NordicTrack NTEVEL990070 Owner's Manual

Page 1
Modelnr. NTEVEL99007.0 Serienr.
serienummer
VRAGEN?
Als fabrikant zijn wij gesteld op uw volledige tevredenheid. Mocht u nog vragen hebben, mochten som­mige onderdelen ontbreken of beschadigd zijn neem dan contact op met de winkel waar u dit pro­dukt hebt gekocht.
Onze website: www.iconsupport.eu
GEBRUIKSAANWIJZING
OPGELET
Lees alle instructies en voor­zorgsmaatregelen in deze hand­leiding door voordat u dit appa raat gaat gebruiken. Bewaar deze handleiding voor verdere raad­pleging.
-
Page 2
INHOUD
259724
Houdt u handen en vingers van deze plek weg.
E STICKER MET WAARSCHUWING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .2
D
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .3
VOORDAT U BEGINT . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .4
MONTAGE . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .5
OE DE BORSTKASSENSOR GEBRUIKEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .12
H
HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE GEBRUIKEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .13
ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .24
RICHTLIJNEN VOOR HET OEFENEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .26
LIJST MET ONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .28
GEDETAILLEERDE TEKENING . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .30
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .Laataste Pagina
DE STICKER MET WAARSCHUWING
De sticker met waarschuwing hier getoond zijn op de aange­geven plaatsen geplakt. Bel,
wanneer een sticker ontbreekt of niet leesbaar is, het num­mer op de kaft van deze hand­leiding en vraag voor een ver­vangsticker. Plak de sticker op de aangegeven plaats.
Opmerking: De sticker worden niet op ware groote weergege­ven.
NordicTrack is een merk van ICON IP, Inc.
2
Page 3
BELANGRIJKE VOORZORGSMAATREGELEN
WAARSCHUWING: Lees alle belangrijke voorzorgsmaatregelen en instructies in
deze handleiding en alle waarschuwingen op uw elliptische trainer voordat u deze gebruikt om het risico van ernstig letsel te verminderen. ICON is niet verantwoordelijk voor persoonlijk letsel of schade door het gebruik van dit produkt.
1. Raadpleeg uw huisarts voordat u met dit of enig ander oefenprogramma begint. Dit is bijzonder belangrijk voor mensen ouder dan 35 of mensen met gezondheidsproblemen.
2. De eigenaar moet zich te ervan vergewissen dat alleen die gebruik maken van de ellipti­sche trainer voldoende op de hoogte zijn van alle voorzorgsmaatregelen.
Deze elliptische trainer is alleen voor huise-
3. lijk gebruik bedoeld. Gebruik de elliptische trainer niet commercieel of voor verhuur.
4. Gebruik de elliptische trainer uitsluitend bin­nenshuis en uit de buurt van vocht en stof. Plaats de elliptische trainer op een vlakke ondergrond met een matje onder de ellipti­sche trainer om uw vloer (bedekking) te beschermen. Zorg ervoor dat er genoeg ruimte rond de elliptische trainer is zodat u gemakkelijk kunt opstappen en afstappen en om de elliptical trainer te kunnen gebruiken.
5. Inspecteer regelmatig alle onderdelen van de elliptische trainer en draai ze dan goed vast. Vervang versleten onderdelen meteen.
6. Houdt te alleen tijde kinderen jonger dan 12 en huisdieren bij de elliptische trainer van daan.
-
7. De fiets kan alleen door mensen die minder dan 147 kg wegen worden gebruikt.
8. Draag geschikte kleding wanneer u de ellipti­sche trainer gebruikt. Draag altijd sport­schoenen.
Houd u altijd aan de handgreep met polssen-
9. sor of aan de armhendels vast wanneer u de elliptische trainer opstapt, gebruikt of afstapt.
10. Houdt tijdens het gebruik van de elliptische trainer uw rug recht. Krom uw rug niet.
11. De polssensor is geen medisch instrument. Verschillende factoren kunnen de nauwkeu­righeid van de metingen beïnvloeden. De polssensor is alleen als hulpmiddel bedoeld voor algemene hartslag meting.
12. Laat de pedalen langzaam tot stilstand komen wanneer u met uw oefening stopt.
13. Stopt meteen en begin geleidelijk af te koe­len wanneer u pijn voelt of duizelig wordt.
14. Gebruik de elliptische trainer alleen zoals beschreven in deze handleiding.
3
Page 4
VOORDAT U BEGINT
Fijn dat u voor de nieuwe NordicTrack®AUDIOSTRI-
ER 900 elliptische trainer gekozen heeft. De AUDIO-
D STRIDER 900 elliptische trainer combineert geavan­ceerde technologie met een innovatief ontwerp zodat u bij u thuis uw lichamelijke conditie kunt opbouwen en verbeteren—en als u de unieke elliptische trainer niet gebruikt, kunt u hem inklappen en opbergen.
Lees, voor uw welzijn, deze handleiding zorgvul­dig door voordat u de elliptische trainer begint te
Stereokabel
Drinkfleshouder*
Opklapmagneet
gebruiken. Raadpleeg de kaft van deze handleiding
ocht u nog vragen hebben nadat u de handleiding
m hebt doorgelezen. Voordat u met ons contact opneemt, schrijf het productnummer en serienummer even op. De plaats waar u beide stickers kunt vinden wordt op de kaft van de handleiding aangegeven.
Voordat u verder leest, bekijk eerst aandachtig de tekening hieronder en de verschillende onderdelen.
Ventilator
Bedieningspaneel
Polssensor
Stereospeakers
Pedaal
Pedaalschijf
Hendel
*Drinkfles niet inbegrepen
Pedaalarmgrendel
Stelvoet
ergrendelingsknop
V
Contactdoos
Platform
Wiel
4
Page 5
MONTAGE
M10 x 93mm Schroef met Ronde Kop (82)–4
M10 x 25mm
Tussenring (87)–2
M8 Gesplete
Tussenring
(101)–4
M4 x 16mm
Schroef
(116)–16
M6 Gesplete
Tussenring
(102)–8
M6 x 35mm Schroef met
Ronde Kop
(109)–4
M6 x 62mm Schroef met
Ronde Kop
(108)–4
M8.5 x 16mm x
1.5mm
Tussenring
(103)–6
Verbindingsarm
Tussenstuk
(74)–4
M8 x 20mm Schroef met
Ronde Kop (107)–4
M10 x 20mm Schroef
met Ronde Kop
(111)–2
M8 x 15mm Schroef
met Ronde Kop
(106)–10
M10 gebogen
Tussenring
(99)–4
Gegolfde
Tussenring
(100)–2
M8 x 25mm Schroef met
Ronde Kop (136)–2
De montage van deze fiets moet door twee mensen gebeuren. Plaats de fiets op een open plek en verwijder
e verpakking. Gooi de verpakking pas weg wanneer u de fiets volledig gemonteerd heeft.
d
Naast de meegeleverde inbussleutel zult u ook een kruiskop schroevendraaier , en een rub­beren hamer voor de montage nodig hebben.
Raadpleeg bij de montage van de elliptische trainer de onderstaande tekeningen om de kleine onderdelen te herkennen. Het getal tussen haakjes onder iedere tekening is het nummer van het onderdeel van de LIJST MET ONDERDELEN aan het eind van deze handleiding. Het tweede getal geeft het aantal te monteren onderdelen
Opmerking: Sommige kleine onderdelen zijn al gemonteerd om de verzending te vergemakkelijken.
aan.
Wanneer u een onderdeel niet in de zak met onderdelen kunt vinden, bekijk dan het apparaat om te zien of het al gemonteerd is.
5
Page 6
1. Als er een verzendbeugel is bevestigd aan de achterkant van het Vouwonderstel (niet afge­beeld) verwijder dan de schroef en de verzend­beugel van het Vouwonderstel. Gooi de schroef en de verzendbeugel weg.
1
82
99
1
Zie op pagina 13 HOE DE ELLIPTISCHE TRAI­NER GEBRUIKEN en uitvouwen.
Bevestig, terwijl een tweede persoon de voorzij­de van het Onderstel (1) optilt, de Voorste Stabilisator (4) aan het onderstel, gebruik makend van twee M10 x 93mm Schroeven met Ronde Kop (82) en twee M10 Gebogen Tussenringen (99).
2. Bevestig, terwijl een tweede persoon het opvouwbare Onderstel (2) optilt, de Achterste Stabilisator (3) aan het opvouwbare onderstel, gebruik makend van twee M10 x 93mm Schroeven met Ronde Kop (82) en twee M10 Gebogen Tussenringen (99). Zet dan de Middelste Voet (95) vast in het Onderstel (1).
