Lees beslist de gebruiksaanwijzing en de
montage-instructies voordat u uw afwasautomaat plaatst, installeert en in gebruik neemt.
Dat is veiliger voor uzelf en u voorkomt
onnodige schade aan uw apparaat. M.-Nr. 05 540 980
7Vier stelvoeten
8Zeefcombinatie
9Reservoir voor regenereerzout
10Tweevaksdoseerbakje voor
reinigingsmiddel
11Reservoir voor naspoelmiddel
(met keuzeknop)
12Typeplaatje
Page 5
Bedieningspaneel
Algemeen
13I-Aan-/0-Uit - toets
14Tijdsaanduiding
15Controlelampjes voor het
programmaverloop
16Controlelampjes voor watertoevoer
en waterafvoer, zout en naspoel-
middel, filtersysteem en middelste
sproeiarm
17Programmakeuzeschakelaar met
ringverlichting
18Voorkeuze - toetsen
19Top Solo - toets
20Start - toets
21Kinderbeveiliging
22Deuropener
23Uitblaasopening van de droog-
ventilator
5
Page 6
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen
Bij plaatsing en installatie
Deze afwasautomaat voldoet aan de
voorgeschreven veiligheidsbepa
lingen.
Door ondeskundig gebruik kunnen
personen echter letsel oplopen en
kan er materiële schade ontstaan.
Lees deze gebruiksaanwijzing daar
om eerst aandachtig door voordat u
dit apparaat in gebruik neemt. Dat is
veiliger voor uzelf en u voorkomt
daarmee schade aan uw apparaat.
Bewaar deze gebruiksaanwijzing
zorgvuldig.
-
-
Efficiënt gebruik
Deze afwasautomaat is uitsluitend
bestemd voor huishoudelijk gebruik.
Gebruik deze afwasautomaat uit-
sluitend voor het afwassen van
huishoudservies.
Het gebruik voor andere doeleinden en
het aanbrengen van veranderingen aan
het apparaat is ontoelaatbaar en kan gevaarlijk zijn. De fabrikant kan niet aan
sprakelijk worden gesteld voor schade
die is ontstaan door gebruik voor andere
doeleinden dan hier aangegeven of
door een foutieve bediening.
-
Bij de levering
Een afwasautomaat die bescha
digd is kan uw veiligheid in gevaar
brengen. Controleer verpakking en af
wasautomaat daarom direct op trans
portschade. Neem uw afwasautomaat
in geen geval in gebruik als deze be
schadigd is.
Zorg ervoor dat de verpakking kan
worden hergebruikt.
-
-
-
-
Neem bij plaatsing en aansluiting
van de afwasautomaat de monta
ge-instructies in acht.
Voor de stabiliteit van de afwasau
tomaat is het noodzakelijk dat on
der of in te bouwen afwasautomaten
uitsluitend worden geplaatst onder een
doorlopend werkblad dat is vastge
schroefd aan de kasten die ernaast
staan.
De afwasautomaat mag niet onder
een kookplaat worden geïnstal
leerd. Een kookplaat straalt voor een
deel hoge temperaturen af waardoor de
afwasautomaat beschadigd zou kunnen raken.
Wanneer de afwasautomaat wordt
geïnstalleerd mag deze niet op het
elektriciteitsnet zijn aangesloten.
Controleer of de elektrische waar-
den van uw huisinstallatie (spanning, frequentie en zekering) overeenkomen met de gegevens op het
typeplaatje.
De elektrische veiligheid van deze
afwasautomaat is alleen dan ge
waarborgd als hij wordt aangesloten op
een aardingssysteem dat volgens de
geldende veiligheidsvoorschriften is
geïnstalleerd.
Aan deze fundamentele veiligheids
voorwaarde moet zijn voldaan. Laat de
huisinstallatie bij twijfel door een vak
man/vakvrouw controleren.
De fabrikant kan niet aansprakelijk wor
den gesteld voor schade die is ont
staan door een ontbrekende of
beschadigde aarddraad (bijv. een elek
trische schok).
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
6
Page 7
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen
Dit apparaat mag uitsluitend door
een vakman/vakvrouw op een
niet-stationaire locatie (bijvoorbeeld
een boot of camper) worden inge
bouwd en aangesloten. Hierbij moet
aan alle voorwaarden voor een veilig
gebruik worden voldaan.
Een afwasautomaat die bescha
digd is kan uw veiligheid in gevaar
brengen. Stel het apparaat meteen bui
ten werking als het beschadigd is en
neem contact op met uw leverancier of
met de Technische Dienst van Miele
Nederland B.V.
De kunststof behuizing van de Wa-
terproofventielen bevat een elektrisch onderdeel. Dompel de behuizing
niet in vloeistof!
In de watertoevoerslang bevinden
zich spanningsvoerende delen.
Knip de slang daarom niet door, ook al
is hij te lang!
Gebruik geen verlengsnoer. Dit in
verband met gevaar voor bijvoor
beeld oververhitting.
-
-
-
In het dagelijks gebruik
Gebruik geen oplosmiddelen in de
spoelruimte.
Dit in verband met explosiegevaar.
Drink geen water uit de spoelruim
te, want dit water is geen drinkwa
ter!
Adem geen poedervormige reini
gingsmiddelen in! Slik geen reini
gingsmiddelen in! Reinigingsmiddelen
kunnen brandwonden in neus, mond en
keel veroorzaken.
-
-
-
Ga direct naar de dokter wanneer u rei
nigingsmiddelen hebt ingeademd of
ingeslikt.
Ga niet op de geopende deur van
de afwasautomaat zitten of staan,
want als u dat doet kan het apparaat
kantelen. Daarbij kunt u letsel oplopen
of kan het apparaat beschadigd raken.
-
-
Heeft u een afwasautomaat met
een bestekkorf, kunt u het bestek
het beste in de bestekkorf plaatsen met
de grepen beneden en met de scherpe
kant boven. Dan wordt het bestek mak
kelijker schoon en droog.
Wanneer u daardoor echter kans loopt
om zich aan de scherpe kant van de
messen en de punten van de vorken te
verwonden, dan kunt u het bestek het
beste met de grepen boven en met de
scherpe kant beneden plaatsen.
Gebruik uitsluitend reinigingsmid-
delen voor huishoudafwasautomaten.
Gebruik geen reinigingsmiddelen voor
de handafwas!
Gebruik uitsluitend naspoelmidde
len voor huishoudafwasautomaten!
Gebruik uitsluitend het speciale
grofkorrelige regenereerzout of an
dere zuivere ingedampte zouten.
Gebruik in geen geval andere soorten
zout, bijv. keukenzout of strooizout.
Deze soorten zout bevatten soms niet
in water op te lossen deeltjes die een
nadelig effect kunnen hebben op de
werking van de ontharder.
-
-
-
-
7
Page 8
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen
Reinig geen kunststof vaatwerk in
de afwasautomaat dat niet hitte
bestendig is zoals wegwerpbakjes of
wegwerpbestek.
Dit soort vaatwerk kan door de hoge
temperaturen vervormen.
Wees extra voorzichtig met appara
ten met vrijliggend verwarmingsele
ment
Zorg ervoor dat u een vrijliggend
verwarmingselement tijdens een
programma-onderbreking of direct na
afloop van een afwasprogramma niet
aanraakt.
U kunt zich daaraan verbranden.
Kunststof servies kan smelten of
vlam vatten wanneer het met het
verwarmingselement in aanraking komt.
Plaats kunststof servies daarom altijd in
het bovenrek wanneer u niet zeker weet
of het hittebestendig is.
Zorg ervoor dat kleine stukken serviesgoed niet op het het verwarmingselement kunnen vallen door ze zwaarder
te maken of vast te zetten.
-
-
-
Als er kinderen in huis zijn
Zorg ervoor dat kleine kinderen
niet met de afwasautomaat spelen
of de automaat bedienen. Wanneer zij
dit doen bestaat het gevaar dat ze zich
in het apparaat opsluiten.
Zorg ervoor dat kinderen niet met
reinigingsmiddelen in aanraking
kunnen komen. Reinigingsmiddelen
kunnen brandwonden in mond en keel
veroorzaken of tot verstikking leiden.
Ga direct naar de dokter, als uw kind
reinigingsmiddel binnengekregen heeft.
Om te voorkomen dat kinderen met
het reinigingsmiddel in aanraking
kunnen komen, kunt u het middel beter
pas dán toevoegen vlak voordat
programma start.
Vergrendel de deur bovendien met de
kinderbeveiliging (afhankelijk van het
model).
Laat kinderen niet bij de afwasautomaat
komen als deze geopend is.
Er zouden nog resten reinigingsmidde
len in de afwasautomaat aanwezig kun
nen zijn.
Om te voorkomen dat kinderen met
het reinigingsmiddel in aanraking
kunnen komen, moet u het volgende in
de gaten houden.
Wanneer u de extra functie "Voorkeuze"
gebruikt (afhankelijk van het model),
moet u ervoor zorgen dat het doseerbakje voor het reinigingsmiddel droog
is. Reinigingsmiddel gaat in een vochtig doseerbakje klonteren en wordt misschien niet volledig weggespoeld.
Na afloop van het afwasprogramma
zouden kinderen met deze resten reini
gingsmiddel in aanraking kunnen ko
men wanneer de deur van de afwasau
tomaat geopend is.
u het
-
Ter voorkoming van materiële
schade
Doseer geen poedervormig of
vloeibaar reinigingsmiddel in het
reservoir voor naspoelmiddel, want dan
gaat het reservoir kapot.
Doseer geen poedervormig of
vloeibaar reinigingsmiddel in het
reservoir voor het regenereerzout, want
dan gaat de ontharder kapot.
-
-
-
-
8
Page 9
Veiligheidsinstructies en waarschuwingen
Gebruik geen reinigingsmiddelen
die voor bedrijfsafwasautomaten of
industriereinigers bestemd zijn.
Doet u dat wel kan er materiële schade
ontstaan en kunnen er hevige chemi
sche reacties optreden (bijv. een knal
gasreactie).
Het Miele-Waterproofsysteem biedt
een betrouwbare bescherming te
gen waterschade, maar wel op de vol
gende voorwaarden:
Het apparaat moet volgens de voor
–
schriften geïnstalleerd zijn.
Als er duidelijk sprake is van schade
–
moet het apparaat worden gerepareerd, resp. moeten onderdelen worden vervangen.
– De kraan moet bij langere afwezig-
heid (bijv. vakantie) worden dichtgedraaid.
-
-
Bij reparaties en onderhoud
Bij het afdanken van de afwas
automaat
Maak afgedankte apparaten on
bruikbaar. Trek de stekker uit het
stopcontact en knip de aansluitkabel
door.
Om te voorkomen dat kinderen zich in
het apparaat opsluiten moet u de sluit
-
haak van het deurslot verwijderen door
-
de 2 kruiskopschroeven los te draaien.
Zorg ervoor dat de afwasautomaat op
milieuvriendelijke wijze kan worden af
gedankt.
