
Intel® Celeron® M-processor 350 (1,3 GHz) of
hoger.
Wellicht worden in de toekomst andere
processors uitgebracht
®
-
Geheugen
SleuvenIn de geheugensleuven kunnen twee optionele
geheugenmodules van 256 MB of 512 MB
worden geïnstalleerd voor een maximaal
systeemgeheugen van 1 GB.
Voordat u een nieuwe geheugenmodule van 512 MB installeert, dient u
reeds geïnstalleerde geheugenmodules te verwijderen.
Video-RAMMaximaal 64 MB RAM voor videoweergave.
Gebruikershandleiding1-3
Page 29
Inleiding
Aan/uit
Accu-eenheidDe computer wordt van stroom voorzien door
een oplaadbare lithium-ion accu-eenheid
(4300 mAh).
RTC-batterijDe computer bevat een interne batterij voor de
interne RTC (Real Time Clock) en kalender.
NetadapterDe universele netadapter voorziet het systeem
van stroom en laadt de accu’s op wanneer deze
opraken. De adapter wordt geleverd met een
verwisselbaar netsnoer.
Aangezien de netadapter universeel is,
ondersteunt hij netspanningen tussen 100 en
240 volt; de uitgangsstroom varieert echter al
naar gelang het model. Gebruik van het
verkeerde model netadapter kan resulteren in
beschadiging van de computer. Raadpleeg de
paragraaf Netadapter in hoofdstuk 2,
Rondleiding,.
Schijfstations
Vaste schijfBeschikbaar in twee grootten:
■ 37,26 GB (40,0 miljard bytes)
■ 55,88 GB (60,0 miljard bytes)
Wellicht komen in de toekomst andere vaste
schijven beschikbaar.
USB-diskettestation
(optioneel)
Computers in deze serie kunnen worden geconfigureerd met een
ingebouwd optisch station. In de volgende tabel worden de beschikbare
optische stations beschreven.
Gebruikershandleiding1-4
Dit station ondersteunt 3,5-inch diskettes met
een capaciteit van 1,44 MB of 720 KB. Het
station wordt aangesloten op een USB-poort.
Page 30
Inleiding
DVD-ROM- & CD-R/
RW-station.
DVD Super Multistation
Sommige modellen zijn uitgerust met een DVDROM- en CD-R/RW-stationsmodule van volledige
grootte waarmee u CD’s/DVD’s zonder adapter
kunt uitvoeren. De maximale leessnelheid is
8-speed voor DVD-ROM’s en 24-speed voor
CD-ROM’s. De maximale schrijfsnelheid is
24-speed voor CD-R’s en CD-RW’s. Dit station
ondersteunt de volgende indelingen:
■ CD-R
■ CD-RW
■ DVD-ROM
■ DVD-video
■ CD-DA
■ CD-Text
■ Photo CD™ (single/multi-sessie)
■ CD-ROM Mode 1, Mode 2
■ CD-ROM XA Mode 2 (Form1, Form2)
■ Enhanced CD (CD-EXTRA)
Sommige modellen zijn uitgerust met een DVD
Super Multi-stationsmodule van volledige grootte
waarmee u zonder adapter gegevens op
herschrijfbare CD's/DVD's kunt vastleggen en
CD’s/DVD's van 12 cm (4,72 inch) of 8 cm
(3,15 inch) cm kunt lezen. De maximale
leessnelheid is 8-speed voor DVD-ROM’s en
24-speed voor CD-ROM’s. CD-R's kunnen
worden geschreven op 24-speed,
CD-RW's op 10-speed, DVD-R's op maximaal
8-speed en DVD-RW's op maximaal 4-speed. De
maximale schrijfsnelheid voor DVD+R's bedraagt
8-speed en voor DVD+RW's 4-speed.
DVD-RAM's worden geschreven op maximaal
3-speed. Dit station ondersteunt dezelfde
indelingen als het DVD-RW- en CD-R/RW-station
en ondersteunt daarnaast de volgende
indelingen.
■ DVD+R
■ DVD+RW
■ DVD-RAM
■ DVD-R
■ DVD-RW
Gebruikershandleiding1-5
Page 31
Inleiding
Beeldscherm
Het LCD-scherm van de computer ondersteunt videobeelden met hoge
resolutie. Het scherm kan in diverse standen worden gezet voor maximaal
comfort en optimale leesbaarheid.
Ingebouwd15-inch XGA TFT-scherm, 16 miljoen kleuren,
met de volgende resolutie:
XGA, 1024 horizontale × 768 verticale pixels
Grafische controllerGrafische controller voor optimale
beeldschermprestaties. Raadpleeg de paragraaf
Beeldschermcontroller en videomodi in bijlage B,
Beeldschermcontroller en videomodi, voor meer
informatie.
Toetsenbord
Ingebouwd84 of 85 toetsen, compatibel met IBM uitgebreid
toetsenbord, geïntegreerde numerieke toetsen,
vaste cursorbesturingstoetsen, en de toetsen
en . Raadpleeg hoofdstuk 5, Het toetsenbord,
voor meer informatie.
Aanwijsapparaat
Ingebouwd touchpad Met het touchpad en de besturingsknoppen in de
polssteun kunt u de schermaanwijzer
verplaatsen en door de inhoud van vensters
schuiven.
De USB 2.0-compatibele poorten van de
computer ondersteunen
gegevensoverdrachtsnelheden die veertigmaal
hoger liggen dan die van de USB 1.1-norm. (De
poorten ondersteunen tevens USB 1.1.)
Sleuven
PC-kaartDe PC-kaartsleuf biedt ruimte voor een PC-kaart
van 5 mm (Type II).
Gebruikershandleiding1-6
Page 32
Multimedia
GeluidssysteemHet geluidssysteem, dat compatibel is met
Windows® Sound System, bestaat uit
luidsprekers en aansluitingen voor een externe
microfoon en hoofdtelefoon.
Inleiding
Video-outaansluiting
(S-Video)
Via de video-out-aansluiting kunt u
videogegevens naar externe apparaten zenden.
De gegevensuitvoer is afhankelijk van het type
apparaat dat aan de S-Video-kabel is gekoppeld.
(Niet alle modellen ondersteunen deze functie.)
Audio-/
videobedieningsknoppen
Met de audio-/videobedieningsknoppen kunt u
het optische station van de computer gebruiken.
U kunt de knoppen tevens gebruiken om
Windows
®
Media Player en de audio-CD- of
DVD-videospeler van de computer te besturen
wanneer het systeem is ingeschakeld.
Hoofdtelefoonaansluiting
Microfoonaansluiting
Via deze aansluiting worden analoge
audiosignalen uitgevoerd.
Op de 3,5-mm mini-microfoonaansluiting kan
een drie-aderige miniplug voor monomicrofooninvoer worden aangesloten.
Communicatie
ModemDe ingebouwde modem voorziet in gegevens- en
faxcommunicatie en ondersteunt V.90 (V.92). De
snelheid van gegevens- en faxverzending is
afhankelijk van de toestand van de analoge
telefoonlijn. Het modem heeft een modempoort
voor aansluiting op een telefoonlijn. V.92 wordt
uitsluitend in de VS, Canada, Australië,
Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk
ondersteund. In andere gebieden is alleen V.90
beschikbaar.
Gebruikershandleiding1-7
Page 33
Inleiding
LANDe computer biedt ingebouwde ondersteuning
voor Ethernet LAN (10 megabits per seconde,
10BASE-T) en Fast Ethernet LAN (100 megabits
per seconde, 100BASE-Tx).
Draadloos LANDe functie voor draadloos LAN is niet op alle
modellen beschikbaar. Als deze functie wel
aanwezig is, ondersteunt deze de B- en Gstandaard, maar is deze ook compatibel met
andere LAN-systemen die zijn gebaseerd op de
Direct Sequence Spread Spectrum/Orthogonal
Frequency Division Multiplexing-radiotechnologie
die voldoet aan de IEEE 802.11-standaard.
■ Automatische selectie van de
verzendsnelheid in het verzendbereik 54, 48,
36, 24, 18, 12, 9 en 6 Mbit/s (IEEE 802.11g)
■ Automatische selectie van de
verzendsnelheid in het verzendbereik 11, 5,5,
2 en 1 Mbit/s (IEEE 802.11b)
■ Zwerven (roaming) over meerdere kanalen
■ Kaartenergiebeheer
■ WEP-gegevenscodering (WEP = Wired
Equivalent Privacy), gebaseerd op 128-bits
coderingsalgoritme
■ AES-gegevenscodering (AES = Advanced
Encryption Standard), gebaseerd op het
128-bits coderingsalgoritme.
Gebruikershandleiding1-8
Page 34
Software
Inleiding
Besturingssysteem
TOSHIBA
Hulpprogramma’s
Plug en PlayWanneer u een extern apparaat op de computer
Speciale voorzieningen
De volgende voorzieningen zijn uniek voor TOSHIBA-computers of zijn
geavanceerde voorzieningen die het gebruik van de computer
vergemakkelijken.
Houd er rekening mee dat bij de beschrijving van het starten van bepaalde
speciale functies wordt uitgegaan van de categorieweergave van
Configuratiescherm. De beschrijving verschilt voor de klassieke
weergave.
®
Windows
Professional Edition en TOSHIBA
Hulpprogramma’s en stuurprogramma’s vooraf
op de vaste schijf geïnstalleerd. Raadpleeg de
paragraaf Software aan het begin van dit
hoofdstuk.
Een aantal hulp- en stuurprogramma’s is vooraf
geïnstalleerd om het gebruik van de computer te
vergemakkelijken. Raadpleeg de paragraaf
Hulpprogramma's in dit hoofdstuk.
aansluit of een onderdeel installeert, stelt de Plug
en Play-capaciteit het systeem in staat om de
verbinding te herkennen en automatisch de
nodige configuratiewijzigingen aan te brengen.
XP Home Edition of Windows® XP
SneltoetsenDoor middel van deze toetscombinaties kunt u de
Geïntegreerde
numerieke toetsen
Gebruikershandleiding1-9
systeemconfiguratie snel wijzigen zonder een
programma voor systeemconfiguratie te hoeven
gebruiken.
Het toetsenbord heeft tien geïntegreerde
numerieke toetsen. Raadpleeg de paragraaf
Geïntegreerde numerieke toetsen in hoofdstuk 5,
Het toetsenbord, voor informatie over het
gebruik van deze toetsen.
Page 35
Inleiding
Wachtwoord voor
opstarten
Er zijn twee niveaus van wachtwoordbeveiliging:
supervisor en gebruiker. Hierdoor kunt u
voorkomen dat onbevoegden uw computer
gebruiken.
Als u een supervisorwachtwoord wilt instellen,
dubbelklikt u op TOSHIBA Console op het
bureaublad. Klik op de tab Beveiliging en start
het hulpprogramma Supervisorwachtwoord.
Als u een gebruikerswachtwoord wilt instellen,
klikt u op Start, Configuratiescherm, Printers en andere hardware, TOSHIBA HWSetup. Op
het tabblad Wachtwoord kunt u een
gebruikerswachtwoord instellen.
Directe beveiligingMet de sneltoets Fn + F1kunt u het scherm
leegmaken en de computer blokkeren; deze
functie dient voor gegevensbeveiliging.
Beeldscherm
automatisch
uitschakelen
Met deze functie wordt de stroom naar het
interne beeldscherm automatisch stopgezet als
het toetsenbord of aanwijsapparaat een
bepaalde tijd niet is gebruikt. De
stroomvoorziening wordt hersteld zodra een
toets wordt ingedrukt of het aanwijsapparaat
wordt gebruikt. U stelt de tijdsduur in door te
klikken op Start, Configuratiescherm, Prestaties en onderhoud, Energiebeheer. Op
het tabblad Energiebeheerschema's kunt u een
tijdsduur instellen voor Beeldscherm
uitschakelen.
Vaste schijf
automatisch
uitschakelen
Met deze functie wordt de stroom naar de vaste
schijf automatisch stopgezet als gedurende een
bepaalde tijd geen vasteschijfactiviteit heeft
plaatsgevonden. De stroomvoorziening wordt
hersteld zodra de vaste schijf wordt gebruikt. U
stelt de tijdsduur in door te klikken op Start,
Configuratiescherm, Prestaties en
onderhoud, Energiebeheer. Op het tabblad
Energiebeheerschema's kunt u een tijdsduur
instellen voor Vaste schijven uitschakelen.
Gebruikershandleiding1-10
Page 36
Inleiding
Systeem stand-by/in
slaapstand
Intelligente
stroomvoorziening
Energiebesparingsmodus
In-/uitschakelen via
LCD
Automatische
slaapstand bij lage
acculading
Met deze functie wordt het systeem automatisch
op stand-by of in de slaapstand gezet als een
bepaalde tijd lang geen invoer of
hardwareactiviteit heeft plaatsgevonden. U stelt
de tijdsduur in door te klikken op Start,
Configuratiescherm, Prestaties en
onderhoud, Energiebeheer. Op het tabblad
Energiebeheerschema's kunt u een tijdsduur instellen voor Systeem op stand-by of Systeem
in slaapstand.
Een microprocessor in de intelligente
stroomvoorziening van de computer detecteert
de acculading en berekent de resterende
accucapaciteit. De microprocessor beschermt de
elektronische onderdelen tevens tegen
ongewone omstandigheden, zoals extreme
spanningspieken vanuit een voedingsbron. U
controleert de resterende accucapaciteit door te
klikken op Start, Configuratiescherm, Prestaties en onderhoud, Energiebeheer en
vervolgens op de tab Energiemeter.
Met deze voorziening kunt u accu-energie
besparen. U stelt de energiebesparingsmodus in
door te klikken op Start, Configuratiescherm,Prestaties en onderhoud, Energiebeheer. Op
het tabblad Energiebeheerschema's kunt u een
modus kiezen onder Energiebeheerschema's.
Met deze functie wordt de stroom naar de
computer uitgeschakeld wanneer het LCDscherm wordt gesloten, en weer ingeschakeld
zodra het scherm wordt geopend. Selecteer een
instelling door te klikken op Start,
Configuratiescherm, Prestaties en
onderhoud, Energiebeheer en het tabblad
Geavanceerd.
Als de acculading zover is gedaald dat u de
computer niet meer kunt gebruiken, wordt
automatisch de slaapstand geactiveerd en wordt
het systeem afgesloten. Selecteer een instelling
door te klikken op Start, Configuratiescherm,Prestaties en onderhoud, Energiebeheer en
het tabblad Waarschuwingen.
Gebruikershandleiding1-11
Page 37
SlaapstandMet deze functie kunt u de stroom uitschakelen
Stand-byAls u uw werk moet onderbreken, kunt u de
Hulpprogramma's
In dit gedeelte worden vooraf geïnstalleerde hulpprogramma’s beschreven
en wordt toegelicht hoe u de programma’s start. Raadpleeg de online
handleiding, de Help-bestanden of het bestand Leesmij.txt bij elk
hulpprogramma voor informatie over bewerkingen.
Houd er rekening mee dat bij de beschrijving van het starten van bepaalde
hulpprogramma's wordt uitgegaan van de categorieweergave van
Configuratiescherm. De beschrijving verschilt voor de klassieke
weergave.