99
4
2
1
3
95
99
2
99
82
6
Page 7
3. Bevestig de Voorste Platformkap (6) aan het Platform (5) met vier M4 x 16mm Schroeven
116).
(
Doe een M10 x 25mm Tussenring (87) om een M10 x 20mm Schroef met Ronde Kop (111).
raai de Schroef met Ronde Kop in een uitein-
D
e van de Platform-as (72). Breng een klein
d beetje van het bijgeleverde smeervet aan op de platform-as.
Houd het Platform (5) in de afgebeelde positie. Lijn het lagere deel van het platform uit met de buis die aan het Onderstel (1) gelast is. Steek de Platform-as (72) in het platform en de gelas­te buis.
Schuif een M10 x 25mm Tussenring (87) op een M10 x 20mm Schroef met Ronde Kop
11). Zet de Schroef met Ronde Kop vast in
(1 het open einde van de Platform-as (72).
3
116
6
5
87
111
4. Neem de linkerpedaal (34) en de linker pedaal­arm (32), die gemarkeerd zijn met stickers.
Bevestig de linkerpedaal (34) aan de linker pedaalarm <N>(32) met twee schroeven M6 x 62mm (108), twee schroeven M6 x 35mm (109) en vier gespleten tussenringen M6 (102).
Bevestig de rechterpedaal (niet getoond) op dezelfde manier aan de rechter pedaalarm (niet getoond).
72
87
111
4
32
102
109
108
Smeer
34
102
109
102
1
7
Page 8
5. Steek de Rol (38) aan de Linker Pedaalarm
32) en de rol aan de Rechter Pedaalarm (33)
( in de zijkanten van het Platform (5).
Bevestig de Achterste Platformkap (7) aan het Platform (5) met twee M4 x 16mm Schroeven (116).
Zie tekening. Til de Pedaalarmvergrendeling (41) aan de Linker Pedaalarm (32) op en zet het eind van de linker pedaalarm aan de linker Crankbushuls (54) vast. Ontgrendel de pedaal­armvergrendeling; controleer dat de linker pedaalarm goed vastzit aan de crankbushuls.
Verbind de Rechter Pedaalarm (33) op dezelfde manier met de rechter crankbus­huls (niet getoond).
5
116
7
3
3
5
32
32
38
41
54
8
Page 9
6. Bevestig, terwijl een tweede persoon de Staander (10) bij het Onderstel (1) vasthoudt,
et Bovenste Draadkoker (65) aan het Onderste
h Draadkoker (64).
Plaats de Staander (10) zorgvuldig in het Onderstel (1); (64, 65) niet beschadigen. Bevestig de staan­der met vier M8 x 20mm Schroeven met Ronde Kop (107) en vier Gespleten Tussenringen M8 (101).
zorg ervoor dat de draadkokers
6
org ervoor dat
Z de draadkokers
(64, 65) tijdens
deze stap niet
beschadigen
101
10
65
107
64
101
7. Bevestig het Linker Bovenste Handvat (22) aan de Bovenste Armhendel (24) met drie M8 x 15mm Schroeven met Ronde Kop (106).
Bevestig het Rechter Bovenste Handvat (23) op dezelfde manier.
107
7
22
106
24
1
23
9
Page 10
8. Bevestig het Linker Bovenste Achterkapje (26) en het Linker Bovenste Voorkapje (27) aan de
ovenste Armhendel (24). Zet de kapjes vast
B met vijf M4 x 16mm Schroeven (116).
Bevestig het Rechter Bovenste Achterkapje (28) en het Rechter Bovenste Voorkapje (29)
p dezelfde manier.
o
8
29
16
1
8
2
27
9. Breng een klein beetje smeervet aan op de as aan de Linker Verbindingsarm (30), aan de as aan de Linker Pedaalarm (32) en aan een Gegolfde Tussenring (100).
Schuif de Gegolfde Tussenring (100) aan de as aan de Linker Pedaalarm (32). Schuif daarna een Verbindingsarm Tussenstuk (74) aan de as aan de Linker Verbindingsarm (30).
Steek dan de as aan de Linker Verbindingsarm (30) in het Bovenste Armhendel (24), en tegelij­kertijd de linker verbindingsarm aan de as aan de Linker Pedaalarm (32).
Herhaal deze stap met de Rechter Verbindingsarm (31).
9
Smeer
74
24
30
24
26
116
31
100
32
Smeer
10
Page 11
10. Bevestig de Linker Verbindingsarm (30) aan de Linker Pedaalarm (32) met een M8 x 15mm Schroef met Ronde Kop (106), een M8,5 x
6mm x 1,5mm Tussenring (103) en een
1 Askapje (66).
Bevestig de Linker Verbindingsarm (30) aan het
ovenste Armhendel (24) met een M8 x 35mm
B Schroef met Ronde Kop (110), twee M8,5 x 16mm x 1,5mm Tussenringen (103), twee Askapje (66), een Verbindingsarm Tussenstuk (74) en een M8 x 15mm Schroef met Ronde Kop (106) zoals getoond.
10
136
103
24
31
106
74
6
6
30
103
6
6
Bevestig de Rechter Verbindingsarm (31) op dezelfde manier.
11. Steek het snoer in de contactdoos aan de achterzijde van het elliptische trainingsapparaat (zie HET APPA­RAAT AANSLUITEN op pagina 13). BELANGRIJK: Als het elliptische trainingsapparaat is blootgesteld
aan koude temperaturen, moet het eerst op kamertemperatuur worden gebracht alvorens het snoer in het stopcontact te steken. Doet u dit niet, dan kunnen het scherm van het bedieningspaneel of andere elektronische segmenten beschadigen.
Zorg ervoor dat alle onderdelen van de elliptische trainer strak vastzitten. Opmerking: Bepaalde onder-
delen kunnen overblijven als de montage voltooid is. Om de vloer of tapijt te beschermen, leg een matje onder de elliptische trainer.
106
103
66
32
11
Page 12
HOE DE BORSTKASSENSOR GEBRUIKEN
HOE DE BORSTKAS-POLSSENSOR TE DRAGEN
Lees alle instructies op deze pagina goed door voor-
at u de borstkas-polssensor gebruikt (bekijk de inzet-
d tekening hierboven). Steek de flap van een van de uit­einden van de borstkas-band door een van de uitein­den van de sensor. Druk het uiteinde van de sensor onder de gesp van de borstkas-band.
Borstkas-band
Flap
Uiteinde van de sensor
Doe vervolgens de borstkas-pols­sensor om uw borstkas en maak het andere. Maak zoals hier­boven beschre­ven het losse eind van de borstkas-band aan de sensor vast. Mocht het nodig zijn, stel dan de lengte van de band bij. De borstkas-polssensor moet onder uw kleding gedragen worden, strak tegen uw huid en hoog onder uw borst­spieren of borsten. Zorg ervoor dat het logo van de sensor naar voren wijst en rechtop staat.
rek de sensor een paar centimeter van uw lichaam
T en zoek naar de twee electrodes aan de binnenkant (de electrodes hebben kleine randjes). Maak beide electrodes nat met een zoute vloeistof zoals wat spug of vloeistof voor contact lenzen. Plaats de sensor terug tegen uw huid.
Uiteinde van
de sensor
Logo
Gesp
• Bewaar de borstkas-polssensor op een warme en roge plaats. Bewaar de borstkas-polssensor niet in
d een plastic zak of enig andere verpakking die vocht
an vasthouden.
k
• Stel de borstkas-polssensor niet lang bloot aan
direct zonlicht. Niet aan een temperatuur lager dan ­10° C of aan een temperatuur hoger dan 50° C.
• Buig en rek de sensor tijdens het gebruik of het
opbergen van de borstkas-polssensor niet te veel.
• Maak de borstkas-polssensor schoon met een zach-
te doek en een beetje niet agressief schoonmaak­middel. Gebruik nooit schuurmiddelen, alcohol of chemische producten. U kunt de borstkas-band met de hand wassen en dan laten drogen.
PROBLEMEN MET DE BORSTKAS-POLSSENSOR OPLOSSEN
Loop de hieronder genoemde procedures door wanneer de borstkas-polssensor niet goed werkt of wanneer de weergegeven hartslag buitensporig hoog of laag is.
• Zorg ervoor dat u de borstkas-polssensor goed
draagt zoals hier links is beschreven. Verplaats de sensor wat naar boven of naar beneden wanneer de borstkas-polssensor niet goed werkt.
