ABB MigRob 500 Instruction manual [nl]

Page 1
NL
xxx--xxx
x
Gebruiksaanwijzing
0459 809 077 NL 080105
Valid for serial no. 517--xxx--xxxx, 524--xxx--xxxx, 610--xxx--xxxx, 640--xxx--xxxx, 802--xxx--xxx--xxxx, 803--
Page 2
2
Page 3
1 RICHTLIJN 4........................................................
2 VEILIGHEID 4.......................................................
3 INLEIDING 6.........................................................
3.1 Communicatie 6............................................................
3.2 Apparatuur 7...............................................................
4 TECHNISCHE GEGEVENS 7..........................................
5 INSTALLATIE 8......................................................
5.1 Hijsinstructies 8.............................................................
5.2 Plaatsing 8.................................................................
5.3 Netspanning 8..............................................................
5.4 Afsluitweerstanden 9........................................................
6 GEBRUIK 10.........................................................
6.1 Aansluitingen en bedieningsorganen 10.........................................
6.2 Stroombron inschakelen 10....................................................
6.3 Ventilator 11.................................................................
6.4 Oververhittingsbeveiliging 1 1..................................................
6.5 Boogspanning meten 1 1......................................................
6.6 Gedwongen lasstop 12........................................................
7 ONDERHOUD 12......................................................
7.1 Stoffilter reinigen 12..........................................................
8 PROBLEMEN OPLOSSEN 13..........................................
9 OVERZICHT VAN FOUTCODES 13.....................................
9.1 Beschrijvingen foutcodes 14...................................................
10 RESERVEONDERDELEN BESTELLEN 16...............................
SCHEMA 18.............................................................
BESTELNUMMER 20.....................................................
RESERVEONDERDELENLIJST 21.........................................
Recht op wijzigingen zonder voorafgaande mededeling voorbehouden.
TOCh
-- 3 --
Page 4
1 RICHTLIJN
ESAB AB, Welding Equipment, SE--695 81 Laxå, Zweden, verklaart geheel onder eigen verantwoor­delijkheid dat lasstroombron MigRob 500 van het serienummer 517, 524, 610, 640, 802, 803 zodanig is geconstrueerd en getest, dat deze in overeenstemming is met norm EN 60974--1 en EN 60974--10 (Class A) conform de bespalingen in richtlijn (2006/95/EEG) en (2004/108/EEG).
VERKLARING VAN OVEREENSTEMMING
-- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- -- --------
Laxå 2008--01--04
Kent Eimbrodt Global Director Equipment and Automation
2VEILIGHEID
De gebruiker van een lasuitrusting draagt de uiteindelijke verantwoordelijkheid voor de veiligheids­maatregelen die van toepassing zijn voor het personeel dat met of in de buurt van de installa­tie werkt. De veiligheidsmaatregelen moeten voldoen aan de eisen die aan dit type lasuitrusting gesteld worden. De inhoud van deze aanbevelingen moet beschouwd worden als een aanvulling op de normale regels die van toepassing zijn voor een werkplaats.
Alle handelingen moeten uitgevoerd worden door personeel dat goed op de hoogte is van de werking van de lasuitrusting. Een verkeerd maneuver kan tot een abnormale situatie leiden waardoor de operateur gewond kan raken en de machine beschadigd kan worden.
1. Al het personeel dat met de machine werkt, moet goed op de hoogte zijn van:
S de bediening S de plaats van de noodstop S de werking S de geldende veiligheidsvoorschriften S de lastechniek
2. De operateur moet controleren: S of er zich geen onbevoegden binnen het werkgebied van de lasuitrusting bevinden,
voor hij begint te werken.
S of er niemand op een onbeschermde plaats staat wanneer de lichtboog wordt ontsto-
ken.
3. De werkplaats moet:
S doelmatig zijn S tochtvrij zijn
4. Persoonlijke veiligheidsuitrusting S Draag altijd de voorgeschreven persoonlijke veiligheidsuitrusting zoals b.v. een lasbril,
onontvlambare kleding, lashandschoenen.
S Draag nooit loszittende kleding zoals sjaals, armbanden, ringen e.d. die beklemd kun-
nen raken, of brandwonden kunnen veroorzaken.