Wanneer de veiligheidsinstructies
niet worden opgevolgd kan de fabrikant niet verantwoordelijk worden
gesteld voor schade die daar eventueel het gevolg van is.
-
-
-
-
Reparaties mogen uitsluitend door
vakmensen worden uitgevoerd.
Door ondeskundige reparaties kan de
gebruiker grote risico's lopen.
Bij onderhoudswerkzaamheden
dient u altijd de spanning van het
apparaat te halen.
Schakel daartoe de automaat uit en trek
daarna de stekker uit het stopcontact of
schakel de hoofdschakelaar van de
elektrische huisinstallatie uit.
9
Page 10
Een bijdrage aan de bescherming van ons milieu
Het wegdoen van het
verpakkingsmateriaal
De verpakking beschermt het apparaat
tegen transportschade.
Het verpakkingsmateriaal is uitgekozen
omdat dit het milieu relatief weinig be
last en kan worden hergebruikt.
Hergebruik van het verpakkingsmateri
aal vermindert de afvalproductie en het
gebruik van grondstoffen.
De vakhandelaar neemt de verpakking
terug.
-
Het afdanken van het apparaat
Apparaten die u afdankt, bevatten nog
waardevolle stoffen/materialen.
Zet uw apparaat daarom niet zomaar
bij het grofvuil, maar informeer ook hiervoor bij de gemeente naar mogelijkheden voor hergebruik van het materiaal
(bijv. schrootverwerking).
Zorg ervoor dat kinderen niet bij het afgedankte apparaat kunnen komen. Zie
hiervoor hoofdstuk: "Veiligheidsinstruc
ties en waarschuwingen", paragraaf:
"Bij het afdanken van de afwasauto
maat".
-
-
Economisch afwassen
Deze afwasautomaat werkt uiterst
water- en energiebesparend.
U kunt nog spaarzamer te werk gaan,
indien u de volgende adviezen opvolgt:
Sluit de afwasautomaat aan op warm
^
water, als u een moderne warmwa-
-
terinstallatie heeft.
Hoewel er bij alle spoelgangen warm
water wordt gebruikt,
- wordt er minder primaire energie
verbruikt,
- is de CO2-uitstoot bij de stroomopwekking minder,
- bespaart u nog meer kosten
- en duurt het spoelen minder lang.
Bij elektrisch verwarmde installaties
is het echter aan te bevelen om de
afwasautomaat op koud water aan
te sluiten.
^ Benut de volledige beladingscapaci-
teit van de rekken zonder de afwasautomaat te overladen.
^
Kies een afwasprogramma dat past
bij het soort vaatwerk en de mate van
vervuiling.
10
^
Als er maar weinig vuil vaatwerk is,
kies dan de extra functie "Top Solo"
Zie paragraaf: "Extra functies".
^
Gebruik voor energiezuinig afwassen
het programma "Spaar"!
^
Houdt u aan de doseeradviezen op
de verpakking van het afwasmiddel.
^
Gebruik 2/3 van de aangegeven hoe
veelheid reinigingsmiddel, wanneer
de rekken maar half beladen zijn.
-
Page 11
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Wat u voor het eerste gebruik
nodig heeft:
ca. 2 l water;
–
ca. 2 kg regenereerzout;
–
reinigingsmiddel voor huishoud-
–
afwasautomaten;
naspoelmiddel voor huishoudafwas
–
automaten.
Iedere afwasautomaat wordt in de
fabriek op zijn werking getest.
Als gevolg van deze tests blijft er
water in het apparaat achter. Dit
water betekent niet dat het apparaat
eerder door een andere consument
is gebruikt.
-
11
Page 12
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Het openen van de deur
^ Pak de greep.
^ Trek de greep naar voren.
Wanneer de deur wordt geopend terwijl
de afwasautomaat in gebruik is, worden
alle functies automatisch onderbroken.
Het sluiten van de deur
^ Schuif de rekken naar binnen.
^
Sluit de deur totdat deze vastklikt.
Kinderbeveiliging
Aan de voorkant van het bovenrek
hangt een gele sleutel voor de kin
derbeveiliging.
Haal deze sleutel eraf voordat u de
afwasautomaat in gebruik neemt en
berg de sleutel buiten de automaat
veilig op.
Sluit de deur van de afwasautomaat
met deze sleutel wanneer u wilt voorko
men dat kinderen de deur openen.
-
-
12
Horizontale stand =
De deur is vergrendeld
Verticale stand =
De deur is niet vergrendeld
Page 13
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Het doseren van
Gebruik uitsluitend het speciale
regenereerzout
Om goede reinigingsresultaten te berei
ken heeft de afwasautomaat zacht
(kalkarm) water nodig.
Bij hard water ontstaat er witte kalkaan
slag op het vaatwerk en op de wanden
van de spoelruimte.
Water met een waterhardheid van
4° dH (0,7 mmol/l) en hoger moet daar
om worden onthard. Daar wordt in de
ingebouwde waterontharder automa
tisch voor gezorgd.
De wateronharder heeft daarvoor wel
regenereerzout nodig.
Wanneer de hardheid van uw water
steeds onder de 4 °dH (=
ligt, hoeft u geen zout te doseren
Als u het zoutreservoir voor de eerste keer met regenereerzout wilt vullen, vul het dan eerst met ca. 2 l
water. Zo kan het zout oplossen.
Nadat u de afwasautomaat in ge
bruik hebt genomen zit er altijd ge
noeg water in het reservoir.
0,7 mmol/l)
-
.
-
-
,
grofkorrelige regenereerzout.
-
Gebruik in geen geval andere soor
ten zout, bijv. keukenzout of strooi
zout. Deze soorten zout bevatten
-
soms niet in water op te lossen deel
tjes die een nadelig effect kunnen
hebben op de werking van de ont
harder.
Haal het onderrek uit de spoelruimte
^
en draai de dop van het zoutreservoir
open.
^ Vul het zoutreservoir voordat u het
apparaat voor de eerste keer gebruikt met ca. 2 l water.
-
-
-
-
,
Doseer geen poedervormig of
vloeibaar reinigingsmiddel in het re
servoir voor het regenereerzout,
want dan gaat de ontharder kapot.
-
^
Plaats een trechter in de opening van
het zoutreservoir en doseer dan zo
veel zout in het zoutreservoir totdat
het vol is.
In het zoutreservoir kan afhankelijk
van het soort zout max. 2 kg.
-
13
Page 14
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Terwijl u zout in het reservoir doseert
loopt er water over de rand van het re
servoir.
Verwijder de zoutresten die zich rond
^
het zoutreservoir bevinden en schroef
de dop weer op het zoutreservoir.
Start direct daarna het programma
^
"Voorspoelen" zodat eventueel ge
morste zoutresten kunnen worden
verdund en daarna weggepompt.
-
Controlelampje "Zout"
Zolang het controlelampje "Zout" op het
bedieningspaneel niet brandt, zit er
nog genoeg zout in het reservoir.
Attentie
Het controlelampje "Zout" gaat ook
branden wanneer er geen regenereer
zout in het reservoir zit doordat de
hardheid van uw water onder de 4 °dH
ligt .
Dat het lampje brandt heeft in dit geval
niets te betekenen!
Het controlelampje "Zout" zal in de toe
komst door de Technische Dienst wor
den gebruikt om de afwasprogramma's
te updaten en in het geheugen van uw
afwasautomaat op te slaan.
Vandaar dat achter het controlelampje
"Zout" PC staat ("Programm Correction").
Zie hoofdstuk: "Technische Dienst".
-
-
-
^
Vul zout bij zodra het controlelampje
"Zout" gaat branden.
Zie paragraaf: "Het doseren van re
genereerzout".
Het is mogelijk dat het controlelampje
nog korte tijd blijft branden, nadat u
zout hebt bijgevuld.
Het lampje gaat uit, zodra zich een
zoutconcentratie heeft gevormd die
hoog genoeg is.
14
-
Page 15
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Naspoelmiddel
Naspoelmiddel is nodig om ervoor te
zorgen dat het water tijdens het drogen
als een film van het vaatwerk afloopt en
het vaatwerk na het spoelen droogt
zonder dat het vlekken gaat vertonen.
Het naspoelmiddel wordt in het reser
voir voor naspoelmiddel gedoseerd en
bij het naspoelen in de ingestelde hoe
veelheid automatisch toegevoegd.
Doseer alleen naspoelmiddel
,
voor huishoudafwasautomaten in het
naspoelmiddelreservoir.
Doseer in geen geval
delen voor afwasautomaten of reinigingsmiddelen voor de handafwas
in het naspoelmiddelreservoir, want
dan gaat het reservoir kapot.
reinigingsmid-
-
Het doseren van
naspoelmiddel
-
^ Open het klepje van het naspoelmid-
delreservoir door het gele palletje in
de richting van de pijl te drukken.
15
Page 16
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Controlelampje
"Naspoelmiddel"
Doseer zoveel naspoelmiddel totdat
^
het in het zeefje in de vulopening
zichtbaar is.
In het naspoelmiddelreservoir kan
ca. 130 ml.
^ Sluit het klepje en wel zo dat het dui-
delijk vastklikt.
Is het klepje niet goed gesloten dan
kan er tijdens het spoelen water in het
naspoelmiddelreservoir lopen.
^
Veeg eventueel gemorst naspoelmid
del goed weg om bij de volgende af
wasbeurt sterke schuimvorming te
voorkomen.
Zolang het controlelampje "Naspoel
middel" in het bedieningspaneel niet
brandt, zit er nog genoeg naspoelmid
del in het reservoir.
Wanneer het controlelampje "Naspoelmiddel" in het bedieningspaneel gaat
branden zit er nog een reserve in voor
2 - 3 afwasbeurten.
^
Vul op tijd naspoelmiddel bij.
-
-
-
-
16
Page 17
Wanneer u het apparaat voor het eerst in gebruik neemt
Het instellen van de
hoeveelheid te doseren
naspoelmiddel
De te doseren hoeveelheid naspoelmiddel is met behulp van de keuzeknop instelbaar. Men kan kiezen tussen
6 standen.
Vanuit de fabriek is de keuzeknop (zie
pijl) op stand 3 ingesteld. Er wordt dan
per programma ca. 3 ml naspoelmiddel
verbruikt. Deze stand wordt geadvi
seerd.
-
Vertoont het vaatwerk vlekken:
^
zet de keuzeknop dan op een hogere
stand.
Vertoont het vaatwerk strepen of sluiers:
^
zet de keuzeknop dan op een lagere
stand.
17
Page 18
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Waar u bij het inruimen van
serviesgoed en bestek op
moet letten
Verwijder de ergste etensresten van
^
het vaatwerk.
Het is niet nodig om het vaatwerk van
te voren onder stromend water af te
spoelen!
Was vaatwerk met as, zand,
,
was, smeervet of verf niet in de af
wasautomaat. As wordt niet opge
lost, maar in de spoelruimte ver
deeld. Door was, smeervet en verf
raakt de afwasautomaat beschadigd.