• Met elk gebruik van de borstkas-polssensor, gebruik
wat zoute vloeistof zoals spug of vloeistof voor con­tact lenzen om de electrodes van de sensor nat te maken (zie tekening hieronder). Maak de electrodes opnieuw wat nat wanneer de hartslag metingen pas verschijnen nadat u begint te transpireren.
• Zorg ervoor dat u zich op minder dan een armsleng-
te van het bedieningspaneel bevindt.
goede weergave van de hartslag metingen moet de gebruiker zich op minder dan een armslengte van het bedieningspaneel bevinden.
Voor de
VERZORGING V
• Droog de borstkas-polssensor goed na ieder gebruik. De borstkas-polssensor wordt ingeschakeld wanneer u de electrodes nat maakt en de borstkas­polssensor draagt. De borstkas-polssensor gaat uit wanneer het wordt afgedaan en de electrodes gedroogd worden. De sensor blijft langer dan nodig branden en zodoende zullen de batterijen leeg lopen als de borstkas-polssensor electrodes niet goed gedroogd worden.
AN DE BORSTKAS-POLSSENSOR
De borstkas-polssensor is ontwikkeld voor mensen
• met een normale hartslag. Problemen met het meten van de hartslag kunnen een medische oor­zaak hebben zoals vroegtijdige ventriculaire samen trekking, hartkloppingen, of aritmie.
De werking van de borstkas-polssensor kan beïn-
• vloed worden door magnetische storingen veroor zaakt door hoogspanningsdraden en andere electro­magnetische bronnen. Verplaats uw apparaat als u vermoedt dat dit de oorzaak is.
12
-
-
Page 13
HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE GEBRUIKEN
U
UK
HOE DE STEKKER IN HET STOPCONTACT TE STEKEN
OPGELET:Een verkeerd stopcon-
tact (zonder aarde) kan een electrische schok veroorzaken. Laat een elektricien de aarding nakijken als u niet zeker bent dat het stopcon­tact goed geaard is. Knoei niet aan de stekker van het apparaat. Laat een elektricien een nieuwe stekker monteren als de stekker niet in het stopcontact past.
De stekker moet geaard zijn.
functioneren of kapot gaan dan voorkomt de aarding door zijn lage weerstand het risico van een electrische schok. De elliptische crosstrainer is voorzien van een snoer met geaarde stekker en aardpin. De stekker en
aarding moeten voldoen aan de wettelijke regelge­ving.
Het apparaat wordt met twee snoeren gele­verd. Gebruik het snoer die in uw stopcontact past.
Steek het in teke­ning 1 aangege­ven uiteinde van het snoer in het contactpunt van de elliptische trainer.
Zie tekening 2. Steek het snoer in een geschikt stop­contact dat op juis­te wijze is geïnstal leerd en dat geaard is in over­eenstemming met alle plaatselijke codes en voor­schriften. Let op:
In Italië moet een adaptor (niet inbegrepen) gebruikt worden tussen het snoer en het stopcontact. BELANGRIJK: Het elliptische trainingsapparaat is niet compatibel met stopcontacten met een verliesstroomauto­maat.
-
Mocht deze niet goed
1
Contactpunt op
de Elliptische
Trainer
2
Stopcontact
HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER OP TE VOUWEN EN NEER TE LATEN
Als de elliptische trainer niet wordt gebruikt, kan het Onderstel worden opgeklapt. Open eerst de vergren­deling onder elke pedaalarm en til de pedaalarmen uit het omhulsel aan de crankarmen.
Pedaal
Hulz
Til vervolgens de pedaalarmen op tot ze de magneten aan de benen van het bovendeel raken; de magneten houden de pedaalarmen op zijn plaats. Houd dan de handgreep vast en til het onderstel op totdat het in de verticale positie vastklikt.
Hendel
Vergrend-
-
elings
knop
Om de elliptische trainer te gebruiken moet u eerst aan de hendel trekken, op de vergrendelingstoets drukken en het onderstel laten zakken.
rek vervolgens de pedaalarmen weg van de magne-
T ten aan de benen van het bovendeel. vergrendelingen onder de pedaalarmen en zet de pedaalarmen in het omhulsel aan de crankarmen. Maak de vergrendelingen los en zorg ervoor dat de pedaalarmen stevig verbonden zijn met de crankar­men.
arm
ergrendelings
V
Magneet
Pedaalarm
Open dan de
13
Page 14
OE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE
H VERPLAATSEN
Alvorens het elliptische trainingsapparaat te verplaat-
en, wordt het eerst ingeklapt zoals beschreven op
s pagina 13. Ga vervolgens voor het elliptische trai­ningsapparaat staan, houd de hartstlagsensoren in de handgreep vast en plaats een voet tegen het centrum van de voorste stabilisator. Trek aan de hartstlagsen­soren tot het elliptische trainingsapparaat op de voor­wielen rolt. Verplaats het elliptische trainingsapparaat voorzichtig naar de gewenste locatie en laat het weer zakken.
OE OP DE ELLIPTISCHE TRAINER TE OEFENEN
H
Om de elliptische trainer te gebruiken, houd de hand­vaten vast en stap op de pedaal in de laagste positie.
tap dan op de andere pedaal. Druk op de pedalen
S totdat ze vloeiende beginnen te bewegen.
Let op: de crankarmen kunnen in beide richtingen draaien. Het wordt aanbevolen dat u de crankar­men in de richting draait die de pijl hieronder aan­geeft; voor de afwisseling kunt u de draaiarmen echter ook in tegenovergestelde richting draaien.
Handgreep
met pols-
sensor
Plaats
uw voet
hier
HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE NIVELLEREN
Indien het ellipti­sche trainingsap­paraat niet sta­biel is, draai dan aan een of beide stelvoetjes onder de achterste sta bilisator tot dit wel het geval is. Als het elliptische trainingsapparaat tijdens gebruik doorbuigt in het midden, draai dan aan de middelste voet onder het onderstel tot het niet meer doorbuigt.
-
Stelpoten
Middelste
voet
Handvaten
Pedaals
Crankarm
Om de elliptische trainer te stoppen, wacht totdat de pedalen helemaal stilstaan.
trainer heeft geen vrij wiel; de pedalen blijven bewegen totdat het vliegwiel helemaal tot stilstand
Als de pedalen stilstaan, stap eerst van de
komt.
hoogste pedaal af en daarna van de laagste.
Let op: De elliptische
14
Page 15
BEDIENINGSPANEELDIAGRAM
FUNCTIES VAN HET BEDIENINGSPANEEL
Het geavanceerde bedieningspaneel is voorzien van verschillende functies om het oefenen effectiever en aangenamer te maken. U kunt wanneer u de handma­tige instelling kiest de weerstand van de pedalen met de druk op een toets bijstellen. Het bedieningspaneel zal U tijdens uw oefening voortdurend feedback geven. U kunt zelfs uw hartslag meten met de hand­greep met polssensor of met de meegeleverde borst kassensor.
Het bedieningspaneel kent twintig vooraf ingestelde trainingen. Voor elke training wordt de weerstand van de pedalen automatisch aangepast en er wordt aan­gegeven of u het tempo moet verhogen of verlagen, terwijl u door een efficiënte training wordt geleid.
Het bedieningspaneel levert ook twee trainingen op maat, waarin u uw eigen training kunt ontwikkelen en opslaan in het geheugen voor toekomstig gebruik.
Verder biedt het bedieningspaneel twee hartslagtrai­ningen die de weerstand van de pedalen veranderen om uw hartslag op het juiste niveau te houden tijdens de training.
-
Het bedieningspaneel kent tevens het nieuwe iFIT.com Interactive Workout System. Met het iFIT Interactive Workout System kunt u met iFIT kaarten werken die trainingen bevatten die ontworpen zijn om specifieke fitness doelstellingen te bereiken. Bijvoorbeeld, ongewenste pondjes verliezen met de 8­weekse gewichtsverliestraining. Met iFIT wordt de weerstand van de pedalen geregeld, terwijl de stem van een persoonlijke trainer u motiveert.
Bezoek www bel het nummer dat op de voorkant van deze handleiding staat. IFIT kaarten zijn ook te krijgen in speciaalzaken.
U kunt zelfs uw MP3-speler of CD-speler aansluiten op het stereosysteem van het bedieningspaneel en zo naar uw favoriete muziek of audioboeken luisteren ter­wijl u uw training doet.
Voor uitleg over de handmatige instelling van het bedieningspaneel, zie bladzijde 16. Voor het kiezen van een vooraf ingesteld trainingsprogramma, raadpleeg pagina 18. Om een training op maat te creëren, zie pagina 19. Om een training op maat uit te voeren, zie pagina 20. Om een hartslagtraining uit te voeren, zie pagina 21. Om een iFIT training uit te voeren, zie pagina 23. Voor gebruik van het stereosysteem, zie pagina 23.