Inleiding
zonder de software te hoeven sluiten. De inhoud
van het hoofdgeheugen wordt op de vaste schijf
opgeslagen, en wanneer u de computer weer
aanzet, kunt u uw werk hervatten op de plaats
waar u was opgehouden. Raadpleeg de
paragraaf De computer uitschakelen in hoofdstuk
3, Voor u begint, voor meer informatie.
computer uitschakelen zonder de software te
hoeven sluiten: de gegevens worden bewaard in
het hoofdgeheugen van de computer. Wanneer u
de computer weer aanzet, kunt u uw werk
hervatten op de plaats waar u was opgehouden.
TOSHIBA ConsoleTOSHIBA Console is een grafische
HW SetupMet dit programma kunt u uw hardware-
DVD-videospelerDe DVD-videospeler wordt gebruikt om DVD-
Gebruikershandleiding1-12
gebruikersinterface waarmee u gemakkelijk
toegang tot Help en services kunt verkrijgen.
instellingen aanpassen aan uw werkwijzen en de
randapparaten die u gebruikt. U start het
hulpprogramma door te klikken op Start en op
Configuratiescherm. Klik op
Configuratiescherm, Printers en andere
hardware en vervolgens op het pictogram
TOSHIBA HW Setup.
video’s af te spelen. Het programma bevat een
scherminterface en functies. Klik op Start, wijs
Alle programma's en InterVideoWinDVD aan
en klik op InterVideo WinDVD.
Page 38
Inleiding
TOSHIBAhulpprogramma
Zoom
Met dit hulpprogramma kunt u de pictogrammen
op het bureaublad of in het toepassingsvenster
vergroten of verkleinen.
U start het TOSHIBA-hulpprogramma Zoom door
te klikken op Start. Selecteer Alle programma's,
TOSHIBA en Hulpprogramma's en klik tot slot
op Zoom.
RecordNow! Basic
voor TOSHIBA
U kunt CD's/DVD's in verschillende indelingen
maken: audio-CD's die op een gewone stereoCD-speler kunnen worden afgespeeld, en dataCD's voor het opslaan van de bestanden en
mappen op uw vaste schijf. Deze software kan
worden gebruikt op een model met een
DVD-ROM- en CD-R/RW-station of een DVD
Super Multi-station.
DLA voor TOSHIBADLA (Drive Letter Access ofwel
stationslettertoegang) is het
pakketschrijfprogramma waarmee bestanden en/
of mappen via een stationsletter naar een
DVD+RW-, DVD-RW- of CD-RW-schijf kunnen
worden geschreven, op dezelfde manier als naar
een diskette of andere verwisselbare schijven.
TOSHIBA PCdiagnoseprogramma
Het TOSHIBA PC-diagnoseprogramma toont
basisinformatie over de pc en test ingebouwde
apparaten. U start het TOSHIBA PCdiagnoseprogramma door te klikken op Start.
Wijs vervolgens Alle programma’s, TOSHIBA
en Hulpprogramma’s aan en klik op PC-
diagnoseprogramma.
TOSHIBA ConfigFree ConfigFree is een programmapakket waarmee
communicatieapparaten en netwerkverbindingen
op simpele wijze kunnen worden beheerd. Met
ConfigFree kunt u tevens
communicatieproblemen opsporen en profielen
maken waarmee u eenvoudig tussen locaties en
communicatienetwerken kunt schakelen.
U start ConfigFree door te klikken op Start.
Selecteer vervolgens Alle programma's,
TOSHIBA en Hulpprogramma's en klik tot slot
op ConfigFree.
Gebruikershandleiding1-13
Page 39
Inleiding
TOSHIBAhulpprogramma
Touchpad aan/uit
TOSHIBA Aanraken
en starten
Als u op Fn + F9 drukt, wordt de touchpadfunctie
in- of uitgeschakeld. Wanneer u op deze
sneltoets drukt, wordt de huidige instelling
veranderd en als pictogram weergegeven.
Het hulpprogramma TOSHIBA Aanraken en
starten vergemakkelijkt diverse touchpadtaken.
TOSHIBA Aanraken en starten komt van pas als
u het volgende wilt doen:
■ een bestand openen waarvan het
bureaubladpictogram achter een venster
schuilgaat;
■ Een pagina in het menu Favorieten
van Internet Explorer openen.
■ een lijst weergeven met actieve vensters en
een ander venster activeren.
TOSHIBA Aanraken en starten biedt tevens de
volgende functies door aanpassing van de
instellingen.
■ een bestand openen dat in een vooraf
gedefinieerde map is opgeslagen;
■ snel uw veelgebruikte toepassingen starten.
U start TOSHIBA Aanraken en starten door te
klikken op Start. Selecteer Alle programma's,
TOSHIBA en Hulpprogramma's en klik tot slot
op Aanraken en starten.
Gebruikershandleiding1-14
Page 40
Opties
Inleiding
U kunt uw computer nog krachtiger en gebruikersvriendelijker maken door
een aantal opties toe te voegen. Raadpleeg hoofdstuk 7, Het toetsenbord,
voor meer informatie. De volgende opties zijn beschikbaar:
Geheugenuitbreiding
Accu-eenheidU kunt een extra accu-eenheid bij uw TOSHIBA-
NetadapterAls u de computer regelmatig op verschillende
U kunt gemakkelijk een geheugenmodule van
256 MB, 512 MB of 1.024 MB (PC2100/PC2700
DDR) in de computer installeren. (De PC2700
werkt op dezelfde manier als de PC2100)
dealer kopen. U kunt deze als reserve-exemplaar
of ter vervanging gebruiken.
Accu-eenheid (4300 mAh)
locaties gebruikt, is het wellicht een goed idee
om voor elke locatie een extra netadapter te
kopen: u hoeft de adapter dan niet telkens mee
te nemen.
diskettes van 1,44 megabyte of 720 kilobyte. Het
station wordt aangesloten op een USB-poort. (In
Windows XP
formatteren, maar u kunt wel reeds
geformatteerde diskettes gebruiken.)
®
kunt u diskettes van 720 KB niet
Gebruikershandleiding1-15
Page 41
TOSHIBA L10-serie
Hoofdstuk 2
Rondleiding
In dit hoofdstuk worden de verschillende onderdelen van de computer
geïdentificeerd. Maak uzelf vertrouwd met elk onderdeel voordat u met de
computer aan de slag gaat.
Voorkant met gesloten beeldscherm
De volgende afbeelding illustreert de voorkant van de computer met het
beeldscherm gesloten.
LuidsprekerBeeldschermv
Voorkant van de computer met gesloten beeldscherm
LuidsprekersVia de luidsprekers kunt u het geluid horen dat
Beeldschermvergrendeling
Gebruikershandleiding2-1
ergrendeling
door uw software wordt gegenereerd, en de
geluidssignalen die door het systeem worden
gegenereerd, bijvoorbeeld als de accu bijna leeg
is.
Deze vergrendelingsschuif zet het LCD-scherm
vast wanneer dit gesloten is. Duw de
vergrendelingsschuif opzij om het beeldscherm
te openen.
Schakelaar voor
draadloze
communicatie
Luidspreker
Page 42
Rondleiding
Schakelaar voor
draadloze
communicatie
Zet de schakelaar in vliegtuigen en ziekenhuizen op uit. Controleer het
lampje voor draadloze activiteit. Het lampje brandt niet wanneer de functie
voor draadloze communicatie is uitgeschakeld.
Linkerkant
De volgende afbeelding illustreert de linkerkant van de computer.
Poort voor externe
monitor
Poort voor externe
monitor
Druk hierop om de functie voor draadloos LAN in
of uit te schakelen. (Niet beschikbaar op alle
modellen.)
Luchtopeningen
USB-poortenMicrofoon-
De linkerkant van de computer
Hoofdtelefoonaansluiting
aansluiting
PC-kaartsleuf
Op deze 15-pens poort kunt u een extern
beeldscherm aansluiten. De analoge VGA-poort
ondersteunt VESA DDC2B-compatibele functies.
LuchtopeningenDe luchtopeningen dienen om de CPU te
beschermen tegen oververhitting.
Zorg dat de luchtopeningen niet worden geblokkeerd en dat er geen
voorwerpen, zoals spelden of soortgelijke voorwerpen, in terechtkomen
die de schakelingen van de computer kunnen beschadigen.
Gebruikershandleiding2-2
Page 43
Rondleiding
Universal Serial Buspoorten (USB 2.0)
Er bevinden zich twee USB-poorten aan de
linkerkant. De poorten zijn compatibel met USB
2.0, waarmee gegevens veertigmaal sneller
worden overgezet dan met USB 1.1. De poorten
ondersteunen ook USB 1.1.) Zorg dat er geen
voorwerpen in de USB-aansluitingen
terechtkomen. Een speld of soortgelijk voorwerp
kan de schakelingen van de computer
beschadigen. Niet alle functies van alle USBapparaten zijn getest. Daarom werken sommige
niet-geteste apparaten van andere fabrikanten
mogelijk niet correct.
Microfoonaansluiting
Op de 3,5-mm mini-microfoonaansluiting kan
een drie-aderige miniplug voor monomicrofooninvoer worden aangesloten.
Hoofdtelefoonaansluiting
Via deze aansluiting worden analoge
audiosignalen uitgevoerd.
PC Card-sleufDe PC-kaartsleuf biedt ruimte voor een PC-kaart
van 5 mm (Type II). De sleuf ondersteunt 16-bits
PC-kaarten en CardBus-PC-kaarten.
Gebruikershandleiding2-3
Page 44
Rechterkant
De volgende afbeelding illustreert de rechterkant van de computer.
Rondleiding
ODD-lampje
UitwerpknopNooduitwerpknopVast optisch station
De rechterkant van de computer
Vast optisch stationDe computer is uitgerust met een optisch-
stationsmodule van volledige grootte waarin u
schijven van 12 cm (4,72 inch) of 8 cm
(3,15 inch) zonder adapter kunt gebruiken.
Raadpleeg het gedeelte Ingebouwde optische
stations in dit hoofdstuk voor technische
specificaties voor elk station, en hoofdstuk 4,
Grondbeginselen, voor informatie over het
gebruik van het station en het omgaan met
schijven.
De volgende stations zijn beschikbaar:
■ DVD-ROM- en CD-R/RW-station
■ DVD Super Multi-station
Uitwerpknop
Druk hierop om de stationslade te openen.
NooduitwerpknopDruk op deze knop om de stationslade
handmatig te openen indien het station op
onverklaarbare wijze blokkeert of niet meer
reageert.
ODD-lampjeHet ODD-lampje brand amber wanneer de
computer toegang heeft tot het optische station.
Gebruikershandleiding2-4
Page 45
Achterkant
De volgende afbeelding illustreert de achterkant van de computer (deze
verschilt per model).
Gelijkstroomingang (19 V)
USB-poort
Rondleiding
Modemaansluiting
Video-out-aansluiting
Universal Serial Buspoort (USB 2.0)
Gelijkstroomingang
(19 V)
Achterkant van de computer
Op de rechterkant bevindt zich een USB-poort.
Raadpleeg de paragraaf Linkerkant voor details.
Op deze ingang wordt de netadapter
aangesloten. Gebruik alleen het model
LAN-aansluiting
netadapter dat bij de computer is geleverd.
Gebruik van de verkeerde adapter kan resulteren
in beschadiging van de computer.
Video-outaansluiting
Koppel een S-Video-kabel aan deze poort voor
de uitvoer van videosignalen. De S-Video-kabel
verzendt videosignalen. (Niet beschikbaar op alle
modellen.)
ModempoortIn gebieden waarin standaard een interne
modem is geïnstalleerd, beschikt u over een
modempoort waarmee u de modem via een
modulaire kabel rechtstreeks op een telefoonlijn
kunt aansluiten.
■ Bij onweer dient u de modemkabel uit de
telefoonaansluiting te verwijderen.
■ Sluit de modem niet op een digitale
telefoonlijn aan. Hierdoor zal de modem
schade oplopen.
LAN-poortVia deze poort kunt u de computer op een LAN
aansluiten. De adapter biedt ingebouwde
ondersteuning voor Ethernet LAN (10 megabits
per seconde, 10BASE-T) en Fast Ethernet LAN
(100 megabits per seconde, 100BASE-Tx).
Raadpleeg hoofdstuk 4, Grondbeginselen, voor
meer informatie.
Gebruikershandleiding2-5
Page 46
Onderkant
De volgende afbeelding illustreert de onderkant van de computer. Zorg dat
het beeldscherm gesloten is voordat u de computer ondersteboven zet.
grendeling
geheugen-
draadloos
Accuver-
(1)
Afdekplaatje
module
Afdekplaatje
voor
LAN
Accu-eenheidAccuontgrendelingsschuif (2)
De onderkant van de computer
Rondleiding
Luchtop
eningen
Accuvergrendeling
(1)
Accuontgrendelingsschuif (2)
Duw deze schuif opzij, zodat de accu-eenheid
verwijderd kan worden.
Duw deze schuif opzij en houd de schuif vast om
de accu-eenheid vrij te geven. Raadpleeg
hoofdstuk 6, Stroomvoorziening en
spaarstanden, voor uitgebreide informatie over
het verwijderen van de accu-eenheden.
Accu-eenheidDe accu-eenheid voorziet de computer van
stroom wanneer de netadapter niet is
aangesloten. Raadpleeg hoofdstuk 6,
Stroomvoorziening en spaarstanden, voor
uitgebreide informatie over de accu-eenheid.
Afdekplaatje
geheugenmodule
Dit plaatje beschermt de twee
geheugenmodulesleuven. Bij levering is de
computer uitgerust met één module. Raadpleeg
de paragraaf Geheugenuitbreiding in
hoofdstuk 7, Optionele apparaten, .
Gebruikershandleiding2-6
Page 47
Rondleiding
Afdekplaatje voor
draadloos LAN
Dit plaatje beschermt de Wireless LAN-sleuf en
de Wireless LAN-kaart indien deze is
geïnstalleerd. (Niet alle modellen ondersteunen
deze functie.)
LuchtopeningenDe luchtopeningen dienen om de CPU te
beschermen tegen oververhitting.
Voorkant met geopend beeldscherm
Deze paragraaf beschrijft de voorkant van de computer met geopend
beeldscherm. Raadpleeg de desbetreffende illustratie voor details. Om het
beeldscherm te openen duwt u de vergrendelingsschuif op de voorkant van
het beeldscherm opzij en kantelt u het scherm omhoog. Zet het scherm in
een stand waar u er goed zicht op hebt.
Toetsenbord-
lampjes
Aan/uit-knop
videobedienings-
Audio-/
knoppen
Touchpad-
Systeemlampjes
Beeldscherm
Beeldschermscharnier
Bedieningsknoppen
voor touchpad
De voorkant van de computer met geopend beeldscherm
Aan/uit-knopSchakelt de computer in en uit en zet deze in en
uit de slaapstand.
SysteemlampjesVia deze lampjes controleert u de status van
verschillende computerfuncties (acculading,
stroom, draadloze activiteit, activiteit van de
vaste schijf, status van CapsLock en NumLock).
Meer informatie vindt u in de paragraaf
Systeemlampjes.
Knop Volgende : Volgend(e) nummer/
hoofdstuk/gegevens afspelen.
Knop Afspelen/Pauze : Het afspelen starten
of onderbreken.
Knop Stop : Stopt het afspelen.
Raadpleeg hoofdstuk 4, Grondbeginselen.
Beeldschermscharnier
Het beeldschermscharnier zorgt dat het scherm
in de gewenste stand blijft staan.