U kunt ieder stuk servies in principe
overal in de rekken inruimen.
Neem daar echter de volgende tips bij
in acht.
^ Plaats serviesgoed en bestek zo dat
het niet tegen of op elkaar ligt.
-
-
-
Let erop dat de sproeiarmen niet
^
door te hoog of door de rekken heen
stekend vaatwerk worden geblok
keerd. U kunt dit controleren door de
sproeiarmen een keer met de hand
rond te draaien.
Let erop dat kleine stukken servies
^
goed niet door de spijlen van de rek
ken vallen.
Leg dit soort servies zoals dekseltjes daarom in de besteklade of de
bestekkorf.
Levensmiddelen zoals wortels, to
maten of ketchup kunnen natuurlijke
kleurstoffen bevatten.
Door deze stoffen kunnen kunststof
vaatwerk en kunststof onderdelen
ervan verkleuren, wanneer zij in ruime mate met het vaatwerk in de automaat terechtkomen.
Deze verkleuring heeft echter geen
invloed op de stabiliteit van kunststof vaatwerk.
-
-
-
-
-
^
Plaats het serviesgoed om het goed
schoon te krijgen zo in de rekken, dat
het water er aan alle kanten bij kan.
^
Plaats al het serviesgoed zo, dat het
stevig staat.
^
Plaats hol serviesgoed zoals kopjes,
glazen en kommen met de openin
gen naar beneden in de rekken.
^
Plaats hoog, smal, hol serviesgoed
niet in de hoeken van de rekken,
maar zoveel mogelijk in het midden
ervan. Het water kan er dan beter bij.
^
Plaats servies met een diepe bodem
zoveel mogelijk schuin in het rek, zo
dat het water eraf kan lopen.
18
Wanneer u het vaatwerk inruimt dan
kunnen er etens- en drankresten op
de binnenkant van de deur van de
afwasautomaat terechtkomen. Dit
gedeelte hoort niet tot de spoelruim
-
te en wordt dus niet afgespoeld. Ver
wijder dus gemorste etensresten
voordat u de deur sluit.
-
-
-
Page 19
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Bovenrek
Plaats in het bovenrek klein, licht en
teer serviesgoed zoals kopjes, schoteltjes, glazen en dessertschaaltjes.
U kunt er ook een plat steelpannetje in
plaatsen.
Let bij "Top Solo" op het volgende
Wanneer u een afwasprogramma kiest
met de extra functie: "Top Solo", moet u
al het vaatwerk in het bovenrek en de
besteklade plaatsen.
Hebt u een afwasautomaat met een be
stekkorf, verdeel het bestek dan ruim
over de bestekkorf.
Daar de middelste sproeiarm het water
ook naar beneden sproeit, kunt u grote
re borden en platte schotels op ruime
afstand van elkaar in het onderrek
plaatsen.
Echter geen pannen, diepe schalen of
ander hol serviesgoed.
-
-
Leg erg lang bestek zoals soeplepels,
pollepels en lange messen dwars aan
de voorkant van het bovenrek.
19
Page 20
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Kopjesrek
Klap het kopjesrek omhoog om hoog
serviesgoed te kunnen inruimen.
Steun
Om serviesgoed gemakkelijk te kunnen
inruimen en er gemakkelijk weer uit te
kunnen halen kunt u de steun omklappen naar het midden van het bovenrek.
20
Page 21
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Het verstellen van het bovenrek
Om in het boven- of onderrek meer
plaats te krijgen voor hoger servies
goed kunt u het bovenrek in hoogte
verstellen. U kunt kiezen tussen 3 stan
den met een verschil van telkens ca. 2
cm.
U kunt het bovenrek ook schuin plaat
sen, nl. met één kant hoog en met één
kant laag.
Let er echter op dat u het rek zonder
problemen in de spoelruimte kan schui
ven.
^ Trek het bovenrek naar buiten.
-
-
Afhankelijk van de stand van het bo
venrek kunt u bijv. borden met de vol
gende doorsneden in de rekken plaat
sen.
-
-
Stand van
het boven
boven1530
midden1728
onder1926
-
rek
bord-Ø in cm
bovenrekonderrek
-
-
-
^
Trek de hendels aan de zijkanten van
het bovenrek naar boven.
^
Zet het bovenrek in de gewenste po
sitie.
^
Laat de hendels weer vastklikken.
-
21
Page 22
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Onderrek
Plaats in het onderrek groot en zwaar
serviesgoed zoals borden, platte schotels, pannen en schalen.
U kunt ook ontbijtbordjes of schoteltjes
evenals glazen in het onderrek zetten.
Hoogte-indicator
Met de beugel aan het bovenrek kunt u
zien hoe hoog het serviesgoed in het
onderrek mag zijn, zonder dat de middelste sproeiarm daar tegenaan komt.
22
Page 23
Extra inzetrekken
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Er zijn verschillende inzetrekken verkrijgbaar voor verschillende soorten servies
goed. Deze inzetrekken kunt u in het onderrek plaatsen.
Het verwijderen van de inzetrekken
Trek het inzetrek aan het handvat
^
naar boven.
Het plaatsen van de inzetrekken
^ Schuif de twee haakjes die aan de
onderkant van het inzetrek zitten onder de dwarsspijl van het onderrek.
-
^
Druk het inzetrek aan het handvat
naar beneden totdat u weerstand
voelt.
23
Page 24
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Omklapbaar spijlenrek
In dit inzetrek kunt u schoteltjes, borden
en grote schotels plaatsen.
^ Plaats het omklapbare spijlenrek op
het met wit aangegeven gedeelte
rechts achter in het onderrek.
De twee rijen spijlen aan de achterkant
kunt u omklappen om meer ruimte te
krijgen voor grote stukken vaatwerk,
bijv. potten, pannen en schalen.
^
Druk de gele hendel naar beneden
en klap de rijen spijlen naar het mid
den toe om.
24
-
Page 25
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Comfortrek
In het Comfortrek kunt u glazen, kopjes,
borden, schalen en pannen plaatsen.
Om hoog serviesgoed te kunnen in
^
ruimen kunt u het kopjesrek omhoog
klappen.
Glazen met een lange steel kunt u in
^
de uitsparingen van het kopjesrek
hangen.
^ Plaats het Comfortrek links in het on-
derrek op het met wit aangegeven
gedeelte.
-
-
^
Om het kopjesrek naar beneden te
kunnen klappen moet u het eerst iets
optillen.
25
Page 26
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Fleshouder
Met de fleshouder kunt u smal servies
goed zoals melk- of babyflessen afwas
sen.
Plaats de fleshouder alleen in het on
derrek zoals op het plaatje afgebeeld.
Is de houder ergens anders geplaatst,
dan kan het water niet in de binnenkant
van de fles komen en de fles wordt zo
niet goed schoon.
-
-
-
26
Page 27
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Besteklade
Wanneer u messen, vorken en lepels
apart in de besteklade legt, kunt u ze er
na het afwasprogramma makkelijker uithalen en opbergen.
Leg de messen met de snijkanten en
de vorken met de tanden tussen de opstaande kammen. Leg de lepels daarentegen met de grepen tussen de opstaande kammen.
Leg de lepels met de grepen tussen de
opstaande kammen. De lepelbladen
liggen dan tussen de getande kammen,
zodat ook de laatste waterdruppel er
zonder problemen af kan lopen.
Lang bestek zoals sauslepels, taart
scheppen, pollepels en lange messen
kunt u in het dieper gelegen gedeelte in
het midden van de besteklade leggen.
De bovenste sproeiarm mag niet
door te hoog vaatwerk (bijv. een
taartschep) worden geblokkeerd.
Het inzetstuk van de besteklade is uit
neembaar.
-
-
Wanneer de lepels niet met de grepen
tussen de opstaande kammen passen,
leg ze dan met de grepen op de getan
de kammen.
Let er daarbij op dat de lepelbladen
rechtop staan, zodat al het water eraf
kan lopen.
-
27
Page 28
Het inruimen van serviesgoed en bestek
Serviesgoed en bestek die niet
geschikt zijn voor de afwasau
tomaat
Serviesgoed en bestek die óf hele
–
maal óf voor een deel uit hout be
staan drogen uit en worden lelijk.
Bovendien houdt de lijm niet in de af
wasautomaat. Het gevolg daarvan is
dat houten grepen los kunnen raken.
Kunstvoorwerpen, antieke vazen of
–
glazen met decoraties zijn niet be
stand tegen de afwasautomaat.
Voorwerpen van niet hittebestendig
–
kunststof kunnen vervormen.
– Voorwerpen van koper, messing, tin
en aluminium kunnen verkleuren of
dof worden.
– Kleurdecoraties op het glazuur kun-
nen na vele afwasbeurten verbleken.
– Teer glaswerk en kristallen voorwer-
pen kunnen na een tijd dof worden.
Wij raden u aan:
–
Koop serviesgoed en bestek van ma
teriaal dat geschikt is om in een af
wasautomaat te worden afgewassen.
-
-
-
-
Let verder op het volgende:
-
Zilver dat met zilverpoets is behandeld
kan na afloop van het afwasprogramma
nog vochtig zijn doordat het water er
niet als een film afloopt. Het zilver moet
dan met een doek worden afgedroogd.
Daarentegen is zilver dat in zilverpoets
is ondergedompeld in de regel wel
droog. Het zilver kan echter beslaan.
Zilver kan verkleuren wanneer het in
aanraking komt met levensmiddelen die
zwavel bevatten, bijv. eigeel, uien, ma
yonaise, mosterd, peulvruchten, vis,
pekelsaus van vis en marinades.
Aluminium serviesgoed zoals
,
vetfilters mag niet worden afgewassen met bijtende alkalische reinigingsmiddelen die in bedrijfsafwasautomaten of industriereinigers
worden gebruikt.
Gebeurt dat wel dan kan er materiële schade ontstaan. In het ergste
geval bestaat het gevaar dat er hevige chemische reacties optreden die
tot een explosie kunnen leiden (bijv.
een knalgasreactie).
-
–
Wanneer u teer glaswerk per se in de
afwasautomaat wilt afwassen doe dat
dan uitsluitend bij lage temperaturen.
Zie programma-overzicht.
De kans dat het glaswerk dof wordt
is dan kleiner.
–
Blijf bijzonder waardevolle glazen
met de hand afwassen.
28
Page 29
Bediening
Reinigingsmiddelen
Gebruik uitsluitend reinigingsmid
,
delen voor huishoudafwasautomaten.
U kunt poedervormige of vloeibare
^
reinigingsmiddelen of reinigingsta
bletten gebruiken.
Doseer poedervormige of vloeibare
^
reinigingsmiddelen in de reinigings
middelvakjes.
Leg reinigingstabletten alleen in reini
^
gingsmiddelvakje II, als de fabrikant
van deze tabletten dat adviseert.
Geeft de fabrikant het advies om de
reinigingstabletten in de bestekkorf te
leggen, leg ze dan in plaats daarvan
aan de binnenkant van de deur of direct in de spoelruimte. De tabletten
lossen dan volledig op.