.iFIT.com om iFIT kaarten te kopen of
trainingen
15
Page 16
HOE DE HANDMATIGE INSTELLING TE
EBRUIKEN
G
Opmerking: Mocht er een doorzichtig velletje plastic op het bedieningspaneel zitten, verwijder deze dan.
. Druk op een toets van het bedieningspaneel of
1
begin gewoon de pedalen rond te draaien om
et bedieningspaneel in werking te zetten.
h
Indien u het bedieningspaneel inschakelt wordt het scherm verlicht. Een geluidstoon zal aangeven dat het bedieningspaneel gebruikt kan worden.
2. Kies de handmatige instelling.
Als u het bedieningspaneel aanzet, dan wordt automatisch de handmatige modus geselecteerd. Indien u een training hebt geselecteerd, kunt u de handmatige functie weer inschakelen door een wil­lekeurige programmatoets herhaaldelijk in te druk­ken tot er nullen op het scherm verschijnen.
3. Begin met trappen en verander de weerstand van de pedalen en de helling van het platform naar behoeven.
Terwijl u trapt kunt u de weerstand van de pedalen veranderen door de [OneTouch Resistance] toet­sen in te drukken. Er zijn vijftien weerstandsni­veaus. de toetsen heeft gedrukt voordat de pedalen op de gewenste weerstand zijn ingesteld.
Om de beweging van de pedalen te variëren kunt u de helling van het platform veranderen. Gebruik hiervoor de [OneTouch Ramp] toetsen. Er zijn vijf hellingniveaus. Let op: Nadat u de toetsen indrukt duurt het even voor het platform het geselecteerde hellingniveau bereikt heeft.
4. Volg uw vorderingen op het scherm.
Aandacht: Het kan even duren nadat u op
In de rechterbovenhoek ziet u de afstand die u hebt gefietst, in toeren per minuut [REVOLU­TIONS]. Het scherm toont uw hartslag als u de handgreep met de sensor vasthoudt (raadpleeg stap 5 op pagina 17).
Het hellingniveau [RAMP] wordt linksonder in het scherm getoond.
TIn de onderste helft van het scherm wordt getoond hoeveel gram koolhydraten [CARBS] u ongeveer verbrand hebt.
In de rechter onderhoek van de display wordt het loopritme in omwentelingen per minuut [RPM] weergegeven.
In het midden van de display wordt de weerstand [RESISTANCE] van de pedalen enkele seconden weergegeven telkens als de weerstand wijzigt.
U kunt de geselecteerde informatie ook groter afgebeeld zien. Druk herhaaldelijk op de [Display] toets voor een overzicht van de verstreken tijd en de afgelegde afstand, de verstreken tijd en het geschatte aantal caloriën dat u hebt verbrand, de verstreken tijd, of het geschatte aantal caloriën dat u hebt verbrand. Druk weer op de Display toets voor een overzicht van weerstandsniveaus en traptempo.
Om tijd, afstand, helling van platform, aantal ver­brande koolhydraten in grammen, en traptempo nogmaals te zien, drukt u de Display toets weer in.
Om de totaal afgelegde afstand te zien sinds u het elliptische trainingsapparaat in gebruik hebt geno­men en de afstand per trip, drukt u op de Afstandsmetertoets [ODOMETER]. De informatie zal voor enkele seconden op het scherm verschij­nen. Houd de Afstandsmetertoets enkele secon­den ingedrukt om de tripafstand op nul te zetten
Tijdens uw training wordt de verstreken tijd links­boven in het scherm getoond [TIME]. Let op:
ijdens een training, behalve bij hartslagtraining 1,
T wordt de resterende trainingstijd op het scherm getoond.
16
Page 17
5. Uw hartslag meten als u dat wilt.
6. Draai desgewenst de ventilator aan.
Raadpleeg bladzijde 12 om de borstkaspolssensor te gebruiken. Volg de instructies hieronder om de handgreep met polssensor te gebruiken.
pmerking: Het bedieningspaneel zal uw hart-
O slag niet nauwkeurig kunnen aangeven wan­neer u de borstkassensor en de handgreep met polssensor gelijktijdig gebruikt.
Als er doorzichti­ge plastic velle­tjes geplakt zijn op de metalen contactpunten van de handgreep met polssensor, verwijder deze. Zorg er ook voor dat u schone han­den heeft.
om uw hartslag te meten uw handen op de handgreep met polssen­sor met de handpalmen tegen de metalen contact­punten.
houdt de contactpunten niet te vast.
Beweeg uw handen niet. Wanneer uw pols geme­ten wordt zal uw hartslag worden aangegeven. Houdt de contactpunten minimaal 15 seconden vast voor het meest zuivere resultaat.
Wanneer uw hartslag niet weergegeven wordt, zorg er dan voor dat uw handen zich in de goede stand bevinden zoals beschreven. Zorg ervoor dat u uw handen niet te veel beweegt of dat u de con­tactpunten te vast houdt. Maak voor de optimale prestatie de metalen contactpunten schoon met een zachte doek. Gebruik nooit alcohol, schuur-
middelen, of chemicaliën om de contactpunten schoon te maken.
Plaats
Vermijdt dat uw handen bewegen of
Contactpunten
Druk op de Ventilatortoets [FAN] om de ventilator op hoge snelheid te laten draaien. Druk nogmaals op de toets om de ventilator op lage snelheid te
aten draaien. Door weer op de ventilatortoets te
l drukken wordt de autofunctie geselecteerd; indien de autofunctie is geselecteerd, zal de snelheid van de ventilator automatisch verhogen of verminderen bij het verhogen of verminderen van uw trapsnel­heid.
Draai de lamellen in de ventilator boven het scherm omhoog of omlaag om de luchtstroom van de ventilator te regelen.
Om te ventilator uit te zetten, druk dan nogmaals op deVentilator toets. Opmerking: Als de pedalen dertig seconden niet bewegen, dan zal de ventila­tor automatisch worden uitgeschakeld.
7. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan wanneer u klaar bent met uw oefening.
Als de pedalen enkele seconden stilstaan, klinkt er een reeks signalen en springt het bedieningspa­neel op pauze.
Als u de pedalen ongeveer vijf minuten niet beweegt, dan zal het bedieningspaneel worden uitgeschakeld en de displays zullen worden gere­set.
17
Page 18
HOE EEN VOORAF INGESTELD OEFENPRO­GRAMMA TE GEBRUIKEN
. Het bedieningspaneel aanzetten.
1
Zie stap 1 op bladzijde 16.
2. Selecteer een vooraf ingesteld oefenprogram­ma.
Om een training te selecteren voor gewichtsver­lies, drukt u herhaaldelijk op de toets Gewichtsverliesprogramma [Weight Loss Programm]; voor selectie van een aerobics fitness training, drukt u op de toets [Aerobic Fitness Programs]; voor een competitietraining, drukt u op de Competitie toets [Competition Programs].
Wanneer u een vooringestelde training selecteert, verschijnen de naam van de training, de trainings­duur en het maximale tempo- en weerstandsni­veau voor de training een paar seconden in beeld. Daarna wordt een profiel van de weerstandsni­veaus van de training op het scherm getoond.
Profiel
Tijdens de training kunt u uw voortgang volgen via het trainingsprofiel (zie bovenstaande tekening). Het knipperende segment van het profiel is het
egment waar u op dat moment mee bezig bent.
s De hoogte van het knipperende segment geeft het weerstandsniveau aan voor het betreffende seg­ment. De hoogte van de flikkerende balk duidt het weerstandniveau van het huidige segment aan. Aan het einde van elke segment van de oefening, zult u een aantal tonen horen en het volgende segment zal beginnen te flikkeren. Als een ver­schillend weerstandniveau voor het volgende seg­ment geprogrammeerd is, dan zal het weerstand­niveau enkele seconden op de display verschijnen om u te waarschuwen. De weerstand van de pedalen zal dan veranderen.
Tijdens uw training wordt u aangemoedigd om uw fietstempo onge­veer gelijk te houden met het ingestelde doel­tempo van het betreffende segment. Indien een pijl omhoog of de
SPEED UP
tekst informatie op het scherm verschijnt (zie stap 4 op pagina 16), verhoog dan uw tempo. Indien de pijl naar beneden wijst of de tekst (Vertragen) verschijnt, verminder dan uw tempo. Indien geen pijl of tekst verschijnt, hou dan het huidige tempo aan. BELANGRIJK: De instellin-
gen voor doeltempo zijn slechts bedoeld als motivatie. Zorg ervoor dat u een snelheid aan­houdt die comfortabel voor u is.