BeeldschermHet LCD toont contrastrijke tekst en
afbeeldingen. Raadpleeg de paragraaf
Beeldschermcontroller en videomodi in bijlage B,
Beeldschermcontroller en videomodi,. Als de
computer door de accu wordt gevoed, ziet het
scherm er niet zo helder uit als bij gebruik van de
netadapter. Het lagere helderheidsniveau dient
om accu-energie te besparen.
TouchpadMet het touchpad in het midden van de polssteun
kunt u de schermaanwijzer verplaatsen.
Bedieningsknoppen
voor touchpad
Hiermee kunt u menuopties selecteren en
bewerkingen uitvoeren op tekst en afbeeldingen
die u met de schermaanwijzer hebt geselecteerd.
Raadpleeg de paragraaf Het touchpad gebruiken
in hoofdstuk 4, Grondbeginselen,.
Gebruikershandleiding2-8
Page 49
Systeem- en toetsenbordlampjes
Rondleiding
Ingebouwde vaste schijfCaps LockNumLock
Systeem- en toetsenbordlampjes voor geïntegreerde toetsen
Draadloze activiteit
Aan/uit
Accu
Aan/uitHet aan/uit-lampje brandt groen als de computer
aan staat. Als u Stand-by selecteert in het
venster Uitschakelen, knippert dit lampje oranje
(één seconde aan, twee seconden uit) terwijl de
computer wordt afgesloten.
AccuHet acculampje geeft de lading van de accu aan:
groen betekent volledig opgeladen, oranje
betekent dat de accu wordt opgeladen en
knipperend oranje betekent dat de accu bijna
leeg is. Raadpleeg hoofdstuk 6,
Stroomvoorziening en spaarstanden.
Draadloze activiteitGeeft de activiteit van het draadloze LAN aan en
geeft aan of de functie voor draadloos LAN is inof uitgeschakeld. Niet beschikbaar op alle
modellen.
Ingebouwde vaste
schijf/optisch station
Het lampje voor de ingebouwde vaste schijf of
het optische station brandt groen terwijl de
computer toegang heeft tot de vaste schijf of het
optische station.
Gebruikershandleiding2-9
Page 50
Caps LockDit lampje brandt groen als de
hoofdlettervergrendeling is ingeschakeld voor
lettertoetsen.
Rondleiding
NumLockAls het Numerieke modus-lampje groen brandt,
kunt u de geïntegreerde numerieke toetsen (de
toetsen met de grijze opschriften) gebruiken om
cijfers in te voeren. Raadpleeg de paragraaf
Geïntegreerde numerieke toetsen in hoofdstuk 5,
Het toetsenbord,.
USB-diskettestation (optioneel)
Een optioneel 3,5-inch diskettestation ondersteunt diskettes van 1,44
megabyte of 720 kilobyte. Het station wordt aangesloten op de USB-poort.
Diskette-
activiteitslampje
Disketteactiviteitslampje
DiskettesleufPlaats een diskette in deze sleuf.
UitwerpknopWanneer een diskette volledig in het station is
DiskettesleufUitwerpknop
USB-diskettestation
Dit lampje gaat branden wanneer gegevens van
de diskette worden gelezen of ernaar worden
geschreven.
geplaatst, komt de uitwerpknop omhoog. U
verwijdert een diskette door op de uitwerpknop te
drukken: de diskette wordt een stukje
uitgeschoven en kan worden verwijderd.
Controleer het lampje voor disketteactiviteit wanneer u het
diskettestation gebruikt. U mag niet op de uitwerpknop drukken of de
computer uitschakelen terwijl het lampje brandt. Doet u dit wel, dan loopt u
het risico van gegevensverlies en beschadiging van de diskette of het
station.
Gebruikershandleiding2-10
Page 51
■ Gebruik het externe diskettestation op een plat, horizontaal oppervlak.
Plaats het station tijdens gebruik niet op een vlak dat meer dan 20o helt.
■ Plaats geen voorwerpen op het diskettestation.
Ingebouwde optische stations
De computer is uitgerust met een van de volgende optische stations:
DVD-ROM- en CD-R/RW- of DVD Super Multi-stations. Voor het aansturen
van CD-/DVD-ROM’s wordt een ATAPI-interfacecontroller gebruikt. Zodra
de computer toegang verkrijgt tot een CD/DVD, gaat het lampje op het
station branden.
Regiocodes voor DVD-stations en -media
DVD-ROM- en CD-R/RW-stations en het DVD Super Multi-station en de
bijbehorende media worden vervaardigd conform de specificaties van zes
verkoopgebieden. Om problemen bij het afspelen van DVD-video's te
voorkomen dient u bij de aanschaf van DVD-video-schijven te controleren
of de schijven geschikt zijn voor uw station.
CodeRegio
1Canada, Verenigde Staten
2Japan, Europa, Zuid-Afrika, Midden-Oosten
Rondleiding
3Zuid-Oost-Azië, Oost-Azië
4Australië, Nieuw Zeeland, Stille-Oceaaneilanden,
Midden-Amerika, Zuid-Amerika, Caribisch
gebied
5Rusland, Indisch subcontinent, Afrika, Noord-
6China
Gebruikershandleiding2-11
Korea, Mongolië
Page 52
Beschrijfbare schijven
In deze paragraaf worden de verschillende soorten beschrijfbare CD's en
DVD's beschreven. Controleer in de specificaties van uw station welke
schijftypen kunnen worden beschreven. Gebruik RecordNow! voor het
beschrijven van CD's. Raadpleeg hoofdstuk 4, Grondbeginselen.
CD's
■ Beschrijfbare CD's (CD-R's) kunnen slechts eenmaal worden
beschreven. De opgenomen gegevens kunnen niet worden gewist of
veranderd.
■ CD-RW- ofwel CD-Rewritable-schijven kunnen meermaals worden
beschreven. Gebruik multispeed CD-RW's (1x, 2x of 4x) of high-speed
schijven (4x tot 10x). De schrijfsnelheid van ultra-speed CD-RW's is
maximaal 24-speed. (Ultra-speed wordt alleen ondersteund door het
DVD-ROM- en CD-R/RW-station.)
DVD's
■ Beschrijfbare DVD's (DVD-R's) kunnen slechts eenmaal worden
beschreven. De opgenomen gegevens kunnen niet worden gewist of
veranderd.
■ Herschrijfbare DVD-RW-schijven kunnen meerdere malen worden
beschreven.
■ DVD-RAM-schijven kunnen meerdere malen worden beschreven.
■ DVD+R-schijven kunnen slechts eenmaal worden beschreven. De
opgenomen gegevens kunnen niet worden gewist of veranderd.
■ DVD+RW-schijven kunnen meermaals worden beschreven.
Rondleiding
Indelingen
De stations ondersteunen de volgende indelingen:
■ DVD-ROM
■ CD-DA
■ Photo CDTM (single/multi-sessie)
■ CD-ROM XA Mode 2 (Form1, Form2)
■ CD-R
■ DVD-video
■ CD-Text
■ CD-ROM Mode 1, Mode 2
■ Enhanced CD (CD-EXTRA)
■ CD-RW
Gebruikershandleiding2-12
Page 53
DVD-ROM- en CD-R/RW-station
In de DVD-ROM- en CD-R/RW-stationsmodule van volledige grootte kunt u
zonder adapter gegevens op herschrijfbare CD's vastleggen en CD’s/
DVD’s van 12 cm (4,72 inch) of 8 cm (3,15 inch) lezen.
In het midden van een schijf is de leessnelheid lager dan aan de rand.
DVD lezen8-speed (maximaal)
CD lezen 24-speed (maximaal)
CD-R schrijven 24-speed (maximaal)
CD-RW schrijven24-speed (maximaal, ultra-speed media)
DVD Super Multi-station
In de DVD Super Multi-stationsmodule van volledige grootte kunt u zonder
adapter gegevens op herschrijfbare CD's/DVD's vastleggen en CD’s/DVD’s
van 12 cm (4,72 inch) of 8 cm (3,15 inch) lezen.
In het midden van een schijf is de leessnelheid lager dan aan de rand.
De netadapter zet wisselstroom om in gelijkstroom en reduceert de
spanning die aan de computer wordt geleverd. De netadapter kan zich
automatisch aanpassen aan elke spanning tussen 100 en 240 volt en aan
een frequentie van 50 of 60 hertz, waardoor u de computer in praktisch elk
land of gebied kunt gebruiken.
U laadt de accu op door de netadapter eenvoudig aan te sluiten op een
voedingsbron en op de computer. Raadpleeg hoofdstuk 6,
Stroomvoorziening en spaarstanden, voor meer informatie.
Rondleiding
De netadapter
■ Gebruik alleen de netadapter die bij de computer is geleverd of een
equivalente optionele adapter. Gebruik van de verkeerde adapter kan
resulteren in beschadiging van de computer. In dergelijke gevallen
aanvaardt TOSHIBA geen aansprakelijkheid voor schade.
■ Gebruik alleen de netadapter die bij de computer is geleverd, of een
equivalente, compatibele netadapter. Gebruik van andere typen
netadapters (mogelijk met een andere spanning) kan resulteren in
beschadiging van de computer, storingen en/of gegevensverlies.
TOSHIBA aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade,
computerstoringen of gegevensverlies veroorzaakt door het gebruik
van een incompatibele adapter.
Gebruik alleen de netadapter die als accessoire is meegeleverd. Andere
netadapters hebben een ander voltage en een andere uitgangspolariteit,
en kunnen heet worden, rook produceren of zelfs beschadigingen of brand
veroorzaken.
Gebruikershandleiding2-14
Page 55
TOSHIBA L10-serie
Voor u begint
Dit hoofdstuk verschaft basisinformatie aan de hand waarvan u met uw
computer aan de slag kunt. De volgende onderwerpen worden behandeld:
■ Uw werkplek inrichten — met het oog op uw gezondheid en veiligheid
Raadpleeg ook de handleiding Veiligheidsinstructies. In deze gids wordt
productaansprakelijkheid toegelicht.
■ De accu-eenheid installeren
■ De netadapter aansluiten
■ Het beeldscherm openen
■ De computer inschakelen
®
■ Windows XP
■ De computer uitschakelen
■ Computer opnieuw opstarten
■ De vooraf geïnstalleerde software herstellen
installeren
Hoofdstuk 3
Lees in elk geval de paragraaf Windows XP® installeren.
Gebruikershandleiding3-1
Page 56
Uw werkplek inrichten
Het is voor uzelf en voor de computer belangrijk om een comfortabele
werkplek in te richten. Een slechte werkomgeving of ongunstige
werkgewoonten kunnen resulteren in ongemak of ernstige RSI-blessures
aan handen of polsen of andere gewrichten. Ook voor het functioneren van
de computer is het van belang dat de omgeving in orde is. In dit gedeelte
komen de volgende onderwerpen aan de orde:
■ Algemene omstandigheden
■ Plaatsing van de computer
■ Stoel en werkhouding
■ Verlichting
■ Werkgewoonten
Algemene omstandigheden
Een werkomgeving waarin u zich prettig voelt, is in het algemeen ook
geschikt voor de computer. Lees echter het volgende om te controleren of
uw werkplek aan de eisen voldoet.
■ Zorg voor voldoende ventilatie door genoeg ruimte vrij te laten rond de
computer.
■ Zorg dat het netsnoer is aangesloten op een gemakkelijk toegankelijk
stopcontact dicht bij de computer.
■ De omgevingstemperatuur moet tussen 5 en 30° C liggen en de
relatieve vochtigheid tussen 20 en 80 procent.
■ Vermijd plaatsen waar plotselinge of extreme temperatuurs- of
vochtigheidsveranderingen kunnen optreden.
■ Houd de computer stof- en vochtvrij en vermijd blootstelling aan direct
zonlicht.
■ Houd de computer uit de buurt van warmtebronnen, bijvoorbeeld
elektrische kachels.
■ Houd vloeistoffen of bijtende chemische stoffen uit de buurt van de
computer.
■ Plaats de computer niet in de buurt van voorwerpen die sterke
■ Sommige interne computeronderdelen en gegevensopslagmedia
kunnen door magneten worden beschadigd. Houd de computer uit de
buurt van magnetische voorwerpen. Wees voorzichtig met voorwerpen
die sterke magnetische velden genereren, bijvoorbeeld
stereoluidsprekers. Wees tevens voorzichtig met metalen voorwerpen
(bijvoorbeeld armbanden): dergelijke voorwerpen kunnen per ongeluk
worden gemagnetiseerd.
■ Houd mobiele telefoons uit de buurt van de computer.
■ Blokkeer de luchtopeningen niet en laat genoeg ventilatieruimte vrij.
Voor u begint
Gebruikershandleiding3-2
Page 57
Plaatsing van de computer
Plaats de computer en randapparaten zodanig dat comfort en veiligheid
gewaarborgd zijn.
■ Plaats de computer op een vlak oppervlak, op een hoogte en afstand
die voor u comfortabel zijn.
■ Het beeldscherm mag niet hoger zijn dan op oogniveau, om vermoeide
ogen te voorkomen.
■ Plaats de computer zodanig dat deze direct vóór u staat wanneer u
werkt en zorg dat u voldoende ruimte hebt om eventuele andere
apparaten te bedienen.
■ Zorg voor voldoende ruimte achter de computer, zodat u de stand van
het beeldscherm naar wens kunt bijstellen. Het scherm moet zo staan
dat u er optimaal zicht op hebt, met minimale reflectie.
■ Als u een papierstandaard gebruikt, dient u deze op ongeveer dezelfde
hoogte en afstand te zetten als de computer.
Stoel en werkhouding
De hoogte van uw stoel in verhouding tot de computer en het toetsenbord,
en de steun die de stoel biedt, zijn belangrijke factoren bij het verminderen
van de werkbelasting. Hanteer de volgende richtlijnen (zie ook de volgende
afbeelding).
Voor u begint
Onder ooghoogte
hoeken van
90°
Voetsteun
Werkhouding en plaatsing van de computer
■ Plaats uw stoel zodanig dat het toetsenbord zich ter hoogte van uw
ellebogen of iets lager bevindt. U moet gemakkelijk kunnen typen met
uw schouders ontspannen.
■ Uw knieën moeten iets hoger zijn dan uw heupen. Gebruik zo nodig
een voetsteun om uw knieën omhoog te brengen en de druk op de
achterkant van uw dijen te verminderen.
Gebruikershandleiding3-3
Page 58
■ Zorg dat de rugleuning uw onderrug steunt.
■ Zit rechtop, zodat uw knieën, heupen en ellebogen een hoek van
ongeveer 90 graden vormen wanneer u werkt. Buig niet te ver voorover
en leun niet te ver naar achteren.
Verlichting
Juiste verlichting kan de leesbaarheid van de monitor verbeteren en
vermoeidheid van de ogen verminderen.
■ Plaats de computer op een positie waar het scherm geen zonlicht of fel
kunstlicht kan weerkaatsen. Gebruik vensters van getint glas,
jaloezieën of zonneschermen om fel zonlicht te weren.
■ Plaats de computer niet vóór een fel licht dat direct in uw ogen kan
schijnen.
■ Gebruik zo mogelijk zachte, indirecte verlichting op uw werkplek.
Gebruik een lamp om uw documenten of bureau te verlichten, maar
zorg dat het licht niet in uw ogen schijnt of door het scherm wordt
weerkaatst.
Werkgewoonten
Om ongemak of spierblessures te voorkomen is het van essentieel belang
dat u uw werkzaamheden afwisselt. Probeer uw werkdag zodanig in te
delen dat u een aantal verschillende taken hebt te verrichten. Als u lange
periodes achter de computer moet zitten, kunt u overbelasting voorkomen
en uw efficiëntie verbeteren door uw dagelijkse routine te doorbreken.