De fabrikanten van reinigingsmiddelen
geven op hun verpakkingen de totale
hoeveelheid reinigingsmiddel aan die
voor een programma nodig is.
^
Gebruik wanneer uw afwasautomaat
vol beladen is voor de volgende pro
gramma's minstens 30 ml reinigings
middel:
- "Intensief";
- "Universeel extra";
- "Universeel";
- "Normaal";
- "Spaar".
Geeft de fabrikant een grotere hoe
veelheid aan, gebruik dan deze
grotere hoeveelheid.
-
-
Er zijn op het moment drie soorten
reinigingsmiddelen in de handel:
-
1. Fosfaathoudend en chloorhoudend
2. Fosfaathoudend en chloorvrij
3. Fosfaatvrij en chloorvrij
Wij adviseren u reinigingsmiddelen van
type 3 te gebruiken ter bescherming
van ons milieu.
Fosfaatvrije reinigingsmiddelen
ren gevoeliger op de waterhardheid
dan fosfaathoudende reinigingsmidde
len. Dat kan invloed hebben op het rei
nigingsresultaat.
Na vele afwasbeurten is het mogelijk
dat:
– er een blauwachtige waas op het
glaswerk komt of dat het dof wordt;
– zilver verkleurt;
– kleurdecoraties op het glazuur ver-
bleken.
Deze verschijnselen worden uitsluitend
veroorzaakt door het reinigingsmiddel
-
en niet door de werking van de afwas
-
automaat.
Mogelijke oplossingen:
–
Ga over op een fosfaathoudend reini
gingsmiddel (type 2) of op een fos
faathoudend en
gingsmiddel (type 1).
chloorhoudend reini
reage
-
-
-
-
-
-
-
Wanneer u minder reinigingsmiddel
gebruikt dan is geadviseerd, is het
mogelijk dat de vaat niet goed
schoon wordt.
29
Page 30
Bediening
Chloorvrije reinigingsmiddelen hebben
een geringere blekende werking op na
tuurlijke kleurstoffen dan chloorhouden
de, wat er bijv. toe kan leiden dat vaat
werk nog aanslag van theeresten
vertoont of dat kunststof vaatwerk ver
kleurt.
Deze verschijnselen worden uitsluitend
veroorzaakt door het reinigingsmiddel
en niet door de werking van de afwas
automaat.
Mogelijke oplossingen:
Verhoog de dosering van het reini
–
gingsmiddel om de blekende wer
king te versterken
of
– ga over op een chloorhoudend reini-
gingstype (type 1).
Informeer bij twijfel bij de afdeling Con-
sumentenservice van de reinigingsmiddelenfabriek.
-
-
-
-
Het doseren van
-
reinigingsmiddel
-
-
Adem geen poedervormig reini
,
gingsmiddel in! Slik geen reinigings
middel in! Reinigingsmiddelen kun
nen brandwonden in neus, mond en
keel veroorzaken. Ga direct naar de
dokter wanneer u een reinigingsmid
del hebt ingeademd of ingeslikt.
Zorg ervoor dat kinderen niet met
reinigingsmiddelen in aanraking
kunnen komen.
Laat kinderen daarom niet bij de af
wasautomaat komen als deze geopend is. Er zouden nog resten reinigingsmiddel in de afwasautomaat
aanwezig kunnen zijn.
Bovendien kunt u het reinigingsmiddel beter pas dán toevoegen vlak
voordat u het programma start.
Verdeel de benodigde hoeveelheid reinigingsmiddel, afhankelijk van het soort
reinigingsmiddel en afhankelijk van het
programma, procentueel over de reini
gingsmiddelenvakjes I en II.
Zo verkrijgt u het beste afwasresultaat.
-
-
-
-
-
-
30
Neem daarom in ieder geval de aan
wijzingen met betrekking tot het do
seren van reinigingsmiddel in acht.
Deze staan in het programma-over
zicht aan het einde van de gebruiks
aanwijzing.
-
-
-
-
Page 31
Bediening
Doseerhulp
In vakje I kan maximaal 20 m en
in vakje II kan maximaal 70 ml reini
gingsmiddel.
-
Open het klepje van het reinigings
^
middeldoseerbakje door het knopje
opzij te drukken.
Na afloop van een afwasprogramma is
het klepje van het reinigingsmiddelbakje altijd geopend.
-
In vakje II zijn markeringen aan
gebracht om het doseren makkelijker te
maken: 20, 25, 30. Wanneer de deur
90° geopend is geven deze streepjes in
ml aan hoeveel reinigingsmiddel er
ongeveer in zit.
-
^
Doseer het reinigingsmiddel in de
vakjes en sluit het klepje van het do
seerbakje.
^
Sluit ook het pak reinigingsmiddel om
te voorkomen dat het middel aan rei
nigingskracht verliest.
-
-
31
Page 32
Bediening
Het kiezen van een programma
Laat de keuze voor een programma
steeds afhangen van het soort vaat
werk en de mate waarin dat is vervuild.
In de meeste gevallen zult u het
programma "Universeel" of één van de
programma's "Universeel extra" kiezen.
Deze programma's zijn optimaal bere
kend voor de dagelijkse afwas.
Voor bijzondere situaties zijn de specia
le programma's ontwikkeld.
In het programma-overzicht aan het
einde van deze gebruiksaanwijzing zijn
de programma's beschreven en de toepassingsmogelijkheden ervan.
U kunt bij ieder programma de extra
functie "Top Solo" kiezen.
Zie ook de paragraaf: "Extra functies /
Top Solo".
-
-
Afwasprogramma "Zonder verwar
ming"
Om afwastechnische redenen moet u
daarvoor over een aansluiting op warm
water beschikken van minstens 45 °C
en hoogstens 60 °C (temperatuur van
het instromende water)!
Kies dit programma voor het reinigen
^
van licht
werk.
Bij dit programma wordt het afwaswater
niet verwarmd.
Het energieverbruik bedraagt hier daar
om slechts ca. 0,10 kWh.
Daar het afwaswater niet wordt verwarmd, kan het vaatwerk na afloop van
dit programma vochtiger zijn dan bij
andere programma's.
Hoe hoger de temperatuur van het instromende water is, des te beter zijn
het reinigings- en het droogresultaat.
Zet om het vaatwerk beter droog te krijgen na afloop van het programma de
deur van de afwasautomaat.
tot normaal vervuild vaat
-
-
-
32
Page 33
Bediening
Het inschakelen van de afwas
automaat
^ Controleer of de sproeiarmen vrij
kunnen draaien en niet worden geblokkeerd.
^ Sluit de deur van de afwasautomaat.
^ Draai de waterkraan open indien
deze nog gesloten is.
^ Druk de I-Aan-/0-Uit - toets (13) in.
Het controlelampje "Start" (20) gaat
knipperen.
Het starten van een
programma
^
Neem bij het kiezen van een
programma het programma-overzicht
aan het einde van de gebruiksaanwij
zing in acht.
^
Draai de programmakeuzeschake
laar (17) naar links of rechts op het
gewenste programma.
-
Attentie:
-
U kunt nu de extra functies "Voorkeuze"
en "Top Solo" kiezen. Zie hoofdstuk:
"Extra functies".
^ Druk nu de Start - toets (20) in.
Het programma start.
Het controlelampje "Start" (20) gaat
branden.
Breek een programma niet voortijdig
af!
Wanneer u dat doet, is het mogelijk
dat belangrijke programmafases
(bijv. het regenereren) worden over
geslagen.
-
-
De tijdsaanduiding (14) geeft in uren en
minuten de tijd aan die het gekozen
programma gaat duren.
33
Page 34
Bediening
Controlelampjes voor het
programmaverloop (15)
Nadat er een programma is gestart ge
ven de controlelampjes voor het pro
grammaverloop aan in welke fase het
programma zich bevindt.
-
Tijdsaanduiding (14)
Voordat er een programma start geeft
de tijdsaanduiding in uren en minuten
de tijd aan die het gekozen programma
gaat duren, de zgn. resttijd. Deze tijd
wordt tijdens het afwasprogramma in
de tijdsaanduiding afgeteld. Daarbij
brandt het controlelampje "Resttijd"
naast de tijdsaanduiding.
Het is mogelijk dat de tijdsaanduiding
voor één en hetzelfde programma de
ene keer een andere tijd aangeeft dan
de andere keer. Dat is o.a. afhankelijk
van de temperatuur van het instromende water en de hoeveelheid vaatwerk.
Ringverlichting (17)
De ringverlichting gaat branden wan
neer u de afwasautomaat inschakelt en
gaat aan het einde van het programma
uit.
De verlichting gaat opnieuw aan wan
neer u de programmakeuzeschakelaar
op "Einde/Reset" zet of de deur van de
afwasautomaat opent en weer sluit.
Wanneer u de extra functie "Voorkeuze"
kiest en het tijdstip dat een programma
moet beginnen van tevoren instelt gaat
de ringverlichting na 10 minuten uit.
Wanneer u tijdens de voorgeprogrammeerde tijd op een toets drukt of de
programmakeuzeschakelaar verzet
gaat de ringverlichting nog eens 10 minuten lang branden.
-
-
Wanneer u een programma voor het
eerst kiest wordt een tijd aangegeven
die overeenkomt met een gemiddelde
programmaduur met koud water.
De tijden in het programma-overzicht
zijn de tijden die de programma's duren
wanneer de belading en de tempera
tuur voldoen aan de norm.
Iedere keer dat er een programma
loopt wordt de programmaduur door de
elektronica berekend op grond van de
temperatuur van het instromende water
en de hoeveelheid vaatwerk. De nieuw
berekende programmaduur wordt aan
gegeven bij de eerstvolgende keer dat
u datzelfde programma kiest.
34
-
-
Page 35
Bediening
Einde van het programma
Wanneer in het programmaverloop (15)
geen controlelampje meer brandt en er
in de tijdsaanduiding (14) een 0 ver
schijnt dan is het programma beëin
digd.
U kunt de afwasautomaat nu openen en
het vaatwerk er uithalen. Zie paragraaf:
"Het uitruimen van de afwasautomaat".
Schakel de afwasautomaat voor de vei
ligheid altijd uit wanneer u niet direct na
afloop van een programma nog een
keer wilt afwassen.
-
-
Het uitschakelen van de afwas
automaat
Draai de programmakeuzeschake
^
laar (17) na afloop van het
programma op "Einde/Reset".
Het controlelampje "Start" (20) gaat
knipperen.
Druk op de I-Aan-/0-Uit - toets (13).
^
Het controlelampje "Start" (20) gaat uit.
-
De afwasautomaat verbruikt stroom
zolang u hem niet met behulp van
de I-Aan-/0-Uit - toets hebt uitgeschakeld.
Draai veiligheidshalve de kraan dicht,
wanneer de afwasautomaat langere tijd
niet wordt gebruikt, bijvoorbeeld in de
vakantietijd.
-
-
35
Page 36
Bediening
Het onderbreken van het
programma
Het afwasprogramma wordt onderbro
ken, zodra u de deur opendoet.