(Versnellen) naast de tempo-
SLOW DOWN
3. Begin te fietsen om het oefenprogramma te starten.
Elke training is verdeeld in 20, 30 of 45 segmen­ten van 1 minuut. Voor elk segment is 1 weer­standsniveau en 1 doeltempo geprogrammeerd. Opmerking: Hetzelfde weerstandsniveau en/of tempo kan voor twee of meer opeenvolgende seg­menten worden geprogrammeerd.
Indien het weerstandsniveau voor het betreffende segment te hoog of te laag is, kunt u de instelling handmatig veranderen door de [OneTouch Resistance] toetsen in te drukken. H huidige seg­ment hoe dan ook automatisch de weerstand voor het volgende segment instellen.
Als u enkele seconden stopt met fietsen, dan zult u enkele pieptonen horen en de oefening zal wor­den stilgezet. Om de oefening opnieuw te starten, moet u gewoon beginnen te fietsen. De oefening zal doorgaan totdat het laatste segment van het profiel voltooid is.
18
Page 19
4. Volg uw vorderingen op de display.
CREËER EEN TRAINING OP MAAT
Tijdens de training, toont het scherm het trainings-
rofiel, de resterende tijd van de training en de
p afgelegde afstand.
Om het profiel, fietstempo en afgelegde afstand te
ien, drukt u op de Display toets. Let op: De woor-
z
en Versnellen of Vertragen kunnen op het
d scherm verschijnen om u aan te moedigen uw tempo in de buurt te houden van het doeltempo voor het betreffende segment.
Om de resterende tijd van de training te zien, zowel als de afgelegde afstand, drukt u op de Display toets. Druk nogmaals op de Display toets om de resterende tijd en het geschatte aantal ver­brande calorieën te zien.
Druk weer op de Display toets om resterende tijd, afgelegde afstand, platform helling, verbrande koolhydraten en fietstempo te zien. Let op: Er kan een pijl omhoog of omlaag op het scherm verschij­nen die aangeeft dat uw tempo hoger of lager is dan het doeltempo voor het betreffende segment.
Druk nogmaals op de Display toets om het eerste scherm weer te zien.
5. Uw hartslag meten als u dat wilt.
Zie stap 5 op bladzijde 17
6. Draai desgewenst de ventilator aan.
Zie stap 6 op pagina 17.
7. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 7 op pagina 17.
1. Het bedieningspaneel aanzetten.
Zie stap 1 op bladzijde 16.
2. Selecteer een training op maat.
oor selectie van een training op maat, drukt u
V een of twee keer op de [Custom Programs] toets. Wanneer u een training op maat selecteert, zullen de naam van de training en de bijbehorende instellingen enkele seconden op het scherm ver­schijnen.
3. Begin te trappen om de training te starten en programmeer de gewenste instellingen.
Elke training is verdeeld in 30 segmenten van 1 minuut. U kunt een weerstandsniveau en een doeltempo programmeren voor elk segment.
Het weerstandsniveau voor het eerste segment is eenvoudig te programmeren door de weerstand van de pedalen aan te passen door de OneTouch Resistance toetsen in te drukken. Om een doel­tempo voor het eerste segment te programmeren kunt u gewoon in het gewenste tempo fietsen.
Aan het eind van het eerste segment, slaat de trai­ning het huidige weerstandsniveau en het huidige tempo in het geheugen op. Programmeer een weerstandsniveau en een doeltempo voor het tweede segment zoals boven beschreven wordt.
Doe de oefening voor maximaal veertig minuten. Stop met trappen als de oefening af is. Daarna wordt de training die u hebt gecreëerd in het geheugen opgeslagen. Let op: Als uw training min­der dan dertig minuten duurt, zullen overgebleven segmenten worden opgeslagen met het laatst geprogrammeerde weerstandsniveau en doeltem­po.
4. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 7 op pagina 17.
19
Page 20
HOE GEBRUIKT U EEN TRAINING OP MAAT
REVOLUTIONS
T
IME
CARBS
RPM
RAMP
REVOLUTIONS
TIME
CARBSRAMP
1. Het bedieningspaneel aanzetten.
Zie stap 1 op bladzijde 16.
2. Een persoonlijk oefening kiezen.
Om een training op maat te selecteren, de [Custom Programs] toets herhaaldelijk indrukken, tot de woorden
CUSTOM 1
of
CUSTOM 2
scherm verschijnen.
Wanneer u een training op maat selecteert, ver­schijnen de naam van de training, de trainingstijd, de maximum snelheid en het weerstandsniveau enkele seconden op het scherm. Daarna wordt een profiel van de weerstandsniveaus van de trai­ning getoond.
Profiel
op het
Terwijl u de oefening
itvoert, wordt aange-
u geven als uw tempo te veel afwijkt van uw gewenste doeltempo
oor het betreffende
v segment. Indien een pijl omhoog of de tekst
SPEED UP
(Versnellen) verschijnt naast de tempo-informatie op het scherm (zie stap 4 op pagina 15), verhoog dan uw tempo. Indien een pijl naar beneden of de tekst
SLOW DOWN
(Vertragen) verschijnt, verlaag uw tempo dan. Indien noch een pijl, noch een tekst verschijnt, gaat u door in hetzelfde tempo. Belangrijk: De instellingen voor doeltempo dienen slechts als motivatie. Zorg ervoor dat uw trainingstempo aan­genaam is.
Als het weerstandsniveau voor het betreffende segment te hoog of te laag is, kunt u de instelling handmatig veranderen door de [OneTouch Resistance] toetsen in te drukken. Indien het betreffende segment afgelopen is, worden de pedalen automatisch ingesteld op het weerstands­niveau voor het volgende segment.
3. Begin te fietsen om het oefenprogramma te starten.
Elke training op maat is verdeeld in 30 segmenten van 1 minuut. Voor elk segment worden een weer­standsniveau en een doeltempo geprogrammeerd. Opmerking: Hetzelfde weerstandsniveau en/of tempo kan voor twee of meer opeenvolgende seg­menten worden geprogrammeerd.
ijdens het oefenprogramma, wordt uw profiel
T weergegeven zodat u uw vorderingen kunt volgen. Het flikkerende profielsegment geeft het huidige segment van hetoefenprogramma aan. De hoogte van het flikkerende segment geeft het weerstands niveau van het huidige segment aan. U zult een stel geluiden horen aan het eind van ieder seg­ment van het programma en het volgende profiel segment zal beginnen op te flikkeren. Mocht er een andere weerstand zijn geprogrammeerd voor het volgende segment, dan zal het weerstandsni­veau een paar seconden lang in de display ver­schijnen om u te waarschuwen. De weerstand van de pedalen zullen dan veranderen.
Als u enkele seconden stopt met fietsen, dan zult u enkele pieptonen horen en de oefening zal wor­den stilgezet. Om de oefening opnieuw te starten, moet u gewoon beginnen te fietsen. De oefening zal doorgaan totdat het laatste segment van het profiel voltooid is.
4. Indien gewenst, kunt u de instellingen tijdens de training veranderen.
Indien gewenst, kunt u de instellingen tijdens de training veranderen. Om het weerstandsniveau voor het huidige segment te veranderen, drukt u op de OneTouch Resistance toetsen. Aan het einde van het huidige segment, wordt het nieuwe weerstandsniveau opgeslagen in het geheugen.
Het doeltempo voor het huidige segment kunt u veranderen door uw traptempo aan te pas-
-
Aan het eind van het huidige segment wordt
sen.
uw tempo opgeslagen in het geheugen. U kunt trainen en veranderingen aanbrengen voor een
-
periode van 30 minuten.
20
Page 21
5. Volg uw vorderingen op de display.
Zie stap 4 op pagina 16.
. Uw hartslag meten als u dat wilt.
6
Zie stap 5 op pagina 17.
7. Draai desgewenst de ventilator aan.
Zie stap 6 op pagina 17.
8. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 7 op pagina 17.
HOE EEN OEFENING VOOR DE HARTSLAG TE GEBRUIKEN
1. Het bedieningspaneel aanzetten.
Zie stap 1 op bladzijde 16.
2. Kies een oefening voor de hartslag.
Om een van de hartslagtrainingen te selecteren, drukt u herhaaldelijk op de toets Hartslag­programma’s [Heart Rate Programs] tot de woor­den
HEART RATE 1
scherm verschijnen.