5. Algemene veiligheidsvoorschriften
S Controleer of de aangeduide retourleiders goed aangesloten zijn. S Alleen bevoegd personeel mag aan de elektrische eenheden werken. S De benodigde brandblusuitrusting moet gemakkelijk bereikbaar zijn op een duidelijk
aangegeven plaats.
S Wanneer de lasuitrusting in gebruik is, mag hij niet gesmeerd worden en mag er geen
onderhoud uitgevoerd worden.
ba39d1ha
-- 4 --
Page 5
WAARSCHUWING!
Gebruik de stroombron niet voor het ontdooien van bevroren pijpen.
WAARSCHUWING
De vlamboog en het s nijden kunnen gevaarlijk zijn voor uzelf en voor anderen; daarom met u voorzichtig zign bij het lassen. Volg de veiligheidsvoorschriften van uw werkgever op. Ze moe­ten gebaseerd zijn op de waarschuwingstekst van de producent.
ELEKTRISCHE SCHOK - Kan dodelijk zijn
S Installeer en aard de lasuitrusting volgens de geldende normen. S Raak delen die onder stroom staan en elektroden niet aan met onbedekte handen of met natte
beschermuitrusting.
S Zorg dat u geïsoleerd bent van aarde en van het werkstuk. S Zorg ervoor dat u een veilige werkhouding hebt.
ROOK EN GAS - Kunnen uw gezondheid schaden
S Zorg ervoor dat u niet met uw gezicht in de lasrook hangt. S Ververs regelmatig de lucht in de werkruimte en zorg ervoor dat de lasrook en het gas afgezo-
gen worden.
LICHTSTRALEN - Kunnen de ogen beschadigen en de huid verbranden
S Bescherm uw ogen en uw lichaam. Gebruik een geschikte lashelm met filter en draag altijd be-
schermende kleding.
S Scherm uw werkruimte af met geschikte beschermmiddelen of gordijnen, zodat niemand anders
gewond kan raken.
BRANDGEVAAR
S De vonken kunnen brand veroorzaken. Zorg er daarom voor dat er geen brandgevaarlijk mate-
riaal in de buurt is.
LAWAAI - Geluidsoverlast kan het gehoor beschadigen
S Bescherm uw oren. Gebruik gehoorbeschermers of andere gehoorbescherming. S Waarschuw omstanders voor de gevaren.
BIJ DEFECTEN - Neem contact op met een vakman.
Lees deze gebruiksaanwijzing grondig door voor u overgaat tot installatie en gebruik.
BESCHERM UZELF EN ANDEREN!
LET OP!
Dit product is uitsluitend bedoeld voor booglassen.
LET OP!
Lees deze gebruiksaanwijzing grondig door voor u overgaat tot installatie en gebruik.
ba39d1ha
-- 5 --
Page 6
LET OP!
e
enheid
e
enheid
eenheideenhei
d
Class A--apparatuur is niet bedoeld voor gebruik in woonomgevingen waar de elektrische stroom wordt geleverd via het openbare elektriciteitsnet, dat een lage spanning heeft. In dergelijke omgevingen kunnen moeilijkheden ontstaan met de elektromagnetische compatibiliteit van Class A--apparatuur als gevolg van geleidings-- en stralingsverstoringen.
Voer nooit elektrische apparatuur met gewoon afval af!
In overeenstemming met de Europese richtlijn 2002/96/EC voor Afval van Elektrische en Elektronische Apparatuur en de toepassing hiervan overeenkomstig nationale regelgeving, moeten producten aan het einde van de levensduur apart worden ingezameld en worden aangeboden bij een recyclingsinrichting. Als de eigenaar van de apparatuur moet u bij uw lokale contactpersoon informatie opvragen over een goedgekeurd inzamelplan.
Naleving van deze Europese richtlijn verbetert het milieu en uw gezondheid!
3 INLEIDING
De MigRob 500 is een lasstroombron die uitsluitend is bedoeld voor MIG/MAG--lassen.
De lasstroombron bestaat uit een stroombron en een lasgegevens--eenheid. Alle communicatie tussen gebruiker en apparaat vindt plaats via het bedieningspa­neel van de robot.