Zodra u de deur weer dichtdoet, gaat
het programma daar verder, waar het is
onderbroken.
Wanneer het water in de afwas
,
automaat heet is, loopt u het risico
om zich te verbranden.
Als u de deur beslist moet openen,
doe dat dan zeer voorzichtig.
Laat de deur voordat u die weer sluit
ca. 20 seconden op een kier staan,
zodat de temperatuur zich in de
spoelruimte kan verdelen.
Druk de deur daarna stevig dicht,
totdat hij vastklikt.
-
-
Wisseling van programma
Attentie:
Is het klepje van het reinigingsmid
deldoseerbakje al geopend, is het
niet meer mogelijk om van
programma te wisselen.
Wanneer een programma al is gestart,
kunt u nog van programma wisselen:
Draai de programmakeuzeschake
^
laar (17) op "Einde/Reset".
Laat de programmakeuzeschakelaar
^
(17) minstens één seconde op deze
stand staan.
^ Draai de programmakeuzeschake-
laar (17) op het gewenste
programma.
^ Wanneer u de extra functies "Voor-
keuze" en/of "Top Solo" nodig hebt
kies ze dan opnieuw.
Zie hoofdstuk: "Extra functies".
-
-
36
^ Druk op de Start - toets (20).
Het programma start.
Page 37
Extra functies
Bediening
Top Solo (19)
Gebruik de extra functie "Top Solo"
wanneer u maar weinig vuil vaatwerk
heeft.
Bij "Top Solo" wordt het grootste gedeelte van het water via de bovenste en
middelste sproeiarm toegevoerd,
waardoor hoofdzakelijk in het bovenrek
en indien aanwezig in de besteklade
wordt afgewassen.
Daar de middelste sproeiarm het water
ook naar beneden sproeit kunt u ook in
het onderrek en indien aanwezig de be
stekkorf vaatwerk plaatsen.
In het onderrek mag u alleen grotere
borden en platte schotels plaatsen en
wel op ruime afstand van elkaar. Echter
geen pannen, schalen of ander hol ser
viesgoed.
Verdeel het bestek ruim over de bestek
korf.
Omdat het om een geringere hoeveelheid vaatwerk gaat dan anders kan de
door de fabrikant aangegeven totale
hoeveelheid reinigingsmiddel worden
gereduceerd. Neem ca. 2/3 van de totale hoeveelheid bij volle belading.
Houd daarbij ook rekening met de mate
van vervuiling.
Door Top Solo wordt er ook minder
water en stroom verbruikt.
Zo bedraagt het waterverbruik in bijv.
het programma "Spaar" slechts 11 l en
het stroomverbruik slechts 0,75 kWh.
U kunt de extra functie "Top Solo" voor
alle afwasprogramma's kiezen.
-
-
37
Page 38
Bediening
Schakel de afwasautomaat met de
^
I-Aan-/0-Uit - toets (13) in.
Het controlelampje "Start" (20) gaat
knipperen.
Draai de programmakeuzeschake
^
laar (17) naar links of rechts op het
gewenste programma.
De tijdsaanduiding (14) geeft in uren en
minuten de tijd aan die het gekozen
programma gaat duren.
Druk de Top Solo - toets (19) in.
^
Het controlelampje "Top Solo" (19) gaat
branden.
In de tijdsaanduiding (14) wordt de tijd
die het gekozen programma zou gaan
duren gewijzigd. De elektronica heeft
rekening gehouden met de extra functie "Top Solo" en de tijd opnieuw berekend.
-
Attentie:
U kunt nu ook de extra functie "Voorkeuze" kiezen. Zie volgende bladzijde.
^
Druk nu de Start - toets (20) in.
Het programma start.
De controlelampjes "Start" (20), "Voor
spoelen" of "Reinigen" (15) en "Top Solo"
(19) gaan branden.
Na afloop van het programma wordt de
keuze voor Top Solo automatisch ge
wist.
38
-
-
Page 39
Voorkeuze (18)
Bediening
U kunt het tijdstip dat het door u gekozen afwasprogramma start van tevoren
instellen. Dit kunt u bijvoorbeeld doen
om gebruik te maken van het nachttarief.
U kunt de start minimaal 30 minuten en
maximaal 24 uur van tevoren instellen.
De voor te programmeren tijd wordt
tussen 30 minuten en 9 uur + 30 minuten ingesteld in stappen van 30 minuten en tussen 10 en 24 uur in stappen
van één uur.
^
Schakel de afwasautomaat met de
I-Aan-/0-Uit - toets (13) in.
Het controlelampje "Start" (20) knippert.
^
Draai de programmakeuzeschake
laar (17) naar links of rechts op het
gewenste programma.
De tijdsaanduiding (14) geeft in uren en
minuten de tijd aan dat het gekozen
programma nog gaat duren.
Het controlelampje "Resttijd" naast de
tijdsaanduiding (14) gaat branden en
het controlelampje "Start" (20) gaat
knipperen.
-
^ Druk op de Voorkeuze - toets $ of
& (18).
De tijdsaanduiding (14) geeft de tijd
aan die de vorige keer is voorgeprogrammeerd. Het controlelampje "Resttijd" (14) gaat uit en het controlelampje
"Voorkeuze" (18) gaat branden.
^ Met iedere druk op de $ - toets (18)
verlengt u de uitsteltijd en met iedere
druk op de & (18) verkort u de uitsteltijd.
Wanneer u op deze toetsen blijft
drukken verspringt de tijd automa
tisch.
Attentie:
U kunt nu ook de extra functie "Top
Solo" kiezen.
Zie vorige bladzijden.
-
39
Page 40
Bediening
Druk op de Start - toets (20).
^
Het controlelampje "Start" (20) gaat
branden. 10 minuten later gaat de ring
verlichting uit. Wanneer u tijdens de uit
steltijd op een toets drukt of de pro
grammakeuzeschakelaar verzet gaat
de ringverlichting nog eens 10 minuten
lang branden.
De voorgeprogrammeerde tijd wordt in
de tijdsaanduiding afgeteld en wel on
der de 10 uur per minuut en boven de
10 uur per uur.
Na afloop van de voorgeprogrammeer
de tijd start het gekozen afwasprogram
ma automatisch. De tijdsaanduiding
(14) geeft de tijd aan dat het gekozen
programma gaat duren.
Het controlelampje "Voorkeuze" gaat uit
en het controlampje "Resttijd" en de
ringverlichting gaan branden.
Voorbeelden van de weergave van de
voorgeprogrammeerde tijd in de
tijdsaanduiding:
Tot 59 minuten:
Bijv. 30 minuten = 30
1 uur tot 9 uur en 30 minuten:
Bijv. 5 uur = 5.00
Vanaf 10 uur:
Bijv. 15 uur = 15^
,
Houd om te voorkomen dat kin
deren met het reinigingsmiddel in
aanraking kunnen komen, het vol
gende in de gaten.
Doseer het reinigingsmiddel pas
vlak voordat u het programma start,
d.w.z. voordat u op de Start - toets
drukt.
Vergrendel de deur bovendien met
de kinderbeveiliging.
-
-
-
-
Zorg er bij gebruik van de extra
functie "Voorkeuze" voor dat het do
seerbakje voor het reinigingsmiddel
droog is.
-
Het starten van het programma voor
afloop van de voorgeprogrammeerde
tijd
U kunt het programma ook starten
voordat de voorgeprogrammeerde tijd
is afgelopen. Ga daarvoor als volgt te
werk:
-
Draai de programmakeuzeschake
^
laar (17) op "Einde/Reset".
^ Laat de programmakeuzeschakelaar
minstens één seconde op deze stand
staan.
Het controlelampje "Voorkeuze" (18)
gaat uit.
^ Draai de programmakeuzeschake-
laar (17) weer op het gewenste
programma.
Attentie:
Wanneer u ook de functie "Top Solo"
had gekozen moet u deze opnieuw in
stellen.
^
Druk op de Start - toets (20).
Het programma start.
Het controlelampje "Start" (20) gaat
branden.
-
-
-
40
Page 41
Bediening
De werkingstijd van de
droogventilator
Zolang de deur van de afwasautomaat
gesloten blijft, komt er vochtige lucht uit
de uitblaasopening van de droogventi
lator vrij.
Om te voorkomen dat gevoelige werk
bladen boven de afwasautomaat wor
den beschadigd kunt u de werkingstijd
van de droogventilator verlengen en
wel met 14 minuten na het einde van
het programma.
Het in- en uitschakelen van de ver
lenging van de werkingstijd
^ Schakel de afwasautomaat met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit.
^ Draai de programmakeuzeschake-
laar op "Einde/Reset".
^ Druk op de $ - toets en de Start -
toets, houd deze toetsen ingedrukt
en schakel tegelijk
met de I-Aan-/0-Uit - toets in.
Laat de toetsen weer los.
In de tijdsaanduiding verschijnen een P
en twee getallen.
Het controlelampje "Zout" gaat knippe
ren.
Is dat niet het geval, begin dan nog
eens van voren af aan.
de afwasautomaat
-
-
-
-
Draai de programmakeuzeschake
^
laar op de 9 uur-stand.
In de tijdsaanduiding verschijnt een ge
tal.
Wanneer het getal 90 verschijnt dan
–
is de werkingstijd van de droogventi
lator niet verlengd.
Wanneer het getal 91 verschijnt dan
–
is de werkingstijd van de droogventi
lator wel verlengd.
Door op de Top Solo - toets te druk
^
ken kunt u van instelling wisselen.
Tegelijk verandert het getal in de tijdsaanduiding.
Om de instelling op te slaan doet u het
volgende.
^ Draai de programmakeuzeschake-
laar op "Einde/Reset".
In de tijdsaanduiding verschijnen een P
en twee getallen.
^ Druk op de Start - toets.
In de tijdsaanduiding verschijnt SP, wat
"Opslaan" betekent.
^
Druk nog een keer op de Start - toets.
De wijziging in de werkingstijd van de
droogventilator is nu opgeslagen.
Het controlelampje "Start" gaat knippe
ren.
-
-
-
-
-
-
^
Schakel de afwasautomaat nu met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit.
41
Page 42
Bediening
InfoControl
U kunt de afwasautomaat voorzien van
een zender.
Deze zender wordt achter het bedie
ningspaneel ingebouwd.
De mobiele ontvanger (InfoControl)
heeft een digitaal display.
In dit display kunt u ieder moment aflezen, in welke fase het afwasprogramma
zich bevindt en hoelang het
programma nog duurt.
De ontvanger kan ergens worden neergezet of met een clip aan de kleding
worden aangebracht.
Het ontvangstbereik van het InfoControl
bedraagt ca. 30 m binnenshuis en ca.
300 m buitenshuis.
-
42
Page 43
Bediening
Het uitruimen van de afwasau
tomaat
Heet serviesgoed breekt snel!
^
Laat het serviesgoed daarom na het
uitschakelen van de automaat zo
lang in de afwasautomaat afkoelen,
totdat u het goed kunt vastpakken.