■ Zit in een ontspannen houding. Goede plaatsing van uw stoel en
apparatuur (zie de aanwijzingen eerder in dit hoofdstuk) kan
spierklachten in schouders en nek verminderen en rugpijn helpen
voorkomen.
■ Verander regelmatig van houding.
■ Sta nu en dan op en strek uw spieren of doe een paar oefeningen.
■ Oefen en strek een aantal maal per dag uw handen en polsen.
■ Kijk regelmatig weg van de computer en richt uw ogen een aantal
seconden (bijvoorbeeld 30 seconden per kwartier) op een voorwerp in
de verte.
■ Neem regelmatig korte pauzes in plaats van een of twee lange pauzes,
bijvoorbeeld twee of drie minuten per half uur.
■ Laat uw ogen regelmatig testen en ga direct naar een dokter als u
vermoedt dat u last hebt van een RSI-blessure.
Er is een aantal boeken verkrijgbaar over ergonomie en RSI (Repetitive
Strain Injuries) of RSS (Repetitive Stress Syndrome). Voor nadere
informatie over deze onderwerpen of over oefeningen voor RSI-gevoelige
lichaamsdelen zoals handen en polsen kunt u terecht bij uw bibliotheek of
boekhandel. Raadpleeg ook de Instructiegids voor veiligheid en comfort bij
de computer.
Voor u begint
Gebruikershandleiding3-4
Page 59
De accu-eenheid installeren
Voer de volgende stappen uit om een accu te installeren.
■ De accu-eenheid bestaat uit een lithium-ion batterij. Indien de batterij
onjuist wordt vervangen, gebruikt, gehanteerd of afgedankt, bestaat
ontploffingsgevaar. Houd u bij het afdanken van de accu aan de
plaatselijke verordeningen of voorschriften. Gebruik alleen accu’s die
door TOSHIBA zijn aanbevolen.
■ Raak de ontgrendelingsschuif van de accuhouder niet aan terwijl u de
computer vasthoudt. Als u de schuif per ongeluk opzij duwt, komt de
accu te vallen en kunt u zich bezeren.
■ Druk niet op de aan/uit-knop voordat u de accu-eenheid installeert.
1. Schakel de computer uit.
2. Ontkoppel alle kabels van de computer.
3. Plaats de accu-eenheid. De accuontgrendlingsschuif (2) klikt op zijn
plaats.
4. Zet de accuvergrendeling (1) vast om ervoor te zorgen dat de accu op
zijn plaats wordt vergrendeld. Als u de accu later wilt verwijderen, moet
u eerst deze vergrendeling opheffen.
Voor u begint
Accuontgrendelingsschuif (2)
Accuvergrendeling
(1)
De accu-eenheid vastzetten
Raadpleeg de paragraaf De accu-eenheid verwijderen in hoofdstuk 6,
Stroomvoorziening en spaarstanden, voor instructies over het verwijderen
van de accu-eenheid.
Gebruikershandleiding3-5
Page 60
De netadapter aansluiten
Sluit de netadapter aan wanneer u de accu moet opladen of via de
netvoeding wilt werken. Dit is tevens de snelste manier om met de
computer aan de slag te gaan, omdat de accu-eenheid eerst moet worden
opgeladen voordat u de computer hiermee van stroom kunt voorzien.
De netadapter kan worden aangesloten op elk stopcontact dat tussen 100
en 240 volt, en 50 of 60 hertz levert. Raadpleeg hoofdstuk 6,
Stroomvoorziening en spaarstanden, voor informatie over het opladen van
de accu-eenheid met de netadapter.
Gebruik alleen de netadapter die als accessoire is meegeleverd. Andere
netadapters hebben een ander voltage en een andere uitgangspolariteit,
en kunnen heet worden, rook produceren of zelfs beschadigingen of brand
veroorzaken.
■ Gebruik alleen de netadapter die bij de computer is geleverd of een
equivalente, compatibele netadapter. Gebruik van een incompatibele
adapter kan resulteren in beschadiging van de computer. TOSHIBA
aanvaardt geen aansprakelijkheid voor schade die is veroorzaakt door
het gebruik van een incompatibele adapter.
■ Wanneer u de netadapter op de computer aansluit, dient u de stappen
exact in de hier beschreven volgorde uit te voeren. Het aansluiten van
het netsnoer op een stopcontact moet de laatste stap zijn. Als u deze
handeling in een eerder stadium verricht, kan de
gelijkstroomuitgangsstekker van de netadapter onder stroom komen te
staan, waardoor u het risico van een elektrische schok of persoonlijk
letsel loopt. Raak voor de veiligheid geen metalen onderdelen aan.
Voor u begint
1. Sluit het netsnoer aan op de netadapter.
Het netsnoer aansluiten op de netadapter
Gebruikershandleiding3-6
Page 61
2. Plaats de gelijkstroomuitgangsstekker van de netadapter in de
gelijkstroomingang (DC IN 19V) op de achterkant van de computer.
De adapter op de computer aansluiten
3. Sluit het netsnoer op een wandcontactdoos aan.
Het beeldscherm openen
Het LCD-scherm kan in een aantal standen worden gezet voor optimaal
kijkgemak.
1. Schuif de schermvergrendeling op de voorkant van de computer naar
rechts.
2. Kantel het scherm omhoog en zet het in de stand waar u er het beste
zicht op hebt.
Wees voorzichtig wanneer u het beeldscherm opent en sluit. Als u het te
ruw opent of dichtklapt, bestaat het risico dat u de computer beschadigt.
Voor u begint
Het beeldscherm openen
Gebruikershandleiding3-7
Page 62
De computer inschakelen
In dit gedeelte wordt beschreven hoe u de computer inschakelt.
Nadat u de computer voor het eerst hebt ingeschakeld, dient u hem niet uit
te zetten voordat het besturingssysteem is geïnstalleerd. Raadpleeg de
paragraaf Windows XP® installeren.
1. Als het optionele externe diskettestation is aangesloten, controleer dan
of dit leeg is. Als het station een diskette bevat, drukt u op de
uitwerpknop en verwijdert u de diskette.
2. Open het beeldscherm.
3. Houd de aan/uit-knop van de computer twee tot drie seconden
ingedrukt.
Voor u begint
De computer inschakelen
Windows XP® installeren
Wanneer u de computer voor het eerst inschakelt, verschijnt het
opstartscherm van Microsoft® Windows® XP Home Edition of Professional
Edition.
Volg de aanwijzingen op het scherm.
Vergeet niet om de Windows-gebruiksrechtovereenkomst
zorgvuldig door te lezen.
Gebruikershandleiding3-8
Page 63
De computer uitschakelen
U kunt de computer uitschakelen in een van de volgende modi:
afsluitmodus (ofwel opstartmodus), slaapstand of stand-by-modus.
Afsluitmodus (opstartmodus)
Wanneer u de computer uitschakelt in de afsluitmodus, worden er geen
gegevens opgeslagen; bij het opstarten van de computer wordt het
hoofdscherm van het besturingssysteem weergegeven.
1. Als u gegevens hebt ingevoerd, slaat u deze op de vaste schijf of op
een diskette op.
2. Controleer of er geen schijfactiviteit meer plaatsvindt en verwijder
vervolgens de CD/DVD of diskette.
Let erop dat de lampjes van de vaste schijf en van het optische station uit
zijn. Als u de computer uitzet terwijl er nog schijfactiviteit plaatsvindt, loopt
u het risico dat gegevens verloren gaan of de schijf beschadigd raakt.
3. Klik op start en vervolgens op Computer uitschakelen. Klik in het
venster Computer uitschakelen op Uitschakelen.
4. Schakel eventuele randapparaten uit.
Schakel de computer of randapparaten niet meteen weer in. Wacht even
tot alle condensatoren volledig zijn ontladen.
Voor u begint
Slaapstand
De slaapstand zorgt ervoor dat de inhoud van het geheugen wordt
opgeslagen wanneer de computer wordt uitgeschakeld. De volgende keer
dat de computer wordt aangezet, wordt de vorige toestand hersteld. De
status van randapparaten wordt niet door de slaapfunctie opgeslagen.
■ Sla uw gegevens op. Wanneer de slaapstand wordt geactiveerd, wordt
de inhoud van het geheugen op de vaste schijf opgeslagen. U kunt uw
gegevens voor de zekerheid echter het beste handmatig opslaan.
■ Als u de accu verwijdert of de netadapter ontkoppelt voordat het
opslagproces is voltooid, gaan gegevens verloren. Wacht tot het
schijflampje uitgaat.
■ Wanneer de computer in de slaapstand is, dient u geen
geheugenmodule te installeren of te verwijderen. Doet u dit toch, dan
gaan gegevens verloren.
Gebruikershandleiding3-9
Page 64
Voor u begint
Voordelen van de slaapstand
De slaapstand biedt de volgende voordelen.
■ Wanneer de computer automatisch wordt afgesloten omdat de accu
bijna leeg is, worden gegevens op de vaste schijf opgeslagen.
Als u de computer wilt kunnen afsluiten in de slaapstand, moet u de
slaapstandfunctie op het tabblad Slaapstand van Energiebeheer inschakelen.
Anders wordt de computer in de stand-by-modus afgesloten wanneer de
accu bijna leeg is. Als de accu leeg raakt, gaan de gegevens die in de
stand-by-modus zijn opgeslagen, verloren.
■ Na het inschakelen van de computer kunt u direct naar uw vorige
werkomgeving terugkeren.
■ De functie bespaart stroom door het systeem af te sluiten wanneer
geen hardwareactiviteit plaatsvindt of de computer geen invoer
ontvangt in de tijdsduur die is ingesteld met de functie Systeem in
slaapstand.
■ U kunt de functie Uitschakelen via LCD gebruiken.
De slaapstand starten
U kunt de slaapstand ook activeren door op Fn + F4 te drukken.
Raadpleeg hoofdstuk 5, Het toetsenbord, voor meer informatie.
Voer de volgende stappen uit om de slaapstand in te schakelen:
1. Klik op start.
2. Selecteer Computer uitschakelen.
3. Open het dialoogvenster Computer uitschakelen. Slaapstand wordt
niet weergegeven.
4. Druk op de Shift-toets. De optie Stand-by verandert in Slaapstand.
5. Selecteer Slaapstand.
Automatische slaapstand
Wanneer u op de aan/uit-knop drukt of het beeldscherm sluit, wordt de
computer automatisch in de slaapstand gezet. Eerst dient u echter de juiste
instellingen te definiëren door de volgende stappen uit te voeren.
1. Open het Configuratiescherm.
2. Open Prestaties en onderhoud en vervolgens Energiebeheer.
3. Open het tabblad Slaapstand in het dialoogvenster Eigenschappen
voor Energiebeheer, schakel het selectievakje Slaapstand
inschakelen in en klik op de knop Toepassen.
4. Klik op OK.
Gebruikershandleiding3-10
Page 65
Gegevensopslag in de slaapstand
Zodra u de computer in de slaapstand afsluit, worden de gegevens uit het
geheugen op de vaste schijf opgeslagen, wat enkele ogenblikken zal
duren. Gedurende deze periode brandt het schijflampje.
Nadat u de computer hebt uitgeschakeld en de geheugeninhoud op de vaste
schijf is opgeslagen, dient u eventuele randapparaten uit te schakelen.
Schakel de computer of randapparaten niet meteen weer in. Wacht even
tot alle condensatoren volledig zijn ontladen.
Stand-by-modus
Als u uw werk moet onderbreken, kunt u de computer uitschakelen zonder
de software te hoeven sluiten: de gegevens worden bewaard in het
hoofdgeheugen van de computer. Wanneer u de computer weer aanzet,
kunt u uw werk hervatten op de plaats waar u was opgehouden.
■ Wanneer de netadapter is aangesloten, wordt de computer op stand-by
gezet conform de instellingen in het dialoogvenster Energiebeheer.
■ Als u de computer uit de stand-by-modus wilt halen, drukt u op de aan/
uit-knop of op een willekeurige toets. De laatste methode werkt alleen
als Activering op toetsenbord is ingeschakeld in HW Setup.
■ Als de computer automatisch op stand-by wordt gezet terwijl een
netwerktoepassing actief is, wordt deze toepassing mogelijk niet
hersteld wanneer de computer uit de stand-by-modus wordt gehaald.
■ Als u wilt voorkomen dat de computer automatisch op stand-by wordt
gezet, schakelt u Stand-by uit in Energiebeheer. Hierna is de computer
echter niet langer compatibel met de Energy Star-richtlijnen.
Voor u begint
■ Vergeet niet uw gegevens op te slaan alvorens de computer op stand-
by te zetten.
■ Wanneer de computer in de stand-by-modus staat, dient u geen
geheugenmodule te installeren of te verwijderen. Doet u dit toch, dan
bestaat het risico dat de computer of de module schade oploopt.
■ Verwijder de accu-eenheid niet terwijl de computer in de stand-by-
modus is (tenzij de computer op een stopcontact is aangesloten). In dat
geval zullen gegevens in het geheugen verloren gaan.
■ Als u de computer meeneemt aan boord van een vliegtuig of in een
ziekenhuis, dient u de computer af te sluiten in de slaapstand of
afsluitmodus om verstoring van radiosignalen te voorkomen.
Gebruikershandleiding3-11
Page 66
Voor u begint
Voordelen van stand-by-modus
De stand-by-modus biedt de volgende voordelen:
■ De vorige werkomgeving wordt sneller hersteld dan met de slaapstand.
■ De functie bespaart energie door het systeem af te sluiten wanneer
geen hardwareactiviteit plaatsvindt of de computer geen invoer
ontvangt in de tijdsduur die is ingesteld met de stand-by-functie van het
systeem.
■ U kunt de functie Uitschakelen via LCD gebruiken.
De stand-by-modus inschakelen
U kunt de stand-by-modus op een van de volgende drie manieren
activeren:
1. Klik op Start, vervolgens op Computer uitschakelen en ten slotte op Stand-by.
2. Sluit het beeldscherm.
3. Druk op de aan/uit-knop.
Wanneer u de computer weer inschakelt, kunt u uw werk hervatten op het
punt waar u was opgehouden toen u de computer afsloot.
U kunt de stand-by-modus ook activeren door op Fn + F3 te drukken.
Raadpleeg hoofdstuk 5, Het toetsenbord, voor meer informatie.
■ Wanneer de computer in de stand-by-modus wordt afgesloten, gaat het
aan/uit-lampje oranje knipperen.
■ Als u de computer via de accu gebruikt, kunt u de gebruiksduur
verlengen door af te sluiten in de slaapstand, aangezien de stand-bymodus meer energie gebruikt.
Beperkingen van de stand-by-modus
In de volgende omstandigheden werkt de stand-by-modus niet:
■ De computer wordt onmiddellijk na het afsluitproces weer aangezet.
■ Geheugenschakelingen zijn blootgesteld aan statische elektriciteit of
elektrische ruis.
Gebruikershandleiding3-12
Page 67
Computer opnieuw opstarten
In bepaalde gevallen dient u het systeem opnieuw op te starten.
Bijvoorbeeld:
■ als u bepaalde computerinstellingen hebt gewijzigd;
■ als er een fout optreedt en de computer niet reageert op
toetsenbordopdrachten.
■ Er zijn drie manieren om de computer opnieuw in te stellen:
1. Klik op start en vervolgens op Computer uitschakelen. Klik in het
venster Computer uitschakelen op Opnieuw starten.