Bedienings--
eenheid robot reenheid
Lasstroombron
Lasgegevens--
Draadaanvoe-
Externe CAN--bus
Bedienings
Interne CAN--bus
3.1 Communicatie
Het uitwisselen van gegevens tussen het lasapparaat en het robotsysteem vindt plaats via een CAN--bus. De lasgegevens--eenheid in de lasstroombron verzorgt deze communicatie.
ba39d1ha
-- 6 --
Page 7
3.2 Apparatuur
De MigRob 500--stroombron wordt geleverd met 2 afsluitweerstanden, een aardkabel van 5 m en een instructiehandleiding.
Opmerking! Eén afsluitweerstand is voor de interne bus en de andere is voor de externe bus.
4 TECHNISCHE GEGEVENS
MigRob 500 Geldig voor serienummer
517 -- 640
Netspanning 400 V, ±10%, 3∼ 50/60 Hz 400 V, ±10%, 3∼ 50/60 Hz
Netvoeding --
--
Primaire stroom I
Nullastvermogen minimale vereiste
in energiebesparende modus, 6,5 minuut na lassen
Instellingsbereik 8-- 60 V / 16-- 500 A 8-- 60 V / 16-- 500 A
Maximaal vermogen bij
60% relatieve inschakelduur 100% relatieve inschakelduur
Arbeidsfactor bij maximale stroom 0.85 0.91
Rendement bij maximale stroom 86% 87%
Open spanning 72 -- 88 V 72 -- 88 V
Bedrijfstemperatuur --10 tot +40˚C --10 tot +40˚C
Geluidsdruk continu (A-- meting) <70dB <70dB
Afmetingen, l x b x h 625 x 394 x 496 mm 625 x 394 x 496 mm
Gewicht 72 kg 74 kg
Isolatieklasse transformator H H
Veiligheidsnorm IP 23 IP 23
Gebruiksklasse
max
39 A 35 A
50 W 50 W
500 A / 39 V 400 A / 34 V
Geldig van serienummer
802
S Z
500 A / 39 V 400 A / 34 V
sc min max
2,8 MVA
0,21 ohm
Relatieve inschakelduur
De relatieve inschakelduur geeft de tijd weer als een percentage van een periode van tien minuten waarin u kunt lassen met een bepaalde belasting.
Veiligheidsnorm
De IP--code geeft de beveiligingsklasse aan, d.w.z. de graad van bescherming tegen vaste voorwer­pen en vocht. Een apparaat met IP 23 is bestemd voor gebruik zowel binnen-- als buitenshuis.
Gebruiksklasse
Het symbool betekent dat de lasstroombron geconstrueerd is voor het gebruik in ruimten met een verhoogd elektrisch risico.
Netvoeding, S
Minimaal kortsluitvermogen op het netwerk in overeenstemming met IEC 61000--3--12
Netvoeding, Z
Maximaal toegestane invloed op de netwerkimpedantie in overeenstemming met IEC 61000--3--11.
ba39d1ha
sc min
max
-- 7 --
Page 8
5 INSTALLATIE
De installatie dient door een bevoegd persoon te worden uitgevoerd.
Opmerking!
Vereisten voor de netvoeding
Apparatuur met een hoog vermogen kan de vermogenskwaliteit van het openbare elektriciteitsnet beïnvloeden door de primaire stroom die van het net wordt afgenomen. Voor sommige typen apparatuur kunnen daarom aansluitbeperkingen of --vereisten gelden met betrekking tot de maximaal toegestane netimpedantie of de vereiste minimale toevoercapaciteit bij het aansluitpunt op het net (zie technische gegevens). In dat geval is het de verantwoordelijkheid van de installateur of gebruiker van de apparatuur om indien nodig in overleg met de netwerkbeheerder te waarborgen dat de apparatuur kan worden aangesloten.
5.1 Hijsinstructies
5.2 Plaatsing
Plaats de lasstroombron zo dat de ventilatieopeningen niet geblokkeerd worden.
5.3 Netspanning
Zorg ervoor dat de lasstroombron op de juiste netspanning is aangesloten en dat deze wordt beveiligd door een zekering van voldoende sterkte. Zorg dat het apparaat volgens de regels wordt geaard.
Gegevens over aansluiting op netspanning
ba39d1ha
-- 8 --
Page 9
Aanbevolen zekeringen en kabels
MigRob 500 Geldig voor serienummer
517 -- 640
Netspanning 400 V, 3μ 50 Hz 400 V, 3μ 50 Hz Diameter netkabel, mm Fasestroom, IRMS 31 A 27 A Zekering
Anti--piekstroom Type C MCB
2
4G6 4G6
35 A 40 A
Geldig van serienummer 802
25 A 32 A
Opmerking! De bovenstaande kabeldiameters en zekeringen zijn in overeenstemming met de
Zweedse regelgeving. Gebruik de lasstroombron in overeenstemming met de relevante nationale regelgeving.