3. Invoeren van een doelinstelling voor de hartslag.
Enkele seconden nadat u een hartslagtraining geselecteerd hebt, verschijnen de woorden Maximale hartslag voor deze oefening invoeren
ENTER MAX T WORKOUT
begint te knipperen.
op het scherm en het nummer 110
of
HEART RATE 2
ARGET HEAR
TE FOR THIS
T RA
op het
Tijdens Hartslagtraining 1, wordt dezelfde doel­hartslag ingesteld voor alle segmenten van de trai­ning. Indien u Hartslagtraining 1 hebt geselec­teerd, drukt u de toetsen verhogen en verlagen
oven de toets Hartslagprogramma’s om de
b gewenste doelhartslag in te stellen (zie Intensiteit van de training (OEFENFREQUENTIE op pagina
26).
Tijdens hartslagtraining 2, worden verschillende doelhartslagen geprogrammeerd voor verschillen­de segmenten van de training. Indien u hartslag­training 2 hebt geselecteerd drukt u op de toetsen verhogen en verlagen boven de toets Hartslagprogramma’s om de gewenste maximum doelhartslag in te stellen voor de training (zie Intensiteit van de training (OEFENFREQUENTIE op pagina 26).
4. Draag de borstkaspolssensor of gebruik de handgreep met polssensor.
U moet voor het programma voor de hartslag de borstkaspolssensor of de handgreep met polssen­sor gebruiken. Opmerking: Het bedieningspaneel zal uw hartslag niet nauwkeurig kunnen aangeven wanneer u de borstkassensor en de handgreep met polssensor gelijktijdig gebruikt.
Tijdens de programma’s voor de hartslag hoeft u niet voortdurend de handgreep met polssensor vast te houden wanneer u de handgreep met pols­sensor gebruikt. U moet echter regelmatig de handgreep vasthouden om te zorgen dat het pro­gramma goed werkt. Ledere keer dat u de hand-
greep met polssensor gebruikt, moet u ervoor zorgen dat u de metalen contactpunten min­stens 30 seconden lang vasthoudt.
21
Page 22
5. Begin te fietsen om het oefenprogramma te
R
EVOLUTIONS
TIME
CARBS
RPM
RAMP
REVOLUTIONS
T
IME
CARBSRAMP
tarten.
s
artslagtraining 1is verdeeld in 40 segmenten
H
van 1 minuut. Let op: Voor een kortere training stopt u de oefening of u selecteert een nieuwe training voordat de huidige oefening is afgelopen.
artslagtraining 2is verdeeld in 30 segmenten
H
van 1 minuut. Een doelhartslag is geprogram­meerd voor elk segment. Let op: Dezelfde doel­hartslag kan worden geprogrammeerd voor opeenvolgende segmenten.
Tijdens de training, kunt u uw voortgang zien. Het knipperende segment van het profiel representeert het huidige segment van de training. De hoogte van het flikkerende segment geeft de doelinstelling voor de hartslag voor het huidige segment aan. Aan het einde van elke segment van de oefening, zult u een aantal tonen horen en het volgende segment zal beginnen te flikkeren.
Profiel
U kunt wanneer de weerstandsinstelling voor het
uidige segment tijdens het programma te hoog of
h te laag is deze handmatig bijstellen door op de
en druk weerstand [OneTouch Resistance] toet-
e sen te drukken. Hoe dan ook, de weerstand van de pedalen zal automatisch ingesteld worden wan­neer het bedieningspaneel de hartslag met de
oelinstelling vergelijkt om zodanig uw hartslag bij
d
w doelinstelling te brengen.
u
Als u enkele seconden stopt met fietsen, dan zult u enkele pieptonen horen en de oefening zal wor­den stilgezet. Om de oefening opnieuw te starten, moet u gewoon beginnen te fietsen. De oefening zal doorgaan totdat het laatste segment van het oefening voltooid is.
6. Volg uw vorderingen op de display.
Tijdens hartslagtraining 1, wordt een grafiek
getoond met een voorstelling van uw hartslag, de verstreken tijd en de afgelegde afstand.
hartslagtraining 2,
ziet u het trainingsprofiel, de
Tijdens
resterende tijd van de training en de afstand die u hebt afgelegd.
Tijdens beide oefenen’s zal het bedieningspa­neel regelmatig uw hartslag met de doelinstelling voor de hartslag voor het huidige segment van het oefening vergelijken. De weerstand van de peda­len zal automatisch omhoog of omlaag gaan wan­neer uw hartslag boven of onder uw doelinstelling ligt om zodanig uw hartslag dichter bij uw doelin­stelling te brengen. Elke keer dat de weerstand verandert zal het weerstandsniveau een paar seconden lang in de display verschijnen om u te waarschuwen.
Tijdens de oefening wordt u aangespoord een constant traptempo aan te houden. Indien een pijl omhoog of de tekst
SPEED UP
(Versnellen) verschijnt naast de snelheidsinforma­tie op het scherm (zie stap 4 op pagina 15), ver­hoog dan uw tempo. Indien een pijl naar beneden of de tekst
SLOW DOWN
(Vertragen) verschijnt, verminder dan uw tempo. Indien noch een pijl, noch een tekst verschijnt, ga dan door in hetzelfde tempo.
Om profiel, trapsnelheid en afgelegde afstand te zien, drukt u de Display toets. Let op: De woorden Versnellen of Vertragen kunnen verschijnen om u te waarschuwen dat uw traptempo te veel afwijkt van het doeltempo voor het huidige segment.
Om de resterende tijd van de oefening te zien, zowel als de afgelegde afstand, drukt u op de Display toets. Druk nogmaals op de Display toets om de resterende tijd en het geschatte aantal ver­brande caloriën te zien.
Om de resterende tijd, afgelegde afstand, platform helling, verbrande koolhydraten in grammen en traptempo te zien, drukt u weer op de Display toets. Let op: Een pijl omhoog of naar beneden kan op het scherm verschijnen om u te waarschu­wen dat uw traptempo te veel afwijkt van het doel­tempo voor het huidige segment.
Om het eerste scherm weer te zien, drukt u nog maals op de Display toets.
7. Draai desgewenst de ventilator aan.
Zie stap 6 op pagina 17.
8. Het bedieningspaneel zal automatisch uitgaan wanneer u klaar bent met uw oefening.
Zie stap 7 op pagina 17.
-
22
Page 23
HOE EEN IFIT OEFENING GEBRUIKEN
HOE DE GELUIDSINSTALLATIE TE GEBRUIKEN
1. Het bedieningspaneel aanzetten.
ie stap 1 op bladzijde 16.
Z
. Steek een iFIt kaart in en kies een oefening.
2
m een iFIT training te doen, steekt u een iFIT
O kaart in de iFIT sleuf; zorg ervoor dat de metalen contactjes van de iFIT kaart aan de onderkant en aan de kant van de sleuf zitten. Het lampje naast de sleuf gaat branden wanneer de iFIT kaart goed is ingestoken. De woorden iFIT 1 zullen op het scherm verschijnen.
iFIT Gleuf
iFIt Kaart
Daarna selecteert u de gewenste oefening op de iFIT kaart door de toetsen ‘naar boven’ of ‘naar beneden’ in te drukken, die zich naast de iFIT sleuf bevinden.
Indien u tijdens de training muziek of audioboeken wilt
eluisteren via de stereo
b van het bedieningspaneel,
ient u eerst de stereo-
d audiokabel te vinden in het
entrum van het bediening-
c spaneel boven de speakers. Verbind de kabel met uw MP3 speler of CD speler; zorg ervoor dat de audio-
kabel volledig ingestoken is.
Druk vervolgens op de afspeeltoets [PLAY] van uw MP3- of CD-speler. Wijzig het geluidsvolume van de speakers met de volumeknop van uw MP3 of CD-spe­ler.
Stop de stereo-audiokabel in de opbergruimte op het bedieningspaneel als hij niet gebruikt wordt.
Kabel
Nadat u een training geselecteerd hebt, hoort u de stem van een persoonlijke trainer die u door uw training zal leiden. iFIT trainingen werken op dezelfde manier als de vooringestelde trainingen. Zie stap 3 tot 6 op pagina's 18 en 19, voor uitleg hoe de training te gebruiken
23
Page 24
ONDERHOUD EN OPLOSSEN VAN PROBLEMEN
Inspecteer en draai alle onderdelen van de elliptische trainer regelmatig bij. Vervang enig versleten onder­deel meteen.