2. Druk op Ctrl + Alt + Del om
selecteer vervolgens Afsluiten en Opnieuw starten.
3. Druk op de aan/uit-knop en houd deze knop circa vijf seconden
ingedrukt. Wacht 10 tot 15 seconden en schakel de computer
vervolgens weer in door op de aan/uit-knop te drukken.
Windows®
Taakbeheer te openen en
De vooraf geïnstalleerde software herstellen
Als vooraf geïnstalleerde bestanden beschadigd zijn, gebruikt u de schijf
Productherstel om de bestanden te herstellen.
Het complete systeem herstellen
Voer de volgende stappen uit om het besturingssysteem en alle vooraf
geïnstalleerde software te herstellen.
Voor u begint
Wanneer u het Windows®-besturingssysteem opnieuw installeert, wordt de
vaste schijf opnieuw geformatteerd, waardoor alle gegevens erop verloren
gaan.
1. Plaats de schijf Productherstel in het optische station en schakel de
computer uit.
2. Druk op F12 zodra In Touch with Tomorrow TOSHIBA wordt
weergegeven.
3. Gebruik de pijltoets omhoog of omlaag om het CD-ROM-/DVD-ROMstation te selecteren.
4. Volg de aanwijzingen op het scherm.
5. Als uw computer werd geleverd met andere geïnstalleerde software,
kunt u deze software niet herstellen via de schijf Productherstel.
Installeer deze toepassingen (bijvoorbeeld Works Suite, DVD-speler of
spelletjes) zo nodig apart vanaf andere media.
Gebruikershandleiding3-13
Page 68
Voor u begint
TOSHIBA-hulpprogramma’s en -stuurprogramma’s herstellen
Als Windows naar behoren werkt, kunnen stuurprogramma’s of
toepassingen afzonderlijk worden hersteld. De CD-ROM Toshiba Tools &
hulpprogramma's bevat exemplaren van de stuurprogramma's en
toepassingen die in de fabriek op uw computer zijn geïnstalleerd. Als
systeemstuurprogramma's of toepassingen die niet bij uw Microsoft
Windows-besturingssysteem zijn geleverd, op een of andere manier zijn
beschadigd, kunt u de meeste van deze componenten door middel van
deze CD opnieuw installeren.
Gebruikershandleiding3-14
Page 69
TOSHIBA L10-serie
Grondbeginselen
In dit hoofdstuk worden de grondbeginselen van computergebruik
toegelicht; zo wordt ingegaan op het gebruik van het touchpad, het
optionele USB-diskettestation, optische stations, audio-/videoknoppen, het
geluidssysteem, de modem, het draadloze LAN en het LAN. Verder worden
tips gegeven voor het onderhoud van de computer en voor bescherming
tegen oververhitting.
Het touchpad gebruiken
U gebruikt het touchpad door eenvoudig uw vingertop op het touchpad te
plaatsen en te schuiven in de richting waarin u de schermaanwijzer wilt
verplaatsen.
Hoofdstuk 4
Touchpad
Bedieningsknoppen voor
touchpad
Touchpad en besturingsknoppen
De twee knoppen onder het toetsenbord worden op dezelfde wijze gebruikt
als de knoppen op een muis. Druk op de linkerknop om een menuoptie te
selecteren of om tekst of afbeeldingen te bewerken die u met de aanwijzer
hebt geselecteerd. Druk op de rechterknop om een menu of andere functie
weer te geven, afhankelijk van de gebruikte software.
Druk niet te hard op het touchpad en gebruik geen spitse voorwerpen
zoals ballpoints. Hierdoor kan het touchpad beschadigd raken.
Gebruikershandleiding4-1
Page 70
Sommige functies kunt u activeren door het touchpad zachtjes aan te
tikken in plaats van op een besturingsknop te drukken.
Klikken: Tik het touchpad eenmaal aan.
Dubbelklikken: Tik het touchpad tweemaal aan.
Slepen en neerzetten:
1. Houd de linkerbesturingsknop ingedrukt en beweeg de cursor om het te
verplaatsen item te verslepen.
2. Til uw vinger op om het item op de gewenste plaats te zetten.
Schuiven:
Verticaal: Schuif uw vinger aan de rechterkant van het touchpad omhoog
of omlaag.
Horizontaal: Schuif uw vinger aan de onderkant van het touchpad naar
links of rechts.
Het USB-diskettestation gebruiken
Op de USB-poort van de computer kan desgewenst een 3,5-inch
diskettestation worden aangesloten. Dit station ondersteunt 1,44-MB en 720KB diskettes. Raadpleeg hoofdstuk 2, Rondleiding, voor meer informatie.
Een 3,5-inch diskettestation aansluiten
Om het station aan te sluiten steekt u de diskettestationsconnector in een
USB-poort. Raadpleeg de volgende afbeelding.
Grondbeginselen
Bepaal wat de boven- en onderkant van de connector is en steek de
connector recht in de stationsconnector. Wees voorzichtig dat u de
verbindingspennen niet beschadigt door de aansluiting te forceren.
Het USB-diskettestation aansluiten
Als u het diskettestation aansluit nadat u de computer hebt ingeschakeld,
duurt het circa 10 seconden voordat de computer het station herkent. Als
de computer het station na 10 seconden nog niet herkent, ontkoppelt u het
station en sluit u het opnieuw aan.
Gebruikershandleiding4-2
Page 71
Een 3,5-inch diskettestation verwijderen
Voer na gebruik van het diskettestation de volgende stappen uit om het
station te ontkoppelen:
1. Wacht tot het lampje uitgaat en u zeker weet dat er geen
disketteactiviteit meer plaatsvindt.
Als u het diskettestation ontkoppelt of de stroom uitschakelt terwijl de
computer het station gebruikt, loopt u het risico dat gegevens verloren
gaan of dat de diskette of het station beschadigd raakt.
2. Klik op het pictogram Hardware veilig verwijderen op de taakbalk.
3. Klik op diskettestation.
4. Trek de diskettestationsconnector uit de USB-poort.
Het optische station gebruiken
De tekst en afbeeldingen in dit gedeelte hebben voornamelijk betrekking op
het DVD-ROM-station. Alle andere optische stations functioneren echter op
dezelfde manier. Het station ondersteunt snelle uitvoering van CD-ROMen DVD-ROM-programma's. U kunt CD's/DVD's van 12 cm (4,72 inch) of
8 cm (3,15 inch) zonder adapter gebruiken. Voor het aansturen van CD-/
DVD-ROM’s wordt een ATAPI-interfacecontroller gebruikt. Als de computer
toegang verkrijgt tot een CD-/DVD-ROM-station, gaat het lampje op het
station branden.
Grondbeginselen
Gebruik de toepassing WinDVD om DVD-films te bekijken.
Raadpleeg bij gebruik van een DVD-ROM- en CD-R/RW-station tevens de
paragraaf CD's beschrijven met het DVD-ROM- en CD-R/RW-station voor
voorzorgsmaatregelen bij het beschrijven van CD's/DVD's.
Raadpleeg bij gebruik van een DVD Super Multi-station tevens de
paragraaf CD's/DVD's beschrijven met het DVD Super Multi-station voor
voorzorgsmaatregelen bij het beschrijven van CD's/DVD's.
Gebruikershandleiding4-3
Page 72
Schijven laden
Voer de volgende stappen uit en raadpleeg de bijbehorende afbeeldingen
om een schijf te laden.
1. a. Zorg dat de computer ingeschakeld is en druk op de DVD-ROM-
uitwerpknop om de lade een stukje te openen.
Uitwerpknop
De DVD-ROM-uitwerpknop indrukken
b. U kunt de lade niet met de uitwerpknop openen als het station geen
stroom krijgt. In dat geval kunt u de lade openen door een dun
voorwerp (ongeveer 15 mm lang) zoals een rechtgebogen paperclip in
het uitwerpgaatje rechts van de uitwerpknop te steken.
Grondbeginselen
1
5
m
m
Diameter 1,0 mm
De lade openen door middel van het uitwerpgaatje
Gebruikershandleiding4-4
Page 73
Grondbeginselen
2. Trek de lade voorzichtig uit totdat deze volledig is geopend.
De lade opentrekken
3. Leg de schijf met het label omhoog in de lade.
Een schijf plaatsen
Wanneer de lade volledig is uitgeschoven, steekt de rand van de computer
iets uit over de lade. Wanneer u de schijf in de lade plaatst, moet u de
schijf daarom schuin houden. Zorg na het plaatsen van de schijf echter dat
deze plat ligt (zie de vorige afbeelding).
■ Raak de laserlens niet aan. Dit kan de uitlijning verstoren.
■ Zorg dat er geen stof, vuil of voorwerpen in het station terechtkomen.
Controleer of de achterrand van de lade schoon is alvorens u het
station sluit.
4. Druk voorzichtig in het midden van de schijf tot deze vastklikt. De schijf
moet onder de bovenkant van de as liggen, vlak op het ladeoppervlak.
Gebruikershandleiding4-5
Page 74
5. Duw zachtjes tegen het midden van de lade tot deze dichtklikt. Duw
zachtjes tot de lade vastklikt.
Als de CD/DVD niet goed zit wanneer de lade gesloten is, bestaat het
risico dat de schijf beschadigd raakt. Bovendien kan het dan gebeuren dat
de lade niet volledig wordt geopend wanneer u op de uitwerpknop drukt.
De lade sluiten
Schijven verwijderen
Als u de schijf wilt verwijderen, voert u de volgende stappen uit en
raadpleegt u de volgende afbeelding.
Grondbeginselen
Druk niet op de uitwerpknop terwijl de computer toegang heeft tot het
schijfstation. Wacht tot het lampje van het optische station uitgaat voor u
de lade opent. Neem de schijf pas uit de lade nadat deze is opgehouden
met draaien.
1. Druk op de uitwerpknop om de lade een stukje te openen. Trek de lade
voorzichtig open.
■ Wanneer de lade een stukje wordt geopend, moet u even wachten tot
de schijf is opgehouden met draaien voordat u de lade volledig
opentrekt.
■ Als u de lade handmatig wilt openen door middel van het gaatje naast
de uitwerpknop, dient u de computer eerst uit te schakelen. Als de
schijf nog draait terwijl u de lade opent, kan de schijf van de as vliegen
en letsel veroorzaken.
Gebruikershandleiding4-6
Page 75
Grondbeginselen
2. De schijf steekt iets uit over de zijkanten van de lade, zodat u hem kunt
pakken. Til de schijf voorzichtig uit de lade.
Een CD/DVD verwijderen
3. Duw zachtjes tegen het midden van de lade tot deze dichtklikt. Duw
zachtjes tot de lade vastklikt.
Gebruikershandleiding4-7
Page 76
Audio-/videobedieningsknoppen
In deze paragraaf wordt beschreven hoe u de audio-/
videobedieningsknoppen gebruikt.
De knoppen Volgende en Vorige
Druk op de knop om de gewenste functie te selecteren.
Grondbeginselen
Volgende
Vor ige
Als in Windows® Media Player de optie Willekeurig (Random) is
geselecteerd, gaat u naar een willekeurige selectie wanneer u Volgende of
Vorige selecteert.
Druk op de knop om naar het volgende nummer,
het volgende hoofdstuk of de volgende gegevens te
gaan.
Druk op de knop om naar het vorige nummer, het
vorige hoofdstuk of de vorige gegevens te gaan.
De knoppen Afspelen/Pauze en Stop
Druk op de knop om de gewenste functie te selecteren.
Afspelen/
Pauze
Stop
Druk op de knop om het afspelen te starten of te
onderbreken.
Druk op de knop om het afspelen te stoppen.
Audio-/videobedieningsknoppen
Gebruikershandleiding4-8
Page 77
Grondbeginselen
CD's beschrijven met het DVD-ROM- en CD-R/RWstation
Afhankelijk van het type station dat is geïnstalleerd, kunt u mogelijk CD's
beschrijven. Met het DVD-ROM- en CD-R/RW-station kunt u DVD-ROM's
en CD's lezen, en CD-R's/CD-RW's beschrijven. Neem de
voorzorgsmaatregelen in deze paragraaf in acht om optimale
schrijfprestaties te waarborgen. Raadpleeg paragraaf Stations voor
optische media gebruiken voor informatie over het laden en verwijderen
van CD’s.
Beschrijfbare CD's (CD-R's) kunnen slechts één keer worden beschreven.
Herschrijfbare CD's (CD-RW's) kunnen meermaals worden beschreven.
Belangrijke mededeling (DVD-ROM- en CD-R/RW-station)
Lees deze paragraaf grondig door voor u DVD-ROM- en CD-R-/RWschijven gaat beschrijven en volg alle configuratie- en
gebruiksaanwijzingen.
Doet u dit niet, dan kan het gebeuren dat het DVD-ROM- en CD-RWstation niet correct werkt en krijgt u mogelijk te maken met schrijf- of
herschrijffouten, gegevensverlies of andere schade.
Vóór schrijven of herschrijven
Neem de volgende voorzorgsmaatregelen in acht bij het schrijven en
herschrijven van gegevens.
■ De volgende fabrikanten van CD-R- en CD-RW-media worden
aanbevolen. De kwaliteit van media kan het (her)schrijfproces
beïnvloeden.
CD-R:TAIYO YUDEN Co., Ltd.
MITSUI Chemicals, Inc.
MITSUBISHI Chemical Corporation
Ricoh Co., Ltd.
Hitachi Maxell Ltd.
CD-RW:MITSUBISHI Chemical Corporation
Ricoh Co., Ltd.
*Voor de speciale media hieronder worden de volgende fabrikanten
aanbevolen:
■ High-speed CD-RW:
MITSUBISHI Chemical Corporation, Ricoh Co., Ltd.
■ Ultra-speed CD-RW:
MITSUBISHI Chemical Corporation
Gebruikershandleiding4-9
Page 78
Grondbeginselen
TOSHIBA heeft de werking van CD-R's en CD-RW's van bovenstaande
fabrikanten bevestigd. De werking van andere media kan niet worden
gegarandeerd.
■ Herschrijfbare CD's (CD-RW's) kunnen ongeveer duizendmaal worden
beschreven. Het werkelijke aantal hangt af van de kwaliteit van de
media en het gebruik ervan.
■ Vergeet niet de netadapter aan te sluiten voor u begint met schrijven of
herschrijven.
■ Sluit alle softwareprogramma's behalve de schrijfsoftware.
■ Voer geen programma's uit die de CPU belasten, bijvoorbeeld
schermbeveiliging.
■ Gebruik de computer met het energiebeheerschema Altijd aan.
Gebruik geen energiebesparingsfuncties.
■ Schrijf niet terwijl anti-virussoftware actief is. Wacht tot de viruscontrole
is beëindigd en schakel vervolgens de anti-virussoftware (en eventuele
op de achtergrond uitgevoerde bestandscontroleprogramma's) uit.
■ Gebruik geen vasteschijfprogramma's, met inbegrip van
hulpprogramma's voor snelle schijftoegang. Doet u dit toch, dan loopt u
het risico van storingen en gegevensverlies.
■ Schrijf vanaf de vaste schijf van de computer naar de CD. Probeer niet
te schrijven vanaf gedeelde apparaten zoals een LAN-server of andere
netwerkapparaten.
■ Het gebruik van andere schrijfsoftware dan RecordNow! is niet
gecontroleerd.
De werking in combinatie met andere software kan derhalve niet
worden gegarandeerd.