Wanneer u de deur na het uitschake
^
len van de automaat helemaal opent,
koelt het vaatwerk sneller af.
Ruim eerst het onderrek, dan het bo
^
venrek en tenslotte de besteklade uit.
Zo voorkomt u dat er druppels van
het bovenrek of van de besteklade
op het vaatwerk in het onderrek vallen.
-
-
-
43
Page 44
Reiniging en onderhoud
Controleer regelmatig - ongeveer 2
tot 3 keer per jaar - de algehele toe
stand van uw afwasautomaat.
De kans op storingen is daardoor
geringer.
Zonder zeven mag niet worden
,
afgewassen.
Controlelampje
"Filtersysteem"
Het reinigen van de zeven in de
spoelruimte
Schakel eerst de afwasautomaat uit.
^
Op de bodem van de spoelruimte be
vindt zich een zeefcombinatie. Deze
zeefcombinatie houdt het ergste vuil tegen dat in het afwaswater zit.
Op deze manier wordt voorkomen dat
het vuil in het circulatiesysteem en via
de sproeiarmen weer in de spoelruimte
terechtkomt.
De zeven kunnen in de loop van de tijd
door het vuil verstopt raken.
Hoelang dat duurt hangt natuurlijk af
van uw eigen situatie.
Het controlelampje "Filtersysteem" gaat
na ongeveer 40 afwasprogramma's
branden. Dat herinnert u eraan dat u de
zeefcombinatie moet controleren en zo
nodig schoonmaken.
^
Draai de programmakeuzeschake
laar op "Einde/Reset".
Het controlelampje "Filtersysteem" gaat
uit.
Het controlelampje gaat ook uit wan
neer u de afwasautomaat uitschakelt.
-
-
-
^ Ontgrendel de zeefcombinatie door
de greep naar rechts te draaien.
^
Verwijder de zeefcombinatie.
^
Ontdoe de zeefcombinatie van grove
resten.
^
Spoel de combinatie onder stromend
water af.
Gebruik daarbij eventueel een bor
stel.
-
44
Page 45
Reiniging en onderhoud
Om de binnenkant van het tuitvormige
gedeelte van de zeefcombinatie te reinigen moet u de sluiting opendoen.
^ Doe dat door de gele vergrendeling
naar achteren te trekken.
^ Reinig alle delen met een afwasbor-
stel onder stromend water.
^ Doe daarna de sluiting dicht.
De vergrendeling moet daarbij vastklikken.
Plaats de zeefcombinatie zo terug
^
dat ze plat tegen de bodem van de
spoelruimte aanligt.
^ Vergrendel de zeefcombinatie door
de greep van rechts naar links te
draaien.
45
Page 46
Reiniging en onderhoud
Het reinigen van de
sproeiarmen
Het is mogelijk dat er etensresten vast
gaat zitten in de sproeikoppen en de la
gering van de sproeiarmen.
Controleer de sproeiarmen derhalve re
gelmatig - ongeveer 2 tot 3 keer per
jaar.
Schakel de afwasautomaat eerst uit.
^
Verwijder de sproeiarmen als volgt:
Trek de besteklade naar buiten.
^
Druk de bovenste
^
hoog, zodat de tanden in elkaar grijpen en schroef de sproeiarm er af.
sproeiarm om
-
Trek het onderrek naar buiten.
^
-
-
^ Trek de onderste
en haal hem er af.
sproeiarm omhoog
^
Druk de middelste
(a), zodat de tanden in elkaar grij
pen en schroef de sproeiarm er af
(b).
46
sproeiarm iets op
^
Druk de etensresten in de sproeikop
-
pen met een scherp voorwerp naar
binnen.
^
Spoel de sproeiarmen onder stro
mend water goed af.
^
Zet de sproeiarmen weer terug en
controleer of ze makkelijk ronddraai
en.
-
-
-
Page 47
Reiniging en onderhoud
Het reinigen van de
spoelruimte
Wanneer u altijd de juiste hoeveelheid
reinigingsmiddel gebruikt houdt u daar
mee automatisch de spoelruimte
schoon.
Wanneer zich echter toch kalk of vet
heeft afgezet, kunt u deze aanslag met
een speciaal reinigingsmiddel verwijde
ren. Deze speciale reinigingsmiddelen
zijn in de handel te verkrijgen.
Het reinigen van de
deurdichting en de deur
^ Neem de deurdichtingen regelmatig
met een vochtige doek af en verwijder de etensresten.
^ Veeg gemorste etens- en drankresten
van de zijkanten van de deur van de
afwasautomaat af.
Deze gedeelten horen niet bij de
spoelruimte en de waterstralen kunnen daar niet bijkomen.
Het reinigen van het
bedieningspaneel
Paneel van kunststof
Gebruik hiervoor alleen een vochtige
-
^
doek of een doek en een reinigings
middel voor kunststof.
Gebruik geen schuurmiddelen
,
en ook geen glas- of allesreinigers,
want deze kunnen het kunststof op
pervlak door hun chemische samen
stelling flink beschadigen.
Paneel van roestvrij staal
^ Gebruik hiervoor een reinigingsmid-
del voor roestvrij staal.
Paneel van aluminium
^ Gebruik hiervoor een vochtige doek
en een handafwasmiddel.
Aluminium is levend materiaal. Het andere keukenmeubilair en de lichtinval
bepalen de reflecterende werking en
daarmee de uitstraling van het apparaat.
-
-
-
,
Aluminium oppervlakken en be
dieningselementen kunnen verkleu
ren of veranderen wanneer er vuil op
blijft zitten. Verwijder vuil daarom di
rect.
Bedieningspaneel en bedieningsele
menten zijn gevoelig voor krassen
en kerven.
-
-
-
-
47
Page 48
Reiniging en onderhoud
Het reinigen van het front van
de afwasautomaat
Reinig het front met een voor keuken
^
fronten geschikt reinigingsmiddel.
Neem een houten front alleen af met
^
een vochtige zeem en wrijf het daar
na met een doek droog.
Reinig een front van roestvrij staal
^
met een middel dat geschikt is voor
het reinigen van roestvrij staal.
-
-
Gebruik geen schoonmaakmid
,
delen met ammonia of nitraat- en
kunstharsverdunningen.
Deze middelen kunnen het oppervlak beschadigen.
-
48
Page 49
Nuttige tips
De meeste problemen die zich bij het dagelijkse gebruik voordoen kunt u zelf
oplossen.
Doordat u dan geen beroep hoeft te doen op de Technische Dienst, bespaart u
tijd en kosten!
Het nu volgende overzicht kan u helpen om de oorzaken van een probleem te vin
den en uit de wereld te helpen. Vergeet echter niet:
Reparaties mogen uitsluitend door vakmensen worden uitgevoerd.
,
Door ondeskundige reparaties kan de gebruiker grote risico's lopen.
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
De ringverlichting om de
programmakeuzescha
kelaar en de punt in de
tijdsaanduiding branden
niet, nadat de afwasautomaat met de
I-Aan-/0-Uit - toets is ingeschakeld.
De automaat stopt met
afwassen.
Het controlelampje
"Sproeiarm" gaat knip
peren.
De deur is niet goed ge
sloten.
-
De stekker zit niet goed in
het stopcontact.
De zekering is defect.Verwissel de zekering
De zekering is defect.Verwissel de zekering
De middelste sproeiarm
-
wordt door serviesgoed
geblokkeerd.
De sproeikoppen van de
middelste sproeiarm zijn
verstopt.
Druk de deur goed dicht.
-
Stop de stekker in het
stopcontact.
(min. zekering zie typeplaatje).
(min. zekering zie typeplaatje).
Open de deur van de afwasautomaat en verplaats
het stuk servies dat de
sproeiarm blokkeert.
Voordat u het probleem
gaat oplossen:
–
Draai de programma
keuzeschakelaar op
"Einde/Reset".
–
Schakel de afwasauto
maat met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit.
–
Reinig daarna de
sproeiarm.
-
-
-
49
Page 50
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Het controlelampje "Wa
tertoevoer / Wateraf
voer" gaat afwisselend
knipperen en branden.
Het controlelampje
"Watertoevoer / Waterafvoer" gaat tijdens het
programma "Zonder verwarming" branden.
De waterkraan is geslo
-
ten.
-
Het zeefje in de schroef
koppeling van de water
toevoer is verstopt.
Het Waterproof-systeem
heeft zich gemeld.
Het instromende water
heeft de vereiste temperatuur van 45 °C niet bereikt. Het is mogelijk dat
het warmwatersysteem
overbelast is.
Zie hoofdstuk: "Het kiezen
van een programma"
Draai de waterkraan hele
maal open.
Voordat u het probleem
gaat oplossen:
-
Draai de programma
–
keuzeschakelaar op
"Einde/Reset",
schakel de afwasauto
–
maat met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit
en reinig daarna het
–
zeefje in de watertoe
voer.
Zie hoofdstuk: "Het verhelpen van storingen".
Neem contact op met de
Technische Dienst van
Miele Nederland B.V.
– Start het programma
opnieuw.
– Wanneer het controle-
lampje "Watertoevoer /
Waterafvoer" opnieuw
gaat branden, kies dan
een ander programma.
-
-
-
-
50
Page 51
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Het controlelampje
"Watertoevoer / Wateraf
voer" gaat knipperen.
De automaat stopt met
afwassen.
-
Probleem bij de watertoe
voer.
Probleem bij de waterafvoer.
Misschien zit er water in
de spoelruimte.
Voordat u het probleem
gaat oplossen:
Draai de programma
–
keuzeschakelaar op
"Einde/Reset".
Schakel de afwasauto
–
maat met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit.
Draai de kraan hele
-
–
maal open.
Controleer het zeefje in
–
de watertoevoer en rei
nig het indien nodig.
Zie hoofdstuk: "Het verhelpen van storingen".
– De druk bij de water-
aansluiting is lager dan
0,3 bar.
Vraag de installateur
om raad.
– Reinig de zeefcombina-
tie.
Zie hoofdstuk: "Reini
ging en onderhoud".
–
Reinig de afvoerpomp.
Zie hoofdstuk: "Het ver
helpen van storingen".
–
Reinig de terugslag
klep.
Zie hoofdstuk: "Het ver
helpen van storingen".
–
Verwijder de knikken in
de afvoerslang.
-
-
-
-
-
-
-
-
51
Page 52
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Aan het einde van het
programma verschijnen
er in de tijdsaanduiding 3
horizontale strepen:
- - -
Er kan sprake zijn van
een technische storing.
Draai de programma
–
keuzeschakelaar op
"Einde/Reset".
Schakel de afwasauto
–
maat met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit.
Na een paar seconden:
Schakel de afwasauto
–
maat met de
I-Aan-/0-Uit - toets in.
Draai de programma
–
keuzeschakelaar op
het gewenste
programma.
– Druk op de Start -
toets.
Verschijnen de streepjes
aan het eind van het
programma opnieuw, dan
is er sprake van een technische storing.
– Neem contact op met
de Technische Dienst
van Miele Nederland
B.V.