Gebruik om de elliptische trainer schoon te maken
en vochtige doek en een klein beetje van een zachte
e zeep. BELANGRIJK: Houdt vloeistoffen van het bedie­ningspaneel vandaan om schade eraan te voorkomen en houdt het bedieningspaneel uit direct zonlicht.
PROBLEMEN OPLOSSEN VAN DE HANDGREEP MET POLSSENSOR
Als het bedieningspaneel uw hartslag niet weergeeft als u de handsensoren vasthoudt of als de weergege­ven hartslag te hoog of te laag is, raadpleeg stap 5 op pagina 17.
HOE DE RIEM BIJ TE STELLEN
De riem moet bijgesteld worden wanneer de pedalen doorschuiven tijdens het oefenen, ook al is de weer­stand bijgesteld tot de hoogste stand.
1. Zie HOE DE ELLIPTISCHE TRAINER TE GEBRUIKEN op pagina 13 en zet de lin­ker en rechter pedaalarmen (32, 33) in de opbergpositie.
32
3. Met gebruik van een platte schroeven-
raaier, maak
d de linker
chijfkap (13)
S voorzichtig los.
4. Verwijder ver­volgens de vier M8 x 25mm Schouder Schroeven (112) uit het midden van de linker Crank­arm (55). Verwijder dan voorzichtig de linker Schijf (12) van het elliptische trai­ningsapparaat.
5. Draai vervolgens de M8 x 30mm Schroef met Ronde Kop (113) aan tot de Riem (96) strak is.
13
12
112
112
55
2. Verwijder ver­volgens de M8 x 30mm Schroef met Ronde Kop (1
13), de M8,5 x 16mm x 1,5mm Tussenring (103), de grote kap voor de as (52), de Crankbushuls (54) en de Crankarm Tussenring (84) van de Linker Crankarm (55).
52
113
103
55
84
54
24
96
113
olg stap 1 tot 5 in omgekeerde volgorde om het
V
6. elliptische trainingsapparaat weer gebruiksklaar te maken.
Page 25
HOE DE SNELHEIDSSENSOR BIJ TE STELLEN
Als het bedieningspaneel de informatie niet correct weergeeft, dan moet de snelheidssensor worden bij­gesteld.
134
50
116
1. Zie HOE DE RIEM BIJ TE STELLEN op pagina 24 en volg stap 1 tot 4.
2. Zie GEDETAILLEERDE TEKENING B aan het einde van deze handleiding en verwijder de bout­setjes en schroeven van het Linker Zijschild (14). Verwijder het linker zijscherm voorzichtig.
3. Let op: het rechter zijscherm wordt niet getoond in de tekening. Zoek de Snelheidssensor (50). Draai de aangegeven M4 x 16mm Schroef (116) los, maar verwijder hem niet. Schuif de snelheidssen­sor iets dichter naar of verder van een Magneet (134) aan de Grote Katrol (57).
57
Zet dan de M4 x 16mm Schroef (116) weer vast. Draai even aan de Grote Katrol (57). Herhaal deze stap tot het bedieningspaneel de juiste feedback toont.
4. Volg stap 1 en 2 in omgekeerde volgorde om het elliptische trainingsapparaat weer in elkaar te zet­ten.
25
Page 26
RICHTLIJNEN VOOR HET OEFENEN
WAARSCHUWING:
Raadpleeg uw huisarts voor u met dit of enig ander oefenprogramma begint. Dit is bijzon­der belangrijk voor mensen ouder dan 35 of mensen met gezondheidsproblemen.
De polssensor is geen medisch instrument. Verschillende factoren zoals beweging van de gebruiker kunnen de nauwkeurigheid van de hartslag metingen beïnvloeden. De polssen­sor is alleen als hulpmiddel bedoeld.
De volgende richtlijnen zullen u helpen met het uitvoe­ren van uw oefenprogramma. Voor meer informatie raadpleeg een goed boek of raadpleeg uw huisarts.
INTENSITEIT VAN UW OEFENING
Als uw doel is om vet te verbranden of uw cardivascu­lair systeem te verbeteren dan is de juiste intensiteit het middel. U kunt het juiste intensiteitsniveau bepalen door uw hartslag als leidraad te gebruiken. De dia­gram hieronder geeft de aanbevolen hartslag aan voor verbranding en voor een aerobic oefening.
oolhydraten
k
eid en de helling van de loopband bij todat uw hart-
h slag rond het laagste getal van uw trainingszone ligt
ls u vet wilt verbranden. Stel voor maximale vet ver-
a branding, de snelheid en helling van de loopband bij totdat uw hartslag rond het middelste getal van uw trainingszone ligt.
Aerobic oefening—Uw oefening moet aerobic zijn als het uw doel is uw cardiovasculair systeem te verbete­ren. Een aerobic oefening is een activiteit met een hogere zuurstof toevoer voor een langere tijd. Deze hogere intensiteit vraagt een grotere prestatie van uw hart om bloed naar uw spieren te pompen. Het vereist ook een grotere prestatie van uw longen om het bloed van zuurstof te voorzien. Stel de snelheid en de hel­ling van de loopband bij totdat uw hartslag rond het hoogste getal van uw trainingszone ligt als u een aerobic oefening wilt uitvoeren.
RICHTLIJNEN VOOR UW OEFENING
Opwarming—Begin iedere oefening met een opwarm-
fase door 5 à 10 minuten de spieren te strekken en wat lichte oefeningen te doen. Een juiste opwarmoefening verhoogt uw lichaamstemperatuur, uw hartslag en bevordert uw bloedsomloop als voorbereiding op uw oefening.
Pas na de eerste paar minuten begint
.
vet
als energie te verbruiken. Stel de snel-
Om de juiste harstlag meting te berekenen moet u eerst onder de diagram uw leeftijd opzoeken (leeftij­den zijn per 10 jaar afgerond). Zoek vervolgens de drie getallen boven uw leeftijd. Deze drie getallen geven uw trainingszone aan. De twee laagste getallen zijn voor vet verbranding aanbevolen. Het hoogste getal is voor aerobic oefeningen aanbevolen.
Vet verbruiken—Om effectief vet te verbranden moet U voor een langere tijd op een betrekkelijke lage
ijdens de eerste minuten van uw
intensiteit oefenen. oefening gebruikt uw lichaam makkelijke bereikbare
T
Oefening in uw trainingszone—Verhoog de intensiteit van uw oefening na het opwarmen zodat uw hartslag binnen uw trainingszone valt. Houdt dit 20 à 30 minuten vol. (Beperk tijdens de eerste paar weken van uw oefen­programma uw oefening tot 20 minuten.) Haal diep en regelmatig adem. Houdt nooit uw adem in.
Afkoeling—Beëindig uw oefening weer met 5 à 10 minuten strekoefeningen. Dit zal de soepelheid van uw spieren bevorderen en problemen helpen voorko­men na de oefening.
OEFENFREQUENTIE
Om uw conditie te consolideren of te verbeteren moet u 3 keer per week oefenen met minstens een dag rust tussen de oefendagen. Na een paar maanden kunt u als u dat wilt 5 keer per week oefenen. Om succes te hebben is het belangrijk om plezierig en regelmatig te oefenen.
26
Page 27
VOORGESTELDE STREKOEFENINGEN
De juiste houding voor de strekoefeningen is hier rechts getoond.
trek u langzaam, vermijdt krachtige inspanning.
S
. Tenen aanraken
1
ta met uw knieën lichtjes gebogen en buig uw lichaam vanuit
S uw heupen naar voren. Ontspan uw rug en schouders zo veel mogelijk en reik zover mogelijk naar uw tenen toe. Houdt deze houding 15 seconden vol en ontspan. Herhaal dit 3 keer. Spieren: Kniepees, achterkant van knieën en rug.
2. Kniepees strekken
Zit met één been gestrekt. Trek uw andere voet naar u toe en leg deze tegen de binnenkant van het gestrekte been. Reik zover mogelijk naar uw tenen. Houdt deze houding 15 seconden vol en ontspan. Herhaal dit 3 keer. Spieren: Kniepees,onderrug en lies.
3. Kuit/achillespees strekken
1
2
Leun met het ene been voor het andere, naar voren en plaats uw handen tegen de muur. Houdt uw achterste been gestrekt en uw achterste voet plat op de grond. Buig uw voorste been, leun naar voren en duw uw heupen naar de muur toe. Houdt deze houding 15 seconden vol en ontspan. Herhaal dit 3 keer voor ieder been. Om uw achillespees verder te strekken, buig ook uw achterste been. Spieren: Kuiten, achillespees en enkels.