Gebruikershandleiding4-10
Page 79
Tijdens schrijven of herschrijven
Houd u aan de volgende richtlijnen/voorschriften bij het schrijven van
gegevens naar een CD-R of CD-RW.
■ Kopieer gegevens altijd vanaf de vaste schijf naar de CD. Gebruik geen
functies voor knippen en plakken. In het geval van schrijffouten gaan de
originele gegevens verloren.
■ Vermijd de volgende handelingen:
■ wisselen van gebruiker in het besturingssysteem Windows® XP;
■ gebruik van de computer zoals het hanteren van het
aanwijsapparaat (muis of touchpad) en het sluiten/openen van het
LCD-scherm;
■ het starten van communicatietoepassingen (bijvoorbeeld een
modemprogramma);
■ handelingen waardoor de pc wordt blootgesteld aan schokken of
trillingen;
■ het installeren, verwijderen of aansluiten van externe apparaten
■ Controleer of de schijven van goede kwaliteit, schoon en onbeschadigd
zijn. Is dit niet het geval, dan kunnen fouten optreden tijdens het
(her)schrijven.
■ Plaats de computer op een egaal, horizontaal oppervlak en vermijd
plaatsen waar trillingen waarneembaar zijn, bijvoorbeeld auto's, treinen
en vliegtuigen. Gebruik geen instabiele plekken zoals een wankele
tafel.
■ Houd mobiele telefoons en andere draadloze communicatieapparaten
uit de buurt van de computer.
Grondbeginselen
Afwijzing van aansprakelijkheid (CD-R/RW-station)
TOSHIBA is niet aansprakelijk voor:
■ beschadiging van CD-R-/RW-schijven als gevolg van het
(her)schrijfproces;
■ wijziging of verlies van de opgenomen inhoud van CD-R-/RW-schijven
als gevolg van het (her)schrijfproces, of hieruit voortvloeiende
winstderving of bedrijfsonderbreking;
■ schade die is veroorzaakt door het gebruik van hardware of software
van andere leveranciers. Hedendaagse optische stations zijn
onderhevig aan dusdanige technologische beperkingen dat er
onverwachte schijf- of herschrijffouten kunnen optreden als gevolg van
de schijfkwaliteit of problemen met de gebruikte apparaten. Het is dan
ook raadzaam om ten minste twee kopieën te maken van belangrijke
gegevens, voor het geval de opgenomen inhoud onverhoopt wordt
veranderd of verloren gaat.
Gebruikershandleiding4-11
Page 80
Grondbeginselen
CD's/DVD's beschrijven met het DVD Super Multistation
Met het DVD Super Multi-station kunt u gegevens schrijven naar CD-R-/
RW-schijven en naar DVD-R-/RW-/+R-/+RW-/RAM-schijven. De volgende
schrijftoepassingen zijn vooraf geïnstalleerd. RecordNow! en DLA onder
licentie van Sonic Solutions. InterVideo WinDVD Creator 2 Platinum, een
product van InterVideo, Inc.
Belangrijke mededeling (DVD Super Multi-station)
Lees deze paragraaf vóór het beschrijven van CD-R-/RW-schijven of DVDR-/RW-/+R-/+RW-/-RAM-schijven grondig door en volg alle configuratie- en
gebruiksaanwijzingen. Doet u dit niet, dan kan het gebeuren dat het DVD
Super Multi-station niet correct werkt en krijgt u mogelijk te maken met
schrijf- of herschrijffouten, gegevensverlies of materiële schade.
Afwijzing van aansprakelijkheid (DVD Super Multi-station)
TOSHIBA is niet aansprakelijk voor:
■ beschadiging van CD-R-/RW-schijven of DVD-R-/RW-/+R-/+RW-/RAM-
schijven als gevolg van het (her)schrijfproces;
■ wijziging of verlies van de opgenomen inhoud van CD-R-/RW-schijven
en DVD-R-/RW-/+R-/+RW-/RAM-schijven als gevolg van het schrijf- of
herschrijfproces, of hieruit voortvloeiende winstderving of
bedrijfsonderbreking;
■ schade die is veroorzaakt door het gebruik van hardware of software
van andere leveranciers. Hedendaagse optische stations zijn
onderhevig aan dusdanige technologische beperkingen dat er
onverwachte (her)schrijffouten kunnen optreden als gevolg van de
schijfkwaliteit of problemen met de gebruikte apparaten. Het is dan ook
raadzaam om ten minste twee kopieën te maken van belangrijke
gegevens, voor het geval de opgenomen inhoud onverhoopt wordt
veranderd of verloren gaat.
Gebruikershandleiding4-12
Page 81
Vóór schrijven of herschrijven
■ Op grond van TOSHIBA’s beperkte compatibiliteitstests worden de
volgende fabrikanten van CD-R-/RW-schijven en DVD-R-/RW-/+R-/
+RW/RAM-schijven aanbevolen. TOSHIBA staat echter niet in voor de
werking, kwaliteit of prestaties van enigerlei schijven. De schijfkwaliteit
kan het (her)schrijfproces beïnvloeden.
CD-R: TAIYO YUDEN Co., Ltd.
MITSUBISHI Chemical Corporation
Ricoh Co., Ltd.
Hitachi Maxell Ltd.
CD-RW: MITSUBISHI Chemical Corporation
Ricoh Co., Ltd.
High-speed CD-RW: MITSUBISHI Chemical Corporation
Ricoh Co., Ltd.
Ultra-speed CD-RW: MITSUBISHI Chemical Corporation
DVD-R: TAIYO YUDEN Co., Ltd.
Matsushita Electric Industrial Co., Ltd.
DVD+R: MITSUBISHI Chemical Corporation
Ricoh Co., Ltd.
DVD-RW: DVD-specificaties voor herschrijfbare schijven,
Versie 1.1
Victor Company of Japan, Ltd. (JVC)
MITSUBISHI Chemical Corporation
DVD+RW: MITSUBISHI Chemical Corporation
DVD-RAM: Matsushita Electric Industrial Co., Ltd.
Hitachi Maxell Ltd.
Grondbeginselen
Dit station is niet geschikt voor schijven die schrijfsnelheden van 8-speed
of hoger (DVD-R, DVD+R) of schrijfsnelheden van 4-speed of hoger (DVDRW, DVD+RW) ondersteunen.
■ Controleer of de schijf van goede kwaliteit, schoon en onbeschadigd is. Is
dit niet het geval, dan kunnen fouten optreden tijdens het (her)schrijven.
Controleer de schijf op vuil of beschadiging voor u deze gebruikt.
■ Het werkelijke aantal malen dat een CD-RW, DVD-RW, DVD+RW of
DVD-RAM kan worden beschreven, wordt beïnvloed door de kwaliteit
van de schijf en de manier waarop deze wordt gebruikt.
■ Er zijn twee soorten DVD-R-schijven: "authoring"-schijven (voor
auteursgebruik) en schijven voor algemeen gebruik (ofwel Generalschijven). Gebruik geen authoring-schijven. Alleen schijven voor
algemeen gebruik kunnen met een computerstation worden beschreven.
■ U kunt gebruik maken van DVD-RAM-schijven die uit een cassette
kunnen worden verwijderd en van DVD-RAM-schijven zonder cassette.
U kunt een enkelzijdige schijf met een capaciteit van 2,6 GB uitsluitend
lezen.
Gebruikershandleiding4-13
Page 82
Grondbeginselen
■ DVD-R-/RW-schijven en DVD+R-/+RW-schijven kunnen wellicht niet
worden gelezen op andere DVD-spelers of andere DVD-ROM-stations
voor computers.
■ Gegevens die naar een CD-R-, DVD-R- of DVD+R-schijf zijn
geschreven, kunnen niet gedeeltelijk of volledig worden verwijderd.
■ Gegevens die van een CD-RW, DVD-RW, DVD+RW of
DVD-RAM zijn verwijderd (gewist), kunnen niet worden hersteld.
Controleer de inhoud van een schijf zorgvuldig voordat u deze
verwijdert. Als er meerdere stations zijn aangesloten die gegevens naar
schijven kunnen schrijven, dient u op te letten dat u niet de gegevens
van het verkeerde station verwijdert.
■ Bij het schrijven naar een DVD-R/-RW, DVD+R/+RW of DVD-RAM is
schijfruimte nodig voor bestandsbeheer, wat inhoudt dat schijven
mogelijk niet tot de maximale capaciteit kunnen worden beschreven.
■ De schijf functioneert volgens de DVD-norm en wordt mogelijk
opgevuld met dummygegevens als er gegevens naar worden
geschreven die minder dan 1 GB in beslag nemen. Zelfs als u een
kleine hoeveelheid gegevens schrijft, kan het even duren om de schijf
met dummygegevens te vullen.
■ Een DVD-RAM die met FAT32 is geformatteerd, kan onder Windows
®
2000 alleen met een DVD-RAM-stuurprogramma worden gelezen.
■ Als er meerdere stations zijn aangesloten die gegevens naar schijven
kunnen schrijven, dient u op te letten dat u niet naar het verkeerde
station schrijft.
■ Vergeet niet de netadapter aan te sluiten voordat u begint met schrijven
of herschrijven.
■ Als u wilt overschakelen naar de stand-by-modus of de slaapstand,
moet u eerst controleren of het schrijven naar DVD-RAM is voltooid.
Het schrijven is voltooid wanneer u de DVD-RAM-schijf kunt uitwerpen.
■ Sluit alle softwareprogramma's behalve de schrijfsoftware.
■ Voer geen programma's uit die de CPU belasten, bijvoorbeeld
schermbeveiligingsprogramma's.
■ Gebruik de computer met het energiebeheerschema Altijd aan.
Gebruik geen energiebesparingsfuncties.
■ Schrijf niet terwijl anti-virussoftware actief is. Wacht tot de viruscontrole
is beëindigd en schakel vervolgens de anti-virussoftware (en eventuele
op de achtergrond uitgevoerde bestandscontroleprogramma's) uit.
■ Gebruik geen vasteschijfprogramma's, met inbegrip van
hulpprogramma's voor snelle schijftoegang. Doet u dit toch, dan loopt u
het risico van storingen en gegevensverlies.
■ Schrijf vanaf de vaste schijf van de computer naar de CD/DVD. Probeer
niet te schrijven vanaf gedeelde apparaten zoals een LAN-server of
andere netwerkapparaten.
■ Het gebruik van andere schrijfsoftware dan RecordNow! wordt niet
aanbevolen.
Gebruikershandleiding4-14
Page 83
Tijdens schrijven of herschrijven
Neem de volgende punten in acht wanneer u CD-R-/RW-schijven, DVD-R-/
RW-/RAM-schijven of DVD+R-/+RW-schijven beschrijft of herschrijft.
■ Vermijd de volgende handelingen tijdens het (her)schrijven:
■ wisselen van gebruiker in het besturingssysteem Windows
■ gebruik van de computer zoals het hanteren van het
aanwijsapparaat (muis of touchpad) en het sluiten/openen van het
LCD-scherm;
■ het starten van communicatietoepassingen (bijvoorbeeld een
modemprogramma);
■ handelingen waardoor de computer wordt blootgesteld aan
schokken of trillingen;
■ het installeren, verwijderen of aansluiten van externe apparaten
■ gebruik van de audio-/videobedieningsknoppen om geluid te
reproduceren.
■ Het DVD Super Multi-station openen.
■ Gebruik tijdens het schrijven of herschrijven niet de afsluit-/
afmeldprocedure en stand-by/slaapstand.
■ Zorg ervoor dat het schrijven of herschrijven is voltooid voordat u
overschakelt naar de stand-by-modus of de slaapstand. Het
schrijfproces is voltooid als u de lade van het DVD Super Multi-station
kunt openen.
■ Plaats de computer op een egaal, horizontaal oppervlak en vermijd
plaatsen waar trillingen waarneembaar zijn, bijvoorbeeld auto's, treinen
en vliegtuigen. Gebruik geen instabiele plekken zoals een wankele
tafel.
■ Houd mobiele telefoons en andere draadloze communicatieapparaten
uit de buurt van de computer.
■ Kopieer gegevens altijd van de vaste schijf naar de CD-R/-RW- of
DVD-R/-RW/-RAM- of DVD+R/+RW-schijf. Gebruik geen functies voor
knippen en plakken. In het geval van schrijffouten gaan de originele
gegevens verloren.
Grondbeginselen
®
XP;
Gebruikershandleiding4-15
Page 84
RecordNow! Basic voor TOSHIBA
Wanneer u RecordNow! gebruikt, dient u rekening te houden met de
volgende beperkingen:
■ RecordNow! kan niet worden gebruikt voor het maken van DVD-video.
■ RecordNow! kan niet worden gebruikt voor het maken van DVD-audio.
■ U kunt de functie "Audio-CD voor thuis of in de auto" van RecordNow!
niet gebruiken om muziek op te nemen op een DVD-R/-RW- of DVD+R/
+RW-schijf.
■ Gebruik de functie "Exacte kopie" van RecordNow! niet voor het
kopiëren van auteursrechtelijk beschermde DVD-video-schijven en
DVD-ROM's.
■ U kunt geen back-up maken van DVD-RAM-schijven met de functie
"Exacte kopie" van RecordNow!.
■ U kunt de inhoud van een CD-ROM of CD-R/RW niet naar een DVD-R/
-RW of DVD+R/+RW kopiëren met de functie "Exacte kopie" van
RecordNow!.
■ U kunt de inhoud van een DVD-ROM, DVD-video, DVD-R/-RW of
DVD+R/+RW niet naar een CD-R/-RW kopiëren met de functie "Exacte
kopie" van RecordNow!.
■ RecordNow! kan niet in pakketindeling opnemen.
■ Met de functie "Exacte kopie" van RecordNow! kunt u wellicht geen back-
up maken van een DVD-R-/-RW of DVD+R/+RW die met andere software
op een andere DVD-R/-RW- of DVD+R/+RW-recorder is gemaakt.
■ Als u gegevens toevoegt aan een DVD-R of DVD+R waarop reeds
gegevens zijn opgenomen, kunnen de toegevoegde gegevens in
bepaalde omstandigheden niet worden gelezen. Zo kunnen de
gegevens niet worden gelezen in 16-bits besturingssystemen zoals
Windows
Pack 6 of hoger nodig om toegevoegde gegevens te kunnen lezen. In
Windows
te kunnen lezen. In bepaalde DVD-ROM-stations en DVD-ROM- en
CD-R/-RW-stations kunnen toegevoegde gegevens überhaupt niet
worden gelezen, ongeacht het besturingssysteem.
■ Opname op DVD-RAM-schijven wordt niet ondersteund door
RecordNow!. Als u op een DVD-RAM wilt opnemen, dient u Verkenner
of een ander hulpprogramma te gebruiken.
■ Controleer alvorens een back-up van een DVD te maken of het
bronstation ondersteuning biedt voor opnemen op DVD-R-/RW- of
DVD+R-/+RW-schijven. Is dit niet het geval, dan wordt de DVD mogelijk
niet correct gekopieerd.
■ Wanneer u een back-up maakt van een DVD-R, DVD-RW, DVD+R of
DVD+RW, dient u hetzelfde type schijf te gebruiken.
■ Gegevens die naar een CD-RW, DVD-RW of DVD+RW zijn
geschreven, kunnen niet gedeeltelijk worden verwijderd.
■ Gegevens die naar een CD-R-, DVD-R- of DVD+R-schijf zijn
geschreven, kunnen niet gedeeltelijk of volledig worden verwijderd.