5.4 Afsluitweerstanden
Om interferentie te voorkomen, moeten de uiteinden van de CAN--bussen worden voorzien van afsluitweerstanden.
Interne CAN--bus
Eén uiteinde van de CAN--bus bevindt zich bij de lasgegevens--eenheid en is voorzien van een ingebouwde afsluitweerstand. Het andere uiteinde bevindt zich bij de stroombron en moet zijn voorzien van een afsluitweerstand, zoals aangegeven in afbeelding A.
Externe CAN--bus
De stroombron heeft twee aansluitingen voor de externe CAN--bus, ”EXT CAN IN” en ”EXT CAN OUT”.
De kabel vanaf het robotsysteem wordt aangesloten op de aansluiting ”EXT CAN IN”. Als de stroombron zich aan het einde van de CAN--bus bevindt, moet de afsluitweerstand zijn aangesloten op ”EXT CAN OUT” (zoals in afbeelding B). Als de stroombron niet het laatste apparaat is op de CAN-- bus, wordt ”EXT CAN OUT” gebruikt om de bus aan te sluiten op extra CAN--eenheden (in dat geval moet de afsluitweerstand op de laatste eenheid op de bus worden geplaatst.)
ba39d1ha
-- 9 --
Page 10
6 GEBRUIK
De algemene veiligheidsvoorschriften voor het gebruik van de hier beschre­ven uitrusting vindt u op pagina 4. Lees deze voorschriften zorgvuldig door, voordat u de uitrusting in gebruik neemt.
6.1 Aansluitingen en bedieningsorganen
1 Aansluiting voor lasstroomkabel (+) 7 Zekering, 4 A
(geldig slechts voor serienummer 517, 524 en 610).
2 Aansluiting voor afsluitweerstand, 42 V,
interne CAN--bus.
3 Aansluiting voor aardkabel (--) 9 Aansluiting voor afsluitweerstand,
4 Netschakelaar, 0 / 1 / START 10 Aansluiting voor communicatie met
5 Wit indicatielampje -- Stroombron AAN 11 Aansluiting voor lasstroomkabel (+)
6 Oranje indicatielampje -- Oververhitting
8 Aansluiting voor meetkabel, (detectie
boogspanning lasdraad / werkstuk), MEASURE
EXTERN CAN OUT
robotsysteem, EXTERN CAN IN
6.2 Stroombron inschakelen
Schakel het apparaat in door de schakelaar (4) in de ” START”--positie te draaien. Laat de schakelaar los, deze zal dan in positie ”1” komen te staan.
Als de netspanning wordt onderbroken tijdens het lassen en daarna weer hersteld wordt, blijft de stroombron uitgeschakeld totdat de schakelaar weer handmatig in de ”START”--positie wordt gezet.
Schakel de stroombron uit door de schakelaar in de positie ”0” te zetten.
Ongeacht of de netspanning wordt onderbroken of de stroombron op de juiste manier wordt uitgeschakeld, worden er lasgegevens opgeslagen voor eventueel later gebruik.
ba39d1ha
-- 1 0 --
Page 11
6.3 Ventilator
GedwongenlasstopzodradeverbindingtussenCenF
GedwongenlasstopzodradeverbindingtussenCenF
De stroombron is voorzien van een tijdregeling waardoor de ventilatoren 6,5 minuut nadraaien als het lassen is gestopt. De eenheid wordt hierbij in de energiebesparen­de modus gezet. De ventilatoren gaan weer vol draaien als u weer gaat lassen.
De ventilatoren draaien op lage snelheid bij een lasstroom tot 180 A. Ze draaien op volle snelheid bij een hogere stroom.
6.4 Oververhittingsbeveiliging
De lasstroombron is uitgerust met drie over verhittingsbeveiligingen die worden ingeschakeld als de temperatuur te hoog wordt. Als dit gebeurt, wordt de lasstroom onderbroken en gaat het oranje indicatielampje op de voorzijde van de stroombron branden. Als de temperatuur is gedaald, wordt de oververhittingsbeveiliging weer uitgeschakeld.