4. Dijspier strekken
Pak met één hand tegen de muur voor evenwicht, uw voet met uw andere hand vast. Breng uw voet zo ver mogelijk tegen uw zitvlak aan. Houdt deze houding 15 seconden vol en ontspan. Herhaal dit 3 keer voor ieder been. Spieren: Dijspier en heup­spieren.
5. Binnendij strekken
Zit met de voetzolen tegen elkaar en knieën naar buiten gebo­gen. Haal uw voeten zover mogelijk naar uw lies toe. Houdt deze houding 15 seconden vol en ontspan. Herhaal dit 3 keer. Spieren: Dijspier en heupspieren.
3
4
5
27
Page 28
LIJST MET ONDERDELEN—Modelnr. NTEVEL99007.0 R
Nr. Aant. Beschrijving Nr. Aant. Beschrijving
1107A
1 1 Onderstel 2 3 1 Achterste Stabilisator 4 1 Voorste Stabilisator 5 1 Platform 6 1 Voorste platformkap 7 1 Achterste platformkap 8 1 Linkerzijde platformkap 9 1 Motor van de lift
10 1 Staander
11 1 Bedieningspaneel 12 2 Schijf 13 14 1 Linker Zijschild 15 1 Rechter Zijschild 16 2 Achter Beschermkapje 17 2 Wiel 18 2 Wielkap 19 1 Achterste scherm van de staander 20 1 Voorste scherm van de staander 21 2 Handgreep 22 1 Linker Bovenste Handvat 23 1 Rechter Bovenste Handvat 24 2 Bovenste Armhendel 25 2 Hartslagsensor/Draad 26 1 Linker Bovenste Achterkapje 27 1 Linker Bovenste Voorkapje 28 1 Rechter Bovenste Achterkapje 29 1 Rechter Bovenste Voorkapje 30 1 Linker Verbindingsarm 31 1 Rechter Verbindingsarm 32 1 Linker Pedaalarm 33 1 Rechter Pedaalarm 34 1 Linker Pedaal 35 1 Rechter Pedaal 36 1 37 1 Rechter Kapje voor het Onderstel 38 4 Rol 39 40 41 2 Pedaalarmvergrendeling 42 4 Pedaalarm vergrendelingsveer 43 44 1 Vliegwiel 45 1 “C” Magneet 46 47 1 Idler 48 1 Weerstandswiel 49 1 Weerstandsmotor 50
1 Vouwonderstel
2 Schijfkap
Linker Kapje voor het Onderstel
2 Eindkapje van de Pedaalarm 1
6
1 Weerstands verbindingsarm
1
Houder
Kapje van de pedaalarm
Snelheidssensor/Draad
51 1 Klem
2 2 Grote Askap
5 53 2 Binnenste Crankpakking Montage 54 2 Crankbushuls 55 2 Crankarm 56 1 Tussenstuk voor de Crankarm 57 1 Grote Katrol 58 1 Crankflens 59 2 Crankpakking Montage 60 1 Tussenstuk voor de Crank 61 1 Crank 62 2 Lifthouder 63 64 1 Onderste Draadkoker 65 1 Bovenste Draadkoker 66 6 Askapje 67 8 Verbindingsarmlager Montage 68 4 Brons Hulsje 69 1 Slothouder 70 1 Vergrendelingsknop 71 1 Bovenste As 72 1 Platform-as 73 1 Schakelas 74 4 Verbindingsarm Tussenstuk 75 1 Slotas 76 1 Slotveer 77 2 Liftas-schroef 78 1 Knop onderstel 79 2 Haarspeldpen 80 2 Liftas-tussenring 81 1 Controlboord 82 4 M10 x 93mm Schroef met Ronde
83 4 Snapring voor de Crank 84 2 Crankarm Tussenring 85 2 86 1 Flensschroef 87 4 M10 x 25mm Tussenring 88 89 90 4 M4 x 12mm Flensschroef 91 2 Weerstands aslager 92 93 2 M10 Nylon Klemmoer 94 1 M8 x 15mm Flensschroef 95 96 1 Riem 97 1 Controledoos 98 2 Stelvoet 99
1 Liftas
Kop
In elkaar zetten buitenste cranklager
5 Bout Set 4
1
1 Middelste voet
4
Kleine V
Spanrol/Koppelingspakking
M10 gebogen Tussenring
eerring
28
Page 29
r. Aant. Beschrijving Nr. Aant. Beschrijving
N
00 4 Gegolfde Tussenring
1 101 4 M8 Gesplete Tussenring 102 8 M6 Gesplete Tussenring 103 8 M8.5 x 16mm x 1.5mm Tussenring
04 4 M8 x 20mm x 2mm Tussenring
1
05 4 M8 x 16mm Schroef met Ronde Kop
1 106 10 M8 x 15mm Schroef met Ronde Kop 107 8 M8 x 20mm Schroef met Ronde Kop 108 4 M6 x 62mm Schroef met Ronde Kop 109 4 M6 x 35mm Schroef met Ronde Kop 110 6 M8 x 35mm Schroef met Ronde Kop 111 4 M10 x 20mm Schroef met Ronde
Kop 112 8 M8 x 25mm Schouderschroef 113 3 M8 x 30mm Schroef met Ronde Kop 114 1 Bumpertje 115 2 M4 x 12mm Schroef 116 58 M4 x 16mm Schroef 117 8 M4 x 16mm Kopschroef 118 1 “C” Magneet 119 4 Draai lagerstel 120 2 Staander koperbus
21 1 Linker liftarm
1 122 1 Rechter liftarm 123 2 Liftbus 124 1 Transformator
25 1 Controledoos kap
1
26 1 Motor borgpen
1 127 1 Steunpin 128 1 Lift-snelheidssensor 129 1 Schakelaarkap 130 1 Contactdoos 131 2 Motor tussenstuk 132 4 M4 x 10mm Schroef 133 1 M8 Nylon Klemmoer 134 2 Magneet 135 1 Rechterzijde platformkap 136 2 M8 x 25mm Schroef met Ronde Kop
* Gebruikershandleiding * Zeshoekige Sleutel * Pakje Vet * Snoer * Draad van de motor van de lift
Opgelet: Specificaties kunnen zonder opgave van redenen gewijzigd zijn. Kijk op de achterkant van deze gebruiksaanwijzing voor informatie over te bestellen onderdelen. *Betekent onderdeel niet getoond.
29
Page 30
10
11
19
20
21
21
22
23
24
24
25
2
5
26
27
28
29
31
30
32
33
34
35
36
37
38
38
39
39
40
41
42
41
42
43
43
43
43
43
43
65
66
66
66
66
66
67
67
66
67
67
67
67
67
67
119
119
119
119
120
120
71
74
74
74
89
89
116
116
136
103
103
105
104
106
116
116
117
1
16
116
116
117
116
104
105
106
116
116
115
100
100
106
103
136
103
106
103
100
106
106
103
100
108
102
102
109
109
102
102
109
108
108
117
117
117
117
117
117
116
116
GEDETAILLEERDE TEKENING A—Modelnr. NTEVEL99007.0 R
1107A
30
Page 31
1
2
3
4
5
6
7
135
8
9
62
63
12
13
12
13
14
15
16
16
17
1
7
18
18
95
52
54
53
55
56
57
59
60
61
59
58
55
52
54
53
64
68
68
68
68
69
70
72
88
76
78
82
82
83
83
84
85
84
85
86
88
88
88
73
93
93
96
99
99
107
101
107
101
116
116
116
116
111
87
116
116
116
111
87
116
116
113
103
113
103
112
110
110
87
87
111
111
116
116
116
112
98
98
121
122
123
123
38
38
79
79
126
127
128
129
89
131
107
80
77
80
77
124
116
130
125
97
116
81
132
105
75
104
105
104
50
51
116
92
94
91
44
83
83
91
45
46
48
133
118
49
90
114
116
113
47
134
134
GEDETAILLEERDE TEKENING B—Modelnr. NTEVEL99007.0 R
1107A
31
Page 32
HET BESTELLEN VAN ONDERDELEN
m vervang onderdelen te bestellen, bekijk dan de kaft van deze handleiding. Zorg ervoor dat u de volgende
O informatie bij de hand hebt wanneer u contact met ons opneemt:
• het modelnummer en serienummer van het apparaat (raadpleeg de kaft van deze handleiding)
• de naam van het apparaat (raadpleeg de kaft van deze handleiding)
• het nummer van het onderdeel en de beschrijving (zie LIJST MET ONDERDELEN en GEDETAILLEERDE TEKENING aan het eind van deze handleiding)
Onderdeel Nr
. 258936 R1
107A
Gedrukt in China © 2007 ICON IP, Inc.
Loading...