®
98SE en Windows® ME. In Windows® NT4 hebt u Service
®
2000 hebt u Service Pack 2 of hoger nodig om de gegevens
Grondbeginselen
Gebruikershandleiding4-16
Page 85
Gegevenscontrole
Om te controleren of het schrijf-/herschrijfproces correct verloopt, voert u
de volgende stappen uit voordat u gegevens naar een data-CD of -DVD
schrijft.
1. Klik op de knop Opties () in het bedieningspaneel van RecordNow!
om de optiepanelen te openen.
2. Selecteer de gegevens in het menu aan de linkerkant.
3. Activeer het selectievakje Verify data written to the disc after burning
(Gegevens controleren die na het branden aan de schijf zijn
toegevoegd) in Data Options (Gegevensopties).
4. Klik op OK.
DLA voor TOSHIBA
Wanneer u DLA gebruikt, dient u rekening te houden met de volgende
beperkingen:
■ Deze software ondersteunt uitsluitend herschrijfbare schijven
(DVD+RW, DVD-RW en CD-RW). Niet-herschrijfbare schijven zoals
DVD+R's, DVD-R's en CD-R's worden niet ondersteund.
■ Het formatteren en beschrijven van DVD-RAM-schijven wordt niet
ondersteund door DLA. Deze functies worden uitgevoerd door het
DVD-RAM-stuurprogramma. Afhankelijk van de schijf die in het station
wordt geplaatst, wordt automatisch de juiste software gestart.
■ Gebruik geen schijven die zijn geformatteerd met andere
pakketschrijfsoftware dan DLA. Gebruik schijven die met DLA zijn
geformatteerd, niet met andere pakketschrijfsoftware. Formatteer
schijven waarmee u niet bekend bent vóór gebruik met de optie “Full
Format”.
■ Pas de functies voor knippen en plakken niet toe op bestanden en
mappen. Een geknipt bestand of geknipte map kan verloren gaan als
het schrijven mislukt door een schijffout.
Grondbeginselen
InterVideo WinDVD Creator Platinum installeren
Als u InterVideo WinDVD Creator wilt installeren, moet u zich aanmelden
met beheerdersrechten. Sluit alle programma’s voor u InterVideo WinDVD
Creator installeert.
1. Plaats de CD-ROM met extra software, die ook WinDVD Creator bevat,
in het optische station.
2. Voer de installatie-instructies op het scherm uit.
3. Nadat de installatie is voltooid, start u de computer opnieuw op als u
daarom wordt gevraagd, zodat de wijzigingen worden doorgevoerd.
Gebruikershandleiding4-17
Page 86
InterVideo WinDVD Creator Platinum
Raadpleeg de online Help voor mee informatie over InterVideo WinDVD
Creator.
Wanneer u de Setup-bestanden voor het programma naar een met DLA
geformatteerde schijf schrijft en Setup vanaf deze schijf start, kan een fout
optreden Kopieer de bestanden in dat geval naar de vaste schijf en start
Setup.
Houd rekening met de volgende beperkingen wanneer u video schrijft naar
DVD:
1. Digitale video bewerken
■ Meld u aan met beheerdersrechten om WinDVD Creator te kunnen
gebruiken.
■ Zorg dat de computer op de netadapter werkt wanneer u WinDVD
Creator gebruikt.
■ Gebruik de computer met het energiebeheerschema Altijd aan.
Gebruik geen energiebesparingsfuncties.
■ U kunt een voorbeeld weergeven terwijl u een DVD bewerkt. Als
echter een andere toepassing actief is, worden voorbeelden
mogelijk niet correct weergegeven.
■ WinDVD Creator kan video niet op de externe monitor weergeven
als u het LCD-scherm en de monitor tegelijk gebruikt.
■ Met WinDVD Creator kunt u geen auteursrechtelijk beschermde
inhoud bewerken of afspelen.
■ Wijzig de beeldscherminstellingen niet terwijl u WinDVD Creator
gebruikt.
■ Schakel de stand-by-modus/slaapstand niet in terwijl u WinDVD
Creator gebruikt.
■ Gebruik WinDVD Creator niet direct nadat u de computer hebt
aangezet. Wacht tot alle schijfactiviteit is geëindigd.
■ Als u opneemt naar een DV-camera, laat de camera dan gedurende
enkele seconden opnemen voor u de daadwerkelijke gegevens
opneemt om ervoor te zorgen dat alle gegevens worden vastgelegd.
■ Deze versie ondersteunt geen CD-recorder-, JPEG-, DVD-audio-,
mini-DVD- en video-CD-functies.
■ Sluit alle andere programma’s terwijl u video opneemt op DVD of
videoband.
■ Voer geen programma's uit die de CPU zwaar belasten, zoals een
schermbeveiliging.
■ Voer geen communicatietoepassingen uit, zoals die voor een
modem of een LAN.
Grondbeginselen
Gebruikershandleiding4-18
Page 87
Grondbeginselen
2. Voor u de video opneemt op DVD
■ Als u opneemt op DVD, gebruik dan alleen schijven die worden
aanbevolen door de fabrikant van het station.
■ Stel de werkschijf niet in op een traag apparaat, zoals een vaste
schijf met USB 1.1, omdat anders geen DVD’s geschreven kunnen
worden.
■ Vermijd de volgende handelingen:
•gebruik van de computer zoals het hanteren van het
aanwijsapparaat (muis of touchpad) en het sluiten/openen van het
LCD-scherm;
•handelingen waardoor de computer wordt blootgesteld aan
schokken of trillingen;
•gebruik van de modusschakelaar en audio-/
videobedieningsknoppen om muziek of spraak te reproduceren;
•het DVD-station openen;
•het installeren, verwijderen of aansluiten van externe apparaten
zoals:
■ Controleer de schijf nadat u belangrijke gegevens hebt opgenomen.
■ Een DVD-R/+R/-RW kan niet in VR-indeling worden beschreven.
■ U kunt maximaal 2 uur aan videogegevens in DVD-video-indeling
naar een DVD-R/+R/-RW/+RW schrijven.
■ WinDVD Creator kan niet exporteren naar DVD-Audio, Video-CD of
miniDVD.
■ Met WinDVD Creator kunt u een DVD-RAM/DVD+RW in VR-
indeling beschrijven, maar de schijf kan vervolgens alleen op uw
computer worden afgespeeld.
■ Als u een DVD beschrijft, vereist WinDVD Creator 2 GB of meer
schijfruimte voor één uur video.
■ Als u een DVD helemaal vol maakt, worden de hoofdstukken
mogelijk niet in de juiste volgorde afgespeeld.
3. Over Disc Manager
■ WinDVD Creator kan één afspeellijst op een schijf bewerken.
■ In WinDVD Creator wordt mogelijk een andere miniatuur
weergegeven dan u oorspronkelijk op de CE (Consumer
Electronics) DVD-RAM-recorder hebt ingesteld.
■ Met Disc Manager kunt u gegevens in de volgende indelingen
bewerken: DVD-VR op DVD-RAM, DVD+VR op DVD+RW en DVDvideo op DVD-RW.
Gebruikershandleiding4-19
Page 88
4. Over opgenomen DVD’s
■ Sommige DVD-ROM-stations voor computers of andere DVD-
spelers kunnen mogelijk geen DVD-R/+R/-RW/+RW/-RAM's lezen.
■ Als u een opgenomen schijf afspeelt op uw computer, gebruik dan
de toepassing WinDVD.
■ Als u een vaak gebruikte herschrijfbare schijf gebruikt, is een
volledige formattering wellicht niet mogelijk. Gebruik een nieuwe
schijf.
Behandeling van schijven
Deze paragraaf bevat tips voor het beschermen van de gegevens die u op
CD's, DVD's of diskettes hebt opgeslagen.
Ga voorzichtig om met schijven. Door de volgende eenvoudige richtlijnen in
acht te nemen kunt u de levensduur van uw media verlengen en de erop
opgeslagen gegevens beschermen:
CD’s/DVD’s
1. Bewaar uw CD's/DVD's in hun originele houders om ze te beschermen
en schoon te houden.
2. Buig een CD/DVD niet.
3. Beschadig het oppervlak van een CD/DVD die gegevens bevat niet
door er bijvoorbeeld een etiket op te plakken of erop te schrijven.
4. Houd een CD/DVD bij de rand of bij het gat in het midden vast.
Vingerafdrukken op het oppervlak van een CD/DVD kunnen de schijf
onleesbaar maken.
5. Stel de schijven niet bloot aan direct zonlicht, extreme hitte of extreme
koude. Plaats geen zware voorwerpen op uw CD's/DVD's.
6. Als uw CD's/DVD's stoffig of vuil raken, kunt u ze afvegen met een
schone, droge doek. Veeg vanuit het midden naar buiten (niet in een
cirkel). Gebruik zo nodig een doek die is bevochtigd met water of een
neutraal schoonmaakmiddel. Gebruik geen benzeen,
verdunningsmiddel of soortgelijke schoonmaakmiddelen.
Grondbeginselen
Gebruikershandleiding4-20
Page 89
Diskettes
1. Bewaar diskettes in hun originele houders om ze te beschermen en
schoon te houden. Maak een vuile diskette schoon met een zachte
doek die is bevochtigd met water. Gebruik geen schoonmaakmiddelen.
2. Duw het metalen schuifje van een diskette niet opzij en raak het
magnetische oppervlak niet aan. Vingerafdrukken kunnen een diskette
onleesbaar maken.
3. Buig diskettes niet en stel ze niet bloot aan direct zonlicht of extreme
temperaturen; als u dit voorschrift niet in acht neemt, kunnen gegevens
verloren gaan.
4. Plaats geen zware voorwerpen op uw diskettes.
5. Eet, rook of gum niet in de nabijheid van uw diskettes. Vreemde
deeltjes kunnen het magnetische oppervlak van de diskette
beschadigen.
6. Magnetische energie kan de gegevens op diskettes vernietigen. Houd
uw diskettes daarom uit de buurt van voorwerpen die magnetische
velden genereren, zoals luidsprekers, radio’s en tv’s.
Geluidssysteem
In deze paragraaf wordt ingegaan op het regelen van geluid, waarbij
geluidsvolume en energiebeheer aan de orde komen.
Volumeregelaar
Grondbeginselen
Met het hulpprogramma Volumeregeling kunt u in Windows® het volume
voor het afspelen en opnemen van geluid regelen.
■ Als u Volumeregeling wilt starten voor afspeeldoeleinden klikt u op
Start, wijst u achtereenvolgens Alle programma's, Bureauaccessoires en Entertainment aan en klikt u op Volumeregeling.
■ Wilt u opnemen, dan klikt u op Opties, wijst u Eigenschappen aan,
kiest u Opnemen en klikt u op OK.
■ Klik in Volumeregeling desgewenst op Help voor nadere informatie.
Microfoonvolume
Voer de volgende stappen uit om de microfoonversterking te wijzigen:
1. Klik op Start, wijs achtereenvolgens Alle programma's, Bureau-accessoires en Entertainment aan en klik op Volumeregeling.
2. Klik op Opties en wijs Eigenschappen aan.
3. Selecteer Opnemen en klik op OK.
4. Klik op Opties en selecteer Geavanceerde volumeregelingen.
5. Klik op Geavanceerd.
6. Schakel het selectievakje Microfoonversterking in.
Gebruikershandleiding4-21
Page 90
Modem
Regioselectie
Grondbeginselen
In deze paragraaf wordt beschreven hoe u de interne modem aan een
telefoonaansluiting koppelt en ervan ontkoppelt.
De interne modem ondersteunt geen spraakfuncties. De data- en
faxfuncties worden wel ondersteund.
■ Bij onweer dient u de modemkabel uit de telefoonaansluiting te
verwijderen.
■ Sluit de modem niet op een digitale telefoonlijn aan. Hierdoor zal de
modem schade oplopen.
Telecommunicatievoorschriften variëren per regio, en u moet er dus voor
zorgen dat de modeminstellingen correct zijn voor de regio waarin u de
modem gaat gebruiken.
Voer de volgende stappen uit om een regio te selecteren.
1. Klik op Start, wijs Alle programma’s, TOSHIBA en Netwerken aan en
klik op het hulpprogramma voor regioselectie.
Als in het hulpprogramma Modeminstallatie van het Configuratiescherm
een functie voor regio-/landselectie beschikbaar is, dient u deze niet te
gebruiken. Als u het land/de regio in het Configuratiescherm wijzigt, wordt
deze wijziging mogelijk niet doorgevoerd.
2. Het pictogram Regioselectie wordt weergegeven in de taakbalk. Klik
met de primaire knop op het pictogram om een lijst van ondersteunde
regio's weer te geven. U ziet tevens een submenu met telefoonlocatieinformatie. Naast de geselecteerde regio en de geselecteerde
telefoonlocatie staat een kruisje.
3. Selecteer een regio uit het regiomenu of een telefoonlocatie uit het
submenu.
■ Wanneer u op een regio klikt, wordt dit de regioselectie van de
modem en wordt automatisch de nieuwe telefoonlocatie ingesteld.
■ Wanneer u een telefoonlocatie selecteert, wordt automatisch de
corresponderende regio geselecteerd en wordt dit de huidige regioinstelling van de modem.
Menu Eigenschappen
Klik met de secundaire knop op het pictogram om het eigenschappenmenu
op het scherm weer te geven.
Gebruikershandleiding4-22
Page 91
Instellingen
U kunt de volgende instellingen in- of uitschakelen:
Automatisch uitvoeren
Het hulpprogramma voor regioselectie wordt automatisch gestart wanneer
u het besturingssysteem start.
Dialoogvenster Keuze-opties openen na selectie van de
regio
Het dialoogvenster Keuze-opties wordt automatisch geopend nadat u de
regio hebt geselecteerd.
Locatielijst voor regioselectie
Er verschijnt een submenu met informatie over telefoonlocaties.
Dialoogvenster openen als modem en huidige
telefoonlocatie niet overeenkomen
Er verschijnt een waarschuwingsvenster als de huidige instellingen voor
het regionummer en de telefoonlocatie incorrect zijn.
Modemselectie
Als de computer de interne modem niet herkend, wordt er een
dialoogvenster weergegeven. Selecteer de COM-poort die u voor de
modem wilt gebruiken.
Grondbeginselen
Keuze-opties
Als u deze optie selecteert, worden de keuze-opties weergegeven.
Als u de computer in Japan gebruikt, bent u wettelijk verplicht Japan als
regio te selecteren. Het is in strijd met de wet om de modem in Japan met
een andere regioselectie te gebruiken.
Gebruikershandleiding4-23
Page 92
Aansluiten
Voer de volgende stappen uit om de modemkabel aan te sluiten.
■ Voor het aansluiten van een modem moet gebruik worden gemaakt
van de bij de computer geleverde modemkabel. Koppel het
kabeluiteinde met de kern aan de computer.
■ Bij onweer dient u de modemkabel uit de telefoonaansluiting te
verwijderen.
■ Sluit de modem niet op een digitale telefoonlijn aan. Hierdoor zal de
modem schade oplopen.
1. Steek één uiteinde van de modemkabel in de modempoort.
2. Koppel het andere uiteinde van de modemkabel aan een
telefoonaansluiting.
De interne modem aansluiten
U dient niet aan de kabel te trekken of de computer te verplaatsen terwijl
de kabel is aangesloten.