Ondanks de storing kan
met alle programma's
worden afgewassen. Het
water wordt dan echter
niet verwarmd. Het
programma "Zonder ver
warming" kan alleen wor
den gebruikt als u over
een warmwateraansluiting
beschikt.
-
-
-
-
-
-
52
Page 53
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Er is in de spoelruimte
een kleppend geluid te
horen.
Er is in de spoelruimte
een klepperend geluid te
horen.
Er is in de waterleiding
een kleppend geluid te
horen.
Het vaatwerk wordt niet
droog of er zitten vlekken op de glazen en het
bestek.
De sproeiarm slaat tegen
een stuk servies aan.
In de spoelruimte zijn er
stukken serviesgoed aan
het klepperen.
Dit wordt waarschijnlijk
veroorzaakt door de be
vestiging of diameter van
de waterleiding.
Er is te weinig of helemaal
geen naspoelmiddel gedoseerd.
Het vaatwerk is er te
vroeg uitgehaald.
-
Onderbreek het
programma en verplaats
het stuk servies dat de
sproeiarm blokkeert.
Onderbreek het
programma en plaats de
stukken servies zo stevig
dat ze niet meer kleppe
ren.
Dit heeft geen negatief ef
fect op de werking van de
automaat.
Vraag de installateur.
Doseer (meer) naspoelmiddel.
Zie hoofdstuk: Wanneer u
het apparaat voor het
eerst in gebruik neemt".
Haal het vaatwerk er later
uit.
Zie hoofdstuk: "Bediening".
-
-
53
Page 54
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Het vaatwerk is niet
schoon.
Het is niet op de juiste wij
ze in de rekken geplaatst.
Stukken vaatwerk hebben
tegen of op elkaar gele
gen zodat het water er
niet goed bij kon.
De opening van de water
toevoerbuis voor de mid
delste sproeiarm is ge
blokkeerd geweest,
waardoor er te weinig
water in de sproeiarm is
gestroomd.
Het programma is niet
krachtig genoeg.
Er is te weinig reinigingsmiddel gedoseerd.
De sproeiarmen zijn door
te hoog serviesgoed ge
blokkeerd geweest.
De sproeikoppen van de
sproeiarmen zijn verstopt.
De zeefcombinatie in de
spoelruimte is niet schoon
of niet goed geplaatst.
Als gevolg daarvan kun
nen ook de sproeikoppen
verstopt raken.
De terugslagklep is toen
hij geopend was geblok
keerd. Er stroomt vuil
water terug in de spoel
ruimte.
-
-
-
-
-
-
-
Neem de aanwijzingen in
het hoofdstuk: "Het inrui
men van serviesgoed en
bestek" in acht.
Plaats het servies in het
achterste gedeelte van
het bovenrek zo, dat het
de opening van de buis
niet kan blokkeren.
Kies een krachtiger
programma.
Zie hoofdstuk:
"Programma-overzicht"
aan het einde van deze
gebruiksaanwijzing.
Gebruik meer middel.
Zie hoofdstuk: "Bediening".
Plaats het servies anders
en draai de sproeiarmen
een keer met de hand.
Reinig de sproeikoppen.
Zie hoofdstuk: "Reiniging
en onderhoud".
Reinig de zeefcombinatie
of plaats deze goed.
Reinig indien nodig ook
de sproeikoppen.
Zie hoofdstuk: "Reiniging
en onderhoud".
Reinig de afvoerpomp en
de terugslagklep.
Zie hoofdstuk: "Het verhel
pen van storingen".
-
-
54
Page 55
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Er zit nog thee of lippen
stift op het servies.
Het serviesgoed en be
stek zijn wit uitgeslagen.
Glazen zijn wit gewor
den.
Aanslag is te verwijde
ren.
Op glazen en bestek blij
ven strepen achter.
Glazen zijn blauw uitge
slagen. Aanslag is te
verwijderen.
Glazen worden dof en
verkleuren. Aanslag is
niet te verwijderen.
De temperatuur van het
-
gekozen programma is te
laag geweest.
De bleekwerking van het
reinigingsmiddel is te ge
ring geweest.
Er is te weinig naspoel
-
middel gedoseerd.
-
-
Er zit geen zout in het
zoutreservoir.
De dop van het zoutreservoir is niet goed dichtgedraaid of zit er scheef op.
Er zit een storing in de automatische waterontharder.
U hebt een fosfaatvrij reinigingsmiddel gebruikt.
-
Er is te veel naspoelmid
del gedoseerd.
-
Deze glazen kunnen niet
in de afwasautomaat wor
den gewassen.
Kies een programma met
een hogere temperatuur.
Gebruik een chloorhou
dend reinigingsmiddel.
-
Doseer meer naspoelmid
del.
Zie hoofdstuk: "Wanneer u
het apparaat voor het
eerst in gebruik neemt".
Doseer regenereerzout.
Zie hoofdstuk: "Wanneer u
het apparaat voor het
eerst in gebruik neemt".
Zet de dop er recht op en
draai hem goed dicht.
Neem contact op met de
Technische Dienst van
Miele Nederland B.V.
Probeer een fosfaathoudend reinigingsmiddel.
-
Doseer minder naspoel
middel.
Zie hoofdstuk: "Wanneer u
het apparaat voor het
eerst in gebruik neemt".
Het enige wat u kunt doen
-
is glazen kopen die wel
geschikt zijn.
-
-
-
55
Page 56
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Er zijn kunststof stukken
vaatwerk verkleurd.
Er zitten roestvlekken op
sommige stukken be
stek.
Het klepje van het reinigingsmiddeldoseerbakje
gaat niet goed dicht.
In het reinigingsmiddeldoseerbakje zijn na het
afwasprogramma resten
reinigingsmiddel achtergebleven.
-
Mogelijke oorzaak daar
van zijn natuurlijke kleur
stoffen in bijv. wortels, to
maten en ketchup. De
hoeveelheid reinigings
middel of de bleekwerking
ervan zijn voor deze stof
fen te gering geweest.
De dop van het zoutreser
voir is niet goed dichtge
draaid of zit er scheef op.
Deze stukken bestek zijn
niet bestand tegen roest.
Er zijn resten reinigingsmiddel vast blijven zitten
en deze blokkeren de sluiting.
Het reinigingsmiddeldoseerbakje was nog vochtig toen het middel werd
gedoseerd.
Gebruik een grotere hoe
veelheid reinigingsmiddel
of een chloorhoudend rei
nigingsmiddel. Zie hoofd
stuk: "Bediening".
Vaatwerk dat al verkleurd
is krijgt zijn oorspronkelij
ke kleur niet terug.
Zet de dop er recht op en
draai hem goed dicht.
-
Het enige wat u kunt doen
is bestek kopen dat wel
geschikt is.
Verwijder de resten.
Doseer het reinigingsmiddel alleen wanneer het
bakje droog is.
-
-
-
-
56
Page 57
Nuttige tips
ProbleemMogelijke oorzaakOplossing
Na afloop van het afwas
programma zit er water
in de spoelruimte.
-
De zeefcombinatie in de
spoelruimte is verstopt.
De afvoerpomp of de te
rugslagklep is geblok
keerd.
Er zit een knik in de toevoerslang.
Voordat u het probleem
gaat oplossen:
Draai de programma
–
keuzeschakelaar op
"Einde/Reset".
Schakel de afwasauto
–
maat met de
I-Aan-/0-Uit - toets uit.
Reinig de zeefcombinatie.
Zie hoofdstuk: "Reiniging
en onderhoud".
Reinig de afvoerpomp of
de terugslagklep.
Zie hoofdstuk: "Het verhelpen van storingen".
Haal de knik eruit.
-
-
57
Page 58
Het verhelpen van storingen
Het reinigen van het zeefje in
de schroefkoppeling van de
watertoevoer
Om de watertoevoerslang tegen veront
reinigingen in het water te beschermen
is in de schroefkoppeling een zeefje in
gebouwd.
Wanneer het zeefje vuil is dan loopt er
te weinig water in de spoelruimte.
De kunststof behuizing van de
,
Waterproofventielen bevat een elek
trisch onderdeel.
Dompel dit niet in vloeistof.
Tip
Is uw ervaring dat uw water veel bezinksel bevat raden wij u aan een grote
zeef in de schroefkoppeling van de watertoevoer aan te brengen.
Zo'n zeefje is leverbaar onder
M.- Nr.: 75577.
^ Haal de stroom van de afwasauto-
maat door eerst het apparaat uit te
schakelen en daarna de stekker uit
het stopcontact te halen of de hoofd
schakelaar van de huisinstallatie uit
de schakelen.
^
Draai de waterkaan dicht
^
en schroef de toevoerslang van de
kraan af.
-
-
-
Pak het rubberen dichtingsringetje uit
^
de schroefkoppeling.
^ Trek het zeefje met een combinatie-
of punttang eruit en reinig het.
^ Zet het zeefje en het rubberen dich-
tingsringetje er weer in. Let er daarbij
op of ze allebei goed zitten!
^ Schroef de wartel van de watertoe-
voerslang weer aan de waterkraan.
Let er daarbij op dat wartel en kraan
precies op elkaar passen.
-
^
Draai de waterkaan open.
Komt er water vrij dan hebt u de wartel
en de kraan niet stevig genoeg aan el
kaar vastgeschroefd of de wartel
scheef aan de kraan geschroefd.
^
Zet de watertoevoerslang recht,
schroef de wartel recht op de kraan
en schroef wartel en kraan stevig
vast.
-
58
Page 59
Het verhelpen van storingen
Het reinigen van de afvoer
-
pomp en de terugslagklep
Is het water na afloop van een
programma niet afgepompt, dan kan
dat verschillende oorzaken hebben.
Het is mogelijk dat de afvoer door vet
aanslag verstopt is geraakt.
Om vetaanslag te voorkomen kunt u de
afvoer het beste 1 x per 2 maanden
met een machinereiniger behandelen.
Hoe u dat moet doen kunt u op de ver
pakking lezen.
Een andere mogelijkheid is dat bepaal
de voorwerpen de afvoerpomp of de terugslagklep blokkeren.
Deze kunt u makkelijk verwijderen.
^ Haal de zeefcombinatie uit de spoel-
ruimte. Zie hoofdstuk: "Reiniging en
onderhoud", paragraaf: "Het reinigen
van de zeven in de spoelruimte".
^ Schep het water uit de spoelruimte.
-
-
-
Open de afsluitbeugel voor de terug
^
slagklep.
-
59
Page 60
Het verhelpen van storingen
^ Til de terugslagklep omhoog, verwij-
der de klep en spoel hem onder stromend water goed af.
^ Verwijder alle voorwerpen die de te-
rugslagklep blokkeren.
Onder de terugslagklep bevindt zich de
afvoerpomp (zie pijl).
^ Verwijder alle voorwerpen die de af-
voerpomp blokkeren. Let erop dat
glassplinters bijzonder moeilijk zijn te
zien.
Draai daartoe het loopwiel van de afvoerpomp met de hand.