6.5 Boogspanning meten
Het meten van de boogspanning kan op twee manieren worden uitgevoerd:
Bij methode 2 moet er een meetkabel worden aangesloten op het werkstuk. Deze methode geeft het beste resultaat.
Methode 1 (standaardmethode)
Meting tussen lasdraad en OKC--uitlaat.
Aansluitingen voor XS31
Vereiste externe aanslui­tingen
Mof Toelichting van bestaande aansluitingen in de stro-
ombron
J Detectie minpool voor lassen
M Minpool voor lassen van OKC--uitlaat (pos. 3, zie afbeelding
op pagina 10.)
H Boogspanning van de lasdraad in de draadaanvoereenheid.
C
Gedwongen lasstop zodra de verbinding tussen C en F wordt onderbroken.
F
Methode 2A
Meting tussen pluspool van lasdraad en minpool van werkstuk.
Aansluitingen voor XS31
Vereiste externe aanslui­tingen
Mof Toelichting van bestaande aansluitingen in de stro-
ombron
J Detectie minpool voor lassen
M
H Boogspanning van de lasdraad in de draadaanvoereenheid.
C
Gedwongen lasstop zodra de verbinding tussen C en F wordt onderbroken.
F
ba39d1ha
-- 1 1 --
Page 12
Methode 2B
GedwongenlasstopzodradeverbindingtussenCenF
Meting tussen minpool van lasdraad en pluspool van werkstuk.
Aansluitingen voor XS31
Vereiste externe aanslui­tingen
Mof Toelichting van bestaande aansluitingen in de stro-
ombron
J Detectie pluspool voor lassen
M
H Boogspanning van de lasdraad in de draadaanvoereenheid.
C
Gedwongen lasstop zodra de verbinding tussen C en F wordt onderbroken.
F
6.6 Gedwongen lasstop
Bij normaal gebruik m oet deze inlaat overbrugd zijn.
Opmerking! In een noodsituatie kan de lasstroombron direct wordt uitgeschakeld door deze inlaat te openen. Zie de bovenstaande tabel.
Opmerking! De lasstroombron blijft aangesloten op de netspanning, zelfs als de lasstop is geactiveerd.
7 ONDERHOUD
Regelmatig onderhoud is belangrijk voor een veilige, betrouwbare werking.
Onderhoud mag alleen worden uitgevoerd door een erkende technicus. Alleen werknemers met de juiste kennis van elektrotechniek (bevoegd personeel) mogen de veiligheidsplaten verwijder en.
Opmerking!
Alle garantievoorwaarden van de leverancier komen te vervallen als de klant zelf tijdens de garantieperiode reparaties uitvoert.
7.1 Stoffilter reinigen
S Verwijder de ventilatorafdekking met
het stoffilter (1).
S Klap het rooster ( 2) naar buiten.
S Verwijder het stoffilter (3).
S Blaas het filter schoon met perslucht
(lage druk).
S Vervang het filter indien nodig.
S Plaats het filter met het fijnere gaas tegen het rooster (2) (weg van de
stroombron).
S Breng de ventilatorafdekking met het
stoffilter weer aan.
ba39d1ha
-- 1 2 --
Page 13
8 PROBLEMEN OPLOSSEN
Voer deze controles uit voordat u contact opneemt met een erkende r eparateur.
Probleem Oplossing
Geen lasboog. S Controleer of de netspanningsschakelaar is ingeschakeld.
S Controleer of de lasstroomkabel en de aardkabels op de
juiste manier zijn aangesloten.
S Controleer of de juiste stroomwaarde is ingesteld. S Controleer of de zekering niet is doorgebrand
(geldig slechts voor serienummer 517..524 en 610).
Onderbroken lasstroom tijdens het lassen.
De oververhittingsbeveiliging treedt regelmatig in werking.
Slechte lasprestaties. S Controleer of de lasstroomkabel en de aardkabels op de
S Controleer of de oververhittingsbeveiligingen in werking zijn
getreden (aangegeven door het oranje lampje op de voorzijde).
S Controleer de netspanningszekeringen.
S Controleer of het stoffilter verstopt is. S Zorg ervoor dat u de aangegeven waarden voor de
stroombron niet overschrijdt (de eenheid wordt overbelast).
juiste manier zijn aangesloten.