Grondbeginselen
Als u gebruik maakt van een opslagapparaat (bijvoorbeeld een optisch
station of een vaste schijf) dat aan een 16-bits PC-kaart is gekoppeld, kunt
u te maken krijgen met de volgende modemproblemen:
■ de modemsnelheid is laag of de communicatie wordt onderbroken;
■ geluidsstoringen.
Ontkoppelen
Voer de volgende stappen uit om de kabel van de interne modem te
ontkoppelen.
1. Knijp het palletje op de connector in de telefoonaansluiting in en trek de
connector eruit.
2. Trek de andere kabelconnector op dezelfde manier uit de computer.
Gebruikershandleiding4-24
Page 93
Draadloos LAN
De functie voor draadloos LAN is niet op alle modellen beschikbaar. Als
deze functie wel aanwezig is, ondersteunt deze de B- en G-standaard,
maar is deze ook compatibel met andere LAN-systemen die zijn gebaseerd
op de Direct Sequence Spread Spectrum/Orthogonal Frequency Division
Multiplexing-radiotechnologie die voldoet aan de IEEE 802.11-standaard
voor draadloos LAN.
■ Automatische selectie van de verzendsnelheid in het verzendbereik 54,
48, 36, 24, 18, 12, 9 en 6 Mbit/s (IEEE 802.11g)
■ Automatische selectie van de verzendsnelheid in het verzendbereik 11,
De functie Activering op LAN werkt niet in een draadloos LAN.
Beveiliging
■ Schakel de coderingsfunctie in om te voorkomen dat anderen zich via
het draadloos LAN onrechtmatig toegang tot uw computer verschaffen,
wat kan leiden tot wederrechtelijke toe-eigening, afluisterpraktijken en
verlies of vernietiging van opgeslagen gegevens. TOSHIBA raadt u
daarom met klem aan de coderingsfunctie in te schakelen.
■ TOSHIBA is niet verantwoordelijk voor indringing tot gegevens via het
draadloos LAN of voor beschadiging van die gegevens.
Grondbeginselen
Schakelaar voor draadloze communicatie
U kunt de functie voor draadloos LAN in- of uitschakelen met de schakelaar
voor draadloze communicatie. Als de schakelaar op uit staat, kunnen geen
gegevens worden verzonden of ontvangen. Schuif de schakelaar naar
rechts om de functie in te schakelen en naar links om de functie uit te
schakelen.
Zet de schakelaar in vliegtuigen en ziekenhuizen op uit. Controleer het
lampje. Het lampje brandt niet wanneer de functie voor draadloze
communicatie is uitgeschakeld.
Gebruikershandleiding4-25
Page 94
Lampje voor draadloze communicatie
Het lampje voor draadloze communicatie geeft de status van de functies
voor draadloze communicatie aan.
Grondbeginselen
LAN
Status van het
lampje
Lampje uitSchakelaar voor draadloze communicatie staat
Lampje aanSchakelaar voor draadloze communicatie staat
Als u draadloos LAN uitschakelt via de taakbalk, moet u de computer
opnieuw opstarten om deze functie weer in te schakelen. U kunt in plaats
daarvan ook de volgende stappen uitvoeren:
1. Klik op Prestaties en onderhoud in Configuratiescherm en klik
daarna op Systeem.
2. Selecteer het tabblad Hardware.
3. Klik op Apparaatbeheer. Het venster Apparaatbeheer wordt geopend.
Klik op Netwerkadapters.
4. Selecteer de gewenste netwerkadapter en klik op de knop Inschakelen
op de werkbalk.
De computer biedt ingebouwde ondersteuning voor Ethernet LAN
(10 megabits per seconde, 10BASE-T) en Fast Ethernet LAN (100
megabits per seconde, 100BASE-Tx). In dit gedeelte wordt beschreven
hoe u de computer koppelt aan en ontkoppelt van een LAN.
Betekenis
op uit. Automatisch uitgeschakeld wegens
oververhitting. Stroomstoring
op aan. Het draadloos LAN is ingeschakeld door
een toepassing.
Typen LAN-kabels
De computer moet correct worden geconfigureerd alvorens verbinding met
een LAN te maken. Als u zich bij een LAN aanmeldt terwijl de
standaardinstellingen van de computer van kracht zijn, kunnen storingen
op het LAN optreden. Vraag de LAN-beheerder naar de juiste
configuratieprocedures.
Als u Fast Ethernet LAN (100 megabits per seconde, 100BASE-TX)
gebruikt, dient u de computer met een CAT5-kabel of hoger aan te sluiten.
U kunt geen CAT3-kabel gebruiken.
Gebruikt u Ethernet LAN (10 megabits per seconde, 10BASE-T), dan kunt
u de computer aansluiten met een CAT3-kabel of hoger.
Gebruikershandleiding4-26
Page 95
De LAN-kabel aansluiten
Voer de volgende stappen uit om de LAN-kabel aan te sluiten.
1. Schakel de computer en alle erop aangesloten externe apparaten uit.
2. Koppel één uiteinde van de kabel aan de LAN-poort. Duw voorzichtig
tot de vergrendeling vastklikt.
De LAN-kabel aansluiten
3. Koppel het andere uiteinde van de kabel aan een LAN-hub. Raadpleeg
de LAN-beheerder voordat u de kabel op een hub aansluit.
De LAN-kabel ontkoppelen
Voer de volgende stappen uit om de LAN-kabel te ontkoppelen.
1. Knijp het palletje op de connector in de LAN-aansluiting van de
computer in en trek de connector eruit.
2. Ontkoppel de kabel op dezelfde wijze van de LAN-hub. Raadpleeg de
LAN-beheerder voordat u de kabel van de hub ontkoppelt.
Grondbeginselen
Computer schoonmaken
Om een lange levensduur en storingsvrij gebruik te waarborgen dient u de
computer stofvrij te houden en voorzichtig te zijn met vloeistoffen in de
buurt van de computer.
■ Mors geen vloeistoffen in de computer. Als de computer toch nat wordt,
schakelt u onmiddellijk de stroom uit; laat de computer volledig drogen
voordat u hem weer aanzet.
■ Reinig de computer met een licht (met water) bevochtigde doek. Voor
het beeldscherm kunt u een glasreinigingsmiddel gebruiken. Sproei een
kleine hoeveelheid reinigingsmiddel op een zachte, schone doek en
veeg het scherm hiermee voorzichtig af.
Sproei schoonmaakmiddel nooit rechtstreeks op de computer en laat er
geen vloeistof inlopen. Gebruik nooit bijtende chemicaliën om de computer
te reinigen.
■ Verwijder regelmatig met een stofzuiger het stof uit de luchtopeningen
aan de linkerkant van de computer. Raadpleeg hoofdstuk 2,
Rondleiding Linkerkant.
Gebruikershandleiding4-27
Page 96
Computer verplaatsen
De computer is een robuust apparaat. Wanneer u de computer verplaatst,
dient u echter enkele eenvoudige voorzorgsmaatregelen te treffen om te
zorgen dat het systeem probleemloos blijft werken.
■ Zorg dat alle schijfactiviteit is gestopt voor u de computer verplaatst.
Controleer het schijflampje op de computer.
■ Als er een CD/DVD in het station zit, verwijdert u deze. Zorg tevens dat
de stationslade goed is gesloten.
■ Schakel de computer uit.
■ Ontkoppel de netadapter en alle randapparaten alvorens de computer
te verplaatsen.
■ Sluit het beeldscherm. Til de computer niet op bij het beeldscherm.
■ Gebruik de draagtas wanneer u de computer vervoert.
■ Houd de computer stevig vast wanneer u ermee rondloopt, om stoten
en vallen te vermijden.
■ Houd de computer tijdens het dragen niet aan uitstekende delen vast.
Grondbeginselen
Uitstekend deel
Gebruikershandleiding4-28
Page 97
TOSHIBA L10-serie
Het toetsenbord
Het toetsenbord van de computer is compatibel met een uitgebreid
toetsenbord met 101/102 toetsen. Door bepaalde toetsen tegelijkertijd in te
drukken kunt u alle functies uitvoeren die op een toetsenbord met 101/102
toetsen beschikbaar zijn.
Het aantal toetsen op uw toetsenbord is afhankelijk van de
toetsenbordindeling waarmee uw computer is geconfigureerd. Er zijn
toetsenborden voor verschillende talen beschikbaar.
Er zijn zes soorten toetsenbordtoetsen: typemachinetoetsen,
geïntegreerde numerieke toetsen, functietoetsen, zogenoemde “softkeys”,
speciale Windows
Typemachinetoetsen
De typemachinetoetsen produceren de hoofdletters en kleine letters,
cijfers, leestekens en speciale symbolen die op het scherm verschijnen.
Er zijn echter enkele verschillen tussen het gebruik van een typemachine
en het gebruik van een computertoetsenbord:
■ Letters en cijfers die met de computer zijn geproduceerd, verschillen
van breedte. Spaties, die door een "spatieteken" worden gecreëerd,
kunnen ook variëren, al naar gelang uitlijning en andere factoren.
■ Op computers zijn de kleine letter l (el) en het cijfer 1 (één) niet
verwisselbaar.
■ Hoofdletter O en 0 (nul) zijn niet verwisselbaar.
■ Caps Lock, de functietoets voor hoofdlettervergrendeling, is alleen van
invloed op de lettertoetsen, niet (zoals op typemachines) op de cijferen symbooltoetsen.
■ De Shift- of hoofdlettertoetsen, de Tab -toets en de toets BkSp
(backspace- ofwel correctietoets) hebben dezelfde functie als de
gelijknamige typemachinetoetsen maar hebben bovendien speciale
computerfuncties.
®
-toetsen en cursorbesturingstoetsen.
Hoofdstuk 5
Gebruikershandleiding5-1
Page 98
F1 ... F12 functietoetsen
De functietoetsen, niet te verwarren met de Fn-toets, zijn de 12 toetsen
boven aan het toetsenbord. Deze toetsen werken anders dan de overige
toetsen.
F1 tot en met F12 worden aangeduid als functietoetsen, omdat u hiermee
geprogrammeerde functies kunt uitvoeren. Als u pictogramtoetsen in
combinatie met de Fn-toets gebruikt, worden specifieke functies op de
computer uitgevoerd. Raadpleeg de paragraaf Softkeys: Fn-
toetscombinaties in dit hoofdstuk. De werking van individuele toetsen is
afhankelijk van de software die u gebruikt.
Softkeys: Fn-toetscombinaties
De toets Fn (functie) vormt in combinatie met andere toetsen “softkeys”.
Softkeys zijn toetscombinaties die specifieke voorzieningen activeren,
uitschakelen of configureren.
In sommige softwareprogramma’s werken softkeys niet naar behoren of
werken ze in het geheel niet. De softkey-instellingen worden niet hersteld
door de stand-by-functie.
Het toetsenbord
Toetsen emuleren op een uitgebreid toetsenbord
Een uitgebreid toetsenbord met 101 toetsen
Het toetsenbord is zodanig ontworpen dat het voorziet in alle functies van
het uitgebreide toetsenbord met 101 toetsen, zoals geïllustreerd in de
vorige afbeelding. Het uitgebreide toetsenbord met 101/102 toetsen heeft
een apart numeriek toetsenblok, een Scroll Lock-toets en bovendien een
extra Enter- en Ctrl-toets rechts van het hoofdtoetsenbord. Aangezien dit
toetsenbord kleiner is en minder toetsen heeft, moet een aantal van de
functies van het uitgebreide toetsenbord worden gesimuleerd door middel
van toetscombinaties.
Het is mogelijk dat uw softwaretoepassing een toets vereist die niet op het
toetsenbord voorkomt. Door de Fn-toets in combinatie met een van de
volgende toetsen in te drukken emuleert u de functies van het uitgebreide
toetsenbord.
Gebruikershandleiding5-2
Page 99
Sneltoetsen
Met sneltoetsen kunt u bepaalde functies van de computer in- of
uitschakelen.
Geluid dempen: Als u in een Windows®-omgeving op Fn + Esc drukt,
wordt het geluid in- of uitgeschakeld. Wanneer u op deze sneltoets drukt,
wordt de huidige instelling veranderd en als pictogram weergegeven.
Directe beveiliging: Als u op Fn + F1 drukt, wordt het scherm
leeggemaakt, zodat niemand toegang tot uw gegevens kan verkrijgen. Als
u het scherm en de oorspronkelijke instellingen wilt herstellen, drukt u op
een willekeurige toets of tikt u op het touchpad. Als een wachtwoord voor
schermbeveiliging is geregistreerd, wordt een dialoogvenster geopend.
Voer het schermbeveiligingswachtwoord in en klik op OK. Als geen
wachtwoord is ingesteld, wordt het scherm hersteld zodra u op een toets
drukt of op het touchpad tikt.
Het toetsenbord
Energiebesparingsmodus: Als u op Fn + F2 drukt, wordt het
dialoogvenster Eigenschappen voor Energiebeheer geopend. Hier kunt u
de status van de stroomvoorziening controleren of instellingen voor
energiebesparing configureren.
Stand-by: Wanneer u op Fn + F3 drukt, wordt de computer in de stand-by-
modus gezet. Om te voorkomen dat de computer onverhoeds op stand-by
gaat, verschijnt een dialoogvenster ter controle. Als u het venster voortaan
niet wilt weergegeven, schakelt u het selectievakje in.
Slaapstand:Wanneer u op Fn + F4 drukt, wordt de computer in de
slaapstand gezet. Om te voorkomen dat de computer onverhoeds in de
slaapstand wordt gezet, verschijnt een dialoogvenster ter controle. Als u
het venster voortaan niet wilt weergegeven, schakelt u het selectievakje in.
Gebruikershandleiding5-3
Page 100
Het toetsenbord
Beeldschermselectie: Druk op Fn + F5 als u het actieve beeldscherm wilt
wijzigen. Wanneer u op deze sneltoets drukt, verschijnt een dialoogvenster.
Alleen apparaten die beschikbaar zijn voor selectie, worden weergegeven.
Houd Fn ingedrukt en druk nogmaals op F5 om het apparaat te wijzigen.
Wanneer u Fn and F5 loslaat, verandert het geselecteerde apparaat.
Schermhelderheid: Als u op Fn + F6 drukt, wordt de schermhelderheid in
stappen verlaagd. Wanneer u op deze sneltoets drukt, wordt de huidige
instelling twee seconden lang weergegeven door middel van een
pictogram.
Schermhelderheid: Als u op Fn + F7 drukt, wordt de schermhelderheid in
stappen verhoogd. Wanneer u op deze sneltoets drukt, wordt de huidige
instelling twee seconden lang weergegeven door middel van een
pictogram.
Het helderheidsniveau is recht evenredig met de beeldscherpte.
Draadloze communicatie: Op dit model is er geen geprogrammeerde
functie toegewezen aan Fn + F8.
Touchpad: Als u in een Windows
®
-omgeving op Fn + F9 drukt, wordt de
touchpadfunctie in- of uitgeschakeld. Wanneer u op deze sneltoets drukt,
wordt de huidige instelling veranderd en als pictogram weergegeven.
Druk op Fn + F11 om de geïntegreerde numerieke toetsen te activeren. Als
deze functie is geactiveerd, veranderen toetsen met een grijze markering
op de onderrand in numerieke toetsen. Raadpleeg de paragraaf
Geïntegreerde numerieke toetsen in dit hoofdstuk voor meer informatie
over het gebruik van deze toetsen. Standaard zijn beide functies bij het
opstarten van de computer uitgeschakeld.
Gebruikershandleiding5-4
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.