^ Zet de terugslagklep weer zorgvuldig
op zijn plaats en sluit de afsluitbeugel.
60
Page 61
Technische Dienst
Reparaties
Mocht u een opgetreden storing on
^
danks bovenstaande tips niet zelf
kunnen verhelpen, neem dan contact
op met:
de Miele-vakhandel of
–
de Technische Dienst van
–
Miele Nederland B.V.
Het adres en diverse telefoonnummers
vindt u op de achterzijde van deze ge
bruiksaanwijzing.
Als u de Technische Dienst inscha
^
kelt, geef dan het model en het nummer van de afwasautomaat op.
Beide gegevens vindt u op het typeplaatje aan de bovenkant van de deur.
-
Programma-actualisering
Reinigingsmiddelen, afwasgewoonten
en afwasvoorschriften zullen in de toe
komst veranderingen ondergaan.
De spoel- en afwasprogramma's zullen
daaraan moeten worden aangepast.
-
De Technische Dienst zal in de toekomst in staat zijn het afwasprogramma
te updaten en in het Novotronic-geheugen van uw afwasautomaat op te slaan.
-
Dit zal gebeuren via het met de pijl aan
gegeven controlelampje (PC = Pro
gramme Correction).
Miele zal zelf aangeven wanneer de
programma's kunnen worden geactuali
seerd.
-
-
-
61
Page 62
Extra toebehoren
Voor een nog efficiënter gebruik van de afwasautomaat
Wanneer u...hebt u nodig...
...flessen wilt afwassen,
bijv. melk- of babyflessen
...vele glazen wilt afwassen...een glazenrek
...glazen met een lange steel
wilt afwassen
...grote borden wilt afwassen...een rek voor borden met een
...naast het gewone bestek wat
kleiner bestek wilt afwassen
bijv. kleine lepeltjes, gebakvorkjes
...voortdurend over de afwasauto-
maat geïnformeerd wilt zijn
...een fleshouder
dat in het onderrek wordt geplaatst
...een glazenrek
dat in het bovenrek wordt geplaatst
doorsnede van max. 32 cm
...een extra bestekkorfje
dat in het onderrek wordt geplaatst
voor normaal vervuild vaatwerk wordt gebruikt, zijn de
reinigings- en droogresultaten beter, duurt het
programma korter maar wordt er meer energie verbruikt.
Beladingscapaciteit:12 couverts
Hoeveelheid reinigings-Bij gebruik van chloorhoudende reinigingsmiddelen:
middel:5 g in vakje I en 25 g in vakje II.
Bij gebruik van chloorvrije reinigingsmiddelen:
30 g alleen
Hoeveelheid
naspoelmiddel:Stand 3 (ca. 3 ml)
Geluidsmetingen:Doe de deur van de wasautomaat een keer helemaal
open en doe de deur dan weer dicht.
Op deze manier wordt de luchtafvoeropening van de
Turbothermic automatisch gesloten, zoals ook in het
dagelijks gebruik gebeurt.
in vakje II.
Bovenrek
Onderrek
63
Page 64
Instructies voor vergelijkende onderzoeken
Besteklade
64
Page 65
Instructies voor vergelijkende onderzoeken
Onderzoeksnorm:EN 50242 / IEC 704
StandaardprogrammaSpaar met extra functie "Top Solo"
voor vergelijkende onderzoeken (energielabel):
Tip:Wanneer het programma Universeel extra 55 °
met extra functie "Top Solo"
voor normaal vervuild vaatwerk wordt gebruikt, zijn de
reinigings- en droogresultaten beter, duurt het
programma korter maar wordt er meer energie verbruikt.
Beladingscapaciteit:6 couverts
Hoeveelheid reinigings-20 g alleen
middel:
Hoeveelheid
naspoelmiddel:Stand 3 (ca. 3 ml)
Geluidsmetingen:Doe de deur van de wasautomaat een keer helemaal .
open en doe de deur dan weer dicht.
Op deze manier wordt de luchtafvoeropening van de
Turbothermic automatisch gesloten, zoals ook in het
dagelijks gebruik gebeurt.
in vakje II
Bovenrek
Besteklade
Houd een afstand aan tussen het be
stek die dubbel zo groot is als anders.
Onderrek
-
65
Page 66
Transport
Let wanneer u de afwasautomaat wilt
transporteren, bijv. bij een verhuizing,
op het volgende:
Ruim de afwasautomaat uit.
–
Maak alle losse onderdelen vast, bijv.
–
slangen, kabels, bestekkorf en on
derrek.
Transporteer de afwasautomaat
–
rechtop.
Alleen in uitzonderingsgevallen mag
de automaat op zijn rug worden ge
transporteerd.
De afwasautomaat mag niet op zijn
kant of op de deur liggend worden
getransporteerd, omdat er dan resten water uit kunnen lopen.
De resten water kunnen in de elektrische besturing terechtkomen en zo
storingen veroorzaken.
-
-
66
Page 67
Technische gegevens
Hoogte vrijstaande
afwasautomaat
Hoogte inbouwafwasautomaat81,7 cm (verstelbaar + 5,0 cm)
Hoogte van de inbouwnis82 cm (+ 5,0 cm)
Breedte59,8 cm
Breedte van de inbouwnis60 cm
Diepte:
Vrijstaande afwasautomaat
Inbouwafwasautomaat
Diepte bij geopende deur:
Vrijstaande afwasautomaat
Inbouwafwasautomaat
Spanning
AansluitwaardeZie typeplaatje aan de bovenkant van de deur
Zekering
85 cm (verstelbaar + 4,0 cm)
60 cm
57 cm
118,5 cm
115,5 cm
ca. 65,5 kg
ca. 61,5 kg
ca. 57 kg
KeurmerkKEMA
Waterdruk0,3 - 10 bar
Warmwateraansluitingtot max. 60 °C
Opvoerhoogtemax. 1 m
Afpomplengtemax. 4 m
Aansluitkabelca. 1,7 m
Beladingscapaciteit12 couverts
SC #= Afwasautomaat met besteklade
Voor informatie over het Miele Service Verzekering Certificaat kunt u zich wen
den tot uw Miele-handelaar of de bijgaande folder raadplegen.
-
67
Page 68
Programma-overzicht
ProgrammaToepassingReinigingsmiddel
chloorvrij
(Reinigen)
Intensief 75 °Voor normaal vervuilde potten, pannen en
Universeel
extra 65 °
Universeel
extra 55 °
Universeel 55 ° Voor normaal vervuild vaatwerk
Normaal 50 °Met een kortere reinigingstijd voor licht tot
3)
Spaar
Speciaal o 45 ° Behoedzaam programma voor licht vervuild
Kort 45 °"Snelprogramma" voor licht vervuild vaat-
VoorspoelenVoor het voorspoelen van vaatwerk dat pas
Zonder verwar
ming
Afhankelijk van het soort reinigingsmiddel moet u het middel verschillend doseren.
1) Deze reinigingsmiddeldosering kiest u voor:
- chloorvrije en fosfaatvrije reinigingsmiddelen
- chloorvrije en fosfaathoudende reinigingsmiddelen
- vloeibare reinigingsmiddelen
De totale hoeveelheid moet u in dit geval in vakje II doseren.
2) Deze reinigingsmiddeldosering kiest u voor:
- fosfaat- en chloorhoudende reinigingsmiddelen (behalve vloeibare reinigingsmiddelen)
De totale hoeveelheid moet u in dit geval procentueel over vakje I en II verdelen.
ander normaal vervuild vaatwerk met aangekoekte etensresten
Voor sterk vervuild vaatwerk met aang
ekoekte, zetmeelhoudende etensresten
Met een langere reinigingstijd voor normaal
vervuild vaatwerk met aangekoekte etens
resten. Bijzonder geschikt voor chloorvrije rei
nigingsresten
Bijzonder geschikt voor chloorvrije reinigings
middelen
normaal vervuild vaatwerk zonder aangekoekte etensresten
Voor normaal vervuild vaatwerk
Bijzonder energiebesparend programma
temperatuurgevoelig vaatwerk, zoals glazen
werk, bijv. partyservies
op een later tijdstip wordt afgewassen, bijv.
wanneer de afwasautomaat nog niet vol is.
-
Voor licht tot normaal vervuild vaatwerk
Alleen kiezen als de afwasautomaat op warmwater (minstens 45 °C) is aangesloten. Zie
hoofdstuk: "Het kiezen van een programma".
-
-
-
-
1)
chloorhoudend
Vakje II
120 %20 %100 %
100 %20 %80 %
100 %20 %80 %
100 %100 %
100 %100 %
100 %100 %
50 %50 %
50 %50 %
100 %20 %80 %
Vakje I
(Voor-
spoelen)
2)
Vakje II
(Reinigen)
3) Standaardprogramma voor energielabel
4) Zie wat er onder hoofdstuk: "Bediening" over de tijdsaanduiding staat.
68
Page 69
Programma-overzicht
ProgrammaverloopVerbruikDuur
Energie kWhWaterMinuten (ca.)
Voor-
spoelen
12
XX X
ReinigenTussen-
75 °
XX
65 °
XX
55 °
55 °
50 °
45 °
45 °
45 °
X0,060,0651111
spoelen
12
XX
XX
XX
X
X
X
X
X
XX
XX
XX
XX X
XX
Na-
spoelen
70 °
65 °
65 °
65 °
65 °
60 °
55 °
55 °
DrogenWater
koud
(15 °C)
X1,71,22211597
X1,50,71711598
X1,250,71711092
X1,20,6138567
X1,20,6136348
X1,050,613165147
X1,10,5177153
Water
warm
(55 °C)
0,90,5133217
LiterWater
koud
(15 °C)
4)
Water
warm
(55 °C)
XXXXXX-0,122-65
Bij volle belading moet u voor het programma "Intensief", "Universeel extra", "Universeel", "Normaal" en
"Spaar" minstens 30 ml reinigingsmiddel gebruiken.
Geeft de fabrikant een grotere hoeveelheid aan, moet u deze grotere hoeveelheid gebruiken.
Doseer voor het programma "Intensief" 5-7 ml extra in vakje I.
Wanneer u de extra functie "Top Solo" hebt gekozen, doseer dan zoveel middel als nodig is om het
vaatwerk schoon te krijgen en wel alleen in vakje II (ca. 2/3 van de totale hoeveelheid voor de volle
belading).
De verbruikswaarden kunnen van de aangegeven waarden afwijken, afhankelijk van de mate waarin
het vaatwerk is vervuild.
De genoemde waarden zijn volgens EN 50242 berekend.
De waarden kunnen in de praktijk door wisselende omstandigheden duidelijk variëren.
697071
Page 70
Page 71
Page 72
Wijzigingen voorbehouden/ (G686 Plus) / 0000801
Dit papier bestaat uit 100% chloorvrij gebleekte cellulose en is dus minder belastend voor het milieu.
Loading...
+ hidden pages
You need points to download manuals.
1 point = 1 manual.
You can buy points or you can get point for every manual you upload.