S Controleer of de juiste stroomwaarde is ingesteld. S Controleer of de juiste lasdraad wordt gebruikt. S Controleer de netspanningszekeringen.
9 OVERZICHT V AN FOUTCODES
Fout-
code
1 Fout EPROM--geheugen x x
2 Fout RAM--geheugen x x
3 Fout tijdens lees--/schrijfbewerking extern
RAM--geheugen
4 5 V netspanning x x
5 Te hoge/te lage gelijkspanning x
6 Te hoge temperatuur x
7 Hoge primaire stroom x
8 Netspanning 1* x x
9 Netspanning 2* x
10 Netspanning 3* x
12 Communicatiefout (waarschuwing) x x
14 Communicatiefout (bus uit) x
15 Meldingen verloren gegaan x x
18 Geen verbinding met stroombron x
19 Onjuiste waarden in extern RAM x
20 Onacceptabele instellingen opgeslagen in RAM x
21 Incompatibele instellingen opgeslagen in RAM x
22 Zendbuffer vol x
Beschrijving Lasgegevens--
eenheid
x
Stroombron
ba39d1ha
-- 1 3 --
Page 14
Fout-
code
23 Ontvangstbuffer vol x
26 Programmafout x x
28 Programmagegevens verloren gegaan x x
Eenheid Netspanning 1* Netspanning 2* Netspanning 3*
Lasgegevens--eenheid +3 V
Stroombron +15 V -- 1 5 V +24 V
Beschrijving
eenheid
StroombronLasgegevens--
9.1 Beschrijvingen foutcodes
Fout-
code
Beschrijving
1 Fout in programmageheugen (EPROM)
Het programmageheugen is beschadigd. Deze fout schakelt geen functies uit. Oplossing: Start de machine opnieuw. Neem contact op met een reparateur als de fout
zich blijft voordoen.
2 Fout in microprocessor--RAM
De microprocessor kan niet naar het interne geheugen schrijven/lezen. Deze fout schakelt geen functies uit. Oplossing: Start de machine opnieuw. Neem contact op met een reparateur als de fout
zich blijft voordoen.
3 Fout in extern RAM
De microprocessor kan niet naar het externe geheugen schrijven/lezen. Deze fout schakelt geen functies uit. Oplossing: Start de machine opnieuw. Neem contact op met een reparateur als de fout
zich blijft voordoen.
4 5 V netspanning laag
De netspanning is te laag. Het huidige lasproces is gestopt en kan niet opnieuw worden gestart. Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met
een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
5 Te hoge/te lage gelijkspanning
De spanning is te hoog of te laag. Een te hoge spanning kan worden veroorzaakt door sterke fluctuaties in de netspanning of door een slechte stroombron (hoge inductiviteit van de stroombron of een ontbrekende fase).
De stroombron is uitgeschakeld en kan niet opnieuw worden gestart. Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met
een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
6 Te hoge temperatuur
De oververhittingsbeveiliging is geactiveerd. Het lasproces is gestopt en kan niet worden hervat tot de overhittingsbeveiligingen zijn
gereset. Oplossing: Controleer of de ventilatieopeningen niet geblokkeerd of vuil zijn. Controleer
de huidige inschakelduur om er zeker van te zijn dat de eenheid niet overbelast wordt.
ba39d1ha
-- 1 4 --
Page 15
Fout-
Beschrijving
code
7 Hoge primaire stroom
De stroombron neemt te veel stroom van de aangeleverde gelijkspanning. De stroombron is uitgeschakeld en kan niet opnieuw worden gestart. Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met
een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
8 Lage accuspanning +3 V, (lasgegevens--eenheid)
Batterijspanning is te laag. Als de batterij niet wordt vervangen, gaan alle opgeslagen gegevens verloren.
Deze fout schakelt geen functies uit.
Oplossing: Laat de batterij vervangen door een reparateur.
8 +15 V netspanning, (stroombron)
De netspanning is te hoog of te laag.
Oplossing:Neem contact op met een reparateur.
9 --15 V netspanning, (stroombron)
De netspanning is te hoog of te laag.
Oplossing:Neem contact op met een reparateur.
10 +24 V netspanning
De netspanning is te hoog of te laag.
Oplossing:Neem contact op met een reparateur.
12 Communicatiefout (waarschuwing)
De CAN--bus van het systeem is tijdelijk overbelast. De stroombron / draadaanvoereenheid heeft geen contact meer met de
lasgegevens--eenheid. Oplossing: Controleer of alle apparatuur goed is aangesloten.
Neem contact op met een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
14 Communicatiefout
Door overbelasting is de CAN--bus tijdelijk buiten werking gesteld. Het huidige lasproces is gestopt. Oplossing: Controleer of alle apparatuur goed is aangesloten. Schakel de netspanning
uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
15 Meldingen verloren gegaan
De microprocessor kan inkomende meldingen niet snel genoeg verwerken, waardoor er informatie verloren is gegaan.
Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
18 Geen verbinding
De lasgegevens--eenheid heeft geen contact meer met de stroombron. Het huidige lasproces is gestopt. Oplossing: Controleer de kabels. Neem contact op met een reparateur als de fout zich
blijft voordoen.
19 Geheugenfout in het door een batterij ondersteunde RAM--geheugen
De batterij heeft spanning verloren Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. De
lasgegevens--eenheid wordt gereset. De instellingen zijn in het Engels voor MIG/MAG, KSP/OPENBOOG, Fe, CO2, 1,2 mm
ba39d1ha
-- 1 5 --
Page 16
Fout-
code
20 Niet--toegestane waarden opgeslagen in RAM
21 Incompatibele waarden opgeslagen in RAM
22 Zendbuffer vol
23 Ontvangstbuffer vol
26 Programmafout
28 Programmagegevens verloren gegaan
Beschrijving
Niet--toegestane waarden aangetroffen tijden het opstarten. Verwijder alle gegevens die aanwezig zijn in de lasgegevens--eenheid.
Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. De lasgegevens--eenheid wordt gereset. De instellingen zijn in het Engels voor MIG/MAG, KSP/OPENBOOG, Fe, CO2, 1,2 mm
Niet--toegestane combinaties van lasgegevens opgegeven. Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met
een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
De lasgegevens--eenheid kan onvoldoende snel gegevens verzenden naar de andere eenheden.
Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten.
De lasgegevens--eenheid kan onvoldoende snel gegevens van de andere eenheden verwerken.
Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten.
Door een bepaalde oorzaak kan de processor de normale programmataken niet uitvoeren. Het programma wordt automatisch opnieuw opgestart. Het lasproces wordt gestopt. Deze
fout schakelt geen functies uit. Oplossing: Bekijk de lasprogramma’s tijdens het lassen opnieuw. Neem contact op met
een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
Programma’s worden niet uitgevoerd. Oplossing: Schakel de netspanning uit om de eenheid te resetten. Neem contact op met
een reparateur als de fout zich blijft voordoen.
10 RESERVEONDERDELEN BESTELLEN
MigRob 500 is zodanig geconstrueerd en getest dat deze voldoet aan de internatio­nale en europese norm IEC/EN 60974--1 en EN 60974--10. Na onderhoud -- of repara­tiewerkzaamheden dient de uitvoerende instantie erop toe te zien dat het product nog steeds voldoet aan de bovengenoemde norm.
Reparaties en elektrisch onderhoud moeten worden uitgevoerd door een erkende onderhoudsmonteur. Gebruik alleen originele onderdelen.
Reserveonderdelen kunnen worden besteld via ABB Automation Technologies AB. Geef bij een bestelling altijd het type en productienummer op, evenals de bestemming en het ordernummer.
ABB Automation Technologies AB behoudt zich het recht voor specificaties zonder voorafgaand bericht te wijzigen.
ba39d1ha
-- 1 6 --
Page 17
p
-- 1 7 --
Page 18
Schema
ba39e
-- 1 8 -­Edition 080105
Page 19
ba39e
-- 1 9 -­Edition 080105
Page 20
MigRob 500
Bestelnummer
1.
Ordering no. Denomination Type
3HEA801700--001 Welding power source MigRob500
3HEA801700--002 Welding power source with autotransformer MigRob500 and TUA2
ba39o11a
-- 2 0 -­Edition 080105
Page 21
MigRob 500
Reserveonderdelenlijst
Item Ordering no. Denomination
1 3HEA801730--002 Filter
2 3HEA801730--003 Front grill
3 3HEA801730--001 Fuse 4 AT, 10.3x38.1mm
(valid only for serial number 517, 524 and 610)
ba39s
-- 2 1 -­Edition 080105
Page 22
p
-- 2 2 --
Loading...